PS126 NGE onderzoek ''11203-023-VO-01 Concept''
Tekst van het document
Met name langs de randen van de luchtfoto kan de afwijking toenemen, alsook wanneer er weinig referentiepunten te vinden zijn. Dit laatste komt voor wanneer een gebied na de Tweede Wereldoorlog ingrijpend is veranderd. ECG onderkent deze onnauwkeurigheid en hanteert in de meeste gevallen een geografische tolerantie van 5 meter. Deze tolerantie wordt toegevoegd aan de risicobuffers voor verdacht gebied voor indicaties die met behulp van luchtfoto’s zijn afgebakend.
203-023-VO-01
Pagina 27 van 84
3 RESULTATEN VOORONDERZOEK CONFLICTPERIODE In het Vooronderzoek conflictperiode wordt op basis van bronnenonderzoek vastgesteld of er aanwijzingen zijn dat het onderzoeksgebied mogelijk betrokken is geweest bij oorlogshandelingen.
3.1
LOCATIESPECIFIEKE KENMERKEN
Aangezien locatieverwijzingen een essentiële rol spelen bij het vaststellen van de relevantie van achterhaalde indicaties, wordt er gekeken naar de geografische situatie voor of ten tijde van de oorlog. Derhalve kunnen locatieverwijzingen die uit het huidige stratenbeeld zijn verdwenen toch worden achterhaald. Met behulp van historisch kaartmateriaal kan de topografie van het onderzoeksgebied ten tijde van de oorlog worden achterhaald. De kaart is gegeorefereerd in ArcGIS waardoor het huidige onderzoeksgebied op de oude situatie kan worden geprojecteerd (figuur 2). Op deze kaart staan diverse toponiemen weergeven. In de wetenschap van deze (voor een deel) uit de huidige topografie verdwenen locatieverwijzingen zal het indicatieonderzoek worden uitgevoerd. Zoals in paragraaf 2.7 werd vermeld, hanteerden de Geallieerden gedurende de Tweede Wereldoorlog onder andere het zogeheten Nord de Guerre-coördinatenstelsel. De gegevens uit bijvoorbeeld de Daily Logs met de eventueel daarin aangehaalde coördinaten zijn door middel van Geallieerde stafkaarten herleidbaar naar een locatie. Deze Daily Logs geven vaak informatie over aanvalsdoelen, het verloop van de gebeurtenissen/gevechtshandelingen en de gehanteerde wapens en/of gebruikte OO aan Geallieerde zijde. De volgende kaartvierkanten zijn bij het doornemen van de Daily Logs gehanteerd: NORD DE GUERRE-COÖRDINATEN: QU3132
QU3232
QU3131
QU3132
Tabel 7: De gehanteerde kaartvierkanten met basiscoördinaat bij het doornemen van de Daily Logs.
Overzichtskaart 203-023-TE-02 toont de locatie van de gehanteerde Nord de Guerre-coördinaten ter hoogte van het onderzoeksgebied.
203-023-VO-01
Pagina 28 van 84
Figuur 2: Historisch topografische data voor het gebied ‘Havenfront Terschelling’. Bron: Topotijdreis.
203-023-VO-01
Pagina 29 van 84
3.2
OVERZICHTSTABEL CONFLICTPERIODE
De onderstaande tabel vormt een chronologisch overzicht van de informatie die uit literatuur, archiefdocumenten en luchtfotoanalyse is achterhaald. De tabel dient horizontaal te worden gelezen, te beginnen bij de datum van de indicatie, gevolgd door eventuele secundaire en primaire bronnen. Waar mogelijk worden indicaties geverifieerd met behulp van luchtfoto’s en kaartmateriaal, aangeduid met een blauwe of bruine kleur. Vervolgens worden de ingezette OO die relevant zijn voor het onderzoek, waar mogelijk gespecificeerd naar hoofdsoort, subsoort, kaliber en ontsteker. Tot slot wordt bepaald of de indicatie relevant is voor het onderzoek. Deze indicaties zijn geografisch herleidbaar en kunnen bij voorkeur worden geverifieerd met een tweede bron. De indicaties die van belang zijn worden voorzien van een unieke GIS ID, welke ook bij de afbakening van verdacht gebied wordt gehanteerd. De GIS-ID is tevens terug te vinden in de bij dit rapport meegeleverde ArcGIS Shapefile. Indicaties die als relevant zijn bestempeld, worden in Hoofdstuk 5 afgewogen tegen eventuele contra-indicaties en waar nodig afgebakend tot verdacht gebied. DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
Mei 1940
Dezelfde ochtend klonk op West-Terschelling het luchtalarm omdat er Duitse vliegtuigen waren gesignaleerd... Het alarm werd gegeven in verband met drie Duitse vliegtuigen, waarvan er één door het luchtafweergeschut van een in de haven liggende oorlogsbodem kon worden neergehaald. De beide anderen verdwenen daarop. De neergeschoten vliegtuigbemanning werd opgepikt en aan wal gebracht. Het waren de eerste Duitsers die op Terschelling verschenen. Er bleven gedurende dagen steeds vliegtuigen verschijnen, doch de marinevaartuigen wisten hen op veilige afstand te houden.17
11 mei 1940 09.30 Bespreking bij den C.M.M.T. Zwaartepunt van de verdediging wordt naar de Zuidkust verlegd. Een sectie van de reserve wordt gereedgehouden als stoottroep tegen Parachutisten. Harlingen is vermoedelijk bezet. Er zijn mijnenversperringen gelegd in de ‘Blauwe Slenk’… 14.10 Duitsch vliegtuig daalt neer op het wad. De Bavaria haalt er een Officier-Vlieger uit en 2 O.Ol af. Een vierde man is gedood tijdens het neerstorten en verdronken. Pogingen om hem te bergen zijn niet gelukt.18
Datum luchtfoto 17-05-1940
Sortie HNA-018
Schaal 1:33.000
13-10-1940
Bombardement door Hampdens Mk op Terschelling. Getroffen werd een geschutopstelling.20
11 mei 1940 Hr. Ms. ‘Z8’ varende in de Vliestroom nam de vliegtuigen onder vuur. Vermoedelijk stortte één der vliegtuigen later buiten de gronden in zee.19 Nummers 240; 241
Bomber Command Hampdens. Eén naar het vliegveld op Texel en één naar geschutsopstellingen op Terschelling, maar beide zonder resultaat te kunnen melden.21
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
INGEZETTE OO
De indicatie beschrijft de meidagen 1940 voor (de omgeving van) het onderzoeksgebied. Hieruit komt naar voren dat er enkele vliegtuigen zijn beschoten vanaf schepen in de Waddenzee. Op basis van de indicatie is echter op te maken dat dit op geruime afstand van het onderzoeksgebied plaatsvindt. De indicatie zal daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen.
Luchtfotoanalyse De luchtopnames brengen het gehele onderzoeksgebied in beeld, net na de Duitse inval. Op de luchtopnames zijn geen relevante waarnemingen met betrekking tot OO gedaan. Bomb Raid 771 Owing to impossible weather conditions (10/10 cloud below 100 feet and severe icing) neither the actual target nor the alternative was identified. 6 aircraft dropped bombs (24 x 500 lb.) in the area but no results were observed. Other targets attacked: …. (B) A.A. gun positions on Terschelling Island.22
01-12-1940/ 02-12-1940
Bombardement door een Hampden Mk op Terschelling. Getroffen werd een geschutsopstelling.23
RELEVANTIE
No 5. Group Six aircraft dropped bombs on A.A. concentrations at position estimated as follows:
Bomber Command Van de tien Hampdens die opdracht hadden voor een aanval op Waalhaven, voerden vier deze opdracht uit. De
Indicatie beschrijft een bombardement op een geschutopstelling op Terschelling. In de indicatie wordt gemeld dat het onmogelijk is gebleken zowel het doelwit als de eventuele resultaten waar te nemen door de weersomstandigheden. De indicatie is tevens niet specifiek herleidbaar naar een locatie. De indicatie zal daarom niet verder in het onderzoek meegenomen worden. Indicatie beschrijft een bombardement op Terschelling, op een geschutopstelling. Gezien het feit dat er de indicatie niet locatie specifiek is en geen aanwijzingen zijn achterhaald dat zich een geschutopstelling in het
17 J. van der Wal, ‘We vieren het pas als iedereen terug is’- Terschelling in de Tweede Wereldoorlog (Proefschrift Rijksuniversiteit Groningen, 2007), 150. 18 Nederlands Instituut voor Militaire historie, Collectie 409 Gevechtsverslagen en -rapporten mei 1940, inv.nr. 461034 Verslag van de commandant van het Ie bataljon van het 45e regiment infanterie kapitein D.C. van der Waal. 19 Nederlands Instituut voor Militaire historie, Collectie 409 Gevechtsverslagen en -rapporten mei 1940, inv.nr. 445031 Verslag van de commandant van de maritieme middelen ter Terschelling kapitein-ter-zee K. van Aller. 20 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 349. 21 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 1 (Den Haag, 1990), 116. 22 The National Archives, AIR 14 Air Ministry: Bomber Command: Registered Files inv.nr. 2668 Night Bomb raid sheets Vol. V. 1940 Oct. 23 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 430.
203-023-VO-01
Pagina 31 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
overige zes gingen naar andere doelen waaronder een geschutsopstelling op Terschelling.24
(b) Terschelling – 4x 500-lb. 2x 250-lb. [betreft 1 vliegtuig]25
03-06-1941
30-06-1941
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
2019 Terschelling, Mehrere Sprengbombe, Abwurf auf hafen, kein Schaden.26
Bombardement door een Blenheim Mk IV op Terschelling. Getroffen werd de haven en het radiostation.27 Bomber Command Tweeënvijftig vliegtuigen, 46 Blenheims en zes Halifaxes, doelen in NW-Duitsland. Eén van de Blenheims voor Bremen deed een aanval op de haven van en een radiostation op Terschelling en op een trawler van 500 ton ZW van het eiland.28
’Mocht ik van U langs telegrafischen weg vier meldingen ontvangen, betreffende voorvallen welke verband met de oorlogshandelingen, n.l. c) Het neerkomen van drie brisantbommen op drie verschillende plaatsen op Terschelling, waarbij een bom terecht kwam op een woonhuis met Duitsche militairen, waarvan er twee gedood en drie gewond werden. De derde bom kwam niet tot ontploffing en lag in een particuliere woning.’31
Op 30 juni ‘41 ’s morgens om kwart over 8 vond deze aanval reeds plaats en deze werd uitgevoerd door een twee motorige Blenheim. Deze kwam vanuit het noordwesten over het station aanvliegen, draaide boven Formerum bij en viel vanuit oostelijke richting aan en wierp slechts één bom af, die ook een blindganger was. Alhoewel de bom vrij nauwkeurig was gericht en op twee meter ten noorden van het station neerviel, zorgden de staartexplosieven, die wel explodeerden, ervoor dat ze voor de tweede keer tussen de huizen van Kees Stada en Tjaard Boer terecht kwam…. Een week later is ze op een vrachtwagen geladen en aan het strand tot ontploffing gebracht. De blindganger, die nog steeds naast de berderij van Jo Schaap lag, is dezelfde dag in stropakken gezet en ter plaatse tot ontploffing gebracht…… Na de aanval op het zendstation vloog de Bleinheim door naar West-Terschelling en dropte daar terloops nog twee bommen boven de haven waarvan één het huis van Rijkswaterstaat trof en explodeerde… de tweede kwam in een huiskamer in de Schoolstraat terecht, maar was gelukkig en blindganger.29
‘Lagebericht Nr. 661. In Holland warf eine BristolBlenheim in den ersten Morgenstunden 5 Sprengbomben auf West-Terschelling. Eine Marine-Unterkunft wurde getroffen, 2 MarineSoldaten fielen, 3 wurden schwer verwundet. Das Flugzeug wurde durch Flak ohne erkennbare Wirkung beschossen, Jäger kamen nicht zur Feindberührung.’32 ‘Lagebericht Nr. 661. Uhrzeit 0740. Ort, WestTerschelling. Anzahl d. bomben, 3 Sprb. Wirkung, Abwurft auf Dorf. 1 Marine-Unterkunft schwer beschädigt, 2 Marinesoldaten gefallen, 3 schwer verwundet.‘33 Day Raid Sheet 2x Blenheim – 3x 250 Terschelling W/T Station, results unobserved; Do Harbour & town W. of, black smoke and flash seen on jetty and town.34
INGEZETTE OO
RELEVANTIE onderzoeksgebied bevindt, zal de indicatie niet verder in het onderzoek meegenomen worden. Indicatie vermeldt een bombardement op een haven op Terschelling. De indicatie is echter niet eenduidig herleidbaar naar het onderzoeksgebied. Tevens is de indicatie niet te verifiëren met een tweede bron. De indicatie zal daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen. Indicatie vermeldt een bombardement op verschillende plaatsen op Terschelling. De eerste kwam neer te Formerum. Deze plaats is gelegen op ruim 6 kilometer van het onderzoeksgebied. De tweede bom kwam neer op het huis van Rijkswaterstaat/woonhuis van Duitse militairen. Van dit huis is de exacte locatie niet te achterhalen. De derde bom is neergekomen als blindganger in de Schoolstraat, nabij nummer 5. Dit is op ongeveer 120 meter van het onderzoeksgebied. Gezien het feit dat geen van de inslagen eenduidig herleidbaar is naar het onderzoeksgebied en de afworp overeenkomt met de bommenlast van één Blenheim, zal de indicatie niet verder in het onderzoek worden meegenomen.
24 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 1 (Den Haag, 1990), 139. 25 The National Archives, AIR 14 Air Ministry: Bomber Command: Registered Files inv.nr. 2670 Night Bomb raid sheets Vol. VII. 1940 Dec. 26 Bundesarchief-Militärarchiv, RL 2-II Generalstab der Luftwaffe/Luftwaffenführungsstab, inv. nr. 244 Luftlageberichte Nr.661 – Nr.666, Luftlageberichte Nr.626 – Nr.637, 27. Mai 1941 – 7.Juni 1941. 27 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 684. 28 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 1 (Den Haag, 1990), 216. 29 Ruyg, A., ‘Bomaanvallen op zendstation ’t Noord en hoe het allemaal ging’, in: Schylge myn Lântse 6 (December 1989), 196. 31 Gemeentearchief Terschelling, Gemeentebestuur Terschelling 1900-1943, inv. nr. 512, Rijksinspectie voor de bescherming van de bevolking tegen luchtaanvallen. 32 Bundesarchief-Militärarchiv, RL 2-II Generalstab der Luftwaffe/Luftwaffenführungsstab, inv. nr. 248 Luftlageberichte Nr.661 – Nr.666, 1. Juli 1941 – 6. Juli 1941. 33 Bundesarchief-Militärarchiv, RL 2-II Generalstab der Luftwaffe/Luftwaffenführungsstab, inv. nr. 248 Luftlageberichte Nr.661 – Nr.666, 1. Juli 1941 – 6. Juli 1941. 34 The National Archives, AIR 14 Air Ministry: Bomber Command: Registered Files inv.nr. 3362 Day bomb raid sheets Vol.
III 1941 Jan.-May.
203-023-VO-01
Pagina 32 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
INGEZETTE OO
RELEVANTIE
Kort geleden liep weer eens door de Schoolstraat op West, langs het huis op de hoek van die straat en wat nu ‘Japkes glop’ heet. En ja hoor: Wanneer je goed kon je nog steeds in de muur van het huis de sporten zien van wat daar op een nacht in de oorlog is gebeurd…. Toen ik ’s morgens aan de ontbijttafel verscheen hoorde ik: ‘Er is vannacht een bom gevallen in de Schoolstraat.’ Het was een ‘blindganger’ die een vliegtuig, wellicht gedurende een luchtgevecht, had laten vallen. De bom was vanuit ongeveer zuidelijke richting schuin tegen één van de dikke bomen gevallen die stonden voor het huis van meester Sieben en was toen vanaf die boom min of meer teruggekaatst, was de straat over geschoten en had zich onder door de muur van het tegenoverliggende huis geboord. Dit was dus het bewuste huis op de hoek van ‘Japkes glop, waarin toen de vrachtrijder Jan de Hek woonde.30
19-08-1941/ 20-08-1941
Datum luchtfoto
Bombardement op Terschelling. Getroffen werd een zoeklicht- en luchtafweerstelling.35
Sortie
Schaal
‘Lagebericht Nr. 711. Uhrzeit 1930-1935. Ort, Terschelling. Anzahl der Bomben 6 Sprb. Wirkung, Angriff auf einen Geleitzug ohne Erfolg, scheinbar Notwurf.‘36
Nummers
‘Lagebericht Nr. 711. Kampfhandlungen am 19.8 und in der nacht zum 20.8.1941. Der Luftgau Holland wurde zwischen 1930 und 1935 Uhr von 3 Bristol-Blenheim angeflogen, die aus 30-50 m Höhe einen Geleitzug vor Terschelling anzugreifen versuchten. Die 3 Feindflugzeuge wurden vor Erreichen ihres Zieles von der Geleitschutzrotte angegriffen und, nachdem, sie 6 Bomben im Notabwurf ins Meer geworfen hatten, sämtlich abgeschossen.‘37 Luchtfotoanalyse
Indicatie vermeldt een bombardement op Terschelling. Op basis van archiefonderzoek is echter vastgesteld dat de bommen neerkwamen nabij een scheepskonvooi, dus niet op het eiland Terschelling, of in de haven, zelf. De indicatie wordt daarom niet verder in het onderzoek meegenomen.
30 H. van der Wal, ‘De bom in de Schoolstraat’, in: Schylge myn Lântse 6 (December 1989), 143. 35 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 768. 36 Bundesarchief-Militärarchiv, RL 2-II Generalstab der Luftwaffe/Luftwaffenführungsstab, inv. nr. 255 Luftlageberichte Nr. 708 – Nr.713, 17. Aug. 1941 – 22. Aug. 1941. 37 Bundesarchief-Militärarchiv, RL 2-II Generalstab der Luftwaffe/Luftwaffenführungsstab, inv. nr. 255 Luftlageberichte Nr. 708 – Nr.713, 17. Aug. 1941 – 22. Aug. 1941.
203-023-VO-01
Pagina 33 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
06-04-1942
A-523
2006
De luchtopname brengt het gehele onderzoeksgebied in beeld. Op de luchtopname zijn geen relevante waarnemingen gedaan met betrekking tot OO.
28-07-1943
Bombardement met ca. 80/500 lbs bommen op Terschelling door bommenwerpers van de 303rd Bomber Group.38
Datum luchtfoto 30-07-1943
Sortie D-928
13-11-1943
Bombardement op Terschelling.40
1:22.000
Schaal 1:18.000
Nummers 4031; 4032
INGEZETTE OO
Mission no. 78 (USAAF) Bomb Bursts Observed A. Bombs were seen to have been directed towards two islands. The 303rd Group struck at Terschelling and 384th Group at Schiermonnikoog (…) (III) A. At least 60 Bursts in water 3000 yds, of the south coast of Terschelling. (IV) B. Ten bursts on the island of Schiermonnikoog. Five burst are in the village of Schiermonnikoog, one on a road and four in open fields.39 Luchtfotoanalyse De luchtopnames brengen het gehele onderzoeksgebied in beeld. Op de luchtopnames zijn geen relevante waarnemingen gedaan met betrekking tot OO.
Bombardement op Terschelling.42 Bomber Command AD’s. Borkum, Texel, Terschelling en een onbekend vliegveld in de buurt van Groningen.43
30-01-1944/3101-1944
Bombardement door twee Lancasters Mk met 2/4000 lbs bommen op Terschelling.44
Datum luchtfoto 26-02-1944
Bomber Command AD’s. Twee Lancasters deden een aanval op geschutsopstellingen op Terschelling, waarbij o.a. twee 4000-ponders werden afgeworpen.45 Sortie Schaal F8-44 1:3.000
Indicatie vermeldt een bombardement met 80x 500lbs bommen op Terschelling. Nader onderzoek heeft echter uitgewezen dat 60 van deze bommen 2750 meter uit de kust van Terschelling zijn gevallen. De overige twintig worden gemeld op het eiland Schiermonnikoog. De indicatie bevindt zich derhalve op geruime afstand van het huidige onderzoeksgebied en zal niet verder in het huidige onderzoek meegenomen worden.
Indicatie vermeldt een bombardement op Terschelling. De indicatie is echter niet locatie specifiek en daarmee niet herleidbaar naar het onderzoeksgebied. De indicatie wordt daarom niet verder in het onderzoek meegenomen. Indicatie vermeldt een bombardement op Terschelling. De indicatie is echter niet locatie specifiek en daarmee niet herleidbaar naar het onderzoeksgebied. De indicatie wordt daarom niet verder in het onderzoek meegenomen. Indicatie vermeldt een bombardement op Terschelling. De indicatie is echter niet locatie specifiek en daarmee niet herleidbaar naar het onderzoeksgebied. De indicatie wordt daarom niet verder in het onderzoek meegenomen.
8th Air Force AD’s. De USAAF ging deze dag naar Bremen en één vliegtuig rapporteerde zijn bommen te hebben afgeworpen op Terschelling.41 27-01-1944/2801-1944
RELEVANTIE
Nummers 338; 339
Luchtfotoanalyse Op de luchtopnames, welke ongeveer 70% van het onderzoeksgebied afdekken, zijn enkele vermoedelijke wapenopstellingen en een kazemat
38 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 1631. 39 National Archives London, AIR 40 Air Ministry, Directorate of Intelligence, and related bodies: Intelligence Reports and Papers, inv.nr. 427 Mission No. 78: Oschersleben, A.G.O. aircraft factory; Kassel, Industrial plants and Terschelling, 28 July 1943. 40 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 1770. 41 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 2 (Den Haag 1993), 116. 42 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 1861. 43 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 2 (Den Haag 1993), 144. 44 T. Eversteijn, Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.), 1867. 45 G.J. Zwanenburg, En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 2 (Den Haag 1993), 146.
203-023-VO-01
Pagina 34 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
27-05-1945
203-023-VO-01
INGEZETTE OO
RELEVANTIE
waargenomen. In paragraaf 3.3. is een uitsnede opgenomen welke de waargenomen infrastructuur laat zien. Waarneming In de National Archives and Record Administration is een Defence Overprint aangetroffen welke een groot gedeelte van het eiland Terschelling afdekt. Op de Defence Overprints staan verscheidene militaire infrastructuur, verdedigingswerken en overige zaken welke militair belang toegedicht werden, ingetekend. Wat opvalt op de Defence Overprint zijn de drie militaire structuren aan de westzijde welke twee wapenopstellingen en een kazemat betreft. Deze komen overeen met de waarnemingen welke op de luchtopnames van 1944 zijn gedaan. Tevens is aan de noordzijde van de Veerhaven een opslagterrein ingetekend. Ten slotte is aan de noordzijde van het onderzoeksgebied, nabij de zeevaartschool, een wapenopstelling ingetekend. Voor alle indicaties geldt dat getracht zal worden deze nader te duiden op de luchtopnames van 25 april. Hier zal ook de relevantie nader geduid worden.
Datum kaart 11-02-1945
Datum luchtfoto 25-04-1945
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
Sortie 4-2428
Schaal 1:7.400
Nummers 3127; 3128; 4168
Luchtfotoanalyse Luchtopnames zijn specifiek geanalyseerd om de situatie vlak voor de bevrijding te analyseren en de op de Defence Overprint aangegeven militaire infrastructuren te duiden. Hierbij geldt dat de wapenopstellingen en de kazemat in de nabijheid van de westelijke punt van het onderzoeksgebied zijn waargenomen, evenals op de opnames van 1944. De wapenopstelling in het noorden van het onderzoeksgebied is niet eenduidig waargenomen en zal daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen. 3th Regiment Force of 3 officers and 60 O.R’s to be formed under Capt. J.D. Johnston M.C.R.A. to deal with Terschelling. Force to be known as Jaffa Force (…..) [27-05, 07:00] Recce parties for Jaffa Force departed by ‘E’ boat (….) [19:15] Recce party
De indicatie beschrijft de bevrijding van Terschelling, eind mei 1945. De indicatie beschrijft geen gevechtshandelingen als zodanig en zal daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen.
Pagina 35 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
INGEZETTE OO
RELEVANTIE
returned from Terschelling. Whole force to got to Island on 28th and stay (….) Timetable of operation: A.M. 30 May – Alle German Arms to be handed over; P.M. 30 may – Screening; A.M. 31 May – Concentration of German personal near harbour; A.M. 1 Jun – German personnel embark.46 Waarneming In het Bunkerarchief welke is gelegen in het Nationaal Archief te Den Haag is een kaart aangetroffen welke de aanwezige verdedigingswerken op Terschelling tonen. In de figuur is zichtbaar dat de werken A, Z1 en F lijken te overlappen met het onderzoeksgebied. Van de desbetreffende werken zal getracht worden via luchtfotoanalyse en nader kaartmateriaal te duiden of deze relevant zijn voor het onderzoeksgebied. Uit deze analyse blijkt dat Z1 een enkele schuilplaats betreft, terwijl werk F zich op 70 meter van het onderzoeksgebied bevindt. Deze zullen daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen. Verdedigingswerk A zal in paragraaf 3.3. nader worden uitgewerkt (Kaart 203-023-VERD-01).
Datum kaart Na 1945
07-09-1982
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
In aansluiting op de telefonische contacten die van de kant van het Kabinet met U zijn gevoerd, moge ik U hierbij verzoeken, waar de Waddenzee wel provinciaal maar niet gemeentelijk is ingedeeld, op grond van de zorg van de veiligheid van de scheepvaart in het algemeen en de visserij in bijzonder, te bevorderen dat een in 1944 gezonken schip, geladen met mijnen (waarschijnlijk een twintigtal) [betreft minstens 120 mijnen] wordt geruimd. De positie van het schip is 53. 21, 20 Noorderbreedte en 5, 15, 1 Oosterlengte. Het wrak komt in het wrakkenregister voor onder nr. 278. Door de zorgen van
Indicatie vermeldt een shcip welke ten zuiden van de kust van Terschelling is gezonken. Op basis van de gegeven coördinaten is achterhaald dat het wrak zich op ruim 2000 meter van het onderzoeksgebied bevindt. De indicatie zal daarom niet verder in het onderzoek worden meegenomen.
46 National Archives London, WO 171 War Office: Allied Expeditionary Force, North West Europe (British Element): War Diaries, Second World War, in.nr. 5012 3 Regt, 1945 Mar.-Dec, War Diary.
203-023-VO-01
Pagina 36 van 84
DATUM:
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR:
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON NATIONALE ARCHIEVEN
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON INTERNATIONALE ARCHIEVEN
INGEZETTE OO
RELEVANTIE
het DGSM is het wrak vorige week gemarkeerd met een boei.47 Tabel 8: Overzichtstabel oorlogshandelingen/indicaties met verwijzingen naar (de omgeving van) het onderzoeksgebied.
47
Tresoar, 12-19 Provinciaal Bestuur van Friesland, 1962-1986, inv.nr. 4336 Stukken betreffende het ruimen van mijnen door het Explosieven Opruimingsregelcentrum onder de kust van Terschelling, 1982-1984.
203-023-VO-01
Pagina 37 van 84
3.3
FIGUREN BEHORENDE BIJ OVERZICHTSTABEL
Figuur 3: Waargenomen militaire infrastructuur op de luchtopnames van 1944. In het rood zijn de wapenopstellingen weergegeven, in het blauw de waargenomen kazemat.
203-023-VO-01
Pagina 38 van 84
3.4
MIJNENVELDREGISTER
Bij de Explosieven Opruimingsdienst (EOD) zijn gegevens uit het mijnenveldregister geïnventariseerd over de mogelijke aanwezigheid van mijnenvelden in en nabij het onderzoeksgebied. ECG heeft de beschikking over de voor het onderzoek relevante mijnenkaart alsmede de achterliggende ruimingsrapporten. Uit de door de EOD aangeleverde gegevens blijkt dat er geen aanwijzingen zijn dat er mijnenvelden hebben gelegen in het onderzoeksgebied.
3.5
NAOORLOGSE RUIMINGEN VAN OO
In de archieven van de EOD bevinden zich gegevens van naoorlogs aangetroffen en geruimde OO vanaf de jaren ‘70. De beperkingen van deze bronnen zijn weergegeven in paragraaf 2.9 Nauwkeurigheid en herleidbaarheid. Geen van de MORA’s zijn eenduidig herleidbaar naar het onderzoeksgebied, of de directe omgeving daarvan. Voor de ruimingen met als adres Longway 19 geldt dat dit het huidige politiebureau betreft. Het adres burgemeester van Heusdenweg 10a betreft het gemeentehuis. De locatie voor deze ruimingen zegt bij dezen niet zoveel over de daadwerkelijke vindplaats. Ten slotte geldt dit ook voor de MORA met nummer 19852707. Deze heeft als vindplaats terrein betonning Rijkswaterstaat, maar blijkt opgedoken door een duikteam. Hier betreft het dus ook niet de vindplaats. Ten slotte zijn er een groot aantal ruimingen welke zich mogelijk wel binnen de buffer bevinden, maar welke geen dermate herleidbare adresduiding hebben, dat deze op de kaart weer te geven zijn. MELDING NR.
DATUM48
LOCATIE
AANGETROFFEN
19750013 19811494 19852707
02-01-1975 15-05-1981 30-08-1985
[Rapport niet aangeleverd] 1 x S Mijn 1 x kanon 88 mm Duits (leeg)
19902690
04-10-1990
19921580 20020212
11-07-1992 26-02-2002
20091519 20101129 20130277 20141993 20161274
27-02-2013 16-10-2014 03-08-2016
Long Way 19 In de duinen naast bunker49 Op afgesloten terrein Betonning van Rijkswaterstaat, WestTerschelling Schroothoop in Helihaven aan de Lutineweg, West-Terschelling Pirolastraat 15, West Terschelling Burgemeester Van Heusdenweg 40a, West-Terschelling Groene strand, West-Terschelling Groene strand, West Terschelling Longway 19 Hoofdweg, West-Terschelling Groene strand, West-Terschelling
20191310001
-
Oude helihaven
1 x 12 cm granaat (leeg omhulsel) 1 x granaat met huls 1 x marker [Ruimingsrapport niet aangeleverd] 1 x Kruit 1 x Mijn, AT; M1 1 x Gevechtslading; 5 inch HVAR; 3 x Bom, oefen betonbom; 3 x Restant; 5 inch raket; 26 x Bom, oefen; BDU 33 1x Oefenbrisantgranaatraket; 2,75” (verschoten)
48 Meldingsdatum. 49 Melding in rapport: “Ligging langs een pad waar veel jeugd loopt (wandelpad)”.
203-023-VO-01
Pagina 40 van 84
MELDING NR.
DATUM48
LOCATIE
AANGETROFFEN
20201125001
-
1 x Oefenbom; BDU 33, leeg.
20201332001
-
Burgemeester Van Heusdenweg 10a Strand nabij West
20211078001 20220278001 20220948001 20221127001 20221892000 20221892001
-
Hoofdweg, West-Terschelling Longway 19, West-Terschelling Groenestrand, West-Terschelling Longway 19 Longway 19, West-Terschelling Longway 19, West-Terschelling
20222177001
-
Lutineweg, West-Terschelling
2 x Oefenbom; 100 lbs M38A2 (US) (afgeworpen) 2 x Oefenbom; bdu 33 Marker M58 Mod 0 Oefenbom 100 lbs Bom, oefen: 28 lbs Bom, oefen: 100 lbs M38A2 (afgeworpen); Gevechtlading, oefen: 5 inch HVAR met restant neusontsteker Mk 149 en bodemontsteker Mk 164; Bom, oefen: BDU 33 Bom, oefen: BDU 33
Tabel 9: Meldingen en ruimingen van mogelijke Ontplofbare Oorlogsresten in (de omgeving van) het onderzoeksgebied.
De locaties van de EOD-ruimingen zijn te zien in figuur 4.
203-023-VO-01
Pagina 41 van 84
Figuur 4: Kaart met EOD-ruimingen in de omgeving van het onderzoeksgebied.
203-023-VO-01
Pagina 42 van 84
4 RESULTATEN VOORONDERZOEK NA-CONFLICTPERIODE De volgende stap in deze bureaustudie wordt gevormd door het achterhalen van gebeurtenissen die een aanwijzing vormen dat een (mogelijk verdacht) gebied of een deel hiervan (in zowel horizontale als verticale zin) als onverdacht kan worden aangemerkt. Dit onderdeel van de bureaustudie bestaat uit een beeldvergelijking van naoorlogse luchtfoto’s, archiefonderzoek in het gemeentearchief van Terschelling, het BAG-register en een KLIC-melding. De te dateren resultaten van het onderzoek zijn in paragraaf 4.4 Overzichtstabel na-conflictperiode opgenomen.
4.1
BEELDVERGELIJKING NAOORLOGSE LUCHTFOTO’S EN SATELLIETBEELDEN
Middels een vergelijking van recente satellietbeelden met luchtopnamen uit de Tweede Wereldoorlog en andere naoorlogse luchtopnamen, is getracht globaal te bepalen waar de bodem is geroerd. Voor de naoorlogse luchtopname is het Kadaster geraadpleegd. Op de volgende pagina is de beeldvergelijking weergegeven. De kaarten zijn afkomstig van de jaren 1945, 1992, 2006 en de meest recente satellietbeelden. Op de luchtopnames is een groot aantal wijzigingen waargenomen ten opzichte van de situatie in 1945. Onder andere de navolgende grondroerende werkzaamheden zijn waargenomen: -
De haven de Kom lijkt gebaggerd en is voorzien van enkele steigers; De veerhaven is uitgebreid, voornamelijk aan de westelijke zijde; De bebouwing aan de werkhaven is gesloopt en nieuw bebouwing gerealiseerd; Het terrein van de werkgaven is uitgebreid; Een gedeelte van de werkhaven en de passantenhaven, welke in 1945 nog uit water bestond, bestaat nu uit land; Er is een rotonde gerealiseerd aan de westelijke punt van het onderzoeksgebied; De Willem Barentszkade is verbreed en voorzien van een extra weg.
203-023-VO-01
Pagina 43 van 84
4.2
OPSPORINGSWERKZAAMHEDEN
ECG is via de VEO Bommenkaart nagegaan of er reeds opsporingswerkzaamheden hebben plaatsgevonden in het onderzoeksgebied. Er zijn geen eerder opsporingswerkzaamheden binnen, of in de omgeving van het onderzoeksgebied achterhaald.
4.3
ARCHIEFONDERZOEK GEMEENTEARCHIEF TERSCHELLING
In het (naoorlogse) archief van de gemeente Terschelling zijn diverse dossier aangetroffen welke betrekking hebben op grondroerende werkzaamheden in het onderzoeksgebied. In de onderstaande paragraaf worden de belangrijkste achterhaalde grondroering nader uitgewerkt. Uitbreidingsplan haven Terschelling 1966 In het archief is een stuk achterhaald welke de uitbreiding van het kade- en opslagterrein aan de noordzijde van het onderzoeksgebied in beeld brengt, alsmede mogelijke toekomstige verdere uitbreiding van het terrein. Op de onderstaande kaart is dit plan in beeld gebracht. Hierop is zowel de situatie van 1945 weergegeven als de achterhaalde uitbreidingskaart met de huidige ondergrond als achtergrond.50
50 Gemeentearchief Terschelling, Archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1848, Stukken betreffende de Rijkshaven te
Terschelling, 1969-1995.
203-023-VO-01
Pagina 45 van 84
Herinrichting Willem Barentszkade jaren 90 In de jaren 90 wordt het plan opgevat de Willem Barentszkade opnieuw in te richten. Hierbij vinden een groot aantal werkzaamheden plaats. Zo wordt er besloten om in de uiterste westhoek een wandelpromenade te realiseren met trappen richting een, op dat moment nog te realiseren, monument. Op de kaart 203-023-TE-05 is een uitsnede gemaakt van de uit te voeren werkzaamheden. Tegelijkertijd wordt ook de omgeving van de veerhaven aangepakt. Zo wordt kade verbreed, voornamelijk in westelijke richting, wordt de aanmeerplaats van de veerboot veranderd, wordt er een wachtruimte gerealiseerd voor de veerboot en worden er doorgangen gerealiseerd richting het dorp West-Terschelling. Ten slotte is op de achterhaalde kaart ook de naoorlogs realiseerde weg langs het dorp West-Terschelling zichtbaar. Al deze achterhaalde grondroering is zichtbaar op de tekening 203-023-TE-06.51
51 Gemeentearchief Terschelling, Archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1759, Stukken betreffende het herinrichten van
de Willem Barentszkade te West-Terschelling, 1992-1993.
203-023-VO-01
Pagina 47 van 84
Aanleg Haven de Kom jaren 90 Eveneens in 1992 wordt het plan opgevat om de haven de Kom aan te leggen. Ook hiervan zijn in het archief tekeningen achterhaald. De nadruk van de werkzaamheden hierbij lag op de aanleg van een steiger en het ontgraven van de haven. Tevens werd hierbij de kademuur vernieuwd. Op de kaart 203-023-TE-07 zijn de uitgevoerde werkzaamheden inzichtelijk gemaakt.52 In de onderstaande figuur is tevens een overzicht gevonden van de totale ontgraving welke plaats heeft gevonden in het kader van het inrichten van de haven.
Figuur 5: Overzicht van de afgevoerde baggerspecie voor de aanleg van de Haven de Kom Bron: Gemeentearchief Terschelling, archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1856, Stukken betreffende haven de Kom te West-Terschelling, 1992-1996
Op basis van het archiefstuk is achterhaald dat er ruim 105.000m3 ontgraven. Gezien het te ontgraven oppervlak, welke ruwweg 22.000m2 bedraagt, kan gesteld worden dat er gemiddeld genomen ongeveer 5 meter ontgraven is.
52
Gemeentearchief Terschelling, archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1855, Stukken betreffende haven de Kom te West-Terschelling, 1992-1996
203-023-VO-01
Pagina 50 van 84
4.4
KLIC-MELDING
ECG heeft op 5 juli 2023 een KLIC-melding aangevraagd om inzicht te verkrijgen in de ligging van kabels en leidingen in het onderzoeksgebied.53 Resultaat van deze melding is de wetenschap dat zich binnen het onderzoeksgebied kabels en leidingen bevinden, die gezien de historische ontwikkeling van het gebied vermoedelijk naoorlogs zijn aangelegd. De ligging van de kabels en leidingen is in onderstaande kaart weergegeven. Gezien het feit dat een gedeelte van de kabels zich bevindt in naoorlogs gerealiseerd terrein, is het aannemelijk dat de kabels en leidingen welke hier gelegen zijn, ook naoorlogs zijn.
53 Vermeld dient te worden dat de gegevens omtrent ondergrondse infrastructuur zoals deze door de uitgevoerde
oriëntatie zijn verkregen, een geldigheidsduur hebben van maximaal 20 werkdagen na aanvraag.
203-023-VO-01
Pagina 52 van 84
4.5
BASISREGISTRATIE ADRESSEN EN GEBOUWEN (BAG)
Middels de gegevens van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) valt het bouwjaar van panden bij het onderzoeksgebied te achterhalen. Hierdoor kan een overzicht worden gemaakt van waar en wanneer naoorlogs grondroerende werkzaamheden hebben plaatsgevonden. De gegevens zijn in ArcGIS Pro verwerkt en in onderstaande figuur weergegeven. De categorisering van bouwjaren is relevant omdat de EOD vanaf 1971 ruimingen van OO heeft geregistreerd in de geanalyseerde MORA’s. ECG gaat ervan uit dat eventuele aangetroffen OO vanaf dat moment in dit register zijn gemeld en geruimd. Zichtbaar in de figuur is dat de bebouwing in, en in de directe omgeving van het onderzoeksgebied veelal na 1970 is gerealiseerd, terwijl de iets verder liggende panden ouder zijn.
Figuur 6: De bouwperiode per pand in, en in de omgeving van, het onderzoeksgebied.
203-023-VO-01
Pagina 54 van 84
4.6
OVERZICHTSTABEL NA-CONFLICTPERIODE
De onderstaande tabel vormt een chronologisch overzicht van de informatie over naoorlogse bodemroerende activiteiten die met behulp van diverse bronnen is achterhaald. De tabel dient horizontaal te worden gelezen, te beginnen bij de datum, gevolgd door eventuele secundaire en primaire bronnen. Waar mogelijk worden contra-indicaties geduid met behulp van luchtfoto’s en kaartmateriaal, aangeduid met een blauwe kleur. Tot slot wordt bepaald of de contraindicatie relevant is voor het onderzoek. Contra-indicaties die als relevant zijn bestempeld, worden in Hoofdstuk 5 afgewogen tegen eventuele indicaties om te bepalen of er sprake is van verdacht gebied. DATUM
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR, INTERNET
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON ARCHIEVEN
GEO-INFORMATIEBRON
Datum luchtfoto 1949
Sortie 1949_KAARTBLAD01_006_West_Terschelling _1949
Nummers -
1966
-
Gemeentearchief Terschelling, Archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1848.
Luchtfotoanalyse De luchtopname brengt het gehele onderzoeksgebied in beeld. Op de luchtopnames is te zien dat ten opzichte van 1945 de militaire infrastructuur is opgeruimd, maar dat er geen verdere grondroering heeft plaatsgevonden. Het archiefstuk brengt de uitbreiding van het kade- en opslagterrein aan de noordzijde van het onderzoeksgebied in beeld, alsmede mogelijke toekomstige verdere uitbreiding van het terrein.
Datum luchtfoto 1992
Sortie 1992KAARTBLAD05RUNF_0003_West_Tersch elling_1992
Nummers -
1992/1993
-
1992/1993
-
Gemeentearchief Terschelling, Archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1759. Gemeentearchief Terschelling, Archief gemeente Terschelling 1944-1995, inv.nr. 1855 en 1856.
Datum luchtfoto 2006
Sortie Luchtfoto_2006
Nummers -
203-023-VO-01
VECTOR GIS-DATASETS
Luchtfotoanalyse De luchtopname brengt het gehele onderzoeksgebied in beeld. Op de opname vallen een aantal zaken op: De veerhaven is uitgebreid voornamelijk aan de westelijke zijde, maar ook enigszins aan de oostelijke zijde; De bebouwing aan de werkhaven is gesloopt en nieuw bebouwing gerealiseerd; Het terrein van de werkgaven is uitgebreid; Een gedeelte van de werkhaven en de passantenhaven, welke in 1945 nog uit water bestond, bestaat nu uit land; Er is een rotonde gerealiseerd aan de westelijke punt van het onderzoeksgebied In het archief zijn stukken achterhaald over een eerder herinrichting van de Willem Barentszkade welke plaatsvond rond 1992/1993. Hierbij is onder andere het terrein van de veerhaven vergroot, zijn parkeerplaatsen gerealiseerd, is een rotonde en een promenade richting een monument gerealiseerd, is de tweede weg langs de kade aangepast, zijn er steigers aangelegd, is de kademuur vernieuwd en is de omgeving van het terrein van haven de Kom gebaggerd.
Luchtfotoanalyse De luchtopnames brengen het gehele onderzoeksgebied in beeld. Wat opvalt ten opzichte van 1992 is dat de veerhaven verder is uitgebreid en dat er enkele aanvullende steigers zijn gerealiseerd. Ook zijn de achterhaalde baggerwerkzaamheden nabij de haven de Kom waargenomen.
Pagina 55 van 84
DIEPTE TOV NAP OF M-MV
RELEVANTIE
Niet bekend
-
Niet bekend
Relevant. Indicatie beschrijft de naoorlogse grondroerende werkzaamheden met betrekking tot verhard terrein aan de noordzijde van het onderzoeksgebied. Hierbij kan er van uit gegaan worden dat eventueel aanwezige OO opgemerkt zou zijn.
Niet bekend
Relevant. Op basis van het archiefmateriaal mag aangenomen worden dat het overgrote deel van de werkzaamheden plaats vonden na 1970, waardoor eventueel aangetroffen OO gemeld en geruimd zou moeten zijn.
Niet bekend
Relevant. Indicatie beschrijft de naoorlogse grondroerende werkzaamheden met betrekking tot diverse verharde terreinen in het onderzoeksgebied. Hierbij kan er vanuit gegaan worden dat eventueel aanwezige OO opgemerkt, gemeld en geruimd zou zijn. Met betrekking tot de baggerwerkzaamheden is achterhaald dat dit gemiddeld met een diepte van 5 meter uitgevoerd is. De exacte diepte is echter niet achterhaald.
Niet bekend
Niet bekend
Relevant. Op basis van het archiefmateriaal mag aangenomen worden dat de werkzaamheden plaats vonden na 1970, waardoor eventueel aangetroffen OO gemeld en geruimd zou moeten zijn.
DATUM
SECUNDAIRE SCHRIFTELIJKE BRON LITERATUUR, INTERNET
PRIMAIRE SCHRIFTELIJKE BRON ARCHIEVEN
GEO-INFORMATIEBRON
DIEPTE TOV NAP OF M-MV
RELEVANTIE
Heden
-
-
Ten opzichte van 2006 zijn geen noemenswaardige grondroerende werkzaamheden achterhaald. ECG heeft een Klic-melding aangevraagd. De ontvangen gegevens zijn weergegeven in paragraaf 4.4.
Niet bekend
-
Heden
-
-
Niet bekend.
Via de BAG-viewer is in kaart gebracht in welk jaar de panden in en rondom het onderzoeksgebied zijn gerealiseerd. De resultaten zijn verwerkt in paragraaf 4.5.
Niet bekend.
Relevant. Hoewel informatie omtrent de diepteligging van de kabels en leidingen ontbreekt, acht ECG het waarschijnlijk dat de grond ter plaatse van de kabels en leidingen dusdanig is geroerd dat niet langer sprake is van een verhoogde kans op het aantreffen van Ontplofbare Oorlogsresten. Relevant. Hoewel de meeste panden als zodanig geen onderdeel uitmaken van het onderzoeksgebied, laten ze wel zien op welke momenten er mogelijk grondroerende werkzaamheden plaats vinden.
Heden
-
-
VECTOR GIS-DATASETS
Tabel 10: Overzichtstabel contra-indicaties met verwijzingen naar (de omgeving van) het onderzoeksgebied.
203-023-VO-01
Pagina 56 van 84
5 AFBAKENING VERDACHT GEBIED Uitgaande van de indicaties en contra-indicaties vindt er een afweging plaats omtrent de indicatie VERDACHT/ONVERDACHT (in paragraaf 3.2 Overzichtstabel conflictperiode zijn de potentiële indicaties chronologisch uitgewerkt).
5.1
SAMENVATTING INDICATIES EN CONTRA-INDICATIES
Er zijn enkele aanwijzingen achterhaald dat de omgeving van het onderzoeksgebied betrokken is geweest bij oorlogshandelingen. Op basis van deze indicaties wordt er mogelijk verdacht gebied afgebakend op locaties waar mogelijk achtergebleven Ontplofbare Oorlogsresten worden verwacht. In het Vooronderzoek na-conflictperiode zijn op enkele locaties in het onderzoeksgebied contra-indicaties achterhaald. In onderstaande alinea worden deze bevindingen onder elkaar gezet. In het Vooronderzoek Conflictperiode is een indicatie achterhaald die aanleiding vormt tot de afbakening van verdacht gebied op het aantreffen van Ontplofbare Oorlogsresten. Het gaat om de onderstaande indicatie: -
Verdedigingswerk ‘A’ westzijde onderzoeksgebied. Via luchtfotoanalyse, de bunkerkaart uit het Nationaal Archief en de Defence Overprint is achterhaald dat zich in de directe nabijheid van het onderzoeksgebied enkele wapenopstellingen en een kazemat hebben gestaan. Op basis van het, op het gehele eiland Terschelling, grote aantal vondsten van gedumpte Duitse munitie worden deze werken in principe van een afbakening voorzien. Vooruitlopend op een eventuele afbakening acht ECG gezien de schaal en kwaliteit van de luchtopnames waarop de werken zijn waargenomen, een tolerantie van 5 meter voldoende om te compenseren voor eventuele geoafwijking. Deze buffer leidt er toe dat er geen verdacht gebied voor het huidige onderzoeksgebied afgebakend wordt. Deze conclusie wordt verder ondersteund door de achterhaalde grondroerende werkzaamheden in de na-conflictperiode welke hieronder nader toegelicht worden.
In het Vooronderzoek na-conflictperiode zijn enkele contra-indicaties achterhaald die aanleiding vormen om eventuele verdachte gebieden als onverdacht aan te merken tot de naoorlogs geroerde bodemlaag: -
Aanleg rotonde en wandelpromenade westzijde Willem Barentszkade In het onderzoek na-conflictperiode is achterhaald dat de Willem Barentszkade in de jaren 90 is heringericht. Hierbij is in de westzijde van het onderzoeksgebied een rotonde en wandelpromenade gerealiseerd. Deze bevindt zich in de directe omgeving van verdedigingswerk ‘A’. Gezien de aard van de werkzaamheden en het verdedigingswerk acht ECG de grond dermate geroerd dat het niet proportioneel en gerechtvaardigd is ter hoogte van deze contra-indicatie nog verdacht gebied te handhaven.
203-023-VO-01
Pagina 57 van 84
-
Vernieuwing haventerrein en Willem Barentszkade Op basis van naoorlogse luchtopnames en archiefmateriaal is achterhaald dat er naoorlogs diverse ingrijpende grondroerende werkzaamheden in een groot gedeelte van het onderzoeksgebied. Een groot gedeelte van deze werkzaamheden vond plaats na 1970. Zo hebben er baggerwerkzaamheden plaatsgevonden, is de kademuur vernieuwd, zijn er steigers geplaatst en/of vernieuwd en zijn de terreinen van de haven de Kom, de Veerhaven, de Werkhaven, het Kadeterrein Loodswezen en de Passantenhaven op diverse wijzen uitgegraven, vergroot en aangepast.
-
Kabels en Leidingen Aan de hand van de KLIC-melding is te zien dat in de naoorlogse periode kabels en leidingen zijn aangelegd aan de noordzijde van het onderzoeksgebied. Exacte maatvoering van deze grondwerkzaamheden is niet bekend bij ECG.
Vanwege de bovenstaande afweging is ervoor gekozen om geen verdacht gebied af te bakenen. Een horizontale en verticale afbakening van verdachte gebieden en een inventarisatie van te verwachten aan te treffen OO is niet van toepassing. Het onderzoeksgebied ‘Havenfront Terschelling’ is derhalve onverdacht op het aantreffen van Ontplofbare Oorlogsresten (zie bijlage 1).
AANNEMELIJKE OORZAKEN VOOR DE AANWEZIGHEID VAN ACHTERGEBLEVEN ONTPLOFBARE OORLOGSRESTEN
LUCHTAANVALLEN
Bombardement
Beschieting met boordwapens
Beschieting met raketten
Vliegtuigcrash/ Inslag V-wapen
GRONDGEVECHTEN (SECUNDAIRE GEVOLGEN)
Blindgangers (bijv. artillerie beschieting)
In stellingen achtergelaten, gedumpt of bedolven
MUNITIE VERNIETIGING
MILITAIR GEBRUIK
MUNITIE OPSLAG
Springputten en dergelijke
Militair oefenterrein
Munitie fabricage en/of opslag
Munitiedump of stort
Stationering militairen
Munitie inrichtingen
Munitiedump in water
Vliegveld
Incident munitieopslag
(afzinking)
Mijnenveld(en)
(explosie)
Vernielingsactiviteiten
Figuur 7: Schema met achterhaalde oorzaken/scenario’s voor indicaties betreffende de vermoedelijke aanwezigheid van OO op basis van de geraadpleegde bronnen.
203-023-VO-01
Pagina 58 van 84
6 LEEMTEN IN KENNIS ▪
Van eventuele meldingen of ruimingen van (vermoede) explosieven in of direct grenzend aan het onderzoeksgebied zijn over de periode 1940-1944 en 1948-1970 geen gegevens meer bekend bij de EOD en het SSA.
▪
Er heeft beperkte controle plaatsgevonden of de ontleende adresgegevens corresponderen met mogelijk in de loop van de jaren veranderde huisnummering, straatnamen of perceelindelingen.
▪
Bepaalde indicaties die zijn aangetroffen in literatuur en archiefstukken en meldingsrapportages van de EOD zijn niet te herleiden naar een specifieke locatie.
▪
ECG beschikt niet over de complete informatie aangaande de maatvoering van de waargenomen naoorlogse grondroerende werkzaamheden.
▪
Het onderzoeksgebied bevindt zich voor een groot gedeelte in (de omgeving van) water. Dit bemoeilijkt de luchtfotoanalyse.
▪
Een gedeelte van de werkzaamheden is uitgevoerd voor 1971. Bij deze werkzaamheden is niet achterhaald of er OO is aangetroffen.
▪
Van de achterhaalde tekeningen is niet met zekerheid vastgesteld of de werkzaamheden exact als in de tekening zijn uitgevoerd.
▪
Veel indicaties vermelden slechts ‘Op/Bij Terschelling’. Deze kunnen daarom niet specifiek naar het onderzoeksgebied herleid worden, maar kunnen mogelijk wel relevant zijn.
▪
Er zijn bij ECG geen luchtopnames voorhanden van de periode na de bevrijding. Leemten in kennis zijn daardoor niet uit te sluiten.
203-023-VO-01
Pagina 59 van 84
7 CONCLUSIE EN ADVIES ECG heeft een historisch vooronderzoek uitgevoerd naar de mogelijke aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten in het onderzoeksgebied ‘Havenfront Terschelling’. Het doel van deze studie is het verkrijgen van een gefundeerd antwoord op de volgende drie kernvragen: 1.
Is het onderzoeksgebied of een deel hiervan betrokken geweest bij oorlogshandelingen en potentieel verdacht (aanwijzingen/indicaties voor de aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten)? Op basis van literatuur- en archiefonderzoek, het ruimingenregister van de Explosieven Opruimingsdienst en luchtfoto-interpretatie zijn er binnen het onderzoeksgebied geen voldoende concrete en/of eenduidige indicaties/aanwijzingen achterhaald van oorlogshandelingen die zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van achtergebleven Ontplofbare Oorlogsresten. Het onderzoeksgebied ‘Havenfront Terschelling’ is derhalve onverdacht op het aantreffen van Ontplofbare Oorlogsresten (zie bijlage 1 voor de Bodembelastingkaart Ontplofbare Oorlogsresten).
2.
Zijn er gebeurtenissen (contra-indicaties) die een aanwijzing vormen dat een (mogelijk verdacht) gebied of een deel hiervan als onverdacht kan worden aangemerkt (aanwijzingen contra-indicaties)? Binnen het onderzoeksgebied zijn een aantal relevante contra-indicaties achterhaald. Deze hebben vooral betrekking op de uitbreidingen van de diverse haventerreinen en de eerdere herinrichting van de Willem Barentszkade.
3.
Indien er sprake is van verdacht gebied wat is dan de hoofdsoort, subsoort, kaliber/gewichtsklasse, nationaliteit, hoeveelheid en verschijningsvorm van de vermoede Ontplofbare Oorlogsresten (en voor de hoofdsoort afwerpmunitie tevens het type ontstekingsinrichting en het verwachte aantal)? Niet van toepassing
De geplande werkzaamheden binnen het onderzochte gebied kunnen op reguliere wijze worden uitgevoerd. Daarbij wordt u aangeraden om uitvoerende partijen op de hoogte te stellen van het Protocol Toevalsvondst dat in Bijlage 4 van deze rapportage is opgenomen. Mochten er onverhoopt munitie(gelijkende) objecten worden aangetroffen in de als ‘onverdacht’ geclassificeerde gebieden, dan wordt u geadviseerd om de werkzaamheden direct te staken en de lokale politie van deze vondst op de hoogte te stellen. Tevens wordt u geadviseerd om in een dergelijke situatie contact op te nemen met een CS-OOO gecertificeerd opsporingsbureau en gezamenlijk vast te stellen of opschaling noodzakelijk is. ECG is in bezit van het CS-OOO certificaat en kan meedenken in een vervolgtraject en eventueel diensten verzorgen bij opsporingswerkzaamheden. 203-023-VO-01
Pagina 60 van 84
8 OVERZICHT VAN GEHANTEERDE BRONNEN Archiefinstellingen: ▪ Bundesarchiv-Militärarchiv te Freiburg im Breisgau ▪ Explosieven Opruimingsdienst van het ministerie van Defensie te Rijswijk en Soesterberg ▪ Gemeentearchief Terschelling te West-Terschelling ▪ Library and Archives te Ottawa ▪ Luchtfotoarchief Topografische Dienst/Kadaster te Zwolle ▪ Museum ’t Behouden Huys te West-Terschelling ▪ Nationaal Archief te Den Haag ▪ National Archives te London ▪ National Collection of Aerial Photography/The Aerial Reconnaissance Archives/Royal Commission on the Ancient and Historical Monuments of Scotland te Edinburgh ▪ Nederlands Instituut voor Militaire Historie te Den Haag ▪ NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust – en Genocidestudies te Amsterdam ▪ Noord-Hollands Archief te Haarlem ▪ Semi-Statisch Informatiebeheer Defensie te Rijswijk ▪ Speciale Collecties Wageningen University te Wageningen ▪ Tresoar te Leeuwarden Literatuur: ▪ Amersfoort, H. en P. Kamphuis, eds., Mei 1940. De strijd op Nederlands grondgebied (2e druk; Den Haag, 2005). ▪ Buck, P. de, e.a., Zoeken en schrijven. Handleiding bij het maken van een historisch werkstuk (Rijswijk, 1992). ▪ Molenaar, F.J., De luchtverdediging in de meidagen 1940 (2 delen, Den Haag, 1970). ▪ Nierstrasz, V.E., De strijd op Nederlands grondgebied tijdens de Wereldoorlog II; Hoofddeel III.
Nederlands verdediging tegen de Duitse aanval van 10 – 19 mei 1940; (Den Haag 1955). ▪ Leeuwen, P. van. Terschelling en zijn rol in de luchtoorlog: “Tigerstelling” (Barchem, 1995). ▪ Pater, B.C. de en B. Schoenmaker, Grote Atlas van Nederland, 1930-1950: Comprehensive atlas of the Netherlands, 1930-1950 (Zierikzee 2005). ▪ Ruyg, A., ‘Bomaanvallen op zendstation ’t Noord en hoe het allemaal ging’, in: Schylge myn Lântse 6 (December 1989). ▪ Sectie Krijgsgeschiedenis van den Generalen Staf, Beknopt overzicht van de krijgsverrichtingen der Koninklijke Landmacht 10-19 mei 1940 (Leiden, 1947). ▪ Wal, H. van de, ‘De bom in de Schoolstraat’, in: Schlyge myn Lântse, 21 (Juni 2000). ▪ Wal, J. van der. ‘We vieren het pas als iedereen terug is’- Terschelling in de Tweede Wereldoorlog (Proefschrift Rijksuniversiteit Groningen, 2007). ▪ Woensel, J. van, Vrij van explosieven. De geschiedenis van het EOCKL en zijn voorgangers, 1944-2004 (Meppel, 2004). ▪ Zwanenburg, G.J., En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 1 (Den Haag, 1990).
203-023-VO-01
Pagina 61 van 84
▪ Zwanenburg, G.J., En nooit was het stil…: kroniek van een luchtoorlog, deel 2 (Den Haag, 1993). Niet gedrukte literatuur: ▪ Eversteijn, T., Bombardementen en verongelukte vliegtuigen in de periode 10 mei 1940 – 5 mei 1945 (z.p. z.j.). Overige rapportages/documentatie: ▪ Beoordelingsrichtlijn voor het Procescertificaat “Opsporen Conventionele Explosieven (OCE)” versie 2007-02 (8 februari 2007). ▪ Cator, E., I. Helsloot en J. Vlagsma, Afbakening van verdacht gebied in Amsterdam. Onderzoek naar nieuwe, onderbouwde methodes voor de afbakening van CE-verdachte gebieden (Nijmegen juni 2017). ▪ Cator, E. en I. Helsloot, Methodiek afbakening van verdacht gebied. Een beschrijving van de ‘Amsterdamse’-methode voor de afbakening van CE-verdachte gebieden (Renswoude juni 2018). ▪ Deltares, Voorschrift Bepaling Indringingsdiepte Conventionele Explosieven Kenmerk 1210497-000-GEO-0002 (z.p. 2014). ▪ Dijkstra, M., Een op risico gebaseerde methode om de efficiëntie en effectiviteit van Conventionele Explosieven onderzoeken van RWS projecten te verbeteren (Delft 2013). ▪ ECG, ‘Waterpracht Terschelling’, Kenmerk: 233-022-VO-01, versie definitief (8 augustus 2022) ▪ EOD, ‘UO nummers EODD 31-12-2022’. ▪ Helsloot, I., en G. van Melick, Uitgangspunten voor een redelijk en proportioneel CE beleid. Inclusief een concept besluitvormingsstroomschema (z.p. augustus 2016).
▪ Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Jaarplan 2015 (Den Haag 2014). ▪ Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Sectorrapportage Grond-, Weg- en Waterbouw 2014 (z.p. juli 2015). ▪ Operational Research Section (M.A.A.F.) report No. N. 14, The Bombing accuracy of M.A.T.A.F. fighter-bomber aircraft on rail lines and rail bridges (22nd august 1944). ▪ Raad voor de financiële verhoudingen, Herziening bommenregeling gemeentefonds Kenmerk 2015-0000363666 (26 juni 2015). ▪ Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2019, nr. 471, Besluit 28 november 2019 ▪ Staatscourant Nr. 58198, 13 november 2020, Bekendmaking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 3 november 2020, 2019-0000170973, houdende Publicatie van het Certificatieschema voor het Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten. ▪ Stichting Veilig Omgaan met Explosieve Stoffen (VOMES), Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten, kenmerk CS-VROO-01, versie 21-01, Status definitief, Goedkeuringsdatum 08-02-2021. ▪ Stichting Veilig Omgaan met Explosieve Stoffen (VOMES), certificatieschema voor het opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten dat is vastgesteld door de stichting veilig omgaan 203-023-VO-01
Pagina 62 van 84
▪
▪ ▪ ▪
▪
met Explosieve stoffen als bedoeld in artikel 1.5a, onderdeel c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Stichting Veilig Omgaan met Explosieve Stoffen (VOMES), Nadere bepalingen voor het beoordelen van bronnenmateriaal en afbakening van verdacht gebied behorende bij het Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten, kenmerk CS-VROO-02, versie 21-01, Status definitief, Goedkeuringsdatum 08-02-2021. TNO, Inventarisatie van WOII vliegtuigbom ontstekers in NL bodem, Rapportnummer R10074 (Rijswijk 16-10-2015) Bijlage 1 C/19. Vereniging voor Explosieven Opsporing, Handreiking vooronderzoeken BRL-OCE versus WSCS-OCE. Notitie 3VEO-VOO.05667.V (Geldermalsen 16 april 2013). Werkveld specifiek Certificatieschema voor het Systeemcertificaat Opsporen Conventionele Explosieven (WSCS-OCE: 2012, versie 1), Staatscourant 2012 nr. 4230 (Den Haag 2012) 106144. Werkveld Specifiek certificatie Schema voor het Opsporen Conventionele Explosieven zoals opgenomen in bijlage XII behorend bij Artikel 4.17f van de Arbeidsomstandighedenregeling.
Internet: ▪ http://archieven.nl ▪ http://delpher.nl ▪ http://dotkadata.nl ▪ https://echodelta.net/mbs/eng-translator.php ▪ http://explosievenopsporing.nl ▪ http://inspectieszw.nl ▪ https://www.bac-lac.gc.ca/eng/Pages/home.aspx ▪ http://maps.bing.com ▪ http://maps.google.nl ▪ http://topotijdreis.nl ▪ http://vergeltungswaffen.nl/ ▪ http://verliesregister.studiegroepluchtoorlog.nl ▪ https://vomes.nl
203-023-VO-01
Pagina 63 van 84
Archieftoegangen Bundesarchiv-Militärarchiv RL 2-II GENERALSTAB DER LUFTWAFFE/LUFTWAFFENFÜHRUNGSSTAB INV.NR.: OMSCHRIJVING: 4 5. Abteilung (Ic; Feindaufklärung, Abwehr, geistige Betreuung) 4.1 Lagemeldungen, Lageberichte 205 Lageberichte Nr.246-Nr.258, 9. Mai 1940 – 21. Mai 1940 206
Lageberichte Nr.259-Nr.264, 22. Mai 1940 – 27. Mai 1940
207
Lageberichte Nr.265-Nr.270, 28. Mai 1940 – 1. Juni 1940
208
Lageberichte Nr.271-Nr.276, 3. Juni 1940 – 7. Juni 1940
209
Lageberichte Nr.277-Nr.282, 9. Juni 1940 – 13. Juni 1940
210
Lageberichte Nr.283-Nr.290, 15. Juni 1940 – 21. Juni 1940
211
Lageberichte Nr.292-Nr.298, 23. Juni 1940 – 29. Juni 1940
211a
1. Juli 1940 – 5. Juli 1940
212
Lageberichte Nr.305-Nr.317, 7. Juli 1940 – 19. Juli 1940
213
Lageberichte Nr.319-Nr.330, 21. Juli 1940 – 1. Aug. 1940
214
Lageberichte Nr.375-Nr.382, 15. Sept. 1940 – 22. Sept. 1940
215
Lageberichte Nr.383-Nr.391, 23. Sept. 1940 – 1. Okt. 1940
216
Lageberichte Nr.393-Nr.403, 3. Okt. 1940 – 13. Okt. 1940
217
Lageberichte Nr.404-Nr.414, 14. Okt. 1940 – 24. Okt. 1940
218
Lageberichte Nr.415-Nr.425, 25. Okt. 1940 – 4. Nov. 1940
219
Lageberichte Nr.426-Nr.434, 5. Nov. 1940 – 13. Nov. 1940
220
Luftlageberichte Nr.435-Nr.440, 14. Nov. 1940 – 19. Nov. 1940
221
Luftlageberichte Nr.441-Nr.447, 20. Nov. 1940 – 26. Nov. 1940
222
Luftlageberichte Nr.448-Nr.454, 27. Nov. 1940 – 3. Dez. 1940
223
Luftlageberichte Nr.455-Nr.463, 4. Dez. 1940 – 12. Dez. 1940
224
Luftlageberichte Nr.464-Nr.471, 13. Dez. 1940 – 21. Dez. 1940
225
Luftlageberichte Nr.472-Nr.479, 22. Dez. 1940 – 31. Dez. 1940
226
Luftlageberichte Nr.480-Nr.488, 1. Jan. 1941 – 9. Jan. 1941
227
Luftlageberichte Nr.489-Nr.497, 10. Jan. 1941 – 18. Jan. 1941
228
Luftlageberichte Nr.498-Nr.510, 19. Jan. 1941 – 31. Jan. 1941
229
Luftlageberichte Nr.511-Nr.519, 1. Feb. 1941 – 9. Feb. 1941
230
Luftlageberichte Nr.520-Nr.528, 10. Feb. 1941 – 18. Feb. 1941
231
Luftlageberichte Nr.529-Nr.538, 19. Feb. 1941 – 28. Feb. 1941
232
Luftlageberichte Nr.539-Nr.546, 1. März 1941 – 8. März 1941
233
Luftlageberichte Nr.547-Nr.554, 9. März 1941 – 16. März 1941
234
Luftlageberichte Nr.555-Nr.559, 17. März 1941 – 21 März 1941
235
Luftlageberichte Nr.560-Nr.562, 22. März 1941 – 24. März 1941
236
Luftlageberichte Nr.563-Nr.569, 25. März 1941 – 31. März 1941
237
Luftlageberichte Nr.570-Nr.575, 1. Apr. 1941 – 6. Apr. 1941
238
Luftlageberichte Nr. 577-Nr. 583, 8. Apr 1941 – 14. Apr. 1941
239
Luftlageberichte Nr.584-Nr.591, 15. Apr. 1941 – 22 Apr. 1941
240
Luftlageberichte Nr.592 – Nr.599, 23. Apr. 1941 – 30. Apr. 1941
203-023-VO-01
Pagina 64 van 84
RL 2-II GENERALSTAB DER LUFTWAFFE/LUFTWAFFENFÜHRUNGSSTAB INV.NR.: OMSCHRIJVING: 241 Luftlageberichte Nr.600 – Nr.605, 1. Mai 1941 – 6. Mai 1941 242
Luftlageberichte Nr.606 – Nr.613, 7. Mai 1941 – 14. Mai 1941
243
Luftlageberichte Nr.614 – Nr.625, 15. Mai 1941 – 26. Mai 1941
244
Luftlageberichte Nr.626 – Nr.637, 27. Mai 1941 – 7.Juni 1941
245
Luftlageberichte Nr.638 – Nr.645, 8. Juni 1941 – 15. Juni 1941
246
Luftlageberichte Nr.646 – Nr.655, 16. Juni 1941 – 25. Juni 1941