Bijlage 2 - Nieuwe bestuurlijke verhoudingen in het openbaar onderwijs Terschelling Januari 2012
Tekst van het document
Artikel 10 Interne verantwoording De organen en functionarissen van het bevoegd gezag (ten miste het schoolbestuur, het intern toezichtsorgaan en de directeuren) verantwoorden zich tegenover de medezeggenschapsorganen, het personeel en de ouders/verzorgers over de uitoefening van hun taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
27
Artikel 11 Horizontale dialoog 1. Teneinde de opdracht optimaal te realiseren, dragen het schoolbestuur en het intern toezisorgaan zorg voor een beleid dat voorziet in een dialoog met belanghebbenden op alle relevante niveaus van de organisatie. 2. In het beleid wordt in ieder geval aandacht besteed aan: − Wie ten minste als belanghebbenden van de organisatie worden beschouwd; − De wijze waarop de belanghebbenden worden betrokken in de beleidscyclus; − De wijze waarop informatie wordt verstrekt (en resultaten worden teruggekoppeld). Artikel 12 Jaarverslag 1. In het jaarverslag leggen het schoolbestuur en het intern toezichtsorgaan verantwoording af over de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de interne verantwoording en de horizontale dialoog. 2. In het jaarverslag wordt voorts gemeld: − Hoe de functies bestuur en intern toezicht worden uitgeoefend, welke organen daartoe zijn ingesteld, wie deel uitmaakt van de betreffende organen, wie welke taken heeft en wat de werkwijze is; − In hoeverre de instelling voldoet aan de bepalingen uit deze code en de uitleg voor eventuele afwijkingen; − Welke resultaten op organisatorisch en school; niveau zijn behaald ten aanzien van strategisch beleid, gestelde doelen en leerresultaten.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
28
Hoofdstuk 3: Schoolbestuur Artikel 13 Taken en bevoegdheden schoolbestuur 1. Het schoolbestuur draagt zorg voor de besturing van de organisatie waaronder wordt verstaan het uitvoering geven aan de besturingsfilosofie en de opdracht van het bevoegd gezag, het geven van richting, de verwerving van de nodige middelen, het beseden en beheren daarvan en het adequaat doen functioneren van de organisatie in het algemeen. 2. Het schoolbestuur beschikt over de benodigde bevoegdheden ter uitvoering van de toebedeelde bestuurstaak. 3. Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor uitoefening van de aan hem toebedeelde bevoegdheden en kan daarop worden aangesproken. 4. Het schoolbestuur draagt zorg voor naleving van de code binnen de organisatie. Artikel 14 Leidraad schoolbestuur 1. Bij de vervulling van zijn taak richt het schoolbestuur zich naar de opdracht als gesteld in artikel 7 van de code. 2. Het schoolbestuur handelt en besluit rechtmatig, in overeenstemming met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en draagt zorg voor een integere bedrijfsvoering. Artikel 15 Strategisch beleid 1. Het schoolbestuur draagt zorg voor een actueel strategisch beleid met heldere doelen die gelden als leidraad voor de organisatie. 2.
In het strategisch beleid maakt het schoolbestuur ondermeer duidelijk hoe strategisch beleid op organisatieniveau zijn vertaling vindt naar kwalitatief goed onderwijs en leerresultaten voor kinderen. 3. Het schoolbestuur en het intern toezichtsorgaan evalueren regelmatig de realisatie van het strategisch beleid en de geformuleerde doelen binnen een vaste cyclus voor planning & control. 4. Het schoolbestuur onderzoekt periodiek en op gestructureerde wijze welke onzekere factoren het realiseren van zijn strategisch beleid en doelen in de weg kunnen staan. Artikel 16 Cultuur 1. In de besturing van de organisatie richt het schoolbestuur zich niet alleen op de resultaten, maar ook op de wijze waarop deze tot stand komen (zoals cultuur, processen en condities). 2. Het schoolbestuur bevordert een organisatiecultuur binnen de organisatie die het mogelijk maakt dat werknemers en andere belanghebbenden melding durven maken van door hen vermoede onregelmatigheden binnen de organisatie. Daarbij behoort bescherming van rechtspositie van degene die dergelijke zaken aan de orde stelt. Artikel 17 Informatie Het schoolbestuur draagt er zorg voor dat het intern toezichtsorgaan beschikt over de informatie die vereist is voor de uitoefening van intern toezicht en horizontale dialoog.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
29
Artikel 18 Inrichting en functioneren van het schoolbestuur 1. Het schoolbestuur is zodanig ingericht dat het zijn taak naar behoren kan uitoefenen. 2. Indien het schoolbestuur uit meerdere personen bestaat, wordt duidelijk omschreven wie welke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden heeft. 3. Het schoolbestuur treedt als eenheid naar buiten. 4. Het schoolbestuur vraagt feedback op het eigen functioneren. 5. Het schoolbestuur evalueert regelmatig zijn functioneren.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
30
Hoofdstuk 4: Intern toezichtsorgaan Artikel 20 Taken en bevoegdheden intern toezichtsorgaan 1. Het intern toezichtsorgaan houdt toezicht op het functioneren van de organisatie in het algemeen en het schoolbestuur in het bijzonder. 2. Het intern toezichtsorgaan is belast met vaststelling dan wel goedkeuring van de begroting, het jaarverslag, (inclusief het bestuursverslag en de jaarrekening) en het strategisch beleid en eventueel andere daartoe binnen het bevoegd gezag daartoe aangewezen besluiten. 3. Het intern toezichtsorgaan draagt zorg voor aanwijzing van de accountant die belast is met de controle van de jaarrekening. 4. Het intern toezichtsorgaan draagt zorg voor de inrichting van het bevoegd gezag, ten minste door middel van een goedkeuringsrecht ten aanzien van statutenwijziging. 5. Indien sprake is van een bezoldigd schoolbestuur dan wel een of meer functionarissen die op basis van volmacht, mandaat feitelijk zijn belast met uitoefening van bestuurlijke taken en bevoegdheden, dan vervult het intern toezichtsorgaan het werkgeverschap ten opzicht van deze functionarissen. Daaronder is ten miste begrepen uitoefening van bevoegdheden ten aanzien van benoeming, schorsing, ontslag en beloning. Ten aanzien van de in een dergelijke situatie toe te passen beloning, houdt het intern toezichtsorgaan zich aan een daartoe door de PO-Raad vast te stellen beloningsleidraad. 6.
Het intern toezichtsorgaan staat het schoolbestuur met raad terzijde en fungeert als klankbord. Artikel 21 Leidraad intern toezichtsorgaan 1. Bij de vervulling van zijn taak richt het intern toezichtsorgaan zich naar de opdracht van het eigen bevoegd gezag alsmede naar de opdracht als gesteld in artikel 7 van deze code. 2. Aandachtspunten van het intern toezichtsorgaan zijn ten minste: − De kwaliteit van het door de organisatie geboden onderwijs; − Rechtmatig en integer bestuur en beheer van de organisatie; − Rechtmatige verwerving en doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van middelen; − Naleving van de code. 3. Het intern toezichtsorgaan stelt een toezichtskader vast waarin wordt geëxpliciteerd op welke criteria het intern toezichtsorgaan het intern toezicht zich voorts in het bijzonder richt. Artikel 22 Informatie Het intern toezichtsorgaan formuleert zijn informatiebehoefte ten opzichte van het schoolbestuur, doch voorziet ook zichzelf van de benodigde informatie. Artikel 23 Inrichting en functioneren 1. Voor de leden van het intern toezichtsorgaan worden profielen opgesteld die zijn afgestemd op hun taken en bevoegdheden. Deze profielen worden openbaar gemaakt. 2. Ten aanzien van het intern toezichtsorgaan wordt duidelijk omschreven wie welke taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden heeft. 3.
Leden van het intern toezichtsorgaan hebben een van tevoren vastgesteld zittingstermijn, waarbij is geregeld hoe wordt gehandeld aan het einde van deze termijn en dat herbenoeming slechts een beperkt aantal malen aan de orde kan zijn. 4. Het intern toezichtsorgaan treedt als een eenheid naar buiten. 5. Het intern toezichtsorgaan is verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn eigen functioneren en evalueert dat regelmatig.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
31
Artikel 24 Onafhankelijkheid 1. Ieder lid van het intern toezichtsorgaan dient zich ten opzichte van de medeleden, het schoolbestuur en ieder deelbelang van de organisatie onafhankelijk en kritisch te kunnen opstellen. Dit geldt derhalve ook voor leden van het intern toezichtsorgaan die op basis van enige voordracht zijn benoemd. 2. Tot het intern toezichtsorgaan wordt niet toegelaten iemand die wegens de vervulling van een bestuurs- of toezichtsfunctie bij een andere organisatie bij een andere organisatie in dezelfde sector en dezelfde regio met onverenigbare belangen geconfronteerd kan worden. 3. Iedere schijn van belangenverstrengelingen tussen de organisatie en het intern toezicht wordt voorkomen. Artikel 25 Vergoeding 1. Het intern toezichtsorgaan bepaalt de vorm en de hoogte van de eigen vergoeding. Het intern toezichtsorgaan richt zich daarbij naar een daartoe door de PO-Raad vast te stellen leidraad. 2. Het intern toezichtsorgaan maakt de vergoedingsregeling openbaar en verantwoordt deze jaarlijks in de jaarrekening.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
32
Hoofdstuk 5: Slotbepalingen Artikel 26 Invoering van de code 1. Deze code treedt per 1 augustus 2010 in werking. 2. Deze code geldt voor twee jaar. De PO-Raad besluit in 2011 omtrent verlenging van de geldigheidsduur van deze code, al dan niet in gewijzigde vorm.
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
33
BIJLAGE 7. UITGANGSPUNTEN
NIEUWE BESTUURLIJKE VERHOUDINGEN IN HET OPENBAAR ONDERWIJS TERSCHELLING januari 2012
34