bijlage 1 Water- en rioleringsprogramma 2025-2029 inclusief aansluitverordening
Tekst van het document
4
De informatie is afkomstig van en gebaseerd op informatiepunt leefomgeving https://iplo.nl/thema/water/beleid-regelgeving-water/ en op de kennisbank van Rioned https://www.riool.net/juridisch-en-beleid , https://www.omgevingsweb.nl/nieuws/water-onder-deomgevingswet/ https://www.omgevingsweb.nl/nieuws/water-onder-de-omgevingswet/ 5 De gemeentelijke watertaken zijn de voormalige gemeentelijke zorgplichten.
57
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Tabel 13, Meest relevante wet- en regelgeving voor het stedelijk waterbeheer (aangepast op basis van Rioned, https://www.riool.net/wet-en-regelgeving-stedelijk-waterbeheer)
Overheid
Milieubeheer
Waterbeheer
Ruimtelijke ordening en bouwen
Overige richtlijnen en wetten
Europa
Richtlijn stedelijk afvalwater
Kaderrichtlijn Water
n.v.t.
INSPIRErichtlijn
Omgevingswet Wet milieubeheer Gemeentewet
Omgevingswet Waterwet Waterschapswet
Omgevingswet Woningwet
Algemene wet bestuursrecht Burgerlijk Wetboek Drinkwaterwet Wet publiek gezondheid WIBON
Rijk Wetten
AmvB’s Omgevingswet
Ministeriele regeling Provincie Gemeente Waterschap Overig
B.1
Opmerkingen
Omgevingsbesluit (Ob) Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) Besluit bouwerwerken leefomgeving (Bbl) Omgevingsregeling Omgevingsverordening Omgevingsplan n.v.t.
Omgevingsverordening Omgevingsplan Waterschapsverordening Bestuursakkoord Water
Omgevingsverordening Omgevingsplan n.v.t.
n.v.t. n.v.t.
Europees richtlijnen voor het stedelijk waterbeheer
De waterregelgeving is voor de Europese Unie voor een groot deel gezamenlijk vastgesteld. Nederland is verplicht deze regelgeving op te nemen in de Nationale wet- en regelgeving. Voor het stedelijk waterbeheer zijn de belangrijkste richtlijnen: • Kaderichtlijn Water (KRW); • Richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater; • Richtlijn inzake Infrastructuur voor Ruimtelijke Informatie in de Europese Gemeenschap (INSPIRE). De KRW is een van de belangrijkste milieu richtlijnen voor water. Het doel van de KRW is om de watervoorraden en de waterkwaliteit te beschermen en de gevolgen van overstromingen en droogte te beperken. De KRW bevat de verplichting om water duurzaam te beheren en lozingen te verminderen. De KRW is in Nederland uitgewerkt in de Omgevingswet en in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en in landelijke beleidsuitgangspunten, kaders en instrumenten. Zowel voor de Waddenzee als voor de polders op Terschelling is er een ecologische en kwaliteitsdoelstelling. Het betreft een resultaatsverplichting waar momenteel nog niet aan wordt voldaan. 58
De richtlijn inzake de behandeling van stedelijk afvalwater schrijft voor dat huishoudens en bedrijven hun afvalwater zo goed mogelijk opvangen en zuiveren met als doel een schoon milieu. De lidstaten moeten de voortgang monitoren en daarover rapporteren. De richtlijnen hiervoor zijn in Nederland opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl hoofdstuk 10). In januari 2024 hebben de Europese Commissie, het Europees Parlement en de Europese Raad (overleg van de leiders van de 27 Europese lidstaten) een akkoord bereikt over de herziening van de Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater. De richtlijn bevat een planverplichting voor het beheer van het stedelijk (afval)water. Het plan moet een beschrijving geven van het afvalwatersysteem, het functioneren tijdens droogweer en regen en inzicht geven in de emissies. Daarnaast moeten de beheerders het functioneren van het systeem gaan monitoren. De richtlijn moet nog vastgesteld worden door het Europees parlement en daarna worden geïmplementeerd door elke lidstaat. De INSPIRE-richtlijn verplicht overheidsinstanties in de Europese Unie tot het delen van “ruimtelijke gegevens”. Dit zijn gegevens die direct of indirect verwijzen naar een specifieke locatie of een specifiek geografisch gebied. Het doel van de richtlijn is het opzetten van een infrastructuur voor het delen van ruimtelijke gegevens voor het milieubeleid.
Voor gemeenten betekent dit dat de liggingsgegevens inclusief een aantal kenmerken van hun kabel- en leidingnetten 24 uur per dag, zeven dagen per week beschikbaar moeten zijn voor externe partijen. De INSPIRE-eisen zijn in Nederland vertaald in de WIBON (zie B.2.8) en de daarbij behorende regelgeving.
B.2
Nationaal wet- en regelgeving voor het stedelijk waterbeheer
B.2.1 Omgevingswet Per 1 januari 2024 is de omgevingswet van kracht. Hiermee zijn 26 wetten geïntegreerd waaronder delen van de Waterwet en de Wet milieubeheer die betrekking hadden op het stedelijk waterbeheer. De Omgevingswet heeft onder meer invloed op het lozen van afvalwater, het onttrekken of infiltreren van grondwater en andere activiteiten die invloed hebben op de waterkwaliteit, de waterkwantiteit, de waterveiligheid en de waterfuncties. De Omgevingswet regelt de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving. Kerninstrumenten en overige instrumenten De Omgevingswet harmoniseert de instrumenten van de verschillende wetten die in de Omgevingswet opgaan. De Omgevingswet maakt onderscheid tussen kerninstrumenten en overige instrumenten. Het stedelijk waterbeheer kan met de kerninstrumenten worden ingevuld De kerninstrumenten zijn: 1. Omgevingsvisies voor Rijk, provincies en gemeenten. 2. Programma's, waaronder het Water- en rioleringsprogramma (Wrp). 3. Decentrale regelgeving: omgevingsplan, waterschapsverordening en omgevingsverordening. 4. Algemene rijksregels: één wet, vier AMvB's en één Omgevingsregeling. 5. De integrale omgevingsvergunning en daarnaast de apart gebleven omgevingsvergunning voor wateractiviteiten. 6. Het projectbesluit.
59
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 In een omgevingsvisie worden op hoofdlijnen de huidige kwaliteit van de fysieke leefomgeving, de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied, en het integrale beleid voor de fysieke leefomgeving beschreven (art. 3.2 Ow). In de omgevingsvisie wordt de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed beschreven. De omgevingsvisie wordt uitgewerkt in programma's (onder andere in het Water- en rioleringsprogramma (Wrp))en bestuurlijke afspraken. Hierin staan de maatregelen en activiteiten die moeten worden uitgevoerd. Waar nodig of verplicht worden regels aan activiteiten verbonden. Die juridisch bindende regels – zoals algemene regels of vergunningplichten – worden opgenomen in het omgevingsplan, de waterschapsverordening en/of de omgevingsverordening. Het Wrp is opgenomen in de Omgevingswet als een facultatief rioleringsprogramma (art. 3.14 Ow). In de memorie van toelichting bij de Omgevingswet wordt gesteld: "Dit instrument stelt gemeenten in staat het beleid en de maatregelen die worden opgesteld om de taken op het gebied van stedelijk afvalwater (volgend uit de richtlijn stedelijk afvalwater), afvloeiend hemelwater en voor het treffen van grondwatermaatregelen na te komen en in samenhang te beschrijven.
Het stimuleert gemeenten het rioolstelsel op orde te houden en maakt aan burgers en bedrijven inzichtelijk wat zij op dit gebied van de gemeente kunnen verwachten. Ook bevordert het gemeentelijk rioleringsprogramma een goede beleidsafstemming tussen gemeenten en waterschappen en maakt het de besteding van de rioolheffing transparant." Decentrale regelgeving in het stelsel van de Omgevingswet De regels voor activiteiten in de fysieke leefomgeving stellen de decentrale overheden vast in één gebiedsdekkende regeling. Deze regels zijn te vinden in: • de omgevingsverordening voor de provinciale regel; • het omgevingsplan voor de gemeentelijke regels; • de waterschapsverordening voor de waterschapsregels. De omgevingsverordening (Provincie) bevat regels over bijvoorbeeld de ruimtelijke ordening, natuurbescherming en de bescherming van de grondwaterkwaliteit. De omgevingsverordening kan de volgende typen regels bevatten: 1. omgevingswaarden en beoordelingsregels voor vergunningaanvragen; bijvoorbeeld omgevingswaarden voor regionale waterkeringen en wateroverlast (inundatie vanuit oppervlaktewater); 2. rechtstreeks werkende regels (bindend voor burgers en bedrijven), zoals algemene regels en vergunningplichten; 3. instructieregels waaraan gemeenten en waterschappen gebonden zijn bij het maken van hun eigen omgevingsplan of waterschapsverordening; 4.
maatwerkregels ofwel generieke gebiedsgerichte regels die in afwijking van of in aanvulling op de algemene regels van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) zijn gesteld. Het omgevingsplan bevat de juridisch bindende regels over de fysieke leefomgeving. Dit is de juridische vertaling Het beleid van de omgevingsvisie en het Water- en rioleringsprogramma vertalen in bindende regels voor burgers en bedrijven. Voor de overgangsfase heeft het Rijk die regels uit de oude regelgeving overgenomen en toegevoegd aan het omgevingsplan en de waterschapsverordening (de zogenaamde “bruidsschat”). In de bruidsschat zijn regels opgenomen 60
voor activiteiten die het Rijk vroeger nog wel regelde, maar nu niet meer. Gemeenten en waterschappen moeten in de overgangsfase (tot eind 2029) hiervoor zelf regels opstellen. De waterschapsverordening is de opvolger van de Keur. De waterschapsverordening bevat onder meer regels voor activiteiten in of nabij watersystemen, lozingen in oppervlaktewaterlichamen en beperkingengebieden. Regels voor activiteiten zijn bijvoorbeeld regels en/of een vergunningplicht voor het aanleggen van een steiger, het dempen van een sloot, het onttrekken van grondwater en oppervlaktewater en het compenseren in het geval van nieuwe verharding. De lozingsregels zijn onderdeel vaan de “bruidsschat” en bevatten de lozingsregels uit de vroegere lozingsbesluiten, en die niet langer meer door het Rijk worden gesteld. Beperkingengebieden zijn de waterstaatswerken (waterkeringen, oppervlaktewaterlichamen, bergingsgebieden en ondersteunende kunstwerken) die in beheer van het waterschap zijn en de hierbij behorende beschermingszones. Het omgevingsplan en de waterschapsverordening moeten op elkaar worden afgestemd. Afstemming is in ieder geval nodig bij de regels over lozingen in de riolering en de bodem (gemeente) en in oppervlaktewater (waterschap), die via de bruidsschat aan het omgevingsplan en de waterschapsverordening worden toegevoegd.
Zowel het Rijk als de decentrale overheden kunnen een omgevingsvergunning verlenen voor activiteiten. De vergunningplichten van het Rijk staan in het Besluit activiteiten leefomgeving en het Besluit bouwwerken leefomgeving. De decentrale overheden regelen de vergunningplichten in het omgevingsplan (gemeente), de waterschapsverordening (waterschap) en de omgevingsverordening (provincie). Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bevat de regels over onder andere milieubelastende activiteiten en de daarbij horende lozingsactiviteiten in lozingen in bodem, riolering en oppervlaktewater. Daarnaast bevat het Bal de regels over activiteiten bij de rijkswateren. Denk bijvoorbeeld aan het bouwen in de uiterwaarden van de grote rivieren of aan of op het strand. In het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) staan de regels voor het bouwen, verbouwen en slopen van bouwwerken. Het Bbl bevat alleen technische eisen. De vergunningplicht voor bouwen die in het Bbl staat, wordt daarom ook wel de omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit genoemd. De beoordelingsregels (wanneer wordt de vergunning verleend of geweigerd) staan in hoofdstuk 8 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit wordt bijvoorbeeld alleen verleend als het bouwwerk voldoet aan de technische regels van het Bbl.
En de omgevingsvergunning voor de milieubelastende activiteit mag alleen worden verleend als het bedrijf voldoet aan de beste beschikbare technieken (BBT). Het Rijk, de provincie of het waterschap kunnen voor complexe projecten in de fysieke leefomgeving met een publiek belang (bijvoorbeeld de aanleg of versterking van een waterkering) projectbesluit vaststellen. Het projectbesluit kan alle verplichte toestemmingen bevatten die nodig zijn voor het project. Activiteiten die normaal gesproken vergunning- of meldingsplichtig zijn, kunnen worden meegeregeld in het projectbesluit. Het projectbesluit de regels van het omgevingsplan direct wijzigen als die regels in strijd zijn met die van het projectbesluit. Een projectbesluit moet worden goedgekeurd door de provincie.
61
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029
B.2.2 Nationaal Waterplan Het Nationaal Waterplan (NWP) is het Rijksplan voor het waterbeleid en het beheer van de rijkswateren en rijksvaarwegen voor de periode 2022-2027. Het NWP beschrijft welke maatregelen nodig zijn om Nederland ook in de toekomst veilig en leefbaar te houden. Belangrijke onderdelen van het NWP zijn de stroomgebiedbeheerplannen, het overstromingsrisicobeheerplan en het Programma Noordzee. Met de Gebiedsagenda’s Zuidwestelijke Delta, Waddengebied en IJsselmeergebied geeft het Rijk een integraal langetermijnperspectief voor de grote wateren, Waddenzee en Eems-Dollard. Belangrijke opgaven voor de Waddenzee en de Eems-Dollard zijn de duurzame bescherming van deze gebieden, het behoud en de ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied en goed onderhoud van vaargeulen voor de bereikbaarheid van de havens en eilanden. Daar wordt aan gewerkt via onder andere de Agenda voor het Waddengebied 2050. Overheden, natuurorganisaties, visserijorganisaties en de samenwerkende havens hebben voor het Waddengebied een gezamenlijk perspectief en een koers richting 2050 geformuleerd. Daarvoor is de Agenda voor het Waddengebied 2050 opgesteld. De Agenda bundelt ambities, doelen en strategieën van Rijk en regio en scherpt deze aan waar dat kan. Voor de nieuwe ontwikkelingen rond het Waddengebied benoemt de agenda de belangrijkste opgaven en bijbehorende dilemma’s.
De Agenda moet worden gezien als een leidend beleidskader voor betrokken partijen. De Agenda schetst voor de Waddenzee, de Waddenkust, de Waddeneilanden en het EemsDollard- gebied een perspectief voor 2050. Dit sluit nauw aan bij het perspectief in het Programma naar een Rijke Waddenzee, dat het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) heeft ontwikkeld om de natuur in de Waddenzee te ontwikkelen en het medegebruik te verduurzamen. Voor het Eems-Dollardgebied sluit het perspectief in de Agenda ook nauw aan bij de ambities in het meerjarig adaptief programma Eems-Dollard 2050
B.2.3 Nationaal Deltaprogramma, Deltaplan Ruimtelijke adaptatie In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie zijn zeven ambities opgenomen. Hierin staat hoe gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk het proces van ruimtelijke adaptatie willen versnellen en intensiveren. Het doel is om samen te zorgen dat Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is ingericht. Dit gaat op basis van 7 ambities: 1. Kwetsbaarheden in beeld 2. Risicodialogen en strategie 3. Uitvoeringsagenda opstellen 4. Meekoppelkansen benutten 5. Stimuleren en faciliteren 6. Reguleren en borgen 7. Handelen bij Calamiteiten
62
B.2.4 Bestuursakkoord Water Het bestuursakkoord Water (BaW) is in 2011 gesloten tussen het Rijk , de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Unie van Waterschappen (UvW) en de Vereniging van waterbedrijven in Nederland (Vewin). Het doel van het BaW is de doelmatigheid van het waterbeheer te vergroten, de samenwerking te verbeteren en kosten beheersbaar te houden. In 2018 zijn aanvullende afspraken gemaakt (Addendum BaW). Hier zijn afspraken gemaakt over: • Het ontwikkelen een gezamenlijke visie en aanpak om de kansen van de informatiesamenleving beter te benutten. • De risico’s van digitale bedreigingen te minimaliseren. • het waterbeheer verder te professionaliseren en de personele kwetsbaarheid te verminderen. • Het samenwerken bij de implementatie van de omgevingswet.
B.2.5 Wet Milieubeheer De wet Milieubeheer is niet in volledig opgegaan in de Omgevingswet en bevat bijvoorbeeld nog de voorkeursvolgorde voor het omgaan met afvalwater (art. 10.29a Wm). Gemeenten gebruiken deze voorkeursvolgorde om lozingsbeleid te ontwikkelen en om eisen aan lozingen te stellen. 1. Het ontstaan van afvalwater wordt voorkomen of beperkt. 2. Verontreiniging van afvalwater wordt voorkomen of beperkt. 3. Afvalwaterstromen worden gescheiden gehouden, tenzij het niet gescheiden houden geen nadelige gevolgen heeft voor een doelmatig beheer van afvalwater. 4. Huishoudelijk afvalwater en, voor zover doelmatig en kostenefficiënt, afvalwater dat daarmee wat biologische afbreekbaarheid betreft overeenkomt, wordt ingezameld en naar een rwzi getransporteerd. 5. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel 4 wordt, zo nodig na retentie of zuivering bij de bron, hergebruikt. 6. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel 4 wordt lokaal, zo nodig na retentie of zuivering bij de bron, in het milieu (de bodem of het oppervlaktewater) gebracht. 7. Ander afvalwater dan bedoeld in onderdeel 4 wordt naar een rwzi getransporteerd.
B.2.6 Gemeentewet De Gemeentewet biedt de gemeente met de rioolheffing (art. 228a) een adequaat instrument om haar watertaken te bekostigen. Belangrijk hierbij is dat de gemeente jaarlijks een begroting opstelt. Rioolheffing De rioolheffing (art. 228a) heeft het karakter van een bestemmingsheffing. De gemeente kan hiermee collectieve maatregelen bekostigen die zij noodzakelijk acht voor een doelmatig werkende riolering, en overige maatregelen voor hemel- en grondwater.
B.2.7 Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en Notitie investeringen, Waardering en Afschrijving Om de transparantie te vergroten heeft de commissie BBV richtlijnen opgesteld voor de bepaling van de rioolheffing. Deze regels verplichten gemeenten financieel verslag te leggen volgens een baten63
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 en lastenstelsel. Dit stelsel wijkt af van het eenvoudigere kasstelsel, waarbij uitgaven en inkomsten worden geboekt op het moment van de feitelijke betaling. Bij het baten- en lastenstelsel spreken we niet langer over uitgaven, maar over lasten. Lasten zijn in de tijd toegerekende uitgaven. In de notie riolering bevat richtlijnen die onderverdeeld zijn in ‘stellige uitspraken’ en ‘aanbevelingen’. Dat betekent dat gemeenten de stellige uitspraken in principe moeten volgen. Op basis van specifieke omstandigheden kán een gemeente hiervan afwijken. Maar dan moet zij dit motiveren en expliciet kenbaar maken in de begroting en jaarrekening. Bij aanbevelingen gaat het om uitspraken die steun en richting geven aan de praktijk.
B.2.8 WIBON De Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken (WIBON) is gericht op het voorkomen van graafschade aan kabels en leidingen te voorkomen door informatie uitwisseling. De INSPIRE eisen zijn opgenomen in de WIBON. Een van de verplichting uit de WIBON is het digitaal beschikbaar stellen van informatie over huisaansluitingen. In het overgangsrecht staat onder meer dat de registratie van huisaansluitingen door de gemeente pas verplicht is bij nieuwe aanleg, vervanging of renovatie.
B.2.9 Wet op de lijkbezorging en Besluit op de lijkbezorging De Wet op de lijkbezorging (Wlb) bevat bepalingen omtrent begraving. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen op grond van die wet regels worden gesteld over onder meer de inrichting van het graf en de afstand van de graven onderling. In het Besluit op de lijkbezorging (Blb) is daaraan gevolg gegeven. Uit de artikelen 40 en 41 Wlb kan worden afgeleid dat burgemeester en wethouders bevoegd gezag zijn met betrekking tot (bijzondere) begraafplaatsen. In het Besluit op de lijkbezorging, Paragraaf 4. De inrichting van een graf en de afstand tussen de graven onderling Artikel 5 staat: 1. De afstand tussen de graven onderling bedraagt ten minste dertig centimeter. 2. Boven de kist of het omhulsel bevindt zich een laag grond van ten minste vijfenzestig centimeter. 3. Ten hoogste drie lijken mogen boven elkaar worden begraven, mits boven elke kist of ander omhulsel een laag grond van ten minste dertig centimeter dikte wordt aangebracht, die bij een volgende begraving niet mag worden geroerd. Ten aanzien van de bovenste kist of het bovenste omhulsel is het tweede lid van toepassing. 4. De graven bevinden zich ten minste dertig centimeter boven het niveau van de gemiddeld hoogste grondwaterstand. 5. Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing op bestaande graven.
B.2.10 Drinkwaterwet De Drinkwaterwet en het drinkwaterbesluit bevatten de wettelijke regels voor de winning, de zuivering en de levering van drinkwater. In de Drinkwaterwet is een specifieke zorgplicht, gericht aan alle bestuursorganen opgenomen om te zorgen voor de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. Bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden moeten zij steeds rekening houden met het drinkwaterbelang.
64
B.2.11 NEN Naast wet- en regelgeving kunnen landelijke, Europese of internationale richtlijnen en normen van toepassing zijn op het stedelijk waterbeheer. De juridische status van deze richtlijnen en normen ('best practices') is anders dan die van wetgeving. Wetten en regels verwijzen soms wel naar normen. Meestal is de norm dan een hulpmiddel om te voldoen aan de wet en is deze niet verplicht. Maar de overheid kan er ook voor kiezen om de norm wél te verplichten. In dat geval is dit aangegeven in de wetgeving. NEN-normen Alle officiële normen voor producten en diensten in Nederland zijn te vinden bij het Nederlands Normalisatie-Instituut (afgekort als NEN). De Hoge Raad heeft zich in 2012 uitgesproken over de juridische status van deze normen. NEN-normen waarnaar wetgeving verwijst, zijn niet aan te merken als algemeen verbindende voorschriften. Daarmee hoeven deze normen niet te voldoen aan de vereisten van de Bekendmakingswet en vallen ze onder de bescherming van het auteursrecht. Er zijn productnormen en systeemnormen.
Enkele belangrijke normen voor de riolering als systeem zijn: • NEN 3215: gebouwriolering en buitenriolering binnen de perceelgrenzen; • NTR 3216: riolering van bouwwerken – richtlijnen voor ontwerp, uitvoering en beheer; • NPR 3218 (diverse delen): buitenriolering; • NEN 7801: rioolrenovatie; • NEN-EN 13508-2: onderzoek en beoordeling van de buitenriolering – deel 2: coderingssysteem voor visuele inspectie.
B.3
Provinciale en regionale richtlijnen
B.3.1 Omgevingsvisie Provincie Fryslân heeft in de Omgevingsvisie ‘De Romte Diele’ (2020) de ambitie voor de Friese leefomgeving beschreven. Dit omvat de ambitie om veranderingen in het klimaat te kunnen opvangen en een gezond grond- en oppervlaktewatersysteem te behouden. Momenteel werkt de provincie aan een nieuwe provinciale omgevingsvisie. Deze is naar verwachting in 2026 gereed. Met De romte diele wil de provincie wil extra inzetten op vier urgente, integrale opgaven: 1. Fryslân vitaal, leefbaar en bereikbaar houden; 2. Energietransitie met kracht voortzetten; 3. Fryslân klimaat adaptief inrichten; 4. Versterken van de biodiversiteit. De leidende principes hierbij zijn: • Duurzaam ruimtegebruik; • Gezondheid; • Ruimtelijke kwaliteit; • Identiteit en erfgoed.
65
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Investeringskader Wadden Het interprovinciale beleid voor het Wadden(zee) gebied is vastgelegd in ‘Wadden van allure’. De provincies Groningen, Noord Holland en Fryslân hebben in aanvulling daarop een gezamenlijk Investeringskader Waddengebied (IKW) opgesteld. Het doel van het IKW is verduurzaming van de economie en versterking van de ecologische kwaliteiten van het Waddengebied. In het IKW zijn zes belangrijke opgaven benoemd: Waddenzee, havenontwikkeling en natuurverbetering, versterken en vermarkten werelderfgoed, vitale kust en Afsluitdijk, Eems-Dollardgebied in balans, en Eilanden op eigen kracht. Bij eilanden op eigen kracht gaat het vooral om het zoveel mogelijk zelfvoorzienend worden op het gebied van energie, water en grondstoffen. Ingezet wordt onder andere op verduurzaming van mobiliteit, landbouw, bestaande bebouwing (inclusief vakantieverblijven) en duurzaam toerisme. In de Agenda voor het Waddengebied zijn de volgende hoofddoelen opgenomen voor het Waddengebied: • In 2050 is het Waddengebied veilig, vitaal en veerkrachtig. Veilig doordat we tijdig antiperen op de gevolgen van klimaatverandering en zeespiegelstijging. Vitaal doordat wonen, werken, onderwijs en zorg mogelijk blijven, op de eilanden en langs de kust, en doordat economische sectoren excelleren in de context van Werelderfgoed Waddenzee.
Veerkrachtig doordat robuuste natuur en het landschap van wereldklasse de effecten van klimaatverandering, duurzaam gebruik en nieuwe ontwikkelingen kunnen opvangen. Binnen deze doelstellingen is de hoofddoelstelling voor de Waddenzee: een duurzame bescherming en ontwikkeling van de Waddenzee als natuurgebied en het behoud van het unieke open landschap. Daarbij gaat het specifiek om de duurzame bescherming en/of een zo natuurlijk mogelijke ontwikkeling van: • de waterbewegingen en de hiermee gepaard gaande geomorfologische en bodemkundige processen; • de kwaliteit van water, bodem en lucht. De water- en bodemkwaliteit dient zodanig te zijn dat verontreinigingen slechts een verwaarloosbaar effect hebben op flora en fauna; • de flora en de fauna; en het behoud van: • de landschappelijke kwaliteiten, met name rust, weidsheid, open horizon en natuurlijkheid inclusief duisternis.
B.3.2 Regionaal Waterprogramma 2022-2027 Provincie Fryslân heeft in de Omgevingsvisie ‘De Romte Diele’ de ambitie voor de Friese leefomgeving beschreven. Als doorvertaling daarvan werken Provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân in de planperiode van dit RWP samen aan een Blauwe Omgevingsvisie (BOVI). De BOVI voor Friesland is bedoeld als een integrale lange termijn visie voor de toekomst van het Friese watersysteem en het beheer ervan, inclusief de ruimtelijke implicaties. De visie geeft aan hoe het watersysteem en het waterbeheer richtinggevend kunnen zijn bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Het RWP heeft samenhang met de andere Omgevingsprogramma’s. Relevante relaties worden in de beleidsmatige hoofdstukken bij de betreffende onderwerpen aangegeven. Daarnaast wordt in interprovinciaal verband (IPO) afgestemd over ons waterbeleid. 66
Duurzaam peilbeheer De nadruk ligt op maatregelen voor waterconservering en vergroten van de zoetwatervoorraad en het tegengaan van verzilting. De zoetwaterbellen op de Waddeneilanden zijn kwetsbaar en door klimaatverandering kan ook de verzilting toenemen. Voor de vrij afstromende delen op de Waddeneilanden is een GGOR vastgesteld in 2006. In het project toekomst bestendig polders wordt onderzoek gedaan naar handelingsperspecteiven; Verzilting Op de Waddeneilanden stroomt zout kwelwater onder de dijk door naar de polders. In lage gebieden komt dit zoute grondwater omhoog (zoute kwel). Hierdoor komen zowel in de bodem als in watergangen verhoogde zoutgehaltes voor. De landbouw kan hier schade van ondervinden. Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel en neemt de verdamping in de zomer toe. Deze twee effecten versterken elkaar, waardoor de verzilting van het kleigebied toeneemt en sneller gaat. Waterafvoer Fryslân Door de stijging van de zeespiegel wordt in de toekomst het spuien van het boezemwater onder vrij verval op de Waddenzee steeds lastiger en uiteindelijk zelfs onmogelijk. Daarom zijn in 2010 twee combigemalen gerealiseerd. Of de capaciteit van deze gemalen in de toekomst voldoende is, is afhankelijk van de gevolgen van klimaatverandering. Zoetwater Op de Waddeneilanden is zoet grondwater de eerste keuze voor de productie van drinkwater.
Maar gezien de bijzondere situatie (zoetwaterbel en kwetsbare natuur) zal de inzet van andere bronnen hier mogelijk aan de orde zijn. Inzet van andere bronnen wordt onderzocht en landelijke ontwikkelingen worden gevolgd. Integrale waterplannen Omdat ieder Waddeneiland een eigen, geïsoleerd watersysteem heeft, zal per eiland een integraal waterplan opgesteld worden. In deze waterplannen onderzoeken we hoe de drinkwatervoorziening op de eilanden in de toekomst geborgd kan worden in interactie met andere (water)belangen op de Waddeneilanden.
B.3.3 Blauwe Omgevingsvisie Fryslân klimaatbestendig 2050+, is de gezamenlijke visie op het water- en bodemsysteem van de toekomst. Provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân werken al lange tijd samen met Friese gemeenten, Vitens, Rijkswaterstaat en andere partners aan onze waterveiligheid, een goede waterkwaliteit, een gezonde bodem en aan niet te veel en niet te weinig water. Dat doen ze samen met de mienskip: de inwoners en belanghebbenden. Belangrijke thema’s zijn: • Verdere zeespiegelstijging maakt nieuwe dijkversterkingen voor waterveiligheid noodzakelijk en versterkt de verziltingsdruk; Waterkwaliteit onder druk in droge en hete perioden; • De inrichting van het watersysteem is niet bestand tegen extreme droogte of extreme neerslag; • Het behouden van een voldoende grote zoetwaterbel op de Waddeneilanden komt onder druk te staan door zeespiegelstijging; 67
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Leidende principes Om deze uitdagingen voor de lange termijn het hoofd te bieden zijn acht leidende principes geformuleerd. Deze principes vormen de denkrichtingen waarlangs de toekomstvisie per deelgebied is opgesteld: 1. Een veerkrachtig bodem en watersysteem, dat een goede basis vormt voor een duurzame zoetwaterbalans in heel Fryslân, dat een omslag mogelijk maakt van water afvoeren naar water vasthouden, en beter kan omgaan met extreme omstandigheden. Daarbij hoort ook dat we leren omgaan met de risico’s van wateroverlast en droogte; 2. Meer gebiedseigen zoet water beschikbaar (grond- én oppervlaktewater); Het automatisme dat we jaarrond voor waterinlaat kunnen rekenen op het IJsselmeer als onze nationale regenton, kan veranderen. Het is belangrijk hier nu al op te anticiperen, en dat we toewerken naar een provincie waarin we lange periodes met droogte kunnen opvangen; 3. Niet afwentelen op toekomstige generaties, op andere gebieden, of van privaat naar publiek en vice versa. Het betekent dat we bij investeringen tijdig en voldoende rekening houden met klimaatverandering; 4. De bodemvitaliteit verbetert; we zetten in op herstel, behoud en verbetering van de chemische en biologische bodemkwaliteit; zo bevorderen we het watervasthoudend vermogen en de biodiversiteit; 5.
De waterkwaliteit verbetert; dit is essentieel voor herstel van natuurwaarden en biodiversiteit, voor de landbouw en voor de recreatie; 6. We waarborgen waterveiligheid via het meerlaagsveiligheid- principe (robuuste primaire keringen, toekomstbestendige ruimtelijke inrichting, adequate crisis- en risicomanagement); 7. Circulair (CO2 vastleggen, energietransitie, grondstoffen en materialen); 8. Partnerschap, omdat we de uitdagingen alleen samen met alle betrokkenen aan kunnen gaan. Visie op de Waddeneilanden in de blauwe omgevingsvisie In 2050 en verder is de zoetwaterbel op de Waddeneilanden, ondanks zeespiegelstijging en klimaatverandering, in balans. Dat betekent dat gebruik en aanvulling van zoetwater in evenwicht zijn. Om dit te bereiken verhogen we in de duinen en binnenduinrand stapsgewijs de grondwaterstanden gelijk met de zeespiegelstijging. In de polders accepteren we plaatselijk de verzilting en wateroverlast. Dit doen we per eiland op een manier die rekening houdt met de lokale kenmerken.
68
Bijlage C
Overzicht stedelijk watersysteem
In de volgende figuren zijn de belangrijkste kenmerken van het stedelijk watersysteem van Terschelling weergegeven. De HWA-lozingspunten en het stelseltype is weergegeven in Figuur 7. De lozingspunten vanuit de gemengde stelsels zijn weergegeven in Figuur 8 (met randvoorzieningen) en Figuur 9 (zonder randvoorzieningen). Een overzicht van de lozingspunten per kern is opgenomen in Tabel 14.
Figuur 7 Overzicht van de HWA lozingspunten
69
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029
Figuur 8 Overzicht van de lozingspunten met randvoorziening
Figuur 9 Overzicht van de lozingspunten van het gemengde riool
70
Tabel 14 Overzicht van de overstorten en lozingspunten per kern Kern Baaiduinen Formerum Formerum Halfweg Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Hoorn Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Midsland Noord Midsland Noord Midsland Noord Midsland Noord Midsland Noord Oosterend Oosterend Oosterend Oosterend Oosterend Oosterend West Terschelling West Terschelling West Terschelling West Terschelling West Terschelling
Type stelsel Gemengd Gemengd Gemengd Gemengd HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA gemengd HWA HWA Gemengd HWA
Overstort intern BA0230 FO0440 FO0671 HA0027
HO0459 MI0360 MI0387 MI0393 MI0397 MI0383 MI0376 MI0150 MI0155 MI0219 MI0239 MI0240 MI0092 MN0113
xcoördinaat 147491 149452 150677 146042 151579 151535 151740 151782 151620 152308 152382 151930 151538 151804 151805 152382 148249 148401 148304 148370 148488 148520 148464 148636 148658 148131 148107 147888 148172
ycoördinaat 599225 600196 600561 598701 601039 601004 601156 601201 601157 601295 601228 601134 601003 601093 601089 601228 599842 599788 599791 599785 599718 599782 599600 599701 599624 599311 599354 599470 600188
HWA
MN0115
148190
600204
HWA
MN0117
148194
600365
HWA
MN0123
148147
600550
HWA
MN0124
148185
600550
randvoorziening
Uitlaat
BA0230
FO0672
FO0671
BA0232 FO4482 FO0673 HA0028 HO0478 HO0481 HO0485 HO0488 HO0499 HO0454 HO0459 HO0468 HO0343
OO0053 OO0075 OO0081 OO0082 OO0083 OO0084 WE0434
154446 154505 154336 154375 154338 154393 143578
601876 601989 601969 602015 601965 601975 596683
143652
596910
HO0341 HO0471 HO0472 HO0454 MI0351
MI0376
MI0217
MI0218
MI0217
MI0090
MI0091
MI0090
Gemengd HWA HWA HWA HWA HWA HWA HWA
Overstort extern BA0231
OO0051
WE0402
HWA
WE0423
143654
596909
HWA
WE0416
143809
597324
WE0206
143852
597395
Gemengd
WE0209
WE0210
WE0208
Opmerkingen
Buiten gebruik Buiten gebruik
Buiten gebruik
71
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 West Terschelling West Terschelling West Terschelling
72
HWA
WE0531
WE0548
145125
598090
HWA
WE0543
WE0544
145328
597871
WE0220
143653
597493
HWA
Bijlage D Evaluatie GRP 2019-2023 Het beleid uit het GRP 2019-2023 hebben we geëvalueerd. We hebben een overzicht gemaakt van de in het GRP beschreven activiteiten en in hoeverre deze zijn uitgevoerd en de beschikbare personele en financiële middelen. Uit de evaluatie komt naar voren dat: • Om de afkoppelen doelen bij nieuwbouw te realiseren moeten wij hiervoor regels opstellen. • Vanwege personele wisselingen en een te kleine personele capaciteit in de planperiode is een deel van de activiteiten niet uitgevoerd. Hierdoor is een achterstand opgelopen in de uitvoering van projecten en het ontwikkelen van beleid. Het beheer van de gemalen, kolken is wel conform planning uitgevoerd. • We kennen de kwaliteit van circa 25 % van de riolering. De kwaliteit is minder goed dan verwacht door H2S aantasting bij uitstroompunten van de drukriolering. Ook zijn er relatief veel breuken omdat de riolen met te weinig dekking zijn aangelegd. Voor de komende planperiode betekent dit dat standaard eisen opgesteld moeten worden voor de aanleg van de riolering. Ook is onderzoek noodzakelijk om aantasting door H2S te verminderen. Dit pakken we samen op met het Wetterskip en de tracéstudie voor de persleidingen. • Voor de wateroverlast problemen van Midsland is een structurele oplossing noodzakelijk. Omdat we de gegevens nog niet op orde hebben kunnen we deze nog niet op korte termijn bieden.
Voor het ontwerpen van een oplossing die blijft functioneren op lange termijn is samenwerking met het Wetterskip cruciaal. • Er is geen hemelwaterverordening en aansluitverordening opgesteld. Hierdoor hebben wij geen instrumenten om eisen en wensen van de gemeente bij rioolvervanging of nieuwbouw af te dwingen. • In de periode eind 2023 tot begin 2024 zijn er relatief veel meldingen binnengekomen over wateroverlast. Dit is veroorzaakt door de overvloedige neerslag. Uit de meldingen blijkt: o Dat een deel van de duikers in slechte staat is of zodanig klein dat deze niet onderhouden kunnen worden. o Voor het eerst in jaren grondwateroverlast is opgetreden op een aantal locaties op Terschelling.
De achtergrond informatie van de evaluatie is opgenomen in Tabel 15 uitgevoerde activiteiten, Tabel 16 personele middelen, Tabel 17 investeringen en Tabel 18 - Tabel 20 financiële middelen.
73
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029
D.1
Evaluatie van de activiteiten uit het GRP
Legenda evaluatie 2019-2023 ✓ Uitgevoerd Heroverwogen/niet meer van toepassing # In uitvoering ∞ Uitgesteld → In voorbereiding Tabel 15 Evaluatie van het GRP 2019-2023
Nr Activiteit Speerpunten 1 Afkoppelen
status analyse
Opmerkingen
✓ →
We koppelen alleen afvoerend oppervlak bij nieuwbouw en rioolvervanging. In de periode 2019-2023 zijn de volgende vervangingsprojecten uitgevoerd: in 2020 is het dakoppervlak van circa 60 (vakantie)huizen in Midsland-Noord afgekoppeld. In 2017 is bij de rioolvervanging in de Parnassiaweg het straatoppervlak en de voorkant van de huizen afgekoppeld.
In 2025 wordt het project Torenstraat uitgevoerd. Hierbij wordt een deel van het afvoerend oppervlak afgekoppeld. Om bij nieuwbouw afkoppelen te verplichten stellen wij hiervoor regels op.
2
Beheer
#
In de komende planperiode moeten de ontbrekende gegevens worden aangevuld. Vervolgens moet de data omgezet worden in informatie voor het beheer van de riolering.
3
Klimaatadaptief maken riolering en inrichting
∞
Het beheerprogramma Brutis is aangeschaft. De gegevens van de riolering zijn deels in het systeem opgenomen. De gemengde riolering zit voor 90% in Brutis. De gegevens van kolken, afvoerend oppervlak, gemalen, duikers en drainage is nog niet op orde. Dit is nog niet gebeurd. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit.
74
4
Duurzaamheid
∞
Maatregelen en onderzoeken 5 Inspectie #, → vrijvervalriolering
6
Herstellen gebreken
∞
7
Tracé-studie persleidingen
∞
8
Vervolgstappen werkatelier
#
Dit is nog niet gebeurd. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit. In totaal is circa 15 km riolering geïnspecteerd. Hieruit is gebleken dat de kwaliteit minder goed is dan verwacht. De belangrijkste oorzaken zijn: - Aantasting door H2S bij de uitstroompunten van de drukriolering. - Mechanisch falen doordat de dekking op de riolen te klein is In 2024 inspecteren we nog circa 10 km en zetten we de inspectie van het resterende deel uit in de markt De in 2017 geconstateerde gebreken zijn nog niet structureel opgelost. Wel zijn er reparaties uitgevoerd maar dit zijn voornamelijk adhoc oplossingen. Dit is nog niet gebeurd. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit. In 2022 is het onderzoek toekomstperspectief Terschelling6 gestart. Dit project focust op het in beeld brengen van handelingsperspectief om droogte en verzilting tegen
Om een volledig beeld te krijgen van de kwaliteit van de riolering moet in de komende planperiode 35 km worden geïnspecteerd. Daarnaast zijn de volgende activiteiten noodzakelijk - Onderzoek naar maatregelen om aantasting door H2S te verminderen - Opstellen standaard eisen voor de aanleg van de riolering
Op basis van de inspectie resultaten moet een plan opgesteld worden voor het uitvoeren van reparaties en vervangingen. In verband met de aantasting van de riolering heeft deze activiteit hoge urgentie De uitkomsten van het onderzoek kunnen in de komende plan periode gebruikt worden om een strategie op te stelen om verdroging en verzilting tegen te gaan.
6 Van Hall Larenstein, Deltares, Wageningen Economic Research, ABT, Acacia Water, ANV Waddenvogels,
DLF, Gemeente Terschelling, LTO-Noord, Melkveehouder C.G. Cupido, Provincie Fryslân, Staatsbosbeheer, Stichting De Zilte Smaak, Terschellinger Campinghouders Vereniging, Vitens, Vogelbescherming Nederland, Vogelwacht Terschelling, Wetterskip Fryslân.
75
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029
9
Onderzoek gevolgen klimaatopgave op beheer 10 Vasthouden zoet water
∞
11 Fout aansluitingen opsporen
∞
12 Onderzoek omgevingswet
✓
#
13 Hemelwaterverordening ∞
14 Opstellen rioleringsbeleid
Onderhoud 15 Reinigen riolen
76
te gaan. Het project wordt in 2026 afgerond. Dit is nog niet gebeurd. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit. Het onderzoek uit punt 8 levert hier input voor. Daarnaast zijn er gesprekken gestart met het Wetterskip en de andere Waddeneilanden. Dit is gedeeltelijk gedaan. Er zijn rooktesten gedaan maar de problemen zijn niet opgelost. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit. De omgevingswet hanteert drie planvormen: de omgevingsvisie, omgevingsprogramma en het omgevingsplan. Dit Wrp is een van de programma’s. De omgevingsvisie is in voorbereiding Dit is nog niet gebeurd. De oorzaak is een gebrek aan personele capaciteit.
✓
Dit Wrp vormt de basis van het rioleringsbeleid voor de komende jaren.
#
De planning was om de riolen één keer per 15 jaar te reinigen. In de afgelopen plan periode is circa 15 km gereinigd dit komt overeen met één keer per 30 jaar.
In Midsland zijn veel problemen met wateroverlast. Een structurele oplossing is noodzakelijk.
Met de invoering van de Omgevingswet is het omgevingsplan de plek om juridische regels op te nemen. De geldigheidsduur van het Wrp is 5 jaar en zal in 2029 worden geactualiseerd. Momenteel wordt een inhaalslag gemaakt met het inspecteren en reinig van de riolering. Op basis van de resultaten wordt het reinigingsplan aangepast.
16 Reinigen putten
#
De planning was om de putten één keer per 5 jaar te reinigen.
Op Terschelling hebben een aantal putten een zandvang. Om deze goed te laten functioneren moeten deze minimaal 1 x per jaar worden gereinigd en mogelijk vaker.
17 Kolken zuigen
✓
De planning was om de kolken twee keer per jaar te zuigen. Dit is circa 2 x per jaar gedaan. Sommige kolken zijn vaker gereinigd. De gemeente heeftde kolkenzuiger vervangen
Op basis van de informatie die verzameld wordt tijdens het kolkenzuigen kan in de komende planperiode het kolkenzuigen worden geoptimaliseerd.
18 Onderhoud gemalen en pompinstallaties
✓
De planning was om de gemalen drie keer per jaar te reinigen
Zowel de drukriolering als de gemalen zijn 3 maal per jaar gereinigd. Het onderhoud van de gemalen wordt door externen uitgevoerd. Het onderhoud van de drukrioleringsunits wordt door de buitendienst uitgevoerd.
19 Onderhoud, reparatie persleidingen / drukriolering 20 Gedetailleerde camerainspectie
✓
Het onderhoud aan de persleiding wordt storingsgestuurd uitgevoerd De planning was om de riolen één keer per 60 jaar te inspecteren. Dit beleid is in de planperiode bijgesteld omdat het onvoldoende inzicht geeft in de werkelijk toestand van de riolering. In de afgelopen plan periode is 15 km gereinigd.
✓
Vervanging en renovatie Gemalen, drukriolering, randvoorziening en persleidingen 21 Gemalen, drukriolering, ✓ Er stonden geen randvoorziening vervangingen op de
De frequentie is opgevoerd omdat de in het het GP opgenomen frequentie te laag was. Bij de eerste inspecties is namelijk gebleken dat de kwaliteit minder goed is dan verwacht
Voor de komende planperiode wordt uitgegaan van de
77
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 planning. In de planperiode zijn deze ook niet uitgevoerd
22 Aanleg persleidingen
De planning was om 4,6 km persleiding aan te leggen. Dit is niet gebeurd. Vervanging en renovatie van vrijvervalriolering → 23 Torenstraat in WestHet project is in 2024 Terschelling voorbereid De uitvoering start in 2025. 24 Burgemeester ∞ Dit is nog niet gebeurd. De Swaanstraat reden is dat het project integraal uitgevoerd gaat worden (combinatie met herinrichting/herstraten). Verbeteringsmaatregelen 25 Afkoppelen ∞ Dit is nog niet gebeurd. De reden is dat het project integraal uitgevoerd gaat worden (combinatie met herinrichting/herstraten). Niet geplande werkzaamheden 26 In verband met gebreken is er 30 m riool vervangen in Formerum 27 Een aantal rioolputten die waren aangetast door H2S zijn vervangen 28 Een aantal duikers zijn vervangen
D.2
∞
vervanging van alle mechanische en elektrische installaties die ouder zijn dan 15 jaar. Op basis van de inspectie van de installaties wordt besloten of vervanging daadwerkelijk noodzakelijk is. De aanleg moet in overleg met het Wetterskip worden opgepakt
Evaluatie personele en financiële middelen in de planperiode
In het GRP 2019-2023 is beschreven dat er voor de uitvoering van de geplande activiteiten 3,7 fte nodig is in de binnendienst. De buitendienst heeft daarnaast een capaciteit van 1,5 fte voor het onderhoud van de drukriolering, kolkenzuigen en het verhelpen van storingen.
78
Van de benodigde 3,7 fte van de binnendienst was gemiddeld minder dan 1 fte beschikbaar (zie Tabel 16). Hierdoor zijn een groot aantal van de geplande activiteiten niet uitgevoerd. De onderbezetting is deels ingevuld door de inhuur van extern personeel. Tabel 16 Overzicht beschikbare personele capaciteit in de periode 2019-2024
Taken
Binnendienst Planvorming Onderzoek Onderhoud Maatregelen Facilitair Subtotaal
Benodigd (fte)
0,4 0,3 1,0 1,8 0,2 3,7
Buitendienst Gemaalbeheer Reinigen Herstellen kleine gebreken subtotaal 3 Totaal 6,7
Beschikbaar (fte) 2019
2020
2021
2022
2023
2024
0,25
0,25
0,25
0,25
0,25
0,25
0,4
0,4 0,2
0,2 0,2
0,2 0,2
0,5 0,2
0,75 0,45
0,65
0,85
0,65
0,7
0,95
1,45
1 0,3 0,2
1 0,3 0,2
1 0,3 0,2
1 0,3 0,2
1 0,3 0,2
1 0,3 0,2
1,5 2,15
1,5 2,35
1,5 2,15
1,5 2,2
1,5 2,45
1,5 2,95
Van de geplande € 1,325 miljoen aan investeringen is € 0,205 gerealiseerd door de geplande aanschaf van een kolkenzuiger. De overige geplande investeringen zijn door een gebrek aan personele capaciteit niet uitgevoerd (zie Tabel 17).
79
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029
Tabel 17 Overzicht geplande en uitgevoerde investeringen in de planperiode
Gepland Vrijvervalriolen Afkoppelen Overige maatregelen/projecten Totaal Gerealiseerd Vrijvervalriolen Afkoppelen Overige maatregelen/projecten Totaal Verschil Vrijvervalriolen Afkoppelen Overige maatregelen/projecten Totaal
2019
2020
2021
2022
2023
Planperiode
50.000 300.000
50.000 150.000
50.000 150.000
50.000 150.000
50.000 150.000
250.000 900.000
200.000
175.000 1.325.000
175.000 525.000
200.000
200.000
200.000
0 0 0 0
0
0 0
0
205.000 0
0
0
0 0
0
0
0
0
0
De begroting sluit niet een-op-een aan op de raming uit het GRP. De vergelijking (Tabel 20) tussen het beschikbare budget (Tabel 18) en de gemaakte kosten (Tabel 19) laat zien dat in de meeste jaren het verschil kleiner is dan 5%. De reden hiervoor is dat de begroting voor de riolering voor circa 2/3 deel bestaat uit vast kosten zoals de doorbelasting van de kosten van de binnendienst, buitendienst en het straatvegen (circa €285.000) de kapitaallasten (circa €220.000). De overige posten variëren meer doordat er meer personeel is ingehuurd (uitbestede werkzaamheden) en de verbruiksgoederen sommige jaren sterk beïnvloed worden door bijvoorbeeld de vervanging van pompen.
80
Tabel 18 overzicht beschikbare budget in de planperiode 2019-2023
specifieke kleine gebruiksgoederen specifieke verbruiksgoederen uitbestede werkzaamheden betaalde leges en rechten overige diensten projecten/subsidies in exploitatie overige instellingen en personen voorzieningen tlv exploitatie afschrijvingen reele en bespaarde rente overige verrekeningen leges en andere rechten overige goederen en diensten voorzieningen tgv exploitatie overige goederen en diensten overige instellingen en personen Totaal
2019 1.000
2020 0
2021
2022
2023
2024
67.000 145.000 3.000 48.000
100.000 100.000 3.000 40.000
100.000 100.000 3.000 40.000
100.000 100.000 3.000 75.000
100.000 100.000 3.000 75.000
1.000 47.000 187.000 64.000 235.000 0 0 0
2.500 0 154.000 55.000 285.000 0 0
2.500 0 163.000 55.000 285.000 0 0
100.000 100.000 3.000 75.000 0 2.500
2.500 0 170.000 53.000 285.000
2.500 0 170.000 53.000 285.000
0 0 788.500
2024
798.000
739.500
165.000 53.000 285.000 0 0
748.500
783.500
0 0 788.500
Tabel 19 overzicht geboekte kosten in de planperiode 2019-2023
specifieke kleine gebruiksgoederen specifieke verbruiksgoederen uitbestede werkzaamheden betaalde leges en rechten overige diensten projecten/subsidies in exploitatie overige instellingen en personen voorzieningen tlv exploitatie afschrijvingen reele en bespaarde rente overige verrekeningen leges en andere rechten overige goederen en diensten voorzieningen tgv exploitatie overige goederen en diensten overige instellingen en personen Totaal
2019 9.314
2020 24.280
2021
2022
2023
20.066 60.522 350 13.715
23.583 24.950 5 17.956
36.886 102.834 0 15.501
81.834 302.013 0 10.278
995 349.662 153.712 56.792 291.677 -128
1.893 241.639
0 130.085
50.344 189.770 0 11.024 75.828 0
153.712 54.486 265.796 -483 -20.897
164.974 54.594 266.346 -3.172 1.176
178.518 55.167 266.469
178.518 52.489 169.743
257.353
786.920
769.224
0 32.556
-5.420 -71.571
750.131
-35.000 -2.650 789.782
81
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 Tabel 20 overzicht verschil tussen beschikbare budget en geboekte kosten in de planperiode 2019-2023. (Een negatief bedrag betekent een overschrijding van het budget)
specifieke kleine gebruiksgoederen specifieke verbruiksgoederen uitbestede werkzaamheden betaalde leges en rechten overige diensten projecten/subsidies in exploitatie overige instellingen en personen voorzieningen tlv exploitatie Afschrijvingen reele en bespaarde rente overige verrekeningen leges en andere rechten overige goederen en diensten voorzieningen tgv exploitatie overige goederen en diensten overige instellingen en personen Totaal
82
2019
2020
2021
2022
2023
-8.314 46.934 84.478 2.650 34.285
-24.280 76.417 75.050 2.995 22.044
0 63.114 -2.834 3.000 24.499
0 49.656 -89.770 3.000 63.976
0 18.166 -202.013 3.000 64.722
0
0
0
-75.828
0
5 396.662 33.288 7.208 -56.677 128 0 0 0
607 -241.639 288 514 19.204 483 20.897 0 0
2.500 -130.085 -1.974 406 18.654 3.172 -1.176 0 0
2.500 0 -13.518 -2.167 18.531 0 5.420 71.571 0
2.500 -32.556 -8.518 511 115.257 0 0 0 35.000
0 540.647
0 -47.420
0 -20.724
0 33.369
2.650 -1.282
Bijlage E
Kostendekkingsplan
220.770 214.280 207.344 172.480 141.517 119.082 117.846 116.608 115.369 114.133 105.853 104.617 103.379 102.141 100.904 99.666 98.429 97.190 95.953 94.716 93.477 92.239 91.003 89.764 75.949 74.898 73.850 42.973 42.372 41.770 24.873
Totale lasten incl. Directe afschrijving
Kapitaallasten verleden
537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000
Directe afschrijving
Exploitatie
80.000 65.000 65.000 35.000 60.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000
Totale lasten excl. Directe afschrijving
Onderzoek
0 54.000 65.494 90.475 113.216 143.536 166.663 187.561 206.247 228.941 241.204 253.331 265.322 277.888 289.601 301.558 310.995 317.670 320.897 317.562 314.226 310.891 307.556 304.220 300.885 297.550 294.214 290.879 287.544 284.208 280.873
BTW
Nieuwe kapitaallasten
2025 1.350.000 2026 800.000 2027 1.190.000 2028 1.190.000 2029 1.385.000 2030 1.212.537 2031 1.212.537 2032 1.212.537 2033 1.417.537 2034 1.212.537 2035 1.212.537 2036 1.212.537 2037 1.230.335 2038 1.212.537 2039 1.222.075 2040 1.212.537 2041 1.246.417 2042 1.212.537 2043 1.212.537 2044 1.491.989 2045 573.888 2046 312.325 2047 312.325 2048 312.325 2049 312.325 2050 346.240 2051 346.240 2052 366.305 2053 479.710 2054 346.240 2055 319.276
Jaar
Investeringen
Tabel 21 Uitgaven
101.714 939.485 0 939.485 209.672 1.079.951 500.000 1.579.951 220.659 1.095.496 550.000 1.645.496 224.734 1.059.689 600.000 1.659.689 226.932 1.078.665 600.000 1.678.665 236.177 1.130.796 600.000 1.730.796 249.893 1.166.402 650.000 1.816.402 263.346 1.199.515 700.000 1.899.515 287.037 1.240.654 800.000 2.040.654 300.779 1.275.853 850.000 2.125.853 301.943 1.281.001 850.000 2.131.001 303.847 1.293.794 850.000 2.143.794 305.750 1.306.450 850.000 2.156.450 307.747 1.319.776 850.000 2.169.776 309.650 1.332.154 850.000 2.182.154 322.103 1.355.328 900.000 2.255.328 344.744 1.386.168 1.000.000 2.386.168 356.538 1.403.398 1.050.000 2.453.398 391.524 1.440.374 1.212.537 2.652.911 450.209 1.494.486 1.491.989 2.986.475 257.408 1.297.111 573.888 1.870.999 202.479 1.237.609 312.325 1.549.934 202.479 1.233.039 312.325 1.545.363 202.479 1.228.464 312.325 1.540.789 199.838 1.208.671 312.325 1.520.996 206.960 1.211.408 346.240 1.557.648 206.960 1.207.024 346.240 1.553.265 204.909 1.170.762 366.305 1.537.067 228.724 1.190.640 479.710 1.670.350 200.696 1.158.674 346.240 1.504.914 191.611 1.129.357 319.276 1.448.633
83
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 2056 2057 2058 2059 2060 2061 2062 2063 2064 2065 2066 2067 2068 2069 2070 2071 2072 2073 2074 2075 2076 2077 2078 2079 2080 2081 2082 2083 2084 2085
84
319.276 524.276 332.325 591.200 507.803 426.210 434.293 431.924 837.357 419.894 437.495 404.447 384.382 589.382 315.612 342.759 315.612 315.612 483.253 347.845 180.205 263.440 180.205 180.205 0 205.000 0 0 0 0
277.538 274.202 270.867 267.532 264.196 260.861 257.526 254.190 250.855 247.520 210.434 200.105 181.389 164.162 142.282 125.008 109.213 94.879 78.113 67.953 57.929 48.041 37.844 28.234 18.522 10.438 4.124 0 0 0
95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000 95.000
537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000 537.000
24.516 24.159 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
191.611 1.125.664 234.661 1.165.023 189.353 1.092.220 243.717 1.143.248 226.203 1.122.400 209.069 1.101.930 210.766 1.100.292 210.269 1.096.459 295.409 1.178.265 207.742 1.087.262 204.351 1.046.785 195.836 1.027.941 188.262 1.001.651 228.215 1.024.377 166.602 940.884 169.087 926.094 160.433 901.646 157.742 884.621 189.704 899.817 159.365 859.318 122.258 812.186 137.834 817.874 118.357 788.201 116.454 776.688 76.658 727.180 118.067 760.505 73.723 709.848 72.870 704.870 72.870 704.870 72.870 704.870
319.276 1.444.940 524.276 1.689.298 332.325 1.424.545 591.200 1.734.448 507.803 1.630.202 426.210 1.528.140 434.293 1.534.585 431.924 1.528.383 837.357 2.015.621 419.894 1.507.156 437.495 1.484.281 404.447 1.432.388 384.382 1.386.033 589.382 1.613.759 315.612 1.256.496 342.759 1.268.853 315.612 1.217.258 315.612 1.200.233 483.253 1.383.070 347.845 1.207.163 180.205 992.391 263.440 1.081.315 180.205 968.406 180.205 956.893 0 727.180 205.000 965.505 0 709.848 0 704.870 0 704.870 0 704.870
saldovoorziening 31-12
saldo voorziening 01-01
321.040 353.691 386.342 418.993 451.644 484.295 516.946 549.597 582.248 614.898 647.549 680.200 712.851 745.502 778.153 810.804 843.455 843.455 843.455 843.455 802.641 761.828 721.014 680.200 639.387 598.573 557.759 516.946 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132
Totale inkomsten
0,00 642.849 20,00 708.229 20,00 773.609 20,00 838.989 20,00 904.369 20,00 969.749 20,00 1.035.129 20,00 1.100.509 20,00 1.165.889 20,00 1.231.269 20,00 1.296.649 20,00 1.362.029 20,00 1.427.409 20,00 1.492.789 20,00 1.558.169 20,00 1.623.549 20,00 1.688.929 0,00 1.688.929 0,00 1.688.929 0,00 1.688.929 -25,00 1.607.204 -25,00 1.525.479 -25,00 1.443.754 -25,00 1.362.029 -25,00 1.280.304 -25,00 1.198.579 -25,00 1.116.854 -25,00 1.035.129 -25,00 953.404 0,00 953.404 0,00 953.404 0,00 953.404 0,00 953.404 0,00 953.404
Toevoeging vanuit algemene middeleen
3,23% 10,17% 9,23% 8,45% 7,79% 7,23% 6,74% 6,32% 5,94% 5,61% 5,31% 5,04% 4,80% 4,58% 4,38% 4,20% 4,03% 0,00% 0,00% 0,00% -4,84% -5,08% -5,36% -5,66% -6,00% -6,38% -6,82% -7,32% -7,90% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%
Overige inkomste
stijging %
196,65 216,65 236,65 256,65 276,65 296,65 316,65 336,65 356,65 376,65 396,65 416,65 436,65 456,65 476,65 496,65 516,65 516,65 516,65 516,65 491,65 466,65 441,65 416,65 391,65 366,65 341,65 316,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65
Inkomsten heffingsdeel vast
rioolheffing voorstel
2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040 2041 2042 2043 2044 2045 2046 2047 2048 2049 2050 2051 2052 2053 2054 2055 2056 2057 2058
Stijging
Jaar
Tabel 22, Inkomsten
0 963.889 694.000 718.404 275.000 1.336.920 718.404 475.373 275.000 1.434.951 475.373 264.828 275.000 1.532.982 264.828 138.120 275.000 1.631.013 138.120 90.468 275.000 1.729.044 90.468 88.716 275.000 1.827.075 88.716 99.388 275.000 1.925.105 99.388 124.979 275.000 2.023.136 124.979 107.462 275.000 2.121.167 107.462 102.776 275.000 2.219.198 102.776 190.973 0 2.042.229 190.973 89.408 0 2.140.260 89.408 73.218 0 2.238.291 73.218 141.733 0 2.336.322 141.733 295.900 0 2.434.353 295.900 474.925 0 2.532.384 474.925 621.141 0 2.532.384 621.141 700.126 0 2.532.384 700.126 579.599 0 2.532.384 579.599 125.507 0 2.409.845 125.507 664.353 0 2.287.306 664.353 1.401.726 0 2.164.768 1.401.726 2.021.130 0 2.042.229 2.021.130 2.522.571 0 1.919.690 2.522.571 2.921.265 0 1.797.152 2.921.265 3.160.768 0 1.674.613 3.160.768 3.282.117 0 1.552.075 3.282.117 3.297.124 0 1.429.536 3.297.124 3.056.310 0 1.429.536 3.056.310 2.980.932 0 1.429.536 2.980.932 2.961.835 0 1.429.536 2.961.835 2.946.431 0 1.429.536 2.946.431 2.686.668 0 1.429.536 2.686.668 2.691.659
85
Water en rioleringsprogramma Terschelling 2025-2029 2059 2060 2061 2062 2063 2064 2065 2066 2067 2068 2069 2070 2071 2072 2073 2074 2075 2076 2077 2078 2079 2080 2081 2082 2083 2084 2085
86
291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 291,65 266,65 241,65 216,65 191,65 191,65 191,65 191,65 191,65 191,65 191,65
0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% -8,57% -9,38% -10,35% -11,54% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00% 0,00%
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 -25,00 -25,00 -25,00 -25,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 953.404 871.679 789.954 708.229 626.504 626.504 626.504 626.504 626.504 626.504 626.504
476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 476.132 435.318 394.505 353.691 312.877 312.877 312.877 312.877 312.877 312.877 312.877
0 1.429.536 2.691.659 2.386.746 0 1.429.536 2.386.746 2.186.080 0 1.429.536 2.186.080 2.087.476 0 1.429.536 2.087.476 1.982.427 0 1.429.536 1.982.427 1.883.580 0 1.429.536 1.883.580 1.297.495 0 1.429.536 1.297.495 1.219.875 0 1.429.536 1.219.875 1.165.130 0 1.429.536 1.165.130 1.162.277 0 1.429.536 1.162.277 1.205.780 0 1.429.536 1.205.780 1.021.557 0 1.429.536 1.021.557 1.194.596 0 1.429.536 1.194.596 1.355.279 0 1.429.536 1.355.279 1.567.557 0 1.429.536 1.567.557 1.796.859 0 1.429.536 1.796.859 1.843.326 0 1.429.536 1.843.326 2.065.699 0 1.306.997 2.065.699 2.380.305 0 1.184.459 2.380.305 2.483.449 0 1.061.920 2.483.449 2.576.963 0 939.381 2.576.963 2.559.452 0 939.381 2.559.452 2.771.653 0 939.381 2.771.653 2.745.529 0 939.381 2.745.529 2.975.063 0 939.381 2.975.063 3.209.574 0 939.381 3.209.574 3.444.085 0 939.381 3.444.085 3.678.596
Bijlage F
Aansluitverordening
Aansluitverordening riolering Terschelling Aansluitverordening riolering Terschelling
Hoofdstuk I. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsomschrijvingen 1.
2.
3.
4. 5.
6.
7.
aansluiting: De verbinding tussen het particulier riool en de openbare riolering. Hier vallen ook tijdelijke verbindingen onder, zoals bij tijdelijke lozingen van bronneringswater en lozing vanaf een tijdelijke bouwplaatsinrichting. aansluitpunt: a. De erfscheidingsput, gelegen op of binnen 1,0 meter afstand van de kadastrale eigendomsgrens van het aan te sluiten perceel; b. Bij het ontbreken van een erfscheidingsput op of binnen 1,0 meter afstand van de eigendomsgrens, de perceelsgrens; c. Bij drukriool of IBA, gelegen binnen de perceelgrens, het punt waar het particuliere riool is aangesloten op de gemeentelijke ontvangstput of de IBA. Bij ligging van drukriool of IBA buiten de perceelsgrens, de erfscheidingsput binnen 1,0 m van de perceelsgrens of bij het ontbreken van een erfscheidingsput, de perceelsgrens (als onder punt a of b); d. Bij openbaar gemeentelijk hoofdriool, gelegen binnen de perceelgrens, het punt waar de liggende particuliere afvoerleiding aansluit op de standleiding op het hoofdriool of de erfscheidingsput indien deze gelegen is op of binnen een afstand van 1,0 m vanaf de standleiding; e.