CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Was Wordt wijziging centrumregeling SDF

Raadsvergadering 24 januari 2024, gemeente TerschellingBij agendapunt: (B) Zienswijze wijziging Centrumregeling SDF1.011 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

WAS-WORDT lijst van het Wijzigingsvoorstel Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 Op 1 juli 2022 is de Wet versterking democratische legitimatie gemeenschappelijke regelingen in werking getreden. Deze wet wijzigt onder andere de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en beoogt de (informatie)positie van gemeenteraden en provinciale staten bij gemeenschappelijke regelingen te versterken. Dit heeft gevolgen voor onder meer de gemeenschappelijke regeling Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân, die aan deze wetswijziging moet zijn aangepast voor 1 juli 2024. Deze gewijzigde regeling treedt in werking op de dag, volgend op de dag waarop de colleges en de burgemeesters van de gemeenten deze regeling op de gebruikelijke wijze bekend hebben gemaakt en wordt aangehaald als ‘Wijzigingsbesluit Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022’. Onderwerp

Artikel 14, lid 2 inzake het managementoverleg Sociaal Domein

Artikel 22 inzake uittreding

Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022 WAS: Het managementoverleg sociaal domein bestaat uit directeur MO van de centrumgemeente en vier tot zes managers van afdelingen/sectoren sociaal domein van de gastgemeenten die worden aangewezen door zowel het portefeuillehouderoverleg WMO en Jeugd via een gezamenlijke voordracht.

Wijziging per 1-7-2024 WORDT:

Artikel 22 Uittreding en opheffing 1. Opheffing en uittreding is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste zes jaar na 1 januari 2022. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de gemeenten overeenstemming bestaat. 2. Deze regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van de colleges en de burgemeesters van de

1. Uittreding is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste zes jaar na 1 januari 2022. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de gemeenten overeenstemming bestaat. 2. Uittreding kan niet plaatsvinden zolang voor een van de taken bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, een wettelijke verplichting tot samenwerking bestaat, met uitzondering van de situatie waarin de deelnemende

Artikel 14 lid 2 Het managementoverleg sociaal domein bestaat uit de directeur van de centrumgemeente en directeuren en/of managers van afdelingen/sectoren sociaal domein van de gastgemeenten. Een gastgemeente kan zich door een directeur en/of manager van een andere gastgemeente laten vertegenwoordigen.

gemeenten. Opheffing kan niet plaatsvinden zolang voor een van de taken bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, een wettelijke verplichting tot samenwerking bestaat, met uitzondering van de situatie waarin de deelnemende bestuursorganen voor die verplichte samenwerking reeds een ander samenwerkingsverband zijn aangegaan. 3. Indien een besluit tot opheffing of uittreding, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, geven de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen. 4. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid.

Artikel 22 inzake opheffing

Zie vorig onderwerp.

bestuursorganen voor die verplichte samenwerking reeds een ander samenwerkingsverband zijn aangegaan. 3. Indien een besluit tot uittreding, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, geven de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een uittredingssplan op te stellen. 4. Bij uittreding stelt het portefeuillehoudersoverleg Algemeen & Middelen de verplichtingen van de uittredende deelnemer vast. Daarbij geldt als richtsnoer dat de uittredende deelnemer aan het openbaar lichaam gedurende drie jaar te rekenen van de datum van uittreding (de realisering daarvan) af een bijdrage is verschuldigd, welke voor eerste jaar 100%, voor het tweede jaar 70%, voor het derde jaar 40% van de laatstelijk door de deelnemer verschuldigde jaarbijdrage kan belopen. Het portefeuillehoudersoverleg Algemeen en Middelen regelt voorts zonodig de overige gevolgen van een uittreding. 5. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het uittredingsplan, bedoeld in het derde lid. Na het gewijzigde artikel 22 volgt een nieuw artikel. Artikel 22a Opheffing 1. Opheffing is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste zes jaar na 1 januari 2022. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de

gemeenten overeenstemming bestaat. 2. Deze regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van de colleges en de burgemeesters van de gemeenten. Opheffing kan niet plaatsvinden zolang voor een van de taken bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, een wettelijke verplichting tot samenwerking bestaat, met uitzondering van de situatie waarin de deelnemende bestuursorganen voor die verplichte samenwerking reeds een ander samenwerkingsverband zijn aangegaan. 3. Indien een besluit tot opheffing, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, geven de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen. 4. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid. Artikel 26 Inwerkingtreding

Artikel 25 Evaluatie 1. Jaarlijks wordt in het gemeentesecretarissen overleg, bedoeld in artikel 13, de stand van zaken omtrent de samenwerking besproken met als doel om bijsturing te kunnen geven. Eens in de twee jaren organiseert het gemeentesecretarissenoverleg een reflectie op de samenwerking met alle direct betrokkenen bij deze regeling, in ieder geval de portefeuillehouders, de gemeentesecretarissen en de

Artikel 25 inzake de Evaluatie wordt gewijzigd in: 1. Jaarlijks wordt in het gemeentesecretarissen overleg, bedoeld in artikel 13, de stand van zaken omtrent de samenwerking besproken met als doel om bijsturing te kunnen geven. Eens in de twee jaren organiseert het gemeentesecretarissenoverleg een reflectie op de samenwerking met alle direct betrokkenen bij deze regeling, in ieder geval de portefeuillehouders, de gemeentesecretarissen en de hoofden van het sociaal

hoofden van het sociaal domein. 2. Deze regeling en de uitvoering daarvan wordt in het vijfde jaar, uiterlijk voor 1 oktober 2027 geëvalueerd, mede ten behoeve van besluitvorming die betrekking heeft op artikel 22, onder 2 of 3. Deze besluitvorming door de colleges en de burgemeester van de gemeenten vindt vóór 31 december 2027 plaats.

Opgemaakt dd. 6 december 2023.

domein. 2. Deze regeling en de uitvoering daarvan wordt vanaf 1 oktober 2026 tot uiterlijk 1 september 2027 geëvalueerd, mede ten behoeve van besluitvorming die betrekking heeft op artikel 22, onder 2 of 3. Deze besluitvorming door de colleges en de burgemeester van de gemeenten vindt vóór 31 december 2027 plaats. De evaluatie wordt door een extern bureau begeleid dan wel uitgevoerd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=67dcf6df-cf14-416b-bc5b-6897a65b24dd