CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

a. AANGEHOUDEN Raadsvoorstel Verzoek onttrekken fietspad aan openbaarheid Oosterend

Raadsvergadering 23 april 2025, gemeente TerschellingBij agendapunt: (B) (AANGEHOUDEN)Onttrekken fietspad aan openbaarheid Oosterend2.732 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Onderwerp: Jaar/nummer: In behandeling bij:

Onttrekken fietspad uit de openbaarheid Oosterend 2025 Wethouder Wassink

Voorstel Het verzoek om het fietspad, gelegen langs de Dorpsstraat te Hoorn op kadastraal perceel, Terschelling K 1028, uit de openbaarheid te onttrekken met inachtneming van de zienswijze af te wijzen.

Samenvatting Het college stelt de raad voor om het verzoek (brief van 17 april 2023) om een deel van het fietspad gelegen langs de Dorpsstraat te Oosterend op kadastraal perceel ,Terschelling K 1028, uit de openbaarheid te onttrekken, af te wijzen. Het fietspad maakt vanaf 1989 onderdeel uit van de openbare weg is en is onderdeel van het fietspad tussen Hoorn en Oosterend. Het betreft hier een openbare weg in de zin van artikel 4 van de Wegenwet en de eigenaar zal verkeer over deze weg moeten dulden. De nieuwe (en oude) eigenaar van deze grond was bij de aankoop van het perceel in 2022 ook op de hoogte van het feit dat het onderdeel van de openbare weg is.

Toelichting Er is een verzoek aan de gemeente Terschelling gedaan om het fietspad gelegen langs de Dorpstraat te Hoorn (Kadastraal bekend Terschelling, sectie K, nummer 1028) te onttrekken aan de openbaarheid. Als het fietspad aan de openbaarheid wordt onttrokken, dan kan dit stuk worden afgesloten en zal het geen onderdeel meer uitmaken van de openbare weg. Er kan dan ook geen gebruik meer van gemaakt worden door fietsers. Collegebesluit Op 27 augustus 2024 is door het college al gereageerd op dit verzoek om onttrekking van het fietspad aan de openbaarheid. Gelet op de Wegenwet ligt deze bevoegdheid echter bij de gemeenteraad. Om het verzoek formeel af te ronden wordt het besluit op het verzoek daarom ook voorgelegd aan de gemeenteraad. Op grond van de wet moet het ontwerpbesluit eerst zes weken ter inzage gelegd worden om zo een ieder in de gelegenheid te stellen een zienswijzen in te dienen. Dat is gebeurd en in die periode is er door de verzoeker een zienswijze ingediend op 19 februari 2025. Ook heeft een zienswijzengesprek met deze verzoeker plaats gevonden. Onderdeel van de besluitvorming door de gemeenteraad is een inhoudelijke weging van de ingediende gronden in de zienswijze. Beleidsruimte voor gemeenteraad Belangrijk te vermelden is dat de gemeente beleidsruimte heeft in het wel of niet overgaan tot het onttrekken van een deel van de openbare weg aan de

2

openbaarheid. Dat betekent dat de gemeente niet verplicht is mee te werken, maar hier een eigen afweging kan gaan maken. Het besluit zal door (eventueel) de rechter getoetst worden op de vraag of het besluit evenredig is in verhouding tot het met besluit te dienen doelen en of de gemeente in redelijkheid tot dit besluit heeft kunnen komen. Er zal een belangenafweging gemaakt dienen te worden tussen enerzijds de openbare en maatschappelijke belangen bij het behoud van het fietspad (als openbare weg) en anderzijds het belang van de verzoeker bij het onttrekken van het fietspad aan de openbaarheid. Historie van het fietspad Het vrij liggende stuk fietspad langs de Dorpsstraat in Oosterend is aangelegd in het jaar 1989. Op dat moment is ook een conceptkoopovereenkomst met de toenmalige eigenaar opgesteld om deze strook grond (1 are en 15 ca) te kopen als gemeente. Dat is op meerdere plekken gebeurd. Voor dit stuk grond is deze gesloten koopovereenkomst echter abusievelijk niet formeel afgerond en gepasseerd bij de notaris. Er is geen akte van levering van dit perceel bij de notaris gepasseerd waardoor het eigendom formeel ook niet is overgegaan. Het is na (archief)onderzoek niet duidelijk geworden waarom de aankoop en overdracht voor deze strook grond niet goed is gegaan. Juridische consequentie is dat de grond in eigendom van de toenmalige eigenaar is gebleven.

Deze toenmalige eigenaar heeft de strook grond in oktober 2022 alsnog formeel verkocht, maar nu aan iemand anders. Dat is de verzoeker van het onttrekken van dit stuk fietspad aan de openbaarheid. In de koopakte tussen de toenmalige eigenaar en de nieuwe eigenaar uit 2022 staat opgenomen dat de strook grond onderdeel is van een openbare weg (fietspad):

Fietspad is al meer dan 30 jaar onderdeel van de openbare weg De gronden waarop de openbare weg is gelegen, zijn normaal gesproken in handen van de overheid. Vaak de gemeente, maar bijvoorbeeld soms ook de provincie of het Wetterskip. Grond dat in eigendom is van particulieren is in de regel niet openbaar toegankelijk en kan dan ook niet als openbare weg worden gebruikt. Hierop zijn uitzonderingen. Artikel 4 van de Wegenwet geeft aan dat als een stuk (particuliere) grond 30 jaar of langer als openbare weg is gebruikt, deze grond wordt geacht openbaar te zijn. Zeker ook als deze gewoon door de gemeente wordt onderhouden. In dit geval is dit deel van het fietspad in 1989 aangelegd. Op het moment van de koopakte in 2022 was deze strook dus al 33 jaar in gebruik als openbare weg. Inmiddels is dat al bijna 36 jaar openbare weg. Gesprekken met nieuwe eigenaar hebben niet tot een resultaat geleid Zoals genoemd waren beide partijen (voormalige en nieuwe eigenaar) op de hoogte van het feit dat er een fietspad op het perceel ligt en dat dit fietspad tot de openbare weg behoort. De nieuwe eigenaar wilde in gesprek met de gemeente hierover en die gesprekken zijn in het verleden ook gevoerd. Eerdere gesprekken tussen gemeente en verzoeker over het perceel K 1028 hebben niet geleid tot een

3

voor de verzoeker passende oplossing. Deze gesprekken gingen met name over een grondruil. Verkeersveiligheid reden om niet mee te werken Indien de gemeente het verzoek honoreert, zal er in de fietsroute langs de Dorpsstraat een deel van het fietspad ontbreken (doorgesneden worden). Fietsers zullen in dat geval op de weg zelf moeten gaan fietsen (en oversteken) wat zorgt voor onveilige situaties. Om de veiligheid te kunnen garanderen zullen er dan verkeersmaatregelen moeten worden getroffen. Dat zijn aanzienlijke maatregelen, mede gelet op het gegeven dat bijvoorbeeld het Buterpollepad ook in de buurt van dit stuk grond ligt. De verzoekers zijn van mening dat het de verkeersveiligheid juist zeer zal bevorderen om het fietspad aan de openbaarheid te onttrekken omdat, zoals zij schrijven, na de onttrekking “het kruispunt van de Hoofdweg en Buterpollepad hoogstwaarschijnlijk heringericht moet worden”. Er worden door de indieners van het verzoek enkele factoren genoemd die in de afgelopen 34 jaar ervoor zouden hebben gezorgd dat een aanpassing van het kruispunt wenselijk is om de verkeersveiligheid te bevorderen c.q. te herstellen. In de zienswijze komt dit ook naar voren en ziet dan onder meer op het toegenomen gebruik van het fietspad, de toegenomen functies in de omgeving en de komst van elektrische fietsen.

Het kruispunt is in de huidige situatie veilig en behoeft niet te worden heringericht (op grond van veiligheidsargumenten). Dit wordt onder meer ook onderbouwd door de data van www.ongevalrisico.nl waarin juist dit betreffende kruispunt als risicoprofiel “zeer laag” heeft gekregen. Gelet hierop kan dit kruispunt dus als “veilig” worden beschouwd. Daarnaast is er sprake van een vrijliggend fietspad. Herinrichting vanwege verkeersonveiligheid is mede gelet hierop niet aan de orde of nodig. Los hiervan hebben wij vanuit onze meldingen en ervaringen ook geen duidelijke signalen gehad dat er sprake is van een verkeersonveilige situatie op dit kruispunt. Belang voor verzoeker In het verzoek tot onttrekken van het fietspad aan de openbaarheid, geeft de verzoeker aan dat hij dit stuk grond wil toevoegen aan het gebruik van het perceel met nummer K 1029 (ten zuiden gelegen), om daarmee meer ruimte te creëren voor de op dat andere perceel aanwezige moestuintjes. Ook moet het agrarisch areaal hiermee worden vergroot. Hieronder in het geel de betreffende grond.

4

Het belang van de verzoeker voor het onttrekken van het fietspad aan de openbaarheid weegt, gelet op de belangen van de verzoeker, geenszins op tegen de algemene en maatschappelijke belangen van behoud van dit fietspad op de huidige locatie. Het uitbreiden van de grond voor moestuintjes op deze plek (direct naast de weg) is niet dusdanig belangrijk dat daarmee een grote verkeerkundige ingreep wordt gerechtvaardigd. Dit nog los van de vraag of dit wel goed uitvoerbaar is en wat dit effectief gaat opleveren aan extra ruimte. Dat geldt ook voor toevoegen van agrarisch areaal. Deze strook is dan zondermeer niet effectief agrarisch te gebruiken (en zal mogelijk alleen theoretisch areaal zijn). Dat de verzoeker stelt dat er wel mogelijkheden zijn voor verkeerskundige oplossingen, is juridisch niet zo relevant. In beginsel zijn er namelijk altijd oplossingen te bedenken. De vraag is alleen niet of een dergelijke oplossing ook wenselijk is gelet op de belangen die afgewogen moeten worden. Het enkele feit dat er in theorie een andere verkeerskundige inrichting kan worden aangelegd, betekent niet dat er medewerking aan het verzoek moet worden gegeven. Kortom, de reden waarom de verzoeker het fietspad aan de openbare weg wil gaan onttrekken is niet dusdanig dat daarom medewerking aan het verzoek moet worden verleend.

Als het fietspad wel aan de openbaarheid wordt onttrokken, dan zullen er aanzienlijke kosten gemaakt moeten worden om een alternatief fietspad te realiseren op dit punt vanwege de verkeersveiligheid. Dat terwijl er dan in de nu logische bebossingslijn langs de Dorpsstraat een onderbreking komt. Ook zal er hierdoor een gevaarlijke situatie kunnen ontstaan omdat het directe zicht op het kruispunt op de auto’s vanuit het westen ernstig wordt belemmerd voor het verkeer vanuit het Buterpollepad. De strook grond en het gewenste nieuwe gebruik van die strook blokkeert het zicht op dat kruispunt namelijk grotendeels. Dat kan een herinrichting van de weg niet oplossen. Conclusie is dat de belangen van de verzoeker niet onevenredig worden geschaad indien het deel van het fietspad onderdeel blijft maken van de openbare weg. Zijn belangen worden niet onevenredig geschaad bij het afwijzen van het verzoek. Hierbij is mede relevant dat het fietspad al 35 jaar aanwezig is en de verzoeker willens en wetens deze strook grond in 2022 heeft gekocht met de wetenschap dat het een deel van de openbare weg is. Daarnaast is het vanuit verkeerskundig oogpunt en de maatschappelijke belangen ongewenst. Zienswijze geeft geen reden voor ander standpunt In de zienswijze onderbouwt de verzoeker op zes onderdelen waarom hij van mening is dat het stuk grond wel aan de openbaarheid onttrokken moet worden.

In de conceptbrief aan de verzoeker wordt inhoudelijk gemotiveerd waarom deze zienswijze niet wordt gevolgd. Hieronder zal in het kort gereageerd worden op de aangevoerde aspecten. Allereerst benoemt de verzoeker dat er formele gebreken aan het besluit hangen en er sprake is van een onjuiste bevoegdheidsuitoefening. Dat deel van de zienswijze is juist. Het college had formeel gezien het verzoek niet kunnen afwijzen. Die bevoegdheid is bij de gemeenteraad gelegd. Op het moment dat het raadsbesluit is genomen, zal het collegebesluit ingetrokken worden. Op dat moment is het verzoek formeel afgehandeld. Dit aspect heeft geen invloed op de juridische beoordeling van het verzoek.

5

Als tweede argument wordt aangevoerd dat de gemeente twijfelachtig heeft gehandeld en dat er sprake is van een mogelijke frauduleuze gang van zaken. Zo zou de voormalige eigenaar niets weten van onderhandelingen met de gemeente of een conceptkoopovereenkomst. Belangrijk om mee te beginnen is dat de voorgeschiedenis rondom dit perceel juridisch niet relevant is. De grond is meer dan 30 jaar onderdeel van de openbare weg. Los daarvan hechten wij er wel waarde aan duidelijk te maken dat er geen sprake is van dubieus of frauduleus handelen. Wij hebben geprobeerd het perceel aan te kopen net zoals wij dat bij andere percelen hebben gedaan. Uit de archiefstukken komt dit ook duidelijk naar voren, onder meer het raadsbesluit van 8 maart 1988. Op 17 september 1987 hebben wij die toenmalige eigenaar ook een brief gestuurd waarin wordt bedankt voor de medewerking. Ook is de conceptkoopovereenkomst zelfs door deze toenmalige eigenaar ondertekend. Uiteindelijk is het niet gelukt dit betreffende stuk formeel grond aan te kopen. Dat er twijfelachtig of zelfs frauduleus zou zijn gehandeld inzake de beoogde aankoop van dit perceel, is in onze ogen onjuist. Ten derde worden de verkeersveiligheid en de maatschappelijke belangen aangevoerd. Er wordt gesteld dat niet voldoende onderbouwd is dat de onttrekking verkeersonveilig zou zijn.

Zo wordt gesteld dat er vele verkeerskundige en ruimtelijke ontwikkelingen zijn geweest in de afgelopen 30 jaar waardoor een nieuwe beschouwing nodig is. Onttrekken van de strook grond aan de openbaarheid biedt een kans om de verkeersveiligheid te verbeteren door herinrichting. Het kan juist zijn dat een herinrichting de verkeersveiligheid vergroot. Maar dat is niet de juridische vraag die voorligt. De vraag is of de gemeenteraad in alle redelijkheid kan besluiten om een openbaar fietspad aan de openbaarheid te onttrekken. Feitelijk stelt de eigenaar van de grond dat het kruispunt nu gevaarlijk is en onderbouwt dat met allerlei zaken. Als er al sprake zou zijn van een gevaarlijk kruispunt, dan is het verzoeken om onttrekken van het fietspad aan de openbaarheid niet de weg om dit te verbeteren. De verzoeker geeft aan dat eerst een gedegen onderzoek moet worden gedaan voordat er een besluit op zijn verzoek genomen kan worden. Dat is niet juist, laat staan dat de verzoeker de gemeente meerdere keren in gebreke heeft gesteld wegens het niet tijdig beslissen. Een besluit op zijn verzoek kan zondermeer genomen worden. De aangevoerde argumenten zien op de wens om de situatie te verbeteren, dat is iets anders dan de onveilige situatie die er ontstaat door het fietspad af te sluiten.

Dit staat los van de vraag of er een onderzoek naar de verkeerskundige situatie kan worden gedaan om de situatie (nog) veiliger te kunnen maken. Als vierde wordt de belangenafweging en de evenredigheid benoemd. Er is bereidheid om over het stuk grond te praten. Zoals ook uit het verslag van 21 januari 2025 blijkt, kan een dergelijk gesprek ook gaan plaatsvinden. Daarvoor is het gewenst dat eerst het verzoek formeel wordt afgerond, mede gelet op de meerdere juridische procedures die reeds zijn aangespannen over dit verzoek. Door de besluitvorming is het verzoek formeel afgehandeld en ontstaat er ook tijd en ruimte om het gesprek weer aan te gaan. Ook voor de economische en ruimtelijke impact kan simpelweg gesteld worden dat de eigenaar willens en wetens in 2022 een stuk grond heeft gekocht wat onderdeel uitmaakt van de openbare weg. Dat het perceel waarop het fietspad is gelegen de mogelijkheden en efficiënte inrichting van het overige terrein zou belemmeren wordt niet ingezien. Dat zou betekenen dat hier nu ook al sprake van zou moeten zijn. Dat de eigenaar stelt dat het inefficiënt grondgebruik meegewogen moet worden, is op zichzelf juist, maar leidt niet tot een andere conclusie.

6

Ten slotte geeft de verzoeker aan dat besluitvorming precedentwerking in de hand werkt en zorgt voor onduidelijke eigendomsrechten. In de ogen van de huidige eigenaar van de grond worden grondeigenaren structureel benadeeld en zal dit leiden tot langdurige juridische geschillen. Het is wat ons betreft duidelijk dat bij de aanleg van dit fietspad er uiteindelijk iets niet goed is gegaan voor wat betreft de beoogde verwerking van dit stuk grond in 1988. Dit is echter wel een incident. Dat hiermee een precedent zal worden geschapen is alleen al gelet op de omstandigheden van het geval al onwaarschijnlijk. Conclusie is dat de aangevoerde argumenten geen reden zijn om het verzoek tot onttrekken van het fietspad aan de openbaarheid toe te wijzen. De zienswijze zal dan ook niet overgenomen worden.

Juridische gevolgen/fatale termijnen/handhaving Tegen dit besluit staat (administratief) beroep open bij de provincie Fryslân.

Belang voor toerisme/samenleving/economie Het fietspad is van belang voor inwoners, scholieren en toeristen en daarmee van waarde voor de economie van Terschelling.

Financiële/personele/organisatorische gevolgen Wanneer het fietspad uit de openbaarheid wordt onttrokken, moeten er aanpassingen worden uitgevoerd aan de weg en het kruispunt om de veiligheid te kunnen garanderen. Dit leidt tot aanzienlijke kosten.

Communicatie/interactiviteit De verzoeker zal op de hoogte moeten worden gesteld van het besluit van de Raad middels bijgesloten conceptbrief. Het besluit zal op grond van de wet ook formeel worden bekendgemaakt.

Ter inzage liggende stukken -

Verzoek tot onttrekken fietspad aan openbaarheid (1) Brief college met afwijzing verzoek (2) Kadastrale situatie fietspad (3) Relevante wettelijke artikelen Wegenwet (4) Verslag zienswijzengesprek (5) Zienswijze tegen ontwerpbesluit (6) Conceptbrief aan verzoeker met reactie op zienswijze (7) Archiefstukken inzake beoogde aankoop grond (8)

Datum behandeling in B&W + ondertekening Terschelling, 18 maart 2025 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terschelling, H.M. de Jong, secretaris/directeur

mr. R.S. Cazemier, wnd. burgemeester

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=03a42c51-eca2-4952-b007-37a9f576c455