7.e Bijlage 3a ZIENSWIJZENOTA definitief met wijzigingen.pdf
Tekst van het document
Zienswijzenota Van 1 oktober tot 12 november 2020 heeft de concept Beheerverordening begraafplaatsen 2020, beleids- en beheervisie voor de Gemeentelijke Begraafplaats aan de Schoolstraat en de bijbehorende stukken ter inzage gelegen. Hier zijn zienswijzen van drie reclamanten op binnen gekomen. De binnengekomen zienswijzen en reacties zijn samengevat en in deze nota geanonimiseerd en van een gemeentelijk antwoord voorzien. Per reactie is aangegeven of dit tot een aanpassing heeft geleid. Alle reclamanten hebben een persoonlijk antwoord op de zienswijze ontvangen. Ook heeft een ieder een exemplaar van de totale reactienota ontvangen. De zienswijzen zijn puntsgewijs en op volgorde van binnenkomst behandeld. Reclamant A. Punt 1: Voor de begraafplaats aan de Schoolstraat pas nieuwe graven uit te geven wanneer de oude graven helemaal vol zijn; U stelt dat op de begraafplaats aan de Schoolstraat nieuwe graven worden uitgegeven. In de beheervisie is aangegeven dat er voor de begraafplaats aan de Schoolstraat voor het doen van begravingen uitsluitend hergebruik van bestaande grafruimte mogelijk zal zijn. Er wordt geen nieuwe grafruimte gecreëerd. Dat wil dus zeggen dat er geen nieuwe graven worden uitgegeven. Reclamant A. Punt 2: Voor de begraafplaats aan de Schoolstraat zijn de grafmonumenten aan 2 kanten te gebruiken, wat bij een tiental van de monumenten al is toegepast.
Indien men er opnieuw in begraaft, zou dit als mogelijkheid moeten blijven bestaan. Het grafmonument blijft zo zijn monumentale waarde behouden; U geeft aan dat in het verleden het aan beide zijden gebruiken van een staand grafmonument al voorkwam. U stelt terecht dat het aan twee kanten gebruik van een grafmonument in het verleden op een tiental monumenten is toegepast. Een dergelijke inscriptie is echter niet mogelijk voor alle grafmonumenten. Bovendien gaat het om beeldperceptie, waarbij het college het uitgangspunt hanteert dat zoveel mogelijk recht wordt gedaan aan de historische uitstraling van de begraafplaats. Om die reden hanteert de gemeente een eenduidig beleid waarin geen mogelijkheid is om een grafmonument aan twee zijden te gebruiken. Wel is het op sommige graven mogelijk een bordje voor het grafmonument te plaatsen. Reclamant A. Punt 3: Als er voor de monumenten (aanvullend in blauw aangegeven op de Hulsman lijst) een eigenaar is, zou deze ook eigenaar moeten zijn van het monument en niet de gemeente; Voor alle graven waarvan een rechthebbende bekend is, of waarvan middels de procedure een rechthebbende wordt vastgesteld, geldt dat een grafmonument op het graf eigendom is van de rechthebbende met de daaraan vastgestelde rechten en verplichtingen.
Een dergelijke juridische mogelijkheid bestond in 2004 niet, maar is in 2010 onderdeel geworden van de Wet op de lijkbezorging. Reclamant A. Punt 14: De graven aan de Longway voor ruiming te toetsen aan de cultuur-historische waarde; In uw zienswijze geeft u aan dat in het verleden verschillende graven van personen die van betekenis zijn geweest voor Terschelling of daarbuiten zijn geruimd, waarmee een stukje cultuur verloren is gegaan. U stelt voor graven op de begraafplaats aan de Longway voor ruiming te toetsen.
De gemeente hanteert het beleid dat bijzondere grafmonumenten bewaard blijven, al zij het niet op de oorspronkelijke locatie. De gemeente neemt uw suggestie daarom over en laat de begraafplaats aan de Longway in de komende maanden inventariseren door een externe deskundige en in overleg met betrokken partijen.
Reclamant B. Punt 4: Tegenstrijdigheid op p.6 en p.10 en aanpassing op p.14 beheer visie; In uw zienswijze geeft u aan dat er een tegenstrijdigheid te vinden is op p.6 en p.10. Grafmonumenten zijn voor hergebruik afhankelijk van de kwalificatie uit de Hulsman lijst. Het gaat niet om hergebruik van het graf. Wij delen hierin uw mening. Op p.10 is toegevoegd dat het om hergebruik van grafmonumenten gaat. Op p.14 is aanvullend het woord ‘graven’ vervangen door ‘graven met waardevolle grafmonumenten’. Reclamant B. Punt 5: Doorvoeren definitie nabestaande ‘overleden rechthebbende’ in beheer visie; De definitie van nabestaande is volgens u niet juist doorgevoerd in de rest van de beheer visie. In de beheerverordening wordt de volgende definitie gehanteerd voor nabestaanden: “een natuurlijk persoon, niet zijnde de rechthebbende op een graf, die in een aantoonbare familierechtelijke verhouding staat tot de overleden rechthebbende VAN dat graf.” De definitie in beheervisie week hiervan af en is gecorrigeerd en is ook in de rest van tekst van de beheersvisie doorgevoerd. Reclamant B. Punt 6: Aanpassen jaartal tarieventabel naar 2020 in beheer visie; In de zienswijze heef u terecht gesteld dat ten tijde van het opstellen van de beheer visie de tarieventabel nog gekoppeld was aan de verordening lijkbezorgingsrechten 2005.
Inmiddels is er een nieuwe verordening lijkbezorgingsrechten in gebruik genomen op 17 december 2019 (verordening lijkbezorgingsrechten 2020). Uw voorgestelde aanpassing is doorgevoerd. De tarieventabel is nu gekoppeld aan de verordening lijkbezorgingsrechten 2020. Reclamant B. Punt 7: Doorvoeren van de term ‘schudden/verdiepen’ in de beheer visie; In de concept-beheer visie aan de raad was de term ‘schudden/verdiepen’ niet opgenomen. Het woord verdiepen is achterwege gelaten, omdat de term ‘schudden’ een gangbaar woord is (binnen de begraaftermen) en daarmee al concreet werd aangegeven wat er mee bedoeld wordt. Met het verwijderen van het woord ‘schudden’ waren wij in de veronderstelling dat dit duidelijkheid zou scheppen voor de lezer. U geeft aan dat er in november 2019 al met de werkgroep was afgesproken dat de term ‘verdiepen’ juist zou worden toegevoegd in de beheer visie. Verdiepen is een oud Terschellinger woord voor schudden (zie het archief van de gemeente, de oude boeken waarin dit al vermeld wordt). U geeft aan dat het woord daarnaast veel transparanter is. Het woord zegt eigenlijk al wat er precies gaat gebeuren als een graf “geruimd” gaat worden. De term verdiepen is opnieuw doorgevoerd in de beheer visie voor de gemeentelijke begraafplaats aan de Schoolstraat en in de toelichting van art. 24 lid 2 van de beheerverordening begraafplaatsen 2020. Reclamant B.
Punt 8: Doorvoeren van de term ‘begraafplaats aan de Longway’ in het uitvoeringsbesluit voor de grafbedekkingen en de beleidsregels overschrijving grafrecht 2019; U stelt terecht dat in andere documenten die betrekking hebben op de beheerverordening begraafplaatsen 2020 en beheer visie voor de gemeentelijke begraafplaats aan de Schoolstraat wordt gesproken over de ‘begraafplaats aan de Longway’. Het uitvoeringsbesluit voor de grafbedekkingen
en de beleidsregels overschrijving grafrecht 2019 zijn nog niet vastgesteld. Deze wijzigingen zullen worden meegenomen. Reclamant B. Punt 9: Voorstel om eenmalig een grote evaluatie te houden, waarna er ieder jaar geëvalueerd en de Hulsman lijst geactualiseerd kan worden; Om de Hulsman lijst actueel te houden is het wenselijk dat de lijst periodiek geëvalueerd wordt. In de concept-beheer visie wordt voorgesteld om dat 1 x per 10 jaar te doen. U stelt voor om eenmalig een grote evaluatie uit te voeren waarbij de plattegrond uit de Hulsman lijst op orde wordt gebracht, om vervolgens jaarlijks te evalueren. U geeft aan dat een jaarlijkse evaluatie van groot belang is om de doelstelling te behalen. U stelt terecht dat in de beheervisie wordt opgemerkt dat sinds 2004 grafmonumenten zijn hersteld, toevoegingen gedaan en begravingen hebben plaatsgevonden. Tegelijkertijd merkt u op dat de plattegrond die is gebruikt voor de Hulsmanlijst omissies kent en dus niet (meer) accuraat is. U stelt voor om eenmalig een grote evaluatie uit te voeren waarbij de plattegrond uit de Hulsman lijst op orde wordt gebracht, om vervolgens jaarlijks te evalueren. U geeft aan dat een jaarlijkse evaluatie van groot belang is om de doelstelling te behalen. In de concept-beheer visie wordt voorgesteld om dat 1 x per 10 jaar te doen. Wij zijn het ten dele met u eens.
Sinds 2004 is de Hulsmanlijst niet geëvalueerd en wij zijn het met u eens dat dit grondig gedaan dient te worden. Uitgangspunt blijft evenwel de inventarisatie van Hulsman uit 2004. Dat neemt niet weg dat een actuele plattegrond van de begraafplaats opgesteld dient te worden. Overigens is niet uit te sluiten dat de daadwerkelijke positie van een grafmonument niet overeenkomt met het grafnummer in de administratie. Niet de Hulsmanlijst is daarbij leidend, maar de actuele situatie op de begraafplaats. Een jaarlijkse evaluatie is naar onze mening niet nodig, aangezien het controleren op de staat van onderhoud valt binnen het reguliere takenpakket van de beheerder van de begraafplaats. Eventuele onvolkomenheden worden op die wijze tijdig gesignaleerd. Een grootschalige periodieke evaluatie van de Hulsmanlijst volstaat dan 1 x per 10 jaar. Reclamant B. Punt 10: Voorstel om de discretionaire bevoegdheid uit art. 21 lid 3 en 5 van de beheerverordening begraafplaatsen 2020 te wijzigen in een verplichting; In art. 21 lid 3 en 5 van de beheerverordening begraafplaatsen 2020 is opgenomen dat het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking kan laten verwijderen. Het college kan de rechthebbende of de gebruiker per aanschrijving verplichten een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het college gestelde termijn.
U geeft aan dat de doelstelling is om zodanige maatregelen te treffen om verval van grafmonumenten tegen te gaan en dat er in een wenselijke richting wordt bijgestuurd. In het verleden (de verordening van 1993 en 2004) is er geen gebruik gemaakt van de discretionaire bevoegdheid. Het opnemen van de discretionaire bevoegdheid schept onduidelijkheid en u stelt voor om deze te wijzigen in een verplichting. Wij begrijpen uw voorstel, echter is het opnemen van een verplichting niet wenselijk. Het opnemen van een discretionaire bevoegdheid geeft voldoende mogelijkheid en vrijheid om zelf een afweging te maken. Het treffen van maatregelen door in een wenselijke richting bij te sturen geeft het college ruimte om gepast en eventueel in overleg met de betrokkenen naar een oplossing te zoeken, waarbij het behoud van de cultuurhistorische waarden voorop staat. Het per definitie verwijderen van grafmonumenten die dreigen te vervallen is niet het uitgangspunt en een verplichting geeft niet de ruimte die een discretionaire bevoegdheid wel biedt.
Reclamant C. Punt 11: Bedoelt de gemeente in de beheer visie op p.9 met ‘een procedure voor de aanwezige graven’ ook graven die geen grafmonument hebben?; In uw zienswijze geeft u aan dat deze graven in de hele beheer visie niet voorkomen. (de zgn. grasgraven). U stelt dat op dat soort graven (op een enkel algemeen graf na) in het verleden ook grafrechten gevestigd zijn. De procedure met betrekking tot de graven waarvan niet bekend is of er een rechthebbende is, betreft alle graven, zowel met als zonder grafmonument. Er wordt geen onderscheid gemaakt, immers het betreft in beide gevallen in eerste instantie het grafrecht zelf en als gevolg daarvan pas een eventueel aanwezig grafmonument. Reclamant C. Punt 12: Indien deze niet worden meegenomen in de procedure voor aanwezige graven (en nabestaanden niet in de gelegenheid worden gesteld om het grafrecht over te schrijven), dan kan de gemeente het niet maken om deze grafrechten te laten vervallen; U vraagt zich af wat de insteek van de gemeente is in deze. Zie voorgaand. Er is geen onderscheid tussen graven met of zonder grafmonument. Reclamant C.
Punt 13: Bedoelt de gemeente in de beheer visie op p.9 met ‘door bij de betrokken graven aan te geven’ dat bij elk graf (inclusief de graven zonder grafmonument) een bordje wordt geplaatst met de mededeling over onder andere aantoonbaar recht?; U vraag zich af of hiermee wordt bedoeld dat er 500 bordjes door de gemeente zullen worden geplaatst. Dit is niet het geval. Hiermee wordt bedoeld dat alleen bij die graven waarvan niet bekend is of er een rechthebbende is/bestaat, een kenmerk geplaatst zal worden. Dit zal op passende wijze gebeuren, waarbij nadere uitleg te lezen zal zijn op het informatiebord bij de begraafplaats. Het betekent dus niet dat er bij elk graf een bordje wordt geplaatst. Zoals in de beheervisie aangegeven, is de bekendmaking op de begraafplaats zelf slechts een van de middelen om in contact te treden met eventuele rechthebbenden.