7.c. Begroting 2023.pdf
Tekst van het document
2023 Begroting
9 augustus 2022
Inhoud Inleiding ................................................................................................................................................... 1 1. Kaders en cijfers .................................................................................................................................. 4 2. Financiële begroting ............................................................................................................................ 6 2.1 Financiële resultaten ..................................................................................................................... 6 2.2 Financiële ontwikkelingen ............................................................................................................. 7 2.3 Overzicht van de incidentele baten en lasten ............................................................................. 14 2.4 Algemene uitkering ..................................................................................................................... 16 2.5 Reserves en voorzieningen .......................................................................................................... 18 3. Programmaplan .................................................................................................................................
20 3.1 Programma 0 – Burger en ondersteuning ................................................................................... 20 3.2 Programma 1 – Veiligheid ........................................................................................................... 24 3.3 Programma 2 – Verkeer, vervoer en waterstaat......................................................................... 27 3.4 Programma 3 – Economie ........................................................................................................... 32 3.5 Programma 4 – Onderwijs ........................................................................................................... 35 3.6 Programma 5 – Sport, cultuur en recreatie ................................................................................ 38 3.7 Programma 6 – Sociaal Domein .................................................................................................. 43 3.8 Programma 7 – Volksgezondheid en milieu ................................................................................ 49 3.9 Programma 8 – Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing ................... 54 4. Paragrafen .........................................................................................................................................
58 4.1 Lokale heffingen .......................................................................................................................... 59 4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing................................................................................. 64 4.3 Onderhoud kapitaalgoederen ..................................................................................................... 73 4.4 Financiering ................................................................................................................................. 77 4.5 Bedrijfsvoering ............................................................................................................................ 80 4.6 Verbonden partijen ..................................................................................................................... 83 4.7 Grondbeleid ................................................................................................................................. 88 4.8 Geprognosticeerde balans .......................................................................................................... 90 4.9 Personele lasten ..........................................................................................................................
91 Bijlagen .................................................................................................................................................. 94 Bijlage 1 Uitgangspunten programmabegroting 2023-2025............................................................. 95 Bijlage 2 Staat van reserves en voorzieningen .................................................................................. 96 Bijlage 3 Algemene uitkering ............................................................................................................. 97 Bijlage 4 Langlopende leningen......................................................................................................... 99 Bijlage 5 Verdeling van de toeristenbelasting ................................................................................. 100 Bijlage 6 EMU-Saldo ........................................................................................................................ 101 Bijlage 7 Meerjareninvesteringsbegroting 2023-2026 .................................................................... 102 Bijlage 8 Overzicht van baten en lasten per kostenplaats .............................................................. 103 Bijlage 9 Begrippenlijst begroting 2023........................................................................................... 108
Begroting 2023
Inleiding Op 25 mei 2022 is het coalitieakkoord Koers naar de toekomst: Meedenken, Meepraten, Meedoen vastgesteld voor de periode 2022-2026. Het uitgangspunt is dat Terschelling ook in de toekomst een plek is waar fijn gewoond, gewerkt, gerecrëerd en geleefd wordt. Een plek waar elke eilander zich echt thuis voelt en een thuis heeft. De ambities zijn groot. Om de ambities te bereiken is het belangrijk dat we samenwerken, met inwoners en ondernemers. In deze begroting krijgt het coalitieakkoord zoveel mogelijk haar vorm en inhoud. Op sommige punten is het nog niet volledig gelukt om invulling te geven aan het coalitieakkoord. Een uitgebreide uitwerking volgt in een uitvoeringsprogramma voor het college, dat naar verwachting in het najaar gereed is. Deze begroting is sluitend. Hoewel het jaar 2023 een negatief resultaat laat zien, zijn in de jaren daarop weer (zeer) positieve resultaten zichtbaar. We werken er hard aan om een sterke en zelfstandige gemeente te blijven. Om onze doelen te behalen, is een goede samenwerking belangrijk. Het gaat daarbij niet alleen om de samenwerking tussen de organisatie en het bestuur, maar ook om de samenwerking met andere overheden. In het programma Waddeneilanden werken we samen met de provincie Fryslân, Groningen en Noord-Holland om de welvaart op de eilanden te versterken.
In de begroting hebben we een deel van de algemene reserves geserveerd voor de financiering van het samenwerkingsprogramma. Wonen blijft de komende jaren een topprioriteit. We zetten nog meer in op het creëren van nieuwe woningen. In plaats van de eerdere ambitie om 135 woningen te bouwen, willen we 195 nieuwe woningen creëren. Hier wordt ambtelijke en financiële inzet beschikbaar voor gesteld. Per 1 januari 2023 treedt de Omgevingswet in werking. De Omgevingswet betekent een nieuwe manier van werken voor elke gemeente in Nederland. Participatie van inwoners en ondernemers heeft straks in elk project een plek. Voor het realiseren van de invoering van de Omgevingswet is budget beschikbaar gesteld. De nieuwe wet sluit naadloos aan bij onze ambities op het gebied van dienstverlening. We willen nog beter, begrijpelijker en meer proactief communiceren met onze inwoners. Tot 2030 zetten we verschillende maatregelen in om onze dienstverlening te verbeteren. Hoewel er goede inschattingen zijn gemaakt en de uitkomsten zeer positief lijken, is het belangrijk om goed te blijven monitoren. Plannen zoals de Omgevingswet en het Woonprogramma moeten nog definitief worden vastgesteld. Ook het Rijk stelt vaak haar plannen bij. Onze toegangspoort, de haven, vraagt om gote investeringen en kent veel uitdagingen. De financiële gevolgen hiervan zijn op dit moment nog niet in te schatten.
De plannen worden pas in een later stadium verwacht. De hoogte van de inkomens van onze medewerkers, is net als bij andere gemeenten afhankelijk van het inwonersaantal. In 2023 start een project voor de aanvraag van zogenoemde opclassificatie: een aanvraag bij de provincie Fryslân om Terschelling in een andere klasse te plaatsen dan waartoe zij volgens het inwonertal behoort.
Begroting 2023
1
Deze begroting is volgens de voorschriften van de provincie Fryslân opgesteld op basis van de meicirculaire 2022 van het Gemeentefonds. De voorstellen in deze programmabegroting voorzien in een structurele investering in een gezonde en veerkrachtige organisatie. Het college van Burgemeester en Wethouders
Begroting 2023
2
Leeswijzer Wat is een programmabegroting? Een programmabegroting heeft verschillende doelen. Het is een instrument voor de gemeenteraad om kaders, zowel inhoudelijk als financieel te stellen. In de begroting leggen we de producten en diensten die we als gemeenten leveren vast, en beschrijven we de middelen die hiervoor beschikbaar zijn gesteld. Vervolgens legt het college bij de jaarstukken op basis van de programmabegroting verantwoording af over het behaalde resultaat. Om de leesbaarheid te vergroten, is bij de opbouw van deze begroting afgeweken van de volgorde zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Deze werkwijze is afgestemd met de provincie en is toegestaan. Deze begroting is als volgt opgedeeld: • • • •
Financiële begroting Beleidsbegroting (de programma’s) Paragrafen Bijlagen
De financiële begroting De financiële begroting laat het financiële meerjarenbeeld van onze gemeente zien. In dit hoofdstuk presenteren wij een totaaloverzicht van onze baten en lasten. U vindt een meer gedetailleerd overzicht van de baten en lasten in de afzonderlijke programma’s. De beleidsbegroting De beleidsbegroting beschrijft de begroting van 9 programma’s. De programma’s zijn opgedeeld in een aantal taakvelden en producten. De beschrijving bestaat uit verschillende onderdelen: • Wat gaan we doen, en wat zijn de verwachte ontwikkelingen? (Wat willen we bereiken? • Hoe gaan we het programma uitvoeren, en wat mag het kosten? • Wat zijn de risico’s? • Financiën en Beïnvloedbaarheid Paragrafen Doel van de paragrafen is dat onderwerpen die versnipperd in de begroting staan worden gebundeld in een kort overzicht, zodat we u voldoende inzicht bieden. Het BBV bepaalt dat zeven paragrafen (namelijk: lokale heffingen, weerstandsvermogen en risicobeheersing, onderhoud kapitaalgoederen, financiering, bedrijfsvoering, verbonden partijen en grondbeleid) verplicht zijn. Daarnaast is na besluit van de raad een tweetal extra paragrafen toegevoegd (Geprognosticeerde balans, Personele lasten).
Bijlagen Tot slot bestaat deze programmabegroting uit een aantal bijlagen: Bijlage 1 – Uitgangspunten programmabegroting 2023 en meerjarenperspectief 2023-2026 Bijlage 2 – Staat van reserves en voorzieningen Bijlage 3 – Algemene uitkering Bijlage 4 – Opgenomen langlopende geldleningen Bijlage 5 – Verdeling toeristenbelasting Bijlage 6 – EMU-saldo Bijlage 7 – Meerjareninvesteringsbegroting Bijlage 8 – Overzicht van baten en lasten per kostenplaats Bijlage 9 – Begrippenlijst begroting 2023
Begroting 2023
3
1. Kaders en cijfers Over Terschelling Terschelling is met in totaal 67.400 hectare één van de grootste gemeenten van Nederland. Dit komt doordat een groot deel van de Waddenzee, en daarbij het vogeleiland Griend toebehoort aan de grond van gemeente Terschelling. Terschelling is met haar unieke sfeer, natuur en landschap erg in trek bij toeristen en daggasten. Naast een aantrekkelijke en veilige leefomgeving zijn de zee, toerisme en natuur belangrijke pijlers van het eiland. Inwoners Aantal inwoners per dorp
Dorp
3 januari 2022
1 januari 2021
West-Terschelling
2.581
2.524
Midsland
1.038
1.036
Hoorn
480
470
Formerum
246
236
Lies
150
148
Oosterend
150
141
Baaiduinen
130
124
Landerum
99
97
Kinnum
29
33
Hee
27
25
Striep
19
17
Kaard
12
15
Totaal
4.961
4.866
Begroting 2023
4
Organogram
Planning- en control cyclus 2023 De basis van de planning- en control cyclus is de vastgestelde Financiële Verordening. Op grond van deze verordening biedt het college van burgemeester en wethouders voor aanvang van het begrotingsjaar een overzicht aan de gemeenteraad. Hierin staan de data waarin de gemeenteraad de jaarstukken, Kadernota, tussentijdse rapportages en de begroting met de meerjarenraming. Onderstaande tabel (tabel 1) beschrijft de planning- en control cyclus van 2023. Deze cyclus is opgesteld aan de hand van de (voorlopige) vergaderagenda van de gemeenteraad en houdt rekening met de wettelijke verplichte data van vaststelling van de begroting en de jaarverantwoording.
Product
Planning- & control cyclus 2023 Commissie
Raad
Jaarrekening 2022
31 mei 2023
21 juni 2023 19 juli 2023
Kadernota 2024-2027
5 juli 2023
1e Bestuursrapportage 2023
5 juli 2023
19 juli 2023
Begroting 2024 2e Bestuursrapportage 2023
18 oktober 2023 22 november 2023
1 november 2023 13 december 2023
Begroting 2023
5
2. Financiële begroting 2.1 Financiële resultaten 2.1.1 Resultaat begroting Structurele baten en lasten Op grond van artikel 189 Gemeentewet moet de gemeenteraad erop toe zien dat de begroting structureel en in evenwicht is. In een begroting die in evenwicht is, worden de structurele lasten over de gehele periode van vier jaar - gedekt door structurele baten. Tabel 2 beschrijft het meerjarig resultaat: van 2023 tot en met 2026. Resultaten (meerjaren)begroting 2023-2026 In € Saldo van baten en lasten
2023
2024
2025
2026
-779.000
-259.000
379.000
-174.000
Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
354.000
512.000
355.000
355.000
Begrotingssaldo
-425.000
253.000
734.000
181.000
Waarvan incidentele baten en lasten
39.000
297.000
165.000
180.000
Structureel begrotingssaldo
-464.000
-44.000
569.000
1.000
Hoewel het jaar 2023 een negatief resultaat laat zien, zijn in de jaren erna weer positieve resultaten zichtbaar. Incidentele baten en lasten zorgen ervoor dat in 2024 ook het structureel begrotingssaldo negatief is. Over het gemiddelde van vier jaren komen we uit op een positief resultaat. Dat betekent dat de structurele begroting sluitend en daarmee in evenwicht is. In dit hoofdstuk gaan we verder in op de cijfers en beschrijven we onder andere waardoor het negatieve resultaat in 2023 ontstaat. Een toelichting van de incidentele baten en lasten is te vinden in paragraaf 2.3. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen beschrijft het vermogen van de gemeente om eventuele calamiteiten financieel op te vangen. Het weerstandsvermogen wordt bepaalde door de benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. Tabel 3 beschrijft het weerstandvermogen. Uit de tabel blijkt dat de algemene reserve de komende jaren lager is dan de vastgestelde weerstandscapaciteit. Weerstandsvermogen in € Stand van de algemene reserve per 31 december
2022
2023
2024
2025
2026
3.938.000
1.713.000
1.966.000
2.700.000
2.881.000
Stand van de reserve recreatie per 31 december
452.000
452.000
452.000
452.000
452.000
Totaal stand reserves per 31 december
4.390.000
2.165.000
2.418.000
3.152.000
3.333.000
Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
3.498.000
3.550.000
3.603.000
3.657.000
3.712.000
Overschot/tekort van het weerstandsvermogen
892.000
-1.385.000
-1.185.000
-505.000
-379.000
In juli 2022 nam de gemeenteraad een besluit over deelname aan het Waddenprogramma. Daarmee werd bepaald dat het bedrag dat nodig is ( € 1.800.000,- ) eenmalig wordt onttrokken aan de algemene reserves in 2023. Door dit besluit en de verwachte negatieve resultaten in 2022 en 2023, daalt de algemene reserve tot onder het door de raad vastgestelde weerstandscapaciteit.
Begroting 2023
6
Er volgt in 2027 nog een last van € 450.000 ten behoeve van het waddenprogramma (namelijk de bijdrage bedraagt 25% van € 9.000.000, totaal € 2.250.000). De onttrekking van € 450.000 uit de algemene reserve ten behoeve van reserve waddenprogramma zal in de kadernota van 2024 plaatsvinden. 2.1.2 Analyse resultaat begroting 2023 Tabel 4 laat per programma het begrote resultaat voor 2023 zien. Geraamd resultaat 2023 In €
Saldo baten en lasten
Mutatie reserves
Geraamd resultaat
Lasten
Baten
Programma 0 - Burger en ondersteuning
-8.974.000
13.826.000
4.852.000
449.000
Programma 1 - Veiligheid
-1.011.000
39.000
-972.000
-
-972.000
Programma 2 - Verkeer, vervoer en waterstaat
-2.609.000
868.000
-1.741.000
-95.000
-1.836.000 3.963.000
5.301.000
Programma 3 - Economie
-355.000
4.318.000
3.963.000
-
Programma 4 - Onderwijs
-4.112.000
3.613.000
-499.000
-
-499.000
Programma 5 - Sport, cultuur en recreatie
-1.866.000
341.000
-1.525.000
-
-1.525.000
Programma 6 - Sociaal domein
-3.846.500
502.000
-3.344.500
-
-3.344.500
Programma 7 - Volksgezondheid en milieu
-2.497.500
1.857.000
-640.500
-
-640.500
Programma 8 - Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing
-1.535.000
663.000
-872.000
-
-872.000
Geraamd resultaat
-26.806.000
26.027.000
-779.000
354.000
-425.000
Een gedetailleerd overzicht van de baten en lasten per kostenplaats per programma is te vinden in bijlage 8.
2.2 Financiële ontwikkelingen De vastgestelde Kaderbrief 2023 - 2026 beschrijft de belangrijkste (financiële) ontwikkelingen in de komende jaren. Op het moment dat er een besluit werd genomen over de Kaderbrief, waren de uitwerkingen van het coalitieakkoord nog niet bekend. We nemen daarom in deze begroting de financiële vertaling van het coalitieakkoord op. Ook de ontwikkelingen van het huidige beleid die van invloed zijn op de meerjarenraming, zijn verwerkt in het financieel perspectief. Overzicht wijzigingen begroting 2023 In €
2023
2024
2025
2026
1. Begrotingssaldo
-453.000
-336.000
-116.000
72.000
654.000
1.010.000
1.246.000
336.000
23.000
26.000
28.000
19.000
-1.080.000
-981.000
-957.000
-940.000
431.000
534.000
533.000
694.000
-425.000
253.000
734.000
181.000
Autonome ontwikkelingen 2. Ontwikkeling algemene uitkering, indexatie budgetten en kosten personeel en bestuur Reeds genomen raadsbesluiten 3. Verwerking aangenomen raadsbesluiten van de diverse taakvelden Uitwerking coalitieprogramma: Koers naar de toekomst: ''meedenken, meepraten, meedoen'' 4. Financiële uitwerking coalitieprogramma ''meedenken, meepraten, meedoen'' Overige voorstellen 5. Diverse budgetaanpassingen in verband met lopende ontwikkelingen
Per categorie volgt hieronder een toelichting.
Begroting 2023
7
1. Begrotingssaldo Het financieel perspectief start met het begrotingssaldo na vaststelling van de Kaderbrief 2023-2026. Het jaar 2023 laat een negatief saldo van € 425.000 zien. 2. Autonome ontwikkelingen Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die op de gemeente afkomen en waar de gemeente zelf geen invloed op kan uitoefenen. Deze hebben voornamelijk betrekking op indexeringen. Onderstaande tabel (tabel 6) laat het effect van de autonome ontwikkelingen op de meerjarenraming zien. 2. Autonome ontwikkelingen In €
2023
2024
2025
2026
a. Meicirculaire algemene uitkering (75%)
1.025.000
1.324.000
1.664.000
946.000
b. Autonome kosten personeel en bestuur
-112.000
-76.000
-125.000
-230.000
c. Indexering gemeenschappelijke regelingen
-19.000
-28.000
-83.000
-125.000
-
-
-
-50.000
-240.000
-210.000
-210.000
-205.000
654.000
1.010.000
1.246.000
336.000
d. Onvoorzien t.b.v. prijscompensatie e. Hogere energiekosten
Meicirculaire De ontwikkelingen uit de meicirculaire hebben een positief effect voor gemeente Terschelling. Het effect wordt veroorzaakt door een jaar op jaar opwaartse bijstelling van het accres. De resultaten uit de meicirculaire zijn vaak erg optimistisch. Daarom zijn in de begroting de uitkomsten slechts voor 75% verwerkt1. Zo kunnen eventuele tegenvallers in de semptembercirculaire opgevangen worden, zonder dat deze een hele grote invloed hebben. Als blijkt dat de ramingen standhouden, dan nemen we de volledige raming op door middel van een begrotingswijziging. Een overzicht van de ontwikkelingen van de algemene uitkering is te vinden paragraaf 2.4. Autonome kosten personeel en bestuur De huidige cao-gemeenten loopt tot 1 januari 2023. In de meerjarenraming is structureel een indexering verwerkt van 2% per jaar. Op basis van de ontwikkelingen in de afgelopen jaren en de huidige loon- en prijsontwikkelingen zijn de lonen voor 2023 opgehoogd met 3% en voor de jaren 2024-2026 met 0,5% (totaal 2,5%). Daarnaast is de reservering voor ziekte en ww-rechten in de jaren 2025 en 2026 verhoogd met € 50.000. Indexering Gemeenschappelijke regelingen De bijdragen aan diverse gemeenschappelijke regelingen zijn aangepast aan de meest recente prijsontwikkelingen. Onvoorzien t.b.v. prijsontwikkeling diensten derden Jaarlijks wordt in de begroting een post ‘onvoorzien’ opgenomen.
De post is bedoeld voor de dekking van eventuele stijgende prijzen van inkopen en aanbestedingen door toenemende prijsinflatie.
1 conform de beschrijving in het memo van 13 juni
Begroting 2023
8
Hogere energiekosten De prijzen van gas en elektriciteit zijn het afgelopen jaar sterk gestegen. Voor de inkoop van energie werken we samen met de coöperatie Openbare Verlichting en Energie Fryslân (OVEF). De prijzen voor 2022 werden in 2021 vastgelegd en waren toen nog gunstig. Voor 2023 werken de prijsstijgingen echter door in de leveringsprijzen. De leveringscontracten voor gas en elektriciteit lopen tot 31 december 2023. Voor de afname van gas hadden we een contract met Gazprom. Vanwege de sancties tegen Rusland moet dit contract worden beëindigd. Daarom stappen we vanaf 10 oktober 2022 over naar het zelfleveringsmodel, waarbij de OVEF zelf dagelijks op de energiemarkt groen gas verkoopt en inkoopt. In 2024 gaan we ook voor de inkoop van stroom over naar het zelfleveringsmodel. In dit model wordt energie zoveel mogelijk lokaal en duurzaam ingekocht, wat ook prijsverhogend zal werken. Als richtlijn voor 2023 en de jaren hierna, moet daarom rekening gehouden worden met een gemiddelde prijsstijging van 400% ten opzichte van 2022. 3. Reeds genomen besluiten In de afgelopen periode zijn er meerdere raadsbesluiten genomen die consequenties hebben voor het financieel perspectief. Deze besluiten zijn verwerkt in de meerjarenraming. Een overzicht van de besluiten is te zien in onderstaande tabel (tabel 7). 3. Reeds genomen raadsbesluiten In €
2023
2024
2025
2026
a. Onttrekking bestemmingsreserve ter dekking Waddenprogramma
450.000
450.000
450.000
450.000
b. Schrappen verlaging dotatie reserve havenbedrijf
-200.000
-200.000
-200.000
-200.000
c. Onvoorzien Sociaal Domein
-100.000
-100.000
-100.000
-100.000
d. Verlenging bijdrage Ondernemersfonds
-165.000
-169.000
-173.000
-177.000
e. Opslag OZB ter financiering van het Ondernemersfonds
165.000
169.000
173.000
177.000
f.
-99.000
-97.000
-96.000
-101.000
Verhoging raadsbudget
g. Accountantskosten naar raadsbudget
23.000
23.000
23.000
23.000
h. Wijzigen Griffiebudget (incl. personele lasten griffie)
-51.000
-50.000
-49.000
-53.000
23.000
26.000
28.000
19.000
4. Uitwerking coalitieprogramma ‘’Meewerken, meepraten, meedoen’’ In deze begroting krijgt het coalitieakkoord zoveel mogelijk haar vorm en inhoud. De uitwerking van het coalitieakkoord volgt in de komende jaren. Het akkoord heeft een financieel effect op zowel bestaande als nieuwe programma’s. Onderstaande tabel (tabel 8) laat het effect op bestaande programma’s zien. 4. Uitwerking coalitieprogramma: Koers naar de toekomst: ''meedenken, meepraten, meedoen'' In €
2023
2024
2025
2026
a. Woonprogramma 2.0
-350.000
-350.000
-350.000
-350.000
b. Omgevingswet
-325.000
-225.000
-200.000
-175.000
c. Programma Duurzaamheid
-118.000
-118.000
-118.000
-118.000
d. Verlaging Bouwleges (25%)
pm
pm
pm
pm
-10.000
-10.000
-10.000
-10.000
pm
pm
pm
pm
pm
pm
pm
pm
h. Personeelslasten College van B&W
-77.000
-78.000
-79.000
-87.000
i.
Budget: Wetten, programma's en innovaties
-200.000
-200.000
-200.000
-200.000
j.
Dellewal
pm
pm
pm
pm
-1.080.000
-981.000
-957.000
-940.000
e. Sport f.
Onderhoudsplannen openbare ruimte
g. Publieksdienstverlening
Begroting 2023
9
Woonprogramma 2.0 We zetten nog meer in op het creëren van nieuwe woningen. In plaats van de eerdere ambitie om 135 woningen te bouwen, willen we 195 nieuwe woningen creëren. De huidige Woonvisie wordt begin januari geëvalueerd. Op basis van de uitkomsten wordt een vernieuwd uitvoeringsprogramma opgesteld. Voor het opstellen van het uitvoeringsprogramma is ambtelijke en financiële inzet nodig. Ook kan het zijn dat er (extern) onderzoek nodig is. Op basis van een voorlopige schatting is de verwachting dat de totale kosten voor de uitvoering van het ‘Woonprogramma 2.0’ € 350.000 per jaar zijn. Omgevingswet Op 1 januari 2023 treedt de nieuwe Omgevingswet in werking. Over de exacte datum van invoering neemt de Eerste Kamer na de zomer een besluit. Om de invoering goed te laten verlopen zijn de volgende uitvoeringsbudgetten nodig: Omgevingswet In € Opstellen gebiedsdekkend omgevingsplan
2023
2024
2025
2026
100.000
100.000
100.000
100.000
Opstellen omgevingsvisie
75.000
-
-
-
Doorontwikkeling invoering/uitvoering omgevingswet (processen, kennis, digitalisering, etc.)
150.000
125.000
100.000
75.000
Totale kosten
325.000
225.000
200.000
175.000
Het Rijk draagt via het Gemeentefonds bij aan de kosten die gemaakt worden voor de invoering van de Omgevingswet. In 2022 gaat het om een bedrag van in totaal € 150 miljoen. Hoewel de bijdragen en verdeling onder de gemeenten voor de komende jaren nog niet bekend zijn, verwachten we dat er voor de jaren 2023 tot en met 2025 bijdragen zullen volgen. Vooralsnog komen deze budgetten ten laste van de algemene middelen. Programma Duurzaamheid In het Klimaatakkoord van 2019 hebben alle overheden zich verbonden aan de ambities van het Kabinet om de CO2-uitstoot verder te reduceren. Om deze ambities te realiseren is het structurele budget niet toereikend. Om deze reden is het duurzaamheidsbudget de afgelopen collegeperiode dan ook aangevuld met incidentele middelen. Deze middelen zijn voor €118.000 structureel opgenomen in de begroting voor de jaren 2023 -2026. Vanaf 2023 tot en met 2030 krijgen gemeenten meer middelen voor het uitvoeren van het Klimaatakkoord. De VNG, het IPO en het Rijk voeren hier op dit moment gesprekken over. Vooralsnog komen de budgetten voor de uitvoering van het programma Duurzaamheid daarom ten laste van de algemene middelen. Verlaging Bouwleges Op dit moment wordt gewerkt aan een voorstel voor het verlagen van de bouwleges met 25%. Als dat mogelijk is, vinden deze plaats met terugwerkende kracht naar 1 januari 2022.
Op basis van de werkelijke opbrengsten in 2021 (€ 606.000), leidt dit naar verwachting tot een verlaging van de baten met +/- € 140.000 in 2022. Voor de jaren 2023 en verder is het lastig om de ramingen voor de opbrengsten van bouwleges correct op te nemen. Dit komt doordat de gevolgen van de invoering van de Omgevingswet nog niet volledig in beeld zijn. Daarnaast is er nog te weinig bekend over de ontwikkelingen van de kosten van de uitvoering van de BRIKS-taken door de gemeente Harlingen.
Begroting 2023
10
De opbrengst bouwleges is voor nu gelijk gehouden met het niveau begrote opbrengsten 2021 (€ 456.000). Eventuele financiële gevolgen zullen bekend worden bij het opstellen van de nieuwe legesverordening. Sport Het Lokaal Sportakkoord loopt op 1 januari 2023 af. De werkgroepen die zich de afgelopen jaren hebben ingezet voor dit akkoord, geven aan dat zij door willen gaan. Daarnaast werken we aan een nieuw sportbeleid. De afgelopen jaren ontvingen we voor de uitvoering van het Sportakkoord middelen van het Rijk in de vorm van een specifieke uitkering. Op dit moment is nog niet duidelijk of het Rijk deze regeling continueert. Om door te gaan met de activiteiten is naar schatting een budget nodig van € 10.000. Dit bedrag is gelijk aan het bedrag wat eventueel wordt ontvangen bij continuering van de specifieke uitkering van het Rijk. Onderhoudsplannen openbare ruimte De komende periode is het nodig om diverse onderhoudsplannen te updaten. Het gaat bijvoorbeeld om het onderhoudsplan Groenbeheer, het Gebouwenbeheerplan en het Rioleringsplan. Op dit moment is nog niet bekend wat de kosten hiervoor zijn. Daarom zijn in de begroting 2023 en de Meerjarenraming 2024-2026 budgetten verwerkt op basis van de huidige onderhoudsplannen. Eventuele financiële consequenties van het aanpassen van deze plannen worden op een later moment aan de gemeenteraad voorgelegd.
Publieksdienstverlening Eind 2021 startten we met een onderzoek naar de dienstverlening van onze gemeente. Uit het onderzoek blijkt dat onze dienstverlening gemiddeld met een 8,5 wordt beoordeeld. Maar er is ook ruimte voor verbetering. En bovendien willen we voorbereid zijn op toekomstige ontwikkelingen. Tot 2030 nemen we verschillende maatregelen om deze verbeteringen door te voeren. Op dit moment is nog niet bekend welke financiële consequenties de maatregelen met zich meebrengen. In paragraaf 4.5 Bedrijfsvoering gaan we verder in op de ontwikkelingen in het kader van publieksdienstverlening. Personeelslasten College van B&W Om zorg te dragen voor een goede uitvoering van het coalitieprogramma zijn beide wethouders in een fulltime dienstverband aangesteld. Daarnaast zijn de personele lasten van het gehele College van B&W verhoogd met de verwachte loonontwikkelingen in de komende jaren. Budget: Wetten, programma’s en innovaties? Er wordt doorgewerkt aan een sterke en zelfstandige gemeente. De voorstellen in deze begroting voorzien in een structurele investering in een gezonde en veerkrachtige ambtelijke organisatie die in staat is de bestuurlijke zelfstandigheid van de gemeente Terschelling te behouden en kwalitatief goede dienstverlening te blijven bieden.
Dellewal De opties rond Dellewal worden heroverwogen, waarbij de ontwikkeling van dertien wooneenheden wordt uitgesloten en waarbij rekening wordt gehouden met de natuur, de financiële positie van de gemeente en de uitvoerbaarheid.
Begroting 2023
11
5. Overige voorstellen 5. Overige voorstellen In €
2023
2024
2025
2026
a. Indexeren OZB
167.000
301.000
276.000
343.000
b. Indexeren overige belastingen en rechten
191.000
238.000
280.000
413.000
c. Meerkosten ICT-begroting de Wadden
-40.000
-50.000
-60.000
-70.000
d. Diverse aanpassingen budgetten door onderbesteding (o.b.v. Jaarrekening 2021)
63.000
63.000
63.000
43.000
e. Vrijval rente & afschrijving Tonnenloods 2023
68.000
-
-
-
f.
-18.000
-18.000
-26.000
-35.000
Indexeren Subsidiejaarprogramma
g. Nieuw inventaris Raadzaal
pm 431.000
-
-
-
534.000
533.000
694.000
Indexeren OZB met 5,6% (2023) De opbrengsten onroerende zaakbelasting (OZB) voor 2023 zijn verhoogd met 5,6%. De opbrengsten OZB zijn berekend op basis van de genoemde indexatie en de verwachte woningwaarde ontwikkeling. Na deze berekening is een € 100.000 opbrengsten in mindering gebracht2. Hierop is het tarief bepaald dat nodig is om deze opbrengsten te realiseren. Uiteindelijk zijn de verwachte opbrengsten voor de OZB-Eigenaar woning € 11.000 hoger dan opgenomen in de bestaande meerjarenraming. Bij de berekening van de opbrengsten OZB-Niet-woningen is rekening gehouden met een waardestijging en inflatiecorrectie van 5,6%. Dit leidt tot een stijging in de opbrengsten voor de komende 4 jaar. Als alternatief is er een berekening gemaakt waarbij er rekening gehouden is met een daling van de waarde van de niet-woningen. In dit geval zien de ramingen er als volgt uit: Ramingen OZB-Niet-woning bij waardedaling In € Eigenaar Woning
2023
2024
2025
2026
1.294.000
1.322.000
1.335.000
1.348.000
Eigenaar Niet-woning
774.000
880.000
889.000
898.000
Gebruiker Niet-woning
497.000
581.000
587.000
593.000
Totale opbrengst
2.565.000
2.783.000
2.811.000
2.839.000
Opbrengst zoals opgenomen in meerjarenraming 2023-2026
2.565.000
2.796.000
2.866.000
2.939.000
13.000
55.000
100.000
Verschil
-
Indexeren overige belastingen & rechten De meeste belastingen en rechten worden geïndexeerd met de verwachte inflatie ad 5,6%. Voor de extra opbrengsten uit leges en belastingen wordt in 2023 uitgegaan van een bedrag van € 191.000 . Een overzicht van de verwachte opbrengsten per belasting of recht is te vinden in paragraaf 4.1 lokale heffingen. Meerkosten ICT-begroting de Wadden In de afgelopen jaren hebben er veel ontwikkelingen plaatsgevonden op het gebied van ICTdienstverlening. Om te zorgen dat gegevens van onze inwoners veilig zijn, zijn toekomstbestendige ICT-voorzieningen nodig. Hiervoor is een extra bijdrage per jaar nodig. Diverse aanpassingen budgetten door onderbesteding (o.b.v. Jaarrekening 2021) Naar aanleiding van de jaarrekening 2021 zijn de budgetten per team doorgenomen. Op basis van een meerjarenanalyse is gebleken dat sommige budgetten langere tijd niet volledig werden besteed. In de begroting 2023 zijn deze budgetten aangepast.
2 Conform de motie: ‘’Beperking grondslag OZB indexatie’’ van 13 juli 2022
Begroting 2023
12
Vrijval rente & afschrijving Tonnenloods 2023 In de meerjarenraming is een structurele post voor kapitaallasten van de Tonnenloods opgenomen. Omdat de Tonnenloods naar verwachting eind 2023 of begin 2024 wordt opgeleverd, vallen de kapitaallasten voor 2023 vrij ten gunste van de algemene middelen. Indexeren subsidiejaarprogramma Over de gehele breedte van het Subsidiejaarprogramma zijn er organisaties waarbij het gewenst is om bedragen aan te passen. Een deel van deze organisaties wordt al jaarlijks geïndexeerd, maar dit geldt niet voor alle subsidies. Een gedeelte van de subsidies zal vanaf 2023 worden geïndexeerd. De kosten hiervan zijn verwerkt in de meerjarenraming. Nieuw inventaris raadzaal Bij de behandeling van de Kadernota is de wens uitgesproken om de Raadzaal op te knappen. Het oude inventaris wordt slechter en moet vervangen worden. Op dit moment zijn er nog geen concrete plannen waar een budget aan verbonden kan worden. Zodra deze plannen concreet zijn, zullen de financiële gevolgen verwerkt worden in de begroting.
Begroting 2023
13
2.3 Overzicht van de incidentele baten en lasten Op grond van artikel 189 Gemeentewet moet de gemeenteraad erop toe zien dat de begroting structureel in evenwicht is. In een begroting die in evenwicht is, worden de structurele lasten - over de gehele periode van vier jaar - gedekt door structurele baten. Om vast te stellen dat sprake is van structureel evenwicht is het belangrijk te begrijpen welk deel van de baten en lasten structureel zijn, en welke incidenteel. De onderstaande tabellen (tabel 8 en 9) beschrijven de incidentele baten en lasten in het meerjarenperspectief. Het onderscheid tussen incidenteel en structureel is niet altijd even duidelijk. Het BBV hanteert de richtlijn dat wanneer de tijdelijke baten of lasten ‘eindig’ zijn, zij een incidenteel karakter hebben. Onttrekkingen en toevoegingen van en aan reserves kunnen altijd als incidenteel worden aangemerkt. Incidentele baten Specificatie incidentele baten In €
Taakveld onttrekkingen reserves Totaal incidentele baten
0.10
2023
2024
2025
2026
699.000
867.000
720.000
720.000
699.000
867.000
720.000
720.000
Onttrekkingen reserves Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves worden altijd als incidenteel beschouwd. Dit is alleen niet het geval als het (onder voorwaarde) om financieringsreserves en dekkingsreserves gaat, of om onttrekkingen uit de daartoe toereikende (bestemmings)reserves voor minimaal 3 jaar met als doel structurele kosten te dekken. In dit geval gaat het om een onttrekking uit de reserve havenbedrijf en de reserve Waddenprogramma. De onttrekking voor het havenbedrijf wordt gedaan om het exploitatietekort te dekken en is gebaseerd op de berekening van het te verwachten tekort over het betreffende jaar. De geraamde onttrekking uit de reserve Waddenprogramma van € 450.000 (2023-2026) is bedoeld voor de uitvoering van het Waddenprogramma vanaf 2023. Een uitgebreid overzicht van de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves is terug te vinden in bijlage 2.
Begroting 2023
14
Incidentele lasten Specificatie incidentele lasten In €
Taakveld Implementatie Omgevingswet
8.1
Toevoegingen reserves
0.10
Totaal incidentele lasten
2023
2024
2025
2026
-325.000
-225.000
-200.000
-175.000
-335.000
-345.000
-355.000
-365.000
-660.000
-570.000
-555.000
-540.000
Implementatie Omgevingswet Per 1 januari 2023 treedt (naar verwachting) de Omgevingswet in werking. Om de invoering hiervan te realiseren is een uitvoeringsbudget beschikbaar gesteld. Hoewel de Omgevingswet een structurele taak van de gemeente wordt, schrijft het BBV voor dat de kosten die gemaakt worden ter voorbereiding op de uitvoering van een nieuwe of gewijzigde structurele taak als incidenteel aangemerkt worden. De implementatiekosten zijn tijdelijk en vallen daarom niet onder de structurele lasten. Toevoegingen reserves Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves worden altijd als incidenteel beschouwd. Dit is alleen niet het geval als het (onder voorwaarde) om financieringsreserves en dekkingsreserves gaat, of om onttrekkingen uit de daartoe toereikende (bestemmings)reserves voor minimaal 3 jaar met als doel structurele kosten te dekken. Deze post bestaat uit een toevoeging aan de reserve havenbedrijf en een toevoeging aan de reserve ‘J.W. van Dierenfonds’. De toevoeging aan de reserve havenbedrijf wordt gedaan om kapitaal op te bouwen om toekomstige investeringen en exploitatietekorten in het havenbedrijf te kunnen dekken. De reserve ‘J.W. van Dierenfonds’ is ingesteld om specifieke aankopen voor museum het Behouden Huys te kunnen bekostigen. Aan deze reserve wordt incidenteel € 1.000 toegevoegd.
Een uitgebreid overzicht van de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves is terug te vinden in bijlage 2.
Begroting 2023
15
2.4 Algemene uitkering Gemeenten krijgen geld van de Rijksoverheid uit het gemeentefonds. Binnen het gemeentefonds is de Algemene Uitkering de grootste component. Hoeveel geld gemeenten ontvangen, hangt af van hun kenmerken, zoals het inwoneraantal en de oppervlakte van de gemeente. Gemeenten bepalen zelf waar zij het geld aan besteden. Zij moeten dit wel uitleggen aan de gemeenteraad. De gemeente ontvangt op drie momenten in het jaar informatie over de gemeentefondsuitkeringen: • • •
in mei op basis van de Voorjaarsnota, in september op basis van de Miljoenennota, en in december, ter afronding van het lopende jaar, op basis van de Najaarsnota.
Met een omvang meer dan € 11 miljoen per jaar is de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds de grootste inkomstenbron van gemeente Terschelling. In deze begroting is de Algemene Uitkering opgenomen zoals deze ook beschreven is in de meicirculaire 2022 . Hieronder beschrijven we in hoofdlijnen de (verwachte) ontwikkelingen van de Algemene Uitkering. Verloop algemene uitkering gemeentefonds In € Opgenomen in begroting 2022 (n.a.v. septembercirculaire 2021)
2022
2023
2024
2025
2026
9.849.000
9.700.000
9.877.000
10.166.000
10.468.000
Wijzigingen meicirculaire 2022
770.000
1.367.000
1.765.000
2.218.000
1.204.000
Totaal algemene uitkering na meicirculaire (75%)
10.619.000
10.725.000
11.201.000
11.830.000
11.371.000
Verwachte prijsontwikkeling diensten derden
-100.000
-150.000
-200.000
-250.000
-300.000
Netto beschikbaar
10.519.000
10.575.000
11.001.000
11.580.000
11.071.000
De meicirculaire heeft voor gemeente Terschelling een positief effect. Dit komt door een jaar op jaar opwaartse bijstelling van het accres3. Er is in het verleden gebleken dat de ramingen in de meicirculaire vaak erg optimistisch zijn ten opzichte van de septembercirculaire. Op dit moment zijn de uitkomsten van de septembercirculaire 2022 nog niet bekend. On het risico te beperken, houden we daarom rekening met 75% van de toegezegde uitkering. Zo kunnen we eventuele tegenvallers in de septembercirculaire opvangen. Het verschil tussen de bedragen opgenomen in deze begroting en de totale verwachte inkomsten is als volgt: Verschil werkelijke inkomsten gemeentefonds vs ramingen begroting 2023 In €
2022
2023
2024
2025
2026
Opgenomen in begroting 2023 (75% nav meicirculaire 2022)
10.619.000
10.725.000
11.201.000
11.830.000
11.371.000
Werkelijk meicirculaire 2022
10.619.000
11.067.000
11.642.000
12.384.000
11.672.000
342.000
441.000
554.000
301.000
Verschil
-
3 De jaarlijkse indexatie van het Gemeentefonds, Provinciefonds en Btw-compensatiefonds heet het accres. Dit accres is bij het coalitieakkoord tot en met 2025 grotendeels berekend op basis van de bestaande afspraken. Dit wil zeggen dat de stijging van de rijksuitgaven ook leidt tot een hogere algemene uitkering aan gemeenten en provincies. Voor 2026 en verder is het accres niet berekend, maar vastgezet op een plus van 1 miljard euro ten opzichte van de stand bij miljoenennota 2022.
16 Begroting 2023
Nieuwe verdeling gemeentefonds per 2023 De afgelopen jaren hebben de fondsbeheerders samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), gemeenten en de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) gewerkt aan de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Op 6 april jl. zijn de Tweede Kamer en gemeenten door de beheerders van het gemeentefonds – de minister van BZK en de staatssecretaris van Financiën – geïnformeerd over de invoering van de nieuwe verdeling per 1 januari 2023. De berekeningen op basis van de reeksen in het Coalitieakkoord tonen aan dat geen enkele gemeente er in de periode 2023-2025 financieel op achteruit zal gaan als gevolg van de invoering van het nieuwe model. Overige eigen middelen In het gemeentefonds wordt rekening gehouden met overige eigen middelen van gemeenten: heeft een gemeente meer eigen inkomsten, dan krijgen ze via het gemeentefonds minder geld van het Rijk. In de tweede helft van 2022 start het ministerie van Binnenlandse Zaken een onderzoek naar de overige eigen middelen. Hierbij worden de aanbevelingen van de Raad voor het Openbaar Bestuur betrokken. Bij het onderzoek wordt onderzocht hoe de verevening van de overige eigen middelen beter kunnen aansluiten bij de meerjarige werkelijke ontvangen overige eigen middelen ten opzichte van het kostenniveau van gemeenten.
De door de ROB voorgestelde korte termijn analyse van de onderzoeksresultaten worden verwacht in de eerste helft van 2023. Het gehele onderzoek met daarin de lange termijn analyse worden in de tweede helft van 2023 afgerond.
Begroting 2023
17
2.5 Reserves en voorzieningen Het eigen vermogen van een gemeente bestaat uit het totaal van de reserves. Daarnaast bestaan er voorzieningen. Het belangrijkste verschil tussen een voorziening en een reserve is dat voorzieningen verplicht gevormd moeten worden. Tegenover voorzieningen staan namelijk op de balansdatum al toekomstige verplichtingen. Een reserve is door eigen besluitvorming vrij aanwendbaar. De gemeenteraad is bevoegd om de bestemming van een reserve te wijzigen. Dit kan niet voor het wijzigen van de bestemming van een voorziening. Een specificatie van de reserves en voorzieningen is opgenomen in bijlage 2. Reserves De reserves zijn onder te verdelen in de algemene reserve en in bestemmingsreserves. De algemene reserve is in principe vrij besteedbaar. De gemeente Terschelling heeft een deel van de algemene reserve geblokkeerd: dat deel dient als weerstandsvermogen. Bestemmingsreserves zijn, zoals de naam al zegt, door de gemeenteraad in het leven geroepen met een bepaald doel. De saldi van deze reserves kunnen in principe door de raad worden herbestemd. Hierin schuilt het risico dat de onderliggende activiteiten geen doorgang meer vinden of halverwege worden stopgezet. In de bestemmingsreserves is daarom een onderscheid te maken tussen een beklemd deel en een onbeklemd deel. Op het beklemde deel van de bestemmingsreserves rusten vaak al meerjarige verplichtingen.
Dat geldt niet voor het onbeklemde deel van de bestemmingsreserves. Dit deel is, als het echt nodig is, volledig beschikbaar om onverwachte incidentele tegenvallers in de begroting te kunnen opvangen, omdat deze reserves niet structureel zijn ingezet in de begroting. Over het algemeen betreft het reserves met een spaar- en/of egalisatiemotief. De reserves zullen zich in de komende jaren naar verwachting als volgt ontwikkelen: Reservepositie per 31 december in € Algemene Reserve
2022
2023
2024
2025
2026
3.938.000
1.713.000
1.966.000
2.700.000
2.881.000
Bestemmingsreserves (onbeklemd)
452.000
452.000
452.000
452.000
452.000
Bestemmingsreserves (beklemd)
4.312.000
5.758.000
5.246.000
4.891.000
4.536.000
Totaal
8.702.000
7.923.000
7.664.000
8.043.000
7.869.000
Hieronder zijn de verwachte mutaties in de algemene reserve opgesomd. Algemene reserve in € Stand per 1 januari
2022
2023
2024
2025
2026
4.489.000
3.938.000
1.713.000
1.966.000
2.700.000
253.000
734.000
181.000
-551.000
-425.000 1.966.000
2.700.000
2.881.000
Toevoeging resultaat boekjaar Onttrekking resultaat boekjaar Onttrekking vorming bestemmingsreserve Waddenprogramma stand per 31 december
-1.800.000 3.938.000
1.713.000
In de begroting van 2023 is te zien dat de komende jaren (vanaf 2024) een positief resultaat zal worden behaald. In 2023 vindt een onttrekking plaats uit de algemene reserve ten behoeve van de vorming van een bestemmingsreserve voor de uitvoering van het Waddenprogramma4 . Door deze onttrekking en de verwachte negatieve resultaten in 2022 en 2023, daalt de algemene reserve tot 4 (Amendement Kaderbrief 2023-2026, juli 2022)
Begroting 2023
18
onder het door de raad vastgestelde weerstandscapaciteit. Vanaf 2024 wordt dit verschil positiever, door de toevoeging van positieve resultaten. Echter, zonder het saldo van de reserve recreatie blijft de hoogte van de algemene uitkering onder het gestelde weerstandscapaciteit. Weerstandsvermogen in €
2022
2023
2024
2025
2026
Algemene reserve
3.938.000
1.713.000
1.966.000
2.700.000
2.881.000
Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
3.498.000
3.550.000
3.603.000
3.657.000
3.712.000
Overschot/tekort van het weerstandsvermogen
440.000
-1.837.000
-1.637.000
-957.000
-831.000
Wanneer de reserve recreatie ook wordt meegenomen in deze berekening, dan ziet het plaatje er als volgt uit: Weerstandsvermogen in € Stand van de algemene reserve per 31 december
2022
2023
2024
2025
2026
3.938.000
1.713.000
1.966.000
2.700.000
2.881.000
Stand van de reserve recreatie per 31 december
452.000
452.000
452.000
452.000
452.000
Totaal stand reserves per 31 december
4.390.000
2.165.000
2.418.000
3.152.000
3.333.000
Minimaal benodigde weerstandscapaciteit
3.498.000
3.550.000
3.603.000
3.657.000
3.712.000
Overschot/tekort van het weerstandsvermogen
892.000
-1.385.000
-1.185.000
-505.000
-379.000
Voorzieningen Voorzieningen worden gerekend tot het vreemd vermogen. Criteria voor het vormen van een voorziening zijn: - Er moet sprake zijn van een risico of verplichting - Dit risico of de verplichting moet zijn ontstaan voor of op balansdatum - Het tijdstip van optreden van het risico of de verplichting is onzeker en - De omvang is redelijkerwijs in te schatten. Toevoeging aan en vrijval van voorzieningen vindt plaats ten laste of ten gunste van de exploitatie. Onttrekkingen worden rechtstreeks ten laste van de voorzieningen gebracht. De verwachte meerjarige ontwikkeling van de voorzieningen ziet er als volgt uit: Voorzieningen per 31 december In €
2022
2023
2024
2025
2026
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
1.567.000
1.513.000
1.459.000
1.405.000
1.351.000 1.417.000
Begroting 2023
Onderhoudsvoorzieningen
1.926.000
1.792.000
1.717.000
1.568.000
Door derden beklemde voorzieningen
1.267.000
1.267.000
1.267.000
1.267.000
1.267.000
Totaal
4.760.000
4.572.000
4.443.000
4.240.000
4.035.000
19
3. Programmaplan In dit hoofdstuk beschrijven we de programma’s. In elk programma voeren we een verzameling van activiteiten uit om de beoogde bestuurlijke doelen binnen dat programma te realiseren. Het totale programmaplan bestaat uit negen programma’s en taakvelden. De uitwerking op kostenplaatsniveau is terug te vinden in bijlage 8.
3.1 Programma 0 – Burger en ondersteuning Wat gaan we doen en zijn de verwachte ontwikkelingen in de komende jaren? Publieksdienstverlening De gemeente is er voor haar inwoners en ondernemers. We stellen ons dienstbaar op en zijn open en bereikbaar voor inwoners, ondernemers en organisaties. We willen nog beter, begrijpelijker en meer proactief communiceren. De basis is het onderzoek dat we eind 2021 uitvoerden naar onze dienstverlening. Gemeentelijk vastgoed We willen inzetten op het verduurzamen van de panden die in ons bezit zijn. We onderhouden ons gemeentelijk vastgoed volgens het Beheerplan en het Verduurzamingsplan 2020.
Hoe gaan we dit doen? Publieksdienstverlening Tot 2030 zetten we verschillende maatregelen in om onze dienstverlening voor inwoners, ondernemers en organisaties te verbeteren. Eén van de maatregelen is begin 2022 al genomen. Sinds dat moment zijn onze inwoners welkom aan onze publieksbalie zonder afspraak. Om te voldoen aan onze ambities, is onder andere bij het Klantcontactcentrum meer personeel nodig. We informeren inwoners en ondernemers proactief over (aan)vragen of meldingen. Dit doen we met hulp van het digitale zaaksysteem Mozard. Vanaf 2022 werken alle medewerkers in Mozard en registreren we elke vraag die binnenkomt. We informeren de aanvrager proactief en meerdere keren tijdens het proces. We werken toe naar een situatie waarin inwoners zelf de stand van zaken van hun vraag of opmerkingen kunnen volgen. Om op dit niveau te komen, is het nodig Mozard verder te ontwikkelen en collega’s te trainen. De kosten voor de ontwikkelen op het gebied van dienstverlening moeten dit jaar nog inzichtelijk gemaakt worden. Gemeentelijk vastgoed We actualiseren het Beheerplan Gemeentelijk Vastgoed. Het plan geeft inzicht in de onderhoudsplanning van de gemeentelijke panden en wanneer we welke kosten kunnen gaan verwachten. Voor elk pand zorgen we voor een actueel Meerjarenonderhoudsplan (MJOP). Een externe specialist voert voor elk pand een onderhoudsinspectie uit.
Deze inspecties maken deel uit van de reguliere onderhoudscyclus van het gemeentelijk vastgoed. Ze worden betaald uit de onderhoudsgelden voor de verschillende panden.
Begroting 2023
20
Aan de hand van het in 2020 opgestelde Verduurzamingsplan, verduurzamen we al onze panden. Met behulp van een rendement berekening bepalen we welke verduurzamingsmaatregel per pand geschikt is. Waar dat mogelijk is, combineren we de verduurzamingswerkzaamheden met de onderhoudswerkzaamheden die uit het MJOP naar voren komen. Voor sommige panden is dit vanwege renovatie goed mogelijk. Van sommige vastgoed hebben we eerder besloten dat we afstand nemen. Voor het vastgoed waar dit voor geldt, maar dat we nog niet afgestoten hebben, stellen we een instandhoudingsplan op.
Begroting 2023
21
Financiën PROGRAMMA 0 BURGER EN ONDERSTEUNING Taakveld
L/B
0.1 BESTUUR
0.2 BURGERZAKEN
0.4 OVERHEAD
0.5 TREASURY
0.61 OZB WONINGEN
14.000
14.000
14.000
14.000
-1.181.000
-1.197.000
-1.219.000 -1.205.000
-1.148.000
-1.167.000
-1.183.000
Baten
150.000
150.000
150.000
150.000
Lasten
-109.000
-109.000
-109.000
-109.000
41.000
41.000
41.000
41.000
Baten
214.000
191.000
145.000
145.000
Lasten
-7.364.000
-7.408.000
-7.513.000
-7.640.000
-7.150.000
-7.217.000
-7.368.000
-7.495.000
Baten
13.000
13.000
13.000
13.000
Lasten
381.000
372.000
372.000
372.000
394.000
385.000
385.000
385.000
Baten
1.309.000
1.344.000
1.377.000
1.412.000
-72.000
-72.000
-72.000
-72.000
1.237.000
1.272.000
1.305.000
1.340.000
1.271.000
1.467.000
1.504.000
1.542.000
-
-
-
1.467.000
1.504.000
1.542.000
Baten
100.000
102.000
104.000
106.000
Lasten
-
-
-
-
100.000
102.000
104.000
106.000
10.725.000
11.201.000
11.830.000
11.371.000
Baten
0.11 ONVOORZIEN
-
1.271.000
Lasten 0.8 OVERIGE BATEN EN LASTEN
2026
-1.162.000
Lasten
0.7 ALGEMENE UITKERING
2025
Baten
Baten
0.64 OVERIGE BELASTINGEN
2024
Lasten
Lasten 0.62 OZB NIET-WONINGEN
2023
-
-
-
-
10.725.000
11.201.000
11.830.000
11.371.000
Baten
30.000
30.000
30.000
30.000
Lasten
-
-
-
-
30.000
30.000
30.000
30.000
Baten
-
Lasten
-648.000
-698.000
-
-
-748.000
-798.000
-648.000
-698.000
-748.000
-798.000
4.852.000
5.416.000
5.900.000
5.317.000
Baten
450.000
450.000
450.000
450.000
Lasten
-1.000
-1.000
-1.000
-1.000
449.000
449.000
449.000
449.000
5.301.000
5.865.000
6.349.000
5.766.000
2023
2024
2025
2026
Baten
14.276.000
14.962.000
15.617.000
15.233.000
Lasten
-8.975.000
-9.097.000
-9.268.000
-9.467.000
5.301.000
5.865.000
6.349.000
5.766.000
2021 16
2020 16
TOTAAL PROGRAMMA 0 VOOR RESULTAATBESTEMMING 0.10 MUTATIES RESERVES
TOTAAL PROGRAMMA 0 NA RESULTAATBESTEMMING L/B
Indicatoren Bestuur en Ondersteuning Formatie (in fte per 1.000 inwoners) Bezetting (in fte per 1.000 inwoners)
14
15
Apparaatskosten (in € per inwoner)
-1.302
-1.264
Externe inhuur (als percentage van de totale loonsom + totale kosten inhuur externen)
30%
34%
Overhead (in % van totale lasten)
29%
29%
Begroting 2023
22
Beïnvloedbaarheid In onderstaande taartdiagrammen worden de categorieën beïnvloedbaar op korte termijn, of op lange termijn getoond ten opzichte van het totale programmabudget van baten en lasten.
Beïnvloedbaar op korte termijn (0-2 jaar) Lasten in €
2023 Bestuur
318.000
Burgerzaken
22.000
Overhead
9.000
Waddenprogramma*
450.000
Totaal
799.000
*alleen beïnvloedbaar op korte termijn als het Waddenprogramma (voor een deel) niet doorgaat
Baten in €
2023 Bestuur
14.000
Burgerlijke stand
30.000
Baten secretarieleges
120.000
OZB woningen
1.309.000
OZB niet-woningen
1.271.000
Overige belastingen
100.000
Saldo mutatie reserves
450.000
Totaal
3.294.000
Bestuur
46.000
Burgerlijke stand
17.000
Beïnvloedbaar op lange termijn (2-5 jaar) Lasten in €
Begroting 2023
2023
OZB Woningen & Niet-woningen
72.000
Onvoorzien
198.000
Saldo mutatie reserves
1.000
Totaal
334.000
23
3.2 Programma 1 – Veiligheid Wat gaan we doen en wat zijn de verwachte ontwikkelingen in de komende jaren? Openbare orde en veiligheid Veiligheid, verbinding en weerbaarheid versterken op Terschelling: dat is de ambitie van het programma Veiligheid. Het programma Veiligheid is een breed programma, dat gaat over onderwerpen als crisisbeheersing tot aan de bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit en digitale criminaliteit. Wat willen we bereiken: • Een veilige woon- en leefomgeving. • Meer bewustwording rondom het thema ondermijning. • Het beheersen van risico's en het coördineren hulpverlening bij incidenten en crises. • Veilige zomers. Hoe gaan we dit doen? Openbare orde en veiligheid Om de ambities die we hebben op het gebied van veiligheid is het noodzakelijk om zowel met interne als externe partners nauw samen te werken. We coördineren de samenwerking tussen de verschillende handhavingspartners door deel te nemen aan briefings en wekelijkse handhavingsoverleggen te organiseren. De gemeente heeft de regie in het opstellen van strategieën voor verschillende vraagstukken op het gebied van veiligheid. De afdeling Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) ondersteunt de uitvoering van het beleid. We faciliteren en verbinden.
Bijvoorbeeld door externe partijen of interne beleidsterreinen met elkaar in contact te brengen, en overleggen te organiseren voor buurtbewoners en ondernemers. We werken aan een transparant en veilig evenementenbeleid. Dat beleid zorgt ervoor dat inwoners en ondernemers een goed beeld krijgen van de mogelijkheden en de benodigdheden voor het organiseren van een veilig en mooi evenement op Terschelling. Daarnaast leveren we een actieve bijdrage aan de Veiligheidsregio Fryslân en daarmee aan een integrale hulpverlening bij rampenbestrijding en crisisbeheersing. Voor ons eiland hebben we een eigen COWA structuur, die we integraal aanvliegen met onze crisis partners. Op basis van het vastgestelde Integraal Veiligheidsbeleid geven we uitvoering aan het beleid. Belangrijke thema's zijn: • • • •
Ondermijnende criminaliteit Effectieve verbinding veiligheid en zorg Cyberveiligheid Maatschappelijke onrust of verdeeldheid
Ondermijnende criminaliteit In 2023 geven we uitvoering aan het vastgestelde plan van aanpak Integraal Ondermijnings Beeld. Daarnaast stellen we een uitvoeringsplan Ondermijning op. Hierin werken we nauw samen met de politie, maar ook met de buurgemeenten en de eilanden.
Begroting 2023
24
Crisisbeheersing Om risico’s te beheersen werken we samen met verschillende partners. Samen coördineren we de voorbereiding op hulpverlening bij incidenten en crises. De partners binnen de crisisbeheersing zijn vooral de brandweerzorg, de Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen (GHOR) en de gemeentelijke organisatie (sectie bevolkingszorg). De gemeentelijke medewerkers die een rol hebben in de crisisbeheersing krijgen trainingen en doen oefeningen om zich goed voor te bereiden op crisissituaties. De Veiligheidsregio Fryslân heeft hierin de coördinatie. Als gemeente zorgen we ervoor dat het aanbod voor vakbekwaamheid aansluit bij de wensen en de behoeften van de medewerkers. Als gevolg van de coronacrisis hebben veel ontwikkelingen stilgestaan en moet er een inhaalslag plaatsvinden. Zomer Veiligheid Om te zorgen voor veilige zomers, maken we samen met onze partners een integrale handhavings/samenwerkingsstrategie. Hierin beschrijven we de kernwaarden en maken we werkafspraken. We zetten vanuit onze gemeentelijke rol in op extra handhavingscapaciteit voor de volgende projecten: • •
Project Veilig Uitgaan: 512 uur extra inzet in de maanden juli en augustus project aanpak Klein Leed: 408 uur extra inzet in de maanden juni, juli, augustus en september.
Wat merken inwoners hiervan? • De ervaren veiligheid blijft minstens gelijk of neemt toe. • Er wordt adequaat gereageerd op meldingen van overlast of gevaarlijke situaties die worden veroorzaakt door badgasten maar ook van eilanders in onze gemeente. • In crisissituaties merken onze inwoners dat de crisisbeheersing goed en professioneel is geregeld. Onze inwoners worden goed opgevangen en de communicatie is helder. Financiën PROGRAMMA 1 VEILIGHEID Taakveld
L/B
1.1 CRISISBEHEERSING EN BRANDWEER
1.2 OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID
TOTAAL PROG 1 VOOR RESULTAATBESTEMMING 0.10 MUTATIES RESERVES
2023
2024
L/B
2026
Baten
-
-
-
Lasten
-646.000
-667.000
-690.000
-705.000 -705.000
-
-646.000
-667.000
-690.000
Baten
39.000
39.000
39.000
39.000
Lasten
-365.000
-366.000
-367.000
-368.000
-326.000
-327.000
-328.000
-329.000
-972.000
-994.000
-1.018.000
-1.034.000
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
-
-
TOTAAL PROG 1 NA RESULTAATBESTEMMING
2025
-
-
-
-972.000
-994.000
-1.018.000
-1.034.000
2023
2024
2025
2026
Baten
39.000
39.000
39.000
39.000
Lasten
-1.011.000
-1.033.000
-1.057.000
-1.073.000
-972.000
-994.000
-1.018.000
-1.034.000
Begroting 2023
25
Beleidsindicatoren Veiligheid Verwijzingen Halt (per 1.000 jongeren)
2021
2020 0
Winkeldiefstallen (per 1.000 inwoners)
0,4
0,2
Geweldsmisdrijven (per 1.000 inwoners)
0,4
0
Diefstallen uit woning (per 1.000 inwoners)
0,2
0
Vernielingen en beschadigingen (in openbare ruimte, per 1.000 inwoners)
4,9
3,5
-
Beïnvloedbaarheid In onderstaande taartdiagrammen worden de categorieën beïnvloedbaar op korte termijn, of op lange termijn getoond ten opzichte van het totale programmabudget van baten en lasten.
Beïnvloedbaar op korte termijn (0-2 jaar) Lasten in €
2023 Openbare orde en veiligheid algemeen
68.000
Strandbeheer
52.000
Totaal
120.000
Baten in €
2023 Huurinkomsten Strand
39.000
Totaal
39.000
Openbare Orde en Veiligheid algemeen
67.000
Strandveiligheid
147.000
Beïnvloedbaar op lange termijn (2-5 jaar) Lasten in €
Begroting 2023
2023
Brandweer
5.000
Uitvoering APV
21.000
Totaal
240.000
26
3.3 Programma 2 – Verkeer, vervoer en waterstaat Wat gaan we doen en wat zijn de verwachte ontwikkelingen in de komende jaren? Het is fijn wonen, werken en recreëren op Terschelling. Dat willen we graag zo houden. Infra en water speelt daar een grote rol in. De vele vakantiegangers zorgen ervoor dat we in veel zaken groot moeten denken, en ook groot moeten doen. De focus ligt de komende jaren op de aanpak van het havengebied. Het is dé levensader van ons eiland. We hebben bovendien grote aandacht voor de groeiende parkeerbehoefte en zorgen voor de aanleg en het onderhoud van wegen en (fiets)paden. Hoe gaan we dit doen? Wegenbeheer We actualiseren ons Wegenbeheerplan. We doen dit door in het digitale systeem Brutus al onze verharde en onverharde wegen te categoriseren. We inspecteren alle wegen: zo geeft het nieuwe beheerplan een compleet overzicht. Het Wegenbeheerplan 2024-2030 beschrijft daarnaast de benodigde financiën en de planning. Naar verwachting is het beheerplan klaar in het derde kwartaal van 2023. Voor het geplande onderhoud in 2023 geldt het huidige beheerplan. Projecten Er staan een aantal projecten gepland: • Buslus Midsland Bij Midsland komt een buslus en bij het VMBO een parkeerplaats. De plannen worden op dit moment verwerkt in een projectplan. Er wordt actief gekeken naar kansen in de omgeving en de levensduur van de huidige riolering.
De aanpak staat gepland in 2023. • Torenstraat De Torenstraat gaat op de schop. De plannen komen samen met de bewoners van de straat tot stand. De werkzaamheden vindt eind 2023 plaats. • Lies Bewoners aan de Hoofdweg in Lies ervaren trillingen als er verkeer over de weg rijdt. Het is op dit moment nog niet duidelijk wat de oorzaak van de trillingen is. Samen met de bewoners onderzoeken we wat er precies aan de hand is, welke oplossingen er mogelijk zijn en wat hiervan de kosten zijn. Openbare verlichting Het vastgestelde plan Uitgangspunten Beheer Openbare Verlichting beschrijft onze aanpak op het gebied van openbare verlichting. De komende jaren vervangen we verouderde armaturen en maken we een inhaalslag met de verduurzaming van onze openbare verlichting. Daarnaast voeren we regulier onderhoud uit. Tot slot werken we aan een plan waarmee we donkerte op Terschelling bevorderen. Waterwegen en civiele kunstwerken We inspecteren onze waterwegen en civiele kunstwerken. We categoriseren ze, net als onze wegen, in het digitale systeem Brutus. Per kunstwerk maken we een Meerjarenonderhoudsplan (MJOP). We stellen bij elk MJOP een begroting op. Een eerste inventarisatie laat zien dat er de komende jaren (vanaf 2023) extra financiële middelen nodig zijn voor vervanging en onderhoud. De vaststelling van het MJOP moet halverwege 2023 plaatsvinden.