7.a. Concept Gemeenteblad.pdf
Tekst van het document
Gemeenteblad Onderwerp:
Jaar/nummer: In behandeling bij:
Ontwerp paraplubestemmingsplan standplaatsen en ontwerp partiele herziening beheersverordening natuurgebieden (standplaatsen) 2022/ Wethouder Haringa
Voorstel Het college stelt de gemeenteraad voor om ontwerp paraplubestemmingsplan standplaatsen en het ontwerp partiele herziening beheersverordening natuurgebieden (standplaatsen) vrij te geven voor de formele procedure.
Samenvatting Op Terschelling zijn meerdere locaties voor standplaatsen voor ambulante handel, bijvoorbeeld op het haventerrein of bij de strandovergangen. Op grond van de APV is het verboden om zonder een vergunning van het college een standplaats in te nemen. In de APV is ook opgenomen dat het college een standplaatsenvergunning weigert indien de standplaats in strijd is met het geldende bestemmingsplan. De huidige locaties voor standplaatsen liggen binnen zes bestemmingsplannen en de beheersverordening Natuurgebieden. In sommige bestemmingsplannen zijn standplaatsen planologisch toegestaan, maar dit geldt niet voor alle bestemmingsplannen en ook niet voor de beheersverordening. Dit betekent dat door de koppeling tussen de APV en de geldende planologische regels het in een aantal gevallen niet mogelijk is om standplaatsenvergunningen te verlenen. Om in een regeling voor de standplaatsen in alle bestemmingsplannen te voorzien, en voor de uniformiteit, worden de bestemmingsplannen door middel van deze parapluherziening herzien/aangevuld op het gebied van standplaatsen. Voor het overige blijven de bestaande geldende bestemmingsplannen ongewijzigd van toepassing. Voor de standplaatsen gelegen binnen de beheersverordening wordt voorzien in een zelfde regeling door middel van een partiele herziening.
Toelichting Achtergrond In hoofdstuk 5 afdeling 4 van de APV zijn regels voor standplaatsen opgenomen. Artikel 5:17 APV lid 1 bevat de begripsbepaling: Onder een standplaats wordt verstaan: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten aan te bieden, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel. Op grond van de APV is het verboden om zonder een vergunning van het college een standplaats in te nemen. Een standplaatsvergunning moet op grond van artikel 5:18 lid 2 APV worden geweigerd wegens strijd met een geldend
2
bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. Verder kan alleen geweigerd worden op grond van artikel 1.8 APV (openbare orde, veiligheid, volksgezondheid en bescherming van milieu) of op grond van artikel 5:18 lid 3 van de APV (niet voldoen aan de redelijke eisen van welstand of wanneer redelijkerwijs is te verwachten dat een redelijk verzorgingsniveau voor de consument in gevaar komt). Naast de regels van de APV is in de Standplaatsennotitie 2006 het huidige standplaatsenbeleid van de gemeente Terschelling geregeld. Hierin zijn onder andere het maximum aantal standplaatsvergunningen en de verdelingsregels voor het toewijzen van de standplaatsvergunningen opgenomen. De standplaatsvergunningen worden in principe verleend aan degene die het voorgaande jaar de standplaats innam. Ook staat hierin dat een aanvraag voor het komende jaar voor 15 december moet worden ingediend. Bij het niet of te laat indienen van een aanvraag vervalt het recht op de standplaats. Meerdere standplaatsen zijn planologisch niet opgenomen in de geldende bestemmingsplannen en beheersverordening. De standplaatsvergunningen voor deze locaties werden voorheen verleend, maar op grond van artikel 5:18 lid 2 hadden ze geweigerd moeten worden. Artikel 5:18 lid 2 APV is een wettelijk toetsingskader en geen beleidsnotitie.
Hierdoor is er geen sprake is van beleidsof beoordelingsvrijheid van het college en dient ze een aanvraag te weigeren indien deze in strijd is met art. 5:18 lid 2 APV. Door de locaties voor de standplaatsen te legaliseren wordt gedogen voorkomen. Legalisatie kan door middel van aanpassing van de bestemmingsplannen en de beheersverordening of door een omgevingsvergunning (per standplaats) te verlenen. Door te kiezen voor een paraplubestemmingsplan en een partiele herziening natuurgebieden standplaatsen worden de standplaatslocaties in de toekomst planologisch toegestaan en wordt aan het wettelijke toetsingskader van art. 5:18 lid 2 APV voldaan. Voor aanpassing van de geldende bestemmingsplannen is een paraplubestemmingsplan nodig en voor aanpassing van de beheersverordening is een partiële herziening nodig. Inhoud van de plannen In het parapluplan is het begrip standplaats opgenomen. Dit begrip vervangt en/of vult aan de bestaande begrippen uit de geldende bestemmingsplannen. De locaties waarvoor nu al een regeling geldt met betrekking tot standplaatsen wordt vervangen door de nieuwe regeling van deze parapluherziening. Dit betreft een (algemeen) gebruiksverbod waarin is geregeld dat het verboden is gronden voor een standplaats te gebruiken, met uitzondering van de gebieden die hiervoor zijn aangewezen. Op de verbeelding is de aanduiding ‘overige - standplaats' opgenomen.
Ter plaatse van deze aanduiding is het gebruik als standplaats toegestaan voor maximaal 1 standplaats. Waar meerdere standplaatsen zijn toegestaan, zijn meerdere aanduidingen vermeld. Omdat een standplaats tevens een bouwwerk kan zijn, zijn er bouwregels gesteld aan de hoogte van een bouwwerk en het aantal. Kenmerk van ambulante handel is dat dit plaatsvindt vanuit een verrijdbaar of verplaatsbaar object: een kraam, een wagen of een tafel. Uit jurisprudentie volgt dat wanneer een standplaats langer dan 31 dagen wordt ingenomen er sprake is van een bouwwerk, mede ook omdat de locatie vastligt en er sprake is van een permanent aan een locatie gebonden bouwwerk. Naast een algemene gebruiksregel (die het gebruik als standplaats
3
regelt) is in dit paraplubestemmingsplan daarom ook een algemene bouwregel opgenomen. De partiele herziening beheersverordening natuurgebieden (standplaatsen) is in beginsel hetzelfde. Ook in dit plan is het begrip standplaats opgenomen, maar in dit geval is er geen sprake van een vervanging van reeds geldende begrippen. De geldende beheersverordening voorziet namelijk nog niet in een regeling omtrent standplaatsen. Ook is in de partiele herziening een (algemeen) gebruiksverbod opgenomen, wordt op de verbeelding de aanduiding 'overige - standplaats' opgenomen, is maximaal 1 standplaats per aanduiding toegestaan en zijn bouwregels opgenomen. De overige regels binnen de geldende beheersverordening Natuurgebieden blijven onverkort van toepassing. Stikstof Standplaatsen voor ambulante handel hebben een beperkte ruimtelijke impact op de omgeving. Er treden geen wezenlijke gevolgen op voor aspecten als bodem of archeologie. Wel is in het kader van beide plannen een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd. Uit de resultaten van het stikstofonderzoek en de berekening blijkt dat er is sprake van een significant effect op hexagonen van Natura 2000-gebied de Duinen van Terschelling. Het gaat hier om hexagonen nabij het parkeerterrein Badweg West aan Zee en de Badweg Hoorn. Deze standplaatsen worden planologisch geregeld met de partiele herziening beheersverordening Natuurgebieden.
De depositie en het significant effect kan op twee manieren verholpen worden. Zo kan ervoor gekozen worden om deze locaties niet op te nemen in de partiele herziening van de beheersverordening. Hierdoor ondervindt de partiele herziening geen hinder op het gebied van stikstofdepositie, maar komen wel meerdere standplaatsen te vervallen. Een andere manier is om te verplichten tot het realiseren van gasloze standplaatsen. In dat geval moeten de aanvragers gedwongen worden de standplaats gasloos in te richten. Doet de aanvrager dit niet, dan wordt op grond van de Wet natuurbescherming (Wnb) de benodigde vergunning niet verleend. Hiervoor dient ook in de partiele herziening een extra gebruiksregel te worden opgenomen die ziet op een stikstof-neutrale standplaats. Naast het feit dat er dan geen Wnb-vergunning zal worden verleend en dus de standplaats niet kan worden ingenomen, is er ook strijd met de gebruiksregel in de partiele herziening. Op grond van deze regel kan gehandhaafd worden. Gekozen wordt voor deze laatste optie, zodat geen standplaatsen hoeven te vervallen. De standplaatsen die geregeld worden met het paraplubestemmingsplan hebben geen significant effect op de omliggende Natura 2000-gebieden
Historie Zie de paragraaf ‘Achtergrond’ onder toelichting.
Juridische gevolgen/fatale termijnen/handhaving Aan het starten van een bestemmingsplanprocedure zijn geen specifieke juridische risico’s verbonden.
4
Indien medewerking verleend wordt, zal een bestemmingsplanprocedure gestart worden. Gedurende zes weken wordt het bestemmingsplan ter inzage gelegd. Tijdens deze periode kan iedereen een inhoudelijke reactie geven op de plannen in de vorm van een zienswijze. Na deze periode kan uw raad, afhankelijk van ingediende zienswijzen, het bestemmingsplan (on)gewijzigd vaststellen. Na de vaststelling wordt het bestemmingsplan nogmaals gedurende zes weken ter inzage gelegd. In deze periode kunnen indieners van een zienswijze tegen het vaststellingsbesluit beroep bij de Raad van State instellen. Wijst uw raad de aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan af, zonder het in procedure te brengen, dan staat daartegen bezwaar bij uw raad open. Verklaart uw raad het bezwaar ongegrond, dan kan een bezwaarmaker daartegen in beroep bij de Raad van State.
Belang voor toerisme/samenleving/economie Voor zowel toerisme, de samenleving als de economie is het van belang om ondernemers de mogelijkheid te geven om goederen of diensten aan te bieden vanaf een standplaats voor ambulante handel. Voor het toeristisch product Terschelling is het van belang dat goederen en diensten vanaf een vaste plaats worden aangeboden.
Financiële/personele/organisatorische gevolgen Communicatie/interactiviteit Nadat uw raad besloten heeft de procedures te starten worden beide plannen zes weken ter inzage gelegd. Binnen deze termijn kunnen zienswijzen gegeven worden. Na deze periode kunnen de plannen door uw raad worden vastgesteld. Nadat de plannen zijn vastgesteld zullen ze gedurende zes weken ter inzage gelegd worden om beroep in te kunnen stellen bij de Raad van State. Publicatie van het moment waarop het bestemmingsplan ter inzage ligt wordt in de Terschellinger en op de gemeentelijke website geplaatst.
Advies van de raadscommissie PM
Ter inzage liggende stukken 1. Concept bestemmingplan: Paraplubestemmingsplan standplaatsen Terschelling 2. Concept partiele herziening: Partiele herziening beheersverordening Natuurgebieden (Standplaatsen) 3. Concept gemeenteblad 4. Concept raadsbesluit
Datum behandeling in B&W + ondertekening Terschelling, 23 november 2021 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Terschelling,
H.M. de Jong, secretaris/directeur
C.M. van de Pol, burgemeester