CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

6.e bijlage 1 Memo College schuldpositie.pdf

Raadsvergadering 26 april 2023, gemeente TerschellingBij agendapunt: (verdaagd)Financiering Kaderplan Havenfront West-Terschelling1.737 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo Aan

:

Gemeenteraad

Datum

:

3 april 2023

Afzender

:

College van burgemeester en wethouders

Onderwerp

:

Schuldpositie Gemeente Terschelling

Bijlage(n)

:

Middels deze memo wordt inzicht gegeven in de financiële positie van de gemeente. Gezien het aantal grote projecten (denk hierbij aan havenfront en IHP) en lopende beheer- en onderhoudsplannen is het van belang om keuzes te maken in wat prioriteit heeft. Door gefaseerd investeringen (in combinatie met het aantrekken van geld) uit te voeren, zal de gemeente financieel gezond blijven en haar taken kunnen uitvoeren. Het is daarbij goed om te realiseren dat het aangaan van schulden een bezigheid is die prima past bij een overheid. Overheden stappen toch vaker in een maatschappelijke investering die niet door de markt wordt opgepakt of waarvan de overheid niet wil dat de markt dit oppakt. Dit zijn vaker niet rendabele projecten of projecten waar voor marktpartijen niet of lastig financieringen af te sluiten zijn: dat probleem kent een overheid nagenoeg niet. In die context is deze memo geschreven. In de begroting 2023 (na amendement) hebben wij u geïnformeerd over de schuldpositie in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing. Via deze memo informeren wij u over de actuele schuldpositie en de ruimte die hierin aanwezig is om investeringen in toekomstige (onderhouds)projecten te financieren (artikel 5 lid 5 Financiële verordening 2020). De schuldpositie van een gemeente wordt uitgedrukt in het kengetal Netto Schuld Quote (NSQ).

Daarnaast wordt er in belangrijke mate ook gekeken naar de financieringspositie. De NSQ weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De NSQ brengt in beeld in hoeverre de netto schulden zich verhouden tot de totale baten (inkomsten) van de gemeente. Hoe hoger het percentage, hoe meer externe financiering de gemeente heeft aangetrokken om de activiteiten (investeringen) te financieren. Voor de NSQ hanteert de toezichthouder bepaalde grenswaarden om de score te bepalen die kan variëren van goed/hanteerbaar/minst risicovol tot zeer zorgelijk/herstelmaatregelen nodig/meest risicovol. De gemeente neemt deze grenswaarden over.

2 • • •

Schuldquote onder de 90%: minst risicovol Schuldquote tussen de 90% en 130%: neutraal Schuldquote boven de 130%: meest risicovol

Het heeft echter weinig zin om de schuldpositie alleen te beoordelen op basis van de kengetallen. Er moet ook gekeken worden welke bezittingen tegenover de schulden staan en welke risico’s aan deze bezittingen kleven, of deze bezittingen eenvoudig verhandelbaar zijn etc., en of de gemeentelijke begroting de structurele lasten kan dragen die met extra (investerings)lasten gepaard gaan.

Huidige schuldpositie De begroting 2023 (na amendement) laat een positieve ontwikkeling van de NSQ zien. De NSQ zit tussen de 30% en 50% en zit dus ruimschoots onder de signaleringswaarde “neutraal”. Netto schuldquote Hoe lager, hoe beter

2021

2022

2023

2024

2025

2026

Vaste schulden +

11.533.000

10.252.000

9.170.000

8.154.000

7.138.000

6.422.000

Netto vlottende schulden +

1.903.000

Overlopende passiva +

2.645.000

1.539.000

3.516.000

3.443.000

2.821.000

3.855.000

-

-

-

-

-

Financiële vaste activa -

846.000

836.000

826.000

816.000

806.000

796.000

Uitzettingen met looptijd korter dan 1 jaar -

2.608.000

-

-

-

-

-

Liquide middelen -

748.000

-

-

-

-

-

Overlopende activa -

2.846.000

-

-

-

-

Saldo =

9.033.000

10.955.000

11.860.000

10.781.000

9.153.000

9.481.000

Totaal baten

26.593.000

24.806.000

27.068.000

28.165.000

28.978.000

28.472.000

Netto schuldquote per 31 december

34%

44%

44%

38%

32%

33%

-

* In deze berek ening is rek ening gehouden met een gelijk blijvend werk k apitaal

In de paragraaf Financiering (begroting 2023, na amendement) wordt middels de financieringspositie de financieringsbehoefte van de gemeente Terschelling getoond, zoals weergegeven in onderstaande tabel. Financieringspositie 2022-2026 In € per 1 januari

2022

2023

2024

2025

2026 21.096.000

Te financieren Vaste activa*

22.559.000

22.770.000

23.040.000

22.004.000

Bouwgronden in exploitatie**

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

2.483.000

Totale boekwaarde

25.042.000

25.253.000

25.523.000

24.487.000

23.579.000

Financieringsmiddelen Stand van de reserves

9.997.000

8.702.000

8.265.000

8.447.000

9.380.000

Stand van de voorzieningen

4.961.000

4.760.000

4.572.000

4.443.000

4.240.000

Stand lang vreemd vermogen

11.335.000

10.252.000

9.170.000

8.154.000

7.138.000

Totaal vermogen

26.293.000

23.714.000

22.007.000

21.044.000

20.758.000

Financieringsoverschot/- tekort

1.251.000

-1.539.000

-3.516.000

-3.443.000

-2.821.000

* Vaste activa zijn bezittingen die voor een lange tijd, sowieso langer dan een jaar, meegaan. ** betreffen de grondexploitatie klu-locatie en Dellewal

Met de huidige begroting heeft de gemeente een financieringstekort, die vanaf 2024 een structureel karakter heeft en met een langlopende financiering dient te worden afgedekt. Dit financieringstekort heeft mede te maken met de flinke daling van de vaste schuld tussen 2022 en 2026, dit houdt in dat de vrijvallende leningen geherfinancierd moeten worden. De omvang van het financieringstekort bedraagt ca. € 3,5 miljoen. Ten opzichte van de in 2024 resterende schuld gaat het over een verhoging van de schuld met ca. 50%. Het effect van het herfinancieren van de vrijvallende leningen op de NSQ bedraagt ca. +14% en hiermee stijgt de NSQ naar ca. 52%.

3 Houdbare positie De gemeente heeft op dit moment een goede structurele financiële positie.1 Er is echter (nog) onvoldoende zicht op de structurele liquiditeitsplanning, dus de hieronder geschetste perspectieven gelden met onzekerheidsmarges. Om te kunnen bepalen waar de grens ligt met betrekking tot het aantrekken van financieringen voor de gemeente, wordt aangesloten bij de hierboven geformuleerde signaleringswaarden (NSQ). Daarbij moet opgemerkt worden dat een waarde tussen 100% en 130% aanleiding geeft tot alertheid op de ontwikkeling van de schuld en dat toekomstige ontwikkelingen altijd vragen om enige ruimte ten opzichte van het maximum. Het advies is daarom om een richtlijn van 110-120% te hanteren. De financiële lasten van de huidige leningen zijn relatief beperkt omdat veel van de lopende leningen over gesloten zijn naar nieuwe en zeer gunstige leningscondities (lage rente). De gemiddelde rentevoet is daardoor met ca. 1% zeer laag. Ter vergelijk: een nieuwe langlopende lening (30 jaar) kan op dit moment afgesloten worden voor ca. 3,2% (en het verschil tussen een kortlopende lening, een vijfjarige lening en een dertigjarige lening is relatief klein). De financiële invloed van de rentelasten is daarmee hoger dan in de huidige meerjarenbegroting.

Dus naast de toename van de NSQ tot 52% zal ook de rentelast een zwaardere weging hebben op het structurele resultaat van de gemeente. Omdat het effect van de herfinanciering van leningen bekend is, kan de maximale investeringscapaciteit voor de gemeente met als basisjaar 2024 berekend worden: bij een maximale NSQ van 130% ligt de maximale investeringscapaciteit op ca. € 22 miljoen. Hierbij ervan uitgaand dat 1:1 een lening voor dit bedrag moet worden aangetrokken, aanvullend op de reeds gememoreerde € 3,5 miljoen vanwege het financieringstekort. In onderstaande tabel is de maximale investeringscapaciteit per maximale schuldquote weergeven. Nettoschuldquote 100% 110% 120% 130%

Maximale investeringscapaciteit € 13 miljoen € 16 miljoen € 19 miljoen € 22 miljoen

Naast de voorgenoemde NSQ en financieringspositie wordt ook gekeken naar de Solvabiliteitratio. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is om op de lange termijn aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De signaleringswaarde vanuit het 1 De gemeente heeft momenteel een ruimere liquiditeitspositie dan in deze memo

weergegeven. Dat komt omdat de gemeente de kasfunctie op zich heeft genomen voor de € 5 miljoen inzake stimulering woningbouw GR de Waddeneilanden. Hiervoor zijn middelen ontvangen ten behoeve van het samenwerkingsverband De Wadden. Onduidelijk is de exacte liquiditeitsplanning van de uitgaven die hierbij horen. Deze middelen worden in deze memo daarom buiten beschouwing gelaten, voor het bepalen van de kengetallen. Het meenemen van deze middelen zou een vertekend beeld kunnen geven van de financiële (schuld)positie. Daarnaast zijn de middelen reeds bestemd en niet ‘’vrij’’ te besteden door de gemeente.

4 provinciaal toezicht is tussen de 20% en 50% neutraal, daaronder wordt aangeduid als meest risicovol. Voorbeeld: Het kengetal voor de solvabiliteit loopt bij een NSQ van 130% terug van 34% naar 18%. Dit is onder de grenswaarde van 20%, wat door de toezichthouder als meest risicovol aangegeven wordt. Bij langdurige solvabiliteit van onder de 20% is de kans aanwezig op provinciaal toezicht. Bij een NSQ van 100% zou de solvabiliteitsratio net op het minimum van 20%. Dit is het minimum, het heeft de voorkeur om daar ruimer boven (30% of hoger) te blijven. Een ratio van 20% heeft echter een flink dempend effect op de maximale investeringscapaciteit. Als laatste is ook het kengetal voor de structurele exploitatieruimte van belang voor de schuldpositie. Dit kengetal daalt in 2024 ook onder de 0% door de toename van de structurele exploitatielasten (kapitaallasten). Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Daarnaast geeft dit kengetal ook aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen dan wel of er nog ruimte is voor nieuw beleid. Structurele exploitatieruimte verbeteren Mogelijkheden om de structurele exploitatieruimte te verbeteren zijn: • Het verhogen van de gemeentelijke heffingen (het kengetal Belastingcapaciteit, hierop zit nog ruimte) • en/of het verhogen van de toeristenbelasting.

• en/of structureel bezuinigen. • Spreiding van investeringen en afschrijvingen in de tijd. Indien niet gekozen wordt voor de eerste drie mogelijkheden is er de mogelijkheid van het spreiden van investeringen en afschrijvingen in de tijd. Wanneer investeringen worden gespreid in de tijd is het mogelijk om een hogere investeringscapaciteit te realiseren. Naar inschatting kan met een gespreide investeringsraming tussen 2024 en 2027 richting € 23 miljoen aan absoluut maximum investeringscapaciteit gegenereerd kan worden. Daarmee blijft dan de grenswaarde van 100-110% NSQ in beeld en blijft de solvabiliteitsratio boven de 20%. De structurele exploitatie ruimte blijft hiermee nagenoeg gelijk aan de situatie zoals beschreven. Samenvatting In het memo zijn meerdere financiële facetten besproken en de effecten hiervan op het aan te trekken geld. Samenvattend kunnen we bij een 100% Netto Schuld Quote (NSQ) 13 miljoen aantrekken en bij een NSQ van 130% 22 miljoen aantrekken. Het is een keuze van de hoeveelheid risico je wilt lopen. Met 130% NSQ bevind je je op de grens van het toelaatbare bij het financieel toezicht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=f5f14fbe-a378-4635-bf8e-71e21468d7e3