CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

12.c. Terschelling_onderzoek bestuursvorm_rapport_21-05-2025

Raadsvergadering 8 juli 2025, gemeente TerschellingBij agendapunt: (H) Openbaar Onderwijs Terschelling: scenariokeuze governance13.445 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

P06296 | 373434/YSI/CGE

28

45

8.5 Medezeggenschap op bestuursniveau De organisatie bestaat uit meerdere scholen. CVPOT heeft op dit moment één GMR. OPOT werkt met medezeggenschapsraden (MR’en) op schoolniveau en een GMR op bestuursniveau. Nadat een besluit is genomen voor de vorming van een samenwerkingsstichting zijn de huidige GMR’en samen met de bestuurders verantwoordelijk voor de vorming van een nieuwe of samengevoegde medezeggenschapsstructuur. De huidige medezeggenschapsstructuren van CVPOT en OPOT bieden beiden een goede basis en hebben beiden vooren nadelen. Bij de inrichting van de medezeggenschapsstructuur is het in ieder geval van belang om zo veel als mogelijk aan te sluiten bij de huidige manier van werken die als positief wordt ervaren. Medezeggenschap is een continu proces en richt zich niet alleen op de vaste momenten en plannen in een jaar. Ontwikkelingen en ideeën worden in een vroeg stadium met de medezeggenschapsraad op bestuursniveau besproken. Zo ontstaat een continue dialoog waarbij de medezeggenschapsraad vanuit diens rol meedenkt en adviseert over de ontwikkelingen en plannen in de organisatie. De medezeggenschapsraad kan werkgroepen vormen zodat overleggen goed voorbereid worden. De werkgroepen voeren in dat kader ook informeel overleg met de bestuurder. Het is belangrijk dat bestuur en medezeggenschap open en transparant samenwerken.

Van beide kanten vraagt dit om proactief gedrag. Bij ontwikkelingen of onduidelijkheden wordt contact gelegd. De lijnen zijn kort. 8.6 Rol van de gemeenteraad bij een samenwerkingsstichting De rol van de gemeenteraad wordt bij de vorming van een samenwerkingsstichting anders, maar wel duidelijker. In onderstaand overzicht hebben we de rol van de gemeenteraad in de huidige situatie (links) en de samenwerkingsstichting (rechts) onder elkaar gezet. Voor de volledigheid hebben we ook de rol van de gemeenteraad weergegeven bij een stichting openbaar onderwijs (midden), hetgeen bij samenwerking echter niet van toepassing is.

Bij de samenwerkingsstichting houdt de gemeenteraad toezicht op de borging van de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. De bestuurder legt daarom, conform wetgeving, hierover verantwoording af door begrotingen, strategische beleidsplannen en jaarverslagen naar de gemeenteraad te sturen. Het bestuur voert hierover dialoog met de onderwijswethouders. Ook statutenwijzigingen legt de bestuurder voor aan de gemeenteraad. In geval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet kan de gemeenteraad de maatregelen nemen die het nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen voor zover het de openbare scholen betreft. Een voorbeeld is om weer te voorzien in het bestuur van de openbare scholen. Deze bevoegdheid komt vooruit uit de verplichting in artikel 23 van de grondwet om als gemeente te voorzien in voldoende openbaar onderwijs.

P06296 | 373434/YSI/CGE

29

45

8.7 Rol van de algemene ledenvergadering (ALV) De samenwerkingsstichting heeft zoals eerder vermeld geen leden. In de samenwerkingsstichting is de bestuurder eindverantwoordelijk. De raad van toezicht houdt toezicht op het bestuur van de stichting, Er is daarom geen sprake van een ALV in de samenwerkingsstichting. 8.8 Transitie De vorming van de samenwerkingsstichting vraagt formeel om de oprichting van de stichting bij de notaris en daaraan voorafgaand de vorming van een RvT en het bestuur. We merken hierbij op dat na besluitvorming over de bestuursvorm het bestuur en toezicht van CVPOT en OPOT hierover afspraken moeten maken. Hieronder beschrijven we kort hoe dat proces eruit kan zien. Vorming raad van toezicht Om een RvT vanuit de bestaande situatie zorgvuldig te vormen, kan het volgende proces worden doorlopen:  Idealiter wordt in het belang van continuïteit en vertrouwen de nieuwe RvT gevormd vanuit de huidige RvT en Cit. Bij de vorming van een samenwerkingsstichting is dat heel gebruikelijk. Op Terschelling is echter sprake van de bijzondere situatie dat de RvT van OPOT uit leden van het college B&W bestaat. De code goed bestuur PO sluit deze functionarissen uit bij de vorming van een RvT bij een verzelfstandigde organisatie. Daarom kan ervoor worden gekozen om een nieuwe RvT met nieuwe leden te vormen.

 Het kwaliteitscriterium en de binding met het eiland zijn belangrijke uitgangspunten. Met het kwaliteitscriterium bedoelen we dat in de RvT kennis en expertise aanwezig moet zijn op het gebied van: onderwijs en kwaliteit, personeel en organisatie, financiën, bestuur en governance en juridische zaken.  In overleg met de GMR’en wordt een profielschets opgesteld.  Op basis van de profielschets start een werving- en selectieprocedure. Daarover maken de Cit van CVPOT en de RvT van OPOT na besluitvorming afspraken.  Met de gemeenschappelijke medezeggenschapsraden moeten afspraken worden gemaakt over de bindende voordracht.  Op basis van de procedure en de voordracht van de GMR’en worden de kandidaten benoemd door de RvT van OPOT en de Cit van CVPOT.  De nieuwe RvT kiest uit diens midden een voorzitter. Benoeming bestuurder De bemensing van de besturen van CVPOT en OPOT is verschillend. Het bestuur van OPOT wordt ingevuld door één bestuurder die naast een statutaire rol/relatie met de organisatie ook een arbeidsrechtelijke relatie heeft. Op basis van wet- en regelgeving gaat die relatie over naar de samenwerkingsstichting. Echter, de bestuurder van OPOT is voor een bepaalde periode als fasebestuurder benoemd. De bestuursleden van CVPOT hebben een statutaire rol/relatie. Die eindigt als de vereniging stopt. Zij hebben geen arbeidsrechtelijke relatie.

We stellen voor dat na besluitvorming over de bestuursvorm de bestuurders en toezichthouders van CVPOT en OPOT met elkaar afspraken maken over de benoeming van het bestuur in de samenwerkingsstichting in overleg met de huidige GMR’en. Inrichting medezeggenschap Na het definitief besluit gaan, zoals eerder vermeld, de huidige medezeggenschapsorganen op bestuursniveau met de huidige bestuurders aan de slag met de vorming van de nieuwe GMR. In het kader van continuïteit wordt voorgesteld om de nieuwe medezeggenschapsstructuur te vormen uit de bestaande medezeggenschapsraden. Het werken met een rooster van aftreden is hierbij gebruikelijk zodat er tijdig ruimte ontstaat voor vernieuwing. Net als bij de RvT.

P06296 | 373434/YSI/CGE

30

45

Administratiekantoor Als onderdeel van de inrichting van de samenwerkingsstichting is de eerste stap om één administratiekantoor aan te wijzen die de bedrijfsmatige ondersteuning van de stichting zal uitvoeren. CVPOT en OPOT werken met verschillende administratiekantoren. Meteen na besluitvorming over de bestuursvorm moet een keuze worden gemaakt of en welke van de huidige kantoren de ondersteuning gaat verzorgen.

P06296 | 373434/YSI/CGE

31

45

9. Gevolgen voor het personeel Personeelssamenstelling scholen Bij de vorming van de samenwerkingsstichting blijft de personeelssamenstelling op de scholen gelijk aan de huidige situatie. Alle medewerkers gaan over naar de samenwerkingsstichting. Voor medewerkers geldt dat er sprake is van opvolgend werkgeverschap. Op grond van OVO (overgang van onderneming, art 7:663 BW) en bepalingen in de WPO treden de medewerkers automatisch in dienst bij de nieuwe rechtspersoon met behoud van hun huidige functie, werktijdfactor (wtf), huidige salaris, salarisperspectief en dienstjaren. Individuele afspraken met werknemers worden schriftelijk vastgelegd en toegevoegd als addendum op de arbeidsovereenkomst. Alle rechten en plichten gaan van de oude werkgever over op de nieuwe. De functiehuizen zien er als volgt uit (peildatum 4 april 2025): CVPOT Functie

OPOT Schaal

Functie

Schaal

Bestuurder

N.v.t.4

Medewerkers Directeur

D12

Directeur

D12

Leraar

LC

Leraar

LC

Leraar

LB

Leraar

LB

Onderwijsassistent

6

Onderwijsassistent

5

Onderwijsassistent

5

Onderwijsassistent

4

Onderwijsassistent

4

Klassenassistent

3

Leraar in opleiding

LIO1

Leraar in opleiding

LIO1

Een samenwerking heeft op het aantal leerlingen geen effect, dus de werkgelegenheid blijft gelijk aan de huidige situatie. Het aantal onderwijswerkgevers op eiland neemt wel af. Daarbij constateren we dat beide organisaties in het schooljaar 2025-2026 geen boventalligheid hebben. De bezetting past binnen de op de begroting gebaseerde formatie. Tot slot merken we dat enkele medewerkers van OPOT ook werkzaam zijn op Het Schylger Jouw (voortgezet onderwijs). De vorming van de samenwerkingsstichting heeft hierop geen effect. Wel zullen deze medewerkers straks twee werkgevers hebben in plaats van één (namelijk de gemeente in de huidige situatie). Daarnaast zal na besluitvorming over de samenwerkingsstichting een afspraak gemaakt moeten worden over waar deze medewerkers in dienst komen. De volgende opties zijn mogelijk:  Medewerkers komen in dienst bij Het Schylger Jouw en worden gedetacheerd naar de samenwerkingsstichting.  Medewerkers komen in dienst van de samenwerkingsstichting en worden gedetacheerd naar Het Schylger Jouw.  Medewerkers komen deels in dienst van de samenwerkingsstichting en deels bij Het Schylger Jouw.

4 De fasebestuurder werkt op basis van een overeenkomst op basis van ureninzet en geen functie met schaal.

P06296 | 373434/YSI/CGE

32

45

Effecten voor de arbeidsvoorwaarden en personeelsbeleid De cao-PO blijft van toepassing. De medewerkers van CVPOT en OPOT krijgen een arbeidsovereenkomst bij dezelfde werkgever. Arbeidsvoorwaarden In onderstaand overzicht is weergegeven over welke secundaire en tertiaire arbeidsvoorwaarden de organisaties op dit moment beschikken. Bij de vorming van de samenwerkingsstichting moeten de arbeidsvoorwaarden worden geharmoniseerd in overleg met vakbonden. Regeling

OPOT

CVPOT

FiscFree – uitvoering via Preadyz binnen de kader van de werkostenregeling.

Cafetariaregeling - uitvoering via Dyade binnen de kaders van de werkkostenregeling.

Vakbondscontributie

Vergoeding op basis van art. 7.4 cao-po (volledige vergoeding).

Vergoeding op basis van art. 7.4 cao-po (volledige vergoeding).

Dienstreizen

Vergoeding na declaratie van de kosten.

Vergoeding na declaratie van de kosten.

Woon-werkverkeer

Vergoeding op basis van art. 7.2 cao-po.

Vergoeding op basis van art. 7.2 cao-po.

Fietsregeling

€ 1000,-. Jaarlijks wordt op basis van de vrije ruimte bepaald hoeveel medewerkers hiervoor in aanmerking kunnen komen.

€ 1000,- (incl. € 100,- voor een verzekering. Jaarlijks wordt op basis van de vrije ruimte bepaald hoeveel medewerkers hiervoor in aanmerking kunnen komen.

Vergoeding Verklaring Omtrent Gedrag (VOG)

Vergoeding na declaratie van de kosten.

Vergoeding na declaratie van de kosten.

Attenties

Kerstpresent, cadeaubon of een materiële vergoeding bij een jubileum, afscheid of verjaardag (bedrag wordt per school vooraf bepaald).

Kerstpresent, cadeaubon of een materiële vergoeding van € 25,- of meer bij een jubileum, afscheid of verjaardag.

Personeelsbeleid Het personeelsbeleid van CVPOT en OPOT verschilt op een aantal gebieden. Op het moment van vorming van de samenwerkingsstichting blijft het huidige personeelsbeleid van CVPOT en OPOT nog even van kracht tot de vaststelling van een nieuw personeelsbeleid. Voor nieuwe medewerkers wordt het volgende uitgangspunt gehanteerd: de plaats van tewerkstelling is bepalend voor de toepassing van personeelsbeleid. Daarnaast geldt het volgende: toezeggingen die binnen het huidige personeelsbeleid tot vaststelling van het nieuwe beleid worden gedaan en schriftelijk zijn vastgelegd, worden gecontinueerd.

P06296 | 373434/YSI/CGE

33

45

Denominatie en gewetensbezwaren bij gedwongen mobiliteit Net als in de huidige situatie wordt in samenwerkingsstichting mobiliteitsbeleid gehanteerd. Zoals in de vorige paragraaf staat, wordt na vorming van de samenwerkingsstichting een nieuw personeelsbeleid (en dus mobiliteitsbeleid) op basis van het huidige beleid opgesteld. Naast een beschrijving van de vrijwillige mobiliteit staat daarin ook gedwongen mobiliteit beschreven. Gedwongen mobiliteit geldt in de regel bij krimp van het aantal leerlingen op een van de scholen, waarbij vrijwillige mobiliteit (wat op basis van de cao altijd het uitgangspunt moet zijn) niet succesvol is. Omdat de samenwerkingsstichting christelijke en openbare scholen heeft, kan het voorkomen dat medewerkers gewetensbezwaren hebben om op een school van een andere denominatie te werken. Medewerkers die in geval van overplaatsing gewetensbezwaren hebben tegen het werken aan een school van een andere denominatie dan waar de medewerker voor de vorming van de samenwerkingsstichting werkzaam is, kunnen deze gewetensbezwaren tot het beoogde moment dat de samenwerkingsstichting wordt gevormd (naar verwachting 1 januari 2026) schriftelijk kenbaar maken bij de huidige werkgever. Het bestuur van de samenwerkingsstichting zal voornoemde kenbaar gemaakte bezwaren zo veel als mogelijk respecteren.

Dat betekent dat deze personeelsleden niet gedwongen worden overgeplaatst naar een school van een andere denominatie. Op het moment dat overplaatsing binnen de organisatie desalniettemin aan de orde is, zal dit met de desbetreffende medewerker(s) altijd worden besproken. Vervanging CVPOT en OPOT zijn beide aangesloten bij het Vervangingsfonds. Bij de vorming van een samenwerkingsstichting verandert dat niet.

P06296 | 373434/YSI/CGE

34

45

10. Gevolgen voor toegankelijkheid, keuzevrijheid en diversiteit Toegankelijkheid van bestuur De vorming van de samenwerkingsstichting heeft geen effect op de toegankelijkheid van het bestuur voor het personeel, de ouders en de leerlingen. Het aantal lagen in de organisatie neemt niet toe. Voor leerlingen, ouders en de meeste medewerkers blijft de school het aanspreekpunt. Er verandert voor hen niets. Gevolgen voor betrokkenheid van de medezeggenschap, personeel, ouders/leerlingen Medezeggenschap van medewerkers, ouders en leerlingen is in de WMS vastgelegd. De vorming van een samenwerkingsstichting heeft daarom geen effect op de medezeggenschap. Er wordt wel een nieuwe medezeggenschapsstructuur ingericht. De leerlingen blijven ingeschreven op hun huidige school waardoor er voor de leerlingen geen merkbare gevolgen van de vorming van de samenwerkingsstichting zullen zijn. Ouders hebben betrokkenheid in de school door ouderraden en participatie in de MR. Dat verandert niet. Bij CVPOT zijn ouders en medewerkers vaak ook leden van de vereniging. Dat verandert zoals eerder beschreven wel. Gevolgen voor keuzevrijheid Met keuzevrijheid wordt het keuzeaanbod van scholen/instellingen van een bepaalde richting of pedagogisch/didactische aanpak bedoeld. Voor ouders zijn er geen gevolgen.

Het aantal besturen voor primair onderwijs op Terschelling neemt weliswaar af, maar de scholen (met hun identiteit) wijzigen niet. Er zijn geen gevolgen voor de keuzevrijheid van de ouders en leerlingen. De identiteit wordt geborgd in de statuten en de besturingsfilosofie van de samenwerkingsstichting. Gevolgen voor de diversiteit De wetgever speekt over de borging van het onderwijsaanbod dat er op dit moment is. Er zijn geen gevolgen voor de diversiteit van het onderwijsaanbod. Het onderwijsaanbod op Terschelling blijft gelijk. Voor ouders en leerlingen verandert er niets aan de diversiteit van het onderwijsaanbod. De onderwijsconcepten van de scholen wijzigen ook niet. Op termijn worden de vigerende schoolplannen en de strategische koers van de nieuwe onderwijsorganisatie wederzijds op elkaar afgestemd. Gevolgen voor de spreiding van onderwijsvoorzieningen in de regio De locaties van de scholen wijzigen als gevolg van de vorming van de samenwerkingsstichting niet. De spreiding van de onderwijsvoorziening op Terschelling ondervindt hierdoor geen effect. Een belangrijk doel van de samenwerking is om te zorgen dat de spreiding beter in stand gehouden kan worden. Hierover gaat het bestuur van de samenwerkingsstichting.

P06296 | 373434/YSI/CGE

35

45

11. Gevolgen voor de huisvesting 11.1 Overzicht schoolgebouwen In onderstaand overzicht hebben we de gebouwen per school en bestuur weergegeven. Brinnummer

Naam school

Bestuur

Plaats

Gebouw

05UM00

CBS Vossersschool

CVPOT

West-Terschelling

Dennenweg 4

18KO00

OBS Prinses Margrietschool

OPOT

West-Terschelling

Dennenweg 4

18IU00

OBS 't Hunnighouwersgat

OPOT

Midsland

Zuid Midslandweg 19 A

04QN00

CBS 't Jok

CVPOT

Hoorn

Duinweg Hoorn 1

18LY00

OBS 't Jok

OPOT

Hoorn

Duinweg-Hoorn 1a

11.2 Wijze van overdracht De onderwijswetgeving maakt onderscheid tussen juridisch eigendom en economisch claimrecht. De gemeente is als lokale overheid verantwoordelijk voor de bekostiging van onderwijshuisvesting. Het schoolbestuur wordt vervolgens juridisch eigenaar van de nieuwe school, tenzij anders wordt overeengekomen. Bij CVPOT zijn die verschillende bevoegdheden van toepassing. Bij OPOT is dat anders. Omdat OPOT een onderdeel van de gemeente is, heeft de verzelfstandiging en overdracht van de scholen aan de samenwerkingsstichting als gevolg dat het eigendom van de gebouwen overgedragen gaat worden naar de samenwerkingsstichting. Voor de gebouwen die in gebruik zijn, wordt voorgesteld om het juridisch eigendom over te dragen aan de samenwerkingsstichting. Uitgangspunt van de onderwijswetten (artikel 103 van de WPO) is dat de schoolgebouwen direct eigendom zijn van het bevoegd gezag. Bij het oprichten van de samenwerkingsstichting dient daarom minimaal het juridisch eigendom van de gebouwen te worden overgedragen, met uitzondering van de gebouwen die gehuurd worden. Het juridisch eigendom van een schoolgebouw wordt vastgelegd in het Kadaster met een notariële akte. Het economisch eigendom blijft na verzelfstandiging bij de gemeente, net zoals bij alle andere (school)gebouwen van de gemeente.

11.3 Afspraken voor de overdracht Vanuit het economisch claimrecht en de verplichtingen ten aanzien van schoolgebouwen is de gemeente als lokale overheid verantwoordelijk voor:  Kapitaallasten en rente.  Verzekeringen.  Eigenaars- en gebruikersdeel OZB (alle andere publiekrechtelijke heffingen zijn voor het schoolbestuur). De juridisch eigenaar, de samenwerkingsstichting, is verantwoordelijk voor alle andere zaken zoals:  Groot onderhoud (het onderhoud en aanpassingen in en aan het schoolgebouw, tenzij het een rechtmatige uitbreiding betreft wegens ruimtegebrek).  Exploitatie.  Speeltoestellen.  NEN-keuringen.  Legionella preventie. Schoolbesturen zijn sinds 2015, met de inwerkingtreding van de wet ‘Overheveling buitenonderhoud en aanpassing’ zelf verantwoordelijk voor het groot onderhoud van de gebouwen die zij in juridisch eigendom hebben. Voorheen was de gemeente hiervoor verantwoordelijk.

P06296 | 373434/YSI/CGE

36

45

We stellen voor dat na het besluit over de bestuursvorm de gemeente met het beoogde bestuur van de samenwerkingsstichting per school de kadastrale grenzen in beeld brengt. Voor zover nodig worden aanvullende afspraken gemaakt. Bijvoorbeeld in een situatie waarbij gemeentelijke eigendommen of eigendommen van derden op het perceel van de school bij het kadaster staan ingeschreven. Het juridisch eigendom wordt namelijk op basis van de kadastrale grenzen overgedragen aan de samenwerkingsstichting. Waar nadere afspraken zijn gemaakt met betrekking tot de kadastrale grenzen zal voor de effectuering daarvan het Kadaster ingeschakeld moeten worden. Aparte akten van splitsing zijn in dergelijke gevallen nodig richting het Kadaster via de notaris. Gymzalen Aan de scholen zijn gymzalen verbonden die door de gemeente worden beheerd en naast CVPOT en OPOT aan andere gebruikers worden verhuurd. Anders dan bij de schoolgebouwen, zullen de gymzalen in eigendom van de gemeente blijven.

P06296 | 373434/YSI/CGE

37

45

12. Gevolgen voor facilitaire zaken Bij de vorming van de samenwerkingsstichting gaan contracten bij notariële akte over van CVPOT en OPOT naar de samenwerkingsstichting. In de huidige situatie neemt OPOT een aantal contracten af bij de gemeente Terschelling (o.a. telefonie en ICT). Omdat de scholen van OPOT bij een verzelfstandiging geen onderdeel meer zijn van de gemeente Terschelling, is de samenwerkingsstichting in dat geval zelf bevoegd om nieuwe contracten af te sluiten, passend bij de wensen en eisen van de scholen. Voorgesteld wordt om bestaande contracten met betrekking tot OPOT te beëindigen. Is dat op basis van contractuele afspraken niet mogelijk, dan wordt voorgesteld om de samenwerkingsstichting op de bestaande contracten van de gemeente, tot het einde van de looptijd, mee te laten participeren.

P06296 | 373434/YSI/CGE

38

45

13. Gevolgen financiën Financiële gevolgen scholen Naast de kwaliteitsimpuls, zoals in dit rapport op verschillende plekken is beschreven, is een van de doelen van de verdergaande samenwerking om middelen efficiënter en doelmatiger te besteden. De vorming van een samenwerkingsstichting heeft de volgende financiële effecten: 1

Lagere kosten voor inkoop Met een grotere inkoopschaal kunnen mogelijk gunstigere inkoopvoorwaarden bedongen worden. Dit positieve effect wordt in de eerste twee jaren stapsgewijs groter, omdat bestaande contracten mee overgaan naar de samenwerkingsstichting. Bij het bereiken van het einde van de looptijd worden contracten opnieuw overeengekomen. Ervaringen laten zien dat dit voordeel gemiddeld 2% van de materiële lasten kan zijn.

2

Lagere kosten externe inhuur Zoals eerder vermeld, kan externe inhuur waar mogelijk verlaagd worden. Dat levert een geringe kostenbesparing op. Daarnaast ontstaat er een verlaging van de kosten doordat financiële processen worden samengevoegd. Een voorbeeld is dat de accountant niet twee keer maar één keer ingezet hoeft te worden.

Eventuele gevolgen voor de gemeente beschrijven we in het volgende hoofdstuk. Afspraken over reservebeleid Bij de vorming van de samenwerkingsstichting worden de reserves van CVPOT en OPOT samengevoegd. Reeds vastgestelde bestemmingsreserves blijven behouden. Ook moeten afspraken worden gemaakt over de doelbesteding van de private middelen van CVPOT ten behoeve van het christelijk onderwijs.

P06296 | 373434/YSI/CGE

39

45

14. Gevolgen voor de gemeente In paragraaf 8.6 hebben we de gevolgen voor de rol van de gemeente al beschreven. Omdat de openbare scholen nu formeel een onderdeel zijn van de gemeentelijke organisatie, heeft de verzelfstandiging ook als gevolg dat de (beperkte) ondersteuning aan de scholen in het kader van de onderwijsbestuurlijke verantwoordelijkheid komt te vervallen. Concreet komt dat neer op het volgende: 1 Voorbereiding van college en raadsbesluiten. 2 Ambtelijke ondersteuning van het college B&W in hun rol als raad van toezicht. 3 Uitvoering onderhoudswerkzaamheden. Voor de eerste twee activiteiten wordt op dit moment niets doorbelast aan het openbaar onderwijs, omdat het reguliere ondersteuningsprocessen met betrekking tot het college en de gemeenteraad zijn. Een verzelfstandiging heeft daardoor geen negatief effect op de gemeenteorganisatie. De uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden worden door de buitendienst van de gemeente uitgevoerd voor vrijwel alle scholen op het eiland (CVPOT en OPOT). Na een verzelfstandiging en de vorming van een samenwerkingsstichting verandert dat niet.

P06296 | 373434/YSI/CGE

40

45

15. Besluitvorming, implementatie en evaluatie 15.1 Besluitvorming Nadat dit rapport in de regiegroep is vastgesteld, nemen de besturen van CVPOT en OPOT een voorgenomen besluit. De verdere besluitvorming ziet er vervolgens als volgt uit. We beschrijven hierin de gremia en hun rol. Stappen OPOT

Stappen CVPOT

# Gremium

Besluit

# Gremium

Besluit

1 Bestuur OPOT

Voorgenomen besluit

1 Bestuur CVPOT

Voorgenomen besluit

2 GMR CVPOT

Instemmen met de bestuursvorm en daarmee de overdracht naar de samenwerkingsstichting (art. 10h WMS).

3 Cit CVPOT

Goedkeuren van de bestuursvorm en daarmee de overdracht naar de samenwerkingsstichting.

4 ALV

Instemmen met de bestuursvorm en daarmee de overdracht naar de samenwerkingsstichting.

2 GMR OPOT

Instemming met de bestuursvorm en daarmee de verzelfstandiging van OPOT en overdracht naar de samenwerkingsstichting (art. 10h WMS).

3 RvT OPOT

Goedkeuren van de bestuursvorm en daarmee de verzelfstandiging van OPOT overdracht naar de samenwerkingsstichting.

4 College B&W

Besluiten over verzelfstandiging en de overdracht van de scholen aan de samenwerkingsstichting.

5 Gemeenteraad

Instemmen met de verzelfstandiging en de overdracht van de scholen aan de samenwerkingsstichting.

Beide besluitvormingslijnen (van CVPOT en OPOT/de gemeente) monden uit in een definitief besluit voor in juli 2025 door de gemeenteraad en de ALV van CVPOT. Parallel aan dit proces worden de vakbonden informeel geïnformeerd over het besluit. Na definitief besluit wordt met de vakbonden een DGO gevoerd over de personele gevolgen. 15.2 Voorbeeld van de implementatiestappen Na het definitieve besluit worden de volgende handelingen verricht:  Bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) nieuw werkgeversnummer aanvragen.  Melding Kamer van Koophandel (KvK).  Brinmutatie formulieren versturen met oprichtingsakte en raadsbesluit.  Aanmeldingsformulier naar Belastingdienst inclusief oprichtingsakte en uittreksel KvK.  Aanmelden bij ABP.  Opheffen oude werkgever bij diverse instanties.  Melding maken bij overige instanties: zoals collega schoolbesturen.  Informeren samenwerkingsverband passend onderwijs.  Naam en adreswijzigingen versturen.  Regelen tekenbevoegdheid en machtigingsbevoegdheid.  Aanpassen Arbo-contract, c.q. verlenging van het huidige contract.  Selecteren accountant.  Afsluiten bestuursaansprakelijkheidsverzekering.

P06296 | 373434/YSI/CGE

41

45

15.3 Evaluatie Na 1 januari 2026 wordt er geëvalueerd. Er wordt hierbij vooral gekeken naar hoe het in- en uitfaseren is gelopen. De evaluatie zal met de schooldirecteuren, de GMR, de bestuurder en de raad van toezicht plaatsvinden. We stellen voor om drie evaluatie te plannen, in Q2, Q3 en Q4. Onderwerpen van deze evaluatie zijn in ieder geval:  De mate waarin de (gekwantificeerde) doelen uit de intentieverklaring bereikt zijn en wat daarvoor nog nodig is.  Verloop infaseren in de systemen en het beleid.  Verloop infaseren in de organisatiestructuur en de werking ervan in het bijzonder.  Verloop infaseren in de medezeggenschap. De betrokkenen stellen voor ieder evaluatief moment vast welke punten worden meegenomen in de bespreking.

P06296 | 373434/YSI/CGE

42

45

Bijlage I:

Intentieverklaring tbv start onderzoek

Op ons eiland werken we in drie kernen op vijf basisscholen met elkaar om goed, toegankelijk, toekomstbestendig en inclusief onderwijs te verzorgen. Inclusief, want op Terschelling is het inclusieve onderwijs geen keuze maar een opdracht. Alle eilander basisschoolkinderen willen we thuisnabij onderwijs kunnen bieden. De scholen zijn maatschappelijke voorzieningen. En dat moeten we vormgeven in een uitdagende omgeving die steeds complexer wordt. Denk aan bijvoorbeeld de krapte op de arbeidsmarkt, toenemende druk vanuit wet- en regelgeving en wisselende geboortecijfers in een geografisch afgebakend gebied, en dat binnen onze bijzondere positie als eiland. De scholen van de Christelijke Vereniging voor Primair Onderwijs Terschelling en het Openbaar Onderwijs Terschelling staan voor een gemeenschappelijke opgave. Door veranderende eisen die gesteld worden aan de organisaties is het noodzakelijk om een aanpassing aan de bestuursvorm te overwegen waardoor deze toekomstbestendig wordt en daarmee bijdraagt aan het voorgaande. Deze gemeenschappelijke opgave maakt dat de organisaties hebben besproken om, bij het ontwikkelen van ieders nieuwe bestuursvorm, gezamenlijk te verkennen hoe ze de scholen samen nog beter kunnen faciliteren voor eilander kinderen en of een gezamenlijke bestuursvorm een optie is.

De gemeente Terschelling, de Christelijke Vereniging voor Primair Onderwijs Terschelling (CVPOT) en het Openbaar Onderwijs Terschelling (OOT) 1. Overwegende dat: • •

• • •

•

De onderwijsinspectie recentelijk CVPOT en OOT de aanwijzing heeft gegeven om een nieuwe bestuursvorm te ontwikkelen om daarmee professioneel bestuur en toezicht te realiseren. CVPOT en OOT constant kijken naar hoe zij, gezien de gemeenschappelijke opgave en de omvang van de organisaties, bestuurlijke kwetsbaarheden kunnen oplossen en dat CVPOT en OOT nu in gezamenlijkheid de mogelijkheden willen verkennen. Bestuur, ondersteuning en organisatie te allen tijde moeten aansluiten bij wat onze medewerkers nodig hebben om kwalitatief goed inclusief onderwijs te blijven bieden. Met betrokkenen binnen CVPOT en OOT over de verkenning van een nieuwe bestuursvorm binnen het primair onderwijs gesprekken zijn gevoerd, op basis waarvan deze intentieverklaring tot stand is gekomen. De gemeente kwalitatief goed en toekomstbestendig onderwijs als essentieel voor de leefbaarheid op het eiland beschouwt. In het coalitieakkoord “Koers naar de toekomst: Meedenken, Meepraten, Meedoen” is vastgelegd dat in drie kernen op het eiland voorzieningen voor primair onderwijs aanwezig zijn. De gemeenteraad, de raad van toezicht van OOT de opdracht heeft gegeven tot het maken van een uitgewerkt voorstel voor de herziening van het bestuursmodel en de governance voor het OOT en daarbij de CVPOT op basis van gelijkwaardigheid te betrekken.

Dat voorstel moet voorzien in de beschrijving van een aantal scenario’s voor een verzelfstandiging van het OOT, de daarbij passende bestuursmodellen en aanpassing van de toezichtstructuur.

2. Spreken de intentie uit om: • •

•

Voor alle kinderen op Terschelling binnen de drie kernen, met behoud van de bestaande identiteit van de vijf basisscholen, tot een sterke, toekomstbestendige en professionele bestuursvorm te komen. Een onderzoek te starten waarbij CVPOT en het primair onderwijs van OOT gezamenlijk verkennen hoe een nieuwe bestuursvorm per 1 januari 2026 ingericht kan worden, zodat deze voldoet aan de door de Onderwijsinspectie gestelde eisen zodat deze een bijdrage levert aan de realisatie van professionele, toekomstbestendige en inclusieve voorzieningen in de drie kernen op het eiland. Het onderzoek uit te voeren op basis van volledige transparantie, vertrouwen en gelijkwaardigheid.

P06296 | 373434/YSI/CGE

43

45

•

•

•

• •

Bij het onderzoek naast het bestuur, de toezichthouders, de medezeggenschap, de schooldirecteuren en de medewerkers nauw te betrekken, rekening houdend met de formele bevoegdheden die volgen vanuit de wet- en regelgeving. In het onderzoek naar een te ontwikkelen nieuwe bestuursvorm en de gevolgen ervan aandacht te hebben voor het volgende: o Mogelijkheden waar CVPOT en het primair onderwijs van OOT elkaar kunnen versterken bij de invulling van de gemeenschappelijk opgave. o De toegevoegde waarde voor de onderwijskwaliteit. o De toegevoegde waarde voor de bedrijfsvoering. o De toegevoegde waarde om de huidige bestuurlijke kwetsbaarheden op te lossen. o De identiteit en het aanbod van de scholen. Op basis van het onderzoek een voorgenomen besluit voor te leggen aan de raden van toezicht, medezeggenschap, directeuren, leden van de CVPOT, college van burgemeester en wethouders en gemeenteraad, waarbij voorafgaand medewerkers en ouders zijn geraadpleegd. Een plan van aanpak op te stellen waarbij het voorgaande een plek krijgt. Binnen CVPOT en OOT aandacht te hebben voor goede en op elkaar afgestemde communicatie.

Ondertekening: Aldus opgemaakt en ondertekend te West-Terschelling, op 11 december 2024,

Albert Helder Bestuurder OOT

Roel Cazemier Voorzitter raad van toezicht OOT

Iemke Ruijg Voorzitter bestuur CVPOT

Harmen van der Ende Voorzitter commissie intern toezicht CVPOT

Anco Goldhoorn Wethouder gemeente Terschelling

P06296 | 373434/YSI/CGE

44

45

Bijlage II:

Overzicht toename bestuurstaken

De bestuurlijke verantwoordelijkheid wordt getypeerd door:  Kwaliteit van de primaire onderwijsprocessen. – Wettelijke sturingsdocumenten (schoolplan, schoolgids, schoolveiligheidsplan). – Wettelijke sturingssystemen (leerling- en onderwijsvolgsysteem). – Wettelijke verantwoordingssystemen (curriculumonafhankelijke toetssystemen voor tussenopbrengsten en eindopbrengsten).  Zorgplicht. – Participatie in samenwerkingsverband passend onderwijs. – Opstellen schoolondersteuningsprofielen. – Bieden van basisondersteuning en extra ondersteuning, passend onderwijsaanbod.  Lokaal educatieve agenda. – Participatie in lokale overleggen van de gemeente. – Doelstellingen op het gebied van het vergroten van onderwijskansen, onderwijs voor nieuwkomers- en vluchtelingen, vroeg signalering van (jonge) risicokinderen.  Kwaliteitszorg en kwaliteitscultuur. – Horizontale dialoog met belanghebbenden in en om scholen. – Systematische planning, uitvoering, evaluatie en bijstelling van onderwijsprocessen. – Publieke verantwoording (jaarverslag, scholen op de kaart, bestuurlijke benchmark). – Verantwoording aan interne toezichthouder en externe toezichthouder (onderwijsinspectie). – Juridische afhandeling van klachten. – Privacy beleid en AVG.  Governance. – Transparante besturing, toezicht en medezeggenschap.

– Kwaliteitsborging via uitwerking codes Goed bestuur en Goed toezicht (besturingsfilosofie, toezichtsvisie, toezichtskader, managementstatuten, medezeggenschapsreglement).  Werkgeversrol. – Uitwerken en invoeren cao-afspraken. – Arbobeleid. – Verzuimbeleid en wet verbetering Poortwachter. – Strategisch personeelsbeleid: opleiding in de school, begeleiding van starters, voortgezette professionalisering, formatie/werkgelegenheidsbeleid, ouderenbeleid.  Vastgoedbeheerder. – Meerjarig onderhoud van schoolgebouwen. – Duurzaamheid van schoolgebouwen. – (Brand)veilige schoolgebouwen en speeltoestellen.  Netwerkbeheerder. – Realisatie, onderhoud en veiligheid van digitale infrastructuur. – Exploitatie van digitale systemen, digitale leermiddelen.  Beheerder van private en publieke middelen. – Rechtmatige en doelmatige besteding van publieke middelen. – Administratieve organisatie en interne planning & control op schoolniveau en stichtingsniveau. – Wettelijke administratiesystemen voor gegevensuitwisseling. – Verantwoording conform RJ-richtlijnen in jaarverslag/ jaarrekening. – Verantwoording conform regelgeving van andere overheden (bijv. gemeente, provincie, Europa).

P06296 | 373434/YSI/CGE

45

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=ba18e786-9fa7-4da7-aaaf-80ce05d38f50