CConstaterende datTerschelling
Koppel je AI →
Document · PDF

12. a.b bijlage Was wordt VASTT

Raadsvergadering 6 maart 2024, gemeente TerschellingBij agendapunt: (B) Centrumgemeenteregeling VASTT - Leeuwarden - Gelegenheid tot zienswijze op wijziging van de regeling2.144 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt tabel bij Centrumgemeenteregeling samenwerking Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel en Leeuwarden Op 1 juli 2022 is de Wet versterking democratische legitimatie gemeenschappelijke regelingen in werking getreden. Deze wet wijzigt onder andere de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en beoogt de (informatie)positie van gemeenteraden en provinciale staten bij gemeenschappelijke regelingen te versterken. Dit heeft gevolgen voor onder meer de gemeenschappelijke regeling Centrumregeling samenwerking Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel en Leeuwarden, die aan deze wetswijziging moet worden aangepast. Zowel de bestaande tekst als het voorstel voor gewijzigde tekst zijn als bijlages toegevoegd. Veel tekst is gewijzigd om de leesbaarheid te vergroten en uniformiteit te betrachten t.o.v. gelijkluidende regelingen tussen Leeuwarden en andere gemeenten. Veel van deze wijzigingen zijn inhoudelijk van ondergeschikte aard en zijn daarom niet opgenomen in deze was-wordt tabel. Bestaande tekst

Nieuwe tekst Artikel 1, onder g: Governance-model: het model dat door de gemeentesecretarissen op 11 maart 2019 is vastgesteld en waarin de uitgangspunten van de onderlinge samenwerkingsstructuur is vastgelegd, in welke structuur onderling op diverse niveaus zaken over de samenwerking worden afgestemd en waarin tevens keuzes worden voorbereid om te komen tot optimalisatie van de samenwerking en verdere harmonisatie van gebruikte systemen;

Artikel 10 – Overige informatievoorziening

Artikel 10 – Overige informatievoorziening 3. De colleges van zowel centrumgemeente als Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel zijn verplicht de gemeenteraden van Leeuwarden respectievelijk Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel actief te informeren over al hetgeen de gemeenteraden ten aanzien van de onderhavige regeling voor de uitvoering van hun publiekrechtelijke taak en rol nodig hebben. 4. Deze actieve informatieplicht zal middels een vermelding van de in dit kader relevante gegevens in de paragraaf verbonden partijen van de jaarstukken plaatsvinden.

Artikel 12 – Wijziging van de regeling 2. De colleges van de gemeenten besluiten omtrent de voorgestelde wijziging niet dan nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van hun raden, overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

3. Een wijziging van de centrumregeling is tot stand gekomen wanneer de colleges van de gemeenten op de wijze als vermeld in het tweede lid hiermee hebben ingestemd.

4. De wijziging van de regeling treedt, tenzij anders bepaald, in werking op de dag volgend op die waarop de wijziging op de voorgeschreven wijze bekend is gemaakt door de centrumgemeente

Artikel 13 – Uittreding en opheffing 1. De regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van het colleges van de gemeenten. 2. Opheffing is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste vijf jaar na het treffen van deze regeling. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges van de gemeenten overeenstemming bestaat. 3. Indien een besluit tot opheffing, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen de colleges van de gemeenten gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen. 4. Het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid, voorziet in ieder geval in de verplichtingen van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de eventuele financiële en in de personele gevolgen van de opheffing. 5. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het derde lid. 6. Een besluit tot uittreding door het college van één der gemeenten kan eveneens leiden tot opheffing van de regeling. Een besluit tot

Artikel 12 – Wijziging van de regeling 2. Het college van de centrumgemeente en het college van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel besluiten omtrent de voorgestelde wijziging niet dan nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van de raad van de centrumgemeente en de raad van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel, overeenkomstig artikel 1, vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 3. Een wijziging van de centrumregeling is tot stand gekomen wanneer het college van de centrumgemeente en het college van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel op de wijze als vermeld in het tweede lid beiden hiertoe hun besluitvorming hebben afgerond. 4. De wijziging van de regeling treedt, tenzij in de gewijzigde regeling anders bepaald, in werking op de dag volgend op die waarop de wijziging door het college van de centrumgemeente is bekendgemaakt als bedoeld in artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

 artikel 13a, eerste lid

 vervallen

 artikel 13a, tweede lid

 artikel 13a, derde lid

 artikel 13a, vierde lid  artikel 13b, eerste lid

uittreding door één der gemeenten wordt niet genomen dan nadat daartoe toestemming is verkregen van de raad, overeenkomstig artikel 1, tweede lid, van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. 7. Indien één der gemeenten eenzijdig besluit uit deze centrumregeling te treden zonder dat er sprake is van een geschil of bijzondere omstandigheid draagt de partij die wenst uit te treden alle financiële en personele gevolgen van de opheffing of uittreding zulks vast te stellen door een registeraccountant. 8. Het besluit tot uittreding treedt in werking op 1 januari van het tweede jaar volgend op het jaar waarin het besluit tot uittreding is genomen, tenzij de colleges een andere datum overeenkomen. Het tweede tot en met het vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing.

 artikel 13b, derde lid (deels)

 artikel 13b, zevende lid

Artikel 13.a – Opheffing van de regeling 1. De regeling wordt opgeheven bij gelijkluidend besluit van het college van de centrumgemeente en de colleges van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel. Zij besluiten daartoe niet dan nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van de raad van de centrumgemeente respectieveijk de raden van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel, overeenkomstig artikel 1, vierde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 2. Alvorens een besluit tot opheffing, bedoeld in het eerste lid, wordt genomen, stellen de colleges van centrumgemeente en Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel hun respectievelijke gemeenteraden in de gelegenheid om hun wensen en bedenkingen ten aanzien van de opheffing te uiten, zulks als bedoeld in artikel 1, tweede en derde lid van de Wet gemeenschappelijke regelingen Daarna zulks met inachtneming van de ontvangen wensen en bedenkingen- geven het college van de centrumgemeente en de colleges van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel gezamenlijk een onafhankelijke registeraccountant opdracht om een opheffingsplan op te stellen.

3. Het opheffingsplan, bedoeld in het tweede lid, voorziet in ieder geval in de verplichtingen van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel tot deelneming in de eventuele financiële en in de personele gevolgen van de opheffing. 4. Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van het opheffingsplan, bedoeld in het tweede lid. 5. De opheffing van de regeling treedt, tenzij het besluit tot opheffing anders bepaald, in werking op de dag volgend op die waarop de opheffing door het college van de centrumgemeente is bekendgemaakt als bedoeld in artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 6. Opheffing zal in ieder geval dienen plaats te vinden indien in rechte is vast komen te staan dat deze regeling of de daarmee in verband staande uitvoering, in strijd met het recht of de wet wordt geacht. Artikel 13.b – Uittreding 1. Een (eenzijdig) besluit tot uittreding door het college van de centrumgemeente of door één van de colleges van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel leidt eveneens tot opheffing van de regeling.

Een besluit tot uittreding door het college van de centrumgemeente of de colleges van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel wordt niet genomen dan nadat de colleges daartoe toestemming hebben verkregen van de raad van de centrumgemeente respectieveijk de raden van Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel, overeenkomstig artikel 1, vierde van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. 2. Alvorens een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt genomen stellen de colleges van centrumgemeente, Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling en Texel hun respectievelijke gemeenteraden in de gelegenheid om hun wensen en bedenkingen ten aanzien van de uittreding te uiten, zulks als bedoeld in artikel 1, tweede en derde lid van de Wet gemeenschappelijke regeingen Daarna zulks met inachtneming van de ontvangen wensen en bedenkingen - inventariseren de functionarissen als bedoeld in artikel 7 lid 1

3.

4. 5.

6.

7.

8.

van de regeling de gevolgen van de uittreding. Vervolgens benoemen zij gezamenlijk een externe deskundige met wie zij een uittredingsplan opstellen. In het uittredingslan wordt voorzien in alle gevolgen die het uittreden heeft voor het vermogen van de gemeenten, met name doch niet uitsluitend op het gebied van personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Uitgangspunt is dat de uittredende gemeente alle financiële en personele gevolgen draagt die diens uittreding en daaruit voortvloeiende opheffing van deze regeling voor de andere gemeente heeft. Tevens wordt een tijdspad opgenomen tot aan het moment van definitive uittreding en financiële afwikkeling daarvan. Er wordt een uittredingssom bepaald aan de hand van de principes van goed koopmansschap en accounting. Als peildatum voor het bepalen van de uittredingssom geldt de eerste dag van de kalendermaand waarin het college van de uittredende gemeente de wens tot uittredeing aan de andere gemeente schriftelijk kenbaar heeft gemaakt.

Ter bepaling van de uittredingssom worden slechts frictiekosten (alle incidentele kosten te maken door de overblijvende gemeente die het directe gevolg van de beslissing tot uittreding van de uittredende gemeente) en desintegratiekosten (alle kosten direct dan wel toekomstig te maken dan wel te dragen door overblijvende gemeente die samenhangen met de afbouw van overcapaciteit in personele en materiële sfeer en andere verplichtingen, de afbouw van risico’s daarbij inbegrepen, ontstaan als direct gevolg van de uittreding van de uittredende gemeente) in aanmerking genomen. Het in de vorige leden bedoelde uittredingsplan geldt in het kader van de gelijktijdigde opheffing van de regeling tevens als opheffinsplan. Te dien aanzien alsmede van de overige handelingen vanwege de opheffing van de regeling geldt het bepaalde in artikel 13.a onverkort. Het besluit tot uittreding treedt, tenzij het besluit tot uittreding anders bepaald, in werking op de dag volgend op die waarop

de uittreding door het college van de centrumgemeente is bekendgemaakt als bedoeld in artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Artikel 14 – Duur van de regeling 1. De regeling wordt met ingang van heden getroffen voor een periode van 5 jaren. 2. Indien en zodra na ommekomst van de in artikel 14.1. bedoelde termijn de regeling niet door uittreding en opheffing als bedoeld in artikel 13 tot een einde komt, zal de regeling vervolgens voortduren voor onbepaalde tijd. 3. 3. In het geval bedoeld in artikel 14.2. blijft vervolgens artikel 12 en 13

Artikel 14 – Duur van de regeling De regeling wordt met ingang van 1 april 2024 getroffen voor onbepaalde tijd.

Artikel 15 – Inzending regeling Het college van de centrumgemeente is belast met de inzending van de regeling aan gedeputeerde staten van de provincie Friesland. Het college van de gemeente Texel is belast met de inzending van de regeling aan gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland.

Artikel 15 – Inzending regeling Het college van de centrumgemeente is belast met de inzending van de regeling aan gedeputeerde staten van de provincie Fryslân, publicatie in de Staatscourant en opname in de Decentrale Regelgeving en Officiële Publicaties. Artikel 16 – Archivering 1. Het college van de centrumgemeente is conform de Archiefwet 1995 de zorgdrager voor de archiefbescheiden als bedoeld in artikel 1 onder c van de Archiefwet 1995 van deze regeling. 2. De verwerking van de archiefbescheiden vindt plaats conform de bestaande regelgeving van de centrumgemeente. 3. De archiefbescheiden zijn als een herkenbare zelfstandige eenheid onderdeel van de gemeentelijke informatiehuishouding. 4. De archiefbewaarplaats van de centrumgemeente is de archiefbewaarplaats van de regeling. 5.

6.

Het college van de centrumgemeente is, in het geval van het wijzigingsbeheer, bevoegd namens de aan de regeling deelnemende zorgdragers archiefbescheiden, die binnen of op grond van de beschikbaar gestelde voorzieningen wordt verwerkt, op grond van de Archiefwet 1995, te vervangen of te vernietigen. Deze vervanging of vernietiging vindt plaats binnen de kaders van de interne regelingen en daaruit voortvloeiende procedures van de centrumgemeente.

Artikel 17 - Verwerken van persoonsgegevens 1. Daar waar het college van de centrumgemeente bij de uitvoering van deze Regeling dan wel de te sluiten SLA of eventueel andere te sluiten overeenkomsten die onder deze regeling vallen, persoonsgegevens in de zin van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) verwerkt, wordt conform artikel 4 AVG bepaald welke partij verwerkingsverantwoordelijke is en welke partij verwerker is. Er kan dan sprake zijn van gezamenlijke verwerkingsverantwoordelijkheid, een verwerkingsverantwoordelijkheid van partijen zelf of een verwerker. 2. Partijen komen nadere afspraken daaromtrent overeen in een overeenkomst. Daarbij kan sprake zijn van een gegevensdelingsovereenkomst, een convenant of een verwerkersovereenkomst zoals bedoeld in artikel 28 AVG. Artikel 16 – Inwerkingtreding De regeling treedt in werking op de eerste dag van de maand, volgend op de dag waarop het college van de centrumgemeente de regeling op de gebruikelijke wijze bekend heeft gemaakt.

Artikel 18 – Inwerkingtreding De regeling treedt in werking op de eerste dag van een maand, volgend op de dag waarop het college van de centrumgemeente de regeling bekend heeft gemaakt in de Staatscourant en werkt terug tot 1 april 2024.

Artikel 17 – Citeerwijze De regeling wordt aangehaald als Centrumregeling samenwerking Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel en Leeuwarden.

Artikel 19 – Citeerwijze De regeling wordt aangehaald als Centrumgemeenteregeling samenwerking Vlieland, Ameland, Schiermonnikoog, Terschelling, Texel en Leeuwarden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Terschelling&id=5a74ddc3-d9d5-4916-ba16-0a969decfbb8