CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

e.02. 2021-02-04 IC15 - Voortgangsrapportage Omgevingswet dec 20

commissie Omgeving 3 maart 2021, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Bespreken ingekomen stukken raadsvergadering 4 februari 20212.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

DE OMGEVINGSWET wordt van ons allemaal

Voortgangsrapportage Omgevingswet december 2020 9 december 2020 Annemarie Arens 1

Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Leeswijzer 3. Stand van zaken Omgevingswet 3.1. Landelijk 3.2. Samenwerkingsplatform Omgevingswet Zeeland 3.3. Interne werkgroepen 4. Overzicht toekomstige besluitvorming 5. Risico-inventarisatie 6. Financiën 7. Vooruitblik komend kwartaal

blz 3 blz 3 blz 4 blz 4 blz 5 blz 5 blz 6 blz 7 blz 8

Bijlagen: -

Interbestuurlijke roadmap Planning werkgroepen 2021

2

1. Inleiding 2020 was in allerlei opzichten een bewogen jaar. Voor wat betreft de Omgevingswet werd door het Rijk besloten om de invoeringsdatum op te schuiven van 1 januari 2021 naar 1 januari 2022. In de voortgangsrapportage van juni is aangegeven dat er sprake was van verminderde ureninzet ten behoeve van de implementatie van de Omgevingswet als gevolg van werkzaamheden met betrekking tot COVID-19. Daarbij werd aangegeven dat inzet op de implementatie vanaf oktober 2020 weer normaal zou zijn. Dit is vanwege de tweede golf helaas niet gebeurd. Het Rijk heeft eind 2020 een nieuwe interbestuurlijke roadmap vervaardigd die er anders uitziet en de acties weer anders omschrijft dan in de minimale actielijst waarop wij onze aanvankelijke planning hebben gebaseerd. In deze interbestuurlijke roadmap staat een meer ambitieuze planning dan de planning waar wij momenteel vanuit gaan. Als voorbeeld noemen we het oefenen met het omgevingsplan dat volgens de roadmap al vanaf medio 2020 had moeten plaatsvinden. Dit hebben wij nog niet gedaan, omdat wij volgens de Omgevingswet uiterlijk 31 december 2029 pas over een Omgevingsplan moeten beschikken. Dit neemt niet weg dat wij in 2021 wel willen gaan gebruiken om te oefenen.

In de nu voorliggende voortgangsrapportage geven wij inzicht in de stand van zaken van de Omgevingswet op landelijk, Zeeuws (Samenwerkingsplatform Omgevingswet Zeeland) en Terneuzens (interne werkgroepen) niveau. Ook worden de te nemen besluiten nog een keer aangestipt en geven we inzicht in de zaken waar we de komende tijd op gaan focussen.

2. Leeswijzer In hoofdstuk 3 leest u de stand van zaken op landelijk, regionaal en lokaal niveau. In hoofdstuk 4 geven we inzicht in de bestuurlijke besluitvorming voor 2021. In hoofdstuk 5 en 6 noemen we de risico’s en de financiën. In hoofdstuk 7 geven we een vooruitblik op het komend kwartaal.

3

3. Stand van zaken Omgevingswet 3.1.

Landelijk

Op 1 december jl heeft de Tweede Kamer over een aantal moties rondom de Omgevingswet gestemd. Eén van de aangenomen moties roept op tot het indienen van het Koninklijk Besluit (KB), de laatste stap waarmee de voorgenomen datum van 1 januari 2022 voor inwerkingtreding definitief wordt. Dit geeft gemeenten duidelijkheid bij hun laatste voorbereidingen voor de inwerkingtreding. Twee andere moties die zijn aangenomen gingen over de kosten die de invoering van de Omgevingswet met zich meebrengt. Een motie gaat over het budgetneutraal invoeren van de wet en de andere roept op om zorg te dragen voor voldoende middelen voor de invoering van de wet. Deze beide moties van de Tweede Kamer onderschrijven de motie die door de leden van de VNG is aangenomen tijdens de ALV van 25 september 2020. Het betreft hier de motie die door de gemeente Noordoostpolder was ingediend en die Terneuzen actief heeft ondersteund. Het uitgangspunt van deze motie is dat de VNG het Rijk oproept extra middelen beschikbaar te stellen als blijkt dat de Omgevingswet niet budgetneutraal ingevoerd kan worden. Hieraan ligt een lopend onderzoek ten grondslag. Duidelijk mag zijn dat de aanvankelijke boodschap vanuit het Rijk dat de Omgevingswet een budgetneutrale stelselwijziging betreft, wellicht een iets te rooskleurig beeld schetste. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet is de laatste weken weer in het nieuws.

Gebleken is dat een aantal zaken nog nader moet worden uitgekristalliseerd. Voordat de Omgevingswet in werking treedt moeten alle gemeenten zijn aangesloten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO-LV). Hiervoor dienen wij als gemeente software aan te schaffen. Wij hebben bij de VNG nagevraagd of wij, afgaand op de negatieve berichten in de media, zoals gepland kunnen gaan oefenen met de software die wij willen gaan aanschaffen. Dit blijkt voor het DSO geen probleem. Er is budget vrijgemaakt en op dit moment wordt de laatste besprekingen gevoerd met de softwareleveranciers. Hierna kunnen de afspraken in contracten worden vastgelegd. 3.2.

Samenwerkingsplatform Omgevingswet Zeeland

Samenwerken in Zeeland loont. Ook de samenwerking op het gebied van de Omgevingswet is geïntensiveerd. Zo wordt er vanuit de werkgroep Opleiding en kennisdeling weer gewerkt aan een (online) opleidingsaanbod voor alle Zeeuwse overheden en ketenpartners. Dit hebben wij in 2020 ook verzorgd binnen de regio. Van het aanbod is het afgelopen jaar veel gebruik gemaakt en deelnemers waren positief. Omdat veel cursussen werden aangeboden door de VNG was deelname aan het overgrote deel van de online bijeenkomsten gratis. De werkgroep VTH is bezig met een plan van aanpak om de zogenaamde bruidsschatregels inzichtelijk te maken, een plan van aanpak voor de legesverordening op te stellen, het inrichten van een Omgevingstafel en te komen tot samenwerkingsafspraken. De werkgroep Digitaal Stelsel Omgevingswet werkt aan een plan van aanpak om met behulp van toepasbare regels te komen tot vragenbomen en er wordt nagedacht over een eventuele Zeeuwse regelanalist. De werkgroepen rondom het Omgevingsplan en de Omgevingsvisie zijn momenteel vooral druk met de Zeeuwse Omgevingsverordening en de Zeeuwse Omgevingsvisie. In alle Zeeuwse werkgroepen is Terneuzen vertegenwoordigd. Naast overleg met alle Zeeuwse overheden hebben wij ook maandelijks een regionaal afstemmingsoverleg met de buurgemeenten Hulst en Sluis. 4

3.3.

Interne werkgroepen

Doordat een groot deel van de betrokken leden van de interne werkgroepen geen tijd kan besteden aan de Omgevingswet is het merendeel van de werkgroepen niet samen kunnen komen. Dat neemt niet weg dat de taken die op de rol staan voor die werkgroepen wel zijn opgepakt. Taken worden nu uitgevoerd in kleiner verband. Daarbij is ook besloten om sommige zaken te beleggen bij de Zeeuwse werkgroepen (zoals bijvoorbeeld het inzichtelijk maken van de bruidsschatregels). Andere zaken zoals bijvoorbeeld het regel voor regel inventariseren van lokale verordeningen schuiven we in tijd vooruit. Deze regels gaan uiteindelijk op in het Omgevingsplan. Dit moet uiterlijk op 31 december 2029 vastgesteld zijn. Het afgelopen kwartaal zijn opgeleverd/georganiseerd: - Een voorstel om te komen tot aanschaf van plansoftware en toepasbare regelsoftware zodat wij in het eerste kwartaal van 2021 kunnen starten met oefenen. - Een communicatiestrategie. - Inzicht in de financiële gevolgen van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (zie hierna hoofdstuk 5). - Regionale workshops over DSO en structurele effecten Omgevingswet. - Online raadsinformatiebijeenkomst 4. Overzicht toekomstige besluitvorming Door het samenwerken binnen Zeeland en de nog steeds voortdurende verminderde inzet binnen de werkgroepen is de planning van de besluiten die we moeten (laten) nemen opgeschoven.

De besluiten staan hier afzonderlijk vermeld, maar zullen praktischerwijs via een verzamelvoorstel aan u worden voorgelegd. In onderstaand overzicht ziet u de besluiten die in 2021 door het college en/of de raad genomen moeten worden, waar u in ieder geval van op de hoogte moet worden gebracht en welke werkgroep hiervoor verantwoordelijk is. Werkgroep

Besluit

Wetgeving

Omgang met regels uit de bruidsschat (via plan van aanpak Omgevingsplan) Instelling commissie ruimtelijke kwaliteit Legesverordening Mandaatregeling Verordening planschade Adviesrecht buitenplanse omgevingsplanactiviteiten Beoogde opbouw en inhoud omgevingsplan Aanpak grondgebied dekkend omgevingsplan Vaststellen plan van aanpak Omgevingsvisie Aanwijzing gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, waarvoor participatie verplicht wordt gesteld. Besluit over verplicht programma luchtkwaliteit en actieplan geluid

Proces en inhoud

Besluitvorming kwartaal Q4-2021

in

Bevoegd gezag Raad

Q4 2021

Raad

Q4-2021 Q4-2021 Q4-2021 Q4 2021

Raad Raad Raad Raad

Q4 2021

Raad

Q4 2021

College

Q4 2021

College

Q4 2021

Raad

Q4-2021

Raad

5

Digitalisering Dienstverlening en ketensamenwerking

Bestuur en Cultuur

Herziening beleid Vergunningen, Toezicht en Handhaving Beleid kostenverhaal Inzicht in extra kosten digitaal stelsel Communicatiestrategie Financiële en samenwerkingsafspraken met ketenpartners Visie op dienstverlening irt Omgevingswet Trainingsen opleidingsprogramma Participatiebeleid (ism regisseur overheids- en burgerparicipatie) Organisatorische en financiële gevolgen inwerkingtreding Ow en Wkb via kaderbrief Veranderopgave na 2022

Q4-2021

Raad

Q4-2021 Q4-2020

College College

Q1-2021 Q4-2021

College Raad

Q4-2021

Raad

Q1-2021

College

Q2-2021

Raad

Q2-2021

Raad

Q4-2021

Raad

Tabel 2: Overzicht besluitvorming

5. Risico-inventarisatie Ten aanzien van de implementatie binnen Terneuzen constateren wij de volgende risico’s: -

Onzekerheid over technische stand van zaken softwareleverancier voor wat betreft VTH systeem. Onvoldoende terugkoppeling uit de Zeeuwse werkgroep DSO Gebrek aan technisch inzicht m.b.t. aansluitingen DSO voor wat betreft plansoftware en toepasbare regels binnen de afdeling Omgeving en Economie. (Blijvend) beperkte(re) inzet medewerkers ingegeven door de Corona-maatregelen en toename vergunningsaanvragen. Inzicht in benodigde capaciteit, competenties en kosten (incl. beheersing), mede met het oog op de Wkb is een aandachtspunt. Integrale samenwerking met (externe) ketenpartners blijft een aandachtspunt. Urgentie-besef is gelukkig groeiend, maar door veel en urgentere werkzaamheden ‘schuift’ de Omgevingswet achteraan in de rij als het gaat om tijdsbesteding. Tijdens de raadsinformatiebijeenkomst van 8 december jl. is bij een aantal pollvragen m.b.t. de inrichting van het Omgevingsplan opgevallen dat een groot deel van de daar aanwezige raadsleden koos voor het opnemen van algemene regels of een meldingsplicht. Gevolg van deze keuze is het wegvallen van de mogelijkheid tot heffen van gemeentelijke leges wanneer dit in het uiteindelijke Omgevingsplan als zodanig wordt ingevoerd.

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) treedt samen met de Omgevingswet op 1 januari 2022 in werking. De VNG en BZK hebben hier een akkoord over bereikt. Het akkoord geeft gemeenten duidelijkheid over de juridische borging van hun verantwoordelijkheden. Met dit akkoord zijn wat betreft de VNG de juridische belemmeringen weggenomen. Wij vinden het zorgelijk dat er door de VNG enkel over de juridische belemmeringen en niet over de financiële gevolgen wordt gesproken. De wet zal bij inwerkingtreding alleen gelden voor bouwwerken vallend onder gevolgklasse 1. Het gaat samengevat om de volgende bouwwerken: -

Grondgebonden eengezinswoningen, inclusief nevenfuncties (garage, kantoor aan huis) 6

-

Woonboten Vakantiewoningen Bedrijfspanden van maximaal 2 bouwlagen, inclusief klein kantoor/kantine Kleine fiets- en voetgangersbruggen (niet over rijks- of provinciale wegen) Overige bouwwerken geen gebouw zijnde tot maximaal 20 meter hoog (masten, antennes etc) Verbouwingen van hiervoor genoemde bouwwerken vallen onder gevolgklasse 1.

Aan de hand van de verleende omgevingsvergunningen uit de jaren 2017, 2018 en 2019 hebben we inzichtelijk gemaakt welke omgevingsvergunningen er onder de Wkb vanaf 1 januari 2022 niet meer bouwtechnisch getoetst moeten worden en waarvoor dus ook geen leges meer geheven mogen worden. Voor alle drie deze jaren kwamen wij uit op 60% minder legesinkomsten (gemiddeld zo’n € 600.000). De werklast daalt daarbij niet evenredig. Met andere woorden er komt minder binnen, terwijl het werk nagenoeg gelijk blijft. Onder de Omgevingswet zal het traject voorafgaand aan een definitieve aanvraag intensiveren. Ook hier zal meer werk uit volgen. Mede als gevolg hiervan zullen wij moeten nadenken over het heffen van leges voorafgaand aan een definitieve aanvraag omgevingsvergunning. Uiteraard zal er ook doorrekening van kosten ten behoeve van noodzakelijke advisering door ketenpartners gaan plaatsvinden vanaf 1 januari 2022. Samen met collega’s van team Financiën werken we aan de kaderbrief 2022-2025 waarin e.e.a. inzichtelijk wordt gemaakt. 6. Financiën Ten behoeve van de invoering van de Omgevingswet zijn budgetten gereserveerd. Budget 2019 In 2019 raamden wij een bedrag van € 40.000. Dit bedrag is in 2019 niet uitgegeven en is daarom overgeheveld naar het jaar 2020. Budget 2020 Voor het jaar 2020 raamden wij voor de invoering van de Omgevingswet een bedrag van € 40.000.

De € 40.000 van 2020 is eveneens niet uitgegeven. Via de 3e perioderapportage stellen wij voor dit bedrag over te hevelen naar 2021. In de vergadering van 17 december 2020 besluit de gemeenteraad hierover. Uitgaven tot nu toe Van de € 40.000, -- die van 2019 naar 2020 is overgeheveld, is tot nu toe een bedrag van € 1.228 uitgegeven aan opleidingen en trainingen. In augustus heeft het college ingestemd 1 met het beschikbaar stellen van budget voor de aanschaf van software, gedurende een pilotperiode van 2 jaar. Het betreft: 2020 € 18.165,-

2021 € 22.500,-

2022 € 22.500,-

Deze budgetten zijn gebaseerd op de offertes die zijn uitgebracht door de softwareleveranciers voor respectievelijk de plansoftware en de software voor toepasbare regels. Omdat de onderhandelingen met de softwareleverancier nog lopen, heeft aanschaf 1

18 augustus 2020 2020_BW_00943

7

nog niet plaatsgevonden. Wij verwachten dat de kosten ad € 18.165 die begroot waren voor de aanschaf niet meer in het jaar 2020 uitgegeven zullen worden. Als gevolg hiervan zullen wij voorstellen om het bedrag van € 38.772 (vanuit 2019) over te hevelen naar 2021. Zoals bij de risico’s reeds is vermeld zijn zeker nog niet alle kosten inzichtelijk te maken. Dit geldt ook voor het capaciteitsvraagstuk. Hiervoor zal expertise moeten worden ingevlogen. Het inschakelen van een extern bureau hiervoor wordt momenteel door de ambtelijk opdrachtgever onderzocht. 7. Vooruitblik komend kwartaal Het komende kwartaal ligt de focus op het inrichten van de intaketafel, het zoeken naar mogelijkheden om het tekort aan leges zo minimaal mogelijk te krijgen, het maken van samenwerkingsafspraken, het inzichtelijk maken van processen en competenties, het definitief maken van de contracten voor de benodigde software en hiermee te gaan oefenen.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9764217/1