CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2026-05-20 - TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22f Axelse Vlakte, Industrieweg-Zuid 23 geanon

gemeenteraad 4 juni 2026, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen TAM Axelse Vlakte Industrieweg Zuid 2322.540 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In de regels van deze wijziging van het omgevingsplan zijn nieuwe risicovolle inrichtingen alleen onder voorwaarden toegestaan. Wel wordt er met de voorgenomen ontwikkeling een beperkt kwetsbare gebouw (kantoor ondergeschikt aan de bedrijfsactiviteit) mogelijk gemaakt. Daarom is het van belang om af te wegen of ten aanzien van e bezoekers een veilige omgeving kan worden geboden gelet op externe veiligheidsrisico's. Met behulp van de PAV-kaarten van het REV is in beeld gebracht welke risicobronnen zich in de omgeving van het projectlocatie bevinden (zie onderstaande figuur). Daarbij is gekeken naar activiteiten met externe veiligheidsrisico's, buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen en transportroutes over land (wegen, spoorwegen en vaarwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd.

36/245

Figuur 4.9 Uitsnede risicokaart, het projectgebied rood omkaderd (Bron: Atlas Leefomgeving, bewerking Rho adviseurs) Uit bovenstaande figuur blijkt dat een deel van het projectgebied zich binnen de PR10-6-contour van het Windpark Koegorspolder bevindt, evenals binnen de PR10-6-contouren van andere windturbines binnen hetzelfde park (zie figuur 4.9). Deze wijziging van het omgevingsplan maakt geen kwetsbare of zeer kwetsbare gebouwen mogelijk in het projectgebied. Een zelfstandig kantoorgebouw, dat kan worden gezien als een kwetsbaar gebouw, is op basis van de regels niet mogelijk. Alleen aan de bedrijfsactiviteit ondergeschikte kantoren zijn toegestaan. Deze worden gezien als beperkt kwetsbaar. Het kantoor wordt buiten de PR10-6-contour gerealiseerd. Mocht er in de toekomst een beperkt kwetsbaar gebouw binnen de PR10-6-contour worden gerealiseerd, dan zijn er voldoende mogelijkheden om te vluchten naar een gebied met een lager risico niveau. Aan de noordwestzijde van het projectgebied bevindt zich voor een klein gedeelte een gifwolkaandachtsgbied. Dit aandachtsgebied komt van Yara, een chemische fabriek. Er worden geen kwetsbare gebouwen of locaties mogelijk gemaakt binnen het aandachtsgebied. Op basis van deze informatie is nader onderzoek naar externe veiligheid niet noodzakelijk.

Risico's anders dan externe veiligheid Uit kaarten van het Landelijk Informatiesysteem Water en Overstromingen (LIWO) blijkt dat de planlocatie en de directe omgeving momenteel een klein plaatsgebonden overstromingskans van <1/3.00 tot 1/3000 per jaar kent. De kans op overstromingen is zodanig gering dat nader onderzoek niet noodzakelijk is. Bovendien voorziet de ontwikkeling niet in activiteiten die invloed hebben op de plaatsgebonden overstromingskans. Verdere stappen

37/245

of aanvullend onderzoek naar waterveiligheid zijn dan ook niet vereist. Overige risico's van branden, rampen en crisis zijn niet relevant voor het project. Op grond van artikel 5.2 Bkl zal moeten worden gemotiveerd hoe voor risico's van branden, rampen en crises rekening gehouden met het belang van: d. het voorkomen, beperken en bestrijden daarvan; e. de mogelijkheden voor personen om zich daarbij in veiligheid te brengen; en f. de geneeskundige hulpverlening. 4.11.3 Conclusie Met de beoogde ontwikkeling wordt een beperkt kwetsbaar gebouw (kantoor ondergeschikt aan de bedrijfsactiviteit) mogelijk gemaakt. De bebouwing bevindt zich niet in een aandachtsgebied of PR contour. Het aspect omgevingsveiligheid vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. Voor dit aspect is het opnemen van regels niet noodzakelijk.

4.12 Gezondheid 4.12.1 Toetsingskader Doel van de Omgevingswet is ook het beschermen van de gezondheid (artikel 2.1, lid 3, onder b). In lid 4 wordt benadrukt dat bij het stellen van regels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening gehouden met het belang van het beschermen van de gezondheid. 4.12.2 Toetsing Een deel van de hiervoor beschreven omgevingsaspecten heeft een gezondheidscomponent, waarbij het in de meest gevallen gaat om gezondheidsbescherming. Bij de afweging van de gezondheidsgevolgen kunnen ook gezondheidsbevorderende aspecten een rol spelen zoals bijvoorbeeld een groene leefomgeving, ruimte voor beweging, beschikbaarheid / toegankelijkheid van voorzieningen en sociale cohesie. Gezondheid is een containerbegrip waar veel thema's samenkomen. Het gaat hierbij om thema's die in hoofdstuk 5 van het Bkl expliciet zijn genoemd, zoals geluid, geur en bodem die van invloed kunnen zijn op de gezondheid. De beoogde ontwikkeling is geen geluid- en geurgevoelig gebouw. Uit de paragraaf 'luchtkwaliteit' blijkt dat aan de omgevingswaarden en WHO waarden voor stikstofdioxide en fijnstof voldaan wordt en dat de luchtkwaliteit ter plaatse aanvaardbaar is. Initiatiefnemer zet in om de inrichting van het bedrijventerrein klimaatbestendig en duurzaam in te richten om de onderhoud van het bedrijventerrein te waarborgen.

Initiatiefnemer is voornemens om het kantoor met opslag zoveel als mogelijk energieneutraal in te richten. Het terrein zal voornamelijk ingericht worden als opslagdepot. Middels ecologische maatregelen (denk bijvoorbeeld aan maatregelen ter bescherming van oeverzwaluwen) wenst initiatiefnemer natuur en bedrijfsactiviteiten verantwoord te combineren. Daarnaast is initiatiefnemer voornemens om oppervlaktewater te gaan hergebruiken voor stofbestrijding.

38/245

4.12.3 Conclusie Gelet op het voorgaande is bij de voorgenomen ontwikkeling voldoende rekening gehouden met het aspect gezondheid.

4.13 Ladder voor duurzame verstedelijking 4.13.1 Toetsingskader De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. Artikel 5.129g Bkl regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Bij een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is, wordt rekening gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling, en als die stedelijke ontwikkeling is voorzien buiten het stedelijk gebied of buiten het stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied de mogelijkheden om binnen dat stedelijk gebied of binnen dat stedelijk groen aan de rand van de bebouwing van stedelijk gebied in die behoefte te voorzien. 4.13.2 Toetsing In welke gevallen sprake is van een stedelijke ontwikkeling is niet concreet vastgelegd. Op basis van jurisprudentie wordt in beginsel een ondergrens van 500 m2 nieuw ruimtebeslag of nieuw bruto-vloeroppervlak als ondergrens gehanteerd. Het gaat om de verplaatsing van een bedrijf uit de Lovenpolder naar de Axelse Vlakte.

Het bedrijf is niet passend in de Lovenpolder waar er woningen nabij de bedrijfslocatie aanwezig zijn. De locatie aan de Lovenpolder zal in gebruik blijven voor bedrijvigheid, maar voor minder zware bedrijvigheid en minder intensief. Zoals in de Structuurvisie gemeente Terneuzen is aangegeven, is de Axelse Vlakte aangewezen als bestaand werkgebied. In de visie is aangegeven dat het doel is om de Axelse Vlakte, waar het projectgebied onderdeel van uitmaakt, te ontwikkelen en economisch te versterken. De vestiging van een bedrijf op een voormalig agrarisch perceel draagt bij aan de ontwikkeling van het gebied. Conclusie Op basis van het voorgaande wordt voldaan aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.

4.14 Niet gesprongen explosieven 4.14.1 Toetsingskader Gemeente Terneuzen hanteert voor niet-gesprongen explosieven (NGE) het Historisch Vooronderzoek met NGE-Risicokaart van REASeuro, kenmerk RO180093 van 24 oktober 2018. De bedoelde locatie aan de Industrieweg-Zuid 23 in Westdorpe valt deels in een gebied dat in relatie tot NGE is aangemerkt risicogebied.

39/245

4.14.2 Toetsing en conclusie Tijdens de bevrijding hebben in september 1944 hevige grondgevechten en artilleriebeschietingen plaatsgevonden, namelijk bij het verdrijven van Duitse soldaten uit Axel in de opmars richting Terneuzen en Zaamslag door Poolse eenheden. In het gebied dient rekening te worden gehouden met achtergebleven geschutmunitie, afkomstig van grondartillerie. Het aantreffen van munitie is niet ondenkbaar, maar de trefkans is wel klein. In dit geval zou de omschreven en naar verwachting relatief kleine munitie zich dan op, of juist onder de oppervlakte kunnen bevinden. De locatie betrof decennia lang weidegrond. Op basis van trefkans en kaliber van bedoelde munitie wordt humaan risico laag ingeschat en grotere oorlogsrestanten zouden redelijkerwijs al zijn opgemerkt. Verder onderzoek naar niet-gesprongen conventionele explosieven is voor een wijziging van het bestemmingsplan niet nodig. Ter plaatse, zéker in geval van grondverzet, blijft oplettendheid raadzaam en een extra aandachtpunt in relatie tot NGE betreft een veedrinkput die halverwege de 20e eeuw op het terrein was gelegen en ergens rond de jaren '70 is gedempt; hierin kan munitie zijn gedumpt. In geval er ter zijner tijd ter plaatse alsnog munitie wordt aangetroffen, wordt ingezet op het handelen op basis van het protocol 'Toevalstreffer conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog'.

Figuur 4.10 Uitsnede kaart NGE-Risicogebieden, het projectgebied is blauw omkaderd (Bron: gemeente Terneuzen, bewerking Rho adviseurs)

4.15 Overige omgevingsaspecten Ten aanzien van deze ontwikkeling zijn de relevante omgevingsaspecten getoetst in de paragrafen 4.1 tot en met 4.14. In tabel 4.1 zijn de overige omgevingsaspecten getoetst. Tabel 4.1 Overige omgevingsaspecten Omgevingsaspect

40/245

Toetsing

Welstand Geur

Trilling

Schaduwhinder en windhinder Duurzaamheid

Spuitzones Stofhinder

Er is geen welstandbeleid van toepassing op het projectgebied. Het bedrijf veroorzaakt geen geur. Gezien de afstand tot de dichtstbijzijnde woning (700 meter) zijn ook andere bedrijven in categorie 4.2 met betrekking van geur op deze locatie acceptabel. Het bedrijf veroorzaakt geen trillingen. Gezien de afstand tot de dichtstbijzijnde woning (700 meter) zijn ook andere bedrijven in categorie 4.2 met betrekking tot trillingen op deze locatie acceptabel. Het bedrijf veroorzaakt geen schaduw- en windhinder. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) stelt eisen aan energiezuinigheid van nieuwe gebouwen. Er gelden BENG-eisen voor de thermische isolatie, de luchtdichtheid en de technische bouwsystemen. BENG staat voor Bijna Energieneutrale Gebouwen. Deze gelden ook voor het voorziene nieuwe bedrijfsgebouw. Dit aspect is niet van toepassing. De bedrijfsactiviteiten die plaats zullen vinden op het perceel Industrieweg-Zuid 23 bestaan uit de opslag van zand, grond, puin en stenen. Bij de opslag van zand, grond, puin en stenen kan sprake zijn van stofhinder. Gezien de ervaringen op de huidige locatie, perceel Lovenpolderstraat, is de reële verwachting dat er zeer minimaal sprake zal zijn van stofontwikkeling. Mocht in het uiterste geval hiervan wel sprake zijn, dan zal deze, gezien de urgentie voor de omgeving, bestreden worden middels het sproeien van water.

Het bedrijf veroorzaakt geen trillingen. Gezien de afstand tot de dichtstbijzijnde woning (700 meter) zijn ook andere bedrijven in categorie 4.2 met betrekking tot stofhinder op deze locatie acceptabel.

Conclusie Er kan geconcludeerd worden dat de overige omgevingsaspecten niet zorgen voor nadelige gevolgen.

41/245

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële haalbaarheid Dit TAM-omgevingsplan vormt het toetsingskader voor de geplande ontwikkeling. De initiatiefnemer is eigenaar van de gronden ter plaatse van het projectgebied. Hierdoor is het plan financieel haalbaar. Kostenverhaal De voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling ziet in op de realisatie van een aannemersbedrijf en de opslag van grond. Deze ontwikkeling is op grond van artikel 8.13 van het Omgevingsbesluit aangewezen als kostenverhaalplichtige activiteit. Op grond van artikel 13.12 Omgevingswet is het verboden kostenverhaalplichtige activiteiten uit te voeren voordat de hiervoor geldende kostenverhaalbijdrages zijn betaald. Dit verbod geldt niet in het geval dat het kostenverhaal is verzekerd. Er wordt een overeenkomst gesloten tussen initiatiefnemer en gemeente.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

De initiatiefnemer gaat de buren informeren over de ontwikkeling. Het ontwerp TAM-omgevingsplan heeft voor een periode van 6 weken, van 11 december 2025 tot en met 21 januari 2026, voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode kon iedereen over het ontwerpbestemmingsplan een schriftelijke of mondelinge zienswijze indienen. Gedurende deze periode zijn er geen zienswijzen ingediend.

42/245

Hoofdstuk 6

Evenwichtige toedeling van functies aan locaties

Een evenwichtige toedeling van functies aan locaties betekent dat er balans bestaat tussen het beschermen en benutten ten gevolge van de verschillende functies die locaties binnen een gebied kunnen vervullen. Het bevoegd gezag moet beoordelen of bij realisering van de aangevraagde activiteit(en) sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Om dit te kunnen beoordelen moeten alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten (voor zover die betrekking hebben op de aangevraagde activiteit) zorgvuldig worden onderzocht en afgewogen. Dat is in de voorgaande hoofdstukken gebeurd. Voor de beoordeling van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties zijn alle voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten, voor zover betrekking hebbend op de gevraagde activiteit, nader onderzocht in hoofdstukken 3 en 4. Getoetst is aan relevante omgevingsaspecten. Hieruit is gebleken dat voldaan wordt aan de instructieregels en het beleid. Dit betekent dat het project bijdraagt aan de beleidsdoelen en niet leidt tot onacceptabele effecten op de leefomgeving. Wel dient rekening gehouden te worden met de aanwezig beschermde soorten, dit kan door te werken met een ecologisch werkprotocol. Dit is een voorwaarde voor de ontwikkeling van de bebouwing aan de zuidzijde van het projectgebied.

43/245

44/245

Bijlagen toelichting

45/245

46/245

Bijlage 1

47/245

Verkennend bodemonderzoek

VERKENNEND BODEMONDERZOEK

Finlandweg-Industrieweg Zuid ong. Westdorpe

MCG Zuidwest B.V. Schouwersweg 9 4451 HS Heinkenszand T: 0113 567 926 I: www.mcgzuidwest.nl E: info@mcgzuidwest.nl

Opdrachtgever

L.J. Guiljam Onroerend Goed B.V. Van Wuyckhuiseweg 1 4542 RW Hoek

Projectnummer Status Versie Datum Projectleider (Mede)auteur

21MCG433.10 Definitief 01 18 november 2021 Dhr. A.P.L.A.M Steenbergen Dhr. M. Kwast

INHOUD SAMENVATTING

3

1

4

INLEIDING

1.1

Aanleiding en doel

4

1.2

Kwaliteit

4

1.3

Betrouwbaarheid

4

2

VOORONDERZOEK

5

2.1

Bodemgebruik

5

2.2

Terreinverkenning

5

2.3

Boomgaardenkaart

5

2.4

Bodemkwaliteitskaart

5

2.5

Eerdere onderzoeken

5

2.6

Conclusie vooronderzoek

6

2.7

Onderzoeksstrategie

7

3

VERRICHTE WERKZAAMHEDEN

8

3.1

Veldwerkzaamheden

8

3.2

Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater

8

3.3

Laboratoriumonderzoek

8

4

RESULTATEN

10

4.1

Toetsingskader

10

4.2

Toetsing

10

5

CONCLUSIES EN ADVIES

12

5.1

Conclusies

12

5.2

Advies

12

BIJLAGEN 1: Kadastrale situatie 2: Situatietekening 3: Foto’s 4: Profielbeschrijvingen 5: Analyseresultaten 6: Toetsingsresultaten

2

21MCG433.10

SAMENVATTING

Soort onderzoek

Finlandweg-Industrieweg Zuid ong. Kadastrale percelen M 369 en 398 (gehele percelen) Verkennend bodemonderzoek cf. NEN 5740.

Aanleiding

Voorgenomen transactie.

Doel

Verkennend onderzoek: bepalen bodemkwaliteit.

Conclusie vooronderzoek

Onverdachte locatie. Deels gelegen in voormalig boomgaardengebied, hier dient de verdachte laag aanvullend te worden onderzocht op bestrijdingsmiddelen (OCB pakket). Ter plaatse van de voormalige sloten dient te worden beoordeeld of er sprake is van een afwijkende bodemopbouw.

Onderzoekslocatie

Ter plaatse van de landbouwdammetjes en de asfalt-slakkenverharding dient eveneens te worden beoordeeld of er sprake is van een afwijkende bodemopbouw en/of bijmengingen van bodemvreemde materialen. Onderzoeksstrategie

Onverdacht grootschalig (ONV-GR-NL)

Bodemopbouw en zintuiglijke waarnemingen

De bodem bestaat tot 2,0 m-mv vrijwel volledig uit zand, ter plaatse van een deel van de voormalige sloten is vanaf circa 1,5 m-mv een sliblaag aanwezig gevolgd door een siltige kleilaag tot maximaal 2,5 m-mv. Daaronder is tot de maximale boordiepte van 3,0 m-mv opnieuw zand aanwezig. Binnen de onderzoekslocatie bevinden zich een aantal sloten; de sloten staan t.t.v. het veldwerk droog en er is geen slib aanwezig. Ter plaatse van de landbouwdammetjes en onder de asfalt- en slakkenverharding op het zuidoostelijke deel is geen afwijkende bodemopbouw geconstateerd.

Resultaten

Geen verhoogde gehalten in zowel boven- als ondergrond; tevens geen verhoogde gehalten in de sliblaag t.p.v. de voormalige sloten. Ter plaatse van de voormalige boomgaard zijn geen verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen gemeten. In het grondwater is enkel in pb04 een licht verhoogd gehalte molybdeen aangetoond.

Conclusie en advies

Geen nader onderzoek noodzakelijk, de resultaten vormen vanuit milieukundig oogpunt geen belemmering voor de voorgenomen transactie. Aanbevolen wordt om vrijkomende grond te hergebruiken binnen de perceelsgrenzen. Dit onderzoek kan niet gebruikt worden om grond, afkomstig van de onderzoekslocatie, elders toe te passen. Hiervoor dienen de toepassingseisen van het Besluit bodemkwaliteit in acht genomen te worden.

3

21MCG433.10

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding en doel In opdracht van L.J. Guiljam Onroerend Goed B.V. heeft MCG Zuidwest B.V. in oktobernovember 2021 een verkennend bodemonderzoek volgens de NEN 5740 uitgevoerd ter plaatse van Finlandweg-Industrieweg Zuid ong. te Westdorpe. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Sas van Gent, sectie M, nummers 396 en 398 (gehele percelen), zie Bijlage 1. Aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen transactie van de onderzoekslocatie en de eventuele ontwikkeling. Doel van het onderzoek is het bepalen van de bodemkwaliteit van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor de voorgenomen transactie.

1.2

Kwaliteit Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de BRL SIKB 2000: veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek. De volgende onderliggende protocollen zijn van toepassing: ‐ Protocol 2001: plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen; ‐ Protocol 2002: het nemen van grondwatermonsters. Het procescertificaat van MCG Zuidwest B.V. en het daarbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. De analyses zijn uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium. De analyseresultaten zijn getoetst aan de Circulaire bodemsanering d.d. 2013. De onderzochte locatie is niet in eigendom van MCG Zuidwest B.V. of gerelateerde zusterbedrijven. Hierdoor is de wettelijk voorgeschreven functiescheiding geborgd.

1.3

Betrouwbaarheid Het onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. MCG Zuidwest B.V. streeft bij elk onderzoek naar een optimale representativiteit. Het onderzoek is echter gebaseerd op een beperkt aantal boringen/gaten en monsters. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van de bodem en/of puinlaag aanwezig zijn welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. MCG Zuidwest B.V. is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Ondanks dit onderzoek kan achteraf aanvullende verontreiniging worden geconstateerd (restrisico). Daarom dient bij sloop- en bouwactiviteiten en bij grondwerkzaamheden steeds aandacht gegeven te worden aan afwijkende kenmerken van de bodem zoals een afwijkende kleur, geur, bijmenging en onbekende obstakels zoals leidingwerken, putten en puinlagen. Tevens wordt erop gewezen dat dit onderzoek een momentopname is. De bodem en/of puinlaag kan na het onderzoek van kwaliteit veranderen door bijvoorbeeld een calamiteit of aanvoer van grond. Om de aanvoer van verontreinigde grond te voorkomen, dient de leverancier van de grond en/of het ophoogzand een certificaat te overleggen van de herkomst en van de chemische kwaliteit van het materiaal.

In algemene zin wordt gesteld dat ongedefinieerd puin en funderingspuin waarvan de herkomst en tijdstip van productie en toepassing niet bekend is, verdacht zijn voor asbest, tenzij het materiaal is toegepast voor of nadat grootschalig met asbest werd gewerkt, of een asbestonderzoek conform de NEN 5707 en/of NEN 5897 is uitgevoerd.

4

21MCG433.10

2

VOORONDERZOEK Voor het vooronderzoek volgens de NEN 5725 is gebruik gemaakt van gegevens verkregen uit: - kadastrale, topografische en historische kaarten; - een terreinverkenning; - Geoloket Zeeuws Bodemvenster; - nazca-i provincie Zeeland; - eerder onderzoek; - informatie van de opdrachtgever.

2.1

Bodemgebruik De onderzoekslocatie is gelegen tussen de Finlandweg en de Industrieweg Zuid en vrijwel direct ten zuiden van Zijkanaal C van het Kanaal Gent-Terneuzen. Uit kaartmateriaal van topotijdreis.nl blijkt dat Zijkanaal C reeds midden van de 19e eeuw aanwezig is. Binnen de onderzoekslocatie zijn in het verleden verschillende sloten aanwezig geweest, zie de situatietekening in Bijlage 2. Verder zijn er geen aanwijzingen dat in het verleden veranderingen op de locatie hebben plaatsgevonden die invloed kunnen hebben op de bodemkwaliteit. Er zijn geen historische gegevens bekend over bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten of calamiteiten op de locatie, waardoor de bodem verontreinigd kan zijn geraakt.

2.2

Terreinverkenning Uit de terreinverkenning die is uitgevoerd voorafgaand aan het veldwerk blijkt het terrein vrijwel volledig begroeid met gras; op een klein gedeelte aan de zuidoostzijde van de onderzoekslocatie is een asfalt- en slakkenverharding aanwezig. Verder bevinden zich binnen de onderzoekslocatie verschillende droogstaande sloten, in de sloten is geen slib aanwezig. Tussen de sloten zijn drie landbouwdammetjes aangetroffen. Er zijn geen asbestverdachte (plaat)materialen op het maaiveld waargenomen. Ook zijn er geen asbestverdachte objecten aanwezig, waarvan door verwering of beschadiging asbest in de bodem kan zijn gekomen. Er zijn geen bovengrondse brandstof- of dieseltanks aangetroffen. Er zijn ook geen aanwijzingen waargenomen die duiden op ondergrondse tanks. Verdachte deellocaties of bodembedreigende activiteiten zoals illegale lozingen of stortingen zijn niet aangetroffen. De foto’s van de locatie zijn opgenomen in Bijlage 3.

2.3

Boomgaardenkaart Op basis van de boomgaardenkaart, geraadpleegd op het Geoloket Zeeuws Bodemvenster, is de onderzoekslocatie deels gelegen in een voormalig fruitteeltgebied, zie de situatietekening in Bijlage 2. Daarom is de locatie ter plaatse verdacht voor bestrijdingsmiddelen.

2.4

Bodemkwaliteitskaart Op basis van de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Terneuzen is de onderzoekslocatie gelegen in zone A ‘Buitengebied en naoorlogse woonwijken’ en heeft de locatie de bodemfunctie ‘Overig’. Zowel de boven- als ondergrond zijn te classificeren als bodemkwaliteitsklasse ‘Achtergrondwaarde’.

2.5

Eerdere onderzoeken Op de onderzoekslocatie zelf zijn voor zover bekend geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Op de tussen de onderzoekslocatie gelegen percelen M 1047 en 1048 zijn in het verleden een aantal bodemonderzoeken uitgevoerd.

5

21MCG433.10

Verkennend bodemonderzoek Industrieweg Zuid 23 te Westdorpe, Bodex Milieukundig Adviesbureau, rapportnummer: B.M.0717269/VBO/msc.01, d.d. 30-10-2017 & Verkennend onderzoek asbest Industrieweg Zuid 23 Westdorpe, Bodex Milieukundig Adviesbureau, rapportnummer: BM.0717269/VOA/msc.01, d.d 30-10-2017. Aanleiding voor het onderzoek was het einde opstalrecht en de overname van de gebouwen van de opstalhouder. Zowel in de boven- als ondergrond zijn licht verhoogde gehalten zware metalen, minerale olie en PAK aangetoond. Ter plaatse van de autogarage is in de bovengrond een matig verhoogd gehalte zink aanwezig. Ten westen van de landbouwschuur is sprake van een sterk verhoogd gehalte PAK en een matig verhoogd gehalte minerale olie. Aanbevolen werd een nader onderzoek uit te voeren naar de PAK verontreiniging en het matig verhoogde gehalte zink. Met het verkennend asbestonderzoek is ten noorden van het wagenhuis een asbestconcentratie van 620 mg/kg ds. aangetoond. Hiermee werd de grenswaarde voor nader onderzoek ruim overschreden. Aanbevolen werd om ter plaatse een nader asbestonderzoek uit te voeren. Nader bodemonderzoek en nader onderzoek asbest Industrieweg Zuid 23 te Westdorpe, Bodex Milieukundig Adviesbureau, rapportnummer: BM.0918306/NBO/msc.01, d.d. 5-11-2018. Met het nader bodemonderzoek is de reproduceerbaarheid van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek onderzocht.

De betreffende boringen zijn opnieuw geplaatst en separaat geanalyseerd op de verdachte parameters. De resultaten van het verkennend bodemonderzoek bleken niet reproduceerbaar, er zijn slechts lichte verhogingen aangetoond. Bij het nader asbestonderzoek zijn asbestgehalten boven de interventiewaarde aangetoond. Aanbevolen werd het asbesthoudend puin te ontgraven en af te voeren naar een erkende verwerker. In maart 2019 is de asbestverontreiniging ten noorden van het wagenhuis volledig verwijderd. Op het perceel aan de westkant van de huidige onderzoekslocatie hebben in 2013 een aantal milieuhygiënische onderzoeken plaatsgevonden welke zijn verwerkt in één rapport: Diverse milieuhygiënische onderzoeken terrein M 401 Beelen Groep B.V. aan de Finlandweg te Westdorpe, Oranjewoud, projectnummer: 250530, d.d. 12-12-2013. Aanleiding voor de diverse onderzoeken waren de destijds voorgenomen ontwikkelingen van het terrein. Doel was enerzijds het vaststellen van de nulsituatie van de locatie en anderzijds het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van verschillende depots bouwstoffen gelegen op het terrein. Met het nulsituatie onderzoek zijn slechts licht verhoogde gehalten zware metalen en PCB’s aangetoond, in het grondwater is eveneens sprake van lichte verhogingen van zware metalen. De nulsituatie bleek in voldoende mate vastgelegd.

Uit bovengenoemde onderzoeken komen geen verontreinigingen naar voren die invloed kunnen hebben op de huidige onderzoekslocatie. 2.6

Conclusie vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek is de hypothese gesteld dat op de onderzoekslocatie geen bodemverontreiniging is te verwachten. De onderzoekslocatie is daarom beschouwd als onverdacht. Wel is een klein gedeelte van de locatie verdacht voor bestrijdingsmiddelen vanwege de ligging in een voormalig boomgaardengebied. Daarom dient de toplaag ter plaatse aanvullend te worden onderzocht op OCB's. Binnen de onderzoekslocatie zijn in het verleden verschillende sloten aanwezig geweest; beoordeeld dient te worden of ter plaatse sprake is van een afwijkende bodemopbouw. Ter plaatse van de landbouwdammetjes dient eveneens te worden beoordeeld of er sprake is van een afwijkende bodemopbouw en/of bijmengingen van bodemvreemde materialen. Hetzelfde geldt voor de bodem onder de asfalt- en slakkenverharding aan de zuidoostzijde van de onderzoekslocatie.

6

21MCG433.10

2.7

Onderzoeksstrategie De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 4,6 ha. In het kader van de NEN 5740 is op basis van het vooronderzoek uitgegaan van de onderzoeksstrategie voor een onverdachte grootschalige locatie (ONV-GR-NL). De toplaag van het voormalige boomgaardengebied zal aanvullend worden geanalyseerd op het OCB pakket. Aanvullende analyses van de bodem ter plaatse van de voormalige sloten, de landbouwdammetjes en onder de asfalt-/slakkenverharding zijn afhankelijk van de bevindingen in het veld. In Tabel 1 is de onderzoeksstrategie samengevat weergegeven. Tabel 1: Onderzoeksstrategie Deellocatie

Strategie

Gehele locatie

ONV-GR-NL

Landbouw dammetjes Asfalt-/slakkenverharding Voormalige sloten

Maatwerk

Aantal boringen 0.5 m-mv 1.0 m-mv 2.0 m-mv 21 4*

Peilbuis 6*

-

3

-

-

-

1

-

-

-

-

4*

4*

Analyses Grond Grondwater 4 NEN bovengrond 6 NEN gw 3 NEN ondergrond 1 OCB toplaag Afhankelijk van veldwaarnemingen

*gecombineerd

7

21MCG433.10

3

VERRICHTE WERKZAAMHEDEN

3.1

Veldwerkzaamheden Het veldwerk is uitgevoerd op 28 oktober 2021 door dhr. S.P. Rijk en dhr. A.P. de Jonge, gecertificeerde en erkende veldwerkers van MCG Zuidwest B.V. De grondboringen 01 t/m 31 zijn verricht conform de onderzoeksstrategie; boringen 01 t/m 06 zijn uitgevoerd met een peilbuis. Op 5 november 2021 is het grondwater uit de peilbuizen bemonsterd door dhr. B.N. Maas en dhr. M. Kwast, eveneens erkende veldwerkers van MCG Zuidwest B.V. Tevens zijn op deze datum boringen 33 t/m 35 uitgevoerd ter plaatse van de voormalige boomgaard en boringen 36 t/m 38 ter plaatse van de landbouwdammetjes. De bodemprofielen van de uitgevoerde grondboringen zijn beschreven en de opgeboorde grond is zintuiglijk beoordeeld. De bodem bestaat tot 2,0 m-mv vrijwel volledig uit zand. Ter plaatse van een deel van de voormalige sloten is vanaf circa 1,5 m-mv een sliblaag aanwezig, gevolgd door een siltige kleilaag tot maximaal 2,5 m-mv. Daaronder is tot de maximale boordiepte van 3,0 mmv opnieuw zand aanwezig. De bodemprofielen zijn opgenomen in Bijlage 4, de situatietekening is bijgevoegd in Bijlage 2. De grond is bemonsterd per traject van maximaal 0,5 m, of gerelateerd aan de bodemsamenstelling.

3.2

Zintuiglijke waarnemingen en metingen grondwater Bij de uitgevoerde grondboringen zijn zintuiglijk geen bijzonderheden waargenomen. Wel is bij een deel van de voormalige sloten een afwijkende bodemlaag (slib) waargenomen. De asfalt- en slakkenverharding aan de zuidoostzijde van het perceel kan als onverdacht voor asbest worden beschouwd. Ter plaatse van de landbouwdammetjes en onder de asfalt-/slakkenverharding is geen afwijkende bodemopbouw geconstateerd. Tevens zijn er geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen. Tijdens het uitvoeren van het veldwerk is aandacht geschonken aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen op het maaiveld en in de opgeboorde grond. Dit materiaal is zintuiglijk niet waargenomen. In Tabel 2 zijn de meetgegevens tijdens de peilbuisbemonstering weergegeven. Tabel 2: Metingen grondwater Watermonster 01-1-1 02-1-1 03-1-1 04-1-1 05-1-1 06-1-1

3.3

Filterdiepte (m-mv) 2,00 - 3,00 1,90 - 2,90 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00

Grondwaterstand (m-mv) 1,72 1,27 1,66 0,50 1,00 1,16

pH 8,1 7,6 7,6 7,4 7,8 7,6

EC (µS/cm) 930,9 903,7 1623 6196 1104 1100

Troebelheid (NTU) 15,6 81,1 53,3 7,99 54,8 33

Laboratoriumonderzoek De grond- en grondwatermonsters zijn zo spoedig mogelijk na monsterneming aangeboden aan een door de Raad van Accreditatie erkend milieulaboratorium. Vooraf heeft door MCG Zuidwest B.V. conservering van de monsters plaatsgevonden. Het laboratorium is verzocht de grond(meng)monsters en de grondwatermonsters te analyseren volgens Tabel 3 en Tabel 4. De analysecertificaten zijn opgenomen in Bijlage 5.

8

21MCG433.10

Tabel 3: Analyses grond Analysemonster

Deelmonsters (m-mv)

Analyse

Motivatie

MM01

01 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 30 (0,00 - 0,50) 31 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 03 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 28 (0,00 - 0,50) 29 (0,00 - 0,50) 14 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50) 24 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 26 (0,00 - 0,50) 27 (0,00 - 0,50) 04 (0,00 - 0,50) 05 (0,00 - 0,50) 17 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 20 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50) 23 (0,00 - 0,50) 01 (2,20 - 2,50) 02 (1,70 - 2,00) 03 (1,40 - 2,00) 04 (1,70 - 2,00) 02 (2,00 - 2,50) 03 (2,00 - 2,50) 04 (2,00 - 2,50) 05 (1,70 - 2,00) 06 (1,50 - 2,00) 01 (1,00 - 1,50) 02 (0,50 - 1,00) 03 (1,00 - 1,40) 04 (0,50 - 1,00) 05 (1,00 - 1,50) 16 (1,00 - 1,50) 28 (1,00 - 1,50) 30 (1,50 - 2,00) 33 (0,00 - 0,30) 34 (0,00 - 0,30) 35 (0,00 - 0,30)

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit bovengrond oostelijk deel

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit bovengrond midden

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit bovengrond midden

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit bovengrond westkant

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit sliblaag ondergrond gedempte sloten

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit kleilaag ondergrond

Standaardpakket

Bepalen kwaliteit zand ondergrond

OCB Pakket

Bepalen kwaliteit toplaag voormalig boomgaardengebied

MM02

MM03

MM04

MM05

MM06

MM07

MM OCB 01

Tabel 4: Analyses grondwater Analysemonster

Filterstelling (m-mv)

Analyse

Motivatie

01-1-1 02-1-1 03-1-1 04-1-1 05-1-1 06-1-1

2,00 - 3,00 1,90 - 2,90 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00

Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket Standaardpakket

Peilbuis oost (t.p.v. voormalige sloot) Peilbuis noordoost Peilbuis noord (t.p.v. voormalige sloot) Peilbuis noordwest (t.p.v. voormalige sloot) Peilbuis zuidwest Peilbuis zuid (t.p.v. voormalige sloot)

9

21MCG433.10

4

RESULTATEN

4.1

Toetsingskader De analyseresultaten worden beoordeeld aan de hand van de achtergrond/streef- en interventiewaarden uit de Wet bodembescherming en de Circulaire bodemsanering 2013. Voor grondwater wordt in plaats van achtergrondwaarde de term streefwaarde gebruikt. De betekenis van de richtwaarden is als volgt. de gehalten zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van ‐ Achtergrond-/streefnatuur- en landbouwgronden waarvoor geldt dat er geen sprake is waarden (AW / S): van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem ‐ Interventiewaarden (I): heeft voor mens, dier en plant ernstig dreigen te worden verminderd. Bij de toetsing aan de achtergrond/streef- en interventiewaarden wordt uitgegaan van een gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD); bij grond worden de analyseresultaten hierbij omgerekend aan de hand van het organische stof- en/of lutumgehalte.

Bij het toetsingsresultaat is de zogeheten bodemindex van toepassing: (GSSD - AW) / (I - AW) ‐ index grond: ‐ index grondwater: (GSSD - S) / (I - S) Bij de beoordeling van de gehalten wordt de volgende terminologie aangehouden: gehalte < AW / S / detectiegrens ‐ index = 0: gehalte ≥ AW / S (licht verhoogd gehalte) ‐ 0 ≤ index < 0,5: gehalte ≥ tussenwaarde T (matig verhoogd gehalte) ‐ 0,5 ≤ index < 1,0: gehalte ≥ I (sterk verhoogd gehalte) ‐ Index ≥ 1,0: Bij gehalten groter dan de tussenwaarde worden grondmengmonsters indien nodig uitgesplitst en de separate deelmonsters geanalyseerd om een eventuele (sterke) verontreiniging te kunnen lokaliseren.

4.2

Toetsing In Tabel 6 en Tabel 7 zijn de toetsingsresultaten voor de grond en het grondwater samengevat weergegeven. De volledige toetsingsresultaten zijn opgenomen in Bijlage 6. Tabel 6: Toetsingsresultaten grond Analysemonster

Deelmonsters (m-mv)

Analyse

> AW (+index)

> I (+index)

Bbk conclusie indicatief

MM01

01 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50) 09 (0,00 - 0,50) 10 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50) 30 (0,00 - 0,50) 31 (0,00 - 0,50) 02 (0,00 - 0,50) 03 (0,00 - 0,50) 06 (0,00 - 0,50) 12 (0,00 - 0,50) 13 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50) 28 (0,00 - 0,50) 29 (0,00 - 0,50) 14 (0,00 - 0,50) 16 (0,00 - 0,50) 19 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50) 24 (0,00 - 0,50) 25 (0,00 - 0,50) 26 (0,00 - 0,50) 27 (0,00 - 0,50) 04 (0,00 - 0,50) 05 (0,00 - 0,50)

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

MM02

MM03

MM04

10

21MCG433.10

Analysemonster

MM05

MM06

MM07

MM OCB 01

Deelmonsters (m-mv) 17 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50) 20 (0,00 - 0,50) 21 (0,00 - 0,50) 23 (0,00 - 0,50) 01 (2,20 - 2,50) 02 (1,70 - 2,00) 03 (1,40 - 2,00) 04 (1,70 - 2,00) 02 (2,00 - 2,50) 03 (2,00 - 2,50) 04 (2,00 - 2,50) 05 (1,70 - 2,00) 06 (1,50 - 2,00) 01 (1,00 - 1,50) 02 (0,50 - 1,00) 03 (1,00 - 1,40) 04 (0,50 - 1,00) 05 (1,00 - 1,50) 16 (1,00 - 1,50) 28 (1,00 - 1,50) 30 (1,50 - 2,00) 33 (0,00 - 0,30) 34 (0,00 - 0,30) 35 (0,00 - 0,30)

Analyse

> AW (+index)

> I (+index)

Bbk conclusie indicatief

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

Standaardpakket

-

-

Altijd toepasbaar

OCB Pakket

-

-

Altijd toepasbaar

Tabel 7: Toetsingsresultaten grondwater Watermonster 01-1-1 02-1-1 03-1-1 04-1-1 05-1-1 06-1-1

Filterdiepte (m-mv) 2,00 - 3,00 1,90 - 2,90 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00 2,00 - 3,00

> S (+index) Molybdeen (-) -

11

> I (+index) -

21MCG433.10

5

CONCLUSIES EN ADVIES

5.1

Conclusies Uit het laboratoriumonderzoek blijkt dat in de mengmonsters van zowel de boven- als de ondergrond geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters zijn aangetoond. Ter plaatse van de voormalige boomgaard zijn geen verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen gemeten. In het grondwater blijkt er, afgezien van een zeer licht verhoogd gehalte molybdeen in peilbuis 04, eveneens geen sprake van verhoogde waarden. Ter plaatse van de landbouwdammetjes zijn geen afwijkende bodemlagen of bodemvreemde bijmengingen aangetroffen. Derhalve zijn de dammetjes zeer waarschijnlijk aangelegd met gebiedseigen grond. Bij een aantal voormalige sloten binnen de onderzoekslocatie zijn in de boringen afwijkende bodemlagen (slib) aangetroffen. De geanalyseerde lagen tonen geen verhoogde gehalten van de onderzochte parameters aan. Daarnaast zijn binnen de onderzoekslocatie een aantal bestaande sloten aanwezig. De sloten stonden ten tijde van het onderzoek droog en er is geen sliblaag aanwezig. Een waterbodemonderzoek is derhalve niet noodzakelijk geacht. Onder de asfalt-/slakkenverharding aan de zuidoostzijde van de onderzoekslocatie komt de bodemopbouw overeen met het overige deel van de onderzoekslocatie.

Gezien de verkregen resultaten van het onderzoek dient de hypothese “onverdachte locatie” formeel te worden verworpen; er is echter enkel in het grondwater plaatselijk een zeer licht verhoogd gehalte aangetoond. De hypothese dat de bovengrond ter plaatse van het voormalige boomgaardengebied verdacht is op de aanwezigheid van een verontreiniging met bestrijdingsmiddelen is niet bevestigd, in de bovengrond zijn geen verhoogde gehalten aan bestrijdingsmiddelen gemeten.

5.2

Advies Op basis van historisch onderzoek, de zintuiglijke beoordeling van de grond- en grondwatermonsters en de resultaten van het chemisch-analytisch onderzoek kan geconcludeerd worden dat er geen risico’s voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig zijn met betrekking tot de huidige en voorgenomen activiteiten op de onderzoekslocatie. De verkregen resultaten geven geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek en vormen geen belemmering voor de voorgenomen transactie. Aanbevolen wordt om vrijkomende grond te hergebruiken binnen de perceelsgrenzen. Dit onderzoek kan niet gebruikt worden om grond, afkomstig van de onderzoekslocatie, elders toe te passen. Hiervoor dienen de toepassingseisen van het Besluit bodemkwaliteit in acht genomen te worden.

12

21MCG433.10

BIJLAGE 1 Kadastrale situatie

Kadastrale kaart

Uw referentie: 21MCG433.10

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 2300

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Sas van Gent M 398

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 12 november 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

BIJLAGE 2 Situatietekening

BIJLAGE 3 Foto’s

FOTOVERSLAG

Foto 1

Foto 2

Foto 3

FOTOVERSLAG

Foto 4

Foto 5

Foto 6

FOTOVERSLAG

Foto 7

Foto 8

Foto 9

BIJLAGE 4 Profielbeschrijvingen

Schaal 1: 30 Boring:

01

Boring: 0

0

braak

02 0

0

Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalrood

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin

1

1

-50

50

-50

50 Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, neutraalbeige

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, neutraalbeige

2

2

100

100

3

3

150

150 4 -170

4

Slib, vast 5

200

-200

200

Klei, uiterst siltig, matig humeus, donkergrijs

5 -220

6

Slib, vast, donkergrijs 6 -250

250

-250

250 Zand, zwak siltig, neutraalgrijs

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs 7

7

-290 -300

300

Boring:

03

Boring: 0

0

braak

04 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin

1

1

-50

50

braak

-50

50 Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, neutraalbeige

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbeige

2

2

100

100

3

3 -140

Slib, vast

150

150 4 -170

4

Slib, vast 5 -200

200

-200

200 Klei, uiterst siltig, matig humeus, donkergrijs

Klei, uiterst siltig, matig humeus, donkergrijs

5

6

-250

250

-250

250 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs

6

300

7

-300

Projectcode: 21MCG433.10

300

-300

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

05

Boring: 0

0

braak

06 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruinbeige

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal bruinbeige

1

1

50

50

2

2

100

100 3 3

-130

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, neutraalgrijs

4 150

-150

150

Klei, sterk siltig, matig humeus, donker

4 -170

5

Klei, sterk siltig, zwak humeus, donkergrijs

5 -200

200

-200

200 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs

6

6

250

250

7

7

-300

300

Boring:

07

Boring: 0

0

-300

300

braak

08 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

50

braak

1

-50

Projectcode: 21MCG433.10

50

-50

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

09

Boring: 0

0

braak

10 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

-50

50 Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbeige

2

-100

100

Zand, matig fijn, matig siltig, licht beigebruin 3

150

4

-200

200

Boring:

11

Boring: 0

0

braak

12 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

50

braak

1

-50

Projectcode: 21MCG433.10

50

-50

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

13

Boring: 0

0

braak

14 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

Boring:

-50

50

15

Boring: 0

0

braak

16 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin

1

50

braak

1

-50

-50

50

Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalgrijs 2

-100

100

Zand, matig fijn, sterk siltig, matig humeus, donkergrijs 3

150

4

200

Projectcode: 21MCG433.10

-200

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

17

Boring: 0

0

braak

18 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

Boring:

-50

50

19

Boring: 0

0

braak

20 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

50

braak

1

-50

Projectcode: 21MCG433.10

50

-50

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

21

Boring: 0

0

braak

22 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

Boring:

-50

50

23

Boring: 0

0

braak

24 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

50

braak

1

-50

Projectcode: 21MCG433.10

50

-50

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

25

Boring: 0

0

braak

26 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

Boring:

-50

50

27

Boring: 0

0

braak

28 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

50

braak

1

-50

50

2

-100

100

Zand, zeer fijn, sterk siltig, sporen roest, neutraal bruinbeige 3

-150

150

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs 4

200

Projectcode: 21MCG433.10

-200

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

29

Boring: 0

0

braak

30 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

braak Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

1

1

-50

50

50

2

-100

100

Zand, matig fijn, matig siltig, sporen roest, neutraal bruinbeige 3

-150

150

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgrijs 4

-200

200

Boring:

31

Boring: 0

0

braak

0

32 0

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal beigebruin

Brokken asfalt, brokken slakken -20

1

Matig slakhoudend, zwak zandhoudend -40

50

-50

Zand, matig fijn, sterk siltig, grijsbeige

50 -70

Projectcode: 21MCG433.10

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

33

Boring: 0

0

braak

0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin

1

34

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin

1

-30

Boring:

-30

35

Boring: 0

0

braak

36 0

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin

1

braak

braak Klei, sterk zandig, neutraalbruin

1 -20

Zand, zeer fijn, zwak siltig, lichtbruin

-30

2 -50

50

Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig roesthoudend, lichtbruin 3

100

Projectcode: 21MCG433.10

-100

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Schaal 1: 30 Boring:

37

Boring: 0

0

braak

38 0

0

Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraal bruinbeige

Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin

1

1

-50

50

braak

50 Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig roesthoudend, lichtbruin

2

100

2

-100

Projectcode: 21MCG433.10

100

-100

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

Legenda (conform NEN 5104)

Schaal 1: 30 grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis

blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

Projectcode: 21MCG433.10

Projectnaam: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe getekend volgens NEN 5104

BIJLAGE 5 Analyseresultaten

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Schouwersweg 9 4451 HS HEINKENSZAND

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer

Blad 1 van 11

: Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe : 21MCG433.10 : 13561234, versienummer: 1. : E598W7VB

Rotterdam, 04-11-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 21MCG433.10. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 11 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003 004 005

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM01 MM01 01 (0-50) 07 (0-50) 08 (0-50) 09 (0-50) 10 (0-50) 11 (0-50) 30 (0-50) 31 (0-50) MM02 MM02 02 (0-50) 03 (0-50) 06 (0-50) 12 (0-50) 13 (0-50) 15 (0-50) 28 (0-50) 29 (0-50) MM03 MM03 14 (0-50) 16 (0-50) 19 (0-50) 22 (0-50) 24 (0-50) 25 (0-50) 26 (0-50) 27 (0-50) MM04 MM04 04 (0-50) 05 (0-50) 17 (0-50) 18 (0-50) 20 (0-50) 21 (0-50) 23 (0-50) MM05 MM05 01 (220-250) 02 (170-200) 03 (140-200) 04 (170-200)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 82.2 <1 geen

Ja 85.0 <1 geen

Ja 85.7 <1 geen

Ja 81.3 <1 geen

Ja 74.6 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

2.3

2.3

1.7

1.6

1.2

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

5.7

4.6

5.6

3.3

14

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

<20 0.24 3.2 <5 0.05 12 <0.5 7.8 33

<20 0.23 2.9 <5 <0.05 11 <0.5 7.1 30

<20 0.22 3.6 5.9 <0.05 11 <0.5 9.3 34

<20 0.24 3.1 5.9 0.05 11 <0.5 8.1 32

20 <0.2 4.6 5.2 <0.05 <10 <0.5 13 32

<0.01 0.01 <0.01 0.03 0.01 0.02 0.01 0.02 0.02 0.02 1) 0.154

<0.01 0.02 <0.01 0.04 0.01 0.02 0.01 0.02 0.02 0.02 1) 0.174

<0.01 0.01 <0.01 0.03 0.01 0.01 0.01 0.02 0.02 0.02 1) 0.144

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 1) 0.07

<1 <1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1 <1

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.02 antraceen mg/kgds S <0.01 fluoranteen mg/kgds S 0.03 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.02 chryseen mg/kgds S 0.02 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.01 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.02 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.02 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.02 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 0.174 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds

S S S S S S

002

<1 <1 <1 <1 <1 <1

003

004

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

005

Blad 3 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003 004 005

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM01 MM01 01 (0-50) 07 (0-50) 08 (0-50) 09 (0-50) 10 (0-50) 11 (0-50) 30 (0-50) 31 (0-50) MM02 MM02 02 (0-50) 03 (0-50) 06 (0-50) 12 (0-50) 13 (0-50) 15 (0-50) 28 (0-50) 29 (0-50) MM03 MM03 14 (0-50) 16 (0-50) 19 (0-50) 22 (0-50) 24 (0-50) 25 (0-50) 26 (0-50) 27 (0-50) MM04 MM04 04 (0-50) 05 (0-50) 17 (0-50) 18 (0-50) 20 (0-50) 21 (0-50) 23 (0-50) MM05 MM05 01 (220-250) 02 (170-200) 03 (140-200) 04 (170-200)

Analyse

Eenheid

Q

001

002

003

004

005

PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)

µg/kgds µg/kgds

S S

<1 1) 4.9

<1 1) 4.9

<1 1) 4.9

<1 1) 4.9

<1 1) 4.9

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

S

<5 <5 <5 <5 <20

<5 <5 <5 <5 <20

<5 <5 7 8 <20

<5 <5 <5 <5 <20

<5 <5 <5 <5 <20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

003

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

004

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

005

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 5 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

006 007

Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM06 MM06 02 (200-250) 03 (200-250) 04 (200-250) 05 (170-200) 06 (150-200) MM07 MM07 01 (100-150) 02 (50-100) 03 (100-140) 04 (50-100) 05 (100-150) 16 (100-150) 28 (100-150) 30 (150-200)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 72.5 <1 geen

Ja 77.8 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

1.4

0.9

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

10.0

7.6

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

20 <0.2 4.5 <5 <0.05 <10 <0.5 13 31

<20 <0.2 2.9 <5 <0.05 <10 <0.5 7.4 <20

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

006

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S <0.01 antraceen mg/kgds S <0.01 fluoranteen mg/kgds S <0.01 benzo(a)antraceen mg/kgds S <0.01 chryseen mg/kgds S <0.01 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S <0.01 benzo(a)pyreen mg/kgds S <0.01 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S <0.01 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S <0.01 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 0.07 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds

S S S S S S S S

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9

007

<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 1) 0.07

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 6 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

006 007

Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM06 MM06 02 (200-250) 03 (200-250) 04 (200-250) 05 (170-200) 06 (150-200) MM07 MM07 01 (100-150) 02 (50-100) 03 (100-140) 04 (50-100) 05 (100-150) 16 (100-150) 28 (100-150) 30 (150-200)

Analyse

Eenheid

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

Q

S

006

<5 <5 <5 8 <20

007

<5 <5 <5 <5 <20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 7 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Monster beschrijvingen

006

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

007

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 8 van 11

Analyserapport MCG Zuidwest B.V. Mireille van der Klooster Projectnaam Finlandweg - Industrieweg, Westdorpe Projectnummer 21MCG433.10 Rapportnummer 13561234 - 1

Orderdatum 28-10-2021 Startdatum 28-10-2021 Rapportagedatum 04-11-2021

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

barium

Grond (AS3000)

cadmium

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16897187/1