CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2025-10-28 B&M - actiepunt 92 en 93 - Notitie extracomptabele toerekening kosten lokale heffingen

gemeenteraad 11 november 2025, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Besluitenlijsten en actiepunten commissies2.881 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Extracomptabele toerekeningen bij lokale heffingen Kaders, impact en keuzes

Inhoudsopgave Inleiding ................................................................................................................................. 2 Aanleiding ..................................................................................................................... 2 Samenvatting................................................................................................................ 2 Wettelijk kader en regelgeving............................................................................................... 3 Afvalstoffenheffing ........................................................................................................ 3 Rioolheffing................................................................................................................... 3 Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) .......................... 3 Toerekening van kosten ........................................................................................................ 4 Extracomptabele kosten ............................................................................................... 4 Overhead...................................................................................................................... 4 Rekenvoorbeeld toerekening overhead .....................................................................

5 Rente over reserves en voorzieningen.......................................................................... 5 Rekenvoorbeeld toerekening rente over reserves en voorzieningen .......................... 6 Aansluiting op de begroting 2026 ............................................................................... 6 Financiële impact ............................................................................................................... 7 Afvalstoffenheffing ........................................................................................................ 7 Rioolheffing................................................................................................................... 7 Impact op de begroting en meerjarenraming bij het niet doorvoeren van de extra verhoging...................................................................................................................... 8 Invloed Water- en Klimaatadaptatie aanpak op de rioolheffing ..................................... 9 Financiële verordening......................................................................................................11

1

Inleiding Aanleiding Vanuit de commissie Bestuur en Middelen van 28 oktober 2025 zijn er 2 actiepunten die wij in deze notitie voor u beantwoorden. Deze notitie heeft tot doel om inzicht te geven in de wettelijke kaders, de technische opzet van de kostentoerekening, de financiële impact van tariefsverhogingen, de koppeling met de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak en de keuzes die de raad in de toekomst kan maken bij het aanpassen van de financiële verordening. Samenvatting Voor de berekeningen van de kostendekkendheid in de begroting 2026 en de belastingverordeningen 2026 is de Financiële verordening 2025 leidend. Dit betekent dat we extracomptabel overheadskosten en rente over de reserves en voorzieningen toerekenen. De afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn beide wettelijk gemaximeerd op 100% kostendekkendheid. Dit is een plafond maar geen verplichting. De gemeente mag niet méér opbrengsten genereren dan de totale toegerekende kosten, maar wel minder. Binnen deze kaders heeft de raad bij het vaststellen van een financiële verordening beleidsvrijheid om te bepalen welke kosten worden toegerekend. In Terneuzen gebeurt dit nu via een extracomptabel stelsel, waarbij naast directe kosten ook overhead en rente over reserves en voorzieningen worden toegerekend.

Dit zorgt voor een volledig beeld van de kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces en de kosten van kapitaal. Bij het opstellen van de begroting 2026 blijkt dat een tariefsverhoging van uitsluitend 2,7% (prijsindex) onvoldoende is om de kosten te dekken. De verwachte ontwikkeling van de lasten voor riolering en de tarieven van de rioolheffing is door de gemeenteraad vastgesteld in de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak. Jaarlijks maken we een afweging tussen het streven naar 100% kostendekkendheid en het hanteren van een aanvaardbaar tarief. Daarom zijn (gematigde) extra verhogingen voorgesteld. Indien deze extra verhogingen niet zouden worden doorgevoerd, ontstaat in 2026 een nadeel van € 967.353, oplopend tot € 1.026.563 in de meerjarenraming. Dit zou het begrotingsresultaat verder negatief beïnvloeden. Onder het onderdeel financiële impact leest u meer over de financiële impact voor de inwoners van Terneuzen en onze meerjarenraming. Het huidige beleid, waarin extracomptabele lasten worden meegenomen, biedt een stabielere financiële basis en meer flexibiliteit. Als de raad besluit om deze systematiek aan te passen en extracomptabele kosten uit te sluiten, daalt het plafond van 100% kostendekkendheid.

Dit beperkt de ruimte om tarieven te verhogen en vergroot de afhankelijkheid van algemene middelen, wat kan leiden tot bezuinigingen of hogere druk op andere begrotingsposten.

2

Wettelijk kader en regelgeving Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing vloeit voort uit de wettelijke taak van de gemeente om tenminste eenmaal per week de huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. De afvalstoffenheffing is gebaseerd op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer. Deze heffing mag maximaal kostendekkend zijn, wat betekent dat de opbrengsten niet hoger mogen zijn dan de kosten die de gemeente maakt voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Dit waarborgt dat de tarieven uitsluitend dienen ter dekking van de werkelijke kosten van deze wettelijke taak. Rioolheffing De gemeente heeft bij wet een zorgplicht voor drie beleidsvelden op het gebied van water. Onder de naam rioolheffing kan een belasting worden geheven ter bestrijding van deze kosten. De rioolheffing vindt haar grondslag in artikel 228a van de Gemeentewet. Ook voor deze heffing geldt een maximum van 100% kostendekkendheid. De opbrengsten mogen niet meer bedragen dan de kosten die samenhangen met het uitvoeren van de gemeentelijke taken op het gebied van waterbeheer en riolering. Dit waarborgt dat de tarieven uitsluitend dienen ter dekking van de werkelijke kosten van deze wettelijke taak.

Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) De Notitie Lokale Heffingen van de commissie BBV bevat stellige uitspraken over wat wel en niet mag worden toegerekend aan heffingen. In het BBV zijn geen voorschriften opgenomen op welke wijze de overhead aan de tarieven moet worden toegerekend. De gemeenteraad bepaalt welke methode wordt toegepast en legt dit vast in de financiële verordening. De methodiek voor het toerekenen van overhead aan lokale heffingen en rechten mag niet afwijken van de overige methodieken voor het toerekenen van overhead aan gemeentelijke taakvelden. Het is toegestaan om de toegerekende rentelasten mee te nemen in de kostenopstelling die ten grondslag ligt aan de tariefberekening. Dat geldt ook voor de (extracomptabele) rente over het eigen vermogen zoals blijkt uit artikel 2, lid 4 BBV.

3

Toerekening van kosten Extracomptabele kosten Extracomptabele lasten zijn kosten die niet direct in de exploitatie van de taken afvalinzameling en rioolbeheer zichtbaar zijn, maar die wel ten behoeve van deze taak worden gemaakt. We nemen deze kosten mee in de kostendekkendheidberekening om een volledig beeld te krijgen. Zo dekt de heffing niet enkel de directe kosten maar ook de indirecte kosten. In artikel 16 lid 1 van de Financiële verordening 2025 hebben we beschreven hoe we omgaan met het toerekenen van extracomptabele kosten. ‘Voor het bepalen van de integrale kostprijs van rechten en heffingen waarmee kosten in rekening worden gebracht, en van goederen, werken en diensten die worden geleverd aan overheidsbedrijven en derden, gebruikt de gemeente een extracomptabel stelsel van kostentoerekening. Bij deze kostentoerekening betrekt de gemeente naast de directe kosten, de overheadkosten en de rente van de inzet van vreemd vermogen, reserves en voorzieningen voor de financiering van de in gebruik zijnde activa.’ Overhead Overhead zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Hieronder valt onder andere financiën, inkoop, juridische zaken, bestuursondersteuning, informatievoorziening en automatisering, facilitaire zaken, huisvesting en managementondersteuning.

We rekenen overhead toe aan investeringen, grondexploitatie en bij de extracomptabele berekeningen van de tarieven van de lokale heffingen. Volgens de Notitie Overhead 2023 van de BBV moet de methodiek voor toerekening van overhead zijn vastgelegd in de financiële verordening. In artikel 16 lid 4 van de Financiële verordening 2025 beschrijven we de methodiek voor toerekening van overhead. ‘Voor de toerekening van de overheadkosten aan de kostprijs van rechten en heffingen waarmee de gemeente kosten in rekening brengt, en van goederen, werken, diensten die de gemeente levert aan overheidsbedrijven en derden gebruikt de gemeente de volgende formule: Opslag overhead = totale overhead / totale salarissen en sociale lasten personeel in dienst alle taakvelden exclusief overhead.’ Hieronder ziet u een rekenvoorbeeld van de toerekening rente overhead. Hierbij sluiten we aan op de berekening van de kostendekkendheid op pagina 49 van de begroting 2026 onder het onderdeel rioolheffing. Voor de andere heffingen (waaronder de afvalstoffenheffing) is de systematiek van deze berekening hetzelfde.

4

Rekenvoorbeeld toerekening overhead • Salarissen op taakveld riolering: • Overheadpercentage:

€ 1.080.240 61% (zoals vermeld op pagina 102 van de begroting 2026)

€ 1.080.240 * 0,61 = € 658.946 Het totaal aan salarislasten inclusief overhead is: € 1.080.240 + € 658.946 = € 1.739.186 Rente over reserves en voorzieningen De middelen uit onze reserves en voorzieningen worden gebruikt om investeringen te financieren, bijvoorbeeld in riolering of afvalverwerking. Het gebruik van eigen vermogen heeft een economische waarde. Door rente toe te rekenen, worden de kosten van kapitaal zichtbaar in de kostendekkendheidberekening. Wanneer we investeringen financieren met eigen middelen, wordt feitelijk kapitaal ingezet dat ook een alternatieve waarde heeft: het kan bijvoorbeeld worden belegd of gebruikt om externe financieringslasten te beperken. Volgens artikel 2 lid 4 BBV worden onder de baten en lasten ook begrepen de over het eigen vermogen en de voorzieningen berekende bespaarde rente. Als we dezelfde investeringen volledig met vreemd vermogen financieren, zouden er (hogere) werkelijke rentelasten ontstaan. Het toerekenen van rente zorgt er dus voor dat de kostprijs niet kunstmatig laag wordt en dat de tarieven een reëel beeld geven van de integrale kosten van de dienstverlening. Dit bevordert transparantie en voorkomt dat de inzet van eigen vermogen leidt tot onderschatting van de werkelijke kosten. Kortom kunnen we deze kosten toerekenen om de volgende redenen: • • •

Economische waarde zichtbaar maken: eigen vermogen is niet kosteloos; het vertegenwoordigt kapitaal dat elders rendement kan opleveren. Vergelijkbaarheid met vreemd vermogen: als we zouden lenen, betalen we rente. Door rente toe te rekenen, ontstaat een gelijkwaardige benadering. BBV-richtlijnen: artikel 2 lid 4 BBV staat deze toerekening expliciet toe als onderdeel van de integrale kostprijs.

In artikel 16 lid 5 van de Financiële verordening 2025 beschrijven we de methodiek voor toerekening van rente over reserves en voorzieningen. ‘Het rentepercentage voor de reserves en voorzieningen bepaalt de gemeente door de in de begroting geraamde rentekosten te delen door de som van de opgenomen langlopende leningen, kortlopende leningen en kredieten.’ Hieronder ziet u een rekenvoorbeeld van de toerekening rente over reserves en voorzieningen. Hierbij sluiten we aan op de berekening van de kostendekkendheid op pagina 49 van de begroting 2026 onder het onderdeel rioolheffing. Voor de andere heffingen (waaronder de afvalstoffenheffing) is de systematiek van deze berekening hetzelfde.

5

Rekenvoorbeeld toerekening rente over reserves en voorzieningen Rente Uitgangspunten - Langlopende schulden - Liquide middelen - Kortlopende schulden - Overlopende passiva Totaal

€ 6.397.709 A

staat e begroting 2026 jaarrekening 2024 jaarrekening 2024 jaarrekening 2024

€ 101.423.333 € 189.000 € 11.908.000 € 40.403.000 € 153.923.333 B

% te berekenen rente over reserves en voorzieningen A/B*100

Reserves en voorzieningen begroting 2026 (per 1 januari 2026) Reserves begroting 2026 € 176.843.731 Voorzieningen begroting 2026 € 17.256.238

4,16%

Berekend percentage 4,16% 4,16%

€ 7.350.378 € 717.243 € 8.067.621 C

Formule De formule luidt: rente taakveld(en) belasting (D) / A * C (stel: rente taakveld bedraagt 1.000) =1.000 / 6.397.709 * 8.067.621

1,261017186

Rente taakveld riolering

€ 1.327.073 D

Berekening rente over reserves en voorzieningen taakveld riolering Berekening: 1.327.073 / 6.397.709 * 8.067.621

€ 1.673.461

Aansluiting op de begroting 2026 Toerekening overhead

€ 658.946 A

Toerekening rente over reserves en voorzieningen riolering

€ 1.673.461 B

Overhead incl. (omslag)rente (pagina 49) A + B Berekening: 658.946 + 1.673.461

€ 2.332.407

6

Financiële impact Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing vloeit voort uit de wettelijke taak van de gemeente om tenminste eenmaal per week de huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. In 2026 indexeren we de tarieven met 2,7%. Bij het opstellen van de begroting 2026 blijkt dat met een tariefsverhoging van 2,7% de opbrengsten niet alle kosten dekken. In 2026 verhogen we de tarieven daarom met 4,4% extra. De stijging bedraagt hierdoor in 2026 7,1%. Deze extra verhoging zorgt voor een eenpersoonshuishouden voor een hogere aanslag van € 16,23 en voor een meerpersoonshuishouden € 18,99. Categorie

tarief 2025

indexatie 2,7%

extra verhoging 4,4%

tarief 2026

Eenpersoonshuishouden

€ 369,10

+ € 9,97

+ € 16,23

€ 395,30

Meerpersoonshuishouden € 431,70

+ € 11,61

+ € 18,99

€ 462,30

In de begroting 2026 ramen wij de opbrengst afvalstoffenheffing op afgerond € 11.831.000. Hierdoor bedraagt het kostendekkendheidspercentage 100%. Rioolheffing Wij heffen rioolheffing van eigenaren over de waarde in het economisch verkeer van hun perceel (WOZ-waarde). In 2026 indexeren we de tarieven met 2,7%. Bij het opstellen van de begroting 2026 blijkt dat met een tariefsverhoging van 2,7% de opbrengsten niet alle kosten dekken. In 2026 verhogen we het tarief van de rioolheffing met 6,8% extra. De stijging bedraagt hierdoor in 2026 9,5%. De extra verhoging van 6,8% zorgt bij een huishouden met een gemiddelde WOZ-waarde voor een hogere aanslag van € 14,48.

WOZ-waarde

tarief 2025

indexatie 2,7%

extra verhoging 6,8%

tarief 2026

€ 243.000 → € 255.417

€ 210,92

+ € 5,75

+ € 14,48

€ 231,15

In de begroting 2026 ramen wij de opbrengst rioolheffing op afgerond € 7.652.500. Ondanks de tariefsverhoging blijkt uit de begroting 2026 dat de opbrengsten nog niet alle kosten dekken. Het dekkingspercentage bedraagt 92%.

7

Impact op de begroting en meerjarenraming bij het niet doorvoeren van de extra verhoging Indien de tariefstijgingen voor de rioolheffing en afvalstoffenheffing zouden worden beperkt tot het prijsindexcijfer van 2,7%, dan zou dit resulteren in lagere belastingopbrengsten en een lager begrotingsresultaat. In dat scenario ontstaat er voor 2026 een nadeel van € 967.353 ten opzichte van de berekening in de begroting 2026. Dit nadeel loopt in de meerjarenraming op tot € 1.026.563. Hierdoor zou het begrotingsresultaat voor deze jaren nog verder negatief worden. 2026

2027

2028

2029

Actuele stand volgens brief septembercirculaire 2025

2.922

-1.631

-10.882

-9.104

Verlaging opbrengsten afvalstoffenheffing

-489

-498

-508

-518

Verlaging opbrengsten rioolheffing

-479

-489

-499

-509

Theoretische stand resultaat na aanpassing

1.954

-2.618

-11.889

-10.131

Bedragen x 1.000

8

Invloed Water- en Klimaatadaptatie aanpak op de rioolheffing Op 14 december 2023 stelde u de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak vast. Met de Wateren Klimaatadaptatie Aanpak wordt uiteengezet hoe we de komende jaren aan de slag gaan om aan de drie wettelijke zorgplichten (inzameling en transport van afval-, hemel- en grondwater) te voldoen. Daarnaast zijn in de aanpak de taken beschreven voor het oppervlaktewater en de water gerelateerde klimaatadaptatie opgaven. Vanuit water en klimaatadaptatie willen we op een duurzame manier bijdragen aan de gemeentelijke opgaven en het behouden en realiseren van een gezonde, aantrekkelijke en leefbare gemeente. Een groot deel van de middelen uit de rioolheffing besteden we aan reguliere exploitatieactiviteiten en investeringsmaatregelen. De kosten voor het uitvoeren van de gemeentelijke watertaken zijn onderverdeeld in de volgende posten: • Exploitatielasten (waaronder personeelskosten); • Groot onderhoud (reparaties en renovaties); • Vervangingsinvesteringen; • Verbeterings- en uitbreidingsinvesteringen. Om de voornoemde kosten te kunnen betalen, heffen we de rioolheffing. In de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak hebben we aangegeven dat de baten uit de rioolheffing de komende jaren dienen te stijgen om de kosten te kunnen dekken.

Een meerjarenperspectief voor de ontwikkeling van de lasten en de tarieven van de rioolheffing hebben we destijds uitgewerkt in de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak. Dit is door uw raad vastgesteld op 14 december 2023. In onderstaand figuur uit de bijlagen van de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak (pag. 12) zijn de lasten weergeven. Hierin is te zien dat in de komende jaren de kapitaallasten een groter deel gaan uitmaken van de totale lasten om aan de gemeentelijke watertaken te kunnen blijven voldoen. Voor meer toelichting verwijzen wij naar het rapport van de Wateren Klimaatadaptatie aanpak (d.d. 11 oktober 2023).

9

Deze lastenstijging zorgt voor een vergelijkbare ontwikkeling in de tarieven van de rioolheffing. In de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak is de verwachting van het tarief voor de komende jaren weergegeven. Dit is het kostendekkende tarief voor een woning met een gemiddelde WOZ-waarde, exclusief indexatie. In onderstaand figuur ziet u dat er bij vaststelling van de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak (pag. 14 van de bijlagen) voor 2026 een tarief werd verwacht van € 245 exclusief indexatie. Indien we dit tarief voor het jaar 2026 zouden verhogen met een prijsindex van 2,7%, resulteert dit in een tarief van afgerond € 252.

In het onderdeel Financiele impact gaven wij de berekening weer van het tarief voor de rioolheffing bij een gemiddelde WOZ-waarde. Het tarief bedraagt € 231,15. Hierbij gaan wij uit van een tariefsverhoging in 2026 van 9,5% en een kostendekkendheidspercentage van 92%. Stel, we verhogen het tarief van de rioolheffing in 2026 tot 100% kostendekkendheid, dan zou dit inclusief indexatie bij een gemiddelde WOZ-waarde uitkomen op € 251. Dit bedrag ligt in lijn met de verwachting uit de Water- en Klimaatadaptatie Aanpak, zoals hierboven toegelicht. Jaarlijks maken we een afweging tussen het streven naar 100% kostendekkendheid en het hanteren van een aanvaardbaar tarief voor de burger. Bij een lager kostendekkendheidpercentage worden deze lasten gedekt uit de algemene middelen.

10

Financiële verordening Voor de kostendekkendheidberekeningen in de begroting 2026 en de belastingverordeningen 2026 is de Financiële verordening 2025 leidend. Deze verordening bepaalt dat wij extracomptabel overheadskosten en rente over reserves en voorzieningen toerekenen aan de kosten voor onder andere afvalinzameling en rioolbeheer. Als de raad wenst om deze systematiek aan te passen dan moet er een aangepaste financiële verordening vastgesteld worden. Beide heffingen kennen wettelijk een maximum van 100% kostendekkendheid. Dit is een plafond, geen verplichting: de gemeente mag niet méér opbrengsten genereren dan de totale toegerekende kosten, maar het mag wél minder. Door het extracomptabel toerekenen van kosten zoals overhead en rente ligt het plafond tot 100% kostendekkendheid hoger. Dit betekent dat er meer ruimte is om kosten toe te rekenen aan de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Als in de toekomst extracomptabele kosten worden uitgesloten of verminderd in de financiële verordening, daalt het plafond. Hierdoor: • Mogelijk minder belastingopbrengsten: als we kiezen voor kostendekkende tarieven kunnen we minder belastingopbrengsten realiseren. • Minder beleidsvrijheid: er is minder ruimte om de tarieven te verhogen waardoor bepaalde kosten gedekt moeten worden uit algemene middelen.

Voor Terneuzen betekent dit dat het huidige beleid, waarin extracomptabele lasten worden meegenomen, zorgt voor een stabielere financiële basis en meer flexibiliteit. Het uitsluiten van deze kosten zou leiden tot een grotere afhankelijkheid van algemene middelen of tot (omvangrijkere) bezuinigingen.

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16206462/1