2024-03-27 - bijlage 2. Bp Glastuinbouw, 2e ontsluting, bijlagen toelichting
Tekst van het document
2012 Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Visie op de spoor- en wegenstructuur voor het beheersgebied Zeeland Seaports bij de ontwikkelingen Axelse Vlakte, Glastuinbouw, Koegorspolder en Zijkanaal C.
Zeeland Seaports 17-10-2012
2
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o. Visie op de spoor- en wegenstructuur voor het beheersgebied Zeeland Seaports bij de ontwikkelingen Axelse Vlakte, Glastuinbouw, Koegorspolder en Zijkanaal C.
Opgesteld door: Robbert Trompetter Afdeling Infrastructuur en Ruimte Datum: oktober 2012
3
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Inhoud Inleiding................................................................................................................................................... 4 1.
In ruimer verband ........................................................................................................................... 5
2.
Het huidig spoor- en wegennet ...................................................................................................... 6
3.
Ruimtelijke ontwikkelingen Kanaalzone ......................................................................................... 7
4.
Toekomstig spoor- en wegennet .................................................................................................... 8
5.
Aandachtspunten bij toekomstige projecten ............................................................................... 13
Literatuuropgave................................................................................................................................... 14 Bijlage 1 toekomstige wegenstructuur Axelse Vlakte e.o..................................................................... 15
4
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Inleiding Voor de ontwikkeling van het gebied tussen Tractaatweg en het kanaal van Gent-Terneuzen is bereikbaarheid van groot belang. Het vestigingsklimaat voor bedrijven wordt daarmee zo optimaal mogelijk. Op dit moment wordt er gewerkt aan de bereikbaarheid van de hoofdroutes: uitbreiding van de Sloeweg aan de andere zijde van de Westerscheldetunnel, een verkeersveilige oplossing voor de N61 Hoek-Schoondijke en de tunnel bij Sluiskil, waardoor de verbinding tussen de Westerscheldetunnel de Expressweg/R4 in België directer wordt zonder kans op grote vertragingen bij opening van de brug. Ook is er een MER studie opgestart naar de verbreding van de Tractaatweg (N62).
Met de MER studie en het nieuwe ontwerp van de Tractaatweg is in overleg tussen provincie, gemeente Figuur 1 Plangebied Terneuzen en Zeeland Seaports nagedacht over de toekomstige aansluitingen op de Tractaatweg; het onderliggend wegennet. Dit voorstel is verder uitgewerkt met toekomstige spooraansluitingen en langzaamverkeersroutes. Gezamenlijk leidt dit tot een totaalbeeld voor de toekomstige wegenstructuur en ontsluiting van het gebied tussen Kanaal Gent- Terneuzen en de Tractaatweg. Daaronder vallen de gebieden rond Yara, het te ontwikkelen gebied Zijkanaal C, het nog deels te realiseren Glastuinbouwgebied, de Axelse Vlakte en het ontwikkelingsgebied Axelse Vlakte ten zuiden van de Autrichehaven. In het voorliggende plan zijn ook nog spoorwegen meegenomen. De vierde modaliteit, buisleidingen, zijn in het plan achterwege gelaten. De studie naar de Multi Utility Provider heeft nog niet voldoende zekerheid. Eerst wordt in het hoofdstuk 1 ‘in ruimer verband’ even uitgezoomd naar de infrastructurele corridors vanuit onze haven. In hoofdstuk 2 wordt het huidig spoor- en wegennet weergegeven en huidige knelpunten besproken. In het hoofdstuk 3 worden de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen kort opgesomd waarop de toekomstige wegenstructuur is gebaseerd. Deze wegenstructuur wordt besproken en vooral ook weergegeven in hoofdstuk 4.
Uiteindelijk volgen in hoofdstuk 5 nog een aantal aandachtspunten voor toekomstige projecten in het gebied.
5
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
1. In ruimer verband De wegenstructuur in het gebied rondom de Axelse Vlakte is een beginpunt van een robuust wegennet voor het vervoer van goederen naar het achterland. Hieronder worden de routes voor weg en spoor apart beschreven. Goederenvervoer via de weg wordt afgewikkeld via de Tractaatweg. Via de Tractaatweg zijn richting het zuiden de R4 (rondweg haven Gent) en A11 bereikbaar en daardoor de E17 (richting Antwerpen of Lille) en de E40 (richting Brussel of Zeebrugge/Oostende). Door de verbreding van de Tractaatweg en verbeteringen aan het wegennet rond de haven Gent zullen goederen in de nabije toekomst richting het zuiden geheel vervoerd worden over stroomwegen en daarna snelwegen richting achterland. Richting het noorden kan nog voor 2020 gebruik worden gemaakt van een snelle verbinding richting A58 via de in aanbouw zijnde Sluiskiltunnel en de Westerscheldetunnel. Bij het Sloegebied kan verkeer kiezen voor de N57 via Middelburg richting Europoort en de Maasvlaktes of voor de te verbreden Sloeweg (N62) en via de A58 (E312) richting Bergen op Zoom. Het spoorvervoer wordt voor dit moment naar de westkant van het kanaal geleid via de brug bij Sluiskil. Goederen per spoor kunnen daarna via België (Gent) naar de eindbestemming vervoerd worden.
Mogelijk zal er in de toekomst nog een verbinding op de oostelijke kanaaloever worden aangelegd tussen de Axelse Vlakte/Yara en Zelzate langs de Tractaatweg. Er wordt in alle plannen ruimte vrijgehouden voor deze spoorroute, maar daadwerkelijke realisatie van deze spoorlijn is nog niet gepland.
Axelse vlakte
Figuur 2 Infrastructurele corridors (rood: wegen, blauw: water)
6
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
2. Het huidig spoor- en wegennet Op het kaartje hieronder is de huidige spoor- en wegenstructuur geschetst. Zoals zichtbaar wordt eigenlijk alle verkeer ten zuiden van zijkanaal C afgewikkeld via de Axelse Sassing. Het verkeer ten noorden van zijkanaal C kan via de Koegorsstraat naar het noorden naar de brug bij Sluiskil of ook weer via de Axelse Sassing. De spoorverbinding richting België gaat over de brug bij Sluiskil. Bij het spoor moeten treinen met een bestemming of vertrekpunt ten zuiden van zijkanaal C de route van de wegaansluiting Axelse Sassing op de Tractaatweg kruisen met een gelijkvloerse kruising. In het huidige spoor- en wegennet is het grootste probleempunt de robuustheid, of eigenlijk het ontbreken van een robuuste structuur. Doordat alle wegen samenkomen bij de Axelse Sassing en het spoor hier ook wordt gekruist, is er in veel gevallen geen alternatieve route aanwezig om bij een bedrijf of activiteit in de haven te komen of om goederen via het wegennet te vervoeren. Daarnaast zijn er op verschillende punten nog verbeteringen mogelijk wat betreft de verkeersveiligheid. Er ontbreken bijvoorbeeld vrijliggende fietspaden/langzaam verkeersroutes langs de Finlandweg richting Outokumpu/Axelse Vlakte II en langs de Koegorsstraat.
Zijkanaal C
Axelse Sassing
Figuur 3 bestaande wegen en spoorwegen
7
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
3. Ruimtelijke ontwikkelingen Kanaalzone De wegenstructuur wordt aangepast om een snelle doorstroming te kunnen blijven garanderen bij verdere ontwikkeling van dit gebied. De snelheid en volgorde van ontwikkelingen in de Kanaalzone is nog niet zeker. Voorkomen moet worden dat de wegenstructuur in het gebied Axelse Vlakte e.o. na aanleg al snel niet meer toereikend zal zijn of dat de verschillende projecten in het plan niet voldoende op elkaar aansluiten. In het maximaal ontwikkelscenario, dat misschien pas in 2030 of 2040 wordt bereikt, is een flink verkeersaanbod aanwezig. Adviesbureau DHV heeft voor de Provincie, de gemeente Terneuzen en Zeeland Seaports in een eerder stadium dit verkeersaanbod doorgerekend in een verkeersmodel. In dit ontwikkelscenario zijn meegenomen:
Koegorspolder gedeelte Zeeland Seaports Koegorspolder gedeelte gem. Terneuzen Axelse Vlakte I incl. zuidelijk deel zijkanaal C Axelse Vlakte II Axelse Vlakte III Glastuinbouw
Schatting oppervlak netto bedrijventerrein na ontwikkeling 202 ha (incl. Yara, Heros) 32 ha 31 ha 120 ha 60 ha 215 ha
8
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
4. Toekomstig spoor- en wegennet Door de wegenstructuur en ontsluiting op visieniveau vast te stellen kunnen realisatieprojecten en gebiedsontwikkelingen rekening houden met de toekomst. Het gaat hier om de nieuwe hoofdstructuur. De in te richten lokale structuur zal afhankelijk zijn van de daadwerkelijke vestiging van bedrijven in het gebied. Er wordt ook duidelijk waar extra aandacht aan moet worden besteed bij ontwikkelingen in het gebied. Er wordt duurzaam en structureel gezorgd voor een heldere opbouw van het haven- en glastuinbouwgebied wat betreft verkeers- en vervoersafwikkeling. Dit zorgt voor: - wegen met een voldoende verkeerscapaciteit voor een snelle afwikkeling van ladingstromen door het gebied. Ladingstromen worden snel en veilig vervoerd richting onze directe achterlandverbindingen (Tractaatweg, spoor Axel-Zelzate, spoor via Sas van Gent); - een gezonde doorstroming voor woon-werkverkeer. Werknemers kunnen vlot, zonder opstoppingen en op een veilige wijze de bedrijven bereiken; - een veilige structuur die zorgt voor zo min mogelijk ongelukken/verkeersslachtoffers. Er wordt aandacht besteedt aan vrijliggende fietspaden (langzaam verkeersroutes). Op detailniveau zal dit bij beheersaspecten en/of realisatieprojecten verder moeten worden uitgewerkt; - keuzevrijheid bij bedrijven voor de meest voordelige en/of meest duurzame modaliteit.
Een structuur waarbij alle modaliteiten voor bedrijven direct bereikbaar zijn om van gebruik te maken of op aan te sluiten. Hierbij moet worden opgemerkt dat ook buisleidingen een modaliteit zijn, echter deze zijn niet meegenomen in dit rapport; - een robuuste opbouw van de wegenstructuur bij calamiteiten. Het gebied is nu verkeerstechnisch verdeeld in twee gebieden. Ten noorden en te zuiden van Zijkanaal C. Deze beide gebieden zijn ter hoogte van de Axelse Sassing met elkaar verbonden. Indien zich in één van beide gebieden een calamiteit voordoet dan moet er een tweede route beschikbaar zijn om het gebied te kunnen verlaten. De wegen in het beheersgebied van ZSP zijn onderverdeeld in een tweetal categorieën. De eerste is een gebiedsontsluitingsweg; de hoofdstructuur. Deze wegen ontsluiten letterlijk het gebied door aan te sluiten op de Tractaatweg. De Tractaatweg heeft een categorisering als regionale stroomweg en wordt aangelegd met gescheiden dubbele rijbaan. Om de gebiedsontsluitingen veilig te houden worden ze uitgevoerd met vrijliggende fietspaden. Als tweede is er de lokale weg of erftoegangsweg. Dit zijn wegen die zijn bedoeld om de bedrijven te ontsluiten. Over het algemeen zijn dit niet de doorgaande wegen. De snelheid in het gebied wordt zoveel mogelijk gehandhaafd op 80 km/u om een snelle doorstroming in het gebied te bevorderen.
Alleen op verkeersonveilige locaties wordt de snelheid aangepast.
9
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
In figuur 3 is voor de Smitsschorrepolder de categorie ‘lokaal’ aangehouden. Op korte termijn, in de tijdelijke situatie dat Axelse Vlakte III nog niet is aangelegd, kan deze weg gebruikt worden als gebiedsontsluitingsweg (hoofdstructuur) tussen het zijkanaal C/Finlandweg en de aansluiting Zwartenhoek op de Tractaatweg. In bijlage 1 zijn de volgende drie figuren gecombineerd tot één wegenstructuurplan Axelse Vlakte e.o.
10
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Figuur 4 Toekomstige wegfuncties en toekomstige wegstructuur
11
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Figuur 5 Toekomstige spoorstructuur
12
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Figuur 6 Toekomstige langzaam verkeersstructuur
13
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
5. Aandachtspunten bij toekomstige projecten - doorstroming op kruispunten DHV heeft in hun onderzoek aangegeven dat wanneer alle geplande ontwikkelingen in de Kanaalzone doorgang vinden, op een tweetal kruispunten in ons gebied in beide spitsperiodes een slechte doorstroming zal zijn. Aanvullende maatregelen zoals een rotonde of verkeersregelinstallatie zullen nodig zijn. Dit is op dit moment nog niet aan de orde, maar bij verdere ontwikkeling van het gebied moet wel bij elk project worden afgewogen of dit een noodzaak is. Het gaat hier om het kruispunt Finlandweg-Industrieweg-Sasdijk-Koegorsstraat (aan het einde van zijkanaal C bij de aansluiting Axelse Sassing op de Tractaatweg) en om de nog te realiseren kruising Smisschorreweg-Ameliaweg (naast de Groene Knoop). - landbouwverkeer Niet alle routes voor landbouwverkeer blijven beschikbaar in de toekomst. De route via de Sasdijk zal misschien niet meer mogelijk zijn. Echter via de Smitsschorreweg is een goede alternatieve route beschikbaar. In de toekomstige situatietekeningen zijn de langzaam verkeersroutes allemaal opgenomen. Bij uitwerking in de projecten moet worden nagegaan of deze langzaam verkeersroutes voor alleen fietsers/scooters of ook voor landbouwverkeer moeten worden gerealiseerd. - verkeersveiligheid Aanleg van gescheiden fietspaden zorgt voor betere verkeersveiligheid en minder menging van verkeerssoorten.
Dit principe geldt voor alle wegen in het beheersgebied. Op sommige plekken zal de gebiedsontsluitingweg aan één of twee zijden bedrijven ontsluiten. De snelheidsverschillen die onstaan door invoegend of uitvoegend verkeer op een 80 km/u weg zullen leiden tot verkeersonveiligheid. Door de grote afstanden die moeten worden afgelegd in de haven en voor een snelle doorstroming naar het achterland is het veelal onwenselijk om de snelheid naar beneden bij te stellen. Dit moet aandachtspunt zijn bij de vestiging van bedrijven langs de gebiedsontsluitingswegen. - natuur De nieuwe wegenstructuur doorsnijdt de noordelijke rand van de Groene Knoop, oftewel de nieuwe ecologische hoofdstructuur (EHS). In het geval dat de Ameliaweg wordt aangepast om te kunnen voldoen als gebiedsontsluitingsweg zal daarvoor meer ruimte nodig zijn als het tracé van de huidige landelijke weg. Wanneer de nieuwe gebiedsontsluitingsweg tussen Tractaatweg en Axelse Vlakte moet worden gerealiseerd zal er voldoende budget gereserveerd moeten worden voor het mogelijk moeten compenseren van oppervlakteverlies van de EHS.
De aanleg van de gebiedsontsluitingsweg zal aan de orde zijn ten bate van de ontsluiting van het nog te ontwikkelen havengebied Axelse Vlakte III (of bij realisatie van de glastuinbouw in de Autrichepolder) of wanneer de doorstroming sterk verslechtert op kruispunten richting de aansluiting Axelse Sassing op de Tractaatweg.
14
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Literatuuropgave - rapportage DHV 2011, wegenstructuur Kanaalzone, advies over een voorkeursvariant, opdrachtgevers: Provincie Zeeland, Gemeente Terneuzen, Zeeland Seaports. - (concept) MER studie Tractaatweg, Grontmij (en Tauw), 2012
15
Visie wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
Bijlage 1 toekomstige wegenstructuur Axelse Vlakte e.o.
C:\Users\Thijs.vanHoute\OneDrive - North Sea Port\Documenten - Realisatie wegenstructuur Axelse Vlakte II\P3_Voorbereiding\3_Definitief ontwerp\Sweco ontvangen ontwerp 24-05-2023\51004358-SWE-ZZ-XX-DR-C-00054
Maten in meters, tenzij anders aangegeven Materialen in millimeters Hoogtematen in meters t.o.v. N.A.P.
D3 Gedeeld voor externe controle
Opdrachtgever
North Sea Port Project
DO Wegenstructuur Axelse Vlakte II Onderdeel
Overzichtstekening DO Blad 21 - Overzicht bladen Projectnummer
Tekeningnummer
Versie
Datum van uitgave
Ontwerpfase
51004358
SWE-ZZ-XX-C-00054
0.2
23-12-2022
Definitief Ontwerp
Blad
Van
Schaal
Formaat
Kantoor
Get.
Gez.
Acc.
21
21
1:5000
A2-L (ISO)
Middelburg
AdP
GP
RS
www.sweco.nl © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
Contractnummer
Notitie Voor: Van: Bedrijf:
H.J. Wijnheijmer Iv-Infra b.v.
Datum: Referentie: Onderwerp:
25 maart 2022 INFR211042 Verkeersgeneratie Axelse vlakte en invloed tweede ontsluitingswe
Aanleiding Op de Axelse Vlakte zijn meerdere bedrijven met industriële functies gevestigd. Deze bedrijven zijn ontsloten middels de Autrichehavenweg, dit is de enige ontsluiting op de N62. Een nieuwe ontsluiting is gepland vanaf de Axelse Vlakte richting de Eversdam. Deze tweede ontsluiting zorgt voor een betere bereikbaarheid van de Axelse Vlakte. De Axelse Vlakte is nog niet volledig ontwikkeld, hierdoor zijn ten opzichte van de huidige situatie extra verplaatsingen te verwachten. In deze notitie wordt de verkeersgeneratie berekend en verkeer toegedeeld over de bestaande ontsluiting en de nieuw aan te leggen Tweede Ontsluitingsweg.
Uitgangspunten Hieronder staan uitgesplitst per categorie de gehanteerde uitgangspunten. Verkeersgeneratie • Kencijfers − Er zijn geen actuele intensiteiten of een verkeersmodel beschikbaar. Daarom wordt, zowel voor de huidige situatie als voor de toekomstige situatie, gerekend met kencijfers uit de CROW-publicatie “Toekomstbestendig parkeren – Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie”. De oppervlakten voor de huidige bedrijven zijn op basis van een luchtfoto bepaald, voor de nog te realiseren uitbreidingen zijn door North Sea Port aangeleverde oppervlakten gebruikt. − Het bedrijventerrein (Axelse Vlakte) valt onder de categorie Zeehaventerrein. De kencijfers voor bedrijventerreinen hebben grote marges. De cijfers leveren waarschijnlijk een overschatting van de daadwerkelijke verkeersgeneratie. − Voor glastuinbouw zijn geen kencijfers beschikbaar. Per glastuinbouwbedrijf is gekeken naar het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein. Het aandeel parkeerplaatsen is vermenigvuldigd maal twee om te komen tot de verkeersgeneratie van personenauto’s per werkdag. Het aandeel vrachtverkeer is naar verwachting relatief laag, het aantal laadperrons per bedrijf is 1 á 2. Aangenomen is dat ieder laadperron per werkdag drie keer wordt gebruikt. • Etmaalverdeling − Het terrein van de Axelse Vlakte bestaat voornamelijk uit bedrijvigheid van industriële aard.
In het gebied vindt geen 24 uurs bedrijvigheid plaats. Op basis van informatie van North Sea Port zijn de verplaatsingen voornamelijk overdag. Het aandeel verkeer dat gedurende de nacht rijdt is nihil en dus te verwaarlozen. Daarom is de volgende verdeling gemaakt. Overdag (6-19) rijdt verwachting
1/4
•
85% van het dagelijkse verkeer. In de avonduren (19-23) is dat 15% en in de nacht (23-6) is dat 0%. Voertuigverdeling − Op basis van de kencijfers is 75% van de verkeersgeneratie op zeehaventerreinen een personenauto, 8% middelzwaar vrachtverkeer en 17% zwaar vrachtverkeer. − Bij glastuinbouw is het percentage afhankelijk van het aantal parkeerplaatsen. Van de parkeerplaatsen maken uitsluitend personenauto’s gebruik, van de laadperrons uitsluitend zwaar vrachtverkeer.
Verkeersverdeling • Het verkeer van en naar de Axelse Vlakte is op te delen in twee richtingen: noord en zuid over de N61. De verdeling van het verkeer van en naar het noorden en het zuiden is, naar verwachting van North Sea Port, gelijk. Er maakt geen verkeer gebruik van de N258. • Verkeer kiest voor de Autrichehavenweg of de 2e ontsluitingsweg op basis van de kortste route. De kortste route is per (toekomstig) bedrijf vastgesteld. Voor bestemmingen waarvoor beide opties gelijkwaardig zijn, is het verkeer op basis van het voorgaande uitgangspunt gelijkwaardig over beide wegen verdeeld. • Aan de Smitsschorreweg zijn vier glastuinbouwers gevestigd. Dit verkeer rijdt nu niet op de Autrichehavenweg, maar voor de twee zuidelijke bedrijven is de tweede ontsluitingsweg wel een logische route. Aangenomen is dat dit verkeer volledig van de tweede ontsluitingsweg gebruik gaat maken.
Resultaten De verkeersgeneratie is doorgerekend voor drie situaties: 1 een volledig ontwikkelde Axelse Vlakte, zonder tweede ontsluitingsweg 2 een volledig ontwikkelde Axelse Vlakte, met tweede ontsluitingsweg 3 uitsluitend de huidige invulling van de Axelse Vlakte, met tweede ontsluitingsweg. De verkeersgeneratie is zowel berekend voor weekdagen als werkdagen. Conform de kencijfers is voor de omrekening van weekdag naar werkdag gerekend met een factor van 1,33. Alle resultaten staan in onderstaande tabellen. Getoond zijn zowel de intensiteiten op de Autrichehavenweg als de intensiteiten op de nieuw aan te leggen tweede ontsluitingsweg. Volledig ontwikkelde Axelse vlakte, zonder tweede ontsluitingsweg Tabel 1 – intensiteit Autrichehavenweg t.h.v. kruispunt Finlandweg
Weekdag
Werkdag
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Licht verkeer
966
170
0
1137
1285
227
0
1512
Middelzwaar verkeer
103
18
0
121
137
24
0
161
Zwaar verkeer
219
39
0
258
291
51
0
343
Totaal
1288
227
0
1516
1713
302
0
2016
2/4
Volledig ontwikkelde Axelse vlakte, met tweede ontsluitingsweg Tabel 2 - intensiteit Autrichehavenweg t.h.v. kruispunt Finlandweg
Weekdag
Werkdag
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Licht verkeer
455
114
0
568
605
151
0
756
Middelzwaar verkeer
48
12
0
61
65
16
0
81
Zwaar verkeer
103
26
0
129
137
34
0
171
Totaal
606
152
0
758
806
202
0
1008
Tabel 3 – intensiteit tweede ontsluitingsweg
Weekdag
Werkdag
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Licht verkeer
626
110
0
736
832
147
0
979
Middelzwaar verkeer
52
9
0
61
69
12
0
81
Zwaar verkeer
111
20
0
130
147
26
0
173
Totaal
788
139
0
927
1048
185
0
1233
Uitsluitend de huidige invulling van de Axelse Vlakte, met tweede ontsluitingsweg Tabel 4 - intensiteit Autrichehavenweg t.h.v. kruispunt Finlandweg
Weekdag
Werkdag
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Licht verkeer
244
43
0
287
325
57
0
382
Middelzwaar verkeer
26
5
0
31
35
6
0
41
Zwaar verkeer
55
10
0
65
74
13
0
87
Totaal
325
57
0
383
433
76
0
509
Tabel 5 – intensiteit tweede ontsluitingsweg
Weekdag
Werkdag
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Dag
Avond
Nacht
Totaal
Licht verkeer
387
68
0
455
515
91
0
605
Middelzwaar verkeer
52
9
0
61
69
12
0
81
Zwaar verkeer
57
10
0
67
75
13
0
89
Totaal
495
87
0
582
658
116
0
775
3/4
A.
Bijlage: Verkeerscijfers
Zeehaventerrein VLAEYNATIE Mammoet Multi Purpose Terminal SFP Zeeland B.V. Innovarec B.V. Viktor Goes Green ? VoltH2 DSD Glastuinbouw 4Evergreen Terneuzen BV Kwekerij de Westerschelde Gebr. Van Duijn Terneuzen Bv VGT Zeeuws-Vlaanderen Sublimato - Van Adrichem Kwekerijen
Huidig 10,5 6,1 2,4 5,0
Hectare(ha) Toekomstig 12,5 1,0 3,2 1,5 1,9 4,9
41,0 6,9 11,6 25,1 21,1
4/4
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe Project 23220097D 3 augustus 2022
Opdrachtgever:
North Sea Port Postbus 132 4530 AC TERNEUZEN
Opgesteld door:
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Auteur:
ir. B. Boomstra
Kwaliteitscontrole:
E.D. Postma
Inhoudsopgave 1. INLEIDING................................................................................................................................................ 1 1.1. AANLEIDING EN DOEL ................................................................................................................... 1 1.2. REFERENTIEKADER ....................................................................................................................... 1 1.3. BETROUWBAARHEID ..................................................................................................................... 4 2. VELDONDERZOEK ................................................................................................................................. 6 3. LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................................................. 8 3.1. ANALYSESTRATEGIE ..................................................................................................................... 8 3.2. ANALYSERESULTATEN ................................................................................................................ 11 4. CONCLUSIES ........................................................................................................................................
16 ACHTERGRONDDOCUMENTEN .............................................................................................................. 19 BIJLAGE 1 SITUATIETEKENINGEN BIJLAGE 2 BOORBESCHRIJVINGEN EN -PROFIELEN BIJLAGE 3 TOETSINGSTABELLEN BIJLAGE 4 ANALYSERESULTATEN BIJLAGE 5 FOTO’S
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
1. Inleiding 1.1. Aanleiding en doel Door North Sea Port is aan SMA Zeeland B.V. de opdracht verstrekt voor het uitvoeren van een milieuhygiënisch bodem- en cunetonderzoek aan de Autrichehavenweg e.o. Westdorpe. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen herinrichting van de infrastructuur. Het doel van het gehele onderzoeksproject is: vastlegging chemische bodemkwaliteit (grond, grondwater) vastlegging teerhoudendheid asfalt vastlegging huidige grond- of bouwstofkwaliteit m.b.t. asbest en indicatie chemische kwaliteit Het vooronderzoek is gerapporteerd met kenmerk 23220097A. De resultaten van de vervolgonderzoeken zijn opgenomen in de deelrapporten 23220097B t/m 23220097E. Dit rapport 23220097D omvat het velden laboratoriumonderzoek volgens NEN5740, NEN5707, NEN5897 en NEN5720 op de zuidelijk gelegen deelgebieden 7 t/m 9. 1.2. Referentiekader Onderzoeksopzet De onderzoeksopzet is afgeleid van de NEN 5740 en de NEN 5707 cq. NEN 5897. Het onderzoek bestaat uit: vooronderzoek, veldonderzoek, chemische analyses, interpretatie en toetsing. Toetsingskader verkennend bodemonderzoek naar chemische parameters (NEN 5740) De voor de standaardbodem (lutum 25% en organische stof 10%) gecorrigeerde analyseresultaten van de grond worden conform de Wet bodembescherming getoetst aan de achtergrondwaarden (AW2000) en interventiewaarden.
De analyseresultaten van het grondwater worden getoetst aan de streefwaarden en interventiewaarden. De achtergrondwaarden hebben betrekking op achtergrondgehalten van stoffen die van nature voorkomen, of op detectiegrenzen bij stoffen die niet van nature voorkomen. In principe is sprake van een onbeïnvloede bodemkwaliteit. De streefwaarden grondwater geven aan wat het ijkpunt is voor de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem. De interventiewaarden bodemsanering geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Ze zijn representatief voor het verontreinigingsniveau waarboven sprake is van een geval van ernstige (bodem) verontreiniging. Er is sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging indien voor ten minste één stof de gemiddelde
gemeten
concentratie
van
minimaal
25
m
3
bodemvolume
in
het
geval
van
3
grondverontreiniging, of 100 m bodemvolume in het geval van een grondwaterverontreiniging, hoger is
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
1
dan de interventiewaarde. In enkele specifieke situaties kan bij gehalten onder de interventiewaarden ook sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging. Dit geldt voor de zogenaamde gevoelige functies: -
moestuin/volkstuin,
-
plaatsen waar vluchtige verbindingen aanwezig zijn in het grondwater in combinatie met hoge grondwaterstanden en/of in de onverzadigde bodem onder bebouwing.
Als een geval van ernstige verontreiniging is vastgesteld dan is sprake van een potentieel risico dat aanleiding geeft tot een vorm van saneren of beheren. De achtergrond-, streef- en interventiewaarden worden in het vervolg, samenvattend, toetsingswaarden genoemd. De norm voor barium in grond is tijdelijk ingetrokken. Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium van 920 mg/kg ds (interventiewaarde barium voor een standaardbodem). Handelingskader PFAS De analyseresultaten van de op PFAS geanalyseerde monsters worden aanvullend getoetst aan het 13 december 2021 gepubliceerde Handelingskader PFAS. Dit rapport voldoet niet aan de onderzoekseisen voor nuttige toepassing van grond elders onder de voorwaarden van het Besluit bodemkwaliteit in combinatie met het Handelingskader PFAS. De toetsing aan deze normwaarden is daarom indicatief van aard en bedoeld voor eventuele afvoer van grond naar een erkende grondverwerkingsinrichting. Toetsingskader bodemonderzoek naar asbest Het beleid ten aanzien van asbest in de bodem is vermeld in de Circulaire Bodemsanering.
Bij toetsing van het asbestgehalte in bodem wordt enkel een interventiewaarde gehanteerd. De interventiewaarde bodemsanering voor asbest en de restconcentratienorm voor asbesthoudende bulkmaterialen is vastgesteld op 100 mg/kg gewogen (gewogen betekent de concentratie serpentijnasbest vermeerderd met tien maal de concentratie amfiboolasbest). Deze nu geldende interventiewaarde voor asbest in bodem van 100 mg/kg ds, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen serpentijn- en amfiboolasbest, is gebaseerd op het Verwaarloosbaar Risiconiveau in lucht, zoals voorgesteld door de Gezondheidsraad in 1988 en vervolgens opgenomen als streefwaarde in de beleidsnotitie asbest in het milieu uit 1991. Op materialen met een asbestconcentratie beneden genoemde norm worden het Arbeidsomstandighedenbesluit en het Asbestverwijderingsbesluit geacht niet van toepassing te zijn (bij een gehalte van 100 mg/kg ds gewogen en lager is, bij historische asbestverontreinigingen d.w.z. verontreinigingssituaties die voor 1 juli 1993 zijn ontstaan, formeel geen sprake van een asbestverontreiniging).
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
2
Tijdens verkennend onderzoek is in principe geen directe toetsing aan de interventiewaarde mogelijk. Indien het indicatief vastgestelde asbestgehalte kleiner is dan de helft van de interventiewaarde is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de interventiewaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Toetsingskader verkennend waterbodemonderzoek (NEN5720) De analyseresultaten van de waterbodem worden getoetst aan de samenstellingswaarden uit de Regeling Bodemkwaliteit. Hierbij wordt getoetst aan: Beoordeling kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem (T1) Beoordeling verspreidbaarheid van baggerspecie op aangrenzend perceel (landbodem) (T5) Handelingskader PFAS (HK PFAS) Toepassing op landbodem. Toetsingskader asbestonderzoek niet-vormgegeven bouwstoffen en granulaten De regelgeving voor asbest in bodem, grond en puin(granulaat) is grotendeels vermeld in het Besluit bodemkwaliteit en het Besluit asbestwegen milieubeheer maar ook in het Arbeidsomstandighedenbesluit en het Asbestverwijderingsbesluit.
In het kader van een in-situ onderzoek is meestal hoofdzakelijk het Besluit asbestwegen milieubeheer van toepassing. Het bevoegd gezag Besluit asbestwegen milieubeheer is het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M). Inspectie Leefomgeving en Transport voert, namens I&M, taken uit op het gebied van regelgeving van asbest in puin(granulaat). Het bevoegd gezag Besluit asbestwegen milieubeheer is het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (I&M). Inspectie Leefomgeving en Transport voert, namens I&M, taken uit op het gebied van regelgeving van asbest in puin(granulaat). Het Besluit asbestwegen milieubeheer is van toepassing op alle asbest bevattende wegen (gedefinieerd als wegen, paden, erfverhardingen of gedeeltes daarvan, alsmede andere grond die bestemd is om door rij- of ander verkeer te worden gebruikt) en stroken (gedefinieerd als stroken van een halve meter aan beide zijden van en direct aansluitend op wegen), met dien verstande dat: a)
het niet verboden is een asbesthoudende weg voorhanden te hebben indien het gewogen asbestgehalte ten hoogste 100 mg/kg ds is;
b)
het niet verboden is een asbesthoudende weg voorhanden te hebben indien de eigenaar heeft aangetoond dat het asbest vóór 1 juli 1993 is aangebracht én het asbest is afgeschermd door een verharding die geen asbest bevat én die voldoet aan CROW publicatie 189, uitgave januari 2005. De weg moet voldoen aan één van de volgende criteria: -
de weg heeft een duurzame afscherming van het asbest, welke bestaat uit asfalt, klinkers of beton en in een goede staat verkeert of
-
de weg heeft een duurzame afscherming van het asbest, welke afscherming bestaat uit een laag zand, grond, puingranulaat of materiaal dat een vergelijkbare afscherming biedt, waarvan de dikte ten minste 0,2 m. is.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
3
In alle andere gevallen dient het asbest te worden verwijderd. Toetsingskader veiligheid en gezondheid bij beroepsmatig werk in de bodem Bij werkzaamheden in verontreinigde bodem dienen de door de aannemer getroffen maatregelen ten behoeve van de veiligheid en gezondheid van de bij het werk betrokkenen in overeenstemming te zijn met de CROW-publicatie 400 ‘Werken in en met verontreinigde bodem’. Op basis van de analyseresultaten van uit dit bodemonderzoek is met behulp van de webapplicatie ‘Bepaling veiligheidsklasse’ de voorlopige veiligheidsklasse bepaald. Het resultaat is opgenomen in de bijlagen en wordt niet verder tekstueel toegelicht. De veiligheidsklasse bepaalt niet automatisch welke maatregelen moeten worden getroffen, maar vormt een indicatie voor de veiligheidskundige om te bepalen welke maatregelen passend zijn. Welke maatregelen nodig zijn voor het werken in en met verontreinigde bodem wordt mede bepaald op basis van de vastgestelde veiligheidsklasse, de locatie, de blootstellingsduur en blootstellingsrisico’s. De te nemen maatregelen vanuit de veiligheidsklasse zijn aanvullend op de standaardmaatregelen van de basishygiëne. De aannemer dient de definitieve veiligheidsklasse en de daarbij de treffen maatregelen te laten bepalen door een veiligheidskundige die daartoe bevoegd is (zie CROW-publicatie 400). 1.3.
Betrouwbaarheid Het hier gerapporteerde bodemonderzoek is uitgevoerd op zorgvuldige wijze, in overeenstemming met de geldende richtlijnen en de gebruikelijke inzichten en methoden. SMA Zeeland B.V. beschikt over een kwaliteitsmanagementsysteem (NEN-EN-ISO 9001: 2015) en veiligheidsmanagementsysteem (VGM Checklist Aannemers) waarbinnen de kwaliteit van de werkzaamheden dusdanig wordt beheerst en gewaarborgd dat haar diensten zo goed mogelijk aan de eisen en doelstellingen van de opdrachtgever voldoen. Het veldwerk is uitgevoerd door SMA Zeeland B.V. Het milieukundige veldwerk ten behoeve van het grond- en grondwateronderzoek is uitgevoerd op basis van de richtlijnen van de BRL SIKB 2000 en conform de hierbij van toepassing zijnde protocollen. De uitvoerende partij beschikt hiertoe over het procescertificaat “Veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek” op basis van de Beoordelingsrichtlijn SIKB 2000 voor de protocollen 2001, 2002, 2003, 2018. Dit procescertificaat is uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundige veldwerk, beginnend bij de acceptatie van het veldwerk, en eindigend bij de overdracht van de veldwerkgegevens en monsters. Eventueel onderzoek aan asfaltverharding, halfverhardingen en funderingsmaterialen valt niet onder de scope van de BRL SIKB 2000.
In het kader van de waarborging van de onafhankelijkheid verklaart de hierboven genoemde partij dat het veldwerk onafhankelijk van de opdrachtgever is uitgevoerd conform de in dit kader gestelde eisen van de BRL SIKB 2000 en de daarbij behorende protocollen.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
4
De laboratoriumanalyses van dit onderzoek zijn uitgevoerd door een daartoe door de Raad van Accreditatie geaccrediteerd laboratorium. Een bodemonderzoek is erop gericht met beperkte middelen vast te stellen of er bodemverontreiniging aanwezig is. Dit impliceert dat de conclusies van het bodemonderzoek slechts een beperkte reikwijdte hebben. Door beperkt aantal boringen, proefgaten, proefsleuven en analyses, betekent dit concreet dat een mogelijk aanwezige verontreiniging over het hoofd gezien kan worden. Het bodemonderzoek garandeert derhalve nooit dat de onderzochte locatie geheel schoon is of anderszins, dat met het bodemonderzoek alle eventueel aanwezige verontreinigingen worden gedetecteerd. Verder geldt dat de resultaten van het onderhavige onderzoek een momentopname vormen van de bodemkwaliteit. Na de uitvoering en rapportage van dit onderzoek zouden activiteiten kunnen plaatsvinden die de milieuhygiënische kwaliteit van grond en grondwater op de onderzoekslocatie kunnen beïnvloeden. Voorbeelden hiervan zijn het bouwrijp maken van de locatie of het aanvoeren van grond van elders. Een andere factor kan bijvoorbeeld zijn het transport van verontreinigende stoffen via het grondwater van buiten
de
onderzoekslocatie.
Gezien
deze
overwegingen,
dienen
de
hier
gerapporteerde
onderzoeksresultaten met meer voorzichtigheid gebruikt en geïnterpreteerd te worden naarmate de tijd toeneemt die verlopen is na de uitvoering van het onderzoek. Op basis van de uit dit bodemonderzoek verkregen gegevens kan geen uitspraak worden gedaan over de daadwerkelijke aan- of afwezigheid van asbest en/of het gehalte aan asbest in lagen waarop geen specifiek veld- en analytisch onderzoek is verricht. Dit betreft met name als “onverdacht voor verontreiniging met asbest” aangemerkte lagen. Hiervoor kan (aanvullend) onderzoek plaatsvinden conform de NEN 5707 (Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond) en/of de NEN 5897 (Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Op basis van de uit dit bodemonderzoek verkregen gegevens kan in principe geen uitspraak gedaan worden over de toepassingsmogelijkheden van eventueel van de locatie af te voeren grond. Hiervoor dient onderzoek plaats te vinden conform het Besluit bodemkwaliteit. SMA Zeeland B.V. kan niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele schade of anderszins voor eventuele gevolgen die voortkomen uit het gebruik en de interpretatie van de in dit rapport gepresenteerde onderzoeksgegevens. Dit rapport mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd, tenzij met uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van SMA Zeeland B.V.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
5
2. Veldonderzoek Tabel 2.1. Algemene gegevens veldonderzoek Uitvoerend veldwerker (SIKB prot. 2001, 2002, 2003, 2018-erkend)
G. de Feijter
Uitvoerperiode
24 juni t/m 20 juli 2022
Inmeetnauwkeurigheid
dGPS
Afwijkingen t.o.v. plan
Geen
Detaillering veldgegevens
Zie Bijlage 1, Bijlage 2, Bijlage 5
Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) (meetpunten 7##-serie) De weg is verhard met slechts een oppervlaktebehandeling aan asfalt op een laag 25-35 cm gebonden slakken. Eronder ligt een grindlaag met brokken teerhoudend asfalt van 15 tot 35 cm dikte. In de bermen zijn slakaanstortingen aanwezig. Het asfalt van de kruising met de Smitschorreweg is gefundeerd op ca. 45 cm puin. De aangrenzende en onderliggende lagen bermgrond en cunet bestaan uit zand. In een enkele boring is op NAP -0,4 m een oude sliblaag aangetroffen. Dam met duiker KDU66845 (meetpunten 720.#-serie) De dam KDU66845 is evenals de bermen van de Ameliaweg aangevuld met slakken. Hieronder zijn uitlopers van de verontreinigde grindlaag aanwezig en een oude verharding van gebakken klinkers. De dam is verder opgebouwd uit zand. Nieuwe 2e ontsluitingsweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk (meetpunten 8##-serie) Van west naar oost worden de bovenlagen steeds kleiiger totdat vrijwel uitsluitend kleilagen aanwezig zijn binnen 2 m-mv. In enkele boringen is vanaf 1,8 – 2,5 m een slibpakket aangetroffen. De bermen van de Sasdijk zijn verhard met doorgroeiblokken op zowel zand als klei. De teerhoudende asfaltverharding van de Sasdijk is aangebracht op de voormalige verharding van kinderkopjes. Dam met duiker KDU66850 (meetpunten 8.101 en 8.102.1) De dam KDU66850 is half verhard met ballast.
Eronder ligt een met bakstenen vermengde zandlaag, vermoedelijk is dit de voormalige verharding zoals ook in KDU66845 is gevonden. De dam is verder opgebouwd uit zand. Dam met duiker KDU66851 (meetpunt 8.102.2) De dam KDU66845 is evenals de bermen van de Ameliaweg aangevuld met slakken. Hieronder zijn uitlopers van de verontreinigde grindlaag aanwezig en een oude verharding van gebakken klinkers. De dam is verder opgebouwd uit zand.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
6
Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk (meetpunten 9##-serie) De asfaltverharding ten zuiden van de kruising is van normale dikte en gefundeerd op 30-35 cm gebonden slakken. In de bermen zijn plaatselijk puinaanstortingen aanwezig. Buiten het cunetzand bestaat de bodem uit een kleipakket van 0,8-1,7 m dikte gevolgd door zandlagen. Waterbodems oostberm Ameliaweg en 2e ontsluitingsweg (meetpunten 8.2## en WB3## t/m WB6##serie) In de watergangen (WB#) en vijver (8.2) zijn geen sliblagen aanwezig. De vaste waterbodem betreft zand (WB3 t/m WB5) danwel klei (8.2, WB6). Grondwaterbemonstering Het grondwater is in twee fasen bemonsterd op 12 en 20 juli. Hierbij zijn de onderstaande veldmetingen verricht. Die gaven geen aanleiding tot wijziging van de gekozen onderzoeksstrategie. De verhoogde EC in 815 is een aanwijzing dat de sliblaag in de ondergrond afkomstig is uit de voormalige zeearm. Voor peilbuis 810 zijn geen meetgegevens beschikbaar door een storing in de meetsonde. Tabel 2.2 Metingen grondwater Peilbuis
Filterdiepte
Grondwaterstand
pH
EC
Troebelheid
(m -mv)
(m -mv)
(-)
(µS/cm)
(NTU)
706
2,50 - 3,50
2,20
7,1
1720
20
715
2,50 - 3,50
2,15
7,1
1720
82
804
2,00 - 3,00
1,80
7,3
1120
20
810
2,00 - 3,00
1,80
-
-
-
815
2,00 - 3,00
2,20
7,0
8460
29
901
3,00 - 4,00
3,20
7,3
1490
42
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
7
3. Laboratoriumonderzoek 3.1. Analysestrategie Hieronder is tabelgewijs weergegeven welke monsters ter analyse zijn ingezet. Ook is weergegeven op welke parameters is geanalyseerd. Tabel 3.1 Monsterselectie grond (Meng)
Boring + traject
monsters
(m-mv)
Materiaal
Analysepakket
Opmerking
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.MM01
702 (0,60 - 1,10)
Zand
Pakket A
cunetzand
Zand
Pakket A
cunetzand
Zand
Pakket A
cunetzand
Zand
PFAS28+2, SCG-zeefkromme
cunetzand
Zand
Pakket A, SCG-zeefkromme
damgrond
708 (0,45 - 1,00) 7.MM02
701, 704, 706 (0,25 - 0,75) 705 (0,50 - 1,00)
7.MM03
709, 711, 714 (0,20 - 0,70) 712 (0,50 - 1,00)
7.MM05
701, 704, 706 (0,25 - 0,75) 705, 712 (0,50 - 1,00) 709, 711, 714 (0,20 - 0,70)
7.20 Dam met duiker KDU66845 7.MM04
720.1 (0,30 - 1,30) 720.2 (0,40 - 1,50)
8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 8.MM03
803, 804 (0,00 - 0,50)
Zand
Pakket A, SCG-zeefkromme
zandige bovengrond
8.MM04
805, 808 (0,00 - 0,50)
Zand
Pakket A, OCB
zandige
806 (0,25 - 0,75)
bovengrond
voormalige
boomgaard
807 (0,21 - 0,75) 8.MM05
805, 806 (0,75 - 1,25)
Klei
Pakket A, OCB
807 (0,75 - 1,15)
vermoedelijke bouwvoor voormalige boomgaard
8.MM10
813-816 (0,00 - 0,50)
Klei
PFAS28+2, Pakket A
bovengrond
8.MM11
814-816, 818 (0,50 - 1,00)
Klei
Pakket A
ondergrond
Zand
PFAS28+2, Pakket A, OCB
zand met baksteen
Pakket A, OCB, SCG-
cunetzand
8.1 Dammen met duiker KDU66850, KDU66851 8.MM01
8.102.1, 8.102.2 (0,25 - 0,60)
9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 9.MM01
901 (0,40 - 0,80)
Zand
907 (0,12 - 0,25) 9.MM02
902, 904 (0,25 - 0,75)
zeefkromme Klei
PFAS28+2, Pakket A, OCB
bovengrond
905 (0,00 - 0,50)
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
8
(Meng)
Boring + traject
monsters
(m-mv)
Materiaal
Analysepakket
Opmerking
9.MM03
901 (0,80 - 1,30)
Klei
Pakket A
ondergrond
Materiaal
Analysepakket
Opmerking
WB301 t/m WB310
Zand
EOX, Pakket C2, PFAS28+2
-
WB301 t/m WB310
Zand
SCG-zeefkromme
-
WB401 t/m WB410
Zand
EOX, Pakket C2, PFAS28+2
-
WB401 t/m WB410
Zand
SCG-zeefkromme
-
WB501 t/m WB510
Zand
EOX, Pakket C2, PFAS28+2
-
WB501 t/m WB510
Zand
SCG-zeefkromme
-
WB601 t/m WB610
Klei
EOX, Pakket C2, PFAS28+2
-
WB601 t/m WB610
Klei
SCG-zeefkromme
-
8.201 t/m 8.210
Klei
EOX, Pakket C2, PFAS28+2
-
8.201 t/m 8.210
Klei
SCG-zeefkromme
-
902 (0,75 - 1,10) 904 (0,75 - 1,20) 907 (1,00 - 1,50)
Tabel 3.2 Monsterselectie waterbodem (Meng)
Boring + traject
monsters
(m-mv)
WB3. Waterbodem oostberm Ameliaweg MM WB300: waterbodem-1 MM WB300: waterbodemZeefkromme WB4. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB400: waterbodem-1 MM WB400: waterbodemZeefkromme WB5. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB500: waterbodem-1 MM WB500: waterbodemZeefkromme WB6.Waterbodem noordberm Sasdijk MM WB600: waterbodem-1 MM WB600: waterbodemZeefkromme 8.2 Waterbodem vijver 2e ontsluitingsweg MM 8.2: waterbodem-1 MM 8.2: waterbodemZeefkromme
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
9
Tabel 3.3 Monsterselectie bouwstoffen (Meng)
Boring + traject
monsters
(m-mv)
Materiaal
Analysepakket
Opmerking
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.20 Dam met duiker KDU66845 7.MM06
701, 706 (0,00 - 0,25)
Slak
711, 716 (0,00 - 0,20) 7.MM07
702 (0,25 - 0,60)
Bouwstoffen indicatief+uitloog
-
15met+4anion Grind
708 (0,20 - 0,45)
Bouwstoffen indicatief+uitloog
teerhoudende asfaltbrokken
15met+4anion
720.2 (0,15 - 0,40) 7.MM08
Wegfundatie: 7##
Grind
Bouwstoffen indicatief+uitloog
teerhoudende asfaltbrokken
15met+4anion 8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 8.MM06
801 (0,20 - 0,60)
Puin
Asbest Puin NEN5898
Puin met avm
801-AVM
801 (0,20 - 0,60)
AVM
Asbestverzamelmonster
2 stukjes
8.MM07
806, 807 (puin)
Puin
Asbest Puin NEN5898
-
8.MM08
Wegfundatie 801
Puin
Bouwstoffen indicatief+uitloog
-
15met+4anion 8.MM09
Wegfundatie: 8##+9##
Slak
Bouwstoffen indicatief+uitloog
-
15met+4anion 8.1 Dammen met duiker KDU66850, KDU66851 8.MM02
8.102.1 (0,00 - 0,25)
Ballast /
Bouwstoffen indicatief+uitloog
8.102.2 (0,00 - 0,20)
slak
15met+4anion
-
9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 9.MM04
Wegfundatie: 9##
Slak
Bouwstoffen indicatief+uitloog
-
15met+4anion 9.MM05
901 (0,00 - 0,15)
Puin
Asbest Puin NEN5898
-
Tabel 3.4 Monsterselectie watermonsters (Meng)
Filterdiepte (m -mv)
Analysepakket
monsters 7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 706-1-1
2,50 - 3,50
Pakket B, As, Cr
715-1-1
2,50 - 3,50
Pakket B, As, Cr
8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 804-1-1
2,00 - 3,00
Pakket B, As, Cr
810-1-1
2,00 - 3,00
Pakket B, As, Cr
815-1-1
2,00 - 3,00
Pakket B, As, Cr
9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 901-1-1
23220097D
3,00 - 4,00
Pakket B, As, Cr
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
10
3.2. Analyseresultaten De resultaten van de toetsing van de analyseresultaten aan de toetsingskaders zijn weergegeven in de onderstaande tabellen. Hierin wordt voor grond en grondwater per stof of stofgroep een index tussen haakjes weergegeven. Wanneer in het monster geen gehalten groter dan de toetsingswaarde zijn gevonden, wordt een streepje “-“ getoond. De index tussen haakjes geeft het volgende aan:
index (-): gehalte groter dan de generieke achtergrond-/streefwaarde, maar index ≤ 0,01; index > 0,00 en ≤ 1,00: gehalte groter dan de generieke achtergrond-/streefwaarde, maar kleiner dan de interventiewaarde;
index > 1,00: gehalte groter de interventiewaarde.
De toetsingstabellen, waarin de getoetste analyseresultaten zijn opgenomen, zijn vermeld in Bijlage 3. Tabel 3.5 Overschrijdingstabel grond (Meng)
> Achtergrondwaarde
> Interventiewaarde
Indicatie Regeling
monsters
(index > 0,0)
(index > 1)
bodemkwaliteit
CROW400
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.MM01
-
-
Altijd toepasbaar
7.MM02
-
-
Altijd toepasbaar
7.MM03
-
-
Altijd toepasbaar
7.MM05
-
-
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Rood vluchtig1
7.20 Dam met duiker KDU66845 7.MM04
-
Basishygiëne
8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 8.MM03
Minerale olie C10 - C40
-
(0,07)
Niet Toepasbaar > Industrie
Cadmium (-) 8.MM04
-
-
Altijd Toepasbaar
8.MM05
PCB (som 7) (-)
-
Industrie
Minerale olie C10 - C40 (0,01)
Basishygiëne
Kwik (0,03) Lood (0,05) DDE (som) (0,04) DDD (som) (0,03) DDT (som) (0,16) 8.MM10
-
-
Altijd Toepasbaar
8.MM11
-
-
Altijd Toepasbaar
8.1 Dammen met duiker KDU66850, KDU66851 8.MM01
1
PAK 10 VROM (0,01)
-
Wonen
Basishygiëne
Vanwege funderingslagen, zie hieronder.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
11
(Meng)
> Achtergrondwaarde
> Interventiewaarde
Indicatie Regeling
monsters
(index > 0,0)
(index > 1)
bodemkwaliteit
CROW400
9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 9.MM01
PCB (som 7) (0,01)
-
Altijd Toepasbaar
9.MM02
-
-
Altijd Toepasbaar
9.MM03
-
-
Altijd Toepasbaar
Basishygiëne
Tabel 3.6 Overschrijdingstabel waterbodem (Meng)
T1 (toepassing op
T5 (verspreiden op
HK PFAS
CROW400
monsters
landbodem)
aangrenzend perceel) Verspreidbaar
Verspreidbaar
Basishygiëne
Niet verspreidbaar
Verspreidbaar
Basishygiëne
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Basishygiëne
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Basishygiëne
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Basishygiëne
WB3. Waterbodem oostberm Ameliaweg MM WB300
Altijd toepasbaar
WB4. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB400
Wonen
WB5. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB500
Altijd toepasbaar
WB6.Waterbodem noordberm Sasdijk MM WB600
Industrie e
8.2 Waterbodem vijver 2 ontsluitingsweg MM 8.2
Industrie
Tabel 3.7 Civieltechnische beoordeling grond en waterbodem Mengmonsters
Indicatie zandklasse RAW 22.06
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.MM05
Zand in aanvulling of ophoging
7.20 Dam met duiker KDU66845 7.MM04
Zand in aanvulling of ophoging
8. Nieuwe 2e ontsluitingsweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 8.1 Dammen met duiker KDU66850, KDU66851 8.MM03
Zand in aanvulling of ophoging
9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 9.MM01
Zand in aanvulling of ophoging
WB3. Waterbodem oostberm Ameliaweg MM WB300
Zand in aanvulling of ophoging
WB4. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB400
Zand in aanvulling of ophoging
WB5. Waterbodem 2e ontsluitingsweg MM WB500
Zand in aanvulling of ophoging
WB6.Waterbodem noordberm Sasdijk MM WB600
23220097D
Zand in aanvulling of ophoging
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
12
Mengmonsters
Indicatie zandklasse RAW 22.06
8.2 Waterbodem vijver 2e ontsluitingsweg MM 8.2
23220097D
Zand in aanvulling of ophoging
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
13
Tabel 3.8 Monsterselectie bouwstoffen Mengmonsters
Indicatie Regeling bodemkwaliteit
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.20 Dam met duiker KDU66845 7.MM06
<Samenstellingswaarden <Emissiewaarden
7.MM07
2
>Samenstellingswaarden (PAK10, minerale olie, PCB7) <Emissiewaarden
7.MM08
>Samenstellingswaarden (PAK10) <Emissiewaarden
8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 8.MM06
Geen asbest <20 mm
801-AVM
21,2 g plaat 10-15% chrysotiel Berekend totaal gewogen asbestgehalte in puin uit proefgat PG801: 18,8 mg/kg.ds
8.MM07
Geen asbest <20 mm
8.MM08
<Samenstellingswaarden <Emissiewaarden
2
Bij werken in dit materiaal dienen vóór de start van het werk, de arbeidshygiënische maatregelen door een Hogere Veiligheidskundige te worden beoordeeld.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
14
Mengmonsters
Indicatie Regeling bodemkwaliteit
8.MM09
<Samenstellingswaarden >Emissiewaarden (vanadium)
8.1 Dammen met duiker KDU66850, KDU66851 >Samenstellingswaarden (PAK10, minerale olie)
8.MM02
<Emissiewaarden 9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 9.MM04
<Samenstellingswaarden >Emissiewaarden (vanadium)
9.MM05
Geen asbest <20 mm
Tabel 3.9 Overschrijdingstabel grondwater Monster
Filterdiepte
> Streefwaarde
> Interventiewaarde
(m -mv)
(index > 0)
(index > 1)
7. Bestaande Ameliaweg tussen Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 706-1-1
2,50 - 3,50
Chroom (0,01)
-
Arseen (0,42) Molybdeen (0,01) Barium (0,01) 715-1-1
2,50 - 3,50
-
-
8. Nieuwe 2e ontsluitingseweg tussen Smitsschorreweg en Sasdijk 804-1-1
2,00 - 3,00
Chroom (-)
-
Koper (0,2) 810-1-1
2,00 - 3,00
Chroom (0,05)
-
Arseen (0,42) Molybdeen (0,01) Barium (0,01) 815-1-1
2,00 - 3,00
Chroom (0,04)
-
Nikkel (0,05) Barium (0,37) 9. Bestaande Ameliaweg tussen Smitschorreweg en Sasdijk 901-1-1
23220097D
3,00 - 4,00
Barium (0,02)
-
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
15
4. Conclusies De kwaliteiten van de grond, het grondwater, de verharding en de fundering en de CROW400 veiligheidsklassen zijn hieronder in een tabel samengevat, geordend naar deelgebied. Procedurele voorbereidingen grondwerk 2
De fundering van grind met asfaltbrokken onder het noordelijk deel van de Ameliaweg, ca. 2 900 m tot aan de kruising met de Smitschorreweg, is sterk verontreinigd met teer en PCB’s. Omdat het een in het veld duidelijk aanwijsbare bron betreft, wordt verder uitkarterend onderzoek niet zinvol geacht. Deze volledige funderingslaag met een dikte van 15 tot 35 cm is een saneringsplichtig geval. Vanwege de technische en organisatorische samenhang met het eerder gesaneerde deel van de Ameliaweg noordelijk van het huidige plangebied, wordt geadviseerd de sanering van de nog aanwezige fundering wederom te beschouwen als bodemsanering. De sanering dient dan te worden uitgevoerd door een BRL7000-erkende aannemer met een BRL6000-erkende milieukundig begeleider. Er dient hiervoor te worden gestart met het uitwerken en indienen van een saneringsplan bij het bevoegd gezag Wet bodembescherming (RUD Zeeland). Hierna geldt een proceduretijd van ca. 14 weken. Het is niet mogelijk om een kortere BUS-procedure te doorlopen: PCB7-verontreinigingen zijn hiervan uitgesloten. Voor de overige deelgebieden 5 en 6 is op grond van de Wet bodembescherming, Waterwet en Wet milieubeheer géén saneringsprocedure noodzakelijk om te kunnen starten met grondwerk.
Overige reguliere voorbereidingen zoals (niet-limitatief) vergunningstrajecten, KLIC-meldingen en meldingen Tijdelijk Depotvorming blijven van toepassing. Geen aanvullend bodemonderzoek De overige onderzoeksresultaten geven geen aanleiding tot verder bodemonderzoek. Grondafvoer Overtollig zand uit de bovengrond ten zuiden van de kruising Ameliaweg-Smitschorreweg, het zand uit de hier gelegen sloot (noord-zuidtraject), uit de dammen en de kleiige ondergrond ter hoogte van de nieuw te e
realiseren 2 ontsluitingsweg, dienen te worden aangeboden aan een erkende grondverwerkingsinrichting (zandige bovengrond: BRL7510, slootzand, damgrond en klei: BRL9335). Dit materiaal zal niet in aanmerking komen voor rechtstreeks nuttig hergebruik vanwege verhoogde gehalten. De chemische en structuuranalyses van de grondmonsters van dit onderzoek vormen daarbij de belangrijkste informatiebron in de innameprocedure van de grondverwerker. Overige overtollige grond komt in aanmerking voor hergebruik binnen het beheersgebied zoals vastgelegd in de Nota Bodembeheer Zeeuws-Vlaanderen. Hierbij vormen de Bodemkwaliteitskaart en de rapporten 23220097A t/m 23220097E de basis voor de milieuhygiënische verklaring die voorafgaand aan transport via het Meldpunt Bodemkwaliteit dient te worden ingediend bij het bevoegd gezag Besluit bodemkwaliteit. De exacte toepassingslocatie wordt bij voorkeur vooraf afgestemd met een bodemspecialist van de ontvangende gemeente.
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
16
Locatie
Onderdeel plangebied
Grondkwaliteit (Wbb)
7
Bestaande Ameliaweg tussen
<AW (overig)
Grondwaterkwaliteit (Wbb) >SW
Indicatie grondklasse (Rbk+HK PFAS) AW
Smitsschorreweg en rondweg (incl. bermen) 7.20
8
Dam met duiker KDU66845
<AW (overig)
CROW400
Asfalt (CROW210)
Indicatie klasse bouwstof (Rbk)
zand in aanvulling /
Teervrij
Te saneren (grind
(fundering grind
ophoging
zie 23220097E
met asfalt)
(cunetzand)
Herbruikbaar (slak)
zand in aanvulling /
Te saneren (grind
Rood vluchtig
AW
>SW
Niet Toepasbaar
Basishygiëne
Indicatie civieltechnisch
met asfalt)
ophoging
met asfalt)
(damgrond)
Herbruikbaar (slak)
Nieuwe 2e ontsluitingseweg
>AW (bovengrond
tussen Smitsschorreweg en
rond Ameliaweg en
(bovengrond rond
zand in aanvulling / ophoging
Sasdijk
kleiige ondergrond)
Ameliaweg)
(bovengrond)
-
Asbesthoudend, uitsluitend ongebroken hergebruiken (puin)
<AW (overig) 8.1
Dammen met duiker
>AW (damgrond)
Industrie (kleiige
Niet herbruikbaar
ondergrond)
(slak)
<AW (overig) -
Wonen
Basishygiëne
-
-
9.
Niet herbruikbaar (ballast/slak)
KDU66850, KDU66851 Bestaande Ameliaweg tussen
>AW
>SW
AW
Basishyiëne
Smitschorreweg en Sasdijk
zand in aanvulling /
Teerhoudend
Niet herbruikbaar
ophoging
zie 23220097E
(slak)
(cunetzand)
Asbestvrij, herbruikbaar (puin)
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
17
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
Locatie
Onderdeel plangebied
WB3
Waterbodem oostberm
Grondkwaliteit (Wbb) <AW
Grondwaterkwaliteit (Wbb) -
Ameliaweg
Indicatie grondklasse (Rbk+HK PFAS)
CROW400
Indicatie civieltechnisch
<AW,
Basishyiëne
zand in aanvulling /
verspreidbaar op
Asfalt (CROW210)
Indicatie klasse bouwstof (Rbk)
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
ophoging
aangrenzende oever WB4
Waterbodem 2e
>AW
-
Wonen, niet
Basishyiëne
verspreidbaar op
ontsluitingsweg
zand in aanvulling / ophoging
aangr. oever WB5
Waterbodem 2e
<AW
-
ontsluitingsweg
<AW,
Basishyiëne
verspreidbaar op
zand in aanvulling / ophoging
aangr. oever WB6
Waterbodem noordberm
>AW
-
Sasdijk
Industrie,
Basishyiëne
verspreidbaar op
zand in aanvulling / ophoging
aangr. oever 8.2
Waterbodem vijver 2e
>AW
-
ontsluitingsweg
Industrie,
Basishyiëne
verspreidbaar op
zand in aanvulling / ophoging
aangr. oever
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
18
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
Achtergronddocumenten Onderstaande documenten vormen de basis voor divers milieuhygiënisch onderzoek op, aan en in bodem en bouwstoffen in Nederland. Wet- en regelgeving (vigerende versies op wetten.overheid.nl) 1.
Wet bodembescherming
2.
Circulaire Bodemsanering 2013
3.
Besluit Bodemkwaliteit
4.
Regeling Bodemkwaliteit
5.
Besluit asbestwegen milieubeheer
6.
Regeling nadere voorschriften asbestwegen milieubeheer
7.
Besluit Uniforme Saneringen
8.
Regeling Uniforme Saneringen
Normdocumenten 9.
Nederlands
Normalisatie
Instituut,
NEN
5707:2015/C2:2017,
Bodem
–
Inspectie
en
monsterneming van asbest in bodem en partijen grond, ICS 13.080.01, Delft, augustus 2015 10. Nederlands Normalisatie Instituut, NEN 5717:2017, Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, ICS 13.080.05, Delft, december 2017 11. Nederlands Normalisatie Instituut, NEN 5720:2017, Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch onderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van waterbodem en baggerspecie, ICS 13.080.05, Delft, 1 december 2017 12. Nederlands Normalisatie Instituut, NEN 5725:2017, Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, ICS 13.080.01; 13.080.05, Delft, oktober 2017 13. Nederlands Normalisatie Instituut, NEN 5740:2009/A1:2016, Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond, ICS 13.080.05, Delft, januari 2009
23220097D
Sagro Milieu Advies Zeeland B.V.
Eindrapport bodem- en cunetonderzoek - zuidelijke deelgebieden 7 t/m 9 Autrichehavenweg e.o. Westdorpe
19
14. Nederlands Normalisatie Instituut, NEN 5897:2015/C2:2017, Inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat, ICS 13.030.30, Delft, augustus 2015 15. Nederlands Normalisatie Instituut, NTA 5755:2010, Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek - Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging, ICS 13.080.05, Delft, juli 2010 Richtlijnen en protocollen 16. Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, Richtlijnen en protocollen bodembeheer, www.sikb.nl/bodembeheer/richtlijnen 17. CROW, Publicatie 210, Richtlijn omgaan met vrijgekomen asfalt - Selectief verwijderen van teervrij en teerhoudend asfalt, ISBN 978 90 6628 655 9, Ede, juni 2015 18. Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Den Haag, 13 december 2021