2024-03-07 IC13 - eindrapportage pilot vroegsignalering - bijlage
Tekst van het document
Eindrapportage Pilot Vroegsignalering Inleiding Op 12 december 2019 stelde de gemeenteraad het beleidsplan ‘Terneuzenaren schuldenvrij’ vast. Hierin sorteerden we voor op de nieuwe Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Die is in werking sinds 1 januari 2021. Vroegsignalering en daarmee het voorkomen van schuldenproblematiek, is de belangrijkste verandering. In 2021 heeft de raad ingestemd met een pilot, (2021_Raad_00163 -) Proef schuldhulpverlening. In april 2022 is de pilot vroegsignalering effectief gestart en loopt officieel tot april 2024. In mei 2023 is er een tussentijdse evaluatie opgemaakt en aangeboden aan de raad. Werkwijze: Er is bij aanvang van de pilot gekozen voor het inzetten van twee ervaren medewerkers schuldhulpverlening/werk en inkomen voor totaal 1 fte. We zijn vanwege het succes en aantallen al snel opgeschaald naar 1,25 fte. De medewerkers gaan aan de slag met signalen van vastenlastenpartners. We beoordelen de signalen en prioriteren hoe we de signalen oppakken binnen de beschikbare tijd. Eindconclusies In dit eindrapport delen wij de eindconclusies van de pilot met u. De conclusies en bevindingen zijn gebaseerd op data uit het registratiesysteem ‘Inforing’ en ervaringen van de medewerkers vroegsignalering. Daarnaast hebben we data gebruikt afkomstig uit onderzoek rapportages van Divosa (november 2023).
Oorspronkelijke doelstellingen en bevindingen Er zijn voorafgaand aan de pilot doelstellingen geformuleerd en gaandeweg het traject zijn er nog een aantal belangrijke bevindingen naar voren gekomen. Deze geven we hieronder weer inclusief de bevindingen. - Ervaring opdoen met vroegsignalering De ervaringen tot nu toe zijn positief en ongewijzigd ten opzichte van de tussentijdse evaluatie. Inwoners zijn regelmatig blij verrast als de medewerkers van vroegsignalering voor de deur staan. De fysieke huisbezoeken leveren het meest effectieve resultaat op, meer dan een mail/brief of telefonisch contact. Inwoners zijn vaak eerder bereid om hulp te accepteren door het persoonlijke contact wat door een huisbezoek ontstaat. Daarnaast weten ze vaak niet dat ze ook bij de gemeente terecht kunnen voor schuldhulpverlening of budgetbeheer. - Voorkomen problematische schulden en crisissen inwoners Vanuit de verschillende signaalpartners ontvangen wij meldingen over betalingsachterstanden. Door vroegsignalering kunnen we in een vroeg stadium sturen op het aanbieden van schuldhulptrajecten, budgetbeheer of het inzetten van vrijwilligers om de schulden zo beperkt mogelijk te houden of zelfs volledig op te lossen.
Uit ervaring van de medewerkers is gebleken dat we wekelijks één tot twee adressen in beeld krijgen die zonder vroegsignalering niet in beeld komen of pas op het moment dat de schuldenlast al dermate hoog is. Een andere bijvangst uit de contacten en bezoeken is dat de medewerkers ook regelmatig problematiek tegen op andere leefdomeinen waarbij we hulp aan kunnen bieden. Dit varieert van illegale bewoning tot problematiek die een doorverwijzing naar andere hulpverleningsinstanties noodzakelijk maakt. - Gemiddelde schuldenlast omlaag Door vroegsignalering is de gemeente in een vroeg stadium op de hoogte van betalingsachterstanden. Het ligt voor de hand dat de gemiddelde schuldenlast lager is en de trajecten korter worden. Dit kunnen we niet onderbouwen met cijfers. - Correcte doorbetaling van vaste lasten (zelfredzaamheid) Door hulp aan te bieden en de verschillende mogelijkheden binnen de dienstverlening van schuldhulpverlening te onderzoeken en aan te bieden zetten inwoners de stap om hulp te accepteren, dat is bij de schuldhulp nog een groot taboe. We zorgen ervoor dat de vaste lasten worden doorbetaald. In de uitkomsten van deze rapportage ziet u van welke doorverwijzingen gebruik is gemaakt. - Duur SHV traject Het aantal informatie en adviesgesprekken is gestegen en het aantal aanvragen schuldhulpverlening gedaald.
Dat is zeer waarschijnlijk omdat de problemen nog te overzien zijn en minder zware ondersteuning aan de orde is. Doordat we er vroeg bij zijn blijft de schuldenlast beperkt en is sneller op te lossen. -
Onderzoeken of door vroegsignalering de kosten voor bewindvoering omlaag kunnen. De pilot heeft een positief effect gehad op de kosten van bewindvoering. De bewindvoeringskosten 2023 zijn gedaald met een bedrag van €181.554 ten opzichte van de
bewindvoeringskosten in 2022. De daling van de kosten heeft wellicht niet alleen te maken met de pilot vroegsignalering, maar levert zeker een positieve bijdrage. Daarnaast heeft het team WIL een oriënterend onderzoek uitgevoerd om te kijken of de kosten van bewindvoering gereduceerd kunnen worden. Al snel werd tijdens het onderzoek duidelijk dat ook andere gemeenten te maken hebben met hoge bewindvoeringskosten. - In kaart brengen maatschappelijke baten vroegsignalering. De maatschappelijke baten kunnen we niet in cijfers onderbouwen maar wel door ervaringen te delen van de medewerkers vroegsignalering. Regelmatig komen we bij mensen zonder inkomen en met huurschuld. Door te zorgen dat zij weer een inkomen verwerven voorkomen we hogere huurschuld en een uithuiszetting. Een gemiddelde uithuiszetting kost € 6.000 (bron: maatschappelijke prijslijst, effectencalculator.nl). Uit data van Woongoed ZeeuwsVlaanderen blijkt dat we 31 interventies hebben verricht op huurschulden in 2023. Uit dezelfde data blijkt dat het tot 2 uithuiszettingen heeft geleid. In de andere 29 huishoudens hebben we een positieve invloed kunnen uitoefenen. Uitkomsten pilot vroegsignalering Onderstaande cijfers zijn gesplitst in de volgende periodes: 1 april 2022 – 30 april 2023 (periode 1) en 1 mei 2023 – 30 november 2023 (periode 2).
De eerste periode betreft een periode van dertien maanden die eerder geëvalueerd is in de tussentijdse evaluatie. De tweede periode betreft een periode van zeven maanden en betreft de laatste maanden van de pilot. Aantal signalen Tabel 1 geeft het aantal binnengekomen signalen weer. Het totaal is uitgesplitst naar signaal opgevolgd en signaal niet opgevolgd. Tabel 1: Totaal aantal signalen pilot vroegsignalering Periode 1 Periode 2 Totaal Aantal binnengekomen signalen 1570 1068 2638 Aantal opgevolgde signalen 1417 990 2407 Aantal (nog) niet opgevolgde 153 78 231 signalen Redenen waarom een signaal (nog) niet is opgevolgd vanuit vroegsignalering zijn onder andere dat een persoon al in beeld is bij Schuldhulpverlening, dat de melding inmiddels is achterhaald omdat de betalingsachterstand is voldaan of dat een signaal nog niet is ingedeeld. We kunnen zien dat het aantal signalen blijft stijgen. Als we periode 2 omrekenen naar dertien maanden (vergeleken met periode 1) dan betreft het een stijging van 413 meldingen. Dat is een toename van 32%. Signalen per signaalpartner Tabel 2 geeft het aantal meldingen weer, uitgesplitst naar signaalpartners.
Tabel 2: Signalen per signaalpartner Signaalpartner Periode 1 Zorgverzekeraars 717 Energieleveranciers 501 Waterleveranciers 178 Corporaties/particuliere 77 verhuurders Overig 97 Totaal 1570
Periode 2 442 498 56 57
Totaal 1159 999 234 134
Percentage 44 38 9 5
15 1068
112 2638
4 100
De meeste meldingen komen vanuit de zorgverzekeraars blijkt uit het totaaloverzicht van de pilot, gevolgd door energieleveranciers. We zien het aantal meldingen in periode twee verschuiven van het meest aantal meldingen afkomstig van zorgverzekeraars naar het meest aantal meldingen van energieleveranciers. Deze uitkomsten komen overeen met het onderzoeksresultaten van Divosa (september 2023). In de resultaten van Divosa komt naar voren dat het aantal betalingsachterstanden bij energieleveranciers toeneemt. Dit kan verschillende redenen hebben: - financiële ondersteuningsmaatregelen die gestopt zijn in januari 2023; - huishoudens die het termijnbedrag niet omhoog hebben bijgesteld, terwijl de energieprijzen wel zijn gestegen; - vanaf 1 december 2022 is afgesproken dat energiemaatschappijen al vanaf 30 dagen na het ontstaan van de betalingsachterstand signalen mogen afgeven; dit kon daarvoor pas na 50 dagen. Opvolgingen Tabel 3 geeft het aantal opgevolgde meldingen weer, uitgesplitst naar manieren van opvolging in aantallen en naar percentage van het totaal aan opvolgingen. Tabel 3: Opvolgingen Methode Periode 1 Huisbezoek 764 Brief 426 Telefoon 196 E-mail 17 Overig 14 Totaal 1417
Periode 2 440 92 118 0 340 990
Totaal 1204 518 314 17 354 2407
Percentage 50 21,5 13 0,7 14,7 100
Op basis van criteria selecteert het systeem ‘Inforing’ in de helft van de signalen dat een huisbezoek moet worden afgelegd. Dit is het meest effectief maar hiervoor zijn te weinig uren beschikbaar. In de praktijk lukt het om met het huidig aantal fte 33% van de adressen te bezoeken. Doorverwijzingen Tabel 4 geeft aan naar welke interne en externe hulpverlening de inwoners zijn doorverwezen.
Tabel 4: aantal doorverwijzingen per categorie Periode 1 Periode 2 Aan-z 0 2 BBZ 0 1 Bewindvoering 1 6 SHV gemeente 29 37 Terneuzen WIL 6 3 Schuldhulpmaatje 5 0 Anders 3 5 Totaal 44 54
Totaal 2 1 7 66
Percentage 2 1 7,1 67,3
9 5 8 98
9,2 5,1 8,2 100
Uit tabel 4 blijkt dat meer dan de helft van de doorverwijzingen naar de schuldhulpverlening is geweest. Een stijging zien we ook terug in de cijfers (tabel 5) over de uitgezette producten schuldhulpverlening. Tabel 5: aantal gesprekken en trajecten per categorie 1-4-2022 / 30-4-2023 Aanmelding info-en 279 adviesgesprek Aanmelding 126 schuldhulpverlening Aanmelding crisis 25 Aanmelding budgetbeheer 29 Aanmelding budgetcoaching 12
1-5-2023 / 30-11-2023 212 66 19 15 20
We zien meer inzet op preventieve producten. Het aantal info-en adviesgesprekken stijgt in periode 2 ten opzichte van periode 1 maar het aantal aanmeldingen schuldhulpverlening is lager in periode 2 ten opzichte van periode 1. Huidige capaciteit vroegsignalering Momenteel zijn de medewerkers regelmatig genoodzaakt om keuzes te maken in welke adressen wel of niet bezocht kunnen worden door tijdsgebrek in verhouding tot het maandelijks aantal binnengekomen signalen. Eindconclusies - Vroegsignalering wordt gewaardeerd door inwoners Inwoners zijn vaak verrast als de gemeente langskomt om hulp aan te bieden en weten vaak vooraf niet dat ze ook hiervoor bij de gemeente terecht kunnen. - Huisbezoeken meest effectieve manier om inwoners te bereiken Uit de data en ervaring van de medewerkers blijkt dat we met huisbezoeken het meest aantal inwoners bereiken. Door het persoonlijke contact zijn inwoners ook eerder bereid om hulp te accepteren. - Gezamenlijke aanpak afspraken bewindvoerders Vroegsignalering heeft effect op het reduceren van bewindvoeringskosten. De eerste resultaten worden nu zichtbaar. Echter blijft het een hoge kostenpost. Er is nog verder onderzoek nodig naar de beste vorm van een convenant. We onderzoeken of we hier samen met andere gemeenten in op kunnen trekken. Momenteel is Orionis
Walcheren van start gegaan met het uitnodigen van diverse bewindvoerders om te onderzoeken of er convenanten gesloten kunnen worden. We blijven op de hoogte van deze ontwikkelingen. - Minder vrijblijvendheid wenselijk De inwoners zijn momenteel niet verplicht om hulp te accepteren. In een aantal situaties zou het wenselijk zijn om een vorm van verplichting op te kunnen leggen. Zeker bij problematische schulden of terugkerende adressen. Uit het onderzoek van Divosa (november 2023) blijkt ook dat gemeenten een mindere vrijblijvendheid wenselijk vinden in hulpacceptatie. De verwachting is dat de onderzoeksresultaten meegenomen worden in de evaluatie van de Wgs door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in 2024. - Lokale signaalpartners zijn tevreden met de inzet van vroegsignalering Lokale signaalpartners zijn tevreden met de aanpak van de gemeente Terneuzen. Dit blijkt uit de evaluatie met onder andere Woongoed Zeeuws-Vlaanderen en Clavis. Zij geven aan dat het zichtbaar is dat de gemeente Terneuzen investeert in vroegsignalering als ze dit vergelijken met de gemeente Sluis en gemeente Hulst. De medewerkers van de gemeente Terneuzen besteden tijd aan huisbezoeken en bereiken daardoor volgens de woningcorporaties ook meer inwoners. Ook de korte lijntjes over de opvolging ervaren ze als zeer aangenaam.
- Vroegsignalering werkt De eerste resultaten van vroegsignalering worden steeds beter zichtbaar. De ervaringen van inwoners en medewerkers zijn positief. Door in een vroeg stadium inzicht te krijgen in betalingsachterstanden kunnen we problematische schulden zoveel mogelijk beperken en daarmee ook de maatschappelijke kosten. De kosten van bewindvoering dalen en de inzet van preventieve hulpmiddelen en doorverwijzingen stijgt. Door het inzetten van preventieve hulpmiddelen leveren we een bijdrage aan de zelfredzaamheid van de inwoners. Ook levert vroegsignalering een positieve bijdrage in het signaleren van problematiek op andere leefdomeinen. - Vroegsignalering blijft ook in de toekomst noodzakelijk Het aantal signalen vroegsignalering blijft stijgen en zal in de toekomst naar verwachting aanhouden. Onze inwoners zullen moeite blijven houden met het betalen van de vaste laste die blijven stijgen. Daarnaast is de verwachting dat er meer signaalpartners zoals hypotheekverstrekkers, Sabewa, en het CJIB zullen aansluiten (Divosa, november 2023). Advies - Voortzetting vroegsignalering Uit de conclusies blijkt dat vroegsignalering werkt en een onmisbaar onderdeel is geworden. Het is een wettelijke taak die uitgevoerd dient te worden. Het advies is om de pilot om te zetten naar een permanent onderdeel van de werkzaamheden.
- Uitbreiden van het aantal fte noodzakelijk Uit de resultaten van Divosa (november 2023) komt naar voren dat gemeenten gemiddeld 0,33 fte per 10.000 inwoners ter beschikking heeft voor vroegsignalering. De gemeente Terneuzen heeft 55.000 inwoners. Als we uitgaan van het gemiddelde van 0,33 fte per 10.000 inwoners wat Divosa meldt, komen we uit op 1,82 fte. Als we 1,82 fte vergelijken met de huidige tijdsbesteding van onze huidige medewerkers vroegsignalering dan zitten we met 1,25 fte onder het landelijk gemiddelde. Door de capaciteit te vergroten kunnen we bijna de helft van de adressen bezoeken. Dit is de meest effectieve werkwijze gebleken. Daarnaast is
in deze eindrapportage zichtbaar geworden dat het aantal signalen blijft stijgen. De verwachting is dat dit in de toekomst nog verder gaat oplopen en er meer signaalpartners aan zullen sluiten. Dit zal mogelijk leiden tot extra inzet van medewerkers om die aantallen te behandelen. Het advies is om het landelijke gemiddelde aan te houden en het aantal fte uit te breiden naar 1,82 fte voor vroegsignalering. Zo krijgen we meer tijd om inwoners te bereiken, blijven we preventief inzetten op het beperken van de schulden en het vergroten van de zelfredzaamheid. Alle extra inzet draagt uiteindelijk bij aan het verlagen van de kosten.