2023-11-29 omgeving - actiepunten - afwerking 17-01-2024 met reacties op nrs. 36, 37, 38, 39 en 40
Tekst van het document
ACTIEPUNTEN COMMISSIE OMGEVING Nr. 92
Datum 20-10-2021
Onderwerp Zienswijze 4e begrotingswijziging 2021 en 1e begrotingswijziging 2022 RUD Zeeland
√ = afgewerkt
van 29 november 2023
Opmerking De heer De Beleir wil graag een raadsinformatiebijeenkomst om te bespreken wat wij verwachten van de RUD Zeeland. De commissie steunt zijn verzoek.
Actie Weth. Van de Voorde O&E/Griffie
Afhandeling/termijn De teamleider Vergunningen en Handhaving en de griffier plannen een gesprek met de RUD over opzet, doel en datum.
19-01-2022
De commissie handhaaft het actiepunt.
23-02-2022
De commissie handhaaft het actiepunt.
De eerste raadsinformatiebijeenkomst vond plaats op 8 maart 2022.
18-05-2022
De commissie handhaaft het actiepunt
De bijeenkomst wordt ingeroosterd.
22-06-2022
De commissie handhaaft het actiepunt
Voor 12 september is de eerste sessie met alle gemeenschappelijke regelingen gepland. Data voor vervolg nog niet bekend.
21-09-2022
De commissie handhaaft het actiepunt.
19-10-2022
De commissie handhaaft het actiepunt.
30-11-2022
De commissie handhaaft het actiepunt
18-01-2023
De commissie handhaaft het actiepunt
01-03-2023
De commissie handhaaft het actiepunt
Binnenkort vindt hierover een gesprek plaats met de directie van de RUD.
05-04-2023
De commissie handhaaft het actiepunt
De te bespreken onderwerpen voor een
De RIB nemen we mee in het schema voor na de verkiezingen zodat de nieuwe raadsleden deel kunnen nemen.
De RUD was nu eerst druk met de sessies in de verschillende regio’s. De planning voor een volgende inhoudelijke sessie volgt spoedig. Data zijn nog niet gepland. Data zijn nog niet definitief vastgesteld. We zijn in gesprek met de RUD over de organisatie van de gevraagde informatiebijeenkomst.
raadsinformatiebijeenkomst (RIB) zijn geïnventariseerd. Gebleken is dat alleen de heer Vlaander (SGP) en de heer De Beleir (CDA) vragen hebben gesteld. Gezien de uiteenlopende vragen, stellen wij voor deze in een gesprek te beantwoorden en de raad een samenvatting van de beantwoording te sturen. De vragen van de SP gaan over woonbeleid en de rol van de RUD. Wij doen deze vragen schriftelijk af. De RUD heeft geen rol bij het woonbeleid.
29
24-05-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
We zijn in contact met de RUD over het vervolg op de ingediende vragen.
21-06-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
Het bovenstaande is nog steeds de actuele situatie.
13-09-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
18-10-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
29-11-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
21-06-2023
IC4 – Samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit – brief college
De heer Hessing geeft aan dat hij zelf de stoffen gaat verzamelen en aan het RIVM zal sturen om te analyseren.
2
Dit punt is geagendeerd in het overleg met Managementteam RUD Zeeland en wethouder Van de Voorde op 11 oktober 2023. Op 27 oktober 2023 hebben wij een schriftelijke beantwoording van vragen van RUD Zeeland ontvangen. Deze antwoorden worden deels afgestemd met Provincie Zeeland, omdat deze over hun bevoegdheden gaan. Wij verwachten u hierover voor eind 2023 te informeren.
Dhr. Hessing 50PLUS
De heer Hessing gaat een onderzoek opstarten. Dhr. Hessing heeft contact gelegd met het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Zij hebben geadviseerd contact te leggen met de GGD afdeling medische milieukunde
daar zij partner zijn van het RIVM in de regio. Hierop is contact gelegd met de GGD. De GGD heeft aangegeven geen verder onderzoek te willen verrichten. Dhr. Hessing gaat dit bespreken met de verantwoordelijk gedeputeerde.
36
13-09-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
18-10-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
29-11-2023
De commissie handhaaft het actiepunt.
√ 29-11-2023
Vaststellen van de 'Visie en beleidsregels commerciële functies centrumgebieden Sas van Gent en Axel' en de 'Uitwerking Totaalplan binnenstad Terneuzen in beleidsregels'.
dhr. Hessing heeft schriftelijk laten weten dat hij een gesprek heeft gehad met gedeputeerde Nielen over de stofoverlast en een melding heeft gedaan over de lozing van Pfas-houdend water door een bedrijf in de regio. Hij wacht nog op een reactie van gedeputeerde Nielen en gedeputeerde Van de Velde.
De heer Hessing geeft aan dat 27 november een overleg heeft plaatsgevonden met GGD Zeeland. De GGD gaat nader onderzoek verrichten en een extern deskundige gaat zich buigen over de samenstelling van de stoffen.
Mevrouw Warnier vraagt of de ruimtelijke procedures voor het omvormen van detailhandel naar wonen buiten het centrum makkelijker gemaakt kunnen worden. De procedures zijn lang en kostelijk.
Weth. Van Hulle O&E
De heer Deij vraagt waarom het centrum gebied zo gekozen is en de Gentsevaartstraat erbuiten valt.
Weth. Vervaet O&E
De heer Ellen vraagt waarom voor 2 jaar is gekozen.
Weth. Van Hulle O&E
3
De heer Hulle zegt toe om na te gaan hoe de procedure verloopt om de winkelruimte naar wonen buiten het centrum om te vormen en of dit versneld kan worden. Tot 1 januari 2024 is er sprake van een wettelijke procedure, die niet versneld kan worden. Na 1 januari 2024 zal met de komst van de Omgevingswet deze procedure anders worden. De gemeente heeft bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet automatisch een omgevingsplan met de regels voor activiteiten voor de leefomgeving. Om dit omgevingsplan te wijzigen, volgt de gemeente een vaste juridische procedure. Deze procedure heeft
ook wettelijke termijnen. De kosten hiervoor moeten nog worden vastgesteld aan de hand van de Legesverordening 2024. Wethouder Vervaet zegt toe om uit te zoeken waarom de grenzen zo gekozen zijn. De slijterij Lekkerlaag is gevestigd aan de Gentsevaartstraat 33 in een voormalig horecapand, is 50 m² wvo (winkelvloeroppervlakte) groot en is vier dagen per week geopend. Zoals uitgebreid onderbouwd is het aantal winkels in Axel structureel afgenomen. Concentratie van de overgebleven winkels in het concentratiegebied is gewenst voor het functioneren van de winkels en horeca. In dit concentratiegebied ligt ook veruit het grootste deel van de winkels. Het deel van de Gentsevaartstraat waar deze winkel in is gelegen is een voormalige winkelstraat met aan een kant de dichte zijgevel van Albert Heijn en aan de andere zijde panden die al zijn verbouwd tot woningen, leeg staan, of een invulling hebben met tweedehands goederen of een piercing-/Tattooshop. Dit gebied ligt, net als het noordelijke deel van de Noordstraat, niet meer in het winkelcircuit door de structurele afname van het aantal winkels. Transformatie naar andere functies is hier gewenst bij leegstand. Buiten het aangewezen concentratiegebied mogen de gevestigde winkels gewoon blijven voortbestaan.
Wanneer buiten het aangewezen concentratiegebied een winkel stopt is er een periode van twee jaar om een nieuwe invulling met winkels te vinden. Wanneer dit binnen twee jaar niet lukt, dan is er aantoonbaar geen markt voor winkels in dit pand en vervalt de mogelijkheid om hier opnieuw een winkel in te vestigen.
4
In het voormalige centrumgebied, waar ook dit deel van de Gentsevaartstraat toe behoort, is in het bestemmingsplan de mogelijkheid opgenomen om ook nadat hier de detailhandelsbestemming (na twee jaar leegstand of ander gebruik) is vervallen, via een verkorte procedure een “kleine starterswinkel” te vestigen van maximaal 40 m² BVO (bedrijfsvloeroppervlakte), wat overeenkomt met tussen de 30 en 40 m² wvo. Dit is vrijwel de omvang van de huidige winkel. Samengevat is de winkel met reden (net) buiten het aangewezen concentratiegebied gelegen. Ook na het opheffen van de huidige winkel bestaat er nog twee jaar de mogelijkheid om hier opnieuw een winkel te starten. Wanneer dit gedurende twee jaar niet is gelukt, is er geen markt voor een winkel in dit pand. Wanneer desondanks na twee jaar iemand in dit pand een kleine winkel wil starten – die nauwelijks kleiner is dan de huidige winkel, dan is in het bestemmingsplan de mogelijkheid opgenomen om dit via een verkorte procedure te doen. Op deze wijze is zorgvuldig omgegaan met de belangen van de eigenaar. De heer Van Hulle gaat na waarom gekozen is voor 2 jaar. De keuze voor twee jaar is omdat dit een redelijke termijn is voor eigenaren om toch nog een nieuwe invulling (met detailhandel) voor het pand te vinden.
De gekozen twee jaar volgt ook uit jurisprudentie; wanneer de detailhandelsfunctie is gestaakt en een pand gedurende twee jaar daarna niet meer is ingevuld, dan vervalt de mogelijkheid om deze locatie opnieuw met detailhandel in te vullen (de bestemming detailhandel vervalt).
5
37
29-11-2023
Aankoop gronden Laan van Othene en Rondje Kreek
De heer Van der Hoeff vraagt om taxatierapporten van de aangekochte grond.
Weth. Van Hulle O&E
De heer Van Hulle zegt toe dat de planning en inrichting van het rondje kreek toegezonden wordt. De impressietekening vindt u in de bijlage bij deze actielijst.
De heer De Beleir geeft aan dat de getallen die in de stukken genoemd zijn ruim 5 ha beslaan. De kadaster nummers zijn opgevraagd en dan komt hij uit op 7 ha. Gevraagd wordt naar deze verschillen. Gevraagd wordt waarom er zoveel grond is aangekocht, hij snapt niet waarom 3009 wordt aangekocht voor een wandelpad.
De planning voor het zuidoostelijk deel van Rondje Kreek is op hoofdlijnen als volgt: Participatie, onderzoeken, uitwerking en engineering, vergunningen: januari- juli 2024 Aanbesteding augustus 2024 Start uitvoering september 2024. Pad gereed eind 2024, brug gereed begin 2025. Taxatierapporten worden opgevraagd bij de provincie. De taxatierapporten hebben we opgevraagd bij de provincie. We hebben deze nog niet ontvangen. De verschillen in de getallen die in het voorstel staan en de getallen uit het kadaster worden nagegaan. In de beantwoording van de technische vragen voor de commissie hadden we perceel nummer 3007 genoemd. Maar dit perceel wordt niet overgedragen aan de gemeente. Dit verklaart het verschil.
38
√
Vaststellen bestemmingsplan Buitengebied Koegorsstraat ong.
De heer Oppeneer vraagt n.a.v. de verbreding van de weg welke financiële afspraken hierover gemaakt zijn met het bedrijf. De heer Ellen vraagt naar de ligging van de 50KV leiding en of deze nog belemmeringen heeft voor de ontwikkeling. In
6
Weth. Van Hulle O&E
De heer Van Hulle zal de afspraken die gemaakt zijn met het bedrijf over de verbreding van de weg nagaan.
De heer Van Hulle geeft aan dat de bekabeling geen impact zal hebben op de ontwikkeling. Toegezegd wordt dit nog verder na te gaan voor
de tekening lijkt hij over de bebouwing te lopen.
de komende raadsvergadering. In de bijlage bij deze actielijst leest u onze reactie op de vraag van de heer Ellen.
39
√
Vaststellen verordening fysieke leefomgeving
De heer Oppeneer vraagt of een boeteclausule voor het dumpen van afval ingesteld kan worden.
Weth. Van Hulle O&E
De heer Van Hulle geeft aan dat hij hierop terug komt. Dumping van afval en zwerfafval zijn in de Verordening fysieke leefomgeving aangewezen als economisch delict als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3 van de Wet op de economische delicten (artikel 7.3 VFL). Deze delicten kunnen worden bestraft met een geldboete tot de vierde categorie en zelfs een gevangenisstraf. In de praktijk wordt bij illegale stort van bijvoorbeeld zakken afval al bestuursdwang toegepast. De gemeente verwijdert in dat geval de zakken en als achterhaald kan worden wie deze zakken heeft achtergelaten, worden de kosten van het opruimen op die overtreder verhaald.
40
√
Vaststellen voorbereidingsbesluit bodemkwaliteit
De heer Vlaander geeft aan dat voor PFAS houdende grond die vervoerd wordt een vergunning moet zijn voor hergebruik die aan de achtergrondwaarde voldoet. Gevraagd wordt of dit betekend dat dat er vooraf een onderzoeksrapport van die grond moet liggen en dit ook geldt voor burgers die een tuintje uitgraven. Zijn er kaders voor de hoeveelheden?
7
Weth. Van de Voorde O&E
De heer Van de Voorde geeft aan dat het grondtransport gaat over grondwerken op grote schaal, de ILT verleend de vergunningen. De kaders voor de hoeveelheden wordt uitgezocht. Onder de Omgevingswet wordt verschil gemaakt tussen graven en toepassen van grond. Een bodemonderzoek (veldwerk) kan nodig zijn bij graafwerkheden van meer dan 25m3 of bij kleinschalig graven in sterk verontreinigde grond. Of er daadwerkelijk veldwerk nodig is, moet blijken uit het vooronderzoek (bureau-onderzoek). Kleinschalig graven in niet sterk verontreinigde grond (tot 25 m3) valt niet onder een milieubelastende activiteit. Onderzoek is hier niet nodig. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen particuliere of bedrijfsmatige graafwerkzaamheden.
Bij kleinschalig graven (tot 25 m3) in niet sterk verontreinigde grond geldt er geen meldings- en informatieplicht. Toepassen van grond moet voldoen aan het Besluit Activiteiten Leefomgeving en de Bodemkwaliteitskaart Zeeuws-Vlaanderen. Wordt voldaan aan de bodemkwaliteitskaart dan is een partijkeuring (bodemonderzoek) niet nodig. PFAS maakt onderdeel uit van de Bodemkwaliteitskaart Zeeuws-Vlaanderen. Voor het toepassen van grond geldt geen meldings- en informatieplicht in de volgende gevallen: 1. Het toepassen van minder dan 50m3 schone grond (bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur). Toezichthouders in het veld kunnen wel vragen om een milieuverklaring van de grond. 2. Particulieren die maximaal 25 m3 grond toepassen. Als er twijfels zijn over de kwaliteit van de grond kan er gehandhaafd worden op de zorgplicht. 3. Het toepassen van grond binnen een landbouwbedrijf. De grond is afkomstig van hetzelfde bedrijf waar de grond wordt toegepast. De RUD Zeeland beoordeelt de meldingen en handhaaft de voorschriften voor de graafactiviteiten en het toepassen van grond. Kleinschalig graven is geen basistaak en deze taak ligt bij de gemeente. Op verzoek kunnen we de RUD Zeeland wel inschakelen om te handhaven. 41
Motie M23-23 Funderingsherstel
Mevrouw Warnier licht de motie toe en zal de motie niet indienen na toezegging van de wethouder.
42
8
Weth. Vervaet O&E
De heer Vervaet geeft aan te onderzoeken of het zin heeft en wat het kost om aan te sluiten bij het funderingsherstelfonds.