CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-06-21 - bijlage bestemmingsplan Philippine, Ankerhof vastgesteld

gemeenteraad 6 juli 2023, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan ‘Philippine, Ankerhof’19.166 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

4

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

Soorten die vallen onder dit nationale beschermingsregime vallen betreft onder andere algemene zoogdiersoorten, zoals das, boommarter, algemene amfibieën en reptielen alpenwatersalamander, hazelworm, flora als schubvaren en bokkenorchis en vissoorten waaronder de grote modderkruiper. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Habitatrichtlijnsoorten: Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht. Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Tot dit beschermingsregime horen o.a. alle vleermuissoorten, de bever, otter, noordse woelmuis, verschillende amfibiesoorten waaronder rugstreeppad en kamsalamander. Vogelrichtlijnsoorten: Alle vogels zijn in Nederland gelijk beschermd. Voor deze soorten geldt het zwaarste beschermingsregime en is voor ruimtelijke ontwikkeling ook geen vrijstelling mogelijk van de ontheffingsplicht.

Voor deze soorten dient een ontheffing te worden aangevraagd, welke aan drie criteria wordt getoetst: er is sprake van een in of bij wet genoemd belang, er is geen alternatief en ‘doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort’. Wel kan als voldaan wordt aan een in de wet genoemd belang ook bij ruimtelijke ontwikkeling gewerkt worden met een goedgekeurd gedragscode. Daarnaast geldt ook voor deze soorten de algemene zorgplicht. Zorgplicht Voor alle in het wild voorkomende plant- en diersoorten, dus ook voor onbeschermde en beschermde soorten die zijn vrijgesteld geldt wel de ook ‘algemene zorgplicht’ (art. 1.11 Wet natuurbescherming). Deze zorgplicht houdt in dat initiatiefnemer passende maatregelen moet nemen om schade aan beschermde gebieden en in het wild voorkomend plant en diersoorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kwetsbare perioden zoals de winterslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De kwetsbare perioden voor de verschillende soortgroepen zijn niet allen gelijk. Als ‘veilige’ periode voor alle groepen geldt in het algemeen de periode van half augustus tot half november, de periode waarin de voortplantingstijd achter de rug is en diersoorten als vleermuizen, overige zoogdieren en amfibieën nog niet in winterslaap zijn.

Indien een locatie in die periode bouwrijp wordt gemaakt, kan daarna gedurende het winterseizoen en het daarop volgende voorjaar probleemloos worden gewerkt. Zo kan bijvoorbeeld vegetatie gedurende het groeiseizoen kort gemaaid worden, zodat er geen vogels gaan broeden en het tegen de winter ook ongeschikt is voor kleine zoogdieren of amfibieën die in winterslaap gaan. Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden beschermde soorten worden waargenomen dienen maatregelen genomen te worden om schade aan deze individuen zo veel mogelijk te voorkomen (bijvoorbeeld wegvangen en verplaatsen of terreindelen af te zetten en het werk ter plaatse stil te leggen). Ecologische begeleiding kan hierin voorzien.

5

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

Gebiedenbescherming Natura 2000 De Europese Vogelrichtlijn (1979) regelt de bescherming van leefgebieden van Europees bedreigde en kwetsbare vogelsoorten. Met de Europese Habitatrichtlijn (1992) worden Europese (half-) natuurlijke habitats en bedreigde en kwetsbare dier- (andere dan vogels) en plantensoorten beschermd. De Natura 2000-gebieden zijn de gebieden die zijn aangewezen als speciale beschermingszones (SBZ’s) in het kader van de EU Vogel- en/of Habitatrichtlijn. Deze gebieden samen vormen het omvangrijke Europese netwerk Natura 2000. Het hoofddoel van Natura 2000 is het stoppen van de achteruitgang en de waarborging van de biodiversiteit in Europa. De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn in Wet natuurbescherming (Wnb) overgenomen. Vanuit de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn belangrijke bepalingen overgenomen. Eén van die bepalingen is het afwegingskader, incl. compenserende maatregelen, zoals dat in artikel 6 van de Habitatrichtlijn staat. Het afwegingskader geeft aan op welke wijze besluitvorming plaats moet vinden voor plannen en projecten met mogelijke gevolgen voor beschermde natuurgebieden. Binnen Nederland zijn er, in de periode 1986-2005, 79 belangrijke vogelgebieden als speciale beschermingszone (SBZ) van de Vogelrichtlijn aangewezen. In het kader van de Habitatrichtlijn zijn in 2003 141 gebieden aangemeld bij de Europese Commissie.

Ongeveer 87% van het oppervlak van deze Habitatrichtlijngebieden heeft overlap met de gebieden die als Vogelrichtlijngebied zijn aangewezen. In Aanwijzingsbesluiten wordt door de minister van EZ de bescherming van de Natura 2000-gebieden juridisch vastgelegd. Centraal in de Aanwijzingsbesluiten staan de instandhoudingsdoelstellingen ten aanzien van leefgebieden, natuurlijke habitats en populaties van in het wild levende plant- en diersoorten, waarvoor het betreffende gebied is aangewezen. Het toetsingskader van de Wet natuurbescherming kent de volgende procedurevarianten: 1. Er is zeker geen kans op effecten: geen vergunningplicht; 2. Er een kans op effecten, maar zeker niet significant: vergunningaanvraag via een verstoringstoets/ verslechteringstoets; 3. Er is een kans op significante effecten: vergunningaanvraag via Passende Beoordeling (alternatieventoets + dwingende redenen van groot openbaar belang). Het referentiekader voor de toetsing wordt gevormd door de instandhoudingsdoelen voor de habitats en soorten waarvoor het Natura 2000gebied is aangewezen. Natuurnetwerk Het Natuurnetwerk Zeeland, vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, is het Zeeuwse netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het maakt onderdeel uit van het Nederlandse netwerk.

In het Natuurnetwerk Nederland liggen: • bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; • ruim 6 miljoen hectare grote wateren: meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en de Waddenzee; • alle Natura 2000-gebieden.

6

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de begrenzing en ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het Natuurnetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen. 1.3 Afbakening plangebied en werkwijze Het plangebied is weergegeven in figuur 1. Het plangebied is het gebied waar de werkzaamheden zullen plaatsvinden (rood aangegeven). Figuur 1. Plangebied (rood) en studiegebied (blauw), in het rode gebied worden de maatregelen uitgevoerd.

Het plangebied is bezocht op 2 februari 2019. Daarnaast zijn lokale verspreidingsatlassen geraadpleegd, zijn gegevens opgevraagd en zijn openbare websites geraadpleegd.

7

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

1.4 Opzet beoordeling De opzet van deze beoordeling is als volgt. In hoofdstuk 2 is een korte beschrijving gegeven van het studiegebied, het plangebied en de voorgenomen activiteit. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van de te verwachten en de aangetroffen natuurwaarden in het gebied. Deze gegevens zijn vervolgens geïnterpreteerd en beoordeeld in relatie tot de voorgenomen activiteit.

2 Beschrijving huidige situatie en voorgenomen activiteiten In dit hoofdstuk wordt een korte beschrijving gegeven van de huidige situatie. Het plangebied waar deze beoordeling op van toepassing is, is weergegeven in figuur 1.

Het plangebied is gelegen in het dorp Philippine. Het betreft drie blokken met seniorenwoningen (totaal 14 stuks) met een tuin. De geplande werkzaamheden bestaan uit het slopen van woningen, slopen van opstallen in tuinen, weghalen beplanting uit achtertuinen, bouwrijp maken van het terrein en het realiseren van nieuwbouw. Foto 1. Te slopen woningen.

8

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

Foto 2. Mogelijkheden voor vleermuizen en vogels onder dakpannen en achter gevelbeplating.

9

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

3

Soortenbescherming

3.1

Zoogdieren

Hieronder worden soorten vernoemd die in en nabij het plangebied voorkomen. Vervolgens wordt uitgewerkt of er eventueel nadelige effecten te verwachten zijn.

Huisspitsmuis, egel. Gewone dwergvleermuis, Ruige dwergvleermuis, Laatvlieger, Meervleermuis. Voorkomen / functie van het plangebied: Bron: Bekker 2009, Zoogdieren in Zeeland, verspreidingsatlas.nl en veldbezoek Grondgebonden soorten komen sporadisch voor in het plangebied. Ze komen voor in de achtertuinen. De te slopen bebouwing en tuinen hebben geen waarde voor deze soorten. Er is veel verstoring (huisdieren en menselijke activiteiten). Vleermuizen komen voor in het plangebied. In de te slopen bebouwing zijn mogelijkheden voor dagverblijven achter de gevelbeplating en dakpannen. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing en realiseren van nieuwbouw. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie van de bebouwing is. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie is. Mitigerende maatregelen / Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Nog niet te bepalen. Er dient nader onderzocht te worden of er vleermuizen voorkomen en wat de functie is. Conclusie: Voor grondgebonden zoogdieren is de te slopen bebouwing ongeschikt. Er zijn wel mogelijkheden voor dagverblijven voor vleermuizen.

Deze dagverblijven zouden met de sloop vernietigd kunnen worden en bij onzorgvuldig handelen zouden er vleermuizen gedood kunnen worden. Er dient nader onderzocht te worden of vleermuizen aanwezig zijn en wat dan de functie is van de bebouwing.

3.2

Vogels

3.2.1 Broedvogels De volgende broedvogels zijn in de omgeving van het plangebied vastgesteld: Houtduif, Holenduif, Turkse Tortel, Ekster, Kauw, Winterkoning, Heggenmus, Putter, Groenling, Vink, Merel, Koolmees, Zwartkop, Tjiftjaf, Zanglijster, Pimpelmees, Staartmees, Spreeuw, Huiszwaluw, Zwarte roodstaart, , Gierzwaluw, Huismus. Vetgedrukt zijn soorten waarvan het leefgebied jaarrond beschermd is.

10

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

Voorkomen / functie van het plangebied: Vogelatlas van Nederland, NDFF. De genoemde soorten komen voor in de omgeving en mogelijk deels in het plangebied. Er zijn dakpannen, er zijn ook spleten en kieren waar broedmogelijkheden voor Huismussen en Gierzwaluwen zijn. Er is beplanting in de tuinen waar vogels in kunnen broeden. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing en realiseren van nieuwbouw. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): De bebouwing is geschikt voor broedvogels, nader onderzoek dient te bepalen of verboden handelingen te verwachten zijn. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): In de omgeving zijn vergelijkbare woningen aanwezig. Deze zijn geschikt voor Huismus en of Gierzwaluw.. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Nog niet te bepalen, hiervoor dient nader onderzoek uitgevoerd te worden. Conclusie: Het plangebied is geschikt voor broedvogels, nader onderzoek dient uitgevoerd te worden om te bepalen of er nesten van Gierzwaluw en Huismus aanwezig zijn. 3.2.2 Watervogels Er komen geen watervogels voor in het plangebied. Het is gelegen in het dorp. De dichtstbijzijnde gebieden voor watervogels bevinden zich op meer dan 200 meter afstand.

Trekvogels en watervogels Voorkomen / functie van het plangebied: (Ministerie van Verkeer en Waterstaat e.a., Deltavogelatlas, atlas van vogelconcentraties en vliegbewegingen in het Deltagebied, digitale versie 15-05-2019; SOVON Vogelonderzoek Nederland & Ganzenwerkgroep Zeeland.2018; In het plangebied zelf komen geen watervogels voor. Er is geen water aanwezig en het terrein is verhard en er is veel menselijke verstoring. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing en realiseren van nieuwbouw. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet te verwachten. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Is niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: In het plangebied zelf komen geen watervogels voor. Het is gelegen in de bebouwde kom. De dichtstbijzijnde mogelijkheden liggen op meer dan 200 meter afstand.

11

Quickscan beschermde natuurwaarden project sloop woningen Ankerhof 17-43 Philippine

3.3

Reptielen en Amfibieën

Gewone pad, bruine kikker, groene kikker, kleine watersalamander. Voorkomen en functie van het plangebied: Bron: website www.ravon.nl In het plangebied zijn geen voortplantingswateren en er is geen geschikt landbiotoop aanwezig. De terreinen zijn grotendeels verhard, er is veel verstoring en predatie (katten en honden) en er is geen dekking. Reptielen en amfibieën zijn dan ook niet te verwachten. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing en realiseren van nieuwbouw. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: geen nadelige effecten te verwachten.

3.4

Vissen

In het plangebied komen geen vissen voor. Voorkomen en functie van het plangebied: (Website Ravon versie 2 februarii 2019). Er is geen water in het plangebied. Het biotoop is ongeschikt. Uit te voeren maatregelen: slopen van bebouwing en realiseren van nieuwbouw. Verboden handelingen (doden, vernielen, verstoren van beschermde soorten): Niet van toepassing. Gunstige staat van instandhouding / effect op populatieniveau (lokaal): Niet in het geding. Worden er maatregelen uitgevoerd om eventuele schade tot een minimum te beperken: Niet van toepassing. Conclusie: Geen negatieve effecten te verwachten.

12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12826199/1