2023-06-21 - Besluit college 7 maart 2023
Tekst van het document
College van burgemeester en wethouders Besluit
11
GOEDGEKEURD Zitting van 7 maart 2023 Omgeving & Economie - Planvorming zaaknummer: 9755
2023_BW_00212
Ontwerp bestemmingsplan boscompensatie Lovenpolder Hoek
Samenstelling Aanwezig: de heer Erik Merrienboer, van, burgemeester; de heer Frank Hulle,van, wethouder; mevrouw Sonja Suij, wethouder; de heer Jurgen Vervaet, wethouder; de heer Laszlo Voorde,van de, wethouder; de heer Jeroen de Buck, wethouder; de heer Steven Waal,de, gemeentesecretaris Auteur Ernst Willemkens Portefeuillehouder Frank Hulle,van
Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit te bepalen dat de uitvoering van het plan geen nadelige gevolgen heeft voor het milieu, waardoor het volgen van een m.e.r. procedure voor deze ontwikkeling niet noodzakelijk is. Besluitpunt 2 Het college besluit in te stemmen met het ontwerp van het bestemmingsplan 'Buitengebied, Lovenpolder Hoek (boscompensatie)' en dit bestemmingsplan op de gebruikelijke wijze te publiceren en vrij te geven voor de mogelijkheid hiertegen een zienswijze in te dienen.
Wat is de aanleiding? De gemeenteraad heeft op 3 juli 2018 het bestemmingsplan Dow, Logistiek Centrum 3PL (Ravago) vastgesteld dat de realisatie van een nieuw logistiek centrum op het terrein van Dow mogelijk heeft gemaakt. Hiervoor is 4,5 ha bos gekapt. De gemeenteraad heeft daarnaast op 15 december 2022 het bestemmingsplan Dow, Mosselbanken en Logistiek Park, uitbreiding transformatorstation vastgesteld dat de uitbreiding van het transformatorstation voor Stedin mogelijk maakt op het terrein van Dow. Om deze uitbreiding mogelijk te maken is inmiddels 0,8 hectare bos gekapt.
1/20
Voor de kap van bos op beide locaties geldt een herplantplicht (boscompensatie) op grond van de Wet natuurbescherming. Om deze boscompensatie mogelijk te maken is enkele jaren geleden het noorden van de aangrenzende Lovenpolder aangewezen als zoekgebied. De percelen in de Lovenpolder zijn in eigendom van Dow. Dit gebied heeft nu nog een agrarische bestemming. Het aanplanten van bos voor boscompensatie past niet binnen deze bestemming. Dow wil met voorliggend bestemmingsplan de agrarische bestemming deels wijzigen in een bestemming ‘Bos’ om de boscompensatie van Stedin en Ravago te realiseren. Voorlopig worden de overige gronden binnen het plangebied agrarisch gebruikt, maar Dow wil graag de mogelijkheid om eventuele toekomstige boscompensatie te realiseren. Om hieraan tegemoet te komen wordt voorgesteld om binnen de bestemming ‘Agrarisch’ een aanduiding 'bos' op te nemen, waarmee die beoogde ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt met een omgevingsvergunning. De wetlands waarvan eerder sprake is geweest maken geen onderdeel uit van dit bestemmingsplan omdat de plannen nog niet concreet genoeg waren. Eerder had Ravago het plan opgevat bos te compenseren op gronden met een bestemming ‘Natuur’ in Spui. U vond dat geen goed voorstel. Dat plan is nu niet meer aan de orde.
De uitvoering van de boscompensatie fase 1a (Ravago) en fase 1b (Stedin) staan gelijktijdig gepland voor het najaar van 2023. Wat willen we bereiken? We willen bereiken dat Ravago en Stedin de verplichte boscompensatie als gevolg van het kappen van bos op hun twee bouwlocaties op het terrein van Dow kunnen realiseren in de naastgelegen Lovenpolder. Argumenten 1.1 Als gevolg van dit project zijn geen nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten. In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat een landinrichtingsproject dan wel een wijziging of uitbreiding daarvan m.e.r.-beoordelingsplichtig is, in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een functiewijziging met een oppervlakte van 125 hectare of meer van water, natuur, recreatie of landbouw. De voorgenomen ontwikkeling betreft een boscompensatieproject van ruim 5 hectare. De beoogde ontwikkeling blijft ruim onder deze drempelwaarden. Dit betekent dat kan worden volstaan met een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling'. In een vormvrije m.e.r.-beoordeling passeren alle aspecten van de m.e.r. kort de revue. In bijlage 1 is de m.e.r.-beoordeling opgenomen. Hieruit blijkt dat er geen sprake is van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu en dat het doorlopen van een volledige m.e.r.-procedure niet noodzakelijk is. Om die reden wordt geadviseerd geen m.e.r.-procedure te volgen.
Op grond van artikel 7.17 Wet milieubeheer moet u uw besluit tot het niet volgen van een m.e.r.-procedure publiceren. Hiertegen kan overigens niemand bezwaar maken of een zienswijze indienen, omdat er sprake is van een voorbereidingshandeling. Praktisch gezien nemen wij deze publicatie mee met de publicatie van het ontwerpbestemmingsplan. 2.1 De boscompensatie vindt plaats binnen het eerder door de gemeenteraad vastgestelde zoekgebied De gemeenteraad heeft op 3 juli 2018 het bestemmingsplannen Dow, Logistiek Centrum 3PL (Ravago) vastgesteld. Daarbij zijn in bijlage 3 behorende bij de vastgestelde planregels de beoogde gronden in de Lovenpolder als zoekgebied aangemerkt. Het nu voorliggende ontwerpbestemmingsplan voor de boscompensatie regelt dat Ravago de eerder opgelegde verplichting tot herplant uit kan voeren binnen dat zoekgebied. 2.2 De gronden binnen het plangebied hebben nog geen natuur- of groen bestemming. In uw principebesluit van 13 juli 2021 heeft u besloten om mee te werken aan het verzoek van Stedin voor de uitbreiding van het transformatorstation als de compensatie plaats vindt 2/20
op een nader te bepalen locatie zonder natuur- of groenbestemming. De gronden binnen het plangebied van dit ontwerpbestemmingsplan hebben nu een agrarische bestemming waarmee dus voldaan wordt aan die voorwaarde. De keuze voor de bestemming “Bos” sluit aan bij de bestaande bestemmingssystematiek voor gebieden waarop bos voorkomt. 2.3 Door de beide boscompensaties te combineren ontstaat een robuuster geheel. De compensatie is voorzien aan de noordzijde van de Lovenpolder. Zodoende ontstaat na aanplant een nieuw bos van 5,3 ha dat aansluit op de aanwezige beplanting langs de dijk langs de Lovenweg, noordelijk van het plangebied en het noordelijk van die dijk gelegen groen met een oppervlak van ongeveer 3 ha. dat eveneens een bestemming 'Bos' heeft . Zo ontstaat een vrijwel aaneengesloten gebied met bestemming "Bos" van ongeveer 8 ha. Deze verbinding biedt ecologische voordelen. De beplanting zal bestaan uit inheemse boom- en struiksoorten, afgestemd op de grondsoort. Het bos wordt omzoomd met een strook bloemrijk gras en kruidenzoom. De overige gronden binnen het plangebied behouden de agrarische bestemming met als toevoeging de functieaanduiding 'bos' wat de verdere aanleg van bos binnen het plangebied mogelijk maakt. Maar daarvoor zijn nu nog geen concrete plannen. Voorlopig blijven die gronden dus in gebruik als agrarisch bouwland.
Zie bijlage 5 voor de inrichtingsplannen en bijlage 10 voor de ligging van het bos ten opzichte van de omgeving. 2.4 De plannen zijn besproken met de omgeving, de Steltkluut en ketenpartners. In overleg met direct belanghebbenden zijn de randvoorwaarden voor de boscompensatie bepaald. Zo heeft Dow overleg gevoerd met de pluimveehouderij aan de Lovenpolderstraat, met de eigenaar van delta-parapente vliegclub en met de agrariër die de gronden in gebruik heeft. Het globale plan voor de boscompensatie is tijdens bijeenkomsten in januari 2022 in het kader van het bestemmingsplan voor de uitbreiding van het transformatorstation aan de H.H. Dowweg, besproken met de Stichting Dorpsbelangen Hoek (de Dorpsraad) en met omwonenden. Ook is het plan voorgelegd aan natuurvereniging De Steltkluut. Voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan presenteert initiatiefnemer het plan voor de boscompensatie nogmaals aan de Stichting Dorpsbelangen Hoek (de Dorpsraad) en aan de omwonenden. Reacties kunnen we vervolgens nog verwerken voordat het plan ter inzage gaat. In het kader van het wettelijk vooroverleg heeft afstemming plaatsgevonden met de provincie, waterschap Scheldestromen en is het plan voorgelegd aan de Veiligheidsregio. De afspraken en reacties van het vooroverleg zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan.
2.5 Het inrichtings- en beplantingsplan is afgestemd met de Provincie Zeeland. Het beplantingsplan dat als bijlage van de toelichting deel uitmaakt van het bestemmingsplan is opgesteld in overeenstemming met de regels van de herplantplicht op grond van de Wet natuurbescherming. Provincie Zeeland is hiervoor het bevoegd gezag. 2.6 Het plan past binnen het landschap. De Lovenpolder is een grootschalige polder met akkergronden met enkele boerderijen en waterlopen. Het plangebied is gelegen aan de rand van deze polder en het geplande bos sluit aan op het bestaande groen langs en achter de aangrenzende dijk langs de Lovenweg. Tussen de geplande blokken bos blijft ter plaatse van de splitsing van twee bestaande waterlopen ruimte open waardoor zicht op het achterliggende polderlandschap behouden blijft. (Zie bladzijde 18/25 van bijlage 5.) Kanttekeningen 2.1 In het plangebied ligt een woning met schuur. Aan de noordoostzijde van het plangebied ligt op het adres Lovenweg 4 (eigendom Dow) een voormalige boerderij maar het agrarisch bouwvlak is in het verleden al weg bestemd. Dat erf heeft nu een agrarische bestemming zonder bouwvlak. Dit wijzigt verder niet. De voormalige boerderij is in eigendom van Dow en wordt af en toe gebruikt door de agrariër die de gronden bewerkt. Hoewel het gaat om een 19e eeuwse woning die er nog authentiek 3/20
uitziet, heeft deze geen beschermde monumentenstatus. Voorlopig zal de bebouwing nog blijven staan. Deze vormt geen belemmering voor de uitvoering van de geplande boscompensatie. De bedoeling is de bebouwing op termijn wel te slopen. Het erf behoudt de bestemming Agrarisch met toevoeging van de functieaanduiding ‘bos’. 2.2 Het bos wordt in eerste instantie niet openbaar toegankelijk. Als het bos toegankelijk wordt voor omwonenden dan levert dit een meerwaarde op. We hebben de mogelijkheid besproken met Dow. Die wil hier in eerste instantie niet aan meewerken omdat er mogelijk toch nog een plan komt voor realisatie van wetlands binnen het plangebied. Dat gebruik van wetlands verhoudt zich niet met openbare toegankelijkheid. De optie om het bos openbaar toegankelijk te maken houden ze wel open. Dow is en blijft eigenaar van de gronden. Wat mag het kosten? Voor de gemeente zijn er aan deze planologische medewerking geen kosten verbonden. Initiatiefnemer stelt zelf het bestemmingsplan op en de ambtelijke kosten voor de procedure verrekenen we via de legesverordening. Wat gaan we ervoor doen? Het ontwerpbestemmingsplan samen met het m.e.r. beoordelingsbesluit en het ontwerpbesluit omgevingsvergunning voor de activiteiten bouwen en milieu ter inzage leggen. Daarvoor de bekendmaking publiceren in het Zeeuws Vlaams Advertentieblad en Gemeenteblad.
Tegen het ontwerpbestemmingsplan kunnen belanghebbenden zienswijzen indienen. Tegen het besluit om af te zien van een m.e.r.- beoordeling staat geen bezwaar en beroep open. Na het doorlopen van de ontwerpfase zullen we u adviseren om de gemeenteraad het bestemmingsplan te laten vaststellen. Bijlagen 1. bijlage 1 Aanmeldnotitie vormvrijemer - BP lovenpolder Terneuzen.pdf 2. Biijlage 10 ligging plangebied en bosaanleg in omgeving.pdf
4/20
BOSCOMPENSATIE LOVENPOLDER Aanmeldnotitie Vormvrije m.e.r.-beoordeling 30 januari 2023
5/20 1/13
DATUM KENMERK PROJECT PROJECTLEIDER
30 januari 2023 mr. ir. H. Wenting
OPDRACHTGEVER DOW Benelux PROJECTNUMMER 401030.20211389 AUTEUR STATUS
Buddy de Groot & Josh Luijkx Definitief
6/20 2/13
INHOUD 1.
2.
3.
4.
Inleiding
4
1.1 1.2 1.3
Aanleiding Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in? Leeswijzer
4 4 4
Plaats en kenmerken van het project
5
2.1 2.2 2.3 2.4
Plaats van het project Huidige situatie Cumulatie Kenmerken van het project
5 7 8 8
Kenmerken van de milieueffecten
11
3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8
11 11 11 11 11 12 12 12
Verkeer en parkeren Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Bodem Water Ecologie Cultuurhistorie en archeologie
Conclusie
13
7/20 3/13
1. INLEIDING 1.1
Aanleiding
Ravago heeft ten behoeve van de realisatie een nieuw logistiek centrum op het terrein van Dow (Logistiek centrum 3PL) bomen gekapt. Hiervoor geldt op basis van de Wet natuurbescherming de verplichting om 4,5 hectare bos te herplanten. Voor Stedin geldt een herplantplicht van 0,8 hectare vanwege de kap van bomen voor de uitbreiding van het transformatorstation op het terrein van Dow. Om deze boscompensatie mogelijk te maken is enkele jaren geleden het noorden van de Lovenpolder aangewezen als zoekgebied. Dit gebied heeft nu nog een agrarische bestemming. In het Besluit milieueffectrapportage is in categorie D (sectie D 9) opgenomen dat een landinrichtingsproject dan wel een wijziging of uitbreiding daarvan m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op vestiging van een glastuinbouwgebied of bloembollenteeltgebied van 50 hectare of meer of een functiewijziging met een oppervlakte van 125 hectare of meer van water, natuur, recreatie of landbouw of. De beoogde ontwikkeling blijft ruim onder deze drempelwaarden. Dit betekent dat kan worden volstaan met een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling'. Dit document bevat deze beoordeling.
1.2
Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in?
In een m.e.r.- beoordeling wordt getoetst of een m.e.r. procedure doorlopen moet worden. De wettelijke regeling voor de m.e.r.-beoordeling gaat uit van het principe 'nee, tenzij'. Dat wil zeggen, een volwaardige m.e.r.-procedure is alleen noodzakelijk als sprake is van 'belangrijke nadelige gevolgen' die het betreffende project voor het milieu kan hebben. Daarbij moet het bevoegd gezag rekening houden met de omstandigheden zoals aangegeven in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling, te weten: ● de plaats van het project; ● de omvang van het project; ● de kenmerken van de potentiële milieueffecten (in samenhang met de eerste twee criteria). Het bevoegd gezag dient een m.e.r-beoordelingsbeslissing te nemen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de omvang van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.
1.3
Leeswijzer
Deze m.e.r.-beoordelingsnotitie: ● ● ●
beschrijft in hoofdstuk 2 de plaats en omvang van het project; licht in hoofdstuk 3 de verwachte effecten voor de verschillende milieueffecten toe; geeft ten slotte in hoofdstuk 4 de conclusie weer voor de m.e.r.-beoordeling.
8/20 4/13
2. PLAATS EN KENMERKEN VAN HET PROJECT 2.1
Plaats van het project
Het plangebied ligt aan de noordzijde van de Lovenpolder. Het plangebied grenst aan de west- en noordzijde aan de Lovenweg en aan de oostzijde aan de Lovenpolderstraat. Ten noordoosten van het plangebied ligt het bedrijventerrein van Dow en ten noorden en noordwesten van het plangebied ligt de Braakmankreek. Ten oosten van het plangebied bevindt zich een pluimveehouderij. Aan de westzijde bevindt zich een woning en aan de zuidwestzijde ligt een baan ten behoeve van sportvliegtuigen en parapenters. Zie figuur 2.1 voor ligging en begrenzing van het plangebied.
Figuur 2.1 Ligging en begrenzing van het plangebied
De gronden in het plangebied zijn in gebruik voor akkerbouw. In het oosten van het plangebied loopt een ondergrondse watertransportleiding. Er bevinden zich binnen het plangebied een schuur en een woning. Deze gebouwen worden ter zijner tijd gesloopt. Ligging plangebied ten opzichte van beschermde/bijzondere gebieden Het plangebied is geen Beschermd Natuurmonument of Natura 2000-gebied, zie figuur 2.2. De afstand tot Natura 2000gebieden bedraagt circa 2.000 meter. Dit betreft het Natura 2000-gebied 'Westerschelde & Saeftinghe'. Het plangebied bestaat niet uit een gebied behorend bij het Natuurnetwerk Zeeland (NNZ), zie figuur 2.3. De meest dichtstbijzijnde gebieden die deel uitmaken van het NNZ, liggen aan de noordzijde van het plangebied. Dit betreffen de NNZ gebieden 'dijken binnendijk nieuw' en 'Lovenpolder'.
9/20 5/13
Figuur 2.2 Projectgebied en ligging Natura 2000 gebied (Bron: Provincie Zeeland)
Figuur 2.3 Projectgebied (rode omkadering) en NNN. (fryslan.nl)
10/20 6/13
Archeologie Voor vrijwel het hele plangebied is ook de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' van toepassing. Als beleidskader geldt het interimbeleid archeologie 'De onderste steen boven?!' en de cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Terneuzen. Toetsing aan de vrijstellingenkaart archeologie laat zien dat het plangebied onderdeel is van het gebied waar een vrijstellingsdiepte geldt tot 0,5 meter en waar bouwwerken niet groter mogen zijn dan 500m2. Cultuurhistorie De cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Terneuzen bestaat uit drie kaartbladen: 'behoud', 'behoud door ontwikkeling' en 'Vernieuwing mogelijk' . Voor het beoogde ontwikkeling zijn de kaartbladen 'behoud' en 'behoud door ontwikkeling' van belang, zie figuur 2.4. Voor het plangebied geldt de strategie 'Behouden'.
Figuur 2.4 Cultuurhistorische waardenkaart gemeente Terneuzen - kaartblad 'Behoud'
De kaart 'Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zeeland' toont waar cultuurhistorische waardevolle aspecten van het landschap gevonden kunnen worden. Binnen het plangebied, aan de Lovenweg, bevindt zich een historisch boerderij die ook is aangeduid als MIP object. Deze historische boerderij wordt gesloopt.
2.2
Huidige situatie
Het geldende bestemmingsplan 'Buitengebied' is vastgesteld op 25 juni 2013 door de gemeenteraad van Terneuzen. In dit bestemmingsplan geldt voor het plangebied de enkelbestemming 'Agrarisch met waarden - Coulisselandschap en Microrelief' (zie figuur 2.5). Voor vrijwel het hele plangebied is ook de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' van toepassing. Door het plangebied loopt een waterleiding waarvoor de dubbelbestemming 'Leiding - Water - Waterleiding' is opgenomen. Ten slotte ligt over het plangebied de gebiedsaanduiding 'geluidzone - industrie - 1'.
11/20 7/13
Figuur 2.5 Uitsnede Bestemmingsplan 'Buitengebied' (www.ruimtelijkeplannen.nl)
2.3
Cumulatie
Voor zover bekend zijn er redelijkerwijs geen te verwachten toekomstige ontwikkelingen in de buurt waarmee cumulatie verwacht kan worden.
2.4
Kenmerken van het project
Boscompensatie fase 1a Ravago heeft een herplantplicht voor 4,5 hectare (fase 1a) op grond van de Wet natuurbescherming moet de herplant binnen 3 jaar na kap van de bomen zijn gerealiseerd. Deze termijn is om diverse redenen inmiddels verstreken. De boscompensatie voor Ravago wordt in combinatie met de opgave van Stedin (fase 1b) in het najaar van 2023 uitgevoerd. In figuur 2.3 is aangegeven waar de boscompensatie ten behoeve van de ontwikkeling van Ravago is voorzien.
12/20 8/13
Figuur 2.6 Boscompensatie fase 1a
Boscompensatie fase 1b De boscompensatie voor Ravago wordt in combinatie met de opgave van Stedin (fase 1b) als eerste uitgevoerd. Stedin heeft een herplantplicht van 0,8 hectare. Deze boscompensatie moet voor maart 2025 worden uitgevoerd. De opgave wordt aan de zuidzijde van de bestaande watergang gerealiseerd (zie figuur 2.7) aanvullend op fase 1a. Overig plangebied De overige gronden blijven voorlopig nog in agrarisch gebruik. Er zijn plannen om op het huidige terrein van Dow een fabriek uit te breiden. Hiervoor moet ongeveer 2 hectare bomen worden gerooid. De herplant van deze bomen is op termijn ook voorzien in de Lovenpolder. De invulling van deze herplantopgave is nog niet concreet en omdat de bomen op het terrein van Dow nog niet zijn gerooid, geldt er nog geen deadline voor de herplant. Voorlopig blijven de overige gronden in het plangebied nog in agrarisch gebruik. Er is dan ook voor gekozen om de geldende agrarische bestemming op deze percelen te behouden. Om boscompensatie op termijn mogelijk te maken is de aanduiding 'bos' toegevoegd. Ter plaatse van de bestaande woning en schuur, die naar verwachting eind 2023 worden gesloopt, kan 0,3 hectare bos worden geplant in aansluiting op het bos dat in de eerste fase wordt gerealiseerd.
13/20 9/13
Figuur 2.7 Boscompensatie fase 1b
2.4.1 Verkeer en parkeren Ontsluiting Het plangebied wordt ontsloten via de Lovenweg en de Lovenpolderstraat. Beide wegen zijn erftoegangswegen waar een maximum snelheid geldt van 60 km/uur. Ook fietsers en voetgangers maken gebruik van de erftoegangsweg, er is geen vrijliggend fietspad aanwezig. Via de Lovenweg en de Lovenpolderstraat kan de Herbert H. Dowweg bereikt worden. De Herbert H. Dowweg sluit aan de oostzijde aan op de rotondes van de N252 van/naar de N62 richting Westerscheldetunnel/Goes en Sluiskil/Gent en de stad Terneuzen. Parkeren Er zijn in de gemeentelijke parkeernota geen normen opgenomen voor de beoogde ontwikkeling. Ten behoeve van onderhoud en beheer zal incidenteel iemand aanwezig zijn. Hiervoor wordt voldoende parkeergelegenheid op het terrein gerealiseerd.
14/20 10/13
3. KENMERKEN VAN DE MILIEUEFFECTEN 3.1
Verkeer en parkeren
De beperkte verkeersgeneratie zal afgewikkeld worden via de Lovenweg. In de gebruiksfase bestaat de verkeersgeneratie uitsluitend uit voertuigbewegingen in verband met onderhoud en beheer van het terrein. De verkeersbewegingen zullen opgaan in het huidige verkeersbeeld en hebben geen gevolgen voor de verkeersafwikkeling. Parkeren vindt plaats op eigen terrein. De zeer beperkte toename van de verkeersintensiteit als gevolg van de beoogde ontwikkeling zal geen gevolgen hebben voor de verkeersafwikkeling op de Lovenweg. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.
3.2
Geluid
Er worden ten behoeve van de realisatie van de boscompensatie geen nieuwe wegen aangelegd of geluidgevoelige functies gerealiseerd. De Wet geluidhinder is dan ook niet van toepassing. Wanneer echter sprake is van een substantiële toename van de verkeersbewegingen op de wegen in de omgeving (met meer dan 20%) is het gewenst de effecten daarvan op omliggende geluidgevoelige bestemmingen te onderzoeken. Dit is niet het geval doordat er alleen bomen worden aangeplant. Daarom wordt geconcludeerd dat akoestisch onderzoek naar wegverkeerslawaai niet nodig is. Het plangebied ligt in de geluidzone van het industrieterrein Terneuzen West, de geluidbelasting vanwege het industrieterrein hoeft daarom niet te worden onderzocht. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.
3.3
Luchtkwaliteit
Vanwege de ontwikkeling is alleen sprake van verkeer voor beheer en onderhoud van het bos. Dit draagt niet in betekende mate bij aan de concentratie luchtverontreinigende stoffen. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.
3.4
Externe veiligheid
Het plangebied ligt ten zuiden van een aantal risicovolle bedrijven. Rond deze bedrijven is een veiligheidscontour vastgesteld. De contour ligt gedeeltelijk over het plangebied. Het is niet toegestaan om binnen deze contour nieuwe kwetsbare objecten toe te staan. Beperkt kwetsbare objecten kunnen in bepaalde gevallen wel worden toegestaan. Het bestemmingsplan voorziet in boscompensatie. De realisatie wordt niet aangemerkt als een kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object. Het is dan ook toegestaan om de uitbreiding binnen de veiligheidscontour te realiseren. Het groepsrisico van de omliggende risicovolle bedrijven wijzigt niet. Negatieve effecten als gevolg van de beoogde ontwikkeling kunnen zodoende worden uitgesloten.
3.5
Bodem
Er worden geen gevoelige functies mogelijk gemaakt. De gronden zijn geschikt voor het gebruik voor bos. Ook wordt alle vrijkomende grond binnen het plangebied verwerkt.
15/20 11/13
3.6
Water
De beoogde ontwikkeling voorziet in de ontwikkeling van boscompensatie. Door de sloop van een oude opstal ontstaat er minder verhard oppervlak. Het planvoornemen heeft dan ook geen negatieve effecten op watergerelateerde aspecten.
3.7
Ecologie
Gebiedsbescherming Er wordt geen ontwikkeling mogelijk gemaakt waarbij sprake is van stikstofdepositie. Gezien de aard en omvang van de ontwikkeling en de afstand tot natuurgebieden (zie paragraaf 2.1) kunnen ook verstoring en verandering van de waterhuishouding worden uitgesloten. De aanleg en het gebruik van het landinrichtingsproject hebben geen negatief effect op de natuurwaarden van de gebieden die zijn begrensd. Soortenbescherming Door Sweco is een verkennend onderzoek naar kansen voor de biodiversiteit uitgevoerd. Deze ecologische meerwaarde wordt alleen maar versterkt met het herplanten van bosplantsoen. Verder wordt zorgvuldig ingepast in het landschap en de natuur van Zeeuws-Vlaanderen. Daarnaast is een quickscan flora en fauna uitgevoerd. Dit rapport is als bijlage opgenomen bij de toelichting van het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Lovenpolder Hoek (boscompensatie)’. Geconcludeerd wordt dat als gevolg van het planvoornemen geen kwaliteitsverlies, versnippering of stikstofdepositie plaatsvindt. Er is wel nader onderzoek nodig naar de aanwezigheid van vleermuizen en de huismus en naar verschillende akkerflora. Indien noodzakelijk worden mitigerende maatregelen getroffen en een ontheffing aangevraagd.
3.8
Cultuurhistorie en archeologie
Archeologie Door Artefact is een archeologisch bureauonderzoek en veldonderzoek uitgevoerd voor boscompensatie fase 1 (zie paragraaf 2.4) van het plangebied (Artefact, Archeologisch Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende boringen fase 1, AR718, 31 augustus 2022). Dit rapport is als bijlage opgenomen bij de toelichting van het bestemmingsplan ‘Buitengebied, Lovenpolder Hoek (boscompensatie)’. Het onderzoek concludeert dat een overgroot deel van het onderzoeksgebied de verwachting op de aanwezigheid van archeologische resten hoog tot middelhoog wordt geacht. De beoogde ontwikkeling omvat de aanplant van bomen en struiken tot op dieptes van respectievelijk circa 0,40 m-mv en 0,20 – 0,30mv in plantgaten van circa 0,60 m breed. Deze activiteiten vallen binnen de vrijstellingsdiepte van 0,50 m. Mogelijk aanwezige archeologische waarden uit eerdere perioden dan de Nieuwe Tijd zijn aan te treffen op grotere diepten; deze worden niet bedreigd door de thans voorgenomen werkzaamheden. Op basis van dit concludeert het onderzoek dat er geen vervolgonderzoek nodig is voor de bosaanplant van fase 1. Cultuurhistorie Binnen het plangebied, aan de Lovenweg, bevindt zich een historisch boerderij die ook is aangeduid als MIP object. Deze historische boerderij wordt gesloopt.
Verder heeft de ontwikkeling geen invloed op deze cultuurhistorische waardevolle objecten.
16/20 12/13
4. CONCLUSIE Uit de informatie in deze notitie blijkt dat het plangebied niet is gelegen in kwetsbaar gebied en/of gebied met een beschermde status. Verder leiden de aard en omvang van het project niet tot belangrijke nadelige milieugevolgen. Het doorlopen van een volledige m.e.r.-procedure niet noodzakelijk.
17/20 13/13
Bijlage 10 bij advies Boscompensatie
Ligging plangebied in omgeving
Zwart = globaal wat gekapt bos is Blauw = globaal het plangebied eigendom Dow Rood = globaal de boscompensatie fase 1a en fase 1b
18/20
Bijlage 10 bij advies Boscompensatie
Ligging plangebied ten opzichte van noordelijk gelegen bestaande bestemming ‘Bos’ Blauw omkaderd = plangebied 16 ha Rood omkaderd = globaal de geplande boscompensatie voor Ravago en Stedin 5,3 ha. (Zie bladzijde 14/25 van bijlage 5 voor details over het inrichtingsplan) Lichtblauwe pijl = bestaande bestemming bos ca. 3 ha
19/20
20/20