2023-05-23 - Bijlage 3 Afwegingskader
Tekst van het document
BIJLAGE 3 AFWEGINGSKADER KADERNOTA VERBONDEN PARTIJEN GEMEENTE TERNEUZEN 8 JUNI 2023
Inhoudsopgave 1.1 Schema ....................................................................................................................... 3 1.2 De keuze voor het wel of niet meedoen aan een verbonden partij ......................... 3 1.2.1 Wanneer gebruiken we het afwegingskader? ........................................................ 4 1.3 Uitleg op de onderdelen uit het schema................................................................... 4 1.3.1 Is er sprake van een publiek belang? .................................................................... 4 1.3.2 Is complete gemeentelijke betrokkenheid noodzakelijk? ....................................... 4 1.3.3 Kan de gemeente het publiek belang als facilitator, subsidieverstrekker of opdrachtgever voldoende behartigen? ........................................................................... 5 1.3.4 Zijn er voldoende voordelen om mee te doen aan een verbonden partij? .............. 5 1.3.5 Wat is de gewenste organisatievorm? ................................................................... 5 1.3.5.1 Wat is de gewenste mate van bestuurlijke afstand? ........................................ 5 1.3.5.2 In welke vorm kan de organisatie het meest efficiënt en effectief werken? ...... 5 1.3.5.3 Kunnen en moeten we dit samendoen met marktpartijen? ..............................
6 1.3.6 Is er sprake van bestuurlijke risico’s? .................................................................... 6 1.4 Wat maken we helder voor de raad? ........................................................................ 6
2
1.1 Schema
1
. .
Is er sprake van een publiek belang?
Nee
Niets doen en aan de markt overlaten
Ja
Uitvoering door de gemeente zelf
Ja
Afwegen om uit te besteden of met toezicht door de markt uit te laten voeren
Nee
Uitvoering door de gemeente zelf
Ja 2
. .
Is complete gemeentelijke betrokkenheid noodzakelijk? Nee
3
. .
Kan de gemeente het publiek belang als facilitator, subsidieverstrekker of opdrachtgever voldoende behartigen? Nee
4
. .
Zijn er voldoende voordelen om mee te doen aan een verbonden partij?
Ja 5
. .
Afwegen om een relatie met een (nieuwe) verbonden partij aan te gaan. Ook bepalen we wat de gewenste vorm van deze organisatie is. De afweging doen we op basis van: de gewenste bestuurlijke afstand het doel van de organisatie
3
1.2 De keuze voor het wel of niet meedoen aan een verbonden partij Verbonden partijen zijn privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisaties waarin de gemeente een bestuurlijk én een financieel belang heeft. De betrokkenheid van de gemeente bij verbonden partijen gaat dus ver. Maar in veel gevallen is vergaande betrokkenheid van de gemeente niet nodig. En kiest de gemeente voor een andere rol. Bijvoorbeeld omdat er geen publiek belang is. Of omdat vergaande betrokkenheid van de gemeente om andere redenen niet nodig is. Kiest een gemeente wel voor het meedoen aan een verbonden partij? Dan moet ze ook de goede vorm kiezen. Die vorm is afhankelijk van de gewenste bestuurlijke afstand. En het doel dat de gemeente met de verbonden partij probeert te halen. 1.2.1 Wanneer gebruiken we het afwegingskader? Dit doen we wanneer de vraag speelt of onze gemeente een nieuwe financiële én bestuurlijke relatie aan zou moeten gaan. Dit kader is een handreiking. Het moet niet onafwendbaar tot een bepaalde keuze leiden. Een keuze voor het aangaan van een nieuwe financiële en bestuurlijke relatie én de vorm van deze organisatie moet in alle gevallen een politieke keuze zijn. Behalve in die gevallen waarin de wet bepaalt dat we een verbonden partij moeten vormen. Dan hebben we geen keuze. En hoeven we geen afweging te maken met dit schema.
1.3 Uitleg op de onderdelen uit het schema 1.3.1 Is er sprake van een publiek belang? We gaan ervan uit dat onze gemeente alleen meedoet in een derde partij (verbonden partij) als we daarmee een publiek belang dienen. Het gaat om belangen die het gemeentebestuur wil en met de gemeentelijke bevoegdheden kan behartigen. En waarvoor daarna beleid en activiteiten komen. De uit te voeren taken worden afgeleid van de politieke afweging. Is er géén sprake van een publiek belang? Dan moeten we dit aan de markt of aan andere overheden overlaten. Hebben we als gemeente wel een rol? Dan volgt de vraag in welke mate en vorm we betrokken moeten zijn. 1.3.2 Is complete gemeentelijke betrokkenheid noodzakelijk? Complete gemeentelijke betrokkenheid kan bijvoorbeeld komen door: een wettelijke regel om een taak binnen de gemeente of onder volledige gemeentelijke verantwoordelijkheid uit te voeren. het uitvoeren van een bepaalde taak zien we als te strategisch voor de gemeente om extern uit te voeren. door de hoge risico’s en onzekerheden over de uit te voeren taak is het uitbesteden van zo'n taak niet mogelijk. Of alleen tegen erg hoge kosten. Bij complete gemeentelijke betrokkenheid brengen we de activiteit onder binnen de eigen organisatie.
4
1.3.3 Kan de gemeente het publiek belang als facilitator, subsidieverstrekker of opdrachtgever voldoende behartigen? Onze inwoners nemen steeds vaker zelf het initiatief om iets te bereiken voor de samenleving. We staan samen met onze maatschappelijke partners aan de lat om maatschappelijke doelen te bereiken. We kiezen daarom steeds vaker voor een faciliterende rol. We maken kaders en omstandigheden waarbinnen inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers zaken met elkaar kunnen uitvoeren. Dat betekent ook dat we het publieke belang in veel gevallen het beste kunnen behartigen als subsidieverstrekker of als opdrachtgever. Belangrijk hierbij is dat we voldoende invloed hebben om de door ons gewenste publieke taak uitgevoerd te krijgen op de door ons gewenste voorwaarden (prijs, kwaliteit). En langs deze weg controle uit te oefenen. 1.3.4 Zijn er voldoende voordelen om mee te doen aan een verbonden partij? Zijn er taken waarbij sprake is van een publiek belang? En kunnen we niet volstaan met een rol als facilitator, subsidieverstrekker of opdrachtgever? Dan kunnen we erover nadenken om de taak onder te brengen bij een verbonden partij.
Meedoen aan een verbonden partij kan belangrijke voordelen hebben: besparing van kosten de kwetsbaarheid kleiner maken verbetering van de kwaliteit van het doen van de taak risico’s verdelen professionalisering en kennisvoordelen Als die voordelen er niet zijn, kunnen we het beste de taak zelf (blijven) doen. Zijn die voordelen er wel? Dan kunnen we erover nadenken om een verbonden partij aan te gaan. We moeten dan kijken welke organisatievorm daarbij het beste past. 1.3.5 Wat is de gewenste organisatievorm? Om deze vraag te kunnen beantwoorden, zijn drie deelvragen belangrijk: Wat is de gewenste mate van bestuurlijke afstand? In welke vorm kan de organisatie het meest efficiënt en effectief werken? Kunnen en moeten we dit samendoen met marktpartijen? 1.3.5.1 Wat is de gewenste mate van bestuurlijke afstand? Is sprake van een belangrijke taak van de gemeente? En zijn de daarbij horende bestuurlijke risico’s hoog? Dan ligt het voor de hand om te kiezen voor een gemeenschappelijke regeling, een samenwerking tussen twee of meer gemeenten. Is veel bestuurlijke afstand mogelijk? Dan kunnen we kiezen voor een privaatrechtelijke vorm. 1.3.5.2 In welke vorm kan de organisatie het meest efficiënt en effectief werken? Belangrijk hierbij is om ook te kijken naar het zo klein mogelijk houden van de risico’s.
Een gemeenschappelijke regeling krijgt met andere kosten en regels te maken dan een stichting of een besloten vennootschap. Per geval moeten we de voor- en nadelen bekijken.
5
1.3.5.3 Kunnen en moeten we dit samendoen met marktpartijen? Levert het meedoen van marktpartijen meer voordelen op? En kiezen we ervoor om het samen te doen met deze partijen? Dan kiezen we voor een privaatrechtelijke vorm. Belangrijke redenen kunnen te maken hebben met bijvoorbeeld gewenste slagvaardigheid. Of de wens om een specifieke private partij erbij te halen. Daarna beoordelen we welke privaatrechtelijke rechtsvorm of combinatie van rechtsvormen we graag willen. De keuze voor een specifieke rechtsvorm kan te maken hebben met het te bereiken doel. In bijlage 1 Juridisch kader bespreken we de verschillende privaatrechtelijke rechtsvormen. Is een privaatrechtelijke deelneming mogelijk en geschikt? Dan moeten we nog afwegen voor welk deel we vinden dat we (gedeeltelijk) bestuurlijke verantwoordelijkheid moeten nemen. Moeten we die nemen? Dan wijst de burgemeester een gemeentelijke vertegenwoordiger aan. En zien we de privaatrechtelijke deelneming als een verbonden partij. Want er is namelijk sprake van een bestuurlijk én een financieel belang. 1.3.6 Is er sprake van bestuurlijke risico’s? Afhankelijk van de gekozen vorm krijgt de organisatie in meer of mindere mate te maken met (privaatrechtelijk) juridische risico’s en regels. Bij de keuze voor de goede vorm moeten we hierop letten.
Zo moeten we ons er bijvoorbeeld bewust van zijn, dat het vormen van een verbonden partij met een raad van commissarissen invloed heeft op de invloed van de gemeente. En dat commissarissen altijd in het belang van de verbonden partij moeten werken. Daarnaast hebben we invloed bij privaatrechtelijke partijen via het aandeelhouderschap. Hierbij moet de organisatie de spelregels over het aandeelhouderschap goed volgen. 1.4 Wat maken we helder voor de raad? Het moment van oprichten, aanpassen en uittreden zijn belangrijke momenten voor de raad om invloed uit te oefenen op de relatie met verbonden partijen. Ook als de wet bepaalt dat we een verbonden partij moeten vormen. Het college stelt daarom de raad in staat om zijn kaderstellende en controlerende taak uit te voeren. Dat doet het college door voor de raad dit afwegingskader uit te werken. We geven daarbij antwoord op de volgende vragen:
Welk publiek belang behartigen we? Waarom is betrokkenheid van de gemeente nodig? Waarom kunnen we niet volstaan met een rol als facilitator, subsidieverstrekker of opdrachtgever? Wat zijn de voordelen van het vormen van de verbonden partij? Welke taken willen we geven aan de verbonden partij? En welke gevolgen heeft dit voor onze gemeente? Welk financieel belang beleggen we in de nieuwe verbonden partij? Hoe gaan de stromen voor financiering lopen? Hoe borgen we de bestuurlijke invloed? Welke risico’s zitten er aan het meedoen in de verbonden partij? Waarom kiezen we voor die organisatievorm? Is sprake van functiescheiding op bestuurlijk of ambtelijk niveau? Hoe wordt verantwoording afgelegd? Wat betekent het uiteindelijk beëindigen van de relatie? Inclusief het juridisch borgen hiervan en inzicht in de exitstrategie. 6
Daarnaast kan de raad gebruik maken van de ‘Handreiking Grip en controle op regionale samenwerking’ van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. Deze handreiking vindt u in bijlage 3a.
7