CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2023-04-05 a. onderzoek industrieel restwarmtenet en vaststellen warmteplan Hoek - Ontwerpbesluit

commissie Omgeving 5 april 2023, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Kennisnemen van resultaten onderzoek industrieel restwarmtenet Kanaalzone en vaststellen warmteplan op wijkniveau Hoek3.367 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeenteraad Ontwerpbesluit

Zitting van 20 april 2023 Omgeving & Economie - Beleidsontwikkeling zaaknummer: 11784

2023_Raad_00041 - Resultaten onderzoek industrieel restwarmtenet Kanaalzone en vaststellen warmteplan op wijkniveau Hoek Portefeuillehouder Laszlo Voorde,van de Programma en/of paragraaf Programma Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Besluit Besluitpunt 1 De raad besluit de businesscase en uitkomsten van het onderzoek "Restwarmtenet Terneuzen - Schetsontwerp, Businesscase en Uitvoeringsplan Hoek" (zie bijlage 1 en 2) voor kennisgeving aan te nemen. Besluitpunt 2 De raad besluit het warmteplan op wijkniveau op basis van industriële restwarmte voor de pilot in Hoek vast te stellen (zie bijlage 1, blz 59). Besluitpunt 3 De raad besluit in te stemmen met het besluit van het college dat de gemeente enkel een faciliterende rol inneemt. Wat is de aanleiding? In 2050 worden gebouwen in Nederland niet meer met aardgas verwarmd. Dat is nodig om onze CO2-uitstoot terug te dringen en klimaatverandering tegen te gaan. Ook willen we de afhankelijkheid van aardgas, zowel uit Groningen als uit het buitenland verminderen. Voor de toekomst liggen er in Terneuzen twee grote opgaven: 1. Het verduurzamen en alternatief verwarmen van de gebouwde omgeving, 2. Het verduurzamen van de industrie. Deze twee opgaven hebben meerdere raakvlakken en kunnen elkaar versterken. In Terneuzen zijn er veel industriële bedrijven gevestigd.

Deze bedrijven houden veel warmte over bij de verschillende bedrijfsprocessen. Vanuit het Interreg-project “Doen” is het initiatief gestart om samen met de Zeeuwse Overheden en bedrijven te onderzoeken of restwarmte van industrie kan worden ingezet voor de gebouwde omgeving. Dit heeft geleid tot het uitvoeren van twee onderzoeken: 1. Het uitvoeren van een modelstudie naar de technische 1/7

en financiële haalbaarheid van een industrieel restwarmtenet in de Kanaalzone. 2. Een stakeholder analyse van partijen die bij het project betrokken moeten worden en hun belangen hierin. Het belangrijkse resultaat van deze onderzoeken was dat het aanleggen van een Restwarmtenet een betaalbaar alternatief is voor verwarmen op gas. Op 03-02-2022 heeft u deze onderzoeken vastgesteld. Verder heeft u ingestemd om een uitwerking te maken voor een stratenplan in Hoek met een bijhorende businesscase, passend bij de mogelijkheden die de Transitievisie Warmte biedt. De uitkomsten van dit derde onderzoek, uitgevoerd door Witteveen en Bos, met bijbehorende vervolgstappen liggen nu ter besluitvorming voor. Wat willen we bereiken? Het halen van de doelstellingen uit het gemeentelijke Bestuursakkoord waarin de ambitie is geuit om in 2045 energieneutraal te zijn. We werken samen aan een haalbare, betaalbare en sociale transitie. Hierin zetten we met Zeeuwse kracht, lokaal maatwerk en eigenaarschap in om de doelstelling van 49 procent CO2- besparing in 2030 te realiseren. Met dit standpunt zetten we sterk in op CO2 -reductie. We zien besparing als essentiële stap en vertalen dit naar een strategie om gemeentebreed in te zetten op isolatie en andere maatregelen, op zo’n manier dat we tevens de gebouwen klaarmaken voor de overstap naar aardgasvrij.

Ook voor de kernen die kansrijk zijn om aangesloten te worden op een restwarmtenet is isoleren van belang om warmte te besparen, maar een aansluiting hoeft daar niet op te wachten. Dat komt omdat de temperaturen van de restwarmtebron hoog genoeg zijn en woningen ook met minder isolatie comfortabel verwarmd kunnen worden. Dit biedt meer flexibiliteit in de te zetten stappen. Met het nemen van de besluiten wordt een eerste stap gezet om Hoek en op termijn andere kernen aardgasvrij te maken. Argumenten 1.1 Een industrieel restwarmtenet zorgt voor haalbare en betaalbare verwarming in Terneuzen. In het onderzoek uitgevoerd door Witteveen en Bos is onderzocht of een restwarmtenet in de gemeente Terneuzen technisch haalbaar en betaalbaar is (zie bijlage 1 en 2). Uit het onderzoek blijkt dat er genoeg restwarmte beschikbaar is, zelfs na verduurzaming van de industrie. Het scenario van een restwarmtenet in de modelstudie laat zien dat het goedkoper is om een restwarmtenet te bouwen en te exploiteren dan bestaande woningen op gas te laten. 1.2 Een restwarmtenet zorgt voor haalbare en betrouwbare verwarming in Hoek. Het onderzoek laat zien dat het realistisch is dat de eerste fase van het warmtenet in Hoek gerealiseerd wordt (zie bijlage). Dow koppelt restwarmte uit en stelt het beschikbaar voor het warmtebedrijf.

Bij het uitkoppelen van de restwarmte wordt er rekening gehouden dat er een back-up aanwezig is wanneer er even geen restwarmte beschikbaar is. Zo wordt een betrouwbare levering geborgd. Verder is het uitgangspunt van het warmtenet om zo veel mogelijk woningen in Hoek aan te sluiten zoals aangegeven in het plan. Inwoners die hun woning al op een duurzame manier verwarmen kunnen kiezen of ze mee willen doen. 1.3 De businesscase van het restwarmtenet laat zien dat het financieel kan. Er is erg veel restwarmte beschikbaar bij de gevestigde industrie. DOW, Yara en Cargill hebben uit hun energie-intensieve processen warmte over die voor de industrie te 2/7

laagwaardig is om te kunnen gebruiken. Het gaat vooral om water dat gebruikt wordt voor koeling en makkelijk uit te koppelen is. In de huidige situatie wordt dit water gekoeld door een koeltoren en op een lagere temperatuur in de Westerschelde of kanaal geloosd. Door dit uit te koppelen en dit warme water in te zetten om woningen en bedrijven in Terneuzen te verwarmen gaat er minder energie/warmte verloren en kan dit nuttig worden ingezet. 1.4 De businesscase wordt aantrekkelijker als er ook andere kernen aangesloten worden. Er zijn verschillende doorberekeningen van de eindgebruikerskosten gemaakt. De berekeningen laten zien dat bij aansluiting van kernen met een grotere woningdichtheid de kosten voor de eindgebruiker lager worden. Het onderzoek laat zien dat het realistisch is dat Hoek als eerste fase wordt aangesloten, daarna Terneuzen en Axel. 1.5 Een 70C graden restwarmtenet laat de meeste potentie zien. Dit komt doordat er voldoende bronnen zijn bij de industrie om 70C graden restwarmte te kunnen leveren. Dit maakt ook de aansluiting voor woningen passend en betaalbaar. Met het plaatsen een warmtewisselaar kan ook het tapwater verwarmd worden met behulp van de restwarmte. In de eerste fase in Hoek is naverwarming niet noodzakelijk doordat de door DOW beoogde warmtebron (de condensaatleiding) een hogere temperatuur heeft (~100C) dan stoomkraker 3 (68C).

Hierdoor dalen zowel de investeringskosten als exploitatiekosten, waardoor het aantrekkelijker wordt om Hoek aan te sluiten. Alle kosten van de ontwikkeling van het warmtenet tot en met de aansluiting van de woningen inclusief afleverset worden meegenomen in het het aanbod van het warmtebedrijf richting de inwoners. 1.6 In de toekomst komen er eerder meer restwarmtebronnen bij dan minder. In de PIDI (Programma Infrastructuur en Duurzame Industrie) en MIEK (Meerjarenprogramma, Infrastructuur, Energie en Klimaat) en het samenhangende bod wat vanuit de gemeente door SDR (Sustaineble Delta Resources) richting het rijk is gedaan blijkt dat er interesse is om in Terneuzen 10 waterstoffabrieken te bouwen. Deze duurzame waterstoffabrieken zullen bijdragen binnen de energietransitie om bedrijfsprocessen van industriële bedrijven te verduurzamen. Om waterstof te kunnen maken, maken deze fabrieken gebruik van een proces genaamd "Elektrolyse". Dit proces is energie-intensief waarbij ook veel warmte vrijkomt. Deze warmte kan in een latere fase ingevoerd worden op het restwarmtenet zodat deze nuttig gebruikt kan worden. 1.7 Met de businesscase die voorligt kan de initiatiefnemer een passend aanbod doen in de kern Hoek. In de businesscase zijn er verschillende mogelijkheden doorgerekend voor de uitrol van het warmtenet (zie bijlage 2).

De Excel-tabel die erbij hoort is aanpasbaar en transparant. Hiermee kan het warmtebedrijf op basis van de verschillende uitgangspunten het project zo rondrekenen dat kosten worden gedekt en inwoners een passend aanbod krijgen. 2.1 De nieuwe Warmtewet stelt bedrijven in de toekomst verplicht om restwarmte nuttig in te zetten. Bedrijven moeten in de toekomst verplicht onderzoeken of restwarmte opnieuw gebruikt kan worden. In de Kanaalzone kan een restwarmtenet uitkomst bieden aan bedrijven om aan deze verplichting te voldoen. Het rijk verleend hiervoor in de toekomst subsidie aan de industrie om de warmte te kunnen uitkoppelen voor bijvoorbeeld een warmtenet. 2.2 Het kiezen van een richting voor alternatieve verwarming is noodzakelijk. Bij het landelijke klimaatakkoord "Sectortafel Gebouwde Omgeving" is de afspraak gemaakt dat het gebruik van aardgas en CO2 uitstoot in de bebouwde omgeving moet worden teruggedrongen. De rijksoverheid stelt verplicht dat iedere gemeente een gemeentelijke 3/7

Transitievisie Warmte (TVW) opstelt. Hierin worden kansen en mogelijkheden vastgelegd over hoe kernen in de toekomst op een alternatieve manier kunnen worden verwarmd. Om dit doel te halen is het noodzakelijk om een keuze te maken welke alternatieve verwarmingsmethoden kunnen worden gebruikt. Het restwarmtenet biedt voor Terneuzen één van de grootste kansen om de doelstelling voor de gebouwde omgeving maar ook de industrie te kunnen halen. 2.3 Er is draagvlak in de kern Hoek Doordat de kern Hoek door DOW vroeg bij het proces is betrokken, zijn de inwoners enthousiast over het initiatief. Dit is gebleken uit de dorpsraadbijeenkomst van 12 oktober 2021. Begin 2022 is er spontaan een groep met inwoners opgestaan. Deze groep heeft zich verenigd in de "Vereniging RestwarmteNet Hoek." De vereniging zet zich in om de belangen van de inwoners van Hoek te behartigen bij het ontwerp en aanleg van een restwarmtenet in Hoek. Bij de verkenningen en onderzoeken die zijn uitgevoerd, is deze vereniging als gelijkwaardige partner betrokken. De vereniging is daarna zelfstandig verder gegaan en geeft aan dat het wil deelnemen in het Warmtebedrijf. Op deze manier worden de belangen van de inwoners van Hoek geborgd. De website van de vereniging is te vinden via deze link: https://www.restwarmtenethoek.nl/ .

Op dit moment telt de warmtevereniging al 480 leden van de totaal 1000 wooneenheden in Hoek. Naast Hoek die enthousiast is over het initiatief, hebben de twee woningbouwcoöperaties Clavis en Woongoed ook aangegeven enthousiast te zijn over het concept van het warmtenet. Woongoed heeft hun woningbestand in Hoek aangemeld bij de warmtevereniging. De aangemelde woningen zijn in het ledenaantal verwerkt. 2.4 Er is draagvlak bij warmteaanbieders en warmteafnemers De warmteaanbieders in het gebied zijn DOW, Yara, Cargill, Air-Liquide en Arcelor Mittal. Ze zijn in het onderzoek meegenomen voor het aanleveren van gegevens over de hoeveelheid restwarmte die zij beschikbaar hebben en hoe dit het beste uitgekoppeld kan worden. De partijen die in de eerste fases een rol kunnen spelen hebben via een letter of intent (LOI) aangeven mee te werken aan de verdere stappen om het warmtenet mogelijk te maken. De belangrijkste warmtevragers in het gebied zijn Warmtevereniging Hoek, Zorgsaam, Clavis en Woongoed. Zij hebben al dan niet via een LOI laten blijken dat zij warmte af willen nemen en mee willen werken aan de vervolgstappen om het warmtenet mogelijk te maken. Woongoed heeft geen LOI getekend maar heeft dit laten blijken door woningbezit bij de warmtevereniging aan te melden.

Verder hebben beide woningbouwcoöperaties ook in de prestatie afspraken met de gemeente vastgelegd de plannen van het restwarmtenet te ondersteunen. 2.5 Positief voor het vestigingsklimaat van bestaande bedrijven (zowel groot als klein). Het ontwikkelen van een restwarmtenet biedt voordelen aan de kant van de aanbieders en vraagzijde. Grote bedrijven zoals DOW en Yara krijgen op termijn te maken met een CO2belasting. Doordat zij hun warme water beschikbaar stellen voor het restwarmtenet, is er de mogelijkheid dat ze CO2-credits ontvangen. Op deze schaal kan de waarde van de CO2 credits oplopen van enkele tot honderden miljoenen euro's, uitgesmeerd tot 2050. Dit stimuleert de industrie om processen te verbeteren, minder CO2 uit te stoten en verder is het een extra argument om in Terneuzen gevestigd te blijven. Aan de vraagzijde zijn er de inwoners van Terneuzen en bedrijven die restwarmte kunnen gebruiken. Inwoners kunnen profiteren doordat het restwarmtenet ze van een betaalbare vorm van warmte kan voorzien. Bedrijven kunnen ook profiteren doordat ze op een goedkope manier hun gebouw kunnen verwarmen of kunnen gebruiken binnen de 4/7

bedrijfsvoering. Denk hierbij aan het verwarmen van zwembadwater, warmte voor een fabrieksbakkerij of gebruik binnen een vergistingsproces. 2.6 Mogelijkheden voor subsidie zijn groot. Het Rijk stelt de komende jaren meer vormen van subsidie en financieringsvormen beschikbaar om de energietransitie en verduurzaming te stimuleren. Hiernaast zijn er nog mogelijkheden om mee te liften op subsidie die de Europese Unie beschikbaar stelt. Er zijn onder andere mogelijkheden binnen het JTF (Just Transition Fund), WIS (Warmte Investerings Subsidie) en subsidie voor innovatieve industrie. De hoogte van het subsidie bedrag en of deze wel of niet wordt toegekend wordt pas bekend wanneer er instemming is om met het project te starten. 3.1 Door het innemen van een faciliterende rol is er geen sprake van conflicterende belangen of financiële risico's. We hebben juridisch advies ingewonnen over de mogelijkheden om een actieve rol te spelen binnen in het warmtebedrijf. We hebben hierbij meegekeken bij de ontwikkelingen van het warmtenet in Vlissingen en Middelburg. De autoriteit financiële markten (ACM) geeft aan dat wanneer een gemeente een actieve rol speelt en samen met meerdere partijen een netwerk ontwikkelt er sprake kan zijn van het doorlopen van een Europese aanbestedingsprocedure, het opstellen van een concessiedocument of het doorlopen van het traject van vrijwillige transparantie.

Wanneer een gemeente zich faciliterend opstelt en de markt zelf een samenwerking organiseert (waar nu sprake van is) zijn deze procedures niet aan de orde. Het is dan wel noodzakelijk om zeker te zijn dat er geen andere partijen zijn die een rol in het warmtebedrijf willen spelen. Om uit te sluiten dat er meerdere partijen zijn die een rol willen spelen wordt er een bekendmaking gepubliceerd in het Gemeenteblad. Kanttekeningen 1.1 Het maximaal isoleren van woningen is tegenstrijdig bij de uitrol van dit concept warmtenet. In het model van Quo Mare wordt er aangeven dat het isoleren van woningen in dit geval tegenstrijdig werkt. Hiervoor zijn er een aantal redenen. 1. Er is voldoende restwarmte beschikbaar; woningen worden ingezet als de koelribben voor de industrie. Het is de bedoeling dat het warme water koeler bij DOW terugkomt zodat ze het weer opnieuw kunnen gebruiken. 2. Het isoleren van een woning in Terneuzen wordt geschat op 10.000 euro tot 70.000 duizend euro afhankelijk van het type woning en de ouderdom. Als het bedrag van isolatie mee wordt genomen in de totaalkosten voor een restwarmtenet is de isolatie van woningen een grotere kostenpost dan de aanleg van het netwerk zelf. Omdat er in Terneuzen veel restwarmte is kan er meer warm water worden rondgepompt door het netwerk om ervoor te zorgen dat de woningen comfortabel en warm blijven.

1.2 In de businesscase blijft een bepaalde bandbreedte zitten in kosten en opbrengsten. Er is een analyse van de foutmarge uitgevoerd. Met deze foutmarge wordt er zo goed mogelijk ingeschat welke verborgen kosten erbij kunnen komen tijdens de aanleg van het warmtenet (denk aan ontwerprisico's, materiaalrisico's, personeelsrisico's). Ondanks dat er rekening met de risico's wordt gehouden blijft er een bepaalde mate van onzekerheid in de businesscase zitten. Door de huidige inflatie en prijstoenames tot gevolg is er een foutmarge van 40% benoemd bij aanleg van Restwarmtenet. Wanneer de inflatie en prijsstijgingen normaliseren zal deze marge ook terugzakken naar een normaal niveau. 1.3 Het rekenmodel in bijlage 2 is nu nog niet ingevuld.

5/7

Bijlage 2 is een dynamisch rekenmodel om geïnteresseerde partijen de businesscase door te laten rekenen. Dat hangt af van aantal deelnemers, financiering en andere variabelen. Dit model geeft dan onder andere de aansluitkosten en maandbedragen. Het is bedoeld voor de partijen die straks samenwerken om het netwerk vorm te geven. Het model is nu nog niet ingevuld. 2.1 Draagvlak onder de inwoners is belangrijk Het is belangrijk dat de samenleving achter een initiatief zoals deze staat. Dit draagt eraan bij dat zoveel mogelijk inwoners vrijwillig een aansluiting willen. Om de businesscase rond te krijgen is het belangrijk dat het percentage van inwoners en bedrijven die willen aansluiten zo hoog mogelijk is. De nieuwe Warmtewet die binnenkort ingaat kan als gereedschap gebruikt worden om binnen een tijdspad van 8 jaar een kern van de aardgasvoorziening af te sluiten. Als dit op basis van vrijwilligheid kan gebeuren, zorgt dit voor een succesvol project met zo min mogelijk juridische risico's. 2.2 Inwoners zijn niet verplicht mee te doen. Inwoners van Hoek krijgen de keuze of ze mee willen doen aan het initiatief van het restwarmtenet. Het maakt niet uit of ze al een manier van alternatieve verwarming toepassen of niet. Verder kan het warmtenet bij huishoudens die al verduurzaamd zijn aanvullend worden ingezet. Deze technieken sluiten elkaar soms niet uit.

Het uitgangspunt is dat inwoners vrijwillig overstappen doordat er een passend aanbod wordt gedaan als alternatief voor de gasaansluiting. 3.1 Het aanbod dat het Warmtebedrijf doet aan de inwoners van Hoek moet goed gecontroleerd worden. Eerder hebben we een document met uitgangspunten opgesteld. Deze zijn gebaseerd op de uitgangspunten van de gemeenteraad. We controleren of het aanbod voldoet aan de lijst met uitgangspunten die eerder is opgesteld. Wanneer het aanbod grotendeels aan de lijst met uitgangspunten voldoet is de kans groot dat inwoners tevreden zijn met het aanbod en het project hierdoor doorgang kan vinden. Wat mag het kosten? De kosten voor het maken van de businesscase en de modellering van het complete net met het stratenplan in Hoek zijn reeds gemaakt. Het ging hier om een bedrag van €49.900. We hebben EAW subsidie gekregen van het Expertise Centrum Warmte. €20.660 van de kosten voor de opdracht is gedekt met deze subsidie. De overige €29.240 is gedekt met de bestemmingsreserve klimaatmiddelen. Daarop hebben we een aanvulling van het onderzoek aangevraagd, deze aanvulling was €13.100 voor een gevoeligheidsanalyse op de businesscase en verdere doorrekening van scenario's voor de back-up. De kosten van dit aanvullend onderzoek worden gedekt uit het budget milieubeheer en worden meegenomen in de rondvraag voor aanpassingen van de exploitatiebudgetten.

We hebben een overeenkomst gesloten met de belangenvereniging "Warmtevereniging Hoek". De vereniging komt op voor belangen van de inwoners in Hoek en zorgt voor draagvlak om een warmtenet te kunnen realiseren. We hebben €10.000 beschikbaar gesteld om om de vereniging de activiteiten uit de overeenkomst uit te laten voeren. De gesprekken met de verschillende partijen die een coalitie kunnen vormen kosten geen geld. Alleen de uren voor ambtelijke inzet.

6/7

De kosten van de bouw en exploitatie van eerste fase van het Restwarmtenet pilot Hoek zijn geraamd op 36 miljoen euro. Het warmtebedrijf inventariseert het totaal aantal aansluitingen met bijbehorende kosten en opbrengsten, de beschikbare subsidie vanuit het Rijk, Europa en overige subsidieprogramma's. Daarna is er bekend wat voor bedrag aan voorfinanciering er nodig is om de rest van het totale exploitatiebedrag af te dekken. De initiatiefnemers hebben beschikking tot publieke gelden o.a. via het moederbedrijf "Stedin groep". Aanvullende laagrenderende financiering kan worden aangevraagd bij de Bank Nederlandse Gemeenten. Inwoners krijgen een aanbod voor aansluiting op het warmtenet. Ook zal het warmtebedrijf een eenmalig bedrag vragen aan de inwoners voor de aansluitkosten. Het technische onderzoek geeft aan dat de totale aanlegkosten van het complete restwarmtenet 430 miljoen euro bedraagt. Dit hangt af van de trajectkeuze en de technieken die ingezet worden. Dit is nu nog niet aan de orde, maar pas bij de afronding van Restwarmtenet Hoek. Wat gaan we ervoor doen? 1. De initiatiefnemers werken samen om een "warmtebedrijf" op te richten. 2. Het warmtebedrijf inventariseert de businesscase, stratenplan en subsidiemogelijkheden. 3.

Het warmtebedrijf sluit een contract met Dow met gedetailleerde afspraken over temperaturen, vermogens en locatie(s) op het terrein en onder welke voorwaarden (kosten voor de restwarmte en duur van de beschikbaarheid). 4. Het college sluit een samenwerkingsovereenkomst (SOK) met het warmtebedrijf om afspraken te maken over de samenwerking. 5. Het warmtebedrijf doet een aanbod aan de inwoners van Hoek, dat kan rekenen op voldoende draagvlak en daarmee aanmeldingen. 6. We controleren of het aanbod voldoet aan de lijst met uitgangspunten die eerder is opgesteld. 7. De gemeente Terneuzen stelt zich faciliterend op en zorgt voor subsidieaanvragen bij het Rijk en Europa. 8. We faciliteren de ruimtelijke procedure (e.a.) vergunningen. Via de reguliere route, Commissie Omgeving en besluitvorming tijdens de raadsvergadering. 9. Realisatie van het restwarmtenet in Hoek, met de juiste overdimersionering voor aansluiting van de andere kernen. 10. Start tweede fase van het restwarmtenet; volgende kern. 11. Successievelijk de volgende fasen aansluiten van de overige wijken en kernen

7/7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12530896/1