CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-11-30 a. Vaststellen bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7 - Ontwerpbesluit

gemeenteraad 15 december 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 720.841 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeenteraad Ontwerpbesluit

Zitting van 15 december 2022 Omgeving & Economie - Planvorming zaaknummer: 366357

2022_Raad_00183 - Vaststelling bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7 Portefeuillehouder Frank Hulle,van Programma en/of paragraaf Programma Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Besluit Besluitpunt 1 De gemeenteraad besluit het bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7 als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0715.BPPHP14-VG01 met bijbehorende bestanden zowel in digitale als analoge ongewijzigd vast te stellen. Besluitpunt 2 De gemeenteraad besluit geen exploitatieplan vast te stellen conform artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening. Wat is de aanleiding? Het kerkje aan de Koningin Emmastraat 7 in Philippine heeft de bestemming 'Maatschappelijke doeleinden'. Initiatiefnemers willen het pand gaan inrichten als kapperszaak met een ondergeschikte horeca-functie. Om dit mogelijk te maken dient de bestemming 'Maatschappelijke doeleinden' te wijzigen naar 'Gemengd', waarbinnen dienstverlening en horeca is toegestaan. In het bestemmingsplan is hiervoor geen wijzigingsbevoegdheid opgenomen. Daarom doorlopen we de wijziging met een postzegelbestemmingsplan. Wat willen we bereiken? Het geven van een goede invulling aan de voormalige protestantse kerk. Hiermee versterken we het goede woon- en leefklimaat in Philippine.

1/140

Argumenten 1.1 Nieuwe invulling aan een voormalig kerkgebouw. Initiatiefnemers hebben in een historisch gebouw in Gent een kapsalon met een lichte horecafunctie. In het voormalig kerkgebouw aan de Koningin Emmastraat willen zij hetzelfde concept toepassen. Op deze manier wordt een nieuwe invulling gegeven aan een voormalig kerkgebouw. 1.2 Geen zienswijzen ontvangen Het ontwerp bestemmingsplan ‘Philippine, Koningin Emmastraat 7’ met bijbehorende stukken lag van donderdag 4 augustus 2022 september tot en met woensdag 14 september 2022 ter inzage. Binnen de termijn van ter inzagelegging zijn geen zienswijzen kenbaar gemaakt. Hierdoor kan het bestemmingsplan ongewijzigd worden vastgesteld. Kanttekeningen Er zijn geen kanttekeningen bij dit advies. Wat mag het kosten? Er zijn voor de gemeente geen financiële consequenties aan de procedure verbonden. Kosten zijn via de anterieure overeenkomst verhaald. Wat gaan we ervoor doen? Nadat het bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7 is vastgesteld wordt het besluit bekend gemaakt in: •

ZVA en Gemeenteblad.

•

www.ruimtelijkeplannen.nl en de gemeentelijke website.

•

Vervolgens wordt het bestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegd voor de beroepstermijn bij de Raad van State.

Bijlagen 1. OBP Philippine, Koningin Emmastraat 7 (27-07-2022).pdf 2. Verbeelding Kon. Emmastraat 7.pdf

2/140

ONTWERP

BESTEMMINGSPLAN PHILIPPINE, KONINGIN EMMASTRAAT 7

ORDITO.NL

3/140

BESTEMMINGSPLAN PHILIPPINE, KONINGIN EMMASTRAAT 7 GEMEENTE TERNEUZEN Planstatus

Ontwerp

Datum

27 - 07 - 2022

Plan identificatie

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

Auteur(s)

Rinaldo Konings, Cristian van Kuijk

Ordito b.v.

E

info@ordito.nl

Postbus 94

T

0161 801 022

5126 ZH

I

www.ordito.nl

Gilze

KVK

54811554

4/140

TOELICHTING

5/140

1.

Inleiding

3

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Geldend bestemmingsplan Bij het plan behorende stukken Leeswijzer

3 3 4 5 5

2

Bestaande en toekomstige situatie

6

2.1 2.2 2.3

Historische context Ruimtelijke structuur omgeving Bestaande situatie

6 6 7

3.

Toekomstige situatie

9

4.

Beleidskader

11

4.1 4.2 4.3

Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid

11 13 14

5

Randvoorwaarden

17

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11

Archeologie Bedrijven en milieuzonering Bodemkwaliteit Cultuurhistorie Externe veiligheid Geluid Luchtkwaliteit Natuurwetgeving Verkeer en parkeren Water Vormvrije mer

17 22 24 25 28 30 31 32 33 35 38

6.

Juridische aspecten

39

6.1 6.2 6.3

Verbeelding Planregels Toelichting op de bestemmingen

39 39 39

7.

Uitvoerbaarheid

41

7.1 7.2

Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid

41 41

Bijlagen: Bijlage 1: Schetsontwerp Bijlage 2: Archeologische toets Bijlage 3: Vooronderzoek bodem Bijlage 4: Memo parkeren

6/140

Locatie Koningin Emmastraat 7, plangebied is rood omlijnd

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

7/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|3

1. INLEIDING 1.1 Aanleiding De aanleiding voor het opstellen van dit bestemmingsplan is de wens om een kapsalon met horeca (koffiehuis) te vestigen in de protestantse kerk aan de Koningin Emmastraat 7 in Philippine. Het betreft een concept wat initiatiefnemers al in Gent uitbaten in eveneens een historisch pand. Het idee is om dit concept uit te breiden in Philippine. De horecafunctie (koffiehuis) zal daarbij fungeren als een extra service en kwaliteitsbeleving voor bezoekers aan de kapsalon. De combinatie kapsalon met horeca is (voor zover bekend) nieuw in Terneuzen. De locatie ligt binnen het bestemmingsplan ‘Terneuzen Philippine’. Hierop rust de enkelbestemming ‘Maatschappelijke doeleinden’ en de dubbelbestemming – archeologisch waardevol gebied. De bestemming zal gewijzigd worden naar ‘Gemend’, waarbinnen dienstverlening en horeca is toegestaan. De functies dienstverlening en horeca zullen gescheiden blijven door middel van een aanduiding. Om bovenstaande ontwikkeling mogelijk te maken dient het geldend bestemmingsplan aangepast te worden.

1.2 Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied ligt aan de Koningin Emmastraat in het zuidwesten van de woonkern Philippine, in de gemeente Terneuzen. De begrenzing van het plangebied is gelijk aan de begrenzing van het perceel dat kadastraal bekend is als gemeente Philippine, sectie C, nummer 3076. Het plangebied heeft een totale oppervlakte van 531 m2.

Ligging en begrenzing plangebied NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

8/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|4

1.3 Geldend bestemmingsplan Ter plaatse van het plangebied geldt het bestemmingsplan ‘Terneuzen Philippine’ dat op 11 september 2008 door de gemeenteraad is vastgesteld. Daarnaast geldt voor deze locatie de facetbestemmingsplannen ‘Parkeren Terneuzen’ (vastgesteld op 7 februari 2019) en ‘Wonen Terneuzen’ (vastgesteld op 1 juli 2021). In het bestemmingsplan heeft het plangebied de bestemming ‘Maatschappelijke doeleinden’ en ‘Wonen’ met enkele bijbehorende maatvoeringen/aanduidingen. Verder ligt de dubbelbestemming ‘Archeologisch waardevol gebied’ op het plangebied.

Uitsnede geldend bestemmingsplan, plangebied is rood omlijnd

De gronden behorend bij Koningin Emmastraat 7 hebben grotendeels de bestemming ‘Maatschappelijke doeleinden’. Deze gronden zijn bestemd voor gebouwen ten behoeve van maatschappelijke voorzieningen. Het maximaal toelaatbaar oppervlak aan gebouwen en overkappingen bedraagt (ter plaatse van de maatvoering voor bebouwingspercentage terrein) 100%, waardoor dit gedeelte van het plangebied volledig bebouwd mag worden. Voor dit gedeelte van het terrein is echter geen goot- of bouwhoogte opgenomen. Aan de voorzijde van de bebouwing is de aanduiding ‘zonder gebouwen (z)’ opgenomen, waarvoor geldt dat op deze gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zijn toegestaan. Voor de noord- en westzijde van de bestemming is een maximale bouwhoogte van 3 meter opgenomen. Het noordelijke deel van het plangebied is bestemd ten behoeve van woondoeleinden. Deze gronden behoren echter wel bij het kadastrale perceel van Koningin Emmastraat 7. De voor ‘Woondoeleinden’ bestemde gronden zijn bestemd voor woningen. Op de gronden binnen het plangebied is geen hoofdgebouw toegestaan, aangezien er geen bouwvlak aanwezig is. Wel zijn de aanduidingen ‘voortuin (vt)’ en ‘erf (e)’ opgenomen.

Ter plaatse van de aanduiding (vt), gelegen aan de voorzijde van het perceel, zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan en geldt een maximale bouwhoogte van 1,00 meter voor erf- en terreinafscheidingen. Binnen de aanduiding (e) mogen zowel bijbehorende bouwwerken als bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd. De gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen binnen deze aanduiding bedraagt maximaal 60 m2. Verder is de dubbelbestemming ‘Archeologisch waardevol gebied’ aanwezig binnen het plangebied. De hiervoor aangewezen gronden zijn mede bestemd voor de bescherming van de archeologische (verwachtings)waarden. Bouwwerken ten behoeve van de andere voor de gronden geldende bestemmingen zijn op deze gronden slechts toelaatbaar, indien daarvoor vrijstelling door burgemeester en wethouders is verleend. Vrijstelling wordt verleend, indien de archeologische

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

9/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|5

belangen niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad. Een vrijstelling door het bevoegd gezag is niet vereist als de grondwerkzaamheden niet dieper zijn dan 30 cm beneden het maaiveld en/of de oppervlakte van het bouwwerk niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering in omvang en diepte niet wordt aangepast.

1.4 Bij het plan behorende stukken Het postzegelbestemmingsplan bestaat uit de volgende onderdelen: • Verbeelding: Op de verbeelding zijn de bestemmingen in het plangebied weergegeven. Deze bestemmingen zijn gerelateerd aan de in de regels opgenomen juridische regeling. •

Regels: In de regels is het gebruik en de bouwhoogtes van de binnen het plangebied aangegeven gronden, opstallen en ander gebruik van de gronden juridisch geregeld. Per bestemming is aangeven wat binnen die bestemming mogelijk en/of toegestaan is.

•

Toelichting: In de toelichting worden de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en de uitkomsten van eventueel uitgevoerde onderzoeken opgenomen.

1.5 Leeswijzer De toelichting is opgebouwd uit verschillende hoofdstukken. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de huidige situatie van het plangebied, waarna in hoofdstuk 3 de beoogde toekomstige situatie wordt weergegeven. Een beschrijving en toetsing van het relevante beleidskader op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau staat in hoofdstuk 4. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 de milieukundige randvoorwaarden en onderzoeken aan de orde. De juridische opzet van het plan staat in hoofdstuk 6. De financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid worden in hoofdstuk 7 beschreven.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

10/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|6

2 BESTAANDE EN TOEKOMSTIGE SITUATIE 2.1

Historische context

Rond 1500 na Christus bestond het gebied rondom het huidige Philippine uit schorren, slikken en geulen. Philips de Schone gaf in 1505 toestemming aan zijn hoveling Jeronymus Laureijne om hier te herdijken en er een stad te bouwen: Philippine. De stad lag zeer gunstig aan het water, kreeg uitgebreide stadsrechten en mocht belasting heffen. Visserij was altijd de belangrijkste bron van inkomsten. Voor 1815 ging het om garnalen, haring en platvis, daarna beleefde de mosselvisserij haar opkomst. In 1839 werd Philippine de officiële mossellosplaats. Dat leidde tot de vestiging van ervaren vissers met kennis, waardoor de mosselteelt en –handel een grote vlucht nam. Na 1850 groeide de bevolking in snel tempo door en breidden de vissers hun mosselteelt uit naar de Braakman en andere Zeeuwse wateren. Uiteindelijk kwam er een einde aan de haven en visserij in Philippine. Ondanks de spuikom verzandde het kanaal naar de Braakman en weken grotere schepen uit naar de beter bereikbare havens zoals Terneuzen. Wat niet verdween uit Philippine is de mosselcultuur.

2.2

Ruimtelijke structuur omgeving

Philippine ligt zuidwestelijk van Terneuzen in het open agrarische gebied van West-ZeeuwsVlaanderen en heeft een landelijk karakter. De contouren van de kleine voormalige vestingstad zijn aan de zuidzijde nog aanwezig. In werkelijkheid zijn deze nauwelijks zichtbaar, behalve in de loop van watergangen tussen de agrarische gronden. Een brede strook met agrarisch grondgebruik vormt een harde grens met de bebouwingsrand van de oude kern. In het oudste deel van Philippine zijn de Weststraat en de Gentse Breedstraat, die samenkomen op het Philipsplein, van oudsher bepalend voor de ruimtelijke opbouw van de kern. Aan dit plein liggen woonhuizen, een aantal restaurants en een kerk.

Landschapsstructuur Philippine, plangebied is rood omlijnd NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

11/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|7

De Kasteelstraat is de belangrijkste weg van Philippine. Richting het oosten vormt de Zandstraat een belangrijke ontsluiting in de richting van Terneuzen en Sas van Gent. De doorgaande weg Kasteelstraat ligt ten noorden van het plangebied. De uitbreidingen in Philippine hebben een monofunctioneel karakter: het wonen overheerst en andere functies zijn slechts sporadisch aanwezig. Het kanaal, dat de haven met de Braakman verbond, is nu afgesloten. De grootste naoorlogse woonwijk van Philippine is westelijk van het kanaal, oostelijk ligt een kleinere, rustige wijk en een park.

2.3

Bestaande situatie

Het plangebied ligt aan de westzijde van de Koningin Emmastraat en circa 25 meter ten zuiden van de doorgaande weg Kasteelstraat. Binnen het plangebied is een kerkgebouw aanwezig met een bijbehorend bouwwerk aan de achterzijde van het pand. De bebouwing betreft een voormalige hervormde kerk die is aangewezen als een gemeentelijk monument. Tot voor kort was er in het pand een kinderdagverblijf gevestigd. Het kerkgebouw ligt aan de zuidzijde van het plangebied en het aangebouwde bijbehorende bouwwerk aan de westzijde. De totale oppervlakte van de bebouwing bedraagt circa 225 m2. Delen van de noord- en oostzijde van het plangebied zijn onbebouwd, maar wel deels verhard.

Bestaande situatie plangebied

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

12/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|8

Vogel- en vooraanzicht plangebied

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

13/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|9

3.

TOEKOMSTIGE SITUATIE

3.1. Inleiding Het voorliggende bestemmingsplan maakt het omvormen van een voormalig kerkgebouw (met tot voor kort een functie als kinderdagverblijf) naar een nieuwe gemengde functie met een kapsalon en horeca mogelijk. De wens is om de kapsalon met horeca te vestigen in de voormalig hervormde kerk aan de Koningin Emmastraat 7 in Philippine. Het betreft een concept wat initiatiefnemers al elders (in Gent) uitbaten in eveneens een historisch pand. Het idee is om dit concept verder uit te breiden naar Philippine. De horecafunctie (koffiehuis) zal daarbij fungeren als een extra service en kwaliteitsbeleving voor bezoekers aan de kapsalon. Doordat de horecafunctie fungeert als extra service bij de kapsalon, dienen de openingstijden van het koffiehuis gekoppeld te worden aan de openingstijden van de kapsalon. De combinatie kapsalon met horeca is (voor zover bekend) nieuw in Terneuzen.

3.2. Functie Het plangebied is momenteel volledig bestemd ten behoeve van maatschappelijke doeleinden. In de toekomstige situatie zal dit gewijzigd worden naar de bestemming ‘Gemengd’. De bebouwing blijft volledig in dezelfde staat behouden als in de bestaande situatie. De voormalige kerk wordt een haarsalon ondersteunend met een koffiesalon. Het koffiehuis wordt gevestigd aan de voorzijde van het perceel en binnen het gebouw van de voormalig hervormde kerk. Om te voorkomen dat binnen het gehele plangebied horeca wordt toegestaan, zal een aanduiding opgenomen worden ter hoogte van de voormalig hervormde kerk. Ter plaatse van deze aanduiding (specifieke vorm van Horeca – 1) is horeca voor zover die voorkomt in categorie 1 van de Staat van Horeca activiteiten toegestaan. Hieronder vallen horecabedrijven zoals een broodjeszaak, cafetaria, koffiebar, lunchroom, snackbar, etc. Verder is het voornemen om in de buitenlucht, grenzend aan de bebouwing, een terras mogelijk te maken. Het terras heeft een oppervlakte van circa 100 m2, waarbij het terras toegankelijk is via het koffiehuis. Om dit planologisch toe staan, is de aanduiding ‘terras’ opgenomen ter plaatse van de voorgenomen locatie. Verder is op de gehele bestemming dienstverlening toegestaan, waardoor automatisch de kapsalon mogelijk wordt gemaakt.

Beoogd wordt om de kapsalon te realiseren binnen het bijbehorende bouwwerk op de achterzijde van het perceel. Aan de voorzijde van het perceel (grenzend aan de Koningin Emmastraat) wordt ruimte vrijgehouden voor parkeerplaatsen en een aparte fietsenstalling. De parkeerplaatsen worden aan de noordoostzijde van het plangebied gesitueerd, waardoor een vrij beeld behouden blijft op de entree van het hoofdgebouw. Het aspect parkeren is nader uitgewerkt in paragraaf 3.3 en 5.9 van deze toelichting. In onderstaande afbeelding is de indeling van de toekomstige situatie van het plangebied weergegeven. De ontwerpschets van de toekomstige situatie is tevens toegevoegd als bijlage bij deze toelichting.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

14/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|10

Beoogde situatie plangebied

3.3. Parkeren Op de gronden aan de oostzijde van het plangebied wordt het juridisch-planologisch mogelijk gemaakt om te parkeren. Parkeren zal gedeeltelijk op eigen terrein plaats vinden en gedeeltelijk in het openbaar gebied. Op deze manier wordt de parkeerdruk opgevangen. Door het realiseren van enkele parkeerplaatsen binnen het plangebied wordt geprobeerd om de parkeerdruk zoveel mogelijk op eigen terrein op te vangen. De volledige onderbouwing omtrent het aspect parkeren is nader uitgewerkt in paragraaf 5.9 van deze toelichting.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

15/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|11

4.

BELEIDSKADER

4.1 Rijksbeleid Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is geheel opgenomen in deze nieuwe visie. De Nationale Omgevingsvisie biedt een duurzaam perspectief voor de leefomgeving. Hiermee kan het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die voor hen liggen. Allerlei trends en ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering vormen slechts een deel van de opgaven. Dit biedt kansen, maar vraagt wel om zorgvuldige keuzes. Want ruimte, zowel boven-, als ondergronds, is een schaars goed. Het combineren van al die opgaven vraagt een nieuwe manier van werken. Niet van bovenaf opgelegd, maar in goede samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en burgers. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt.

Met de NOVI zet het Rijk een proces in gang waarmee keuzes voor de leefomgeving sneller en beter kunnen worden gemaakt. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Deze belangen komen samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptie en energietransitie; 2. Duurzaam economisch groeipotentieel; 3. Sterke en gezonde steden en regio’s; 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Door het nationale karakter van de NOVI en de kleine schaal van onderhavig plan, heeft het voornemen nauwelijks raakvlak met dit nationale kader. Met onderhavig planvoornemen zijn geen nationale belangen in het geding. Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte bepaalt welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op lokaal niveau. Ten aanzien daarvan is een borging door middel van normstelling, gebaseerd op de Wro, gewenst. Die uitspraken onderscheiden zich in die zin dat provincies en gemeenten wordt gevraagd om de inhoud daarvan te laten doorwerken in de ruimtelijke besluitvorming. Zij zijn dus concreet normstellend bedoeld en worden geacht direct of indirect, d.w.z.

door tussenkomst van de provincie, door te werken tot op het niveau van de lokale besluitvorming, zoals de vaststelling van bestemmingsplannen. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) bevestigd in juridische zin die kaderstellende uitspraken. Het Barro is op 30 december 2011 in werking getreden.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

16/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|12

Ladder voor duurzame verstedelijking Op 1 oktober 2012 is het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ (verder: ‘de ladder’) als motiveringseis opgenomen. Doel van de ladder is het bereiken van een goede ruimtelijke ordening door optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de ladder vraaggerichte programmering bevorderen. De ladder beoogt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten. Sinds 1 juli 2017 is de ‘nieuwe’ ladder voor duurzame verstedelijking in werking getreden. De traditionele drie opeenvolgende treden van ‘de ladder’ zijn hierbij komen te vervallen. De wijziging heeft als doel de regeling te vereenvoudigen, waarbij de effectiviteit van het instrument behouden moet blijven. Een onderzoek naar de behoefte heeft slechts tot doel na te gaan of de vestiging van een dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. De Laddertoets geldt alleen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Beoordeeld moet dan worden of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd.

Daarnaast dienen nieuwe stedelijke ontwikkelingen in beginsel in bestaand stedelijk gebied (BSG) te worden gerealiseerd. Als het niet mogelijk is de ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied te ontwikkelen bestaat de mogelijkheid om buiten het BSG te ontwikkelen. In artikel 1.1.1 onder h van het Bro wordt bestaand stedelijk gebied als volgt gedefinieerd: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. Tot slot dient de behoefte van de nieuwe stedelijke ontwikkeling te worden onderbouwd. Dit geldt voor ontwikkelingen binnen het BSG als ontwikkelingen daarbuiten. Kort gezegd is de ‘behoefte’ het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling verminderd met het aanbod in planologische besluiten. Toetsing Om te bepalen of een planvoornemen Ladderplichtig is dient getoetst te worden of de voorziene ontwikkeling wel of niet een nieuwe stedelijke ontwikkeling is. Het planvoornemen betreft de functiewijziging van maatschappelijke doeleinden naar dienstverlening met horeca, waarbij uitsluitend inpandige bouw- en/of sloopwerkzaamheden plaatsvinden. Het volledige plangebied blijft behouden in de huidige staat.

Het planvoornemen voorziet daarmee niet in extra ruimtebeslag ten opzichte van de vigerende situatie. Daarnaast is er ‘in beginsel’ pas sprake van een stedelijke ontwikkeling bij een bruto-vloeroppervlakte van meer dan 500 m2. Onderhavig planvoornemen blijft onder de gestelde ondergrens van 500 m2. Hierdoor is geen sprake van een ‘nieuwe’ stedelijke ontwikkeling als bedoeld in de Laddertoets. Wel is een motivering nodig waaruit blijkt dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening, waarbij aandacht wordt besteed aan de behoefte van het plan. Het plangebied ligt aan de zuidwestzijde van de woonkern Philippine. Ter plaatse van het plangebied is momenteel een voormalig hervormde kerk aanwezig. Het kerkgebouw is in de huidige situatie sinds kort niet meer in gebruik, waardoor een functiewijziging ten goede komt aan de

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

17/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|13

leefbaarheid en leidt tot een zorgvuldige herinrichting van het plangebied. De mogelijk te vestigen functies binnen het plangebied zijn beperkt, aangezien de bebouwing is aangewezen als gemeentelijk monument. Hierdoor zijn fysieke ingrepen aan het uiterlijk vertoon van de bebouwing niet toegestaan. Het vestigen van een kapsalon met horeca (koffiehuis) is een concept wat uitgebaat kan worden in een historisch pand. Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het rijksbeleid.

4.2 Provinciaal beleid Omgevingsplan Zeeland 2018 Op 21 september 2018 hebben de Provinciale Staten van de Provincie Zeeland het Omgevingsplan Zeeland 2018 en de Omgevingsverordening 2018 vastgesteld. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 geeft de provinciale visie op Zeeland. De bijbehorende regels zijn opgenomen in de verordening. Het omgevingsplan zal de transitie naar de Omgevingswet ondersteunen. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 blijft geldig tot vaststelling van de Nieuwe Omgevingsvisie behorend bij de Omgevingswet, naar verwachting in 2021. Het Omgevingsplan Zeeland 2018 vervangt het voorgaande Omgevingsplan Zeeland 2012-2018. Het overgrote deel is geen nieuw beleid, maar flink opgeruimd en opnieuw ingericht op basis van vier grote strategische opgaven. Daarbij is het uitgangspunt dat de kwaliteiten en kansen van Zeeland op het gebied van economie, ruimte, mobiliteit, natuur, cultuur, water en milieu worden versterkt. De hoofdlijnen van het beleid richten zich daarom ook op: • Duurzame en concurrerende economie; • Klimaatbestendige en –neutrale samenleving; • Waardevolle leefomgeving; • Toekomstbestendige bereikbare woon-, werk- en verblijfsomgeving. De provincie heeft hierbij verschillende rollen en taken binnen het netwerk van samenwerkend Zeeland.

Voor zover het past in het wettelijk kader wordt er uitgegaan van de filosofie uit de omgevingswet, namelijk het denken van ‘nee tenzij’ naar ‘ja, mits’ en het hanteren van loslaten en vertrouwen. De provincie streeft daarbij naar een herkenbare, prettige, schone, veilige en aantrekkelijke leefomgeving, waar mensen graag wonen, werken en verblijven, die uitnodigt tot gezond gedrag en waar de druk op de gezondheid zo laag mogelijk is. Structuur, identiteit en inpassing van nieuwe ontwikkelingen in hun omgeving zijn belangrijk voor de ruimtelijke kwaliteit. Deze is op zijn beurt weer bepalend voor het woon- en leefklimaat van steden en dorpen. Provinciale Omgevingsverordening Provincie Zeeland 2018, 7e wijziging Op 29 juni 2021 hebben de Provinciale Staten van de provincie Zeeland de Provinciale Omgevingsverordening Provincie Zeeland 2018, 7e wijziging, vastgesteld. De Omgevingsverordening Zeeland 2018 vervangt de verordening ruimte provincie Zeeland. De Omgevingsverordening richt zich – net zo breed als het Omgevingsplan – op de fysieke leefomgeving in de Provincie Zeeland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, maar ook op het gebied van mobiliteit, milieu, natuur, water en bodem.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

18/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|14

In de Omgevingsverordening zijn geen specifieke regels opgenomen over dienstverlening en/of horeca. Wel zijn regels opgenomen over bedrijven in het algemeen. Zo is opgenomen dat in een bestemmingsplan uitsluitend bedrijven worden toegelaten op gronden die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening daartoe zijn bestemd alsmede op bedrijventerrein. Deze regeling is echter niet van toepassing op onder andere horecabedrijven en solitaire bedrijvigheid binnen bestaand stedelijk gebied. Hierdoor is het, op basis van de Omgevingsverordening, toegestaan om de voorgenomen kapsalon met horeca mogelijk te maken op de gronden binnen het plangebied. In dit geval is namelijk sprake van solitaire bedrijvigheid binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het provinciaal beleid.

4.3 Gemeentelijk beleid Structuurvisie gemeente Terneuzen 2025 Op 16 december 2010 is de Structuurvisie Terneuzen vastgesteld. De structuurvisie geeft richting aan de gewenste ruimtelijke inrichting van een gebied, waardoor voor een ieder in algemene zin duidelijk is of bepaalde initiatieven daarbinnen passen. Voor het gemeentebestuur is de structuurvisie een belangrijk kader voor de afweging van concrete ruimtelijke beslissingen en voor de inzet daartoe van uitvoeringsinstrumenten, zoals het opstellen van bestemmingsplannen, het beschikbaar stellen van financiële middelen en het sluiten van (bestuurs)overeenkomsten. De structuurvisie gaat tevens in op de wijze waarop het gemeentebestuur zich voorstelt de voorgenomen ontwikkelingen te doen verwezenlijken. De visiekaart kan gezien worden als een doorvertaling vanuit het duurzaam ruimtelijke structuurbeeld naar een te verwachten toekomstbeeld anno 2025, rekening houdende met de ontwikkelingen in de economie en in de leefomgevingskwaliteit (wonen, maatschappelijke voorzieningen, recreatie, natuur en water). Deze visiekaart is geënt op het gehele grondgebied van Terneuzen en doet derhalve geen concrete uitspraken over kleinschalige ontwikkelingen in kernen. Structuren, routes en zoneringen vormen de ingrediënten waarmee de visiekaart is opgebouwd.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

19/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|15

Uitsnede structuurvisiekaart gemeente Terneuzen, plangebied globaal rood omlijnd

Het perceel ligt in een gebied dat volgens de structuurvisiekaart onder ‘woongebied’ en ‘te versterken pleisterplaats’ valt. Vanuit de structuurvisie is, ter plaatse van het plangebied, geen ruimtelijke strategie opgenomen voor ‘woongebied’. Het gebied aangewezen als ‘te versterken pleisterplaats’ wordt in de structuurvisie gekoppeld aan enkele (mogelijk) te versterken gebieden. De te versterken gebieden worden als zodanig waardevol aangemerkt dat de gemeente actief beleid wil voeren om de waarde van deze gebieden voor de gemeente in de toekomst te behouden en waar mogelijk te versterken. Het gaat hierbij enerzijds om de centrumgebieden van de grotere kernen en de gebieden met een regionale functie/ uitstraling en anderzijds om de versterking van de Liniezone, met name gerelateerd aan de Staats-Spaanse Linies. Ter plaatse van het plangebied is in de structuurvisie een verwijzing gemaakt naar het versterken van het ‘centrumgebied’ en de ‘Liniezone’. De mix van functies in de centrumgebieden van Axel, Biervliet, Philippine, Sluiskil en Sas van Gent vormt een spil in het maatschappelijke en sociale netwerk van de gemeente. Deze centrumfuncties zullen daar waar mogelijk worden versterkt. Verder is het de ambitie van de gemeente om de Liniezone te versterken.

De Liniezone met de restanten van de Staats-Spaanse Linies zal worden opgewaardeerd op een zodanige manier dat de verschillende forten en verdedigingswerken in het landschap beter herkenbaar worden en een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan de toeristisch-recreatieve infrastructuur van de gemeente. Zowel ten oosten (rondom Axel) als ten westen (rondom Hoek en Philippine) zal deze verbinding een impuls krijgen. Het planvoornemen voorziet in een functiewijziging naar dienstverlening met horeca. Een dergelijke functie kan beschouwd worden als centrumfunctie. De horecafunctie (koffiehuis) zal gaan fungeren als een extra service en kwaliteitsbeleving voor bezoekers aan de kapsalon. Daarbij is de combinatie kapsalon met horeca (voor zover bekend) nieuw in Terneuzen. Hierdoor worden het aanbod in centrumfuncties vergroot (en dus versterkt) in de kern Philippine. Verder voorziet het planvoornemen niet in ontwikkelingen die betrekking hebben tot de toeristisch-recreatieve infrastructuur van de Liniezone.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

20/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|16

Excessenregeling Terneuzen, Beleidsnota welstand (2013) De gemeenteraad van Terneuzen heeft eind 2012 besloten het welstandsbeleid te herzien. Hierbij heeft de gemeenteraad tevens gebruik gemaakt van de mogelijkheid die de wetgever biedt om de welstandscommissie af te schaffen. Het nieuwe welstandsbeleid, de excessenregeling, wordt ambtelijk getoetst. Het ‘nieuwe’ welstandsbeleid van de gemeente Terneuzen gaat uit van de gedachte dat burgers zelf voldoende inzicht hebben in redelijke eisen van welstand. De gemeente zorgt daarom slechts voor een minimaal noodzakelijk vangnet voor ruimtelijke kwaliteit. De gemeente grijpt alleen achteraf in bij een exces. Van een exces is sprake wanneer een bouwwerk in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand. Criteria hiervoor zijn opgenomen in de beleidsnota welstand. Voor monumenten en een aantal beeldbepalende boerderijen en schuren in het buitengebied zal welstandstoezicht vooraf blijven bestaan. Binnen het plangebied is een gemeentelijk monument aanwezig. Met het voornemen vinden echter geen bouw- en/of sloopwerkzaamheden plaats waarbij de uiterlijke vertoning van het pand wordt gewijzigd. De ontwikkeling voorziet namelijk uitsluitend in inpandige bouw- en/of sloopwerkzaamheden. Zodoende is toetsing aan de welstandseisen niet van toepassing. Conclusie Het planvoornemen sluit aan bij het gemeentelijk beleid.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

21/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|17

5 RANDVOORWAARDEN Dit hoofdstuk bevat een beschouwing op die factoren die een beperking kunnen inhouden voor het planvoornemen. Het gaat hierbij om onder andere archeologie, bodem, externe veiligheid, luchtkwaliteit en water.

5.1

Archeologie

Wettelijk kader en beleid Met de ondertekening van het Verdrag van Malta in 1992 door bijna alle Europese landen (waaronder Nederland), werd archeologie steeds meer een onderdeel van de ruimtelijke planvorming. Sinds het in werking treden van de Wet op de archeologische monumentenzorg (WAMZ) op 1 september 2007 dienen alle bestemmingsplannen en beheersverordeningen voorzien te zijn van een archeologische paragraaf, waarin is opgenomen hoe wordt omgegaan met bekende en te verwachten archeologische waarden. De Erfgoedwet uit 2016 borduurt hier op voort. Interim-beleid archeologie gemeente Terneuzen Op 27 januari 2011 is door de gemeenteraad van Terneuzen het Interim-beleid archeologie vastgesteld. De insteek van dit beleid is het regelen van archeologie in ruimtelijke plannen. In een cyclus van 10 jaar zullen alle ruimtelijke plannen aangepast worden, waarbij archeologie in de plannen zal worden ingebracht of geactualiseerd aan de hand van het dan geldende beleid. Als vangnet fungeert de Erfgoedverordening Terneuzen 2011. Deze verordening is geactualiseerd en is in samenhang met het archeologiebeleid opnieuw vastgesteld. In lijn met de intentie van de wetgever wordt een algemene vrijstelling voor archeologie verleend tot 100 m 2 voor de zogenaamde kruimelgevallen.

De achterliggende gedachte van het archeologiebeleid is het in beeld brengen van de gebieden in de gemeente Terneuzen met een archeologische verwachtingswaarde. Deze verwachtingswaarde kan per gebied en per geologische laag verschillen. De insteek is daarbij soepel waar het kan en streng waar nodig. Voor een aantal gebieden is de huidige kennis ontoereikend. Deze leemten worden in de toekomst ingevuld. Aan de hand van de archeologische verwachtingswaarde wordt per deelgebied een grens gesteld waarboven archeologisch onderzoek verplicht is en waaronder vrijstelling wordt verleend. Een en ander is uitgewerkt in een stroomschema in bijlage 1 van de beleidsnota ‘De onderste steen boven? Interim-beleid archeologie gemeente Terneuzen’. Wanneer archeologisch onderzoek verplicht is, dient de archeologische monumentenzorg cyclus (AMZ-cyclus) te worden doorlopen. Deze cyclus is er op gericht om te beoordelen of verdergaand onderzoek of behoud noodzakelijk is. Voor de uitvoering en de beoordeling van de onderzoeken wordt aangesloten bij de landelijke en provinciale regelgeving. Door deze cyclus op een goede manier te doorlopen kan een gedegen afweging gemaakt worden waar behoud ter plaatse (in situ) of een opgraving (ex situ) noodzakelijk is of achterwege kan blijven.

Toetsingscriteria Om inzicht te krijgen in de archeologische verwachtingswaarde van een gebied of locatie dient aan vijf criteria te worden getoetst. Daarnaast dient de actuele vrijstellingenkaart archeologie van de gemeente geraadpleegd te worden.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

22/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|18

1.

2.

3.

4.

5.

De Archeologische Monumentenkaart (AMK). Deze kaart geeft de wettelijk beschermde archeologische monumenten weer, waarvoor het Rijk bevoegd gezag is. In de gemeente Terneuzen zijn dat restanten van kastelen in Axel en Zaamslag (Torenberg). Daarnaast bevat de kaart de door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) gewaardeerde gebieden met een (hoge) archeologische waarde. Dit betreft vele oude dorps- en stadskernen zoals Axel, de oude kern van Terneuzen en Zaamslag. De Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW). Deze kaart geeft de trefkans weer op het aantreffen van archeologische vindplaatsen binnen de bovenste 1,20 meter van de bodem. Deze kaart is gebaseerd op de Geomorfologische en Geologische kaart van Nederland. Bij een hoge trefkans wordt aangesloten bij de wettelijke vrijstelling van 100 m2. Voor een middelhoge trefkans kan een ruimere norm gelden. Deze wordt arbitrair vastgelegd op 500 m 2. Archis (Archeologisch Informatie Systeem) 3.0. Dit is de landelijke database waarin alle (recent uitgevoerde) archeologische onderzoeken en vondsten worden opgeslagen. Deze database geeft een indicatie van de vondsten die gedaan zijn. Veel of belangrijke vondsten kunnen een hogere archeologische verwachtingswaarde geven aan een gebied. Archief van het Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD) en informatie die aanwezig is bij de beleidsmedewerker archeologie van de gemeente.

In het ZAD berusten de verslagen van een aantal in het verleden in Zeeland uitgevoerde archeologische onderzoeken, gegevens over losse vondsten en dergelijke. Dit archief geeft een indicatie van de vondsten die in het verleden gedaan zijn. Veel of belangrijke vondsten kunnen een hogere archeologische verwachtingswaarde geven aan een gebied. In de praktijk wordt de toets op Archis, ZAD en gemeente gecombineerd, of in het kader van het bureauonderzoek uitgevoerd. De bodemopbouw. Aan de hand van de Geologische kaart van Nederland kan nagegaan worden welke geologische, voor de archeologie relevante, bodemlagen aanwezig zijn. Daarbij kan gedacht worden aan de volgende bodemlagen: o Pleistoceen dekzand: vanaf de Steentijd o Hollandveen: vanaf de ijzertijd en Romeinse tijd o Duinkerke II, inclusief ‘oudere afzettingen van Duinkerke’: vanaf de middeleeuwen o Duinkerke IIIa/b: vanaf de Nieuwe Tijd

In de loop van 2014 werd door de gemeente de vrijstellingenkaart archeologie opgesteld en deze werd in 2017 geactualiseerd. Op deze kaart is aangegeven waar en met welke diepte de vrijstellingsdiepte verruimd kan worden.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

23/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|19

Toetsing 1. De Archeologische Monumentenkaart (AMK) Binnen de grenzen van het plangebied bevindt zich volgens de Archeologische Monumentenkaart (AMK) een terrein met een hoge archeologische waarde.

Uitsnede Archeologische Monumentenkaart (AMK), plangebied is rood omlijnd

2. De indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) Op de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) ligt het plangebied binnen een zone die wordt gekenmerkt door een zeer lage trefkans op het aantreffen van archeologische waarden.

Uitsnede Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW), plangebied globaal rood omlijnd

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

24/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|20

3. Archeologische Informatie Systeem (Archis) Ten behoeve van het Archeologisch Informatie Systeem (Archis) heeft Aeres Milieu B.V. een archeologische toets ten behoeve van Archis1 voor de Koningin Emmastraat 7 te Philippine uitgevoerd. Het plangebied ligt binnen een monument van hoge archeologische waarde (Monumentnummer 13501). Het betreft de contouren van de oude vestingstad. Philippine is een oude vestingstad en werd in 1505 gesticht binnen de bedijkte polder. In 1583 werd door Parma een vierkante schans (50x50m) aangelegd, dit was ten dele als reactie op de door Staatsen opgeworpen Moffenschans ten Zuiden van Terneuzen. In 1633 viel Philippine toch in handen van de noordelijke Nederlanden. De stad werd het verder versterkt en uitgebreid met een kasteel, bastions, ravelijnen en een waterpoort. In de directe omgeving van het plangebied zijn tevens enkele onderzoeksmeldingen en vindplaatsen bekend. De onderzoeksmeldingen en vindplaatsen (met het bijbehorende kaartblad) in de directe omgeving van het plangebied zijn nader omschreven in de bijlagen van deze toelichting.

Uitsnede kaartblad archeologische gegevens Archis 3

4. Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD) Aeres Milieu B.V. heeft navraag gedaan of er informatie bekend is van het plangebied of de omgeving in het Zeeuws Archeologisch Depot (ZAD). Hierbij is op 11 januari 2022 per mail aangegeven dat in het archief van het ZAD geen aanvullende informatie bekend is.

1 Aeres Milieu B.V., Archeologische quickscan Koningin Emmastraat 7 te Philippine, Projectnummer AM21652, 14-01-2022

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

25/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|21

5. Bodemopbouw Uit de geologische kaart van Van Rummelen blijkt dat het plangebied zich geheel bevindt op kreekafzettingen van Duinkerke IIIb. Op gronden met afzettingen van Duinkerke III geldt geen onderzoeksplicht bij bodemverstoringen.

Uitsnede geologische kaart Van Rummelen, plangebied globaal rood omlijnd

6. Vrijstellingenkaart Uit de ‘vrijstellingenkaart gemeente Terneuzen 2017’ blijkt dat voor het plangebied een vrijstellingsdiepte tot 0,5 m –mv geldt.

Uitsnede vrijstellingenkaart gemeente Terneuzen 2017, plangebied is paars omlijnd

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

26/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|22

Conclusie Binnen het plangebied zijn, op basis van de archeologische toets, geen aanwijzingen aanwezig van eventuele archeologische resten. Wel is het plangebied op de Archeologische Monumentenkaart (AMK) aangewezen als terrein met een hoge archeologische waarde. Hierdoor geldt een onderzoeksplicht ter plaatse van het plangebied. Met het voornemen vinden echter geen bouwen/of sloopwerkzaamheden plaats waarbij de grond geroerd wordt. De ontwikkeling voorziet namelijk uitsluitend in inpandige bouw- en/of sloopwerkzaamheden (pand is gemeentelijk monument, waardoor buitenzijde niet zomaar aangepast kan worden). Geconcludeerd kan worden dat nader archeologisch onderzoek vooralsnog niet noodzakelijk wordt geacht. De archeologische dubbelbestemming zal behouden blijven om de bescherming van eventuele aanwezige archeologische waarden te waarborgen. Hierbij wordt aangesloten op de archeologische dubbelbestemming conform het archeologie beleid van de gemeente Terneuzen, waarbij het plangebied de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 1’ krijgt. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

5.2

Bedrijven en milieuzonering

De Wet milieubeheer zorgt ervoor dat milieuoverlast in woongebied zoveel mogelijk wordt beperkt. Alle voorzieningen en bedrijven die overlast veroorzaken moeten daarom een vergunning hebben in het kader van de Wet milieubeheer. In de publicatie ‘Bedrijven en Milieuzonering’ (2009) van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) is een lijst met indicatieve richtafstanden opgenomen voor milieubelastende bedrijfsactiviteiten ten opzichte van gevoelige bestemmingen. De lijst geeft richtlijnen voor de ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De benodigde afstand tussen bedrijven en gevoelige functies is afhankelijk van de aard en omvang van het bedrijf en de omgeving. Voor een rustige woonomgeving gelden andere eisen dan voor drukke woonwijken, gemengde gebieden en landelijke gebieden. In de VNG-publicatie is een omschrijving van de gebiedstypes gemengd gebied en rustige woonwijk/rustig buitengebied gegeven. Omgevingstype gemengd gebied Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Ook lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid kan als gemengd gebied worden beschouwd. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen, behoren eveneens tot het omgevingstype gemengd gebied.

Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Geluid is voor de te hanteren afstand van milieubelastende activiteiten veelal bepalend”. Omgevingstype rustige woonwijk/rustig buitengebied Een rustige woonwijk is een woonwijk die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies (zoals bedrijven of kantoren) voor. Langs de randen (in de overgang naar mogelijke bedrijfsfuncties) is weinig verstoring door verkeer. Een vergelijkbaar omgevingstype qua aanvaardbare milieubelasting is een rustig buitengebied (eventueel inclusief verblijfsrecreatie), een stiltegebied of een natuurgebied. Alle bedrijven worden aan de hand van een milieucategorie verbonden met een maximale hinderafstand ten opzichte van milieugevoelige bestemmingen.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

27/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|23

Milieucategorie 1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6

t.o.v. rustige woonwijk 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m 1.500 m

t.o.v. gemengd gebied 0m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m

Onderzoek Het planvoornemen voorziet in de functiewijziging naar dienstverlening (kapsalon) met horeca. In de VNG brochure ‘Bedrijven en Milieuzonering, editie 2009’ wordt een kapsalon geschaard onder de functie kappersbedrijven en schoonheidsinstituten. Voor een dergelijke functie wordt uitgegaan van milieucategorie 1. De horeca zoals bedoeld met het voornemen kan vergeleken worden met functies als kantines, cafés en cafetaria’s, waardoor ook voor deze functie milieucategorie 1 geldt. De nabije omgeving van het plangebied kenmerkt zich als een gemengd gebied met ruimte voor onder andere (kleinschalige) bedrijven, burgerwoningen, detailhandel en horeca. Daarbij ligt het plangebied nabij het centrumgebied van Philippine (±100 meter) en in de nabije omgeving van een hoofdinfrastructuurroute, namelijk de Kasteelstraat (±30 meter). Hierdoor kunnen de richtafstanden volgens de brochure met één afstandstap worden verlaagd. Dit betekent dat voor activiteiten behorend bij milieucategorie 1 een afstand van 0 meter tot gevoelige objecten, zoals woningen, kan worden aangehouden. De richtafstand geldt tussen enerzijds de grens van de bestemming die bedrijven toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een woning die volgens het bestemmingsplan of via vergunningsvrij bouwen mogelijk is.

Alle gevoelige objecten vallen buiten de geldende richtafstanden, aangezien een richtafstand van 0 meter geldt voor de beoogde functies. Daarbij is in de bestaande situatie reeds een milieubelastende activiteit toegestaan, waarvoor een richtafstand is opgenomen. In de bestaande situatie is een kerkgebouw aanwezig. Kerkgebouwen vallen, volgens de VNG brochure ‘Bedrijven en Milieuzonering, editie 2009’, onder milieucategorie 2. Hiervoor geldt (binnen gemengd gebied) een richtafstand van 10 meter tot milieugevoelige bestemmingen. Daarbij was tot voor kort een kinderdagverblijf gevestigd binnen het plangebied. Ook een kinderopvang valt, volgens de VNG brochure ‘Bedrijven en Milieuzonering, editie 2009’, onder milieucategorie 2. Zodoende neemt de milieubelasting (gelet op het aspect bedrijven en milieuzonering) af in de toekomstige situatie ten opzichte van de bestaande situatie. De milieubelastende functies binnen het plangebied liggen op voldoende afstand van de nabijgelegen milieugevoelige bestemmingen, waardoor sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Conclusie Het aspect bedrijven en milieuzonering vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

28/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|24

5.3

Bodemkwaliteit

Wettelijk kader en beleid Bij het opstellen/wijzigen van een bestemmingsplan dient te worden bepaald of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstige gebruik (functie) van die bodem, of dat beiden alsnog op elkaar kunnen worden afgestemd. Bodemgebruiksfuncties nemen namelijk af naarmate bodemverontreinigingen en gerelateerde risico’s toenemen. Sanerende maatregelen kunnen nodig zijn. Het gemeentelijk bodemkwaliteitsbeleid volgt de kaderwet Wet bodembescherming en daaruit voortvloeiende regelgeving. Uitgangspunten zijn dat de bodem duurzaam geschikt moet zijn voor de beoogde functie en dat de bodemkwaliteit niet mag verslechteren. Verontreinigingen in stabiele eindsituaties worden daarbij niet vanzelfsprekend geaccepteerd; voor mobiele verontreinigingen moeten maatregelen gericht zijn op verwijderen en soms is het inpassen van immobiele verontreinigingen onder voorwaarden toelaatbaar. De oppervlakte van het plangebied en de conclusie van een vooronderzoek (historisch onderzoek) zijn bepalend voor het uitvoeren van eventueel veld- en laboratoriumonderzoek, op basis waarvan (on)mogelijkheden inzichtelijk worden. Het planvoornemen betreft de functiewijziging van maatschappelijke doeleinden naar dienstverlening met horeca. Aangezien het huidige gebouw behouden blijft en alleen de functie wijzigt lijkt een volledig verkennend bodemonderzoek vooralsnog niet noodzakelijk.

Eventuele verbouwingen zullen uitsluitend inpandig plaats vinden. Om aan te tonen dat de bodem waarop de ontwikkeling plaatsvindt geschikt is voor de nieuwe functie, is een vooronderzoek bodem conform NEN5725 uitgevoerd. Vooronderzoek bodem Ten behoeve van onderhavig planvoornemen heeft Aeres Milieu een vooronderzoek conform de NEN 5725 uitgevoerd op de locatie Koningin Emmastraat 7 te Philippine (toegevoegd als bijlage). Het doel van het vooronderzoek is om op basis van de onderzoeksgegevens vast te stellen of er sprake is van een mogelijke verontreiniging van de bodem met stoffen die een belemmering kunnen vormen met het oog op de voorgenomen ontwikkelingen. Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie (gezien de ligging centraal in het stedelijk gebied en het langdurig historisch gebruik) als heterogeen verdacht beschouwd op het voorkomen van bodemverontreiniging (voornamelijk zware metalen en PAK). De aanwezigheid van asbestverdacht materiaal in de bodem wordt niet verwacht (onverdacht). Geadviseerd wordt om bij grondwerkzaamheden of aanvraag van een omgevingsvergunning een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 uit te voeren om de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging te onderzoeken. Dit bodemonderzoek dient conform de strategie ‘VEDHE_NL’ uitgevoerd te worden.

Conclusie Het aspect bodemkwaliteit vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

29/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|25

5.4

Cultuurhistorie

Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet van kracht. Hiermee is het wettelijk verplicht om in de toelichting van een ruimtelijk plan een beschrijving op te nemen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Naast archeologie moet ook het aspect historische bouw worden opgenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Handreiking landschap De gemeente Terneuzen heeft samen met de gemeenten Sluis en Hulst de Handreiking Landschap Provincie Zeeland opgesteld. Hierin is van relevante cultuurhistorische elementen en objecten beschreven hoe bepalend en leesbaar ze zijn, op welk bestuurlijk niveau en met welk planologisch instrument regulering plaats zal vinden en welke strategie eraan gekoppeld kan worden. De Handreiking Landschap noemt vier strategieën die gekoppeld kunnen worden aan cultuurhistorische elementen en objecten: 1. Behoud: hierbij gaat het voornamelijk om monumentale objecten met landschapshistorische waarde (molens, vliedberg e.d.), alsmede de landschapsreservaten en delen van het landschap met zeer hoge mate van bepaaldheid en gaafheid; 2. Behoud ruimtelijke karakteristiek: conservering van de bestaande ruimtelijke kenmerken van het landschap staat voorop.

Er worden geen nieuwe ontwikkelingen toegestaan die deze ruimtelijkheid veranderen. Het gebied hoeft echter niet bij voorbaat zijn huidige functie te behouden. Deze strategie komt in Terneuzen in de praktijk niet voor; 3. Behoud door ontwikkeling: de bestaande landschapsstructuur en mate van verdichting is richtinggevend voor mogelijk veranderingen. De veranderingen moeten passen in de structuur. Verandering van functie is nadrukkelijk een optie. De mate waarin veranderingen optreden kan per gebied verschillend zijn. Nadere afweging is hierbij noodzakelijk; 4. Vernieuwing: de bestaande landschapsstructuur verandert ingrijpend. Functies veranderen. De veranderingen zijn echter passend binnen het DNA van het betreffende gebied. Cultuurhistorische waardenkaart De cultuurhistorische waardenkaart van de gemeente Terneuzen bestaat uit drie kaartbladen: 'behoud', 'behoud door ontwikkeling' en 'vernieuwing mogelijk'. In onderstaande afbeeldingen zijn uitsnedes van de drie kaartbladen voor het beoogde plangebied weergegeven inclusief legenda. Per kaartblad wordt uitgelegd welke strategie voor de locatie geldt. Behoud: De strategie voor het plangebied is gericht op het behouden (zie onderstaande afbeelding). Hierbij geldt een tevredenheid over de huidige functie en kwaliteit, waarbij kleinschalige aanpassingen mogelijk zijn (geen actieve benadering).

Binnen het plangebied is één gemeentelijk monument aanwezig, namelijk de hervormde kerk. Met het voornemen vinden (vanwege de monumentale status van het gebouw) uitsluitend inpandige bouw- en/of sloopwerkzaamheden plaats. Hierdoor vinden er geen werkzaamheden plaats waarbij de uiterlijke vertoning wordt aangepast. Verder zijn in de nabije omgeving van het plangebied nog enkele gemeentelijke monumenten en één rijksmonument aanwezig. Deze monumenten bevinden zich in het centrum van de dorpskern Philippine. Daarnaast wordt een groot deel van de dorpskern Philippine aangeduid als ‘stedelijk vestingwerk’. Met de plantontwikkeling vinden geen ingrepen plaats waarbij cultuurhistorisch waardevolle elementen worden aangetast. Het voornemen voorziet uitsluitend in een functiewijziging.

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

30/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|26

Uitsnede Cultuurhistorische waardenkaart, kaartblad ‘Behoud’ met plangebied in geel

Behoud door ontwikkeling: De strategie voor het plangebied is gericht op versterken (zie onderstaande afbeelding). Voor gebieden met de strategie versterken geldt een tevredenheid over de huidige multifunctionaliteit, zorgen over de (toekomstige) kwaliteit en het faciliteren van ontwikkelingen die multifunctionaliteit versterken. Onderhavig planvoornemen voorziet in de ontwikkeling van de functie dienstverlening met horeca. Dit is een concept dat (voor zover bekend) nog niet aanwezig is binnen de kern Philippine. De functiewijziging naar dienstverlening met horeca komt ten goede aan de functionele diversiteit.

Uitsnede Cultuurhistorische waardenkaart, kaartblad ‘Behoud door ontwikkeling’ met plangebied in geel

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

31/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|27

Vernieuwing mogelijk: De strategie voor het plangebied is gericht op herstructureren (zie onderstaande afbeelding). Dit houdt in dat er tevredenheid is over de hoofdfunctie, maar onvrede over de kwaliteit. De strategie speelt in op een actieve/fysieke benadering om de kwaliteit van de hoofdfunctie te verbeteren.

Uitsnede Cultuurhistorische waardenkaart, kaartblad ‘Vernieuwing mogelijk’ met plangebied in rood

Op grond van de Cultuurhistorische waardenkaart is binnen het plangebied een cultuurhistorische element aanwezig, namelijk een gemeentelijk monument. Hiervoor is echter aangegeven dat met het voornemen (vanwege de monumentale status van het gebouw) uitsluitend inpandige bouwen/of sloopwerkzaamheden plaatsvinden. Hierdoor vinden er geen werkzaamheden plaats waarbij de uiterlijke vertoning wordt aangepast. Verder ligt het plangebied binnen de strategie ‘herstructureren’. Deze strategie is gericht op het verbeteren van de kwaliteit van de hoofdfunctie. Gelet op de structuurvisie van Terneuzen valt het plangebied binnen het centrumgebied. Hierdoor is het doel om de kwaliteit van centrumfuncties te verbeteren. Het planvoornemen voorziet in een functiewijziging naar dienstverlening met horeca. Een dergelijke functie kan beschouwd worden als centrumfunctie. De combinatie kapsalon met horeca (voor zover bekend) nieuw in Terneuzen. Hierdoor worden het aanbod in centrumfuncties vergroot, en dus versterkt/verbeterd, in de kern Philippine. Cultuurhistorische Hoofdstructuur De Cultuurhistorische Hoofdstructuur (CHS) zet karakteristieke landschappelijke kenmerken letterlijk op de kaart. Het bevordert de beleving van het landschap door aan te geven waar cultuurhistorische waardevolle aspecten van het landschap binnen en buiten de bebouwde kom gevonden kunnen worden.

De Cultuurhistorische Hoofdstructuur geeft aan dat binnen het plangebied een cultuurhistorisch monument aanwezig is. De redengevende omschrijving van de monumentale aanwijzing betreft

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

32/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|28

‘licht aangetast dorpskerkje, van volkskundige waarde’2. Het monument is voorzien van een wit geschilderde bakstenen topgevel met gemetselde, terugliggende rondboogvelden, een houten open klokkentorentje en een zadeldak gedekt met rode tuile du nord. In de zijgevel van het pand zijn houten rondboogvensters aanwezig met roedeverdeling (vernieuwde houten toegansdeur met soort luifel). De benoemde (beschermde) kenmerken van de voormalige kerk betreffen uitsluitend exterieure eigenschappen. Met de planontwikkeling vinden echter geen bouw- en/of sloopwerkzaamheden plaats waarbij de bovenstaande exterieure eigenschappen worden aangetast. De ontwikkeling voorziet namelijk uitsluitend in inpandige bouw- en/of sloopwerkzaamheden (pand is aangewezen als monument, waardoor exterieure eigenschappen niet zomaar aangepast kunnen worden). Hierdoor kan gesteld worden dat er geen werkzaamheden in strijd met cultuurhistorische belangen plaatsvinden.

Cultuurhistorische Hoofdstructuur (CHS), plangebied is rood omlijnd

Conclusie Het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

5.5

Externe veiligheid

Bij externe veiligheid gaat het om de gevaren voor de directe omgeving in het geval dat er iets mis gaat tijdens de productie, het behandelen of het vervoer van gevaarlijke stoffen. De verbonden risico’s moeten binnen de perken blijven. Hiervoor worden normstellingen gehanteerd: 1. Het plaatsgebonden risico is vooral gericht op de te realiseren basisveiligheid voor burgers; 2. Het groepsrisico stelt beperkingen aan de maatschappelijke ontwrichting als gevolg van calamiteiten met gevaarlijke stoffen. Bij nieuwe ontwikkelingen dient rekening te worden gehouden met het aspect externe veiligheid. Het doel van het externe veiligheidsbeleid is het beperken van risico’s door het hanteren van

2 https://dataportaal.zeeland.nl/cultuurhistorie/rapporten/MIP/4657.pdf

NL.IMRO.0715.BPPHP14-ON01

33/140

Bestemmingsplan Philippine, Koningin Emmastraat 7

|29

afstanden tussen risicovolle activiteiten en de mogelijke aanwezigheid van (groepen) mensen in kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten. Onderzoek Het planvoornemen betreft de functiewijziging van maatschappelijke doeleinden naar dienstverlening met horeca.

Uitsnede Risicokaart Nederland, plangebied is paars omringd

Risicovolle inrichtingen buiten het plangebied Op afstanden van circa 1.500 tot 3.400 meter van het plangebied bevinden zich terreinen met in totaal twee bovengrondse propaantanken, één bovengronds propaanreservoir en één chloorbleekloogtank, waarbij de maximale risicoafstand PR 10-6 een afstand van 20 meter bedraagt. Het plangebied ligt ruim buiten de 10-6-contour. Wel ligt het plangebied binnen het invloedsgebied van drie bedrijven, te weten: • Oil tanking Terneuzen (invloedsgebied: 7.559 meter, afstand tot plangebied: Ca. 7.030 meter) • Bertschi (invloedsgebied: 7.924 meter, afstand tot plangebied: Ca. 6.700 meter) • Katoen Natie Westerschelde Terminal (invloedsgebied: 7.659 meter, afstand tot het plangebied: Ca. 5.900 meter). Vanwege de grote afstand van het plangebied tot de risicobronnen en de beperkte toename van de personendichtheid ten opzichte van de bestaande situatie zal geen sprake zijn van een significante toename van het groepsrisico. Verder ligt het plangebied binnen de 20 km zone van de kerncentrale Borssele. Dit is de zogenaamde schuilzone, een zone waarbinnen geschuild moet worden in geval van een kernongeval. Dit heeft geen ruimtelijke invloed op onderhavig postzegelbestemmingsplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12063693/1