CConstaterende datTerneuzen
Koppel je AI →
Document · PDF

2022-01-19 Bijlage 1 - Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ong toelichting en regels-gecompr.

gemeenteraad 3 februari 2022, gemeente TerneuzenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd26.450 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

In de bestaande situatie wordt het dakoppervlak opgeteld door 3 gebouwen (575 + 500 + 110). In de nieuwe situatie is er ongeveer 980 m² aan dakoppervlak (110 + 500 + 250 + 120). Een oppervlakte van 250 m² en 120 m² is een inschatting voor de nieuw te realiseren woning. Daarnaast is in de huidige situatie een dichte bodemverharding (betonplaten) van ongeveer 1.200 m². In de nieuwe situatie is er ongeveer 250 m² aan dichte bodemverharding (deels bij de bestaande loods, oprit en terras huidige en nieuwe locatie). Er is sprake van een afname in verhard oppervlak van ongeveer 205 + 950 = 1.155 m². Watercompensatie is niet aan de orde. Al wil de initiatiefnemer wel een solitaire waterput/vijver realiseren in het oostelijk gelegen plangebied (Graafjansdijk B 98a). Voorkomen overlast door hemel- en afvalwater Het hemelwater van de nieuwe woning zal afgevoerd Waarborgen optimale werking van de zuiveringen/ worden naar de omliggende watergangen. Het RWZI's en van de (gemeentelijke) rioleringen. afvalwater wordt afgevoerd naar het gemengde Afkoppelen van (schone) verharde oppervlakken in gemeentelijk riool. Op de huidige locatie wordt het verband met de reductie van hydraulische belasting van hemelwater afgevoerd naar de achter het huis gelegen de RWZI, het transportsysteem en het beperken van secundaire watergang. overstorten.

Grondwaterkwantiteit en verdroging De ontwikkeling voorziet niet in het onttrekken van Voorkomen en tegengaan van grondwateroverlast grondwater. De ontwikkeling veroorzaakt evenmin en -tekort. Rekening houdend met de gevolgen mogelijke grondwateroverlast. van klimaatverandering. Beschermen van infiltratiegebieden en –mogelijkheden. Grondwaterkwaliteit Zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase worden Behoud of realisatie van een goede geen uitlogende materialen gebruikt. Er zijn (daardoor) grondwaterkwaliteit. Denk aan geen nadelige gevolgen voor de waterkwaliteit te grondwaterbeschermingsgebieden. verwachten. Oppervlaktewaterkwaliteit Er zal geen gebruik worden gemaakt van uitloogbare Behoud of realisatie van goede materialen. Er zijn (daardoor) geen nadelige gevolgen oppervlaktewaterkwaliteit. Vergroten van de veerkracht voor de waterkwaliteit te verwachten. De van het watersysteem. Toepassing van de trits oppervlaktewaterkwaliteit verslechtert niet door het schoonhouden, scheiden, zuiveren. gebruik van het perceel voor wonen.

Juust

31

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Volksgezondheid Het plan leidt niet tot risico's voor de Minimaliseren risico watergerelateerde ziekten en volksgezondheid. plagen. Voorkomen van verdrinkingsgevaar/-risico's via o.a. de daarvoor benodigde ruimte. Bodemdaling De polderpeilen worden niet aangepast. Bodemdaling Voorkomen van maatregelen die (extra) zal niet optreden. maaiveldsdalingen in zettinggevoelige gebieden kunnen veroorzaken. Natte natuur In het plangebied is geen natte natuur aanwezig. Ontwikkeling/bescherming van een rijke gevarieerde en natuurlijk karakteristieke aquatische natuur. Onderhoud oppervlaktewater Het plangebied aan de Graafjansdijk B 98a wordt aan Oppervlaktewater moet adequaat onderhouden de westzijde gedeeltelijk begrenst door een secundaire worden. Rekening houden met obstakelvrije waterloop met een Keurbeschermingszone van 7 meter onderhoudsstroken vrij van bebouwing en opgaande uit de insteek. Voor het onderhoud dient aan de (hout)beplanting. planzijde een strook van minimaal 5 meter uit de insteek van de waterloop worden vrijgehouden. Binnen de Keurbeschermingszone gelden beperkingen in het gebruik van de strook. Binnen zowel 7 als 5 meter is geen nieuwe bebouwing voorzien. In dit plangebied wordt een solitaire vijver/waterput aangelegd.

Anderer belangen waterbeheer Relatie met eigendom waterbeheerder Ruimtelijke ontwikkelingen mogen de werking van objecten (terreinen, milieuzonering) van de waterbeheerder niet belemmeren.

Juust

Aan de Graafjansdijk B 98a is aan de westzijde (nabij de perceelsgrens) een afvalwater- transportleiding gelegen. Hiervoor is een zakelijk recht gevestigd. Aan weerszijden 5 m uit het hart van de leiding geldt over 10 m een beperkt gebruik. Bij de (her)inrichting van het plangebied dient hier rekening mee te worden gehouden (geen gesloten verharding, geen ophogingen, geen bouwwerken oprichten en er geen diepwortelende beplanting aanbrengen). Er zijn geen voornemens om aan de westzijde van het plangebied het terrein te herinrichten, geen verharding toe te passen en bouwwerken op te richten.

32

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Wegen in beheer bij het waterschap (alleen invullen voor zover van toepassing)

De Graafjansdijk is een gemeentelijke weg.

* in de bouwfase: Vinden er transporten (grond/bouwmaterialen) plaats over waterschapswegen? * na realisatie: verkeersaantrekkende werking Veroorzaakt uw plan structureel extra verkeer? *na realisatie: bereikbaarheid Omschrijf hoe motorvoertuigen, fietsers en voetgangers uw plan kunnen bereiken. Worden er hiervoor uitwegen gewijzigd of nieuw aangelegd? * na realisatie: parkeren Wordt er op uw eigen terrein geparkeerd? * na realisatie: (ver)bouwen Bent u voornemens om binnen 20 meter van een waterschapsweg een bouwwerk te (ver)bouwen? (zoals een woning of afscheiding (gefundeerd).

4.13

Milieu Effect Rapportage

In onderdeel D van de bijlage van het Besluit m.e.r. zijn diverse activiteiten opgenomen waarvoor een m.e.r.-beoordelingsplicht geldt. Hierbij moet beoordeeld worden of er sprake is van (mogelijke) belangrijke nadelige milieugevolgen. Als deze niet uitgesloten kunnen worden geldt een m.e.r.-plicht. In onderdeel D is per activiteit de drempelwaarde benoemd. Als een activiteit voorkomt in onderdeel D en boven de drempelwaarde komt, geldt voor het te nemen besluit een m.e.r.-beoordelingsplicht. Indien er activiteiten plaatsvinden die in onderdeel D zijn opgenomen, maar onder de drempelwaarde blijven, dient er nagegaan te worden of het project grote milieugevolgen heeft. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria uit bijlage III van de Europese richtlijn m.e.r.. De hoofdcriteria waaraan getoetst moet worden zijn: kenmerken van het project, plaats van het project en kenmerken van het potentiële effect. Het bevoegd gezag dient vervolgens voor de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een besluit te nemen of er een MER moet worden opgesteld. De grondslag hiervoor is een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Bij woningbouw kan er sprake zijn van een stedelijke ontwikkelingsproject, zoals aangegeven in onderdeel D 11.2, kolom 1: 'De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterrein.

Het gewenste plan valt ver onder deze drempelwaarde. Het karakter van de locatie Graafjansdijk B 98a wijzigt in positieve zin voor de omgeving. Een tweede woning op deze locatie, achter de bestaande loods, is qua aard en omvang niet aan te merken als een stedelijke ontwikkeling. Een uitgebreide vormvrije m.e.r.-beoordeling met aanmeldnotitie is daarom niet nodig. Op basis van voorgaande paragrafen is namelijk gebleken dat het gewenste plan niet leidt tot belangrijke nadelige milieugevolgen.

4.14

Conclusie

Omgevingsaspecten zijn onderzocht en vormen geen belemmering voor de ontwikkeling. Planologische medewerking aan het initiatief ligt dan ook in de rede.

Juust

33

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Hoofdstuk 5 5.1

Uitvoerbaarheid

Financiële uitvoerbaarheid

Voor bouwplannen zoals die zijn aangewezen in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het uitgangspunt dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt. Van de verplichting een exploitatieplan vast te stellen kan onder andere worden afgeweken als het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd, bijvoorbeeld door een anterieure overeenkomst of doordat de verplicht te verhalen kosten zijn verdisconteerd in de grondprijs. Met de initiatiefnemer wordt een anterieure overeenkomst gesloten waarin afspraken zijn gemaakt voor het verhalen van eventuele planschade en overige kosten op de initiatiefnemer. Het kostenverhaal is hiermee 'anderszins verzekerd', waardoor er geen exploitatieplan benodigd is. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen.

5.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening is voor dit plan van toepassing. In het kader van dit bestuurlijke vooroverleg is het plan in ieder geval toegezonden aan de provincie, het waterschap en de veiligheidsregio. In een brief d.d. 18 januari 2021 heeft de provincie het volgende opgemerkt: Opmerking 1. In de toetsing ontbreekt het (afwegingszone) Natuurnetwerk Zeeland. 2. De Aerius-berekening ontbreekt.

met

Aanpassing in ontwerpbestemmingsplan onderdeel Paragraaf 4.9 is hierop aangevuld.

onderbouwing Paragraaf 4.9 is hierop aangevuld en de bijbehorende bijlage is toegevoegd.

3. De landschappelijke inpassing van de bebouwing Er is een voorwaardelijke verplichting opgenomen, zie zoals opgenomen in afbeelding 4 vormt onderdeel van artikel 3.3. de verbetering van de omgevingskwaliteit, maar de juridisch-planologische borging ontbreekt.

Ter inzage legging ontwerpbestemmingsplan Gelet op het bepaalde in artikel 3.8 Wro in combinatie met afdeling 3.4 Awb wordt een ontwerpbestemmingsplan, na voorafgaande bekendmaking, gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Een ieder is dan in de gelegenheid zijn of haar zienswijze mondeling of schriftelijk kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Vaststelling van het bestemmingsplan, al dan niet in gewijzigde vorm, gebeurt met inachtneming van de ingediende zienswijzen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft zes weken van 30 september tot en met 10 november 2021 ter inzage gelegen. Een ieder is in de gelegenheid geweest zijn of haar zienswijze mondeling of schriftelijk kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Er zijn geen zienswijzen ingediend.

Juust

34

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Bijlagen bij toelichting

Juust

35

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Bijlage 1 Verkennend bodemonderzoek 2018

Juust

36

Westdorpe, Graafjansdijk B 98a en ongenummerd

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe 001841 1.0 21 augustus 2020 De heer L. de Beleir Graafjansdijk B 98a, 4554 LA Westdorpe Colsen, Adviesburo voor milieutechniek b.v. Kreekzoom 3, 4561 GX Hulst, NL www.colsen.nl N. Gelderland +31 (0) 114 311 548 De heer J. Schelkens

Mevrouw L. Strobbe

Niets uit dit drukwerk mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v., noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

Colsen b.v. is, naast de certificeringen in het kader van de BRL1000 en BRL2000 gecertificeerd conform de NEN-EN-ISO 9001:2015 (certificaat nr. EC-KWA-01187), hetgeen een waarborg is voor een constante kwaliteit en reproduceerbaarheid van onderzoeksgegevens. Om de onafhankelijkheid van het onderzoek te waarborgen, verklaart Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v., op geen enkele wijze gelieerd te zijn aan de te onderzoeken projectlocatie, zowel in juridische, financiële of personele sfeer.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

1

Inleiding ........................................................................................................................................... 5

2

Vooronderzoek ................................................................................................................................ 6 2.1

Algemeen ................................................................................................................................. 6

2.2

Locatiegegevens ...................................................................................................................... 6

2.3

Regionale bodemopbouw en geohydrologie ........................................................................... 7

2.4

Verwachting ten aanzien van de bodemkwaliteit .................................................................... 8

2.4.1

Eerder bodemonderzoek ................................................................................................. 8

2.4.2

Informatie gemeente Terneuzen ..................................................................................... 9

2.4.3

Digitale bronnen ............................................................................................................ 10

2.4.4

Informatie opdrachtgever .............................................................................................. 10

2.5

3

2.5.1

Historisch kaartmateriaal en luchtfoto’s ........................................................................ 11

2.5.2

Toekomstig gebruik ....................................................................................................... 11

2.5.3

Calamiteiten/ongewoon voorval ................................................................................... 11

2.5.4

Asbest ............................................................................................................................ 11

2.5.5

PFAS ............................................................................................................................... 11

2.6

Terreinverkenning.................................................................................................................. 11

2.7

Hypothese en onderzoeksstrategie ....................................................................................... 12

Veld- en laboratoriumwerkzaamheden ......................................................................................... 13 3.1

Uitvoering veldwerkzaamheden ............................................................................................ 13

3.2

Resultaten veldonderzoek ..................................................................................................... 13

3.2.1

Bodemopbouw .............................................................................................................. 13

3.2.2

Grondwatermeting ........................................................................................................ 14

3.2.3

Verdachtheid asbest in bodem ...................................................................................... 14

3.3 4

5

6

Gebruik en beïnvloeding ........................................................................................................ 11

Monsterselectie en analyses.................................................................................................. 15

Analyseresultaten .......................................................................................................................... 17 4.1

Algemene begrippen en toetsingskader ................................................................................ 17

4.2

Grond ..................................................................................................................................... 18

4.3

Grondwater ........................................................................................................................... 19

Conclusies en aanbevelingen ......................................................................................................... 20 5.1

Conclusies .............................................................................................................................. 20

5.2

Toetsing van de hypothese .................................................................................................... 20

5.3

Aanbevelingen ....................................................................................................................... 20

Aansprakelijkheid........................................................................................................................... 21

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

Situering onderzoekslocatie Plattegrond met situering boringen en peilfilter(s) Foto’s onderzoekslocatie Boorstaten met legenda Analyseresultaten Toetsingsresultaten Toelichting asbest in de bodem Gegevens vooronderzoek

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

In opdracht van de heer L. de Beleir heeft Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v., op de locatie Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 te Westdorpe (kadastraal bekend Sas van Gent K 1146 en 1214 (beiden ged.)) een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Aanleiding Aanleiding tot de uitvoering van het verkennend bodemonderzoek vormt de voorgenomen eigendomsoverdracht. Doel Het doel van het verkennend bodemonderzoek is inzicht verkrijgen in de huidige bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie en op basis hiervan na te gaan of de bodemkwaliteit een belemmering kan opleveren voor de voorgenomen eigendomsoverdracht. Onderzoeksstrategie en kwaliteit Het bodemonderzoek is gebaseerd op de richtlijnen uit de NEN 5740 + A1: 2016 (Bodem – landbodem – strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond). Het procescertificaat van Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v. en het bijbehorende beeldmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake het milieukundige veldwerk, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, en de overdracht van de monsters aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. De onderzoekslocatie is niet in eigendom van Colsen b.v. of in eigendom van een dochter- of zusterbedrijf van Colsen b.v.

De onafhankelijkheid van het uitgevoerde bodemonderzoek is hiermee gewaarborgd. De rapportage kan niet worden toegepast voor de beoordeling van af te voeren grond in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Onderhavig rapport beschrijft de verrichte werkzaamheden en de daaruit volgende conclusies en aanbevelingen van het verkennend bodemonderzoek.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Conform de NEN5740, moet, voorafgaand aan de veldwerkzaamheden, een hypothese worden opgesteld omtrent de aan-/afwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele verontreinigingen. Ten behoeve van het opstellen van een hypothese dient een vooronderzoek uitgevoerd te worden overeenkomstig de NEN 5725:2017 (Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek). De aanleiding tot het vooronderzoek is: ▪ Opstellen hypothese over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek In dit hoofdstuk zijn de bij de aanleiding behorende te onderzoeken aspecten weergegeven. Op basis van deze informatie is een onderzoekshypothese en een onderzoeksstrategie voor het verkennend bodemonderzoek opgesteld. In bijlage 8 zijn de bij de aanleiding behorende onderzoeksvragen inclusief antwoorden weergegeven. In de volgende tabel zijn de geraadpleegde bronnen weergegeven. Tabel 1: Geraadpleegde bronnen Bron

Website, contactpersoon of archief

Kadaster

www.kadaster.nl

Topotijdreis

www.topotijdreis.nl

Boomgaardenkaart en bodemkwaliteitskaart

www.zeeuwsbodemvenster.nl

Provincie Zeeland

www.zeeland.nl

Bodemloket

www.bodemloket.nl

Nazca Rapportagemodule

https://zeeland.nazca4u.nl/Rapportage/

Gemeente Terneuzen: Milieuarchief

Mevr. K. Eijsackers- van Arenthals

Gemeente Terneuzen: Tankarchief

Mevr. K. Eijsackers- van Arenthals

Gemeente Terneuzen: Bouwarchief

Mevr. M. Joosse

Opdrachtgever

De heer L. de Beleir

Adres Kadastrale gegevens Gemeente Gebruik Oppervlakte RD-coördinaten

: Graafjansdijk B ter hoogte van nr. 84 Westdorpe : Sas van Gent K 1146 en 1214 (beide gedeeltelijk) : Terneuzen : Landbouwgrond : 6.800 m2 : X = 46.858; Y = 361.883

De onderzoekslocatie is gelegen ten zuiden van de Graafjansdijk B, binnen de bebouwde kom van Westdorpe. Het te onderzoeken terrein betreft landbouwgrond. De onderzoekslocatie is volledig onbebouwd en onverhard. Aan de noordzijde grenst de onderzoekslocatie aan enkele woningen met tuin met daarachter de openbare weg Graafjansdijk B. Ten zuiden is agrarisch bouwland gesitueerd. Een gedeelte van een tuin en agrarisch bouwland begrenst de onderzoekslocatie aan de oostzijde. Aan de westzijde zijn enkele woningen met tuin met daarachter de openbare weg Graafjansdijk B gelegen.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

De situering van de onderzoekslocatie is weergegeven op de regionale situatieschets in bijlage 1 van onderhavige rapportage en op onderstaande afbeelding. Figuur 1: Situering onderzoekslocatie bron: (Provincie Zeeland, 2020)

De globale bodemopbouw is weergegeven in tabel 2. Er is een inschatting gemaakt van de bodemopbouw aan de hand van de dichtstbijzijnde boringen (Dinoloket, 2020) Tabel 2: Regionale bodemopbouw Geohydrologische eenheid Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren

Globale diepte (m-mv) 0,00 – 1,00

Samenstelling bodem Zand, zeer fijn tot matig grof, lokaal kleiig, schelphoudend, kalkrijk

Formatie van Boxtel

1,00 – 16,00

Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus

Eem Formatie

16,00 – 21,50

Zand, zeer fijn tot matig grof, lokaal schelphoudend, kalkrijk

Formatie van Tongeren

21,50 – 44,50

Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend

Formatie van Dongen

44,50 – 51,50

Klei, lokaal siltig tot zandig

De locatie is gelegen binnen de (kreek)afzettingen van Duinkerke IIIb (bron: Geologische kaart van Nederland, Zeeuwsch-vlaanderen Geologische Dienst). De bodemtextuur bestaat uit kalkrijke poldervaaggronden met homogene, aflopende en oplopende profielen. In het volgende overzicht staan de belangrijkste geohydrologische kenmerken van de geohydrologische situatie schematisch weergegeven. ▪ Maaiveldniveau: o circa 1,25 m +NAP. ▪ Grondwaterstromingsrichting in het eerste watervoerend pakket:

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

o oostelijke richting. ▪ Stijghoogte van het grondwater binnen het eerste watervoerend pakket: o circa 0,25 m +NAP. ▪ Dikte van de deklaag: o circa 2,20 m. ▪ Dikte van het eerste watervoerend pakket: o circa 20,00 m. ▪ Top van de slecht doorlatende basis: o circa 30,00 m –NAP. ▪ Transmissiviteit (kD-waarde) van het eerste watervoerend pakket: o 10 - 70 m2/dag. ▪ Chloridegehalte van het grondwater in het eerste watervoerend pakket: o 900 mg/l (traject 8,00–9,00 m-mv). De onderzoekslocatie is niet gelegen binnen een grondwaterbeschermingsgebied (bron: Geoloket Provincie Zeeland, 2020). Ter plaatse van de onderzoekslocatie op een afstand van circa 365 meter ten zuiden van de onderzoekslocatie vindt een grondwateronttrekking ten behoeve van de landbouw plaats (bron: Waterschap Scheldstromen, 2020).

Ter plaatse van de onderzoekslocatie is zover bekend niet eerder een bodemonderzoek uitgevoerd. In de directe omgeving zijn wel eerdere bodemonderzoeken uitgevoerd. Deze worden hieronder kort toegelicht. Eindrapport verkennend bodemonderzoek Graaf Jansdijk B 77 te Westdorpe, SMA Zeeland B.V., kenmerk 2370264 d.d. 20-02-2008 In 2008 is aan de Graafjansdijk B 77, gelegen op circa 30 meter ten westen van de onderhavige onderzoekslocatie, een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen uitbreiding van het woonhuis op de locatie. In de bovengrond zijn matig verhoogde gehalten aan lood en zink en een licht verhoogd gehalte aan PAK aangetroffen. In het mengmonster van de ondergrond zijn licht verhoogde gehalten aan lood, zink en PAK aangetroffen. In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties boven de streefwaarde aangetoond. Vervolgens is het mengmonster van de bovengrond uitgesplitst. In één seperaat grondmonster (boring 2) zijn sterk verhoogde gehaltes aan lood en zink aangetoond. Op basis van de sterk verhoogde gehalten aan lood en zink wordt een nader bodemonderzoek aanbevolen om de verontreiniging inzichtelijk te maken. Nader bodemonderzoek Graaf Jansdijk B 77 te Westdorpe, SMA Zeeland B.V., kenmerk RvDW/EM2380152 d.d. 01-09-2008 Tijdens dit nader bodemonderzoek zijn vijf grondboringen verricht rondom boring 2.

Op basis van het nader bodemonderzoek blijkt sprake te zijn van matig tot sterk met lood en zink verontreinigd zand met sporen puin en kolengruis. De matig tot sterke verontreiniging heeft binnen de onderzoekslocatie een oppervlakte van ca. 12 m2, met een dikte van 0,5 tot 0,7 m-mv. De omvang van deze verontreiniging bedraagt derhalve ca. 7 á 8 m3. Hieruit blijkt dat binnen de onderzoekslocatie geen sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Verkennend asbest,- aanvullend- en bodemonderzoek volgens NEN5740 en 5897 Graafjansdijk B 84 te Westdorpe, ABO Milieuconsult B.V., kenmerk ANL11-1474 d.d. 07-03-2011 In 2011 is direct ten noorden van onderhavige onderzoekslocatie (kadastraal perceel Sas van Gent, K 1191) een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd in opdracht van de gemeente

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Terneuzen. Omdat op de onderzoekslocatie een puinpad aanwezig is, is eveneens een verkennend asbestonderzoek (NEN5897) uitgevoerd. Uit analyses blijkt dat de grond licht verontreigingd is met zware metalen en PAK. Ter plaatse van boring 3 zijn een matig verhoogd gehalte aan koper en licht verhoogde gehaltes aan lood en molybdeen aangetoond. Aanvullend is op basis van de analyseresultaten een vijftal boringen (101 t/m 105) verricht ter afperking van het matig verhoogde gehalte aan koper. In het monster 103-2 (traject 0,6-1,0 m-mv) zijn matig verhoogde gehalten aan lood, nikkel en zink en licht verhoogde gehaltes cadmium, kobalt, koper, kwik en PAK aangetoond. In de overige grondmonsters zijn ten hoogste licht verhoogde gehaltes aangetoond. Gezien de korte afstand tussen de twee boringen (3 meter) zal de hoeveelheid matig verontreinigde grond niet meer dan circa 5 m3 zijn. Echter betreft deze hoeveelheid een schatting en valt gezien de heterogene aard van de verontreinigingen niet uit te sluiten dat elders op het perceel plaatselijk (matig) verhoogde concentraties zware metalen in de bodem aanwezig zijn. Nader bodemonderzoek wordt dan ook niet noodzakelijk geacht. In het grondwater zijn licht verhoogde concentraties aan barium en molybdeen aangetoond.

Tijdens de uitvoering van het veldwerk bleek dat het pad niet uit puin, maar uit een laag slakken bestond, met een mogelijk teerhoudende afdeklaag. Met betrekking tot het verkennend asbest in puin onderzoek kan op basis van de zintuiglijke waarnemingen op het maaiveld en in het opgeboorde verhardingsmateriaal gesteld worden dat er geen asbestverdachte materialen in de slakkenhoudende laag aanwezig zijn.

Er zijn door de gemeente Terneuzen diverse gegevens met betrekking tot de directe omgeving van de onderzoekslocatie verleend. De meest relevante gegevens zijn onderstaand toegelicht. Verzoek Hinderwetvergunning Graafjansdijk B 75 Westdorpe op naam van G. Staal d.d. 22-10-1981 Verzoek voor het oprichten en in werking brengen/houden van een akkerbouwbedrijf met koeling. Hieruit zijn de volgende verdachte activiteiten af te leiden: ▪ Bestrijdingsmiddelenopslagplaats in de loods; ▪ Opslag van mest; ▪ Enkele tanks, de locatie en inhoud van de tanks is niet te achterhalen. Meldingsformulier akkerbouwbedrijven Graafjansdijk B 75 te Westdorpe op naam van R. Staal d.d. 0708-1994. Hieruit zijn de volgende verdachte activiteiten af te leiden: ▪ Bestrijdingsmiddelenopslagplaats in de loods; ▪ Twee dieselolietanks (waarschijnlijk bovengronds) met een inhoud van 1.200 liter nabij middelste loods; ▪ Werkplaats in de loods. Asbestinventarisatierapport Graafjansdijk B 75 Westdorpe uitgevoerd door Asbest & Meer v.o.f., kenmerk ANM-13204 d.d. 15-08-2013 In opdracht van Hoondert Staalbouw BV is door Asbest & Meer v.o.f. een asbestinventarisatie uitgevoerd in en rond een deel van de bebouwing (dak van een schuur) aan de Graafjansdijk B 75 te Westdorpe. Uit de inspectie en analyse van het genomen monster blijkt dat er asbest is aangetroffen.

Het betreft 10-15% chrysotiel en 0-2 % crocidoliet asbest. Andere opstallen op de locatie waren geen opdracht en zijn daarom buiten beschouwing gelaten.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Aanvraag asbestsanering en dakvernieuwing Staal a/d Graafjansdijk B 75 te Westdorpe, aanvraagnummer 957911 d.d. 16-08-2013 Het saneren van asbest dakbedekking en op de bestaande constructie terugplaatsen van nieuwe dakbedekking op een bestaande loods. Sloopmelding verwijderen van asbest dakbedekking garage en berging Graafjansdijk B 76 te Westdorpe op naam van J.C. vander Veeken d.d. 11-09-2019 Het verwijderen van 30 m2 hechtgebonden asbest platen van het dak van de garage en berging van de woning.

Bodemloket Volgens de website Bodemloket is zowel van de locatie Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 te Westdorpe als van de directe omgeving geen informatie bekend. Zeeuws Bodemvenster Bodemkwaliteitskaart Volgens de Bodemkwaliteitskaart van de gemeente Terneuzen is de onderzoekslocatie gelegen in de zone A ‘Buitengebied en naoorlogse woonwijken’ en heeft de bodem van de onderzoekslocatie de functie Overig. Zowel de boven- als de ondergrond ter plaatse van de onderzoekslocatie valt in de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarde. Boomgaardenkaart Volgens de boomgaardenkaart is het oostelijk gedeelte van de onderzoekslocatie vanaf 1984 in gebruik geweest als boomgaard. Daarnaast was volgens de boomgaardenkaart direct ten oosten van de locatie vanaf de jaren ’60 een boomgaard aanwezig. Van boomgaarden binnen deze periode is bekend dat veelvuldig gebruik gemaakt is van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s), waardoor het oostelijk gedeelte van de locatie als verdacht wordt beschouwd op het voorkomen van verhoogde gehalten aan OCB’s in de bovengrond. Geografisch loket provincie Zeeland Volgens het geografisch loket van de provincie Zeeland zijn ter plaatse, en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie geen gevallen van ernstige bodemverontreiniging bekend.

Tevens zijn, op basis van de informatie van het geografisch loket geen saneringen uitgevoerd ter plaatse of in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. Volgens de informatie die geraadpleegd is via het geografisch loket zijn geen (voormalige) stortplaatsen bekend ter plaatse of in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. Rapportagemodule Nazca Volgens de Rapportage van Nazca is op de locatie Graafjansdijk B 87 een fruitkwekerij/boomgaard (start- en eindjaar onbekend) gesitueerd. Verder geeft Nazca Rapportagemodule aan dat er in de directe omgeving van de onderzoekslocatie diverse bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. Deze staan toegelicht in paragraaf 2.4.1 ‘Eerder bodemonderzoek’ van onderhavig rapportage. Voor de rapportage van de Nazca Rapportagemodule wordt verwezen naar bijlage 8 van onderhavige rapportage.

De opdrachtgever is voornemens om een deel van de onderzoekslocatie aan te kopen. Op het overige gedeelte van de locatie is men voornemens een nieuwe woning inclusief tuin te realiseren.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Volgens het via de website www.topotijdreis.nl geraadpleegde historische kaartmateriaal (periode 1875-2019) is beoordeeld dat de onderzoekslocatie altijd in gebruik is geweest als agrarisch bouwland. Omstreeks 1960 is ten oosten van de onderzoekslocatie een boomgaard aanwezig. Op de kaart van 1986 is te zien dat de aanwezige boomgaard zich uitbreidt richting het westen. Op kaartmateriaal van 2010 is de boomgaard niet meer aanwezig. Volgens de luchtfoto’s die geraadpleegd zijn via de website van de provincie Zeeland is de onderzoekslocatie in 1959 in gebruik als landbouwgrond. Volgens de luchtfoto van 1970 is ten oosten van de onderzoekslocatie een boomgaard aanwezig. In 2003 is deze boomgaard nog steeds aanwezig. Op de luchtfoto van 2007 is de boomgaard niet meer zichtbaar. Sinds 2007 is de situatie op de onderzoekslocatie ongewijzigd gebleven.

Ter plaatse van een gedeelte van de onderzoekslocatie zal een nieuwe woning met tuin gerealiseerd worden. Mogelijk zal er na de eigendomsoverdracht ook aan het overige deel van de onderzoekslocatie een andere bestemming worden toegekend. Hierover zijn op dit moment geen gegevens bekend.

Er is geen informatie bekend omtrent calamiteiten of ongewone voorvallen ter plaatse van de onderzoekslocatie.

PFAS is een stofgroep van gefluoreerde koolwaterstoffen, die van nature niet afbreken en in hogere gehalten/concentraties schadelijke gevolgen kunnen hebben voor mens, dier en milieu. Tot deze stofgroep worden onder andere PFOS, PFOA en GenX gerekend. In juli 2019 is door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een tijdelijk handelingskader gepubliceerd met betrekking tot de hergebruiksmogelijkheden van PFAS-houdende grond en baggerspecie. In dit document zijn voorschriften omschreven voor het onderzoek en de mogelijkheden voor hergebruik van grond die (mogelijk) PFAS (poly- en perfluor alkyl stoffen) houdend is. Als gevolg van dit tijdelijk handelingskader dient grond die in aanmerking komt voor hergebruik onderzocht te zijn op PFAS. Op 2 juli 2020 is een geactualiseerde versie van dit tijdelijk handelingskader gepubliceerd. Er zijn wat betreft PFAS geen bekende puntbronnen aanwezig ter plaatse en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. Hierdoor wordt aangenomen dat atmosferische depositie de enige bron van PFAS-verontreiniging op deze locatie kan zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehaltes in bodem en water kan leiden. Derhalve wordt aangenomen dat er op deze locatie geen sprake zal zijn van een noemenswaardig verhoogde PFAS-concentratie en wordt de bodem ter plaatse niet aanvullend onderzocht op PFAS.

Door de heren L. Gelderland en N. Gelderland, medewerkers van Colsen b.v., is op 6 augustus 2020 een terreinverkenning uitgevoerd. Tijdens de terreinverkenning zijn geen bijzonderheden opgemerkt. Tijdens de uitvoering van de terreinverkenning zijn foto’s van de onderzoekslocatie gemaakt. Deze zijn opgenomen in bijlage 3 van onderhavige rapportage.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Ten behoeve van het uit te voeren verkennend bodemonderzoek wordt de onderzoekslocatie op basis van de huidige informatie beschouwd als een verdachte locatie wat betreft het voorkomen van bodemverontreiniging. Aanleiding hiervoor betreft de aanwezigheid van voormalige boomgaarden op het oostelijke gedeelte en direct ten oosten van de onderzoekslocatie. Het bodemonderzoek ter plaatse van de onderzoekslocatie wordt echter opgezet op basis van de onderzoeksstrategie voor een onverdachte niet-lijnvormige locatie (ONV-NL) zoals omschreven in de vigerende versie van de Nederlandse Norm NEN 5740. Hierbij zal de bovengrond op het oostelijk deel aanvullend op OCB’s worden onderzocht. Deze onderzoeksstrategie wordt in dit geval het meest geschikt geacht om een representatief beeld te verkrijgen van de bodemkwaliteit ter plaatse van de onderzoekslocatie. In onderstaande tabel is de te hanteren onderzoeksstrategie schematisch weergegeven. Tabel 3: Overzicht onderzoeksstrategie Onderzoekslocatie Oppervlakte (m2) Toe te passen strategie uit de NEN5740+A1 2016 Boringen Tot 0,50 m-mv Tot 2,00 m-mv En boring met peilbuis* Peilbuis met bovenzijde filter 0.5 m-grondwaterstand

Landbouwperceel t.h.v. Graafjansdijk B 84 Westdorpe ca. 6.800 ONV-NL

12 3

1

Analyses grond Bovengrond: Pakket 1 Bovengrond: Pakket 2 Ondergrond: Pakket 1

2 1 2

Analyses grondwater Pakket 3

1

Pakket 1: Pakket 2: Pakket 3:

Standaardpakket grond (bestaande uit: droge stof, organische stof, lutum, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood, zink, PCB (7) minerale olie (C10-C40) en PAK (10 VROM)) conform AS3000 OCB, droge stof en organische stof conform AS3000 Standaardpakket grondwater (bestaande uit: barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, nikkel, lood, zink, vluchtige aromaten (BTEXN), VOCL (11), 1,1-dichlooretheen, 1,1-dichloorpropaan, 1,2-dichloorpropaan, 1,3-dichloorpropaan, tribroommethaan, vinylchloride, styreen, minerale olie (C10-C40)) conform AS3000

* Indien de grondwaterspiegel zich dieper dan 5,0 meter beneden het maaiveld bevindt, kan het plaatsen van peilbuizen achterwege blijven. Er wordt wel geboord tot een diepte van 2 meter. Indien de diepte van de grondwaterspiegel niet bekend is, geldt een boordiepte van 5 meter.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op basis van de actuele BRL SIKB 2000, protocol 2001 en protocol 2002. Colsen b.v. is voor deze werkzaamheden gecertificeerd door Normec Certification BV (certificaat nr. EC-SIK20252) en erkend door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Op verzoek van de opdrachtgever worden de betreffende protocollen en het procescertificaat toegezonden. De medewerker die de veldwerkzaamheden heeft uitgevoerd is geregistreerd als erkend veldmedewerker voor de protocollen 2001 en 2002 van de BRL SIKB 2000.

Op 6 augustus 2020 zijn de boringen voor het bepalen van de bodemstructuur, het nemen van de grondmonsters en het plaatsen van de peilbuis uitgevoerd door de heer L. Gelderland. Hierbij is assistentie verleend door de heer N. Gelderland. Verspreid over de onderzoekslocatie zijn geplaatst: ▪ 12 boringen tot 0,50 meter – maaiveld (m-mv) (nrs. 102, 103, 104, 106, 107, 108, 110, 111, 112, 114, 115 en 116); ▪ 3 boringen tot 2,00 m-mv (nrs. 101, 105 en 109); ▪ 1 peilbuis (filterstelling 2,30-3,30 m-mv) (nr.113). Tijdens de terreinverkenning en bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden is op zowel het maaiveld als in het opgeboorde materiaal aandacht besteed aan de aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Een tekening met de situering van de boringen en de peilbuis is bijgevoegd als bijlage 2.

De boorstaten met de veldwaarnemingen zijn als bijlage 4 bijgevoegd. Uit de veldwaarnemingen blijkt dat de bovengrond ter plaatse in het algemeen bestaat uit matig siltige kleigrond. De ondergrond ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat in het algemeen uit matig fijn zand. Ter plaatse van boring 101 bestaat de bodemlaag van 0,50 – 1,10 m-mv uit een matig siltige kleilaag. Het opgeboorde materiaal is zintuiglijk beoordeeld. In zowel de boven- als de ondergrond zijn diverse bijmengingen met bodemvreemd materiaal aangetroffen (o.a. baksteen, koolas en aardewerk). De grondwaterstand is tijdens het uitvoeren van de veldwerkzaamheden bepaald op een diepte variërend van 1,70 tot 1,90 m-mv. Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn foto’s van de onderzoekslocatie gemaakt. Deze zijn opgenomen in bijlage 3 van onderhavige rapportage. De zintuiglijk waargenomen bijzonderheden zijn weergegeven in onderstaande tabel.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Tabel 4: Zintuiglijk waargenomen bijzonderheden Boring 101

Diepte boring (m -mv) 2,00

102

0,50

103

0,50

104 105 106

0,50 2,00 0,50

107

0,50

108

0,50

109

2,00

110 111 112 113 114

0,50 0,50 0,50 3,30 0,50

115

0,50

116

0,50

Traject (m -mv) 0,00 - 0,20

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

Zand

0,20 - 0,50

Zand

0,50 - 0,90

Klei

0,90 - 1,10 1,50 - 2,00 0,00 - 0,40 0,40 - 0,50 0,00 - 0,40 0,40 - 0,50 0,00 - 0,50 0,30 - 0,50 0,00 - 0,50

Klei Zand Klei Klei Klei Zand Klei Zand Klei

0,00 - 0,30 0,30 - 0,50 0,00 - 0,20 0,20 - 0,50 0,20 - 0,35 0,35 - 0,50 0,00 - 0,40 0,00 - 0,35 0,00 - 0,50 0,00 - 0,50 0,00 - 0,40 0,40 - 0,50 0,00 - 0,40 0,40 - 0,50 0,00 - 0,50

Klei Klei Klei Klei Klei Zand Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei Klei

matig baksteenhoudend, zwak kiezel houdend, matig steenhoudend, sporen kalk zwak kiezel houdend, sporen schelpen, zwak baksteenhoudend matig roesthoudend, zwak baksteenhoudend, sporen kalk zwak roesthoudend sporen roest sporen baksteen, sporen koolas zwak roesthoudend sporen baksteen, sporen kiezel brokken klei zwak roesthoudend brokken klei sporen koolas, sporen roest, sporen baksteen sporen baksteen sterk roesthoudend zwak baksteenhoudend matig roesthoudend sporen baksteen brokken klei sporen baksteen sporen baksteen, sterk aardewerkhoudend zwak baksteenhoudend zwak baksteenhoudend, zwak roesthoudend sporen baksteen, sporen koolas sterk roesthoudend sporen baksteen matig roesthoudend zwak baksteenhoudend, sporen koolas, zwak roesthoudend

Het grondwater uit peilbuis P113 (boring 113) is op 14 augustus 2020 bemonsterd door de heer J. Schelkens. In het veld zijn de grondwaterstand (m-mv), de zuurgraad (pH), de elektrische geleidbaarheid (EC) en de troebelheid (NTU) bepaald. In onderstaande tabel worden de uitgevoerde veldmetingen en veldwaarnemingen van de bemonsterde peilbuis schematisch weergegeven. Tabel 5: Overzicht veldmetingen en veldwaarnemingen grondwaterbemonstering Peilbuis/ Filterdiepte Grondwaterstand Zuurgraad EC-waarde Monstercode (m-mv) (m-mv) (pH) (µS/cm) (P)113 2,30 - 3,30 1,80 6,7 879 GW113

Troebelheid (NTU) 4,28

De in het veld gemeten zuurgraad (pH-waarde) en geleidbaarheid (EC-waarde) zijn normaal voor deze regio. De troebelheid van grondwatermonster GW113 is vergelijkbaar met de troebelheid van grondwater onder natuurlijke omstandigheden.

In het kader van dit onderzoek is géén specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond. Als tijdens het veldwerk in de bodem asbestverdachte materialen

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

zijn opgemerkt, dan komt dit in de profielbeschrijvingen en de conclusies naar voren. In de regel is een locatie verdacht op asbest wanneer er asbest(verdachte)resten in of op de bodem zijn aangetroffen, of wanneer er puinhoudende materialen in of op de bodem voorkomen. In bijlage 7 is een nadere toelichting opgenomen op het bepalen van de verdachtheid van een locatie op de aanwezigheid van asbest in de bodem. Onderhavige onderzoekslocatie is op basis van de huidige informatie en de tijdens de veldwerkzaamheden gedane zintuiglijke waarnemingen (baksteen en kooldeeltjes) niet verdacht op het voorkomen van asbesthoudende materialen in de bodem.

In de volgende tabel is weergegeven welke monsters ter analyse zijn ingezet en op welke parameters geanalyseerd is.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Tabel 6: Overzicht analysemonsters en monstersamenstelling Analysemonster

Analysepakket 1) (conform AS3000)

Traject (m-mv)

Deelmonsters

Zintuiglijke waarneming

Grond M01

0,00 - 0,20

101 (0,00 - 0,20)

Matig baksteenhoudend, zwak Standaardpakket grond kiezelhoudend, matig steenhoudend, sporen kalk

MM02

0,00 - 0,50

Sporen tot zwak baksteenhoudend, sporen koolas

Standaardpakket grond

MM03

0,00 - 0,50

Sporen tot zwak baksteenhoudend, sporen kiezels, sterk aardewerkhoudend

Standaardpakket grond

MM04

0,00 - 0,50

102 (0,00 - 0,40) 106 (0,00 - 0,50) 114 (0,00 - 0,40) 116 (0,00 - 0,50) 103 (0,00 - 0,40) 107 (0,00 - 0,30) 108 (0,00 - 0,20) 111 (0,00 - 0,35) 112 (0,00 - 0,50) 113 (0,00 - 0,50) 104 (0,00 - 0,50) 105 (0,00 - 0,30) 107 (0,00 - 0,30) 108 (0,00 - 0,20)

MM05

0,50 - 2,00

101 (1,10 - 1,50) 105 (0,50 - 1,00) 105 (1,50 - 2,00) 109 (1,00 - 1,50) 113 (0,70 - 1,00) 113 (1,50 - 2,00)

Grondwater GW113

2,30-3,30

113 (2,30-3,30)

Zintuiglijk schoon, sporen tot zwak OCB’s inclusief baksteenhoudend (omdat dit organische stof mengmonster enkel wordt geanalyseerd op OCB’s is de zintuiglijk schone bovengrond in dit specifieke mengmonster opgemengd met (hoogstens zwak) baksteenhoudende bovengrond) Standaardpakket grond

-

Standaardpakket grondwater

Toelichting: 1)

Standaardpakketten: Grond:

Grondwater:

Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB som 7), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10 VROM), minerale olie, lutum en organische stof Zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (benzeen, tolueen, ethylbenzeen, xylenen en naftaleen), vluchtige chloorkoolwaterstoffen (VOCl, 17 stuks), minerale olie

De monsters zijn op 6 augustus 2020 (grond) en 13 augustus 2020 (grondwater) door Colsen b.v. ter analyse aangeboden c.q. overgedragen aan Eurofins Analytico B.V., dit is een door de Raad van Accreditatie erkend laboratorium. De monsters zijn onder de vereiste gekoelde omstandigheden opgeslagen en vervoerd. De analyses zijn uitgevoerd conform de AS3000 ‘Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor milieuhygiënisch bodemonderzoek’.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

Wet bodembescherming Om de mate van verontreiniging van de grond en het grondwater te beoordelen worden de analyseresultaten van de grond en het grondwater getoetst aan het toetsingskader uit de Wet bodembescherming. Toetsing vindt plaats met behulp van het computerprogramma Terra Index. Terra Index is een programma dat aansluit op de BoToVa-toetsing (Bodem Toets- en Validatieservice). Hierin is de regelgeving van de wet Bodembescherming verwerkt en vindt een toetsing plaats van de gestandaardiseerde meetwaarden (GSSD) aan de achtergrond-/ streef- en interventiewaarden. De achtergrondwaarden (AW) zijn vastgesteld op basis van gehalten aan stoffen, zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingsbronnen. Grond die voldoet aan de Achtergrondwaarde is duurzaam geschikt voor elk bodemgebruik en wordt aangeduid als ‘schone’ of ‘niet verontreinigde grond’. De streefwaarde (S) geeft het concentratieniveau in grondwater aan, waarboven wel en waaronder geen sprake is van een aantoonbare verontreiniging. De interventiewaarden (I) geven aan wanneer de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, dier en plant ernstig zijn verminderd of dreigen te worden verminderd. Grond, slib of grondwater, waarin stoffen voorkomen die de interventiewaarden overschrijden, wordt aangeduid als sterk verontreinigd.

Er wordt gesproken van een geval van ernstige bodemverontreiniging, indien het gemiddelde gehalte (of concentratie bij grondwater) aan één stof de interventiewaarde overschrijdt in tenminste 25 m3 grond/slib of voor het grondwater in tenminste 100 m3 bodemvolume. De voormalige tussenwaarde (matige verontreiniging) is het gemiddelde van de achtergrond- c.q. streefwaarde en de interventiewaarde van een parameter. Het betreft een rekenkundig gemiddelde, dat niet rechtstreeks aan een specifiek risiconiveau is gekoppeld. Wanneer de gestandaardiseerde meetwaarde deze waarde overschrijdt bestaat het vermoeden van een bodemverontreiniging en dient mogelijk een nader onderzoek uitgevoerd te worden. De norm voor barium is tijdelijk ingetrokken (volgens de Circulaire bodemsanering, d.d. 1 juli 2013). Gebleken is dat de interventiewaarde voor barium lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium (920 mg/kg d.s.). De toetsing hoeft alleen nog uitgevoerd te worden in situaties waarbij sprake is van een duidelijke antropogene bron.

Correctie van de analyseresultaten De toetsingswaarden voor grond zijn afhankelijk van het lutum- en het organische stofgehalte in de betreffende bodemlagen. De achtergrond- en interventiewaarden van zware metalen zijn afhankelijk van de lutum en organische stofgehalten van de grond. De overige (organische) parameters zijn enkel afhankelijk van het percentage organische stof. Derhalve dienen de eerder beschreven achtergrond- en interventiewaarden of het analyseresultaat te worden gecorrigeerd voor de gemeten percentages lutum en organische stofgehalten. In dit geval worden de meetwaarden gecorrigeerd (bodem met 10% organische stof en 25% lutum) en worden de gestandaardiseerde meetwaarden (GSSD) getoetst aan de normen. Toelichting van de index Bij de getoetste waarden is een index opgenomen. De index geeft aan in welke mate een gehalte/concentratie een richtwaarde overschrijdt voor een specifieke parameter. Deze index wordt als

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

volgt berekend: Index = (GSSD-AW) / (I-AW). Een negatieve index houdt in dat de gestandaardiseerde meetwaarde (GSSD lager is dan de achtergrond-/ streefwaarde. Een index kleiner dan 0,5 houdt in dat de GSSD (ver) onder de interventiewaarde ligt (lichte verontreiniging). Een index boven de 1,0 houdt in dat de GSSD boven de interventiewaarde ligt (sterke verontreiniging). Een index tussen 0,5 en 1 houdt in dat de GSSD dicht bij de interventiewaarde ligt (matige verontreiniging). Afhankelijk van de locatie specifieke omstandigheden geeft laatstgenoemde mogelijk aanleiding voor het uitsplitsen van een mengmonster en/of het uitvoeren van een nader onderzoek. De volledige analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters zijn toegevoegd in bijlage 5. In bijlage 6 zijn de resultaten opgenomen van de toetsing van de gestandaardiseerde meetwaarden aan de achtergrond-/streef- en interventiewaarden inclusief de bijbehorende normen.

Resultaten In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven die de betreffende achtergrond- of interventiewaarde overschrijden. Tabel 7: Overschrijdingstabel grond Monster Deelmonsters (m-mv) (m-mv)

Zintuiglijke waarneming Overschrijdingen > AW (i <= 0,5) licht

M01 (0,00-0,20)

MM02 (0,00-0,50) MM03 (0,00-0,50)

MM04 (0,00-0,50) MM05 (0,50-2,00)

Toelichting: : AW, I, i :

101

Matig baksteenhoudend, zwak kiezelhoudend, matig steenhoudend 102, 106, 114 en 116 Sporen tot zwak baksteenhoudend, sporen koolas 103, 107, 108, 111, Sporen tot zwak 112 en 113 baksteenhoudend, sporen kiezels, sterk aardewerkhoudend 104, 105, 107 en 108 Sporen tot zwak baksteenhoudend 101, 105, 109 en 113 Matig baksteenhoudend, zwak kiezelhoudend, matig steenhoudend

> AW & <= I (0,5 < i <= 1) Matig -

>I (i > 1) Sterk -

-

-

-

-

-

-

-

-

geen bijzonderheden/geen overschrijding AW = achtergrondwaarde, I = interventiewaarde, i = index

Interpretatie In het monster van de matig (bak)steenhoudende en zwak kiezel bevattende bovengrond (M.1.bov; boring 101; traject 0,00-0,20 m-mv) zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarden aangetoond. In het mengmonster van de sporen tot zwak baksteenhoudende en sporen kooals bevattende bovengrond (MM02; boringen 102, 106, 114 en 116; traject 0,00-0,50 m-mv) zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarden aangetroffen. In het mengmonster van de sporen tot zwak baksteenhoudende, sporen kiezelhoudende en sterk

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

aardewerk bevattende bovengrond (MM03; boringen 103, 107, 108, 111, 112 en 113; traject 0,00-0,50m-mv) zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarde aangetoond. In het mengmonster van de zintuiglijk schone en sporen tot zwak baksteenhoudende bovengrond (MM04; boringen 104, 105, 107 en 108; traject 0,00-0,50 m-mv) zijn geen gehalten aan organochloorbestrijdingsmiddelen boven de achtergrondwaarde aangetroffen. In het mengmonster van de matig (bak)steen- en kiezelhoudende ondergrond (MM05; boringen 101, 105, 109 en 113; trajct 0,50-2,00 m-mv) zijn geen gehalten boven de achtergrondwaarde aangetoond. De gemeten gehalten aan barium zijn, conform het gestelde in de circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, getoetst aan de voormalige interventiewaarde. Dit in verband met het voor deze parameter aanwezig zijn van een aanwijsbare antropogene bron (bijmenging met baksteen, koolas, enz.). Uit de toetsing blijkt dat de gemeten gehalten aan barium deze voormalige interventiewaarde niet overschrijden.

In de volgende tabel zijn de parameters weergegeven die de betreffende streef- of interventiewaarde overschrijden. Tabel 8: Overschrijdingstabel grondwater Monster Peilbuis (filter, m-mv)

Overschrijdingen >S (i <= 0,5) licht

GW113

P113 (2,30-3,30)

Toelichting: : S, I, i :

geen bijzonderheden/geen overschrijding S = Streefwaarde, I = interventiewaarde, i = index

> S & <= I (0,5 < i <= 1) Matig

>I (i > 1) Sterk

Molybdeen (i = 0)

Interpretatie In het grondwatermonster GW113 (peilbuis (P)103; filtertraject 2,30-3,30 m-mv) is een licht verhoogde concentratie molybdeen aangetoond, de overige geanalyseerde parameters zijn niet in concentraties boven de streefwaarden aangetoond. Op het analysecertificaat wordt opgemerkt dat een vluchtige oliefractie aanwezig is. Op basis van de onderzoeksresultaten van het grondwater is er geen aanleiding voor de uitvoering van een nader bodemonderzoek

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

In opdracht van de heer L. de Beleir heeft Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v., op de locatie Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 te Westdorpe (kadastraal bekend Sas van Gent K 1146 en 1214 (beiden ged.)) een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de vigerende versie van de NEN 5740.

Grond De bovengrond ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat in het algemeen uit matig siltige kleigrond. De ondergrond ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat in het algemeen uit matig fijn zand. Ter plaatse van boring 101 bestaat de bodemlaag van 0,50 – 1,10 m-mv uit een matig siltige kleilaag. Het opgeboorde materiaal is zintuiglijk beoordeeld. In zowel de boven- als de ondergrond zijn diverse bijmengingen met bodemvreemd materiaal (o.a. baksteen, koolas, aardewerk) aangetroffen. De grondwaterstand is tijdens het uitvoeren van de veldwerkzaamheden bepaald op een diepte variërend van 1,70 tot 1,90 m-mv. Wet bodembescherming In zowel de boven- als de ondergrond zijn geen verhoogde gehalten boven de achtergrondwaarden aangetroffen. Asbest In het opgeboorde materiaal zijn bijmengingen met onder andere bekasteen en koolas aangetroffen. Conform de NEN 5725 (bijlage A) blijft de aanname ten aanzien van asbest ‘onverdacht’ zoals gesteld in het vooronderzoek van kracht, omdat er geen aanwijzingen zijn voor bodembelastende activiteiten en geen asbesthoudend materiaal aanwezig is. Grondwater In het grondwater is een licht verhoogde concentratie molybdeen aangetoond, de overige geanalyseerde parameters zijn niet in concentraties boven de streefwaarden aangetroffen.

De vooraf opgestelde hypothese ‘onverdachte locatie’ wordt verworpen, vanwege de in het grondwater aangetoonde licht verhoogde concentratie molybdeen.

De onderzoeksresultaten geven vanuit de Wet bodembescherming geen aanleiding tot het uitvoeren van vervolgonderzoek, aangezien de gemeten gehalten/concentraties kleiner zijn dan de betreffende interventiewaarde. Er zijn met de voorgenomen activiteiten, ons inziens, geen risico’s voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig. De uiteindelijke beslissing hiertoe is aan het bevoegd gezag. Verwerking of afvoer van grond Het onderliggende onderzoek is in beginsel niet geschikt voor de beoordeling van af te voeren grond in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Het bodemonderzoek geeft inzicht in de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem in het kader van het gebruik en/of de bestemming van de onderzochte locatie. Indien grond ten behoeve van bouwwerkzaamheden en/of andere activiteiten wordt ontgraven en afgevoerd, kan het mogelijk worden geacht dat de vrijkomende grond gekeurd en getoetst dient te worden aan het Besluit bodemkwaliteit. Dit kan middels een partijkeuring conform BRL SIKB1000, protocol 1001, of op basis van een kwaliteitswaarmerk van de bodemkwaliteitskaart van de betreffende gemeente. Indien gewenst kan Colsen b.v. u hierin verder begeleiden en de werkzaamheden voor u verzorgen.

Projectnummer: 001841 Verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk B t.h.v. nr. 84 Westdorpe

De resultaten en interpretatie van onderliggend onderzoek wordt met de grootste zorgvuldigheid beoordeeld en samengesteld. Colsen b.v. is echter niet aansprakelijk voor uit de rapportage voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard dan ook. De resultaten en advisering van het onderzoek worden samengesteld uit een beperkt aantal boringen en monsters. Vanwege het steekproefkarakter is het niet uit te sluiten dat plaatselijke afwijkingen niet geconstateerd zijn tijdens het onderzoek. Colsen b.v. heeft een adviserende functie, het bevoegd gezag kan hiervan afwijken.

BIJLAGE 1 Situering onderzoekslocatie

Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v.

– Water,Energie en Milieu

onderzoekslocatie 0

500 METER

Dhr. L. de Beleir 001841: verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk t.h.v. B 84 te Westdorpe Colsen b.v.

overzichtskaart ligging onderzoekslocatie 1 : 10.000 LBR2001.kad

BOD -

5-8-2020

A4

Deze tekening is eigendom van Colsen b.v., adviesburo voor milieutechniek en mag zonder onze schriftelijke toestemming niet worden gecopieerd, gereproduceerd, aan derden ter inzage gegeven of voor aanmaak ten behoeve van derden worden gebezigd. Alle rechten blijven voorbehouden aan Colsen b.v., adviesburo voor milieutechniek

Kadastrale kaart

Uw referentie: 001841

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 2000

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Sas van Gent K 1214

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 3 juli 2020 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

BIJLAGE 2 Plattegrond met situering boringen en peilfilter(s)

Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek b.v. - Water, Energie en Milieu

fj a a

s an

d

ijk

84

B

88

Gr

83

101 105

82 104 103

tuingrond toekomstig

106

102

81

108

110 112

80

107

116 P113

toekomstige woning

109 111

114

115

Dhr. L. de Beleir

0

25 METER

Legenda ...

bovengrond boring

...

ondergrond boring

P...

peilbuis onderzoekslocatie

001841: verkennend bodemonderzoek Graafjansdijk t.h.v. B 84 te Westdorpe Colsen b.v.

locaties grondboringen en peilbuis 1 : 500 LBR2001.01

BOD 6-8-'20

A3

Deze tekening is eigendom van Colsen b.v., adviesburo voor milieutechniek en mag zonder onze schriftelijke toestemming niet worden gecopieerd, gereproduceerd, aan derden ter inzage gegeven of voor aanmaak ten behoeve van derden worden gebezigd. Alle rechten blijven voorbehouden aan Colsen b.v., adviesburo voor milieutechniek

BIJLAGE 3 Foto’s onderzoekslocatie

Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek

b.v. – Water, Energie en Milieu

BIJLAGE 4 Boorstaten met legenda

Colsen, Adviesburo voor Milieutechniek

b.v. – Water, Energie en Milieu

Boring:

101 101-Alg. Terrein

Boring:

102 102-Alg. Terrein

X:

46835,74

X:

46815,28

Y:

361907,88

Y:

361885,64

Datum:

5-8-2020

Datum:

5-8-2020

GWS:

190 -4396

0 1

-4416

2 -4446

50 3

-4486

100

-4546

Klei, matig siltig, zwak kooldeeltjes houdend, zwak roesthoudend, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

0

braak

-40

Klei, matig siltig, sporen baksteen, sporen plantenresten, sporen koolas, donker grijsbruin, Edelmanboor

1

50

2

-50

Klei, sterk zandig, zwak roesthoudend, neutraal bruingeel, Edelmanboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbruin, Edelmanboor

6 -4596

200

Zand, matig fijn, sterk kleiïg, zwak kiezel houdend, sporen schelpen, zwak baksteenhoudend, neutraal grijsbruin, Edelmanboor Klei, matig siltig, matig roesthoudend, zwak baksteenhoudend, sporen kalk, donker groenblauw, Edelmanboor

5

0

Zand, matig fijn, sterk kleiïg, matig baksteenhoudend, zwak kiezel houdend, matig steenhoudend, sporen kalk, neutraal grijsbruin, Edelmanboor

-4506

4

150

braak

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, licht grijsgeel, Edelmanboor

Boring:

103 103-Alg. Terrein

Boring:

104 104-Alg. Terrein

X:

46842,59

X:

46875,76

Y:

361890,09

Y:

361894,41

Datum:

5-8-2020

Datum:

5-8-2020

0

0

braak

1

0

0

Klei, zwak siltig, sporen baksteen, sporen plantenresten, sporen kiezel, donker grijsbruin, Edelmanboor

Klei, matig siltig, zwak roesthoudend, zwak plantenresten houdend, donker grijsbruin, Edelmanboor

1

-40

50

2

-50

Zand, matig fijn, zwak kleiïg, brokken klei, donker grijsbruin, Edelmanboor

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10969536/1