2021-12-02 a. begrotingswijzigingen 2021 en 2022 GGD Zeeland - Ontwerpbesluit
Tekst van het document
2021
2020
Dienstbetrekking
223
215
Inhuur personeel
5
8
Totaal fte GGD Zeeland
228
223
30/61
22
In 2.1.1 onder beheersing loonkosten is het loonkostenbudget voor 2021 geprognotiseerd. Gemiddelde bezetting in fte Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
2021 t/m juni
Dienstbetrekking Inhuur personeel Totaal fte Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
9,4 4,6 14,0
2020
10,8
Inhuur derden GGD Zeeland De kosten van ingeleend personeel en externe adviseurs zullen in 2021 naar verwachting weer lager uitkomen dan in het vorige boekjaar. Waar inhuur plaatsvindt zoals voor nieuwe taken, onvoorziene situaties zoals een krappe arbeidsmarkt of ziekte, wordt steeds gezocht naar een passende dekking (bijvoorbeeld vacatureruimte). De post inhuur derden wordt daarmee zo veel mogelijk ingezet voor onontkoombare situaties. Bedragen x 1.000
2018
2019
2020
2021
Ingeleend personeel
1.986
2.024
1.168
834
Externe adviezen (in economische categorie Overige goederen en diensten)
534
388
300
212
Totaal externe inhuur
2.519
2.412
1.468
1.046
Totaal loonsom
13.536
14.819
17.270
17.075
Externe inhuur in % van de loonsom
18,6%
16,3%
8,5%
6,1%
Extra inhuur in verband met de bestrijding van COVID-19 wordt apart geadministreerd omdat de kosten hiervoor worden gecompenseerd door het Ministerie van VWS. Huisvesting Vanwege verschillende redenen (onderzoek samenwerking GGD-RUD- VRZ en de business case huisvesting) is de afgelopen jaren het hoogstnoodzakelijke onderhoud uitgevoerd in het gebouw aan de Westwal. Vanwege het aflopen van de technische levensduur in 2021 van verschillende installaties is in kaart gebracht welke installaties de aankomende periode vervangen moeten worden. Bij de inventarisatie is als criterium gebruikt onontkoombaar en onuitstelbaar. Deze inventarisatie met bijbehorende kosten zal in oktober ter besluitvorming worden voorgelegd aan het algemeen bestuur. 1.2.2 Risico's Aansluitend op de risico's benoemd in de begroting 2021-2024, constateren we vanaf september 2021 de volgende risico's: GGD: 1.
Veilig Thuis: het risico bestaat dat Veilig Thuis niet in staat is om op tijd voldoende kwalitatief personeel te werven om de instroom van meldingen/advies aanvragen beheersbaar te houden. Hierdoor kunnen de wachtlijsten oplopen waardoor medewerkers meer tijd moeten investeren om zicht op veiligheid te behouden en waardoor het langer duurt voordat meldingen kunnen worden opgepakt. In deze
31/61
23
wachtperiode is het onvoorspelbaar wat met een gezin gebeurt. Overigens worden de meest acute situaties altijd direct aangepakt, ook in situaties van wachtlijsten. 2.
Vanaf 10 januari 2022 is nog niet duidelijk of en op welke wijze de dienstverlening van GGD voor de politie in het kader van Arrestantenzorg en Forensisch medische expertise zal plaatsvinden. Dit in verband met vertrek van één van de drie Forensisch artsen bij de GGD, waardoor de huidige dienstverlening niet meer kan worden gecontinueerd en het huidige contract is opgezegd. Omdat sprake is van zowel kosten voor politie als voor gemeenten bij forensische geneeskunde kan het mogelijk niet meer kunnen uitvoeren van deze dienstverlening gevolgen hebben voor de dekking van overhead en andere kosten en derhalve voor de gemeentelijke bijdragen. Het risico is op dit moment nog niet te kwantificeren.
3.
Onlangs is gebleken dat in 2022 de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) andere/ minder diensten van GGD gaat afnemen ten aanzien van TBC. Dit kan gevolgen hebben voor de dekking van de afschrijvingslasten van de Mobiele Röntgen Unit (MRU bus) van de GGD. De volgende maanden wordt duidelijk welke dienstverlening de Dienst Justitiële Inrichtingen gaat afnemen en wat dit betekent voor de GGD én in Nederland. Het risico is op dit moment nog niet te kwantificeren.
4.
In verband met COVID-19 is de inzet van de tijdelijke hulpconstructie vertraagd. Incidentele financiering van deze tijdelijke constructie voor 2022 is van belang om de evaluatie uit te kunnen voeren en sturing en besluitvorming op alle niveaus van de organisatie beter in te bedden, alsmede om de actuele grote opgaven (zoals structureel artsentekort) ook in 2022 te kunnen managen. Mede gezien het feit dat naar verwachting de COVID 19 doorloopt in 2022. Indien deze incidentele financiering niet plaatsvindt bestaat het risico dat sturing en besluitvorming wederom wordt bemoeilijkt.
Specifiek voor COVID-19 geldt het volgende: 5. Uitgaven t.b.v. COVID-19 zijn ingediend bij VWS en hierbij is een landelijke Q&A lijst van het Samenwerkend beleidsorgaan GGD Nederland als leidraad gehanteerd. Nog niet duidelijk is welke vergoedingsrichtlijnen VWS hanteert vanaf 2022 en op welke wijze de eindafrekening COVID-19 in 2022 zal plaatsvinden. GGD acht het risico dat bepaalde uitgaven niet voor vergoeding in aanmerking komen niet hoog in, omdat conform 2020 is/ wordt gehandeld. 6.
Eind 2021 zullen COVID-19 kosten jaar overstijgend doorlopen naar 2022. Op dit moment is zoals hierboven aangegeven, nog niet duidelijk welke declaratievoorschriften/ richtlijnen VWS zal hanteren voor 2022. Als beheersmaatregel wordt ingezet op het minimaliseren van dit risico door in principe geen verplichtingen aan te gaan die over de jaargrens heen lopen en door kosten over 2021 tijdig te declareren door hierop te anticiperen richting alle relevante crediteuren. Het risico is echter niet helemaal uit te sluiten. Er kunnen situaties ontstaan waarin we ons genoodzaakt voelen om wel verplichtingen aan te gaan die over de jaargrens heen gaan, bijvoorbeeld vanuit het oogpunt van continuïteit van de COVID-organisatie. We achten dit risico niet groot omdat is aangegeven dat in oktober 2021 meer informatie van VWS wordt verwacht over de richtlijnen m.b.t. kostenvergoeding in 2022.
32/61
24
IJZ 7.
Het grootste risico met betrekking tot IJZ is faillissement van zorgaanbieders waardoor gemeenten met hoge kosten jeugdzorg worden geconfronteerd, naast het feit dat cliënten hierdoor worden gedupeerd. Dit risico is niet te kwantificeren. Twee beheersmaatregelen zijn hierop ingezet: kengetallen uit jaarrekeningen van zorgaanbieders worden beoordeeld door IJZ en periodiek overleg met de grootste zorgaanbieders door de contractmanagers waarin ook de financiële situatie wordt besproken.
33/61
25
Financiële rapportage 2.1 Overzicht baten en lasten organisatieonderdeel GGD van de Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke gezondheidsdienst Zeeland Primaire begroting
Gewijzigde begroting
Prognose
Resultaat
COVID-19
-
-
-
-
Kosten
-
-
41.054.089
-41.054.089
Opbrengsten
-
-
-41.054.089
41.054.089
9.247.524
9.247.524
9.095.760
151.764
Kosten
13.287.655
13.287.655
13.455.442
-167.787
Opbrengsten
WPG
-4.040.131
-4.040.131
-4.359.682
319.551
Veilig Thuis
1.056.133
1.103.693
812.226
291.467
Kosten
2.172.070
2.791.230
2.516.762
274.468
Opbrengsten
-1.115.937
-1.687.537
-1.704.536
16.999
Overhead
6.083.193
6.035.633
5.988.470
47.163
Kosten
6.749.425
6.701.865
6.632.382
69.483
Opbrengsten
-368.232
-368.232
-394.912
26.680
Mutatie reserve
-298.000
-298.000
-249.000
-49.000
Onvoorzien
15.000
15.000
-
15.000
Kosten
15.000
15.000
-
15.000
Vennootschapsbelasting
10.869
10.869
23.095
-12.226
Kosten Algemene dekkingsmiddelen
10.869
10.869
23.095
-12.226
-16.412.719
-16.412.719
-16.409.617
-3.103
-3.101
-3.101
-
-3.101
-16.409.618
-16.409.618
-16.409.617
-2
0
0
-490.066
490.066
Kosten Opbrengsten Eindtotaal
Het verschil tussen de primaire begroting en de gewijzigde begroting betreft begrotingswijziging 2021 nr. 1 Veilig Thuis. (AB 9 april 2021) 2.1.1 GGD Zeeland Exploitatierekening Naar verwachting sluit de jaarrekening 2021 voor GGD Zeeland met een resultaat van € 490.000 voordelig. De lasten op het onderdeel COVID-19 worden geraamd op € 41.055.000 waarbij de aanname is dat deze lasten 100% vergoed worden door VWS en RIVM. In het resultaat van € 490.000 is er met het volgende rekening gehouden: • Voor wat betreft het onderdeel Minder inkomsten: de geprognotiseerde baten worden in het geval van een lagere realisatie volledig vergoed de VWS-bijdrage. Het betreft de omzet voor TBC, THZ, PMR, HIP. De VWS-bijdrage voor Minder inkomsten/omzet is geraamd op € 572.000 dat is 36 % van de begrote omzet van € 1.594.000. •
Voor wat betreft het onderdeel Minder kosten wordt voor de hiervoor genoemde teams naar verwachting € 125.000 verrekend met/afgedragen aan VWS. Voor de overige teams is
34/61
26
de rapportage opgesteld met het uitgangspunt dat het reis - en scholingskostenbudget volledig wordt benut. In werkelijkheid is dit door COVID anders. Deze Minderkosten worden in dat geval verrekend/betaald aan VWS. •
De CAO SGO liep tot 1 januari 2021. Er is nog geen cao-akkoord voor 2021. Onder deze cao valt ruim 92 % van de loonkosten. Nog niet duidelijk is welke salarismaatregelen kunnen worden verwacht en derhalve heeft geen verwerking in de exploitatiecijfers plaatsgevonden maar opname in de risicoparagraaf.
Toelichting op het verwachte exploitatieresultaat: 1. Voor COVID-19 kosten (vaccineren en testen) wordt een begrotingswijziging aangevraagd van € 41.055.000. Deze kosten zijn declarabel bij VWS en RIVM. De COVID-19 kosten waren niet voorzien bij het opstellen van de primaire begroting. Om kosten onrechtmatigheid te voorkomen, wordt een begrotingswijziging aangevraagd voor 2021. 2. Aangenomen is dat het budget van € 118.465 voor gemeentelijke projecten volledig benut wordt door gemeenten waardoor het exploitatieresultaat niet beïnvloed is voor over- of onderbesteding van dit budget. 3. Projecten. De exploitatiesaldi van de projecten beïnvloeden het saldo positief naar verwachting met circa € 28.000. Dit betreft o.a. Spark-trainingen € 12.000; Zorgpad e-consult € 7.000; RUPS uitstapprogramma € 6.000. Dit betreft projecten met een einddatum in 2021 waarbij voldaan is aan subsidievoorwaarden en waarvoor geen terugbetalingsverplichting geldt voor niet volledig bestede subsidiegelden. 4. Beheersing loonkosten GGD (alle programma’s excl. COVID). Hierbij worden in beschouwing genomen de salarislasten, inhuur personeel, ontvangen ziekengelden, detacheringen en taakstelling. Het gewijzigde budget voor deze posten is € 17.678.000 bij een prognose van € 17.495.000. Een afwijking van ruim € 183.000 positief. De samenstelling is WPG, Veilig Thuis en Overhead resp.
-€ 76.000; +€ 357.000; – € 96.000. 5. Analyse lasten COVID-organisatie. Van de totale lasten € 41.054.089 bestaat 77,9% uit kosten voor inhuur personeel en 3,2% loonkosten. De financiële risico’s voor de GGD zijn in beeld gebracht en beheersmaatregelen zijn genomen. 6. Analyse Programma WPG. Er wordt een lastenoverschrijding verwacht van €168.000 welke gecompenseerd wordt door circa € 320.000 hogere baten. Per saldo € 152.000 voordelig. Onder punt 11 is de uitsplitsing van dit saldo in structureel en incidenteel opgenomen. 7. Analyse Programma Veilig Thuis. De besteding van de incidentele extra middelen van CZW € 571.600 (DUVO-uitkering) waarvoor in het AB van 9 april 2021 een begrotingswijziging vastgesteld is zal naar verwachting slechts ten dele plaats vinden. Werving van personeelsleden kon pas plaatsvinden na bestuursbesluit. Er wordt een positief resultaat verwacht van € 291.000. Dit wordt dus vooral veroorzaakt door het tempo waarin vacatures ingevuld kunnen worden. De actuele bezetting is 32,0 fte versus 34,3 fte opgenomen in de begrotingswijziging. Onder punt 11 is de uitsplitsing van het saldo van € 291.000 in structureel en incidenteel opgenomen.
35/61
27
8. Analyse Programma Overhead. Verwacht wordt een positief resultaat van € 47.000. Onder punt 11 is de uitsplitsing van het saldo in structureel en incidenteel opgenomen. 9. Vennootschapsbelasting. In de begroting was geen rekening gehouden met de aangepaste omzet van resp. € 538.000 voor Forensische geneeskunde en € 702.000 voor PMR. Voor de VPB wordt een begrotingswijziging ingediend. 10. Analyseresultaat GGD gesplitst naar incidenteel en structureel. Het prognose resultaat van € 490.000 is samengesteld uit: + € 666.000 incidenteel en - € 176.000 structureel. De belangrijkste verschillen worden hieronder toegelicht:
A. Structureel Aanvullende diensten
-€ 82.000
Team Onderzoek en Advies Hogere bezetting ten opzichte van (foutief) begrote formatie. De structurele overschrijding bedraagt € 60.000
-€ 60.000
Meld- en actiepunt bemoeizorg De herziene functiewaardering in 2021 zorgt voor structureel hogere salarislasten.
-€ 20.000
Forensische Geneeskunde Structurele aanpassing Budget piketkosten en kosten activiteiten.
+€ 77.000
Overige/diverse
-€ 18.000
Subtotaal WPG structureel
- € 103.000
Veilig Thuis Niet begrote structurele baten van + € 17.000. Daarnaast was in de primaire begroting nog geen rekening gehouden met kosten van diverse abonnementen op informatievoorziening van het primair proces. -€ 35.000. Overige posten -€ 5.000. Subtotaal Veilig Thuis structureel
-€ 23.000
Huisvesting Westwal Onderhoudslasten 1e half jaar zijn circa € 32.000 overschreden. Ook over 2020 was sprake van een na verrekening met de GGE van € 20.000. Gezien de onderhoudstoestand rekening houden met structureel hogere lasten. Algemene kosten
-€ 32.000
-€ 23.000
-€ 47.000
36/61
28
HRM Minder lasten voor een totaalbedrag van € 78.000, o.a. lagere wervingskosten, functie waarderingskosten en advieskosten. Aan de andere kant zijn de personele lasten structureel hoger € 51.000. Overige
+€ 27.000
Subtotaal Overhead structureel
-€ 53.000
Onvoorzien VPB-aanpassing naar omzetprognose FG en PMR Subtotaal Onvoorzien en VPB structureel
+€ 15.000 -€ 12.000
-€ 1.000
+€ 3.000
37/61
29
B. Incidenteel Aanvullende diensten
- € 93.000
Niet begrote detacheringsopbrengsten
+€ 81.000
Team MMK Onderbezetting 0,2 fte Saldi op projecten met einddatum in 2021
+€ 25.000
Saldo JGZ-teams (excl. screeners) Prognose saldo op loonkosten/inhuur/ziekengelden. Vergoeding voor artsen in opleiding Betreft externe bijdrage om artsen op te leiden. Planbureau Vacature invulling heeft later plaatsgevonden Team screeners Hogere loonkosten door ziektevervanging. Onderzoek & Advies Incidentele baten gezondheidsmonitor en ontvangen ziekengeld. Meld- en Actiepunt Bemoeizorg (MAB) Nagekomen lasten 2020 in verband met herziene functiewaarderingen met terugwerkende kracht en een lagere beschikking Samenwerking Welzijn Oosterschelderegio. Huisvesting consultatiebureaus
+€ 79.000
+€ 28.000
+€ 108.000
+€ 7.000 -€ 17.000 +€ 30.000
-€ 18.000
+€ 24.000
Subtotaal WPG incidenteel
+€ 254.000
Lage salarislasten Zie toelichting onder 6. Subtotaal Veilig Thuis incidenteel
+€ 314.000
Bestuur & directie Niet in kunnen vullen vacature en niet kunnen uitvoeren van beleid en projecten als gevolg van de COVID-19 pandemie.
€ 180.000
Kostenplaats GVB Niet begrote loonkosten -€ 112.000 (grotendeels gecompenseerd door onderbezetting strategisch beleidsadviseur bij Bestuur & Directie). Lagere onttrekking algemene reserve in verband met later invullen tijdelijke hulpconstructie als gevolg van COVID -€ 48.000. Onderhoud inventaris en apparatuur +€ 18.000 HRM Lagere advieskosten ICT Vacatureruimte.
-€ 142.000
+€ 314.000
+€ 17.000 +€ 48.000
38/61
30
Huisvesting Westwal Nagekomen last uit 2020 van € 20.000 i.v.m. afrekening onderhoud met de GGE. Team Communicatie Tijdelijk niet ingevulde vacatureruimte + € 8.000; lagere diverse kosten +€ 9.000 Subtotaal Overhead incidenteel
-€ 20.000
+€ 17.000
+€ 100.000
Investeringen Primaire Realisatie begroting 30-08-21 COVID-19
-
Apparatuur (laptops, telefoons, printers, vaccinkoelkasten)
Prognose 2021 Verschil
262.000
270.000
270.000
262.000
270.000
270.000
GGD
342.826
71.000
153.000
189.826
Apparatuur (ICT)
342.826
49.000
110.000
232.826
Apparatuur (overig m.n. meetapparatuur CBlocaties, vaccin koelkasten JGZ)
-
15.000
30.000
-30.000
Overige materiele activa (meubilair)
-
7.000
13.000
-13.000
COVID-19 Noodzakelijke apparatuur voor extra mensen voor de projectorganisatie COVID is opgenomen in de VWS-declaratie. Op het moment van schrijven van deze rapportage gaan er per saldo iets meer mensen uit dienst dan er in dienst komen. Echter de ontwikkelingen blijven moeilijk voorspelbaar. Deze apparatuur voor COVID was niet begroot in de primaire begroting. Er wordt een begrotingswijziging aangevraagd. GGD-apparatuur ICT Het budget 2021 voor laptops en telefonie is € 342.826. We temporiseren op het investeringsbudget afhankelijk van de ontwikkelingen met betrekking tot COVID-19. GGD Apparatuur overig Er is voor € 15.000 noodzakelijke aanschaffingen gedaan in met name vaccin koelkasten voor de JGZ. Hiervoor was niet begroot. Er wordt een begrotingswijziging aangevraagd. GGD Overige materiele activa Er is voor € 7.000 noodzakelijke aanschaffingen gedaan in meubilair van het kantoorpand en CB-locaties. Hiervoor was niet begroot. Er wordt een begrotingswijziging aangevraagd. 2.1.2 Inkoop Jeugdhulp Zeeland Financieel De inkooporganisatie maakt kosten voor jeugdhulp (zorg in natura) voor de Zeeuwse gemeenten en heeft uitvoeringskosten. Hiervoor zijn financiële middelen nodig. Die middelen komen van de deelnemende gemeenten en worden verdeeld op basis van een vastgestelde verdeelsleutel.
De ontwikkeling van de lasten in 2021 leidt tot een prognose voor de verwachte lasten over heel 2021. Die prognose is hierna opgenomen inclusief een toelichting. Uitgaven/Kosten Sinds april 2021 maakt de inkooporganisatie een maandelijkse Monitor Jeugdhulp. Daarin worden de kosten voor jeugdhulp, innovatieprojecten, uitvoeringskosten en de Taskforce Jeugd
39/61
31
per Zeeuwse gemeente inzichtelijk gemaakt. De jaarprognose voor 2021 hieronder is gebaseerd op de cijfers tot en met juni. De Monitor Jeugdhulp juni 2021 is medio augustus gecommuniceerd. De cijfers tot en met juni zijn geëxtrapoleerd tot eind van het jaar, waarbij rekening is gehouden met bijzonderheden. De cijfers uit onderstaande tabel worden toegelicht. Primaire begroting
Goedgekeurde begrotingswijziging
Actuele begroting
Nieuwe begrotingswijziging
Jaarprognose
Uitvoeringskosten
1.246.255
431.996
1.678.251
341.838
2.020.089
Taskforce Jeugd
296.615
296.615
Uitgaven Jeugdhulp
108.214.029
108.214.029
TOTAAL
109.756.899
431.996
110.188.895
296.615
11.623.130
11.964.968
119.837.159
122.153.863
Uitvoeringskosten In maart 2021 is het plan ‘Van pionieren (2015-2020) naar professionaliseren (2021-2022)’ vastgesteld. Met die bestuursopdracht wil de Inkooporganisatie verder ontwikkelen en professionaliseren. Voor de uitvoering van dit plan is een begrotingswijziging van € 431.996 goedgekeurd. De uitvoering is in volle gang en het heeft inmiddels de eerste vruchten afgeworpen die merkbaar zijn voor de 13 gemeentelijke opdrachtgevers en de circa 120 aanbieders van jeugdhulp in Zeeland. Meest in het oog springend zijn de verbeterde sturing op de uitvoering van contracten op kwaliteit en kosten en het actueler inzicht door de invoering van maandelijkse rapportages. Onder meer het toekomstbestendig maken van de organisatie heeft voor relatief veel personeelsverloop gezorgd. Om de uitvoering én de verbeterslag door te kunnen laten gaan is en wordt meer personeel ingehuurd dan begroot. Hierdoor zijn er niet voorziene kosten gemaakt voor de werving en selectie van nieuwe medewerkers. Daarnaast zijn de kosten voor interim-medewerkers hoger dan voor vaste medewerkers. Voor de verwachte extra kosten van € 341.838 (eenmalig) wordt een begrotingswijziging ingediend. Eerder dit jaar is overigens een andere begrotingswijziging vastgesteld voor het plan “Van pionieren naar professionaliseren”. Het hierboven genoemde bedrag is daarop aanvullend.
In het najaar is de formatie naar verwachting weer volledig ingevuld met vast personeel en kan de inhuur worden beëindigd. Taskforce Jeugd Voor de Taskforce Jeugd is in de begroting 2021 een bedrag beschikbaar gesteld van € 296.615 dat is opgesplitst in een budget voor personele kosten en een werkbudget. Op basis van de cijfers tot en met juni is de verwachting dat er geen significante afwijking zal zijn t.o.v. de begroting. Uitgaven Jeugdhulp De grootste overschrijding t.o.v. de vastgestelde begroting zit in de uitgaven voor jeugdhulp.
40/61
32
Het zijn de kosten voor zorg in natura, die uit drie soorten lasten bestaan: • • •
De declaraties die via het berichtenverkeer zijn ingediend (90%); De “papieren” declaraties voor maatwerk-overeenkomsten met zorgaanbieders (4%); De door Intervence verstrekte managementinformatie (6%).
Helaas is er sprake van een flink na-ijleffect. Dat zijn declaraties die later binnenkomen dan de maand na de maand waarop ze betrekking hebben. Doordat declaraties pas later in de administratie komen, kunnen voor een betrouwbare prognose voor de totale jaarkosten niet zomaar de kosten van het eerste half jaar met twee worden vermenigvuldigd. Bij het maken van een prognose is daarom het voorzichtigheidsprincipe gehanteerd en is rekening gehouden met het na-ijleffect. Voor deze drie facturenstromen samen wordt € 108.632.230 aan kosten verwacht voor heel 2021 (realisatie 2020 was € 106.019.674). In afstemming met de zorgaanbieders wordt geprobeerd het na-ijleffect te verkleinen of liefst weg te werken. Daarnaast heeft IJZ een prognosetool aangeschaft die in het najaar wordt ingericht. De verwachting is dat daarmee betrouwbare, actuele prognoses kunnen worden gemaakt. Naast de drie hierboven genoemde facturenstromen wordt in de maandelijkse Monitor Jeugdhulp gerapporteerd over een aantal andere zorgkosten. Die indeling wordt ook in deze rapportage gehanteerd. Het gaat achtereenvolgens om crisisopvang, jeugdzorg+, projecten, kosten overname Intervence en faillissement Briedis en overige zorgkosten. De verwachte kosten voor crisisopvang van € 2.534.341 voor heel 2021 betreffen de vaste vergoeding (lumpsum) voor Juvent en Emergis. Deze bedragen zijn contractueel vastgesteld.
Over 2020 bedroegen deze kosten € 2.609.584. De kosten voor Jeugdzorg + bedragen, voor de drie regio’s, waarvan Zeeland er één is, in totaal € 9,1 miljoen op jaarbasis. Met dit bedrag worden 57 cliënt-plekken bekostigd, die niet allemaal altijd bezet zijn. De verdeling van deze kosten over de drie regio’s geschiedt op basis van de werkelijke bezetting. Elke regio betaalt naar rato van de werkelijke bezetting de resterende plekken-capaciteit. Deze systematiek maakt het onmogelijk de jaarkosten nauwkeurig te prognosticeren. Vooralsnog wordt uitgegaan van € 2.589.006. De kosten voor Jeugdzorg+ over 2020 bedroegen € 3.282.840. De projectkosten bestaan uit reiskostensupplement, onderwijszorgarrangementen, persoonlijke verzorging en penvoerderschapskosten. De verwachte kosten voor heel 2021 komen uit op € 1.151.282 (realisatie 2020 was € 1.248.863). In 2021 zijn eenmalige kosten ontstaan door de overname van Intervence en het faillissement van Briedis. Voor de overname van Intervence door Jeugdbescherming West is een business case gemaakt waarmee ook duidelijkheid ontstond over de totale kosten. Die bedragen naar verwachting € 4.394.141. De controle van de fusiebalans door de accountant kan daar mogelijk nog wijzigingen in aanbrengen. De resultaten van dit onderzoek worden uiterlijk eind oktober verwacht. Door inkoopregels is vertraging ontstaan in dat proces.
Het faillissement van Briedis kost op basis van de huidige situatie eenmalig € 448.000. In de jaarrekening 2020 is het openstaande voorschot van € 150.000 al voorzien als verliespost. De kosten die hier worden bedoeld zijn de kosten van het langer in de lucht houden van Briedis zodat de maatregelen door haar konden worden uitgevoerd tot aan de datum van overdracht. Daarnaast krijgen de overnemende gecertificeerde instellingen (GI's) nog een vergoeding voor
41/61
33
het overnemen. Onder voorbehoud van kleine afwijkingen door dit soort afrekeningen is het nadeel voor de Zeeuwse gemeenten € 448.000. De totale eenmalige kosten door de overname van Intervence en het faillissement van Briedis bedragen op basis van de kennis ten tijde van het opstellen van dit document samen € 4.842.141. Zoals toegelicht kunnen de definitieve bedragen in de jaarrekening 2021 hiervan licht afwijken. De overige zorgkosten bedragen naar verwachting € 88.160 voor heel 2021 en hebben voornamelijk betrekking op perceel 5 en 7 van de aanbesteding.
42/61
34
Vergelijking prognose 2021 met realisatie 2020 en begroting 2022 Ter verbreding van het inzicht is de jaarprognose 2021 hieronder vergeleken met de realisatie van 2020 en met de begroting 2022.
Uitvoeringskosten
Realisatie 2020
Prognose 2021
Begroting 2022
1.476.609
2.020.089
1.256.157
296.615
299.295
Taskforce Jeugd Uitgaven Jeugdhulp
116.607.605
119.837.159
114.401.410
TOTAAL
118.084.214
122.153.863
115.956.862
De geprognosticeerde uitgaven voor jeugdhulp in 2021 bedragen € 119,8 miljoen. Dat is € 11,6 miljoen meer dan de begrote € 108,2 miljoen. Dat lijkt een grote overschrijding. Als de eenmalige kosten van de overname van Intervence en het faillissement van Briedis (in totaal € 4.842.141) van de € 119,8 miljoen worden afgehaald blijft nog circa € 115 miljoen over. Vergelijking met de realisatie van 2020 en de begroting van 2022 geven dan een evenwichtiger beeld. Het geeft geen aanleiding om op basis van deze cijfers de meerjarenbegroting bij te stellen. De Inkooporganisatie zal zich blijven inspannen voor de beoogde resultaten uit de beleidsbegroting 2021: • • •
Een duidelijke, gedragen en geïmplementeerde inkoopstrategie; Geen onnodige administratieve lasten en financiële inefficiënties; Periodiek inzicht in uitgaven jeugdhulp (zorg in natura).
Negatief exploitatieresultaat inkooporganisatie 2020 In 2020 hebben we een negatief exploitatieresultaat voor IJZ moeten nemen (o.g.v. AB-besluit
met de t+ 1 systematiek, waarna alle accountants van de gemeenten in Zeeland en de GR gezamenlijk de werkwijze hebben bepaald). Op 9 juli 2021 heeft het AB van de GGD ingestemd met begrotingswijziging 3. Het betreft het negatief resultaat van IJZ over 2020 van incidenteel € 6.257.051. Deze begrotingswijziging staat ter definitieve vaststelling op de agenda van het AB van de GGD van 15 oktober waar het dan wordt behandeld inclusief de door gemeenten ingediende zienswijzen. Met deze begrotingswijziging worden de baten van de GGD in de begroting 2021 hoger, doordat het negatief resultaat wordt verdeeld over de deelnemende gemeenten. Bij de gemeenten leidt het tot een verhoging van de lasten in 2021. Deze begrotingswijziging via de "T+1”-systematiek is nodig omdat de jaarrekeningen van de gemeenten al in procedure zaten voordat het resultaat van de GGD over 2020 bekend was.
43/61
35
Begrotingswijziging 2022-2025 gemeente Reimerswaal Door een misverstand in de communicatie of de bedragen van Reimerswaal totaalbedragen waren of Zorg in natura betroffen zijn de kosten voor Zorg in natura van Reimerswaal in de begroting van 2022 tot en met 2025 voor elk jaar € 93.855 te hoog opgenomen. En daarmee ook de bijdrage van Reimerswaal aan de inkooporganisatie. Op verzoek van Reimerswaal wordt er daarom een budgettair neutrale begrotingswijziging voorgelegd voor het genoemde bedrag in de genoemde jaren.
2.2 Begrotingswijzigingen De volgende begrotingswijzigingen 2021 zijn reeds ingediend Nummer
Betreft
Toelichting
1
Veilig Thuis
Incidentele DUVO-uitkering ten behoeve van openstellen vacatures. Begrotingswijziging is vastgesteld.
2
Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
Van pionieren naar professionaliseren
3
Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
Resultaatbestemming 2020
4
GGD
Resultaatbestemming 2020
Naar aanleiding van deze bestuursrapportage worden de volgende begrotingswijzigingen 2021 ingediend: Nummer
Betreft
Toelichting
5
Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
Uitvoeringskosten en uitgaven Jeugdhulp
6a
Programma COVID-19 exploitatie
Kostenprognose gedekt door VWS en RIVM
6b
Programma COVID-19 investeringen
Investeringsprognose gedekt door VWS
7a
Programma WPG-projecten
Kosten en baten projecten opnemen
7b
GGD-investeringen
Overige Apparatuur en Overige materiele activa in combinatie met ICT-onderbesteding.
7c
GGD VPB
Aanpassing VPB
44/61
36
Voor 2022 zijn inmiddels de volgende begrotingswijzigingen actueel: Nummer
Betreft
Toelichting
1
Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
Van pionieren naar professionaliseren
2
Veilig Thuis
Incidentele DUVO-uitkering ten behoeve van openstellen vacatures.
3
Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
Budgettair neutrale aanpassing Zorg in natura én bijdrage Reimerswaal voor 2022 t/m 2025
45/61
37
46/61
38
n o t i t i e Kenmerk
Datum
Van
C. van Dijke
13/09/2021
Onderwerp Begrotingswijziging 2021 nr. 5
Datum AB-overleg
15/10/2021
bijlage - agendapunt -
Begrotingswijziging 2021 nr. 5 € 11.964.968 negatief resultaat GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland onderdeel Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland
1. Voorstel aan het AB Wij vragen uw toestemming om in de begroting 2021 met betrekking tot het boekjaar 2021 totaal incidenteel € 11.964.968 bij te ramen tot een totaalbedrag van € 122.153.863 voor GR Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst Zeeland onderdeel Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland zodat dit over de 13 deelnemende gemeenten verdeeld kan worden, nu de kosten voor 2021 de begroting van 2021 naar verwachting met genoemd bedrag zal overschrijden. Een nadere toelichting op de bijgestelde kostenprognose voor 2021 staat in de Bestuursrapportage 2021. 2. Toelichting op het voorstel De kosten voor jeugdhulp (zorg in natura) vallen na extrapolatie naar verwachting € 6.779.000 hoger uit dan begroot. Intervence is overgenomen door Jeugdbescherming west waardoor niet voorziene kosten zijn gemaakt van € 4.394.000. Door het faillissement van Briedis is voor € 448.000 extra kosten gemaakt. En de inkooporganisatie is geconfronteerd met relatief veel personeelsverloop en langdurige ziekte. Om de dienstverlening door te laten gaan zijn niet voorziene kosten gemaakt voor inhuur en werving & selectie van € 342.000. Deze vier posten zijn allen eenmalig. Na vergelijking met begroting 2022 en realisatiecijfers 2020 wordt geen bijstelling nodig geacht. Het nadeel wordt verdeeld over de deelnemende gemeenten.
·1·
47/61
Bijdrage per
Actuele
Prognose
Mutatie
Kosten 2021
gemeente
begroting
kosten 2021
bijdrage per
inclusief
gemeente
primaire
2021
begroting Borsele
6.462.741
6.864.622
401.881
6.864.622
Goes
11.130.068
12.708.352
1.578.284
12.708.352
Kapelle
3.160.070
3.986.744
826.674
3.986.744
Noord-Beveland
1.974.811
1.642.521
-332.290
1.642.521
Reimerswaal
7.489.589
7.182.413
-307.176
7.182.413
Schouwen-Duiveland
8.072.266
8.162.217
89.951
8.162.217
Tholen
7.285.771
7.297.684
11.912
7.297.684
Middelburg
17.808.075
20.452.338
2.644.263
20.452.338
Veere
3.902.485
4.525.449
622.964
4.525.449
Vlissingen
15.867.402
17.469.433
1.602.031
17.469.433
Hulst
5.920.279
7.437.057
1.516.777
7.437.057
Sluis
4.605.070
5.488.519
883.449
5.488.519
Terneuzen
16.510.268
18.936.515
2.426.247
18.936.515
Totaal
110.188.895
122.153.863
11.964.968
122.153.863
3. Financiële consequenties De actuele stand van de begroting 2021 voor de inkooporganisatie is na verwerking van begrotingswijziging 2 (van pionieren naar professionaliseren) € 110.188.895. De prognose van de te verwachten kosten voor 2021 is € 122.153.863. De stijging van de lasten voor deze begrotingswijziging is dus € 11.964.968. Van de deelnemende gemeenten wordt hiervoor een hogere bijdrage gevraagd. In de tabel hierboven staat de verdeling van het bovenstaande per gemeente. 4. Bijlage: niet van toepassing
·2·
48/61
n o t i t i e AB Kenmerk
Datum
Van
J. Gaemers
14/09/2021
Onderwerp Begrotingswijziging 2021 nr. 6a+6b
Datum AB-overleg
15/10/2021
bijlage - agendapunt -
Begrotingswijziging 2021 nr. 6a GGD Programma COVID-19 exploitatie
1. Voorstel aan het AB Akkoord te gaan met deze begrotingswijziging waarbij de kosten 2021 voor programma Covid-19 alsnog geraamd worden . Een organisatieonderdeel dat volledig wordt gefinancierd vanuit VWS en RIWM (budgettair neutraal). 2. Toelichting op het voorstel De COVID kosten waren niet voorzien bij het opstellen van de primaire begroting. Om kosten onrechtmatigheid te voorkomen, wordt een begrotingswijziging aangevraagd voor 2021. De voorgestelde wijziging / bij raming betreft de bedragen in de kolom Resultaat
·1·
49/61
Primaire begroting Gewijzigde begroting Prognose Covid-19 Kosten 091000 - Inhuur derden 091500 - Huur 093400 - Aansch.,huur en ond. inventaris 091720 - Schoonmaak en onderhoud Covid-19 090010 - Salarissen GGD 095800 - Diverse kosten 094710 - Laboratoriumkosten 091600 - Energieverbruik 090740 - Adviezen/Externe adviseurs 095030 - Medische hulpmiddelen 094530 - Huishoudelijke kosten 094100 - Abonnementen verbindingen 094720 - Laboratorium sneltesten 092900 - Mobiele telefoon 090025 - Salarissen Stichting GGD-JGZ 094550 - Werkkleding 094200 - Abonnement software 094000 - Abonnementen en contributies 093500 - Aansch. en ond. apparatuur 093100 - Kantoorartikelen 090011 - IKB Uitruil reiskosten woonwerkverkeer 092140 - Reis- en verblijfkosten personeel 093000 - Telefoonkosten + fax 092500 - Opleiding en bijscholing 093700 - Drukwerk en adm. kosten 093300 - Kopieermachines/huur printers 093200 - Porto en vrachtkosten 095000 - Inkoop vaccins 095530 - Kosten fuwa 090782 - Bijeenkomst externe locatie (zakelijk karakter) 093310 - Kosten papier etc.
090900 - Werving en selectie personeel 092190 - Kosten t-tags 090794 - Cadeaubon/geld of cadeau >€ 25 090791 - Bloemen jubileum, afscheid en secretaressedag 090792 - Cadeau <€ 25 092510 - Opleiding en bijscholing OTO 092150 - Reiskosten belast GGD 092200 - Reiskosten GGD 091700 - Schoonmaakkoste locaties(voorh.onderh.+ schoonmk) 092201 - Reiskosten trein/ov GGD 097600 - Ziekengelden/transitievergoeding/Zorgbonus
-
-
-
-
-
-
Resultaat
41.054.089 -41.054.089 32.005.701 -32.005.701 1.501.959 -1.501.959 1.445.895 -1.445.895 1.421.855 -1.421.855 1.325.678 -1.325.678 1.239.945 -1.239.945 584.035 -584.035 348.747 -348.747 221.447 -221.447 207.345 -207.345 157.995 -157.995 119.801 -119.801 112.085 -112.085 67.694 -67.694 51.062 -51.062 44.916 -44.916 36.505 -36.505 35.985 -35.985 24.993 -24.993 20.431 -20.431 18.686 -18.686 18.247 -18.247 11.573 -11.573 9.752 -9.752 8.670 -8.670 8.127 -8.127 6.964 -6.964 5.128 -5.128 4.501 -4.501 4.022 -4.022 2.111 -2.111 895 -895 737 -737 172 -172 116 -116 18 -18 -19.707 19.707
3. Financiële consequenties Door deze begrotingswijziging wordt kosten onrechtmatigheid voorkomen. De lasten op het onderdeel COVID-19 worden geraamd op € 41.055.000 waarbij de aanname is dat deze kosten 100% vergoed worden door VWS en RIVM. 4. Bijlage: n.v.t.
·2·
50/61
Begrotingswijziging 2021 nr. 6b GGD Programma COVID-19 investeringen 1. Voorstel aan het AB Akkoord te gaan met deze begrotingswijziging voor investeringen 2021 in materiele vaste activa die noodzakelijk waren/zijn voor de Covid organisatie. Deze investeringen worden als meerkosten (in 1 bedrag) gedeclareerd bij VWS. Hierbij wordt afgeweken van de vastgestelde afschrijvingskaders voor investeringen uit de financiële verordening. Bij ramen voorkomt onrechtmatigheid.
2. Toelichting op het voorstel De grootste investeringen betreffen: -
182 mobiele telefoons
-
213 lap tops met bijbehorende accessoires
-
11 Vaccinkoelkasten
Covid-19 Investeringen Barcode scanner Headset Koelkast Mobiele koeling Notebook+accessoires Printer(huur) Telefoon
Prognose 272.000 10.693 7.936 47.934 1.630 143.274 25.941 34.594
3. Financiële consequenties Alle investeringen zijn/worden ingediend bij het VWS. Op grond van de landelijke Q&A lijst van de SBOG (samenwerkend beleidsorgaan GGD-en in Nederland) worden de aanschafkosten in 1x als meerkosten bij VWS gedeclareerd.
4. Bijlage: n.v.t.
·3·
51/61
n o t i t i e AB Kenmerk
Datum
Van
J. Gaemers
14/09/2021
Onderwerp Begrotingswijziging 2021 nr. 7a+7b+7c
Datum AB-overleg
15/10/2021
bijlage - agendapunt -
Begrotingswijziging 2021 nr. 7a GGD WPG kosten voor projecten niet of niet volledig begroot 1. Voorstel aan het AB Akkoord te gaan met deze begrotingswijziging waarbij de lasten 2021 voor projecten alsnog (bij)geraamd worden voor € 197.000. De dekking voor deze lasten is geborgd door de subsidienten op deze projecten. (budgettair neutraal) 2. Toelichting op het voorstel In de primaire begroting (opgesteld december 2019/januari 2020) waren onderstaande prognose bedragen niet of niet volledig opgenomen. In verband met kosten onrechtmatigheid willen wij deze alsnog in de begroting 2021 opnemen. De voorgestelde wijziging / bij raming betreft de bedragen in de kolom Resultaat
WPG 373 - Project SPARK trainingen 342 - Project EAP (extra aanbodplan) 374 - Relaties en seksualiteit in de basis 347 - Project Uitstapprogramma RUPS III 366 - Project Zeeland Zonder Zelfmoord (ZZZ II) 380 - Jong Leren Eten - Makelaar 382 - Project Uitstapprogramma RUPS 2021-2025 357 - Project Zorgpad e-consulten voor peuters 376 - Project Nu Niet Zwanger 378 - Gezonde School: Relaties & Seksualiteit Eindtotaal
Primaire begroting Prognose Resultaat 76.500 272.832 -196.332 3.363 -3.363 3.859 -3.859 5.042 -5.042 6.211 -6.211 7.701 -7.701 18.154 -18.154 22.997 -22.997 39.935 -39.935 76.500 117.747 -41.247 47.822 -47.822 76.500 272.832 -196.332
3. Financiële consequenties Door deze begrotingswijziging wordt kosten onrechtmatigheid voorkomen. De lasten zijn gedekt door corresponderende baten die verkregen worden vanuit de subsidienten. 4. Bijlage: n.v.t.
·1·
52/61
Begrotingswijziging 2021 nr. 7b GGD Investeringen 1. Voorstel aan het AB Akkoord te gaan met deze begrotingswijziging waarbij voor investeringen 2021 in Apparatuur (overig) en Overige materiele activa krediet beschikbaar komt van resp. € 30.000 en € 13.000 (zie kolom Verschil in de tabel hieronder). Op totaal kredietniveau wordt binnen het primaire begrotingsbudget gebleven.
2. Toelichting op het voorstel De investeringen betreffen: -apparatuur: aanschaf van vaccinkoelkasten (vervanging van koelkasten die stuk waren), weegschalen en meet apparatuur ten behoeve van JGZ teams. -overige materiele activa aanschaffingen gedaan in meubilair van het kantoorpand en CB locaties. De aanschaf, die er gedaan is, betrof noodzakelijke aanschaf n.a.v. werkplekonderzoek (mensen met klachten), noodzakelijk i.v.m. thuiswerken (bijv. bureaustoel) of vervanging van kapot meubilair
Primaire begroting
Realisatie 30-08-21
Prognose 2021
Verschil
GGD
342.826
71.000
153.000
189.826
Apparatuur (ICT)
342.826
49.000
110.000
232.826
Apparatuur (overig – vaccin koelkasten meetapparatuur)
-
15.000
30.000
-30.000
Overige materiele activa (meubilair)
-
7.000
13.000
-13.000
Bovenstaand overzicht laat zien dat op totaal niveau ruim binnen het primaire begrotingsbudget gebleven wordt omdat de bestedingen op ICT getemporiseerd worden. Voor 2022 staan voor wat betreft ICTinvesteringen gepland de aanschaf van 75 laptops en telefoons (circa € 101.000). Dit valt naar verwachting ruim binnen het restant budget 2021 op ICT van € 232.000. De prognose bedragen 2021 voor Apparatuur overig en Overige materiele activa zijn gebaseerd op een inschatting van noodzakelijke aanschaffingen (Arbo gerelateerd, kapotte apparatuur). Deze begrotingswijziging van resp. € 30.000 en € 13.000 is ter voorkoming van een niet gebudgeteerde overschrijding. 3. Financiële consequenties In totaal wordt vanuit 2021 een positief effect bereikt op de afschrijvingslasten zoals deze uit de begroting 2021 ingecalculeerd worden. In absolute bedragen wordt circa 45% van het budget besteed. 4. Bijlage: n.v.t.
·2·
53/61
Begrotingswijziging 2021 nr. 7c GGD Vennootschapsbelasting 1. Voorstel aan het AB Raming VPB bijstellen van € 10.869 naar € 23.095 op grond van de bestuursrapportage 2021. 2. Toelichting op het voorstel In de bestuursrapportage is uitgegaan van een omzet voor FG en PMR van resp. € 585.000 en € 702.000 Voor de berekeningsgrondslag van de VPB betekent dit na aftrek van kosten een VPB plichtige grondslag van € 116.000 voor FG en € 38.000 voor PMR. Hierover is verschuldigd 15% vennootschapsbelasting te weten € 23.095. In de primaire begroting was de VPB-plicht op € 10.869 begroot. Om een sluitende begroting te behouden wordt voorgesteld om de verwachte (extra) VPB last van € 12.226 te compenseren met een verhoging van het opbrengsten budget van WPG waar ook de VPB last zijn oorsprong vindt. 3. Financiële consequenties Kostenbudget VPB van € 10.869 naar € 23.095. Budget WPG-opbrengsten € 12.226 hoger. Voor de gemeentelijke bijdrage verloopt een en ander budgettair neutraal. 4. Bijlage: n.v.t.
·3·
54/61
55/61
Binnen deze context wordt tevens opgeroepen tot versterking van de GGD, niet alleen in Zeeland maar zeker ook landelijk. Hierbij realiseren wij ons dat tegelijkertijd de druk op de gemeentelijke financiën de afgelopen jaren groter is geworden. Dat betekent dat noodzaak en werkelijkheid schuren.
In 10 jaar ruim 1,5 miljoen euro bezuinigd Een terugblik op de afgelopen jaren laat zien dat sinds 2011 ten minste € 1,5 miljoen is bezuinigd bij de GGD. Mede als gevolg van het niet volledig compenseren van de caostijgingen, zijn in deze periode diverse taakstellingen opgelegd met het resultaat dat we nu constateren: de rek is eruit. De reserves zijn afgelopen jaren aangewend om een aantal belangrijke zaken te financieren, waaronder Veilig Thuis en de organisatie tijdelijke hulpconstructie in 2020.
De rek is eruit De afgelopen periode zijn vier werkgroepen aan de slag gegaan om te bezien aan welke knoppen wij nog kunnen draaien en de bestuurlijke keuzes in beeld te brengen, de eerder genoemde ‘menukaart’. De analyses van de werkgroepen laten zien dat de rek eruit is. Eén van de conclusies is dat op korte termijn geen ruimte zit in het verder afschalen van ons takenpakket. Als voorbeeld: op 16 van de 25 disciplines bij de GGD constateren we risico’s (onder meer beschikbaarheid personeel) dan wel kwetsbaarheden, welke de continuïteit van de betreffende taken kunnen ondermijnen. Uiteraard zijn en blijven we bezig om te bezien op welke wijze we nog meer efficiënt en effectief kunnen werken, het project Toekomst Jeugdgezondheidszorg is hier een goed voorbeeld van.
Tijdelijke hulpconstructie om in de organisatie (gevormd in 2015) beter te sturen Daarnaast zien we dat de nieuwe organisatie die in 2015 is ingericht, nog niet heeft geleid tot de gewenste verbeteringen in het beter sturen op effectiviteit en efficiency. Er is achteraf bezien te rigoureus gesneden in de organisatie waardoor de ontwikkeling die noodzakelijk is niet is gerealiseerd.
56/61
Om die reden hebben we in 2020 een tijdelijke hulpconstructie ingericht ter sturing en coaching van de teams bij het bereiken van de resultaten. Als gevolg van de COVID-19 pandemie zijn we in plaats van in 2020, pas op 1 januari 2021 gestart met deze hulpconstructie. De evaluatie hiervan vindt plaats in 2022. Na deze evaluatie kunnen we onderbouwd de richting van een robuuste en duurzame GGD organisatie in Zeeland bepalen. Een verdere onderbouwing hiervoor is opgenomen in bijgevoegde 4e begrotingswijziging 2022.
Incidenteel compenseren cao-ontwikkelingen in 2022 is niet toereikend voor lange termijn Het Algemeen Bestuur heeft op 9 juli 2021, na beoordeling van de ontvangen zienswijzen van de gemeenteraden, besloten de cao-wijzigingen (oftewel exogene niet beïnvloedbare factoren) voor 2022 incidenteel te compenseren. Voor de jaren erna vooralsnog niet. Dit mede in afwachting van resultaten uit de werkgroepen zoals hierboven vermeld en waarbij in oktober 2021 duidelijk is geworden dat geen verdere mogelijkheden tot bezuiniging aanwezig zijn. Voor 2021 is nog geen definitieve cao afgesloten. De effecten hiervan zijn dus nog niet bekend. Het incidenteel compenseren van cao-ontwikkelingen voor 2022 biedt echter geen structurele oplossing voor de daaropvolgende jaren wanneer cao-ontwikkelingen wederom sterker stijgen dan de compensatie vanuit de VZG-norm. In dat geval ontstaan nieuwe verkapte bezuinigingen, immers de effecten van de caostijgingen zijn groot voor een organisatie waarvan ruim drie kwart van de begroting uit personeelslasten bestaat.
Inhoudelijk versterken Publieke gezondheid zowel landelijk als in Zeeland Voor de langere termijn is het noodzaak om het versterken van de publieke gezondheid in Zeeland op te pakken, zowel op inhoud als op organisatie. Dit in het verlengde van het landelijk manifest dat door 25 Directeuren Publieke Gezondheid (DPG-en) bij de minister is ingediend en waarvoor landelijk € 600 miljoen euro is gevraagd. Dat bedrag is als volgt opgebouwd: -
€ 425 miljoen voor herstel en versterking over de volle breedte van het takenpakket en functiegebieden van de GGD-en.
-
€ 50 miljoen voor een basisinfrastructuur preventie en gezondheidsbevordering.
-
€ 100 miljoen voor informatievoorziening.
-
€ 25 miljoen voor de crisisorganisatie.
Het is de verwachting dat dit bedrag van € 600 miljoen (en dus een gedeelte hieruit voor Zeeland) niet op korte termijn beschikbaar komt.
57/61
Voorstel In overleg met het Algemeen Bestuur wordt om bovengenoemde redenen voorgesteld om te kijken wat op de korte en wat langere termijn nodig is: •
Voor de korte termijn (besluitvorming 17 december 2021) ligt de 4e begrotingswijziging 2022 voor om de tijdelijke hulpconstructie te continueren in 2022 (incidentele gelden).
•
Voor de komende periode (Q4 2021) bezien hoe om te gaan met begrotingstekorten als gevolg van exogene niet beïnvloedbare factoren.
•
Voor de wat langere termijn het versterken van de publieke gezondheid in Zeeland op te pakken, zowel op inhoud als op organisatie.
Verzoek om zienswijze gemeenteraad Bovenstaande schetst in het kort de huidige context van de 4e begrotingswijziging 2022. Hierbij verzoeken wij u om de 4e Begrotingswijziging 2022 voor een zienswijze voor te leggen aan uw gemeenteraad. In oktober en november 2021 zal de Directeur Publieke Gezondheid, mevrouw Gaemers, indien gewenst in de gemeenteraad een verdere toelichting verzorgen. Op 17 december 2021 wordt de 4e Begrotingswijziging 2022 ter besluitvorming aangeboden aan het Algemeen Bestuur. Daarom ontvangen wij de zienswijze van uw gemeenteraad graag voor 16 december 2021.
namens het Algemeen Bestuur,
hoogachtend, Joke Gaemers Directeur Publieke Gezondheid & Veiligheid Ambtelijk secretaris Algemeen Bestuur GGD Zeeland
58/61
AB NOTITIE Onderwerp
4e Begrotingswijziging 2022 (GGD tijdelijke hulpconstructie) ☐ Hamerstuk
Soort Datum
☒ Bespreekstuk
15-10-2021
Datum AB
Agendapunt
☐ Informatiestuk 17-12-2021
Kenmerk
Voorstel aan het Algemeen Bestuur: Het Algemeen Bestuur wordt verzocht om in 2022 € 300.000 incidenteel beschikbaar te stellen voor het dekken van de kosten vanwege voorzetting van de tijdelijke hulpconstructie die januari 2021 is gestart. Toelichting: In het Algemeen Bestuur van juli 2020 is een begrotingswijziging toegekend om een tijdelijke hulpconstructie in te zetten voor twee jaar met een evaluatie eind 2021 en een voorstel voor begrotingswijziging na 2021. Deze hulpconstructie is noodzakelijk om meer sturing op doelmatigheid en slagkracht in de uitvoering mogelijk te maken. De noodzakelijke sturing op effectiviteit en efficiency bleek onvoldoende mogelijk door de wijze waarop de GGD georganiseerd is. Voor de doorontwikkeling van de organisatie is sturing en coaching voor de teams noodzakelijk. Een voorbeeld hiervan is de span of control voor het huidige management. Deze is te groot om de teams te kunnen coachen en sturen. De manager Jeugdgezondheidszorg (JGZ) was bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de aansturing van ruim 150 mensen zonder coördinatie – of middelmanagement. Het sturen op effectiviteit en efficiëntie werd hierdoor bemoeilijkt en waar de wijze van organiseren juist bedoeld is om de professionals maximaal in te zetten op hun vak (meer handen aan het bed), was het tegenovergestelde aan de orde.
Vandaar dat besloten is in 2020 de tijdelijke hulpconstructie zoals bovengenoemd in te zetten. De hulpconstructie bestaat onder meer uit vier teamregisseurs die dichter bij de teams werken. Zij zorgen ervoor dat de sturing en besluitvorming in en over de teams op orde is en een duurzame in control situatie ontstaat. Dit moet zorgen voor een effectievere en efficiëntere GGD. De start van de teamregisseurs (onderdeel hulpconstructie) stond in juni 2020 gepland. Vanwege de COVID-19 pandemie was het niet mogelijk om deze start in 2020 te realiseren. Vanaf januari 2021 zijn de teamregisseurs, als belangrijkste onderdeel van de hulpconstructie, ingezet om de vertaalslag te maken van organisatiedoelen naar concrete resultaten en het ondersteunen van de teams bij de verdere professionalisering. Door inzet van teamregisseurs is er richting teams meer sturing mogelijk op resultaten en is beter een link te leggen met de doelen van de organisatie. Daarnaast is deze hulpconstructie van belang voor verbinding en aandacht voor medewerkers (HRM cyclus). De geplande evaluatie over de inzet van de tijdelijke hulpconstructie heeft, vanwege de latere start, nog niet plaatsgevonden. De teamregisseurs zijn nog geen jaar aan het werk. We zien goede eerste resultaten maar zijn er nog niet.
We constateren dat zelforganisatie ons niet heeft gebracht wat we voor ogen hadden en daarom doorontwikkeling behoeft. De mate van sturing en zelfstandigheid van teams moeten passen bij de opgaven die er liggen. We moeten werken op een wijze die voor ons als GGD Zeeland werkt. Dit komt vanzelfsprekend terug in de evaluatie die in 2022 wordt uitgevoerd en duidelijkheid moet geven over een doelmatige inrichting van de organisatie.
59/61
Voor 2022 zijn nog incidentele middelen nodig voor het voortzetten van de hulpconstructie. Deze kunnen echter niet uit de algemene reserves worden betaald. Financiële consequenties In de begrotingswijziging 2020 (AB 09-04-20) is de tijdelijke hulpconstructie 2020 + 2021 aangevraagd. De aanvraag voor 2021 destijds was als volgt opgebouwd: 2021 Salarislasten hulpconstructie
440.000
Salarislasten Manager GVB voor dezelfde periode
142.000
Meerkosten incidentele hulpconstructie*
298.000
* Financiering door onttrekking aan de algemene reserves. De algemene reserve van de GGD prognosticeren we op 31-12-2021 op € 202.000. Verdere onttrekking aan de algemene reserve achten wij onwenselijk om liquiditeitsredenen. Daarom willen wij een incidentele verhoging van de gemeentelijke bijdrage vragen voor 2022 van € 300.000. In de bijlage is per gemeente weergegeven wat toekenning van deze begrotingswijziging betekent voor de gemeentelijke bijdrage 2022. Voor 2021 is nog geen rekening gehouden met het exploitatiesaldo omdat het jaar nog niet verstreken is en de uitkomsten van de CAO nog niet bekend zijn. Advies begeleidingscommissie: Het advies van de begeleidingscommissie luidt als volgt: • Akkoord met verlengen tijdelijke hulpconstructie in 2022, financieel ongeveer gelijk aan de € 298.000 van 2021. •
Per saldo wordt een voorschot genomen op de eerder afgesproken verlenging (was eerst € 173.833 en € 298.000, nu is het € 298.000 en € 300.000).
•
In 2021 komt de dekking nog uit de algemene reserve, vanaf 2022 is de algemene reserve vooralsnog niet toereikend.
•
Dekking 2022 door aanpassing (verhoging) bijdragen gemeenten.
•
Evaluatie op een later moment (cfm periode uitstel van tijdelijke hulpconstructie), maar in ieder geval in 2022.
Bijlagen: 1. Begroting 2022 2. Overzicht zienswijzen gemeenteraden (wordt kort voor het AB van 17 december 2021 nagezonden)
Datum
Vergadering
Besluit
60/61
Bijlage 1. Begroting 2022 Gemeentelijke Gemeentelijke bijdrage tijdelijke bijdrage hulpconstructie 2022* goedgekeurde primaire begroting 2022 Gemeente
Totaal
Totaal
Borsele Goes Hulst Kapelle Middelburg Noord-Beveland Reimerswaal Schouwen-Duiveland Sluis Terneuzen Tholen Veere Vlissingen
Inwoners aantal 22.739 38.082 27.556 12.695 48.822 7.392 22.730 33.839 23.210 54.426 25.757 21.880 44.360
Aandeel in euro's 17.789 29.791 21.557 9.931 38.193 5.783 17.782 26.472 18.157 42.577 20.150 17.116 34.702
Aandeel in euro's 1.058.377 1.666.893 1.144.060 593.716 2.272.645 304.072 1.155.251 1.431.154 928.804 2.348.085 1.245.039 942.279 1.930.833
Aandeel in euro's 1.076.166 1.696.684 1.165.617 603.647 2.310.838 309.855 1.173.033 1.457.626 946.961 2.390.662 1.265.189 959.395 1.965.535
Aandeel in % 6,21% 9,80% 6,73% 3,49% 13,34% 1,79% 6,77% 8,42% 5,47% 13,80% 7,30% 5,54% 11,35%
Totaal
383.488
300.000
17.021.208
17.321.208
100,00%
300.000
17.021.208
17.321.208
Controle
* Verdeelsleutel op basis van ''aantal inwoners'' uit Programmabegroting 2022-2025
61/61