Raadsvoorstel - Zienswijze kaderbrief veiligheidsregio Fryslân
Tekst van het document
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Adviseur
Zienswijze kaderbrief Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027 9 maart 2023 Bestjoer en Finânsjes 23 februari 2023 Jannewietske de Vries Bestuurszaken Geartsje Algra
Voorstel: a. in te stemmen met de Kaderbrief van Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027; b. Een zienswijze indienen door in te stemmen met scenario 3, zoals beschreven in de aanbiedingsbrief; c. bijgevoegde conceptbrief vast te stellen en deze als zienswijze in te dienen op de Kaderbrief Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027. Samenvatting: In de kaderbrief van Veiligheidsregio Fryslân (VRF) staan de beleidsontwikkelingen op de middellange termijn die het bestuur van VRF ziet aankomen. De kaderbrief wordt jaarlijks geactualiseerd en kan leiden tot aanpassingen in het financieel kader. Deze worden vervolgens meegenomen in de begroting. Een beeldbepalende factor van deze kaderbrief betreft de historisch hoge inflatie. De wijze waarop Veiligheidsregio Fryslân haar begroting indexeert is vastgelegd in bestuurlijke afspraken. Deze afspraken zijn opgenomen in de financiële verordening en zijn door aanvullende AB-besluitvorming herijkt. Voor de indexatie zijn er twee onderdelen van belang: 1. de indexatie van de autonome loonkosten (circa 65% van de begroting) 2. de indexatie van de materiële kosten (circa 35% van de begroting).
De VRF stelt voor om: • de indexatie van de materiële kosten in de begroting voor 2024 vast te stellen op 8%; • de definitieve gemeentelijke bijdrage te bepalen op basis van de werkelijke loonprijscompensatie die gemeenten via het gemeentefonds over de jaren 2022, 2023 en 2024 ontvangen. NB: Het termijn voor het indienen van een zienswijze door de raad is iets opgerekt door de discussie rondom de nieuwe begroting van de VRF. De stukken zijn op 9 december 2022 op route gegaan richting de gemeenten, later dan in eerste instantie de planning was. Hierdoor is de interne planning opgeschoven en is dit uiteindelijk geagendeerd voor de gemeenteraad van 9 maart. De reactietermijn van de zienswijzen aan de Veiligheidsregio is 2 februari 2023. Hierover is contact geweest met de Veiligheidsregio. De uitkomst vanuit de cieBF van 23 februari wordt richting de Veiligheidsregio gecommuniceerd. Ook het resultaat vanuit de raadsvergadering van 9 maart wordt meegenomen in de besluitenlijst van het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio. Argumenten 1.1 De kaderbrief stelt de gemeenteraad in staat om invloed uit te oefenen op de gemeenschappelijke regeling.
- Overkoepelende ontwikkelingen, zoals de komst van de Omgevingswet en het uitstellen tot 1 januari 2024, de stijgende huisvestingskosten waarin de stijging van de prijzen van onroerend goed, huren, bouwmaterialen, onderhoudskosten en energie tot gevolg hebben dat de huisvestigingskosten voor VRF zullen toenemen.
-
-
De vele landelijke overleggen zoals het Veiligheidsberaad, Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio’s (RCDV) en Raad van Directeuren Publieke Gezondheid (DPGraad) die invloed hebben op het beleid en het financieel kader. Inhoudelijke ontwikkelingen en bijstellingen- Gezondheid, zoals toekomst Jeugdgezondheid, Kansrijke start, Nu niet Zwanger, Zorg en Veiligheid, Preventie, Omgevingswet, Informatie management, Noordelijke samenwerking, Infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid en Covid-19. Inhoudelijke ontwikkelingen en bijstellingen – Brandweer, waarin de klimaatontwikkelingen en de effecten daarvan steeds meer aandacht vragen voor het vergroten van duurzaamheid. Met de Toekomstverkenning Brandweer Nederland wordt er gekeken naar de brandweer van 2020-2030 om de brandweer toekomstbestendig te maken. Met de thema’s over Natuurbrandbeheersing, Energietransitie, Omgevingswet en Taakdifferentiatie worden ingespeeld en door de brandweer voorbereid op de meest recente ontwikkelingen.
2.1 In scenario 3 wordt de indexatie van de materiële kosten voorlopig afgetopt tot 8%. Deze indexatie wordt achteraf op basis van de werkelijke ontwikkeling van het gemeentefonds geëvalueerd. Dit scenario zou betekenen dat de uitbreiding van het financieel kader in plaats van de eerdergenoemde € 4,5 miljoen voorlopig wordt beperkt tot € 2,7 miljoen. Hiermee groeit het financieel kader 2024 ten opzichte van de huidige afspraken niet langer met 6,4% maar met 4,0%. Het verschil betreft € 1,8 miljoen en heeft voor circa € 1,5 miljoen impact op de brandweer. In dit scenario wordt de huidige (extreme) inflatie voorlopig niet volledig gecompenseerd, maar wordt het probleem tussen de gemeenten en Veiligheidsregio Fryslân ‘gedeeld.’ Bij de uiteindelijke evaluatie wordt de definitieve gemeentelijke bijdrage bepaald op basis van de werkelijke loonprijscompensatie die gemeenten via het gemeentefonds over de jaren 2022, 2023 en 2024 ontvangen. Hiermee committeert VRF zich aan een inspanningsverplichting om, waar mogelijk, de inflatie zo goed mogelijk op te vangen. Dit scenario betreft een tijdelijke afwijking van de systematiek om op gepaste wijze invulling te geven aan de huidige extreme omstandigheden. Het scenario kent een aantal praktische oplossingen.
• Het probleem wordt gedeeld tussen gemeenten en de Veiligheidsregio; • VRF committeert zich aan een inspanningsverplichting om kritisch te blijven kijken naar de eigen organisatie; • De uiteindelijke verrekening is na de evaluatie gelijk aan werkelijke loonprijscompensatie die gemeenten via het gemeentefonds over de jaren 2022, 2023 en 2024 ontvangen. Gezien de voor- en nadelen van de alternatieve scenario’s, adviseren wij om scenario 3 uit te laten werken in de begroting 2024. Daarmee wordt tijdelijk afgeweken van de huidige bestuurlijke kaders, maar wordt het meest recht gedaan aan de huidige extreme omstandigheden. Daarmee kan de kaderbrief 2024 met deze kanttekening, worden vastgesteld. Hoe en wanneer de verrekening exact zal plaatsvinden, wordt door de VRF nog nader uitgewerkt. Bij de behandeling van de begroting van de VRF in mei 2023 komen wij daarop terug. Wij zien het voorstel van de VRF als een pragmatische oplossing waar we voor nu mee in kunnen stemmen. We willen hierbij de volgende kanttekening plaatsen: de VRF geeft aan deze oplossing als een tijdelijke afwijking te zien van de systematiek. Bij de behandeling van de begroting 2023 is er gediscussieerd over de gehanteerde index die ten grondslag ligt aan de indexatie van de materiële kosten. De uitkomst daarvan was dat de VRF een evaluatie uit zou voeren over de te hanteren index.
De uitkomst van de evaluatie is nog niet bekend. We gaan er van uit dat in die evaluatie wordt meegenomen dat de huidige systematiek blijkbaar niet werkt bij een hoge inflatie. Risico’s : 1.1 De kaderbrief bevat onzekerheden en risico’s Zoals ieder jaar kent de kaderbrief ook dit jaar een aantal onzekerheden en risico’s. Landelijke ontwikkelingen zoals de Omgevingswet, COVID-19, inflatie, de discussie rondom taakdifferentiatie en de natuurbrandbeheersing kennen nog veel onduidelijkheden. In de kaderbrief wordt voorgesteld hoe hier mee om te gaan.
2.1 Er zijn 3 andere scenario’s uitgewerkt en voorgelegd. Zie hiervoor Alternatieven. Financiën: Financieel kader tot nu toe De basis voor deze kaderbrief is de vastgestelde meerjarenbegroting van de VRF 2023-2026. De bijdrage van alle Friese gemeenten samen zoals vastgesteld in de begroting 2023-2026 tegen lopende prijzen is als volgt:
Huidige ontwikkelingen De kaderbrief van VRF is opgesteld in een tijd vol met crisissen en onzekerheden. De Veiligheidsregio merkt dat door haar inzet op het gebied van de coronacrisis, de opvang van ontheemden uit Oekraïne en Crisis Noodopvang. Ook andere externe ontwikkelingen zorgen voor een kaderbrief die omgeven wordt door financiële onzekerheden. Een greep uit de onzekerheden: • • • • •
De omgevingswet is wederom uitgesteld; De gevolgen van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) voor de VRF zijn nog steeds onduidelijk; De landelijke evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s; De landelijke discussie rondom taakdifferentiatie bij de brandweer; De huidige extreem hoge inflatie.
Al deze landelijke ontwikkelingen zullen naar verwachting van de VRF in de nabije toekomst leiden tot aanpassingen in de (meerjaren)begroting. Naast deze landelijke ontwikkelingen werkt de VRF aan huisvestingsplannen voor de brandweer en GGD Fryslân. Omdat de financiële consequenties afhankelijk zijn van het type bezit (huur, koop, type) zijn de mogelijke financiële gevolgen nog niet voor alle organisatieonderdelen goed in te schatten. In deze kaderbrief worden daarom nog geen aanvullende middelen gevraagd. Nieuw financieel kader De beleidsmatige ontwikkelingen waarvoor in deze kaderbrief extra geld gevraagd wordt, zijn minimaal. De autonome ontwikkeling van lonen en met name de prijzen leiden wel tot een forse uitzetting van de begroting. Beleidsmatige ontwikkelingen Nu Niet Zwanger Nu Niet Zwanger is als programma een vast gegeven binnen zowel het sociaal als het medisch Domein. Er wordt domein overstijgend samengewerkt om kwetsbare mannen en vrouwen te ondersteunen bij hun kinderwens en wens voor anticonceptie. Daarmee worden zoveel mogelijk onbedoelde zwangerschappen voorkomen. Nu Niet Zwanger is een voorbeeld van een preventieve inzet. Het kost aan de voorkant geld, maar de besparing op lange(re) termijn is groot.
In het Algemeen Bestuur (10 maart 2022) is besloten om het programma Nu Niet Zwanger voor de jaren 2022 en 2023 te financieren uit het bestemmingsresultaat van 2021 met de voorwaarde dat het programma onvoorwaardelijk wordt opgenomen in de kaderbrief 2024-2027. De structurele kosten bedragen vanaf 2024 € 165.000 per jaar en lopen jaarlijks op. Beleidsadvisering preventie In de GGD Meerjarenkoers hebben gemeenten de GGD gevraagd een stevigere rol te pakken als regisseur en adviseur in de preventieketen. De diverse landelijke regelingen zoals het IZA, GALA en SPUK vragen om meer coördinatie en afstemming. Ook de verschillende (zorg)programma’s binnen Friesland vragen om een zorgvuldige analyse en advies voor de gemeenten.
De VRF wil haar capaciteit op strategische beleidsadvisering voor Friesland vergroten, naast de lokale beleidsadviseur binnen de regio/ gemeente. De VRF vraagt hiervoor per 2024 extra middelen (1 fte: € 111.000). Autonome ontwikkelingen Ontwikkeling loonkosten Omdat de huidige cao loopt tot 1 januari 2023, heeft de VRF een inschatting gemaakt van de indexatie van de loonkosten. Conform de bestuurlijke afspraken is hiervoor de indexering voor de loonkosten die is aangegeven in de septembercirculaire van het gemeentefonds gebruikt. Dit betreft de loonvoet sector overheid volgens de Macro Economische Verkenning (MEV2022) van het Centraal Planbureau (CPB). In de begroting 2023 was uitgegaan van de indexering van 2,1% voor het jaar 2024 en voor de jaren daarna van 2,4%. Uit de MEV2022 blijkt een indexering van 4,2% voor 2024, gevolgd door 4,1% voor 2025 en 3,9% voor 2026 en 2027. Bovenstaande ontwikkelingen leiden tot een verhoging van de loonkosten. Indexering materiële kosten De indexering voor de materiële kosten is gebaseerd op de consumentenprijsindex (CPI) over de maand november. De CPI over november 2022 is nog niet bekend. Daarom rekent de VRF in deze kaderbrief met de CPI van oktober 2022: 14,5% voor het jaar 2024.
Bij de besluitvorming over de kaderbrief in de Commissie Veiligheid van de VRF is dit hoge percentage door een aantal gemeenten (waaronder onze eigen gemeente) ter discussie gesteld. De hiervoor geschetste beleidsmatige en autonome financiële ontwikkelingen (dus inclusief een prijsstijging van 14,5% in 2024) zouden leiden tot het volgende nieuwe financiële kader:
Heroverweging hoogte indexering materiële kosten Naar aanleiding van de kritische kanttekeningen van diverse gemeenten tijdens de Commissie Veiligheid van de VRF op het hoge inflatiepercentage van 14,5% van de materiele kosten, doet de VRF een aangepast voorstel. Zij heeft daarvoor drie alternatieve scenario’s uitgewerkt, waarbij scenario 3 wordt geadviseerd (de overige scenario’s staan uitgeschreven onder ‘alternatieven’): •
Scenario 3: Prijsontwikkeling voorlopig beperken tot 8% en achteraf evalueren. In het laatste scenario wordt de indexatie van de materiële kosten voorlopig afgetopt tot 8%. Deze indexatie wordt achteraf op basis van de werkelijke ontwikkeling van het gemeentefonds geëvalueerd. Het percentage van 8% is bepaald op basis van de verwachte ontwikkeling van het gemeentefonds over de jaren 2022, 2023 en 2024 versus de indexatie van de begroting van Veiligheidsregio Fryslân over deze periode.
Dit scenario zou betekenen dat de uitbreiding van het financieel kader in plaats van de eerdergenoemde € 4,5 miljoen voorlopig wordt beperkt tot € 2,7 miljoen. Zie de volgende tabel.
Hiermee groeit het financieel kader 2024 ten opzichte van de huidige afspraken niet langer met 6,4% maar met 4,0%. Het verschil betreft € 1,8 miljoen en heeft voor circa € 1,5 miljoen impact op de brandweer. In dit scenario wordt de huidige (extreme) inflatie voorlopig niet volledig gecompenseerd, maar wordt het probleem tussen de gemeenten en VRF ‘gedeeld.’ Bij de uiteindelijke evaluatie wordt de definitieve gemeentelijke bijdrage bepaald op basis van de werkelijke loonprijscompensatie die gemeenten via het gemeentefonds over de jaren 2022, 2023 en 2024 ontvangen. Hiermee committeert VRF zich aan een inspanningsverplichting om, waar mogelijk, de inflatie zo goed mogelijk op te vangen. Dit scenario betreft een tijdelijke afwijking van de systematiek om op gepaste wijze invulling te geven aan de huidige extreme omstandigheden. De huidige indexatiesystematiek kan in normale omstandigheden ‘gewoon’ in stand worden gehouden. Aangepast financieel kader De VRF stelt in haar aanbiedingsbrief voor om te kiezen voor het 3e alternatieve scenario waarbij gerekend wordt met 8% prijsindexatie in plaats van 14,5 %. Het financieel kader komt er dan als volgt uit te zien:
Het verschil tussen het oorspronkelijke scenario (14,5% prijsindexatie) en het 3e alternatieve scenario (8%) is daarmee € 1,83 miljoen voor het jaar 2024. Financiële gevolgen voor Súdwest-Fryslân Op basis van de begroting 2023-2026 van de VRF hebben wij in totaal € 10,214 miljoen voor het jaar 2024 in onze eigen meerjarenbegroting opgenomen aan bijdrage VRF. De VRF heeft ons deel van het totaal van € 78,718 miljoen de totaal voor 2024 berekend op € 10,841 miljoen. Een verschil van € 627.000.
Deze stijging is opgebouwd uit drie delen: 1. Omdat wij zelf rekenen met constante prijzen en de VRF met lopende prijzen, hebben wij de loon- en prijsstijging van 2023 naar 2024 niet in onze eigen meerjarenbegroting 2023 opgenomen. Het gaat hierbij om een bedrag van € 243.000. Deze lasten moeten wij dekken uit de middelen die vrijvallen in de meicirculaire 2023 door het verschuiven van constante prijzen naar lopende prijzen. De vraag is elk jaar weer of al onze gestegen kosten volledig gedekt kunnen worden door deze vrijval. Hierop hebben we pas zicht als we onze eigen begroting 2024 opstellen. 2. De grotere stijging van de lonen (van 2,1% naar 4,2%) en prijzen (van 1,7% naar 8%) voor het jaar 2024. Hierbij gaat het om een totaalbedrag van € 346.000. Deze lasten dekken wij uit de hogere accressen die wij in de meicirculaire 2023 voor loon- en prijscompensatie van het Rijk ontvangen voor het jaar 2024. Met de VRF verrekenen wij achteraf de werkelijk door ons ontvangen loon- en prijscompensatie van het Rijk. 3. De beleidsintensiveringen 2024 voor een bedrag van € 38.000. Deze kosten moeten wij opvangen binnen onze eigen meerjarenbegroting. Schematisch ziet dat er als volgt uit: Financiele gevolgen voor SWF constante prijzen VRF bedragen x € 1.000 2024 Kadernota 2024-2027 VRF 10.841 Begroting 2023-2026 SWF 10.214 Extra te betalen aan VRF 627
*o.b.v. werkelijke percentage meicirculaire afrekenen Alternatieven: •
Scenario 0: De huidige systematiek wordt gehandhaafd. Dit betekent de situatie zoals is verwoord in de paragraaf ‘Verwerkingswijze prijsontwikkeling in financieel kader.
•
Scenario 1: Prijsontwikkeling gelijk laten aan het laatst vastgesteld kader, leidend tot een takendiscussie. Dit leidt tot een aanzienlijke inperking van de omvang en kwaliteit van de taakuitvoering. Deze oplossingsrichting leidt tot een takendiscussie en mogelijk tot het niet langer voldoen aan de wettelijke vereisten.
•
Scenario 2: Prijsontwikkeling gelijk laten aan het laatst vastgesteld kader en het tekort achteraf verrekenen. Dit betekent dat Veiligheidsregio Fryslân koerst op een begroot tekort van € 4,5 miljoen (totaal effect autonome ontwikkelingen), leidend tot een negatieve egalisatiereserve van € 2 miljoen. De deelnemende gemeenten vullen in 2024 de egalisatiereserve weer aan tot het minimumniveau van circa € 1,5 miljoen. Per saldo betalen de gemeenten dan in totaal 3,5 miljoen. Deze oplossingsrichting kent diverse nadelen. Er is weliswaar sprake van een kortstondig voordeel van € 1 miljoen, maar daarmee wordt voorbij gegaan aan de effecten voor de komende jaren. Het vastgestelde kader wordt daarmee structureel te laag geïndexeerd om de beleidsmatige en wettelijk eisen te halen. Het risico dat hierdoor ontstaat is dat gemeenten elk jaar aanvullend moeten bijstorten. Met deze optie wordt het probleem voor een groot deel vooruitgeschoven, en niet opgelost.
Wettelijke basis: • • •
Wet op de Veiligheidsregio’s Wet op de gemeenschappelijke regelingen Gemeenschappelijke regeling VRF
Global Goals: De VRF vindt het belangrijk om een bijdrage te leveren aan de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen (SDG’s). Als overheidsorganisatie hebben zij hierin een voorbeeldfunctie. Wie zijn betrokken: Veiligheidsregio Fryslân Wijze van participatie: De grondslag voor het voorleggen van de stukken aan de gemeenteraad is gelegen in de GR. Deze GR ligt ten grondslag aan de samenwerking van alle Friese gemeenten binnen de Veiligheidsregio Fryslân. Op dit moment krijgen alle Friese gemeenteraden de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. Digitale links naar informatiebronnen: www.veiligheidsregiofryslan.nl Op 12 januari 2023 organiseerde VRF een Webinar over de Kadernota 2024-2027. Deze Webinar is terug te kijken via: https://vrfryslan.webinargeek.com/manage/K541junEYgZ_8UU7n1ilWn1yZaqHkhp645DI4YsbePc/. (het webinar start op 6:04). In welke fase: In december 2022 stelde het DB van de VRF de conceptkaderbrief vast. Op dit moment krijgen alle Friese gemeenteraden de gelegenheid om een zienswijze in te dienen. Het Algemeen Bestuur stelt de kaderbrief medio maart definitief vast. Planning vervolg in de raad/LTA: In de kaderbrief van Veiligheidsregio Fryslân (VRF) staan de beleidsontwikkelingen op de middellange termijn die het bestuur van VRF ziet aankomen. De kaderbrief wordt jaarlijks geactualiseerd en kan leiden tot aanpassingen in het financieel kader.
Deze worden vervolgens meegenomen in de begroting (mei 2023). Bijlage(n): 1. Aanbiedingsbrief Kaderbrief VRF 2024-2027 2. Kaderbrief VRF 2024-2027 3. Kaderbrief VRF 2024-2027 - presentatie 4. Concept Zienswijze Kaderbrief VRF 2024-2027 Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
drs. E.K. Strijker
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Raadsbesluit gemeente Súdwest-Fryslân
Onderwerp Zienswijze kaderbrief Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027 Naar aanleiding van het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 31 januari 2023; besluit:
a. de Kaderbrief van Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027 ter kennisgeving aan te nemen; b. akkoord te gaan met het inbrengen van een Zienswijze op de Kaderbrief van Veiligheidsregio Fryslân; c. de bijgevoegde brief vaststellen als zienswijze van de raad op de Kaderbrief Veiligheidsregio Fryslân 2024-2027. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 9 maart 2023
mr. drs. J.A. de Vries
G.W. Stegenga
, voorzitter.
, griffier.