Raadsvoorstel - Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2023
Tekst van het document
Ons nummer: R22.000171
*R22.000171* O.0000001E
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Adviseur
Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2023 22 december 2022 Bestjoer en Finânsjes 8 december 2022 Henk de Boer Belastingen Annika Visser
Voorstel: De verordening lig- en staangeld 2023 vast te stellen Samenvatting: Elk jaar moeten de belastingverordeningen voor 1 januari opnieuw vastgesteld worden. Tevens is het doel om de lig- en staangeldtarieven te actualiseren voor 2023. Daarbij zijn er enkele toevoegingen in de definities onder artikel 1 van de verordening. Argumenten: Wij stellen de volgende aanpassingen met betrekking tot het lig- en staangeld voor: Aanpassingen verordening • Er zijn tekstuele verduidelijkingen aangebracht in de verordening. • In artikel 1 onder h, is een definitie van cruiseschip toegevoegd. Onder i, is de definitie van dag toegevoegd. Deze toevoegingen zijn gedaan in verband met de invoering van een dagtarief voor cruiseschepen in artikel 8 onder 2 van de tarieventabel. Aanpassing tarieven In de programmabegroting 2023 is de begrote opbrengst van de lig- en staangelden niet aangepast ten opzichte van 2022. Ons uitgangspunt voor de tarieven is dan ook om deze zoveel mogelijk gelijk te houden. Hierop zijn een aantal uitzonderingen: • In artikel 2 onderdeel a en b zijn de tarieven voor passanten (toeristen) met € 0,10 verhoogd in verband met de hogere tarieven in de omliggende gemeenten. • In artikel 3 onderdeel b is het tarief voor jaarabonnementen voor pleziervaartuigen langs de gemeentelijke kade zonder stroomvoorziening per meter vastgesteld.
Dit tarief wordt jaarlijks met het inflatiepercentage (dit jaar 3%) verhoogd. • In artikel 11 zijn de tarieven voor woonschepen vastgesteld. Deze tarieven worden jaarlijks met het consumentenprijsindexcijfer (dit jaar 3 %) verhoogd. • In artikel 12 zijn de tarieven voor het staangeld voor campers vastgesteld. Deze tarieven worden elk jaar met het inflatiepercentage (dit jaar 3%) verhoogd.
1
Overige aanpassingen Naast tariefsaanpassingen stellen wij de volgende aanpassingen in de tarieventabel voor: • Het recht tot reserveren uit artikel 8 geldt alleen voor beroepsvaartuigen. Hierbij is er een nieuwe toevoeging onder 2, namelijk het innemen van een ligplaats door cruiseschepen per dag of een gedeelte daarvan. Deze schepen hebben door hun volume een grote impact op het reguleren van de haven. Daarom is het volgens ons wenselijk om hier een tarief voor op te nemen. Het tarief (1,15 per meter lengte) is gelijk aan het nachttarief voor deze categorie. Risico’s: Er zijn geen risico’s. Met de vaststelling van de voorgestelde aanpassingen sluiten we meer aan bij de jurisprudentie en de uitvoeringspraktijk. Financiën: De opbrengst van het lig- en staangeld is sterk afhankelijk van het aantal toeristen dat de gemeentelijke havens aandoet. De afgelopen jaren is door covid-19 een grotere toevlucht geweest van toerisme/vaargasten in eigen land. Bovendien zorgde ook het weer voor een aangenaam verblijf in eigen land. Mogelijk zal het komende jaar van een andere orde zijn. Daarom kunnen wij niet inschatten of de verhoging van de tarieven tot een hogere opbrengst zal leiden. Andere opties: Een alternatief is om de voorgestelde wijzigingen niet door te voeren. Wij raden dit echter af gezien de gemaakte afspraken om jaarlijks de betreffende tarieven te indexeren.
Wettelijke basis: Artikel 229 van de Gemeentewet. Global Goals Deze belastingverordening richt zich op de uitvoering van vastgesteld beleid. In die zin is er geen link met de Global Goals. Wie zijn betrokken: belastingplichtigen. Wijze van participatie: informeren. Digitale links naar informatiebronnen: n.v.t. In welke fase: vaststelling.
2
Planning vervolg in de raad/LTA: jaarlijks. Bijlage(n) - tarieventabel lig- en staangeld 2023 - locaties Liggeld pleziervaartuigen gemeente Súdwest-Fryslân
Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
drs. E.K. Strijker
3
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2023 De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 15 november 2022; gelet op artikel artikel 229 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2023
Artikel 1
Definities
In deze verordening wordt verstaan onder: a. b. c. d. e.
½ jaar: een aangesloten tijdvak van zes kalendermaanden; 7 dagen: een aaneengesloten tijdvak van 7 dagen; A-locaties: ligplaatsen inclusief stroomvoorziening; B-locaties: ligplaatsen exclusief stroomvoorziening; camper: een (bestel)auto, ingericht voor het vervoeren van twee of meer personen en geschikt voor kamperen cq. buitenshuis verblijven met de mogelijkheid tot overnachten; f. camperovernachtingsplaats: een door het college aangewezen locatie buiten kampeerterreinen waar campers/kampeerauto’s geplaatst kunnen worden ten behoeve van recreatief nachtverblijf, zijnde een gereguleerde overnachtingsplaats (GOP); g. college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân; h. cruiseschip: een vaartuig dat is ingericht en hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van meer dan 50 personen, de bemanning daaronder niet begrepen; i. dag: het aaneengesloten tijdvak vanaf 09.00 tot 18.00 uur; j. etmaal: een periode van 24 uren, gerekend vanaf 9.00 uur; k. historische schepen: schepen die het college als zodanig aanmerkt; l. laadvermogen: het in tonnen uitgedrukte verschil tussen de zoetwaterverplaatsing van het schip bij de grootst toegelaten diepgang en die van het ledige schip; m. ligplaats: de ruimte die een vaartuig in gebruik neemt; n. maand: kalendermaand; o.
meetbrief: het document als bedoeld in artikel 1.10 van het Binnenvaartpolitiereglement; p. nacht: het aaneengesloten tijdvak vanaf 18.00 tot 09.00 uur; q. passagiersschip: 1. een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen; 2. een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor bedrijfsmatig vervoer en logies van personen anders dan voor een geregelde lijndienst; 3. een vaartuig zijnde een zeilcharterschip dat is bestemd of wordt gebruikt ten behoeve van beroepsmatige chartervaart (bruine vloot). r. pleziervaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor recreatieve doeleinden; s. sleepboot: een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd en wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig slepen of duwen van andere vaartuigen; t. thuishaven: de haven waar een schip een ligplaats inneemt en gebruikt als basis om uit te varen; u. ton: een massa van 1000 kilogram;
v. vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer of verblijf te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakend voorwerp; w. vissersschip: een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd en wordt gebruikt voor het vangen van vis of andere levende rijkdommen van de zee; x. vrachtschip: een schip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het vervoeren van goederen; y. woonschip: elk vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebruikt als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting, in hoofdzaak bestemd is tot dag- of nachtverblijf van één of meer personen.
Artikel 2
Belastbaar feit
1. Onder de naam liggeld wordt een recht geheven voor het innemen van een ligplaats met een vaartuig in gemeentewateren, of andere werken of inrichtingen die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente. 2. Onder de naam staangeld wordt een recht geheven voor het innemen van een camperstandplaats met een camper op gemeentegrond, of andere werken of inrichtingen, die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente.
Artikel 3
Belastingplicht
1. Belastingplichtig voor liggeld ingevolge deze verordening is degene die van de gemeentewateren, werken of inrichtingen gebruik maakt; daaronder te verstaan de schipper, de reder, de eigenaar, de gebruiker van het vaartuig of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. 2. Belastingplichtig voor staangeld is de eigenaar van de camper of degene op wiens naam de huurovereenkomst is gesteld (huurder). 3. Wanneer geen eigenaar of huurder van de camper aanwezig is wordt de gebruiker aangemerkt als belastingplichtige.
Artikel 4
Maatstaf van heffing en tarief
1. Het liggeld en het staangeld worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Het laadvermogen of de lengte van een vaartuig wordt ambtshalve bepaald indien geen meetbrief wordt overgelegd of indien deze de vereiste gegevens niet vermeldt. 3. Voor de berekening van het liggeld en staangeld wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid afgerond naar volle eenheid, waarbij alles onder de 0,5 naar beneden afgerond wordt en vanaf 0,5 naar boven.
Artikel 5
Belastingjaar
Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 6
Wijze van heffing en betaling
1. Het liggeld en het staangeld voor een tijdvak van minder dan een maand wordt geheven door middel van een bon, nota of andere schriftuur. Het liggeld en het staangeld dient te worden betaald op het tijdstip van uitreiking. 2. Het liggeld voor een tijdvak van een maand of langer wordt geheven bij wijze van aanslag. Het liggeld dient binnen een maand na dagtekening van de aanslag te worden betaald. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de termijnen in het eerste en tweede lid.
Artikel 7
Vrijstellingen
Het liggeld wordt niet geheven voor het innemen van een ligplaats door: a. schepen die deelnemen aan een evenement met een historisch cultureel karakter; b. historische schepen die het college een speciale ligplaats heeft toegewezen; c. een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het gemeentelijk watergebied bevindt; d. vaartuigen in directe dienst van het rijk, de provincie, het waterschap of de gemeente; e. hospitaalschepen; f. oorlogsvaartuigen; g. reddingsvaartuigen.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
1. Het liggeld is verschuldigd zodra een ligplaats wordt ingenomen. 2. Indien het gebruik van een ligplaats, waarvoor het liggeld met een abonnement wordt betaald, in de loop van het kalenderjaar eindigt, anders dan als tijdelijke onderbreking, bestaat aanspraak op ontheffing van het geheven liggeld voor de volle kalendermaanden waarin geen gebruik van de ligplaats is gemaakt. 3. Indien het gebruik van een ligplaats, waarvoor het liggeld met een abonnement wordt betaald, in de loop van het kalenderjaar aanvangt, wordt het liggeld geheven over de volle maanden die in het kalenderjaar overblijven. Een gedeelte van een maand wordt voor een volle maand gerekend. 4. Het staangeld is verschuldigd zodra een camperovernachtingsplaats wordt ingenomen.
Artikel 9
Kwijtschelding
Bij de invordering van het liggeld en het staangeld wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 10
Inwerkingtreding en citeertitel
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2023. 2. De Verordening lig- en staangeld 2022 van 23 december 2021 wordt ingetrokken. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023. Op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan, blijft de Verordening lig- en staangeld 2022 van toepassing. 4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening lig- en staangeld 2023.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 december 2022
mr. drs. J.A. de Vries
G.W. Stegenga
, voorzitter.
, griffier.