Raadsvoorstel - Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2022
Tekst van het document
Ons nummer: R21.000185
*R21.000185* O.0000001E
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Behandelend ambtenaar
Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2022 23 december 2021 Bestjoer en Finânsjes 9 december 2021 G. Wielinga Belastingen S. Tiesma
Voorstel: De verordening lig- en staangeld 2022 vaststellen Inleiding: Elk jaar moeten de belastingverordeningen voor 1 januari opnieuw vastgesteld worden. Doel: Het actualiseren van de lig- en staangeldtarieven voor 2022. Argumenten: Aanpassing tarieven In de programmabegroting is de begrote opbrengst van de lig- en staangelden niet aangepast ten opzichte van 2021. Ons uitgangspunt voor de tarieven is dan ook om deze zoveel mogelijk gelijk te houden. Hierop zijn een aantal uitzonderingen: •
• • •
In artikel 2 onderdeel b is het tarief voor pleziervaartuigen per nacht (toeristen) zonder stroom vastgesteld. In 2021 is het tarief in onderdeel a (inclusief stroom) verhoogd naar € 1,40. Daardoor is het verschil tussen de tarieven inclusief en exclusief stroom nu € 0,55 per meter per nacht. Dit verschil is te groot, de kosten voor alleen de stroom worden door dit ontstane verschil te hoog aangeslagen. De ligplaatsen exclusief stroom maken wel gebruik van alle andere aanwezige voorzieningen. Daarom is een verhoging van € 0,85 naar € 1,00 per meter per nacht nodig om de scheefgroei tussen de tarieven inclusief en exclusief stroom recht te trekken. In artikel 3 onderdeel b is het tarief voor jaarabonnementen voor pleziervaartuigen langs de gemeentelijke kade zonder stroomvoorziening per meter vastgesteld. Dit tarief wordt jaarlijks met het inflatiepercentage (dit jaar 1,6%) verhoogd. In artikel 11 zijn de tarieven voor woonschepen vastgesteld. Deze tarieven worden jaarlijks met het consumentenprijsindexcijfer (CPI) verhoogd. Dit is dit jaar met 1,6%. In artikel 12 zijn de tarieven voor het staangeld voor campers vastgesteld. Deze tarieven worden elk jaar met het inflatiecijfer (dit jaar 1,6%) verhoogd.
1
Overige aanpassingen Naast tariefsaanpassingen stellen wij de volgende aanpassingen in de tarieventabel voor: • Het recht tot reserveren uit artikel 8 geldt alleen voor beroepsvaartuigen. Dit is verduidelijkt in dit artikel. • Artikel 9 is een nieuw artikel. Beroepsvaartuigen meren soms aan gemeentelijke kade aan zonder reservering om te tanken of even de stad in te gaan. Dit vraagt bij vertrek vaak veel logistieke werkzaamheden van de havenmeester. Het betalen voor een tarief gelijk aan die voor de reservering is rechtvaardig. • In sommige havens maken passagiersschepen gebruik van een 125 of 400 Ampère aansluiting voor de stroomvoorziening. De stroom moet in dat geval apart afgerekend worden. Dit is in artikel 10 aangegeven. • In artikel 12 zijn de tarieven voor de camperovernachtingsplaatsen vastgesteld. In dit artikel waren de tarieven vastgesteld per locatie. Dit is aangepast naar tarieven per voorzieningen. Aanpassingen locaties liggeld pleziervaartuigen Súdwest-Fryslân Bij de passantenlocaties is de locatie in Gaastmeer gewijzigd van categorie B (zonder stroomvoorziening) naar categorie A (met stroomvoorziening). Alternatieven: Een alternatief is om de voorgestelde wijzigingen niet door te voeren. Wij raden dit echter af gezien de ongelijkheid in de huidige tarieven en de gemaakte afspraken. Risico’s: Geen.
Kaders: Artikel 229 van de Gemeentewet Financiële aspecten/gevolgen: Met de voorgestelde wijzigingen wordt de begrote opbrengst gerealiseerd. Duurzaamheid: n.v.t.
Global Goals n.v.t. Vervolgproces: Geen. Monitoring en evaluatie: n.v.t. Gevolgen voor LTA: n.v.t.
2
Communicatie en afstemming: wettelijke publicatie en aanpassing tarieven op de gemeentelijke website Bijlage(n)
Meegezonden: - tarieventabel lig- en staangeld 2022 - locaties Liggeld pleziervaartuigen gemeente Súdwest-Fryslân Ter inzage: - n.v.t.
Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
P. Zondervan
3
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2022 De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 november 2021; gelet op artikel 229 van de Gemeentewet; besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en invordering van lig- en staangeld 2022 Artikel 1 Definities In deze verordening wordt verstaan onder: a. b. c. d. e.
½ jaar: een aangesloten tijdvak van zes kalendermaanden; 7 dagen: een aaneengesloten tijdvak van 7 dagen; A-locaties: ligplaatsen inclusief stroomvoorziening; B-locaties: ligplaatsen exclusief stroomvoorziening; camper: een (bestel)auto, ingericht voor het vervoeren van twee of meer personen en geschikt voor kamperen cq. buitenshuis verblijven met de mogelijkheid tot overnachten; f. camperovernachtingsplaats: een door het college aangewezen locatie buiten kampeerterreinen waar campers/kampeerauto’s geplaatst kunnen worden ten behoeve van recreatief nachtverblijf, zijnde een gereguleerde overnachtingsplaats (GOP); g. college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân; h. etmaal: een periode van 24 uren, gerekend vanaf 10.00 uur; i. historische schepen: schepen die het college als zodanig aanmerkt; j. laadvermogen: het in tonnen uitgedrukte verschil tussen de zoetwaterverplaatsing van het schip bij de grootst toegelaten diepgang en die van het ledige schip; k. ligplaats: de ruimte die een vaartuig in gebruik neemt; l. maand: kalendermaand; m. meetbrief: het document als bedoeld in artikel 1.10 van het Binnenvaartpolitiereglement; n. nacht: het aaneengesloten tijdvak vanaf 18.00 tot 09.00 uur; o. passagiersschip: 1. een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen; 2.
een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor bedrijfsmatig vervoer en logies van personen anders dan voor een geregelde lijndienst; 3. een vaartuig zijnde een zeilcharterschip dat is bestemd of wordt gebruikt ten behoeve van beroepsmatige chartervaart (bruine vloot). p. pleziervaartuig: een vaartuig dat is bestemd of wordt gebruikt voor recreatieve doeleinden; q. sleepboot: een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd en wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig slepen of duwen van andere vaartuigen; r. thuishaven: de haven waar een schip een ligplaats inneemt en gebruikt als basis om uit te varen; s. ton: een massa van 1000 kilogram; t. vaartuig: een drijvend lichaam dat wegens zijn drijfvermogen wordt gebruikt dan wel bestemd of geschikt is voor het vervoer of verblijf te water van personen of goederen of voor het dragen of vervoeren van al dan niet met het drijvende lichaam één geheel uitmakend voorwerp;
u. vissersschip: een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd en wordt gebruikt voor het vangen van vis of andere levende rijkdommen van de zee; v. vrachtschip: een schip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het vervoeren van goederen; w. woonschip: elk vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebruikt als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting, in hoofdzaak bestemd is tot dag- of nachtverblijf van één of meer personen. Artikel 2
Belastbaar feit
1. Onder de naam liggeld wordt een recht geheven voor het innemen van een ligplaats met een vaartuig in gemeentewateren, of andere werken of inrichtingen die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente. 2. Onder de naam staangeld wordt een recht geheven voor het innemen van een camperstandplaats met een camper op gemeentegrond, of andere werken of inrichtingen, die in beheer of onderhoud zijn bij de gemeente. Artikel 3
Belastingplicht
1. Belastingplichtig voor liggeld ingevolge deze verordening is degene die van de gemeentewateren, werken of inrichtingen gebruik maakt; daaronder te verstaan de schipper, de reder, de eigenaar, de gebruiker van het vaartuig of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. 2. Belastingplichtig voor staangeld is de eigenaar van de camper of degene op wiens naam de huurovereenkomst is gesteld (huurder). 3. Wanneer geen eigenaar of huurder van de camper aanwezig is wordt de gebruiker aangemerkt als belastingplichtige. Artikel 4
Maatstaf van heffing en tarief
1. Het liggeld en het staangeld worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. 2. Het laadvermogen of de lengte van een vaartuig wordt ambtshalve bepaald indien geen meetbrief wordt overgelegd of indien deze de vereiste gegevens niet vermeldt. 3. Voor de berekening van het liggeld en staangeld wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid afgerond naar volle eenheid, waarbij alles onder de 0,5 naar beneden afgerond wordt en vanaf 0,5 naar boven. Artikel 5 Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 6
Wijze van heffing en betaling
1. Het liggeld en het staangeld voor een tijdvak van minder dan een maand wordt geheven door middel van een bon, nota of andere schriftuur. Het liggeld en het staangeld dient te worden betaald op het tijdstip van uitreiking. 2. Het liggeld voor een tijdvak van een maand of langer wordt geheven bij wijze van aanslag. Het liggeld dient binnen een maand na dagtekening van de aanslag te worden betaald. 3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de termijnen in het eerste en tweede lid. Artikel 7 Vrijstellingen Het liggeld wordt niet geheven voor het innemen van een ligplaats door: a. schepen die deelnemen aan een evenement met een historisch cultureel karakter;
b. historische schepen die het college een speciale ligplaats heeft toegewezen; c. een vaartuig dat zich op last of bevel van de overheid in het gemeentelijk watergebied bevindt; d. vaartuigen in directe dienst van het rijk, de provincie, het waterschap of de gemeente; e. hospitaalschepen; f. oorlogsvaartuigen; g. reddingsvaartuigen. Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
1. Het liggeld is verschuldigd zodra een ligplaats wordt ingenomen. 2. Indien het gebruik van een ligplaats, waarvoor het liggeld met een abonnement wordt betaald, in de loop van het kalenderjaar eindigt, anders dan als tijdelijke onderbreking, bestaat aanspraak op ontheffing van het geheven liggeld voor de volle kalendermaanden waarin geen gebruik van de ligplaats is gemaakt. 3. Indien het gebruik van een ligplaats, waarvoor het liggeld met een abonnement wordt betaald, in de loop van het kalenderjaar aanvangt, wordt het liggeld geheven over de volle maanden die in het kalenderjaar overblijven. Een gedeelte van een maand wordt voor een volle maand gerekend. 4. Het staangeld is verschuldigd zodra een camperovernachtingsplaats wordt ingenomen. Artikel 9 Kwijtschelding Bij de invordering van het liggeld en het staangeld wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 10
Inwerkingtreding en citeertitel
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2022. 2. De Verordening lig- en staangeld 2021 van 17 december 2020 wordt ingetrokken. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2022. Op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan, blijft de Verordening lig- en staangeld 2021 van toepassing. 4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening lig- en staangeld 2022.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 december 2021
mr. drs. J.A. de Vries
G.W. Stegenga
, voorzitter.
, griffier.