Raadsvoorstel - Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025
Tekst van het document
Ons nummer: R25.000020
*R25.000020* BLANCOCaseKlantCodeCaseKlantSoort
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Team Portefeuillehouder Raadscommissie Raadscommissie Raadsvergadering
: : : : :
Belastingen Henk de Boer Bestjoer en Finânsjes 26 mei 2025 12 juni 2025
Onderwerp
:
Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025
Raadsvoorstel: De Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025 vast te stellen. Samenvatting: Indien de Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen Súdwest-Fryslân 2025 en de nadere regels, behorende bij deze Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen Súdwest-Fryslân 2025 (hierna: beheerverordening 2025) worden gewijzigd, dient de verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025 (hierna: verordening grafrechten) hierop te worden aangepast. De verordening grafrechten 2025 vormt een nadere uitwerking en uitvoering van de beheerverordening 2025. Aangezien de beheerverordening 2025 leidend is voor de heffing van grafrechten, moeten wijzigingen daarin consistent worden doorgevoerd in de verordening grafrechten 2025. Bijvoorbeeld, indien een grafkelder volgens de beheerverordening geen optie meer is, kan hiervoor in de verordening grafrechten geen tarief meer worden vastgesteld. Wat er niet is, kan ook niet worden aangeboden. Om de beheerverordening 2025 en de verordening grafrechten 2025 op elkaar af te stemmen, is het noodzakelijk dat beide verordeningen gelijktijdig worden vastgesteld. Tijdens de raadsvergadering van 12 juni 2025 worden de beheerverordening 2025 en de nadere regels voorgesteld.
De daarin opgenomen wijzigingen moeten tevens worden doorgevoerd in de verordening grafrechten 2025 zodat deze in lijn blijft met de beheerverordening. De verordening grafrechten 2025 wordt daarom gelijktijdig met de beheerverordening 2025 voorgesteld in de raadsvergadering van 12 juni 2025. De definities en de tarieventabel zijn geactualiseerd en afgestemd op de beheerverordening 2025 om onduidelijkheden te voorkomen en samenhang te waarborgen. Daarnaast is de tarieventabel vereenvoudigd door meerdere tarieven samen te voegen, waardoor de structuur overzichtelijker is geworden. Tevens zijn nieuwe tarieven geïntroduceerd naar aanleiding van de wijzigingen in de beheerverordening, terwijl de meeste bestaande tarieven in hoogte ongewijzigd blijven.
Naar aanleiding van de wijzigingen in de beheerverordening 2025 zijn de belangrijkste wijzigingen in de tarieventabel van de verordening grafrechten 2025: ▪ Het vervallen tarief voor keldergraven; ▪ De periode voor het verlenen van het uitsluitend recht op een (particulier) graf verkort naar 10 jaar; ▪ Een verruiming van de looptijden van de grafrechten; ▪ Toeslagen voor begraven en bijzetten van een asbus op zaterdag; ▪ Nieuwe tarieven voor natuurgraven en natuururnengraf; ▪ Eén gecombineerd tarief voor verlenen van recht op bijzetting en behoud van asbus of asurn voor een periode van 5 jaar, of een veelvoud van vijf jaar, met een maximum van 50 jaar; ▪ Nieuw artikel voor schudden van graven op een aantal (delen van) begraafplaatsen; ▪ Toevoeging van twee artikelen over grafonderhoud;
1
▪
Nieuw artikel voor bijzondere verrichtingen.
De verordening grafrechten 2025 treedt na vaststelling tegelijk met de beheerverordening 2025 in werking op 1 juli 2025. Inleiding: Door het wijzigen van de beheerverordening 2025, dient de verordening grafrechten 2025 ook aangepast te worden. De beheerverordening is leidend voor de heffing van de grafrechten. Als bijvoorbeeld een grafkelder volgens de beheerverordening geen optie meer is, dan kan hiervoor in de verordening grafrechten ook geen tarief meer gelden. In dit voorstel worden de belangrijkste wijzigingen toegelicht. Global Goals: N.v.t. Argumenten: In dit voorstel worden de belangrijkste wijzigingen naar aanleiding van de wijzigingen in de beheerverordening 2025 nader toegelicht. Voorgesteld wordt om de wijzigingen zoals die opgenomen zijn in de beheerverordening 2025 formeel vast te leggen in de verordening grafrechten 2025. Het accent in dit voorstel ligt op de fiscaal-juridische aspecten. Het vervallen tarief voor keldergraven Nieuwe keldergraven worden volgens de beheerverordening 2025 niet meer uitgegeven. De periode voor het verlenen van het uitsluitend recht op een (particulier) graf is verkort naar 10 jaar De Wet op de lijkbezorging (Wlb) geeft aan dat het uitsluitend recht op een (particulier) graf voor bepaalde tijd gevestigd kan worden, waarbij de minimale termijn tien jaar is.
De verordening grafrechten 2020 hanteerde een tarief gebaseerd op een periode van 20 jaar. Dit is aangepast: het tarief is nu gebaseerd op een kortere periode van 10 jaar. Het oorspronkelijke tarief per 20 jaar is gehalveerd en vervolgens toegepast op de nieuwe periode van 10 jaar. De mogelijkheid om langer dan 10 jaar het uitsluitende recht te hebben op een (particulier) graf, met een maximum van 50 jaar, blijft bestaan. Dit is een uitwerking van de wijzigingen in de beheerverordening 2025 en biedt de extra mogelijkheid om ook korter dan een periode van 20 jaar het uitsluitend recht op een (particulier) graf te verlenen. Een verruiming van de looptijden van de grafrechten De verordening grafrechten 2020 hanteerde maximaal 40 jaar. Dit is verruimd naar 50 jaar. Toeslagen voor begraven en bijzetten van een asbus op zaterdag De toeslagen zijn een uitwerking van de wijzigingen in de beheerverordening 2025. Deze toeslag wordt gehanteerd omdat de personele kosten op deze dagen ook hoger zijn. Nieuwe tarieven voor natuurgraven en natuururnengraf Vanaf 1 juli 2025 worden er natuurgraven aangeboden, waardoor hiervoor een tarief in de verordening grafrechten 2025 moet worden opgenomen. Het tarief is gebaseerd op 5 x het tarief van een enkeldiepgraf, omdat een natuurgraf voor 50 jaar wordt afgegeven.
Een natuurgraf voor een periode van 100 jaar is gebaseerd op 10 x het tarief van een enkeldiepgraf. De beheerverordening 2025 stelt dat een natuururnengraf voor maximaal 50 jaar wordt afgegeven. Het tarief is gebaseerd op 10 x het tarief voor 5 jaar uit 4.1.1 uit de tarieventabel van de verordening grafrechten 2025. Eén gecombineerd tarief voor het verlenen van het uitsluitend recht op bijzetting en behoud van asbus of asurn voor een periode van 5 jaar, of een veelvoud van vijf jaar, met een maximum van 50 jaar
2
De verordening grafrechten 2020 hanteerde een tarief gebaseerd op een periode van 10, 20 en 30 jaar per verschillende dienst. Dit is aangepast: het tarief is nu gebaseerd op een kortere periode van 5 jaar. Het oorspronkelijke tarief per 10 jaar is gehalveerd en vervolgens toegepast op de nieuwe periode van 5 jaar. De mogelijkheid om langer dan 5 jaar het uitsluitende recht te hebben op bijzetting en behoud van asbus of asurn in of op een (particulier) graf, urnengraf, urnenkelder, urnennatuurgraf, urnenplaats of urnennis of het hebben van een particuliere gedenkplaats blijft bestaan. Deze looptijd is verlengd tot maximaal 50 jaar. Daarbij geldt er voor alle diensten nu één tarief, dit tarief is gemiddeld genomen. Nieuw artikel voor schudden van graven op een aantal (delen van) begraafplaatsen Dit artikel werkt de wijzigingen in de beheerverordening 2025 uit. Voor het schudden van graven op in de tarieventabel specifiek benoemde locaties wordt een extern gespecialiseerd bedrijf ingeschakeld. Het tarief komt overeen met het bedrag dat door dit bedrijf in rekening wordt gebracht en wordt voor het schudden meegedeeld. Toevoeging van twee artikelen over grafonderhoud Deze tarieven zijn een uitwerking van de wijzigingen in de beheerverordening 2025. Deze artikelen zijn toegevoegd om het beeld op de begraafplaats netjes te houden.
De tarieven zijn vastgesteld op basis van een schatting van de gemiddelde kosten voor het herstel van verzakkingen. Nieuw artikel voor bijzondere verrichtingen. Voor verrichtingen die niet zijn opgenomen in de verordening, waaronder opgraving door een gespecialiseerd bedrijf wordt de kostprijs gerekend. Over deze aanvragen geldt gemiddeld een langere looptijd dan bij begraven. Kostendekkendheid Om te voorkomen dat gemeenten met specifieke belastingen als grafrechten, ook wel retributies genoemd, ook andere activiteiten financieren, verbieden de wettelijke bepalingen (Gemeentewet) dat de geraamde baten, de geraamde lasten mogen overschrijden. Door dit vereiste mogen de opbrengsten maximaal (100%) kostendekkend zijn. Hier wordt aan voldaan. De kostendekking mag op globaal niveau worden bekeken, dit betekent concreet dat voor een individuele prestatie meer of minder mag worden gevraagd dan de ervoor gemaakte kosten, als alles in de gehele verordening maar globaal in evenwicht blijft. Rol en bevoegdheid: Bevoegdhedenverdeling. Risico’s: Indien de verordening grafrechten 2025 niet wordt vastgesteld, blijft de huidige verordening grafrechten 2020 van kracht. Deze sluit niet aan bij de nieuwe beheerverordening 2025.
Financiën: Doordat de verordening in de loop van belastingjaar 2025 wordt gewijzigd kan dit invloed hebben op de vastgestelde begroting (paragraaf lokale heffingen) in november 2024. Nu de kosten en de baten op totaal niveau van de verordening grotendeels gelijk blijven, hoeft er geen begrotingswijziging te komen. De begrote opbrengsten dekken (deels) de uitgaven van de begroting. Op dit moment is er nog geen voorziening voor de toekomstige onderhoudskosten en het ruimen van graven. Dit is echter wel een wettelijke verplichting. In de programmabegroting van 2026 zal een voorstel worden gedaan voor het instellen van deze voorziening. Dit heeft geen invloed op de kostendekkendheid van de grafrechten. Het doel van de voorziening is om te zorgen voor de dekking van toekomstige onderhoudskosten van de graven en de begraafplaats. Juridisch: Artikel 229 Gemeentewet. De Wet op de lijkbezorging (Wlb). Alternatieven:
3
De tarieven kunnen afwijkend van het voorstel worden vastgesteld. Indien een hogere vaststelling plaatsvindt, beïnvloedt dit het kostendekkingspercentage en de begrote opbrengst. Dit kostendekkingspercentage wordt berekend op basis van de vastgestelde begrote opbrengst. Wettelijk mogen tarieven maximaal 100% kostendekkend zijn. Bij een verhoging bestaat de kans dat de baten de kosten overstijgen. Daarbij dient een dergelijke verhoging zorgvuldig gecommuniceerd te worden, wat in dit geval niet is gebeurd omdat de kosten gelijk blijven. Participatie en communicatie: Via wettelijke publicatie, aanslagbiljet en gemeentelijke website. Planning en vervolgproces: Jaarlijks op de agenda. Link(s) naar eerdere besluitvorming of (actieve) informatie: Verordening op de heffing en de invordering van grafrechten 2020 Bijlage(n): 1. Was-Wordt lijst tarieventabel grafrechten 2025 Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
, burgemeester.
drs. W.J. Sikkes
, wnd. gemeentesecretaris.
4
Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025 De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 22 april 2025; gelet op artikel 229 eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit: De Verordening op de heffing en invordering van grafrechten 2025 vast te stellen.
Artikel 1
Definities
In deze verordening wordt verstaan onder: a. algemeen graf: een graf, keldergraf daaronder begrepen, bij de gemeente in beheer waarin de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven en begraven houden van een overledene; b. asbus: een bus of een asbox ter berging van as van een overledene; c. begraafplaatsen: de bij de gemeente Súdwest-Fryslân in eigendom, beheer en onderhoud zijnde gemeentelijke begraafplaatsen in Bolsward, Hindeloopen (oud en nieuw), IJlst (oud en nieuw) Koudum, Molkwerum, Poppenwier, Raerd, Skarl, Sneek, Stavoren, Wommels, Workum en Ypecolsga; d. beheerder: de medewerker die belast is met de exploitatie en de dagelijkse aansturing van de gemeentelijke begraafplaatsen of degene die hem vervangt; e. begraven: het ter aarde bestellen van een overledene in een particulier graf of een algemeen graf; het plaatsen van urnen of bussen met as van een gecremeerde overledene: - in of op een particulier graf of een particulier urnengraf; - in een algemeen graf of een urnengraf; - in een urnennis; f. columbarium: een urnengalerij met urnennissen; g. dubbeldiepgraf: een particulier graf waarin de mogelijkheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van twee overledene in hetzelfde graf; h. enkeldiepgraf: een particulier graf waarin de mogelijkheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een overledene; i.
familiegraf: twee naast elkaar gelegen particuliere graven met de mogelijkheid tot het aanbrengen van een gezamenlijke grafbedekking; j. gebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; k. graf: gegraven kuil of gemetselde of ommuurde, al dan niet ondergrondse, ruimte dienend tot laatste rustplaats van een overledene; l. grafbedekking: grafbeplanting of gedenkteken die op het graf, de gedenkplaats of de urnenplaats zijn geplaatst; m. grafrecht: het gebruiksrecht op het gebruik van een ruimte in een algemeen graf en het uitsluitend recht op een particulier (kelder-)graf, urnengraf, urnenplaats, urnennis of gedenkplaats; n. keldergraf: een graf met een betonnen of kunststof constructie die in de grond is geplaatst en afgedekt is met een sluitplaat; o. kindergraf: een particulier graf waarin gelegenheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een overleden kind beneden de leeftijd van twaalf jaar; p. natuurgraf: een onderhoudsvrij particulier graf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking; q. natuururnengraf: een onderhoudsvrij particulier urnengraf met voorwaarden ten aanzien van de grafbedekking;
5
r. nis: uitholling in een urnenwand of columbarium voor het plaatsen van asbussen, met of zonder sierurnen; s. particulier graf: een graf, een keldergraf daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven en begraven houden van overledenen en/of het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; t. urnengraf: een particulier urnengraf, kelderurnengraf daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; u. gedenkplaats: een particuliere plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het plaatsingsrecht is verleend voor het plaatsen van een gedenkteken om overledenen te gedenken; v. rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier (urnen-)graf of kelder, een particuliere urnenplaats of urnennis, of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden; w. schudden: het op verzoek van de rechthebbende leeg maken van één of meerdere lagen in een graf waarbij de stoffelijke resten onder de onderste laag worden samengebracht; x.
ruimen: het verwijderen van de grafbedekking na afloop of na afstand van het grafrecht en in een latere fase van het volledige graf, waarbij de stoffelijke resten worden overgebracht naar een verzamelgraf; y. verstrooiplaats: door de beheerder aan te wijzen plaatsen of een begraafplaats waar as van een overledene kan worden verstrooid; z. urn: een voorwerp ter berging van één (of meer) asbus(sen) of asbox(en); aa. urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; bb. urnenplaats: een particuliere bovengrondse plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend voor het plaatsen van en geplaatst houden van asbussen in een object (waaronder begrepen een kunstwerk); cc. urnentuin: een op een begraafplaats aangelegde ruimte uitsluitend bestemd voor urnengraven; dd. vlinder: gedenkteken in de vorm van een vlinder van 5x4 tot 11x10 centimeter dat op een vlinderrots kan worden geplaatst;
Artikel 2
Belastbaar feit
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.
Artikel 3
Belastingplicht
De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.
Artikel 4
Vrijstellingen
De rechten worden niet geheven voor: a. het lichten van een lijk op rechtelijk gezag; b. het begraven van een lijk van een levenloos of pasgeboren kind, dat tegelijk met de bij, of kort na de bevalling overleden moeder in dezelfde grafruimte wordt begraven.
Artikel 5
Maatstaf van heffing en belastingtarief
1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze
6
verordening behorende tarieventabel. 2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Artikel 6
Belastingjaar
Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
Artikel 7
Wijze van heffing
1. De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, worden geheven bij wege van aanslag. 2. Andere rechten, anders dan onderhoudsrechten als bedoeld in hoofdstuk 8 en 9 van in de tarieventabel, worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Het gevorderde bedrag wordt door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld
1. De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 8 en 9 van de tarieventabel, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar. 2. De rechten, anders dan onderhoudsrechten als bedoeld in hoofdstuk 8 en 9 van in de tarieventabel, zijn verschuldigd bij aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.
Artikel 9
Termijnen van betaling
1. De aanslagen moeten worden betaald in twee gelijke termijnen. 2. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 vervalt de eerste termijn op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld. De tweede termijn vervalt twee maanden later. 3. De verschuldigde bedragen kunnen ook door middel van automatische betalingsincasso worden afgeschreven overeenkomstig de voorwaarden gesteld in het 'Reglement voor de automatische incasso van de gemeentelijke belastingen in de gemeente Súdwest-Fryslân'. De aanslagen moeten dan worden betaald in acht gelijke maandelijkse termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. 4. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de termijnen in de voorgaande leden.
Artikel 10
Kwijtschelding
Bij de invordering van de grafrechten wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 11
Inwerkingtreding en citeertitel
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2025. 2. De Verordening grafrechten 2020 van 21 november 2019 wordt ingetrokken. 3. De datum van ingang van de heffing is 1 juli 2025. Op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan blijft de Verordening Grafrechten 2020 van toepassing. 4. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening grafrechten 2025.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 juni 2025.
7
mr. drs. J.A. de Vries
, voorzitter.
G.W. Stegenga
, griffier.
8
Tarieventabel behorende bij de Verordening Grafrechten 2025 Deze tabel heeft betrekking op de begraafplaatsen in Sneek, Bolsward, Workum, Skarl, Molkwerum, Koudum, Hindeloopen (oud en nieuw), Stavoren, IJlst (oud en nieuw), Ypecolsga, Raerd, Poppenwier en Wommels. Hoofdstuk 1 Begraven 1.1
Voor het begraven van een overledene van 12 jaar of ouder wordt geheven:
1.1.1
in een particulier en algemeen (kelder) graf
1.2
Voor het begraven van een overleden kind beneden 12 jaar wordt geheven:
1.2.1
in een particulier en algemeen (kelder) graf
1.3
Voor het begraven op zaterdag geldt voor de tarieven onder 1.1 t/m 1.2.1 een toeslag van 50 %
€ 1.000,00
€ 463,00
Hoofdstuk 2 Verlenen en verlengen van grafrechten voor particuliere graven, inclusief vastrecht algemeen onderhoud 2.1
Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een (particulier) graf voor een periode van 10 jaar, of een veelvoud van tien jaar, met een maximum van 50 jaar, wordt geheven:
2.1.1
voor een enkeldiep graf per 10 jaar
2.1.2
voor een dubbeldiep graf in Sneek en Bolsward per 10 jaar
2.1.3
voor een kindergraf per 10 jaar
2.2
Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een natuurgraf wordt geheven:
2.2.1
voor een natuurgraf voor 50 jaar
€ 3.397,50
2.2.2
voor een natuurgraf voor 100 jaar
€ 6.795,00
2.3
Verlengen van grafrechten
2.3.1
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaande artikelen 2.1.1 t/m 2.1.3 voor een periode van 5 jaar wordt geheven 50 % van het tarief van 10 jaar
2.3.2
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaande artikelen 2.1.1 t/m 2.1.3 voor een periode van maximaal 20 jaar wordt geheven 200 % van het tarief van 10 jaar
2.3.3
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaande artikelen 2.2.1 t/m 2.2.2 voor een periode van 5 jaar wordt geheven 10 % van het tarief van 50 jaar
2.3.4
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaande artikelen 2.2.1 t/m 2.2.2 voor een periode van maximaal 20 jaar wordt geheven 40 % van het tarief van 50 jaar
€ 679,50 € 1.012,50 € 289,00
Hoofdstuk 3 Asbestemmingen 3.1
Voor het bijzetten van een asbus of asurn in of op een (particulier) graf, urnengraf, urnenkelder, natuururnengraf, urnenplaats of urnennis wordt geheven per asbus of asurn
€ 110,00
3.2
Voor verstrooiing van as op een asverstrooiplaats wordt geheven per asbus
€ 115,00
9
3.3
Voor bijzetting van een asbus op zaterdag geldt voor de tarieven onder 3.1 t/m 3.2 een toeslag van 50 %
3.4
Voor het uitsluitend ondergronds aanbrengen van een urnenkelder vervaardigd van beton of kunststof wordt geheven
€ 255,00
Hoofdstuk 4 Verlenen en verlengen van grafrechten voor asbestemmingen en gedenkplaatsen 4.1
Voor het verlenen van een uitsluitend recht tot het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus of asurn voor een periode van 5 jaar, of een veelvoud van vijf jaar, met een maximum van 50 jaar, wordt geheven:
4.1.1
voor een asbus of asurn in of op een (particulier) graf, urnengraf, urnenkelder, urnenplaats of urnennis of het hebben van een particuliere gedenkplaats per 5 jaar
€ 150,00
4.2
Voor het verlenen van een uitsluitend recht tot het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus of asurn in een natuururnengraf wordt voor een periode van 50 jaar geheven
€1.500,00
4.3
Verlengen van grafrechten voor asbestemmingen en gedenkplaatsen
4.3.1
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaand artikel 4.1.1 voor een periode van 10 jaar wordt geheven 200 % van het tarief van 5 jaar
4.3.2
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaand artikel 4.1.1 voor een periode van maximaal 20 jaar wordt geheven 400 % van het tarief van 5 jaar
4.3.3
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaand artikel 4.2 voor een periode van 10 jaar wordt geheven 20 % van het tarief van 50 jaar
4.3.4
Voor het verlengen van grafrechten als bedoeld in bovenstaand artikel 4.2 voor een periode van maximaal 20 jaar wordt geheven 40 % van het tarief van 50 jaar
Hoofdstuk 5 Gedenktekens en grafbedekking 5.1
Voor het plaatsingsrecht van een herinneringsplaatje op een herdenkingsmonument wordt voor een periode van 10 jaar geheven
€ 142,00
5.2
Voor het plaatsingsrecht voor het plaatsen van een vlinder op een vlinderrots wordt voor een periode van 10 jaar geheven
€ 35,00
Hoofdstuk 6 Opgraven, schudden en ruimen 6.1
Voor het opgraven van een stoffelijk overschot:
6.1.1
van een overleden kind beneden 12 jaar wordt geheven
€
6.1.2
van een overledene van 12 jaar of ouder wordt geheven
€ 1.500,00
6.2
Voor het opnieuw begraven op dezelfde begraafplaats wordt geheven
€ 1.000,00
6.3
Indien voor het schudden van graven op de (delen van) begraafplaatsen genoemd in artikel 4 van de ‘nadere regels behorende bij de Beheerverordening gemeentelijke begraafplaatsen Súdwest-Fryslân 2025’ gebruik gemaakt wordt van een gespecialiseerd bedrijf, is het tarief
10
694,00
overeenkomstig het in rekening gebrachte bedrag door het gespecialiseerd bedrijf. Dit bedrag wordt voor het schudden meegedeeld. 6.4
Voor het opgraven of verwijderen van een asbus uit een particulier graf, urnengraf, urnenplaats of urnennis wordt geheven per asbus
€
110,00
Hoofdstuk 7 Onderhoud Voor het herstellen van verzakkingen wordt geheven bij niet reageren op aanschrijving
€
300,00
7.1
Verwijderen niet toegestane beplanting en voorwerpen bij of krachtens de nadere regels en de beheerverordening bij niet reageren op aanschrijving
€
100,00
7.2
Hoofdstuk 8 Administratiekosten 8.1
Voor het overboeken van een (particulier) graf, natuurgraf, urnengraf, urnenkelder, natuururnengraf, urnennis, urnengedenkplaats of gedenkplaats in een daartoe bestemd register, wordt geheven per overboeking
€
23,00
8.2
Voor andere administratieve wijzigingen wordt geheven per wijziging
€
23,00
Hoofdstuk 9 Bijzondere verrichtingen 9.1
Voor verrichtingen die niet zijn opgenomen in de verordening, waaronder opgraving door een gespecialiseerd bedrijf, is het tarief overeenkomstig de kosten die hiervoor zijn gemaakt. Dit bedrag wordt voor de verrichting meegedeeld.
Hoofdstuk 10 Rechten voor onderhoud Sneek 10.1
In die gevallen waarbij het graf in Sneek is uitgegeven of verlengd vóór 1 januari 2015 wordt, ter bestrijding van de kosten van algemeen onderhoud en instandhouding van de begraafplaats, inclusief het onderhoud van het graf, een jaarlijks recht geheven van:
10.1.1
voor een eigen graf
€
63,00
10.1.2
voor een familiegraf
€
99,00
10.1.3
voor een kindergraf
€
36,00
10.1.4
voor een graf op de urnentuin
€
36,00
10.2
Onder onderhoud van het graf wordt voor de toepassing van dit hoofdstuk niet verstaan herstelling of vernieuwing daarvan.
10.3
Het recht als bedoeld in artikel 10.1 kan bij vooruitbetaling worden voldaan voor ten hoogste het tijdvak waarvoor het graf is uitgegeven of bij verlenging is uitgegeven. Het recht per graf wordt dan bepaald op het product van het jaarlijks te betalen recht en het aantal kalenderjaren dat is overeengekomen.
Hoofdstuk 11 Rechten voor onderhoud in IJlst en Ypecolsga 11.1
In die gevallen waarbij het graf in IJlst en Ypecolsga is uitgegeven of verlengd vóór 1 januari 2015 wordt, ter bestrijding van de kosten van algemeen onderhoud en instandhouding van de begraafplaats een jaarlijks recht geheven van:
11
€
30,00
11.2
Het recht als bedoeld in artikel 11.1 kan bij vooruitbetaling worden voldaan voor ten hoogste het tijdvak waarvoor het graf is uitgegeven of bij verlenging is uitgegeven. Het recht per graf wordt dan bepaald op het product van het jaarlijks te betalen recht en het aantal kalenderjaren dat is overeengekomen.
Behorende bij het raadsbesluit van 12 juni 2025, De griffier,
12