CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024

Raadsvergadering 23 november 2023, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: ‘Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024’1.842 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ons nummer: R23.000117

*R23.000117* BLANCOCaseKlantCodeCaseKlantSoort

Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Adviseur

Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024 23 november 2023 geen geen Jannewietske de Vries Griffie Scholte Hobma

Voorstel: Vast te stellen de Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024. Samenvatting: In de raadsvergadering van 13 april 2023 zijn de leden van de rekenkamer herbenoemd, omdat de benoeming van de huidige leden van de rekenkamer op 1 januari 2024 afloopt. Verder werd in het raadsbesluit meegenomen om de griffie de opdracht te geven de hoogte van de geldelijke vergoedingen van de rekenkamer opnieuw te bekijken en het fractievoorzittersoverleg hierover te informeren. In dit voorstel wordt een voorstel gedaan om de geldelijke vergoedingen van de rekenkamer aan te passen. Daarbij is, op basis van de Wet versterking decentrale rekenkamers en de nieuwe (2023) model Verordening gemeentelijke rekenkamer van de VNG, de verordening uit 2011 geactualiseerd. Argumenten: - Vanaf 2011 is er geen wijziging geweest in de vaste vergoeding per vergadering, vergoeding van eigen onderzoek per uur en het totale budget zoals vastgesteld in de verordening van 2011. De bedragen zijn in de loop van de jaren ook niet geïndexeerd. Het is dan ook goed dat deze bedragen tegen het licht zijn gehouden. - Voor het wijzigen van de vergoedingen dient deze verordening te worden aangepast. Gezien er n.a.v. de Wet versterking decentrale rekenkamers een nieuwe model Verordening gemeentelijke rekenkamer van de VNG is gepubliceerd (maart 2023), wordt dit model gebruikt voor de nieuwe verordening.

Risico’s: Er zijn geen financiële risico's omdat er ruimte binnen het huidige budget van de rekenkamer is om de wijzigingen van de vergoedingen op te vangen. Verder brengt het niet actualiseren van deze verordening geen juridische risico's met zich mee. Gezien de verordening voor het wijzigen van de vergoedingen aangepast dient te worden en er een nieuwe model verordening voor de rekenkamer is (maart 2023) is het verstandig om deze nu te actualiseren. Financiën: Het aanpassen van de vaste vergoeding en de vergoeding van eigen onderzoek per uur kan binnen het huidige budget van de rekenkamer worden opgevangen. Wettelijke basis: - Artikel 81k van de Gemeentewet - Wet versterken decentrale rekenkamers (1 januari 2023)

1

Wie zijn betrokken: Presidium, Fractievoorzittersoverleg en team Juridische en Veiligheidszaken Digitale links naar informatiebronnen: In welke fase: Besluitvormend Planning vervolg in de raad/LTA: Geen Bijlage(n): 1. Raadsvoorstel ’Herbenoeming leden rekenkamer’ d.d. 13 april 2023. 2. Raadsvoorstel ‘Instellen rekenkamer en vaststellen Verordening vergoeding leden rekenkamer’ d.d. 26 mei 2011 De griffier,

G. Stegenga

2

Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024 De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van het Fractievoorzittersoverleg; gelet op artikel 81k van de Gemeentewet en de Wet versterken decentrale rekenkamers; besluit: vast te stellen de Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024 Artikel 1. Definities In deze verordening wordt verstaan onder: · rekenkamer: gemeentelijke rekenkamer als bedoeld in artikel 81a van de Gemeentewet; · voorzitter: voorzitter van de rekenkamer. Artikel 2. Rekenkamer 1. Er is een rekenkamer. 2. De rekenkamer bestaat uit 3 leden, waaronder een voorzitter. Artikel 3. Benoeming 1. De leden en de voorzitter worden benoemd voor een periode van zes jaar. 2. De leden en de voorzitter kunnen maximaal één keer worden herbenoemd voor een periode van zes jaar. Artikel 4 Ambtelijke ondersteuning 1. De rekenkamer kan worden bijgestaan door een secretaris. 2. Een medewerker van de griffie kan (op voordracht van de rekenkamer) door de raad benoemd worden als secretaris van de rekenkamer. Artikel 5. Budget De voorzitter van de rekenkamer is bevoegd binnen zijn budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de werkzaamheden van de rekenkamer. Artikel 6. Vergoeding 1. De leden van de rekenkamer ontvangen voor hun werkzaamheden een vaste, maandelijkse vergoeding. 2. De vaste, maandelijkse vergoeding bedraagt: .

voor de voorzitter 30% van het bedrag genoemd in artikel 3.1.1. (inwonersklasse 6) van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdrager; . voor de overige leden 25% van het bedrag genoemd in artikel 3.1.1. (inwonersklasse 6) van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdrager. 3. Voor het doen van onderzoek wordt aan een lid van de rekenkamer een vergoeding van € 95,00 per uur toegekend. 4. Voor woon-werkverkeer, worden bij gebruik van openbaar vervoer de daarvoor gemaakte kosten vergoed. Indien de leden gebruik maken van eigen vervoer wordt als tegemoetkoming een bedrag verstrekt conform de gemeentelijke vergoeding voor dienstreizen en worden parkeerkosten vergoed. 5. De vergoedingen worden per kwartaal verstrekt op declaratiebasis. De declaraties worden ondertekend ingediend bij de griffie en bevatten een overzicht van het aantal vergaderingen, aantal uren en gemaakte reizen en een toelichting daarop. 6. De vergoedingen komen ten laste van het budget van de rekenkamer. Artikel 7. Slotbepalingen 1. De Verordening regelende de toekenning van een vergoeding voor de werkzaamheden en een tegemoetkoming in kosten aan de leden van de rekenkamer wordt ingetrokken.

3

2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2024. 3. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening gemeentelijke rekenkamer Súdwest-Fryslân 2024.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 november 2023

mr. drs. J.A. de Vries

G.W. Stegenga

4

, voorzitter.

, griffier.

Toelichting Algemeen Deze modelverordening is een aanvulling op hetgeen in de Gemeentewet is opgenomen over de gemeentelijke rekenkamer. Zie de tekst van de Gemeentewet, zoals op 1 januari 2023 gewijzigd door de Wet versterking decentrale rekenkamers, hoofdstukken IVa (De rekenkamer) en XIa (De bevoegdheid van de rekenkamer). De raad moet een onafhankelijke rekenkamer instellen. Zie artikel 81a van de Gemeentewet. Deze verplichting geldt vanaf 1 januari 2023, met een overgangstermijn van een jaar, dus uiterlijk 1 januari 2024 moet de raad een rekenkamer hebben ingesteld. Daarnaast moet de raad op grond van artikel 81k van de Gemeentewet een verordening opstellen voor een vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer en een tegemoetkoming in hun kosten. Voorts mag de raad op grond van artikel 149 van de Gemeentewet aanvullende regels stellen in het belang van de gemeente en met inachtneming van de wet. De rekenkamer moet een reglement van orde voor haar werkzaamheden vaststellen (artikel 81i van de Gemeentewet). Artikelsgewijs Enkel die bepalingen die verdere toelichting behoeven, worden hieronder nader toegelicht. Artikel 2. Rekenkamer In het eerste lid stelt de raad de rekenkamer in. Dit is een wettelijke verplichting (artikel 81a van de Gemeentewet). [Artikel 3.

Klankbordgroep Rekenkamers hebben in de praktijk soms behoefte om informatie in te winnen bij een afvaardiging van de raad. Voor vragen als wat leeft er binnen de raad en hoe is de organisatie van de raad geregeld. Ook bestaat soms behoefte om organisatorische wijzigingen binnen de rekenkamer of veranderingen in het rekenkamerbudget te bespreken. De raad kan een klankbordgroep (of andere benaming) instellen die fungeert als het aanspreekpunt voor de rekenkamer. Ook is het mogelijk een al ingesteld gremium, zoals een auditcommissie, als aanspreekpunt aan te wijzen. De raad kan zelf het aantal leden en de taken van de klankbordgroep bepalen, maar is niet verplicht een klankbordgroep in te stellen. Hij kan het bijvoorbeeld ook aan de rekenkamer overlaten.] Artikel 4 Herbenoeming De leden van de rekenkamer worden door de raad benoemd en kunnen door de raad ook worden herbenoemd (artikel 81c, eerste en vierde lid, van de Gemeentewet). De benoemingstermijn is wettelijk op zes jaar vastgesteld. Een te korte benoemingsperiode kan de onafhankelijkheid in gevaar brengen, omdat de vraag ‘word ik wel herbenoemd’ dan al te snel weer wordt gevoeld. Voordeel van deze termijn is ook dat over benoeming en herbenoeming in het gewone geval steeds door twee verschillend samengestelde raden wordt beslist.

Voorts draagt het feit dat benoeming plaatsvindt na overleg met de rekenkamer ertoe bij dat de leden primair op grond van deskundigheid worden benoemd (artikel 81c, vijfde lid). In de praktijk zal na verloop van tijd door tussentijds aftreden vanzelf de situatie ontstaan dat niet steeds de gehele rekenkamer opnieuw moet worden benoemd. Dit komt de continuïteit en de onafhankelijkheid van de rekenkamer ten goede. Zie Kamerstukken 27 751, nr. 3, p. 68. Artikel 5. Ambtelijke ondersteuning In de Gemeentewet is geregeld dat burgemeester en wethouders op voordracht van de voorzitter of het enige lid van de rekenkamer besluit tot het aangaan van arbeidsovereenkomsten met zoveel ambtenaren van de rekenkamer als nodig zijn voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j, tweede lid). De ambtenaren die werkzaamheden verrichten voor de rekenkamer, verrichten niet tevens werkzaamheden voor een ander orgaan van de gemeente, met uitzondering van de op de griffie werkzame ambtenaren (artikel 81j, derde lid). Dit betekent dat griffiemedewerkers deels voor de griffie en deels voor de rekenkamer kunnen werken. Vanwege de onafhankelijke positie van de rekenkamer zijn de ambtenaren, inclusief dus de griffiemedewerkers,

5

voor werkzaamheden voor de rekenkamer uitsluitend verantwoording schuldig aan de rekenkamer (artikel 81j, vierde lid). Dit artikel voorziet in het benoemen van een secretaris en plaatsvervangend secretaris(sen) voor de rekenkamer. Artikel 6. Budget De raad moet de rekenkamer de nodige middelen ter beschikking stellen voor een goede uitoefening van haar werkzaamheden (artikel 81j van de Gemeentewet). Dit omvat de totale kosten van de rekenkamer en alle overige kosten voor de uitvoering van de taken. Artikel 7. Vergoeding De leden van de rekenkamer ontvangen een bij verordening van de raad vastgestelde vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten (artikel 81k van de Gemeentewet). [Artikel 8. Monitoring aanbevelingen Volgens artikel 185a van de Gemeentewet moet het college jaarlijks aan de raad een overzicht sturen van de aan het college gedane voorstellen van de rekenkamer, vergezeld van zijn standpunt daaromtrent en van de wijze waarop aan de voorstellen vervolg is gegeven. Niet alle voorstellen, of meestal aanbevelingen genoemd, zijn voor wat betreft de uitvoering de verantwoordelijkheid van het college. Er zijn ook aanbevelingen die de raad zelf moet uitvoeren.

Om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de status van alle aanbevelingen uit de rekenkamerrapporten, kan de raad ervoor kiezen om de griffie jaarlijks ook een overzicht op te laten stellen met de status van de aanbevelingen die aan de raad zijn gericht, door de raad zijn overgenomen en door de raad zelf moeten worden uitgevoerd. Dit kan de raad helpen om een overzicht te behouden van de overgenomen aanbevelingen en de status hiervan.] [Artikel 9. Slotbepalingen Het eerste lid is facultatief, omdat dit alleen voor gemeenten geldt die voor de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers al een rekenkamer hadden. En dus niet voor rekenkamercommissies, daarvoor is geen overgangsrecht mogelijk omdat vanaf 1 januari 2023 de wettelijke plicht geldt om een onafhankelijke rekenkamer in te stellen. Het eerste lid zorgt ervoor dat besluiten genomen vóór de inwerkingtreding van de Wet versterking decentrale rekenkamers hun rechtskracht behouden als de constructie van rekenkamers wijzigt als gevolg van deze wet. Voorbeelden van dergelijke besluiten zijn het raadsbesluit tot instellen van de rekenkamer en besluiten tot benoeming en herbenoeming van [het lid OF de leden of voorzitter] van de rekenkamer.

Deze bepaling voorkomt daarmee dat bestaande rekenkamers opnieuw moeten worden ingesteld en dat daarmee de zittingstermijnen van de zittende leden weer bij nul beginnen terwijl wellicht de gemeente een maximum aantal zittingstermijnen heeft.]

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13463888/1