Raadsvoorstel - Verordening Bijdrageregeling Minima 2024
Tekst van het document
Ons nummer: R23.000221 *R23.000221* BLANCOCaseKlantCodeCaseKlantSoort Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Adviseur
Vaststellen Verordening Bijdrageregeling Minima 2024 26 september 2024 Boarger en Mienskip 11 september 2024 Marianne Poelman Integraal Beheer Sociaal Domein Marloes Huizinga
Voorstel: Vaststellen nieuwe Verordening Bijdrageregeling Minima 2024. Samenvatting: De gemeente Súdwest-Fryslân werkt al enige tijd aan het efficiënter en effectiever uitvoeren van de bijzondere bijstand en de gemeentelijke minimaregelingen. Het hele traject van aanvragen tot beschikken en uitbetalen wordt daarbij doorlopend onderzocht en geanalyseerd en daar waar mogelijk worden aanpassingen gedaan en verbeteringen doorgevoerd. Dit alles heeft als doel de toegankelijkheid (simpeler om aan te vragen) en het gebruik van deze inkomensondersteunende maatregelen te verhogen en de uitvoeringskosten te verlagen. Het afgelopen jaar is het grootste deel van alle inkomensondersteunende regelingen die binnen het Sociaal Domein worden uitgevoerd geactualiseerd. Met het voorstel, genaamd wegwijzer naar eenvoud en succes (bijlage 1 bij dit stuk), willen we nog een stap verder gaan. De afgelopen maanden hebben we onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor het ambtshalve toekennen van aanvragen Minima aan inwoners die een uitkering op grond van de Participatiewet van de gemeente ontvangen. Tevens hebben we de afgelopen maanden onderzocht of het wenselijk is om in de Verordening Bijdrageregeling Minima het jaarlijks indexeren van de bedragen van de financiële bijdrage op te nemen.
Dit hebben we uitgewerkt in een memo indexeren Verordeningen Bijdrageregeling Minima en individuele inkomenstoeslag (bijlage 2 bij dit stuk). Ambtshalve toekennen Wat is ambtshalve toekennen? Ambtshalve toekennen is het automatisch toekennen van bepaalde rechten, voordelen, of erkenningen door een bevoegde instantie, zonder dat de betrokken inwoner een formele aanvraag hoeft in te dienen. Dit is het geval wanneer een overheidsinstantie op basis van beschikbare informatie besluit om bepaalde voordelen of rechten toe te kennen aan een inwoner, zonder dat die inwoner expliciet om die toekenning heeft gevraagd. Het doel hiervan is om administratieve processen te stroomlijnen en ervoor te zorgen dat mensen krijgen waar ze recht op hebben zonder onnodige bureaucratie. Het proces van ambtshalve toekennen is bedoeld om zowel de dienstverlening te verbeteren als de last voor onze inwoners te verminderen door hen te ontlasten van het indienen van onnodig papierwerk en bewijsstukken. Welke aanvragen lenen zich voor ambtshalve toekenning? Aanvragen die zich lenen voor ambtshalve en/of doorlopende toekenning zijn die waarbij de persoonlijke omstandigheden van de aanvrager redelijk stabiel zijn en er weinig veranderingen te verwachten zijn gedurende een bepaalde periode. Hierbij kan gedacht worden aan inwoners die al (langere tijd) een uitkering levensonderhoud van de gemeente ontvangen.
Op dit moment is de financiële bijdrage uit de Verordening Bijdrageregeling Minima hiervoor een bij uitstek geschikte
1
regeling. Om dit te kunnen uitvoeren is in de Verordening in artikel 2 een nieuw lid (2) toegevoegd waarin de mogelijkheid tot ambtshalve toekennen is opgenomen. Indexeren Wat is indexeren? Indexeren is het aanpassen van bedragen aan veranderingen in inflatie. Het doel van indexeren is ervoor te zorgen dat de koopkracht of waarde van het geld behouden blijft in de loop van de tijd. Wanneer bedragen worden geïndexeerd, worden ze periodiek aangepast op basis van de veranderingen in een index. Een index is een maatstaf die veranderingen in een bepaalde variabele volgt, zoals prijzen of lonen. Team Financiën stelt dat de gemeentebreed meest gebruikte index voor het aanpassen van bedragen aan inflatie het bruto binnenlands product (BBP) is. Deze index meet de gemiddelde verandering in prijzen en diensten die representatief zijn voor de consumptiepatronen van huishoudens. Als de index stijgt, worden de bedragen verhoogd om gelijke tred te houden met de inflatie en andersom. Dit proces helpt ervoor te zorgen dat de koopkracht van geld behouden blijft waardoor inwoners dezelfde hoeveelheid goederen en diensten kunnen kopen ondanks de prijsstijgingen. Indexering wordt vaak toegepast op verschillende aspecten van de economie, zoals bijvoorbeeld lonen, pensioenen, sociale uitkeringen en belastingtarieven.
Het is een belangrijk instrument voor het handhaven van de stabiliteit en eerlijkheid in economische systemen. Binnen het sociaal domein van de gemeente vinden er op veel fronten indexeringen plaats. Denk bijvoorbeeld aan het tweejaarlijks indexeren van de uitkeringen (landelijk). Een aantal regelingen en bedragen wordt jaarlijks geïndexeerd en een aantal wordt niet geïndexeerd. Een aantal jaren geleden, toen het economisch wat minder ging, is besloten de Bijdrageregeling Minima niet meer te indexeren. Deze regeling is uitgewerkt in een Verordening en de mogelijkheid tot indexeren is hierin vanaf dat moment niet meer opgenomen/vastgelegd. Bij de actualisatie van de begroting vorig jaar is door de raad (door middel van een amendement) de aandacht gevraagd voor het jaarlijks indexeren van de Bijdrageregeling Minima en de individuele inkomenstoeslag. Vanuit het college is toen de toezegging gedaan om dit te gaan onderzoeken. Dat heeft geleid tot dit voorstel waarin aan de Verordening een nieuw artikel 7 is toegevoegd waarin de indexering is opgenomen. Omdat zowel voor ambtshalve toekenning als voor indexering van de Bijdrageregeling Minima een wijziging van de Verordening noodzakelijk is, wordt het geheel ter besluitvorming aangeboden aan de raad. Argumenten: Het ambtshalve toekennen van aanvragen biedt veel voordelen: 1.
Vereenvoudiging van het aanvraagproces Ambtshalve en/of doorlopend toekennen vermindert de administratieve lasten voor inwoners. Ze hoeven niet langer een aparte aanvraag hoeven in te dienen voor elk recht of elke voorziening waarvoor ze in aanmerking komen. 2. Voorkomen van gemiste kansen Sommige inwoners zijn zich niet bewust van de rechten en voorzieningen waarvoor ze in aanmerking komen of aarzelen een aanvraag in te dienen. Ambtshalve en/of doorlopend toekennen zorgt ervoor dat ze niet worden uitgesloten van voordelen waar ze recht op hebben. 3. Vermindering van ongelijkheid Ambtshalve en/of doorlopend toekennen kan helpen ongelijkheid te verminderen. Het voorkomt dat inwoners die minder goed geïnformeerd zijn, bepaalde voordelen missen. 4. Tijdige toegang tot ondersteuning Ambtshalve en/of doorlopend toekennen zorgt ervoor dat inwoners snel toegang krijgen tot de benodigde ondersteuning, zonder vertragingen veroorzaakt door het indienen en verwerken van aanvragen. 5. Minder administratieve fouten Door ambtshalve toe te kennen op basis van beschikbare gegevens, is er minder ruimte voor menselijke fouten bij het indienen en beoordelen van aanvragen. Dit geldt zowel voor de inwoners als de uitvoerende medewerkers in de gemeente. 6. Efficiënt gebruik van gegevens
2
Door bestaande gegevens en informatie te gebruiken, kunnen ambtshalve en/of doorlopende toekenningen sneller en nauwkeuriger worden uitgevoerd. 7. Verhoogde deelnamegraad Inwoners kunnen terughoudend zijn een aanvraag in te dienen vanwege privacy. Ambtshalve toekennen kan de deelnamegraad verhogen, omdat geen persoonlijke informatie hoeft te worden verstrekt. 8. Focus op complexe gevallen Door ambtshalve en/of doorlopend toe te kennen kunnen eenvoudige aanvragen automatisch verwerkt worden. Daardoor kunnen tijd en middelen worden ingezet voor complexere gevallen die meer aandacht en beoordeling vereisen. 9. Verbeterde inwoner tevredenheid Snelle en automatische toekenning van voordelen kan leiden tot een grotere tevredenheid, omdat mensen het gevoel hebben dat hun behoeften snel en effectief worden aangepakt. Het jaarlijks indexeren van de minimaregeling heeft ook een aantal voordelen. Zo stelt het de gemeente in staat om de bedragen mee te laten lopen met de inflatie van dat moment. Dit zorgt ervoor dat de koopkracht van de inwoners die een beroep doen op deze regelingen behouden blijft. Zonder indexering kunnen de bedragen na verloop van tijd minder waard worden. Daarnaast kan indexeren bijdragen aan de gelijkheid en rechtvaardigheid.
Als de totale kosten van levensonderhoud voor inwoners jaarlijks stijgen, is het ook redelijk dat de minimaregelingen in lijn blijven met deze stijging. Ook kan indexeren het gebruik van de regelingen verhogen, omdat het daadwerkelijk iets kan bijdragen aan de koopkracht. Ook biedt indexering een zekere mate van voorspelbaarheid. Inwoners kunnen redelijkerwijs verwachten hoe bedragen zich in de toekomst zullen ontwikkelen wat kan helpen bij het plannen van financiële zaken op de lange(re) termijn. Risico’s: Wat zijn de risico’s bij ambtshalve toekennen? Het is belangrijk op te merken dat een ambtshalve toekenning niet voor elke situatie geschikt is. Sommige situaties kunnen veranderingen met zich meebrengen die van invloed kunnen zijn op de rechtmatigheid van de aanvraag. Daarom moeten gemeenten zorgvuldig afwegen welke aanvragen in aanmerking komen voor ambtshalve toekenning en regelmatig monitoren of de rechtmatigheid nog steeds van toepassing is. We kiezen in eerste instantie alleen voor die aanvragen waarbij de persoonlijke omstandigheden van de aanvrager redelijk stabiel zijn en er weinig veranderingen te verwachten zijn gedurende een bepaalde periode. Hierbij kan gedacht worden aan inwoners die al (langere tijd) een uitkering levensonderhoud van de gemeente ontvangen.
Op dit moment is de financiële bijdrage uit de Verordening Bijdrageregeling Minima hiervoor een bij uitstek geschikte regeling. Het risico bij inwoners die een uitkering van de gemeente ontvangen is klein(er), omdat we deze inwoners al in beeld hebben. Daarnaast komen er bij wijzigingen in inkomens- en vermogenssituaties signalen vanuit het inlichtingenbureau op basis waarvan het nodig kan zijn een onderzoek in te stellen. Daarnaast dient de werkwijze uitgewerkt te worden in het proces en in werkinstructies om de risico’s zoveel mogelijk te minimaliseren. Wat zijn de risico’s van het indexeren van minimaregelingen? Het jaarlijks indexeren van minimaregelingen kan leiden tot extra financiële druk voor de gemeente. Als de kosten van levensonderhoud namelijk sneller stijgen dan de algehele economische groei, dan kan dit leiden tot behoorlijk hogere uitgaven binnen het sociaal domein door indexering. Daarnaast moeten de minimaregelingen dan wel up-to-date gehouden worden. Artikel 7 van de nieuwe Verordening voorziet daarin en maakt het mogelijk de jaarlijkse aanpassingen na indexatie, doelmatig zonder overbodige administratieve lasten, in de verordening te verwerken. Ook kan indexeren een ontmoedigend effect hebben op mensen om zelfredzaam te zijn.
Sommigen inwoners kunnen er voor kiezen om afhankelijk te blijven van steun in plaats van actief te zoeken naar manieren om hun eigen situatie te verbeteren. Financiën: De Verordening Bijdrageregeling Minima valt onder de kostenpost Minima. Bij het ambtshalve toekennen van de Bijdrageregeling Minima is het de verwachting dat er meer aanvragen toegekend zullen worden. Niet iedereen die nu een uitkering op grond van de Participatiewet ontvangt heeft een aanvraag op grond van de Bijdrageregeling Minima gedaan. Deze groep wordt wel meegenomen bij de ambtshalve toekenning. De kosten voor deze regeling kunnen hierdoor aanzienlijk gaan stijgen.
3
In samenwerking met Financiën is een financiële uitwerking gemaakt (de volledige uitwerking hiervan is opgenomen in bijlage 3). Omdat deze uitwerking ook verband houdt met het raadsvoorstel van 26 september 2024 betreffende de indexering van de individuele inkomenstoeslag (case 24.00023), is dit hieronder ook meegenomen in de totale berekening van de kosten. De gehanteerde bestuurlijke uitgangspunten bij deze uitwerking zijn: • Reken het scenario door bij het bereiken van het maximale potentieel • Reken een scenario als ingroeimodel op basis van realistische groei • In de begroting 2025 indexatie toepassen. Hiervoor is om aansluiting te houden met de begroting SWF de BBP indexatie van 3% toegepast. In onderstaande tabel worden de nog te dekken extra kosten die ontstaan door ambtshalve toekennen/indexeren op basis van realistische groei voor minimaregelingen en de individuele inkomenstoeslag afgezet.
Verhogen gebruik regelingen
Prognose Prognose Prognose 2024 2025 2026
STELPOST Verhogen gebruik regelingen
500.000
500.000
500.000
-135.000
-192.250
-192.250
-172.500
-299.800
-299.800
192.500
7.950
7.950
Meerkosten Minimaregelingen obv realistische groei Meerkosten individuele inkomenstoeslag obv realistische groei Nog beschikbaar uit de stelpost
Op basis van bovenstaande is de conclusie: • De groei van aantal gebruikers monitoren voor actualisatie van de begroting voor 2026 • De meerkosten kunnen we nog bekostigen op basis van de realistische groei van aantallen • Het maximaal potentieel kunnen we niet bekostigen uit de stelpost en presenteert een tekort van € 585.000. N.B. Bij dit laatste punt dient wel de kanttekening te worden gemaakt dat het bereiken van het maximaal potentieel geen realistisch scenario is. Het is niet aannemelijk dat we 100% bereikbaarheid gaan halen. Mocht het maximaal potentieel in de toekomst wel realistisch dreigen te worden, dan zien we dat als een zeer positieve ontwikkeling en komen we bij de raad terug met een voorstel. Andere opties: Het is ook mogelijk de Verordening bijdrageregeling Minima 2023 niet te wijzigen en af te zien van de mogelijkheden voor het indexeren en ambtshalve toekennen. Wettelijke basis: Artikel 149 van de Gemeentewet. Global Goals: Armoede tegengaan Wie zijn betrokken: Inwoners, teams Sociaal Domein, KCC, Financiën, Communicatie, JVZ en Cliëntenraad Werk en Inkomen. Het advies van de Cliëntenraad is in de bijlage bijgevoegd. Wijze van participatie: Informeren, raadplegen, co-creatie.
In verschillende bijeenkomsten met de Cliëntenraad, onze inwoners en vanuit SWF Tichtby zijn de onderwerpen bereikbaarheid/toegankelijkheid (van de regelingen) en de indexering meerdere malen aangedragen en besproken. We willen als gemeente onze inwoners hierbij zoveel mogelijk faciliteren. Het ambtshalve/doorlopend toekennen wordt door alle partijen als een goede oplossing gezien voor het verhogen van de bereikbaarheid. Het
4
indexeren draagt daarnaast bij aan het verhogen van het gebruik van de regelingen, omdat het daadwerkelijk iets kan bijdragen aan de koopkracht. Digitale links naar informatiebronnen: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR693928/1 In welke fase: Realisatie/uitvoering Planning vervolg in de raad/LTA: Aangemeld. Bijlage(n): 1. Memo Wegwijzer naar eenvoud en succes. 2. Memo Indexeren verordeningen Minima en Individuele Inkomenstoeslag. 3. Financiële uitwerking Bereik Minima en IIT (inclusief indexering). 4. Verordening Bijdrageregeling Minima (huidig). 5. Reactie op gevraagd advies Cliëntenraad ambtshalve toekennen. 6. Reactie op gevraagd advies Cliëntenraad indexeren regelingen.
5
Verordening Bijdrageregeling Minima 2024 gemeente Súdwest-Fryslân De raad van de gemeente Súdwest-Fryslân; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 25 juni 2024; gelet op artikel 149 van de Gemeentewet; heeft overwogen dat: • de gemeente Súdwest-Fryslân al enige tijd werkt aan het efficiënter en effectiever uitvoeren van de bijzondere bijstand en de gemeentelijke minimaregelingen; • in verband hiermee de mogelijkheden zijn onderzocht voor het ambtshalve toekennen van aanvragen aan inwoners die een uitkering ontvangen; • in verband hiermee de mogelijkheden zijn onderzocht voor het jaarlijks indexeren van de bedragen van de financiële bijdrage; • het gewenst is deze mogelijkheden te benutten en te verwerken in een nieuwe Verordening Bijdrageregeling Minima 2024; besluit: vast te stellen de Verordening bijdrageregeling minima 2024 gemeente Súdwest-Fryslân Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Alle begrippen in deze verordening die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. 2. In deze verordening wordt verstaan onder: a. Ambtshalve toekennen: het toekennen van een (financiële) bijdrage zonder dat er een aanvraag aan ten grondslag ligt; b. bijdrage: een financiële vergoeding of een verstrekking in natura; c. college: het college van burgemeester en wethouders; d.
sociaal minimum: de op de leef- en woonsituatie van toepassing zijnde bijstandsnorm vastgesteld overeenkomstig de bepalingen in hoofdstuk 3 van de Participatiewet. Er wordt geen rekening gehouden met de kostendelersnorm. Artikel 2 Indienen verzoek 1. Een verzoek om een vergoeding of een verstrekking wordt ingediend door middel van een door het college vastgesteld (digitaal) aanvraagformulier. 2. In afwijking van lid 1 wordt de vergoeding voor kosten als vermeld in artikel 4 lid 1 van deze Verordening ambtshalve verstrekt aan de volgende doelgroepen: a. Inwoners met een periodieke uitkering voor levensonderhoud van de gemeente (PW, Bbz, IOAW of IOAZ); 3. Degene die een verzoek indient hoeft geen inkomensgegevens in te leveren indien hij/zij: a. een periodieke uitkering van de gemeente ontvangt; b. uitsluitend een AOW-uitkering ontvangt (zonder pensioen); c. uitsluitend een Wajong- uitkering ontvangt; d. uitsluitend een Anw-uitkering ontvangt; e. een toeslag ontvangt op grond van de Toeslagenwet. Artikel 3 Uitsluitingsgrond 1. Geen recht op een bijdrage heeft de persoon die onderwijs volgt waarvoor studiefinanciering als bedoeld in artikel 3.1, eerste of tweede lid, van de Wet studiefinanciering 2000 of hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten kan worden verstrekt. 2.
Betreft de aanvraag een ten laste komend kind, of een pleegkind waarvoor geen pleegzorgvergoeding wordt ontvangen, dan kan voor dit kind wel een bijdrage worden verkregen. Artikel 4 Vergoedingen en verstrekkingen 1. Voor de volgende kosten kan een vergoeding worden verstrekt: a. aanschaf entreekaarten voor sociaal-culturele en/of sportieve activiteiten;
6
b. gebruik van het openbaar vervoer naar activiteiten als bedoeld onder a; c. contributie voor sociaal-culturele en/of sportieve activiteiten; d. aanschaf van sportattributen en fietsonderhoud; e. abonnement televisie, krant en internet; f. aanschaf van een identiteitskaart of paspoort. 2. Voor de volgende kosten kan een verstrekking in natura worden gedaan: a. volgen van zwemlessen voor het behalen van diploma A, B en C, voor kinderen vanaf 5 tot en met 17 jaar. De kosten worden rechtstreeks aan een zwembad vergoed; b. een voor het voortgezet onderwijs noodzakelijke laptop voor schoolgaande kinderen tot 18 jaar. Een laptop kan per gezin eens in de drie jaar worden verstrekt. Artikel 5 Recht op bijdrage De alleenstaande of de leden van het gezin komen in aanmerking voor een bijdrage, als voldaan is aan de volgende voorwaarden: a. de persoon voor wie de bijdrage wordt aangevraagd is op de datum van het verzoek alsmede in de maand voorafgaand aan de aanvraagdatum woonachtig in de gemeente SúdwestFryslân en is aldaar ingeschreven in de Basisregistratie Personen; b. 1. het inkomen is in de maand die voorafgaat aan de aanvraag minder dan 120% van het sociaal minimum; 2. de alleenstaande of gezin heeft een lager besteedbaar inkomen dan 120% van het sociaal minimum als gevolg van het aflossen van schulden.
Het moet hierbij gaan om het aflossen van schulden als gevolg van beslag op inkomen, deelname aan een minnelijke schuldregeling natuurlijke personen (Msnp) of deelname aan een wettelijke schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp); c. het verzoek om een bijdrage wordt ingediend tijdens het kalenderjaar waarin de kosten zijn gemaakt. Artikel 6 Hoogte van de vergoeding 1. Het college verleent per jaar een vergoeding voor de kosten, genoemd in artikel 4, eerste lid. 2. De gemaakte kosten worden volledig vergoed tot een maximum van € 125,00 per jaar per meerderjarige en tot een maximum van € 350,00 per jaar voor een ten laste komend kind, of een pleegkind waarvoor geen pleegzorgvergoeding wordt ontvangen. Artikel 7 Indexatie 1. De maximale bijdrage van de vergoeding in artikel 6 lid 2 wordt met ingang van 1 januari 2025 elk kalenderjaar geïndexeerd conform het gemeentebreed gehanteerde inflatiepercentage op basis van het Bruto Binnenlands Product (bbp). Het indexatiepercentage wordt vastgesteld conform de bbp-systematiek, zoals jaarlijks gepubliceerd in de Meicirculaire gemeentefonds. 2. De geïndexeerde vergoeding wordt naar boven afgerond op hele euro’s. 3. Het college stelt jaarlijks na indexatie de hoogte van de vergoeding voor dat jaar vast en maakt deze bedragen bekend in het Gemeenteblad.
De bedragen worden tevens verwerkt in artikel 6, lid 2, door consolidatie van deze verordening. Artikel 8 Bewijsstukken 1. Belanghebbende is verplicht om op verzoek van het college bewijsstukken te verstrekken. 2. Van zelfstandige ondernemers kan gevraagd worden een boekhoudverslag van het jaar voorafgaand aan de aanvraag te overleggen. 3. De periode vermeld in de beschikking geldt als bewaartermijn van bewijsstukken. 4. Het college kan steekproefsgewijs de juistheid van de verstrekte gegevens achteraf controleren. 5. Indien de belanghebbende de gevraagde bewijsstukken niet verstrekt, kan het college de toegekende vergoeding terugvorderen. Artikel 9 Nadere regels Het college kan nadere regels stellen in het belang van de uitvoering van de verordening.
7
Artikel 10 Onvoorziene gevallen Het college kan in die gevallen waarin deze verordening niet voorziet op grond van individuele bijzondere omstandigheden een bijdrage verlenen in geval een strikte toepassing van de verordening zou leiden tot onbillijkheid. Artikel 11 Intrekking De Verordening Bijdrageregeling Minima 2023 gemeente Súdwest-Fryslân wordt met ingang van 1 januari 2024 ingetrokken. Artikel 12 Inwerkingtreding Deze Verordening treedt in werking op de dag volgend op de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2024. Artikel 13 Citeertitel Deze regeling kan worden aangehaald als: Verordening Bijdrageregeling Minima 2024 gemeente Súdwest-Fryslân. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 september 2024
mr. drs. J.A. de Vries
, voorzitter.
G.W. Stegenga , griffier.
8