Raadsvoorstel - Oprichting Gemeentelijk Energiebedrijf
Tekst van het document
Ons nummer: R24.000166
*R24.000166*
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Behandelend team : Portefeuillehouder : Raadscommissie : Raadscommissie d.d. : Raadsvergadering :
Ruimtelijke Ontwikkeling Henk de Boer Bestjoer en Finânsjes 5 december 2024 19 december 2024
Onderwerp
Oprichting Gemeentelijk Energiebedrijf
:
Raadsvoorstel: a. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college tot het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf dat voldoet aan de leidende principes (vanuit het Burgerforum SWF) en rekening houdend met de marktordening van het wetvoorstel Wet collectieve warmte (WcW); b. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om voor het gemeentelijk energiebedrijf twee besloten vennootschappen op te richten, een holding BV (werknaam Energiebedrijf SWF) met een gemeentelijk warmte ontwikkelbedrijf als dochtervennootschap en werkmaatschappij (fase 1); c. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen om in fase 2 (indirect) deel te nemen in de door holding BV op te richten dochtervennootschappen en werkmaatschappijen ten behoeve van het gemeentelijk energiebedrijf; d. Kennis te nemen van de notitie "Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf". Samenvatting: Súdwest-Fryslân krijgt de warmtetransitie hoogst waarschijnlijk niet voor elkaar zonder kleinschalige warmtenetten in een groot deel van de woonkernen. In lijn met - de geest en letter van - de nieuwe wetgeving aangaande de warmtetransitie is een gemeentelijke energiebedrijf vervolgens de aangewezen rechtsvorm voor het realiseren van warmtenetten op basis van het wettelijk geëist publiek meerderheidsbelang.
Naar verwachting zal het gemeentelijk energiebedrijf op veel plekken het aangewezen warmtebedrijf moeten worden, omdat de haalbaarheid laag lijkt en daarmee de belangstelling - voor private partijen. De wetgeving voor de warmtransitie is begin 2025 van kracht. Het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf is een logische stap bij de aanvang van de warmtetransitie. Hierin zijn verschillende vormen denkbaar. Zo kunnen gemeentelijke rollen gescheiden worden en kunnen stappen richting operationaliseren en samenwerken gezet worden. Deze stappen zijn nu nodig om de kans op betaalbare warmte voor onze inwoners te vergroten en regie te kunnen houden op de voorbereidingen. Een gemeentelijk energiebedrijf ligt onder controle van de gemeenteraad waarbij burgemeester en wethouders optreden als aandeelhouders. Over de mate van controle kunnen afspraken worden gemaakt in de oprichtingsstatuten. De financiële risico’s voor het oprichten van een eigen energiebedrijf zijn beperkt omdat er nog geen financiële verplichtingen worden aangegaan. Bij toekomstige projectontwikkeling en -exploitatie liggen deze in de BV’s. In dit voorstel, in samenhang met de notitie “Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf” (oktober 2024), wordt alle overwegingen behandeld. Er wordt ingegaan op de vragen • Waarom warmtenetten
1
• Waarom een gemeentelijk energiebedrijf • Waarom nu een gemeentelijk energiebedrijf • Uitgangspunten voor het gemeentelijk energiebedrijf In de bijlage “Veelgestelde vragen (FAQ) raadsvoorstel oprichting energiebedrijf” zijn alle bekende vraagstukken met antwoorden op een rij gezet. Inleiding: We staan als gemeente op een cruciaal moment in de energietransitie. Gemeenten hebben regie over de warmtetransitie gekregen en de wettelijke basis hiervoor is bijna gereed. Voor warmtenetten geldt de eis dat het enkel ontwikkeld en geëxploiteerd mag worden door een aangewezen integraal warmtebedrijf met publiek meerderheidsbelang. Vanuit het Rijk wordt daarbij aangestuurd op het gemeentelijke energiebedrijf als vorm van publiek eigendom van warmtenetten. Zowel in de Energieagenda 2024 als in eerdere notities en presentaties over het energiebedrijf is toegelicht dat en waarom Súdwest-Fryslân kiest voor kleinschalige warmtenetten als beste keuze voor een groot deel van de woonkernen, naast individuele warmtepompen waar dat kan. Zie ook de bijlagen notitie “Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf” en “Veelgestelde vragen (FAQ) raadsvoorstel oprichting energiebedrijf”.
In reactie op een amendement van Nieuw Sociaal in de raad van 10 november 2022 heeft het college een onderzoek laten uitvoeren naar de mogelijkheden voor het opzetten van een gemeentelijk energiebedrijf en naar de organisatievorm waarin dit het beste kan worden gedaan. Eind 2022 is het onderzoek gestart met het opstellen van een afwegingskader voor de warmtetransitie in onze gemeente en zijn mogelijke organisatiestructuren en financieringsvormen geïnventariseerd. Er zijn verschillende informerende bijeenkomsten geweest over warmtenetten in onze gemeente en over het gemeentelijk energiebedrijf als mogelijke rechtsvorm, op de volgende data: • 16 mei 2023 (DSO) • 17 januari 2024 (DSO) • 12 juni 2024 (DSO) • 2 oktober 2024 (DSO+BF) Ook in de besluitvorming over de garantstelling Warm Heeg is de mogelijkheid van een gemeentelijk energiebedrijf aan de orde geweest: • 4 juni 2023 (principebesluit garantstelling Warm Heeg) • 21 december 2023 (definitief besluit garantstelling Warm Heeg) Op de raadsvergadering 14 maart 2024 is besloten het onderwerp van de agenda te halen met het verzoek om zeggenschap en risico’s goed in kaart te brengen zodat raadsleden beter in staat gesteld zijn om afwegingen te maken. Op basis van geleerde lessen uit de pilots en het advies van verschillende experts en lokale stakeholders is het gemeentelijk energiebedrijf als de beste keuze aangemerkt.
Een eigen energiebedrijf met bijbehorende werkmaatschappijen bieden de beste manier om te voldoen aan wetgeving en aan de eigen beleidsdoelen over betaalbaarheid, onafhankelijkheid, duurzaamheid, eerlijk delen lusten en lasten en de zeggenschap van inwoners. Het borgt daarmee het beste de belangen van de inwoners en geeft het beste invulling aan de leidende principes voor de energietransitie vanuit het Burgerforum. In dit raadsvoorstel worden de belangrijkste overwegingen en vervolgstappen gegeven voor het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf. • In de bijlage “Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf” worden de onderliggende analyses en afwegingen meer in detail toegelicht. In deze bijlage wordt ook de argumentatie gegeven voor warmtenetten inclusief de context van de veranderende wetgeving.
2
• •
In de bijlage “Veelgestelde vragen (FAQ) raadsvoorstel oprichting energiebedrijf” kunnen antwoorden op vragen gevonden worden. Aan Rotshuizen Geense advocaten is gevraagd toe te lichten hoe de rol en invloed van de raad bij de uitvoering van de WcW en richting het gemeentelijk energiebedrijf opgevat moet worden. In hun legal opinion is dit uitgewerkt. In dit raadsvoorstel is hiervan een samenvatting opgenomen.
Global Goals: Met de realisatie van een gemeentelijk energiebedrijf wordt bijgedragen aan de Global Goals: • Betaalbare en duurzame energie • Industrie, innovatie en infrastructuur • Duurzame steden en gemeenschappen • Aanpak klimaatverandering Bestuurlijk kader: De doelen uit het coalitieakkoord en de Energieagenda • 8.000 aardgasvrije woningen en verblijfsgebouwen in 2030 (Transitievisie warmte 2021) • 50% CO2-uitstoot in Súdwest-Fryslân in 2030 t.o.v. 1990 (Klimaatagenda 2021) • In 2050 CO2-neutraal en energieneutraal, alle woningen aardgasvrij (Omgevingsvisie 2021) Waarbij de uitgangpunten op basis van Burgerforumadvies en Coalitieakkoord 2022-2026 • Onze bewoners hebben zeggenschap over hun energiesysteem • In Súdwest-Fryslân zijn de lasten van energiesystemen eerlijk verdeeld • Onze warmtesystemen zijn nu en in de toekomst betaalbaar voor al onze bewoners • Wij hebben betrouwbare en duurzame warmtesystemen • Energietransitie draagt bij aan ontwikkeling van lokale economie • Onze energiesystemen passen bij het landschap Het Amendement van Nieuw Sociaal op 10 november 2022 in de programmabegroting 2023 over het inrichten van een gemeentelijk energiebedrijf. Het betreft een onderzoek naar de voor- en nadelen van het mogelijk oprichten en exploiteren van een gemeentelijk energiebedrijf, voor warmte en elektriciteit.
De Voortgang onderzoek energiebedrijf is een jaar later aangeboden aan de raad met extra aandacht voor de warmtetransitie met behulp van warmtenetten. De Zienswijze op de concept Friese Energievisie. Met de oproepen kleine warmtenetten een grotere plek te geven in de Friese Energievisie en meer duidelijkheid over samenwerkingen warmte voor organiseren lokaal eigendom. Argumenten: Argumenten voor Ad a. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college tot het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf dat voldoet aan de leidende principes (vanuit het Burgerforum SWF) en rekening houdend met de marktordening van het wetvoorstel Wet collectieve warmte (WcW); Waarom een gemeentelijk energiebedrijf? Een gemeentelijk energiebedrijf - heeft enkel lokaal belang voor ogen, - biedt garantie voor het lokaal verwaarden van eventuele winsten, - biedt regie op eindoplossingen in lijn met eigen beleidsdoelen over betaalbaarheid,onafhankelijkheid, duurzaamheid, eerlijk delen lusten en lasten en de zeggenschap van inwoners, - biedt meer sturingskracht aan realisatie van de beleidsdoelen, - vult de wettelijke eis publiek meerderheidsbelang vanaf 1.500 aansluitingen in - biedt realisatiekracht, innovatiekracht en investeringskracht voor het waarmaken van betaalbare warmtelevering, ook bij warmtenetten met minder 1.500 aansluitingen,
3
-
-
-
biedt een eigen democratisch aangestuurde organisatievorm voor samenwerkingen met o de mienskip, bijvoorbeeld via een warmtegemeenschap, o andere overheden, o marktpartijen, o kennispartijen. kan inspelen op lokale mogelijkheiden en behoeften, kan initiatief en zeggenschap vanuit de mienskip een plek bieden (“zelfbeschikking en samenbeschikking”) door gesprekspartner te zijn op basis van gelijke doelstellingen. Dit in tegenstelling tot gesprek met de gemeente in de rol van beleidsmaker of bevoegd gezag. Dit verheldert de rolverdeling en bevordert de voortgang van initiatieven, projecten en pilots, biedt mogelijkheid om lokale energie-opwek (warmte + elektriciteit + gas) te integreren in het energiebedrijf voor lokale levering (Warmte + elektriciteit). Hiermee is er sturing op zo laag mogelijk houden van de prijs voor aangeslotenen, het verhogen van duurzaamheid en beperken of voorkomen van toekomstige netcongestie.
NB: Het is volgens de wet mogelijk om 100% private warmtebedrijven, warmtegemeenschappen 1 of private warmtecoöperaties aan te wijzen bij warmtenet initiatieven onder de 1.500 aansluitingen. Deze optie zal voor veel van onze woonkernen wettelijke toegestaan zijn. Het is echter niet te verwachten dat er voldoende realisatiekracht is in elk dorp, noch bij commerciele warmtebedrijven, om onze beleidsdoelen te halen. Een gemeentelijke energiebedrijf zal dus ook strategie, kennis en uitvoeringskracht moeten kunnen bieden voor warmtenetten onder de 1.500 aansluitingen. Dit is in bijgevoegde notitie “Achtergrond & onderzoek gemeentelijk energiebedrijf” uitgebreider toegelicht. Waarom nu een gemeentelijk energiebedrijf? Onze visie op het ontwikkelen van warmteoplossingen voor onze inwoners vraagt per heden een “vehicel” waarin strategie, kennis en realisatiekracht in opgebouwd kan worden. Het geeft daarbij een duidelijk signaal af naar (potentiele) samenwerkingspartners die zich daarop beter kunnen voorbereiden. Het verheldert de verschillende rollen van de gemeente en bevordert de vooruitgang van de warmtetransitie volgens eigen beleidsdoelen en -principes, samen met stakeholders. Deze stappen zijn nu nodig om de kans op betaalbare warmte voor onze inwoners te vergroten en regie te kunnen houden op de voorbereidingen. Argumenten voor Ad b.
geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om voor het gemeentelijk energiebedrijf twee besloten vennootschappen op te richten, een holding BV (werknaam Energiebedrijf SWF) met een gemeentelijk warmte ontwikkelbedrijf als dochtervennootschap en werkmaatschappij (fase 1); En Ad c. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om in fase 2 (indirect) deel te nemen in de door holding BV op te richten dochtervennootschappen en werkmaatschappijen ten behoeve van het gemeentelijk energiebedrijf; Regelgeving gemeentewet: Op grond van artikel 160 lid 2 Gemeentewet neemt het college hierover pas een besluit nadat zij de raad in de gelegenheid heeft gesteld om wensen en bedenkingen uit te spreken ten aanzien van dit ontwerpbesluit. Kenmerken warmteprojecten: Omvang en looptijd en de daaraan verbonden risico’s maken dat de warmtetransitie geen regulier project is dat past binnen de bestaande organisatie van de gemeente. Er is daarom een andere organisatievorm nodig. Belangrijke redenen om bij deze langjarige en complexe, integrale energieontwikkelingen te kiezen voor het oprichten van bv’s zijn een toegesneden organisatie, integrale risicobeheersing en financiële en administratieve voordelen.
Versnelling warmtetransitie: Met het oprichten van een juridische structuur gericht op de ontwikkelfase (Fase 1) wordt de snelheid van de (warmte)transitie verhoogd, terwijl de risico’s beheersbaar blijven.
1 Een warmtegemeenschap wordt gecontroleerd door haar aandeelhouders of leden die zijn gevestigd in de nabijheid van de hernieuwbare-energieprojecten waar zij over gaan. Ze maken geen winst. Voor een uitgebreide definitie zie bijlage 1 pagina 13.
4
Opereren in een marktgerichte omgeving: Via de BV’s organiseren we de slagvaardigheid en flexibiliteit die nodig is om te kunnen opereren in een marktgerichte omgeving. De BV’s bieden de kans compacte en platte organisaties in te richten met een heldere focus. Dit alles gebeurt binnen de kaders die publiekrechtelijk (Nota verbonden partijen) zijn aangegeven, buiten de BV. Kaderen risico’s: Risico’s van ontwikkelingen worden per project gekaderd. Het voorkomt automatisch overslaan van ontwikkelrisico’s naar de gemeentelijke organisatie. Argumenten fasering: Er wordt voorgesteld om in de eerste fase een energiebedrijf op te richten met een beperkte omvang. In het ontwikkelbedrijf willen we de ontwikkelfasen van de pilotprojecten onderbrengen, na toestemming van de raad, inclusief budget. Deze gefaseerde aanpak waarborgt een verantwoord financieel beheer en maakt de besluitvorming transparant, met cruciale beslismomenten bij de vaststelling van strategische documenten zoals het Uitvoeringsplan. Wanneer de eerste projecten uitontwikkeld zijn en worden die ondergebracht in een infra-, productie- en leveringsbedrijf. Daarmee wordt de structuur van fase 2 van toepassing. Voor de financiering wordt een voorstel bij de gemeenteraad ingebracht. Deze gefaseerde aanpak hanteren we om de financiering van de realisatiefase van pilotprojecten te stroomlijnen.
Rol en bevoegdheid: Het kader voor het Energiebedrijf SWF is vastgelegd in de paragraaf 6 van programmabegroting 2024: verbonden partijen2. De gemeente krijgt met het oprichten energiebedrijf en de nieuwe wetgeving verschillende rollen en bevoegdheden: 1. De gemeente is 100% aandeelhouder van de eigen BV’s 2. De gemeente is bevoegd gezag voor de Wet Collectieve Warmte a. Kavelbepaling b. Aanwijzen warmtebedrijf c. Verlenen ontheffingen d. Opleggen boetes 2. De gemeente is bevoegd gezag voor de Wgiw a. Aanwijzingsbevoegd voor stoppen met gaslevering 3. De gemeente is bevoegd gezag voor de omgevingswet a. Maken omgevingsvisie b. Opnemen van warmteprogramma in omgevingsplannen c. Vergunningen verlenen voor activiteiten in de omgeving. 4. De gemeente maakt beleid a. Bijdrage aan de lokale opwek via de RES afspraken b. Maken warmteprogramma en wijkuitvoeringsplannen conform Wgiw Een nadere toelichting is opgenomen in de bijgevoegde Notitie “Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf”. Rol van specifiek de gemeenteraad bij oprichting gemeentelijke energiebedrijf Aan Rotshuizen Geense advocaten is gevraagd toe te lichten hoe de rol en invloed van de raad bij de uitvoering van de WcW en richting het gemeentelijk energiebedrijf opgevat moet worden. In hun legal opinion (bijlage) is dit uitgewerkt. In deze alinea wordt deze kort samengevat.
Gemeenteraad in rol als bevoegd gezag wettelijke taken WcW en Wgiw: - Vaststellen warmteprogramma en wijkuitvoeringsplannen volgens de Wgiw. - Het college moet volgens de wet warmtekavels definieren, het warmtebedrijf per kavel aanwijzen en wordt daarin zoals gebruikelijk gecontroleerd door de gemeenteraad. Gemeenteraad in de rol als aandeelhouder BV’s De aandeelhouder is niet verantwoordelijk voor schulden in de BV en is slechts gehouden aan inleg waarde van het aandeel. Het besturen van de BV ligt primair bij het bestuur van de BV.
2
Programmabegroting-2024-en-meerjarenraming-2025-2027 | blz. 110 2.3.6 Paragraaf 6 Verbonden partijen
5
In de concept statuten is opgenomen dat de AVA – naast gebruikelijke vaststellen van de jaarrekening en benoeming, ontslag of schorsing bestuur – vooraf goedkeuring moet verlenen voor besluiten die belangrijke impact hebben op het functioneren van de vennootschap, zoals • het verkrijgen, vervreemden en bezwaren van onroerende zaken, • het aangaan van duurzame samenwerkingen die van ingrijpende betekenis kunnen zijn voor de vennootschap, • de oprichting van (dochter)vennootschappen, • bij het uitoefenen van stemrecht op aandelen die de vennootschap heeft en • enkele besluiten die zien op het aannemen van personeel, • het jaarwerkplan met investerings -en exploitatiebegroting en tarieven voor aangesloten inwoners. De aandeelhouders zijn formeel Burgemeester en Wethouders. Zij kunnen de gemeenteraad om wensen en bedenkingen vragen bij uitoefenen van stemrecht in de AVA. Risico’s: Ad a. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien het ontwerpbesluit van het college tot het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf dat voldoet aan de leidende principes (vanuit het Burgerforum SWF) en rekeninghoudend met de marktordening van het wetvoorstel Wet collectieve warmte (WcW); Verplichtingen voor realisatie projecten: Het besluit dat nu wordt genomen staat los van vervolgbesluiten voor concrete projecten.
Daarvoor geldt dat per project wordt afgewogen of het past binnen de inhoudelijke kaders, financiële mogelijkheden etc. We creëren nu vooral de mogelijkheid om verdere stappen te kunnen zetten. Er vloeien geen verplichtingen voor de toekomst uit voort als het gaat om de realisatie. Bij initiatieven worden pas verplichtingen en risico’s aangegaan als sprake is van een sluitende businesscases. Ad b. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om voor het gemeentelijk energiebedrijf twee besloten vennootschappen op te richten, een holding BV (werknaam Energiebedrijf SWF) met een gemeentelijk warmte ontwikkelbedrijf als dochtervennootschap en werkmaatschappij (fase 1); En Ad c. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om in fase 2 (indirect) deel te nemen in de door holding BV op te richten dochtervennootschappen en werkmaatschappijen ten behoeve van het gemeentelijk energiebedrijf; Financiële risico’s: Het financiële risico voor de gemeente bij de oprichting het Energiebedrijf Súdwest-Fryslân BV en haar dochtermaatschappijen (fase 1 en 2) is beperkt tot de stortingsplicht op de aandelen, notariskosten, inschrijfkosten handelsregister en kosten voor het bijhouden van een (financiële) administratie.
De financiering van (pilot)projecten wordt per project geregeld en apart voorgelegd aan de raad. Met een beslissing over de oprichting van een gemeentelijk energiebedrijf wordt niet besloten over de financiering van projecten. Hiermee is het risico van het te nemen besluit beperkt tot enkel maken van kosten voor oprichting. Financiën: Het proces van oprichting van het gemeentelijk energiebedrijf en de verdere ontwikkeling van de pilotprojecten bestaat uit 3 fasen. Dit financieringsvoorstel strekt niet verder dan fase 1 van het voorgestelde proces. Kosten fase 1 Onderdeel Inhuur expertise Inzet intern Totale kosten
Kosten €100.000 €150.000 €250.000
6
Dekking De kosten worden gedekt vanuit de brede doeluitkering CDOKE van het rijk. Oprichtingskosten van de BV’s zijn beperkt en kunnen gedekt worden uit het de lopende begroting van programma Energietransitie. Juridisch: Wettelijke aspecten zijn behandeld bij kopje “Rol en bevoegdheden”. Hieronder een korte toelichting op de aankomende nieuwe wetgeving die in dit kader speelt: Wet collectieve warmte en Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie. In de notitie "Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf" is meer informatie over de nieuwe wetten (in wording) te vinden. Concept Wet collectieve Warmte (WcW) Deze wet bevat regels voor het realiseren en exploitatie van collectieve warmtesystemen, inclusief tariefregulering en CO2-uitstooteisen. Warmtenetten groter dan 1.500 aansluitingen moeten voor meer dan 50% in publieke eigendom zijn. Gemeenten krijgen cruciale rollen en verantwoordelijkheden. Kortweg zijn deze: bepalen van warmtekavels, aanwijzen van het warmtebedrijf (of warmtegemeenschap), verlenen van ontheffingen en (mede) organiseren publiek eigendom. In de memorie van toelichting en de kamerbrief minister Hermans 7 oktober wordt toegelicht waarom gekozen is voor publiekmeerderheidsbelang en waarom gemeenten aangespoord worden een eigen energiebedrijf op te richten. In de kamerbrief zijn tevens maatregelen aangekondigd voor het borgen van de betaalbaarheid.
Vooruitlopend op de parlementaire besluitvorming van de Wet collectieve Warmte (WcW) is publiek eigendom al via een ministerieel besluit gepubliceerd op 21 oktober 2022 ‘besluit infrastructuur collectieve warmtevoorziening in publieke handen”. Dit besluit wordt overgenomen door de WcW. Op 16 oktober 2024 is de parlementaire behandeling gestart. De reden voor publiek eigendom is het grip houden op kosten op warmtelevering omdat het geen vrije markt situatie is. De wet stelt hierbij wel een ontheffingsgrens: onder de 1.500 aansluitingen geldt een lager regime van regels en is publiek eigendom niet vereist. NB: In Súdwest-Fryslân zal een groot deel onder deze ontheffingsgrens vallen, maar er wordt niet verwacht dat dit een interessante markt is voor commerciële bedrijven noch een haalbare activiteit is voor andere private partijen. Súdwest-Fryslân wil daarom met het gemeentelijke energiebedrijf warmtelevering in alle geschikte woonkernen waar kunnen maken, ook bij warmtenetten met minder 1.500 aansluitingen. Uitzonderingen hierop zijn denkbaar, daar waar het dorp zich professioneel kan organiseren en ofwel zelfstandig of in samenwerking wil opereren. Het gemeentelijk energiebedrijf heeft als doel om realisatiekracht, innovatiekracht en investeringskracht te bieden voor in principe alle geschikte woonkernen.
Concept Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (WgiW) Hieruit vloeien gemeentelijke taken zoals het maken van een 5-jaarlijks warmteprogramma (wanneer waar welke warmteoplossing) en het maken van uitvoeringsplannen. Hierbij komt de aanwijzingsbevoegdheid voor het weghalen van de gasinfrastructuur. Verdere gerelateerde wetgeving en beleid • De Klimaatwet • Nationaal Klimaatakkoord 2019 • Artikel 160 lid 2 Gemeentewet (deelname in rechtspersonen) Capaciteit: De capaciteit nodig voor de uitvoering is reeds opgenomen in het programma Energietransitie en heeft dus voor de eerste fase geen consequenties.
7
Alternatieven: Samenwerking publiek en markt. Samenwerking met de markt op warmtelevering is mogelijk volgens de wet. Op dit moment lijkt de businesscase voor warmtenetten in kleine kernen lastig en is een commercieel model op basis van financieel rendement /winst lastig te realiseren. Er is nog weinig interesse bij marktpartijen om deel te nemen in activiteiten met zeer laag rendement en beperkingen in zeggenschap. Veel woonkernen zullen dus voor commerciële partijen niet aantrekkelijk zijn. Met publiek eigendom kunnen kennis, strategie, realisatiekracht risico’s lokaal gedeeld worden en kan goed invulling gegeven worden een de kostprijs-plusbenadering omdat dit in lijn is met het lokale belang bij inwoners. Volledig overlaten aan de markt, regie op basis van warmteprogramma, warmtekavels, aanwijzen warmtebedrijf en ontheffingen. Zie ook bovenstaande toelichting. Daarbij resulteert het ontbreken van regie en sturing in een monopolie op de markt en beperkte zeggenschap vanuit de inwoners. De gemeente heeft dan in de ontwikkel- en realisatiefase nog beperkte sturingsmogelijkheden door middel van wijkuitvoeringsplannen en (na invoering van de WcW) het vaststellen van warmtekavels, het aanwijzen van een warmtebedrijf en de goedkeuring van door het warmtebedrijf uitgewerkte kavelplannen. Bij de exploitatie is het sturingsmodel beperkt.
Daarbij bepaalt straks het aangewezen warmtebedrijf (volgens het wetsvoorstel WcW) de bronnenstrategie. Op dit moment is er geen zicht op dat marktpartijen warmtelevering op zich willen nemen in Súdwest-Fryslân en daarmee levert dit alternatief momenteel geen zicht op het waar maken van onze beleidsdoelen. Volledig overlaten aan lokale initiatieven. De wet biedt de mogelijkheid om lokale initiatieven als warmtegemeenschap (definitie in bijlage “Notitie "Achtergrond & onderzoek gemeentelijk energiebedrijf") de warmtelevering zelf te laten realiseren en exploiteren. Ook is er vanuit het Rijk ondersteuning op de realisatiekracht van lokaal initiatief van bewoners en biedt de koepelorganisatie Energie Samen daarbij hulp en kennis. De gemeente kan aanvullend hierop en op haar wettelijke plichten lokale initiatieven ondersteunen en faciliteren en daarbij zelf geen aandeel of risico nemen. Dit kan mogelijk ook de uitkomst zijn voor een deel van onze dorpen. Het is momenteel niet aannemelijk dat alle inwoners van woonkernen dit zelf aankunnen of aandurven. Het gemeentelijk energiebedrijf kan deze taak dan op zich nemen. Warmtenetten als optie loslaten. Wanneer de gemeente besluit geen actie te ondernemen richting realisatie van warmtenetten dan komt de warmtetransitie in onze gemeente in gevaar.
De verwachting is dat bewoners dan op meer kosten gejaagd worden doordat warmtepompen dan de enige optie is en dat dit in de toekomst weinig draagvlak geeft en een slecht imago voor de gemeente. Daarbij worden beleidsdoelen niet gehaald en dragen we niet bij aan een robuuste energievoorziening. Participatie: De participatie heeft plaatsgevonden binnen verschillende activiteiten. Genoemd worden: • De samenwerking binnen pilots en gesprekken met betrokkenen • Verschillende raadsbijeenkomsten, te weten: o Informerende bijeenkomsten met de raad ▪ 17 januari 2024 (DSO) ▪ 2 oktober 2024 (DSO+BF) ▪ 12 juni 2024 (DSO) ▪ 16 mei 2023 (DSO) o Raadsvergadering 4 juni 2023 (principebesluit garantstelling Warm Heeg) • Raadsvergadering 21 december2023 (definitief besluit garantiestelling Warm Heeg)Diverse bijeenkomsten met de energiecoöperaties in Súdwest-Fryslân • Diverse besprekingen met provincie, met name werkgroep aquathermie • Gesprekken binnen de koplopersgroep van Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie Participatie voor de verschillende projecten onder het gemeentelijke energiebedrijf krijgt in de betreffende uitvoeringsplannen verder vorm.
8
Communicatie: • De communicatie voor de vervolgstappen wordt per stap bepaald. • Publieke partners, initiatieven en energiecoöperaties worden via informele bijeenkomsten geïnformeerd Planning en vervolgproces: Het advies is om het Gemeentelijke Energiebedrijf SWF gefaseerd te ontwikkelen en op termijn uit te breiden door er projecten en werkmaatschappijen/project BV’s aan toe te voegen die een bijdrage leveren aan de energietransitie van onze gemeente. Voor nadere toelichting over de structuur en fasering wordt verwezen naar alinea 3.5 t/m 3.9 in de notitie “Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf”. Stappen fase 1 • Wensen en bedenkingen van de raad opnemen in de voorbereidingen • Ontwikkelingen van de parlementaire behandeling WcW en Wgiw betrekken in voorbereiding • Voor het energiebedrijf definitief opgericht wordt, wordt de raad actief geïnformeerd. • Oprichten BV energiebedrijf met governance structuur o Voorbereiden op activiteiten zoals strategieontwikkeling en vergunningaanvraag ACM o Voorbereiden op besluitvorming projecten en deelnemingen • Oprichten BV werkmaatschappij voor projecten Voor de vier pilotprojecten zijn mogelijk verschillende beslismomenten richting de raad nodig.
Dit geldt voor de volgende onderwerpen: • Garantstelling Warm Heeg • Wijkuitvoeringsplan Energiestad Bolsward • Wijkuitvoeringsplan Workum • Wijkuitvoeringsplan Het Eiland te Sneek Stappen fase 2 Besluitvorming over de volgende op te zetten entiteiten • Gemeentelijk Productiebedrijf; • Gemeentelijk Warmte Infrabedrijf; • Gemeentelijk Warmte Leveringsbedrijf; • en eventuele onderliggende projectvennootschappen. In fase 2, dat wil zeggen bij de oprichting van deze BV’s worden nog geen investeringen gedaan en/of verplichtingen aangegaan. Daarom wordt de raad gevraagd om voor oprichting van de vervolgstructuur, geen wensen en bedenkingen te hebben, waarmee het College van B&W deze BV’s kan oprichten. De vervolgstructuur kan er als volgt uit gaan zien (zie figuur):
9
Links naar eerdere besluitvorming of (actieve informatie): Amendement Nieuw Sociaal- inrichten gemeentelijk energiebedrijf 10 november 2022 in programmabegroting 2023. Betreft onderzoek naar de voor- en nadelen van het mogelijk oprichten en exploiteren van een gemeentelijk energiebedrijf, voor warmte en elektriciteit. Voortgang onderzoek energiebedrijf is een jaar later aangeboden aan de raad met extra aandacht voor de warmtetransitie met behulp van warmtenetten.
Bijlage(n): 1.Notitie "Achtergrond & Onderzoek gemeentelijk Energiebedrijf" 2.Legal opinion Rotshuizen Geense advocaten mei 2024 (geanonimiseerd) 3. Veelgestelde vragen (FAQ) raadsvoorstel oprichting energiebedrijf Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
drs. E.K. Strijker
10
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Raadsbesluit gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Oprichting Gemeentelijke Energiebedrijf Naar aanleiding van het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 5 november 2024;
besluit:
a. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college tot het oprichten van een gemeentelijk energiebedrijf dat voldoet aan de leidende principes (vanuit het Burgerforum SWF) en rekening houdend met de marktordening van het wetvoorstel Wet collectieve warmte (WcW); b. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen ten aanzien van het ontwerpbesluit van het college om voor het gemeentelijk energiebedrijf twee besloten vennootschappen op te richten, een holding BV (werknaam Energiebedrijf SWF) met een gemeentelijk warmte ontwikkelbedrijf als dochtervennootschap en werkmaatschappij (fase 1); c. geen wensen en bedenkingen naar voren te brengen om in fase 2 (indirect) deel te nemen in de door holding BV op te richten dochtervennootschappen en werkmaatschappijen ten behoeve van het gemeentelijk energiebedrijf; d. Kennis te nemen van de notitie "Achtergrond & onderzoek gemeentelijk energiebedrijf". Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december 2024
mr. drs. J.A. de Vries
G.W. Stegenga
11
, voorzitter.
, griffier.