Raadsvoorstel - Indexatie in begroting 2022
Tekst van het document
Ons nummer: R21.000274
*R21.000274* O.0000001E
Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Behandelend ambtenaar
Indexatie in begroting 2022 3 februari 2022 Bestjoer en Finânsjes 20 januari 2022 G. Wielinga Financiën J.J. Boonstra
Voorstel: 1. De in de begroting beschikbare middelen voor indexatie (€ 1,5 miljoen) als volgt te verdelen: - € 1.029.297 structureel voor de indexering van subsidie- en inkoopbudgetten. - € 23.529 voor het investeringsprogramma in 2023, oplopend naar € 70.587 in 2025. - € 926 in 2022 en € 23.096 vanaf 2023 voor indexering van investeringskredieten. - € 104.500 incidenteel in 2022 voor de indexering van eenmalige kredieten. - De resterende middelen in te zetten voor de hogere lasten van Wmo, Jeugd en buitendienst. 2. De bijbehorende investeringsruimtes (totaal € 2.538.000), de investeringskredieten (totaal € 398.600), de eenmalige kredieten (totaal € 104.500) en (waar van toepassing) de reserve beschikbaar gestelde kredieten op te hogen. 3. De begroting 2022 overeenkomstig het voorstel te wijzigen.
Inleiding: In de Programmabegroting 2022 is een structureel bedrag van € 1,5 miljoen opgenomen voor indexatie. Tijdens het opstellen van de begroting was er onvoldoende tijd om tot een goed voorstel te komen voor de verdeling van het beschikbare bedrag. In dit voorstel volgt de nadere verdeling. Bij de verdeling van de indexatie zijn verschillende posten beoordeeld: 1. Jaarlijks terugkerende subsidie- en inkoopbudgetten. 2. Het Investeringsprogramma. 3. Lopende kredieten (investeringskredieten en eenmalige kredieten). 4. Indexering Sociaal Domein (Wmo en Jeugd) en de buitendienst. Ad 1: Jaarlijks terugkerende subsidie- en inkoopbudgetten. Bij dit onderdeel zijn de structurele lasten van de begrotingsposten beoordeeld, die behoren tot de kostensoorten van subsidieverstrekking of inkopen. Standaard is geïndexeerd met 1,6% en bij loonsom gerelateerde onderdelen met 2,4%. Een aantal posten hoeft niet geïndexeerd te worden omdat: het lasten van riolering betrof (is een gesloten systeem met eigen indexatie), het lasten van afval betrof (afvalstoffenheffing heeft een eigen dekking via tarief), het nieuw toegekende bedragen betrof die nog geen indexatie behoeven, het niet altijd nodig is om een bepaalde post te indexeren. Uiteindelijk heeft de beoordeling geleid tot onderstaande indexatie.
Begrotingsposten Subsidies, inkomens- en kapitaaloverdrachten Inkopen Subtotaal begrotingsposten
Volume aan lasten 19.771.874 50.068.764 69.840.638
1
Indexatie 327.435 701.862 1.029.297
Ad 2: Het Investeringsprogramma. Ook het Investeringsprogramma (bijlage C van de begroting) is beoordeeld. Gebleken is dat bij de meeste daar opgenomen vervangingsinvesteringen 2022 al in voldoende mate rekening is gehouden met prijsstijgingen. Hier behoeft dus op dit moment geen nadere indexatie plaats te vinden. Wel is indexatie nodig voor de volgende onderdelen: Renovatie sportvelden, Renovatie sportaccommodaties en Onderwijshuisvesting. Bij de renovatie van sportvelden en sportaccommodaties wordt als gevolg van prijsstijgingen een toename van de te investeren bedragen verwacht van 10%. Voor de sportvelden betekent dit een jaarlijks extra investeringsbedrag van € 21.000 en voor sportaccommodaties een jaarlijks extra bedrag van € 13.500. De bouwkosten van Onderwijshuisvesting zijn in 2019 voor het laatst geïndexeerd. De afgelopen jaren was de landelijke indexering kosten scholen als volgt: 2020 6,08%; 2021 6,38% en 2022 4,92%. We stellen voor om de investeringsruimte voor onderwijshuisvesting hierop aan te passen, door de jaarlijkse investeringsruimte voor Primair Onderwijs met € 400.000 te verhogen van € 2,1 miljoen naar € 2,5 miljoen en de jaarlijkse investeringsruimte voor Voortgezet Onderwijs met € 200.000 te verhogen van € 1,05 miljoen naar € 1,25 miljoen. Het voorgaande heeft het volgende overzicht tot gevolg:
Investeringsprogramma Renovatie sportvelden 2022 Renovatie sportvelden 2023 Renovatie sportvelden 2024 Renovatie sportvelden 2025 Renovatie sportaccomm. 2022 Renovatie sportaccomm. 2023 Renovatie sportaccomm. 2024 Renovatie sportaccomm. 2025 Onderwijshuisvesting PO 2022 Onderwijshuisvesting PO 2023 Onderwijshuisvesting PO 2024 Onderwijshuisvesting PO 2025 Onderwijshuisvesting VO 2022 Onderwijshuisvesting VO 2023 Onderwijshuisvesting VO 2024 Onderwijshuisvesting VO 2025 Subtotaal Investeringsprogramma
Extra invest.ruimte 21.000 21.000 21.000 21.000 13.500 13.500 13.500 13.500 400.000 400.000 400.000 400.000 200.000 200.000 200.000 200.000 2.538.000
Hogere kap.last 2022
0
Hogere kap.last 2023 1.713
Hogere kap.last 2024 1.713 1.713
Hogere kap.last 2025 1.713 1.713 1.713
876
876 876
876 876 876
13.960
13.960 13.960
13.960 13.960 13.960
6.980
6.980 6.980
6.980 6.980 6.980
23.529
47.058
70.587
De jaarlijks hogere kapitaallast kan gedekt worden uit het beschikbare bedrag voor indexatie. Ad 3: Lopende kredieten (investeringskredieten en eenmalige kredieten). Bij lopende kredieten hebben we te maken met hogere lasten als gevolg van stijging van bouwprijzen, grondstofprijzen en hogere doorberekeningen van personeelskosten. Niet alle kredieten hebben hier in dezelfde mate mee te maken. Sommige kredieten hebben veel last van prijsstijgingen, andere nagenoeg niet. We hebben er daarom hier niet voor gekozen om alle kredieten met een gelijk percentage te indexeren, maar per krediet is gekeken of er door prijsstijgingen een tekort ontstaat, zodat we gericht knelpunten kunnen oplossen.
2
Bij de kredieten zijn er twee typen: a) Investeringskredieten (met een jaarlijkse kapitaallast) en b) eenmalige kredieten (met een eenmalige dekking). a) Investeringskredieten (met een jaarlijkse kapitaallast). Bij onderstaande kredieten is het nodig om de investeringsruimte van de kredieten te verhogen. Dit geeft een hogere jaarlijkse kapitaallast. Deze kapitaallast kan gedekt worden uit het structureel beschikbare bedrag voor indexatie. Het betreft de volgende kredieten: Investeringskredieten Busstation, Bolsward Kruispunt Marnezijl, Bolsward Herinrichting binnenstad, Bolsward Rondweg, Warns Bolsward en Sneek, ontwikkelagenda Nieuwbouw school, Arum CHC De Tiid, Bolsward Toren stadhuis, Bolsward Subtotaal Investeringskredieten
Extra kredietruimte 200.000 4.900 57.000 103.000 8.000 2.500 18.500 4.700 398.600
Hogere kapitaallast 7.980 400 4.649 8.401 653 87 738 188 23.096
De meeste van bovenstaande investeringen zijn/worden nog niet opgeleverd in 2021. Dat betekent dat er nog geen kapitaallast gaat lopen in 2022, maar pas op zijn vroegst in 2023. Alleen bij CHC De Tiid en Toren stadhuis is er al in 2022 een hogere kapitaallast. b) Eenmalige kredieten (met een eenmalige dekking). Op deze kredieten wordt niet afgeschreven. Er zijn dus geen structurele lasten. Een uitbreiding van de investeringsruimte moet eenmalig plaatsvinden. Het betreft de volgende kredieten waarvan het nodig is om ze op te hogen in verband met prijsstijgingen. De eenmalige kredieten komen uit reserves of uit bijdragen. Deze verhogingen moeten daarom in de reserve beschikbaar gestelde kredieten worden gestort: Eenmalige kredieten Herinrichting stationsgebied, Sneek Lichtplan, Bolsward Huisvestingvoorziening openbaar basisonderw. Gebiedsvisie sporthart, Bolsward Uitbreiding aquaresort, Workum Planontwikkeling aquaresort, Workum Fiets/loopverbinding Busstation, Bolsward Duurzame ontwikkeling, ontwikkelagenda Subtotaal Eenmalige kredieten
Extra kredietruimte 12.000 5.000 1.000 2.000 31.000 5.000 3.500 45.000 104.500
Hogere kapitaallast n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Ad 4: Indexering Sociaal Domein (Wmo en Jeugd) en Huisvesting buitendienst. Wmo en Jeugd: In de begroting is al rekening gehouden met een indexatie van de Jeugd en Wmo. Rekening is gehouden met een indexatie van 1,72%. Dit percentage betrof het destijds bekende voorlopige indexatiecijfer van de Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling (OVA). Per 9 november is een nieuwsbericht van de VNG uitgekomen met als onderwerp: Indexeer tarieven Wmo/Jeugdwet voor looncomponent met OVA. In dit bericht staat het volgende vermeld:
3
OVA-percentages 2022 Het voorlopige OVA-percentage voor 2022 was 1,72%. Op basis van de laatste raming van het CPB wordt dit percentage verhoogd naar 2,74%. Het rijk heeft de OVA-indexering voor 2022 met 1,13% extra verhoogd ten behoeve van de loonsverhoging voor het personeel in de Zvw- en Wlz-sector (motie Tweede Kamer Hijink/Bikker). Totaal bedraagt het OVA- percentage voor 2022 voor de Zvw en Wlz 3,87%. Het voorlopige prijsindexcijfer particuliere consumptie 2022 was 1,64%, volgens de laatste raming van het CPB wordt dit 1,83%. Het definitieve OVA- percentage voor 2022 wordt in het voorjaar bekend. Het definitieve OVA-percentage is dus nog niet bekend, maar met een voorlopig percentage van 3,87% in plaats van 1,72% zijn we veel meer kwijt aan indexatiekosten voor Wmo en Jeugd dan de nu geraamde € 710.000. Aangekondigd is overigens dat de verhoging van 1,13% door het Rijk gecompenseerd zal worden in de decembercirculaire. Maar ook daarmee hebben we nog een tekort. Huisvesting buitendienst: De huisvesting buitendienst is een nog niet lopend krediet, maar wel een project waarbij we aanzienlijke effecten van prijsstijgingen in de bouw verwachten. In 2022 komen we hier met een separaat voorstel op terug.
Gezien de twee voorgaande verwachtingen stellen we voor om de resterende beschikbare bedragen voor indexatie 2022 te gebruiken voor de verwachte hogere kosten van Wmo, Jeugd en buitendienst. Samengevat zijn de financiële gevolgen van het voorgaande als volgt: Totaaloverzicht indexatie Beschikbaar in de begroting Begrotingsposten Investeringsprogramma Investeringskredieten Eenmalige kredieten Wmo, Jeugd en Buitendienst Restant indexatie:
2022 1.500.000 -1.029.297 0 -926 -104.500 -365.277 0
2023 1.500.000 -1.029.297 -23.529 -23.096 0 -424.078 0
2024 1.500.000 -1.029.297 -47.058 -23.096 0 -400.549 0
2025 1.500.000 -1.029.297 -70.587 -23.096 0 -377.020 0
Doel: Het in de begroting beschikbare bedrag voor indexatie verdelen over de begrotingsposten en de kredieten, zodat deze gecompenseerd worden voor de prijsstijgingen.
Argumenten: Met de verhoging van de genoemde begrotingsposten en kredieten kunnen de prijsstijgingen die zich voordoen worden opgevangen. Alternatieven: De indexatie niet of deels toekennen. Voor de begrotingsposten is dat impliciet een bezuiniging, omdat er dan minder gedaan kan worden met de beschikbare budgetten. Bij de kredieten zal het waarschijnlijk tot gevolg hebben dat er overschrijdingen plaats gaan vinden. Risico’s: De werkelijke prijsstijgingen bij inkopen en kredieten kunnen afwijken van de toegekende bedragen aan indexatie. Daardoor kan er alsnog sprake zijn van een te lage bestedingsruimte.
4
Kaders: Programmabegroting 2022.
Financiële aspecten/gevolgen: In de Programmabegroting 2022 is een structureel bedrag opgenomen voor indexatie van € 1,5 miljoen. Met dit voorstel wordt dat verdeeld. Er zijn geen aanvullende middelen nodig. Duurzaamheid: N.v.t.
Global Goals: N.v.t.
Vervolgproces: N.v.t.
Monitoring en evaluatie: N.v.t.
Gevolgen voor LTA: N.v.t. Communicatie en afstemming: N.v.t. Bijlage(n)
Meegezonden: - N.v.t. Ter inzage: - N.v.t. Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.
mr. drs. J.A. de Vries
P. Zondervan
5
, burgemeester.
, gemeentesecretaris.
Raadsbesluit gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Indexatie in begroting 2022 Naar aanleiding van het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 14 december 2021;
besluit de raad: 1. De in de begroting beschikbare middelen voor indexatie (€ 1,5 miljoen) als volgt te verdelen: - € 1.029.297 structureel voor de indexering van subsidie- en inkoopbudgetten. - € 23.529 voor het investeringsprogramma in 2023, oplopend naar € 70.587 in 2025. - € 926 in 2022 en € 23.096 vanaf 2023 voor indexering van investeringskredieten. - € 104.500 incidenteel in 2022 voor de indexering van eenmalige kredieten. - De resterende middelen in te zetten voor de hogere lasten van Wmo, Jeugd en buitendienst. 2. De bijbehorende investeringsruimtes (totaal € 2.538.000), de investeringskredieten (totaal € 398.600), de eenmalige kredieten (totaal € 104.500) en (waar van toepassing) de reserve beschikbaar gestelde kredieten op te hogen. 3. De begroting 2022 overeenkomstig het voorstel te wijzigen. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 3 februari 2022
mr. drs. J.A. de Vries
G.W. Stegenga
6
, voorzitter.
, griffier.