CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel - gewijzigd vaststellen bestemmingsplan BGB-II

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Bestimmingsplan ‘Buitengebied Súdwest-Fryslân II’2.351 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ons nummer: R23.000150

*R23.000150*

Raadsvoorstel gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Raadsvergadering van Commissie Commissievergadering van Portefeuillehouder Team Adviseur

Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Buitengebied SúdwestFryslân II 28 september 2023 Doarp, Stêd en Omkriten 18 september 2023 Bauke Dam Ondersteuning en Advies Reinder Boersma

Voorstel: a. het PlanMER voor het Buitengebied Súdwest-Fryslân-II (inclusief passende beoordeling) vast te stellen; b. de aanvulling PlanMER voor het Buitengebied Súdwest-Fryslân-II vast te stellen; c. de reactienota op ingediende zienswijzen 'Bestemmingsplan Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' vast te stellen; d. het bestemmingsplan 'Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan dat ter inzage heeft gelegen, conform de bij dit besluit behorende Staat van Wijzigingen; e. het bestemmingsplan langs elektronische weg vastleggen in het GML-bestand NL.IMRO.1900.2023BPBGBSWFII-vast en tevens in die vorm vastleggen; f. te besluiten dat voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie; g. geen exploitatieplan voor het bestemmingsplan 'Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' vast te stellen. Samenvatting: In de afgelopen periode is er voor het gehele buitengebied een bestemmingsplan voorbereid. Dit is onderverdeeld in twee gebieden. Dit voorstel voorziet in 1 van deze gebieden. Met dit bestemmingsplan is er sprake van harmonisatie van de regels en (on)mogelijkheden voor agrarische bedrijven in de gehele gemeente.

Hierbij is de Uitgangspuntennotitie Buitengebied (2.0) 2019 van de gemeenteraad basis geweest voor wat er wel en niet aan mogelijkheden worden geboden en zijn de laatste en nieuwste regels en jurisprudentie hier ook in verwerkt. Naar aanleiding van het ontwerpbestemmingsplan zijn er zienswijzen ingediend waarop is gereageerd. In sommige gevallen leidt dat tot een wijziging van het ontwerpbestemmingsplan. In de reactienota op de zienswijzen is onderbouwd wat de reactie is en indien van toepassing is de wijziging opgenomen in de staat van wijzigingen. Dit alles moet leiden tot het besluit tot het (gewijzigd) vaststellen van het nieuwe bestemmingsplan. Het plangebied van het onderhavige bestemmingsplan ‘Buitengebied Súdwest-Fryslân-II’ is in onderstaande afbeelding globaal weergegeven. Het betreft het plangebied van de bestemmingsplannen buitengebied van de voormalige gemeenten Bolsward, Boansterhim (deels), Littenseradiel (deels) en Wymbritseradiel. Daarnaast zijn ook alle agrarische percelen binnen het plangebied, die nu binnen een bebouwde kom liggen en waarvoor een ander bestemmingsplan van toepassing is, opgenomen in het onderhavige bestemmingsplan.

Na de vaststelling van onderhavig bestemmingsplan en de vaststelling van het bestemmingsplan ‘Buitengebied Súdwest-Fryslân-I’ geldt voor alle agrarische bedrijven in de gemeente SúdwestFryslân dezelfde juridisch planologische regeling. Het onderhavige bestemmingsplan is gebaseerd op

1

de ‘Uitgangspuntennotitie Buitengebied Súdwest-Fryslân (2)’ zoals deze in 2019 door de gemeenteraad is vastgesteld.

‘Geitenstop’ De gemeenteraad heeft twee keer een voorbereidingsbesluit genomen om de vestiging – en/of uitbreiding van geitenhouderijen tegen te gaan. Een derde voorbereidingsbesluit is niet mogelijk en mede daarom is er voor gekozen om de juridische regeling met betrekking tot de ‘geitenstop’ op te nemen in het onderhavige bestemmingsplan. In het onderhavige bestemmingsplan is een juridische regeling opgenomen met betrekking tot de (nieuw)vestiging of uitbreiding van geitenhouderijen. De ‘geitenstop’ is ingesteld in afwachting van de uitkomsten van de vervolgonderzoeken in het kader van Veehouderij en Gezondheid Omwonenden – III. De uitkomsten van deze onderzoeken worden echter niet voor eind 2024 verwacht en mogelijk nog later. Met de vaststelling van het onderhavig bestemmingsplan wordt de ‘geitenstop’ verlengd.

Argumenten: a.1 Voor het nieuwe bestemmingsplan moet een PlanMER worden opgesteld Voor een bestemmingsplan waarin nieuwe ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt moet een zogenaamd PlanMER worden opgesteld. MER staat voor milieu effectrapportage. In dit PlanMER moet onderbouwd worden dat er geen ernstig nadelige milieueffecten aan de orde zijn door het vaststellen van het bestemmingsplan. Hierbij is het uitgangspunt de bestaande buitengebiedbestemmingsplannen en dit wordt afgezet tegen het beoogde nieuwe plan. In enkele oude buitengebied-bestemmingsplannen wordt er gewerkt met een bouwvlak van ca 1 Ha. Nu wordt dit omgezet naar een denkbeeldige rechthoek van 1,5Ha. In potentie kan dat milieueffect

2

hebben en dan met name op de natuurwetgeving. Dat is onder meer onderbouwd. Daar is geen sprake van nu er aansluiting wordt gezocht bij de natuurtoestemmingen die een agrarisch bedrijf heeft. Daarnaast is onderbouwd dat er ook op andere vlakken geen ernstige milieueffecten zijn. Het conserverende karakter en de harmonisatie van de regels (gelijk aan BGB-I) zorgt ook dat er tot deze conclusie gekomen wordt. b.1 De PlanMER is aangevuld naar aanleiding advies commissie MER Als er een PlanMER wordt opgesteld, schrijft de wet voor dat een onafhankelijke commissie hier over adviseert. De commissie MER. Dit advies is gegeven op 31 juli 2023. De commissie is hiervoor op rondrit door de gemeente geweest (net zoals dat in 2017 bij Buitengebied SWF is gedaan). De commissie is van mening dat het PlanMER niet volledig is. Hierbij mist de commissie de ambitie voor het platteland in dit bestemmingsplan (gelet op de toekomstige landelijke en provinciale doelen). Naar aanleiding van dit advies is een aanvulling op het PlanMER geschreven. Naast de noodzakelijke aanvullingen op onderdelen is er ook inhoudelijk aangegeven waarom de beoogde ambitie nog niet in dit bestemmingsplan staat. De reden is dat deze ambitie nog niet is vastgelegd in wet- en regelgeving.

Op dat moment kan namelijk pas effect en zorgvuldig door de gemeente worden bepaald op welke wijze en via welke maatregelen de beoogde doelen (ambitie) worden nagestreefd en behaald. Dat kan in dit stadium nog niet nu bijvoorbeeld er (nog) geen landbouwakkoord is en het FPLG ook nog niet formeel is vastgesteld. Als deze beleidsstukken en wet- en regelgeving op termijn wel vastgesteld en uitgerold worden, dan is dat het moment voor actualisatie van het bestemmingsplan waarin de ambitie vorm kan krijgen. Dit betreft een harmoniserend en conserverend bestemmingsplan dat de basis gaat vormen voor de toekomst. Eerst alle regels gelijk trekken en van daaruit een gelijke basis naar een actualisatie op basis van de dan vormgegeven ambitie van de gemeente. Dat komt dus later in tijd. In de aanvulling op het PlanMER is dit ook op die wijze verantwoord. c.1 In de reactienota is de reactie op de zienswijze opgenomen Tegen het ontwerpbestemmingsplan zijn 136 zienswijzen ingediend. Dat lijken er heel veel, maar enige nuance is hier wel op zijn plaats temeer hiervan al 73 stuks (meer dan de helft) zijn van een adviesbureau met (vrijwel) dezelfde tekst en inhoud. Daarnaast wordt geadviseerd om meerdere zienswijzen over te nemen. In de ‘Samenvatting BGB-II’ is een nadere beschouwing op deze zienswijzen gegeven en worden de belangrijkste argumenten benoemd.

In de reactienota wordt per zienswijze onderbouwd of wij u voorstellen (gedeeltelijk) wel of niet mee te gaan in de zienswijze. Indien wij voorstellen om (gedeeltelijk) mee te gaan in de zienswijze dan leidt dit tot een wijziging van het ontwerpbestemmingsplan. Deze wijziging is dan opgenomen in de ‘Staat van wijzigingen’ (onderverdeeld in wijziging van de regels op basis van een zienswijze of ambtshalve of de verbeelding). Hierbij wordt dan ook het zienswijzenummer benoemd voor de overzichtelijkheid. Door vaststelling van de reactienota op de zienswijzen, staat de reactie aan de indieners van een zienswijze vast en resulteert dat ook in het eventueel aanpassen van het bestemmingsplan conform die reactienota. Als bijlage bij dit raadsvoorstel is ook een lijst met indieners van een zienswijze opgenomen. De nummers corresponderen met de nummers in de reactienota. Beide documenten zijn vanwege de privacywetgeving geschoond van persoonsgegevens. Alleen de locaties worden hier genoemd. De drie meest voorkomende aspecten die naar voren komen in de zienswijzen zijn vast bouwvlak van 2 Ha, stikstof en gebruik van gronden. Voor het standaard opnemen van een bouwvlak van 2 Ha geldt dat in de binnenplanse afwijkingsmogelijkheid om van 1,5 Ha naar 2,0 Ha te kunnen groeien in het bestemmingsplan, zitten afwegingskaders opgenomen.

Zoals bijvoorbeeld de landschappelijke inpassing (Nije Pleats sessie). Als de 2,0 Ha standaard als bouwvlak wordt opgenomen dan heb je geen regulering meer voor wat betreft de landschappelijke inpassing. Daar kom je dan niet meer aan toe. De kwaliteiten van het buitengebied zoals de openheid moet geborgd blijven en middels de binnenplanse afwijking kan er

3

maatwerk op perceelsniveau worden toegepast inclusief een goede landschappelijke inpassing. Daarom wordt er geen bouwvlak opgenomen. Met betrekking tot stikstof doet dit bestemmingsplan recht aan de bestaande natuurtoestemmingen die een agrarisch bedrijf heeft. Op de hoofdregel in het bestemmingsplan zijn afwijkingen en uitzonderingen. Dit alles tezamen zorgt voor het respecteren van deze natuurtoestemmingen voor de agrarische bedrijven. Tenslotte wordt soms gevraagd het gebruik op een perceel te wijzigen of een nieuwe ontwikkeling alvast mee te nemen. Nieuwe ontwikkelingen kunnen alleen worden meegenomen indien deze ruimtelijk onderbouwd zijn. Dus in het geval er een aanvraag loopt waarbij een ruimtelijke onderbouwing is aangeleverd en deze ruimtelijke onderbouwing is akkoord bevonden (door de preferente partners en de gemeente), dan wordt deze ontwikkeling meegenomen in het nieuwe plan. Voor andere gevallen kan dat niet, want dan is er geen sprake van een goede ruimtelijke ordening. De wijziging kan dan niet worden meegenomen omdat het bestemmingsplan dan niet voldoet aan de wet- en regelgeving (want geen goede ruimtelijke ordening). d.1 Vaststellen bestemmingsplan op basis van Staat van wijzigingen Als gemeenteraad bent u bevoegd tot het vaststellen van bestemmingsplannen.

Het voorliggende bestemmingsplan is samen met het andere Buitengebied-bestemmingsplan het grootste bestemmingsplan voor een buitengebied in heel Nederland. Het omvat een groot grondgebied. Vaststelling van dit bestemmingsplan betekent dat de oude bestemmingsplannen komen te vervallen. Omdat er ambtelijke wijzigingen maar ook wijzigingen op basis van een zienswijze aan de orde zijn, is een staat van wijzigingen opgenomen. Hierin staat exact verwoord welke wijziging plaats moet vinden op het oorspronkelijke ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan is namelijk de basis van waaruit eventuele wijzigingen plaatsvinden. Om inzichtelijk te maken welke regels in het bestemmingsplan zijn gewijzigd (en wat het voorheen was), hebben wij volledigheidshalve de oorspronkelijke regels van het ontwerpbestemmingsplan als bijlage bij dit raadsvoorstel opgenomen inclusief de versie waarin de beoogde wijzigingen zijn opgenomen. Tenslotte hebben wij ook de beoogde nieuwe regels (geschoond) opgenomen om het eindplaatje te kunnen laten zien. Gelet op de omvang van dit bestemmingsplan en de vele wijzigingen is dit wenselijk om zoveel mogelijk duidelijkheid te kunnen geven. e.1 en f.1 Bekendmaking bestemmingsplan is verplicht Nadat een bestemmingsplan (gewijzigd) is vastgesteld, moet deze ook bekend worden gemaakt en digitaal raadpleegbaar zijn. Het is namelijk het nieuwe toetsingskader.

Daarvoor zijn wettelijke eisen vastgesteld en uw raad wordt gevraagd de bekendmaking van het bestemmingsplan conform deze wettelijke normen plaats te laten vinden. g.1 Exploitatieplan niet nodig Een exploitatieplan is alleen aan de orde als een nieuw bestemmingsplan kosten behelst (van de gemeente) die op het plangebied moeten worden verhaald. Het betreft een conserverend en harmoniserend plan en er zijn geen gemeentelijke (bovenplanse) kosten die hier verhaald moeten of kunnen worden. Op basis van de wetgeving is er geen exploitatieplan aan de orde. Uw raad dient wel bij elk bestemmingsplan expliciet te besluiten of er wel of geen exploitatieplan moet worden vastgesteld. U wordt voorgesteld dat in dit geval niet te doen. Risico’s: Tegen het besluit tot gewijzigd vaststellen van het bestemmingsplan staat beroep open bij de Raad van State. Financiën: N.v.t. Andere opties: Bestemmingsplan aangepast vaststellen (middels amendementen).

4

Op onderdelen kan het bestemmingsplan nog worden aangepast. Dat kan op het toewijzen van een bestemming voor een bepaald perceel maar ook op een gebruiksregel bijvoorbeeld. In dat geval wordt het bestemmingsplan met inachtneming van die wijziging vastgesteld. Het bestemmingsplan niet vaststellen Er kan besloten het bestemmingsplan niet (of vooralsnog niet) vast te stellen. Consequentie hiervan is in ieder geval dat de geitenstop komt te vervallen. De bescherming vanuit het voorbereidingsbesluit loopt begin oktober 2023 af.

Wettelijke basis: Wet ruimtelijke ordening, Besluit ruimtelijke ordening en de Algemene wet bestuursrecht. Global Goals: Goede gezondheid en welzijn, Eerlijk werk en economische groei. Wie zijn betrokken: Inwoners en bedrijven van het buitengebied (en de agrarische percelen in de kernen). Wijze van participatie: Een bestemmingsplan wordt voorbereid middels een voorontwerpfase, een ontwerpfase en de daadwerkelijke vaststelling. Hierbinnen zijn meerdere gelegenheden om een reactie te geven. Dat is in het kader van dit bestemmingsplan ook gebeurd. Daarnaast is er tijdens de ontwerpfase nog een informatieavond voor de agrarische bedrijven geweest op 29 juni 2023 in Blauwhuis. Digitale links naar informatiebronnen: www.ruimtelijkeplannen.nl In welke fase: Vaststelling/afronding bestemmingsplan. Planning vervolg in de raad/LTA: Na vaststelling komt het bestemmingsplan niet terug in de raad.

5

Bijlage(n): 1. Samenvatting bestemmingsplan BGB-II; 2. Reactienota op zienswijzen BGB-II; 3. Lijst indieners zienswijzen BGB-II; 4. Staat van wijzigingen BGB-II; 5. Regels bestemmingsplan BGB-II; 6. Regels ontwerpbestemmingsplan OUD BGB-II; 7. Regels ontwerpbestemmingsplan wijzigingen bijhouden naar nieuwe regels BGB-II; 8. Bijlagen bij regels BGB-II (10); 9. Toelichting bestemmingsplan BGB-II; 10. Bijlagen bij toelichting BGB-II (10); 11. Uitgangspuntennotitie Buitengebied Súdwest-Fryslân (2); 12. PlanMER bestemmingsplan BGB-II; 13. Advies commissie MER ontwerpbestemmingsplan BGB-II; 14. PlanMER aanvulling bestemmingsplan BGB-II. Burgemeester en wethouders van Súdwest-Fryslân.

mr. drs. J.A. de Vries

drs. E.K. Strijker

6

, burgemeester.

, gemeentesecretaris.

Raadsbesluit gemeente Súdwest-Fryslân Onderwerp Gewijzigd vaststellen bestemmingsplan Buitengebied Súdwest-Fryslân II Naar aanleiding van het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 augustus 2023;

besluit:

a. b. c. d.

het PlanMER voor het Buitengebied Súdwest-Fryslân-II (inclusief passende beoordeling) vast te stellen; de aanvulling PlanMER voor het Buitengebied Súdwest-Fryslân-II vast te stellen; de reactienota op ingediende zienswijzen 'Bestemmingsplan Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' vast te stellen; e. het bestemmingsplan 'Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' gewijzigd vast te stellen ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan dat ter inzage heeft gelegen, conform de bij dit besluit behorende Staat van Wijzigingen; f. het bestemmingsplan langs elektronische weg vastleggen in het GML-bestand NL.IMRO.1900.2023BPBGBSWFII-vast en tevens in die vorm vastleggen; g. te besluiten dat voor de locatie van de geometrische planobjecten gebruik is gemaakt van een ondergrond welke is ontleend aan de Basisregistratie Grootschalige Topografie; h. geen exploitatieplan voor het bestemmingsplan 'Buitengebied Súdwest-Fryslân-II' vast te stellen.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 28 september 2023

mr. drs. J.A. de Vries

G.W. Stegenga

7

, voorzitter.

, griffier.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13086085/2