CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Rapportage woonbeleid in Súdwest-Fryslân

Raadsvergadering 23 december 2021, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: ‘Rapport Rekenkamer woonbeleid’13.351 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het is van belang constant te blijven monitoren en binnen de gemeente wordt ook met data-analisten verkend hoe bijvoorbeeld verhuisbewegingen beter in beeld gebracht kunnen worden. Bij het thema wonen en zorg ligt de focus op sociale huur, omdat de mensen die hiervoor in aanmerking komen (ouderen, kwetsbaren) weinig keuzemogelijkheden hebben. Het zicht op het aanbod van geschikte woningen in de sociale huursector is ook beter dan het zicht op de beschikbaarheid van geschikte woningen in de particuliere sector. In een interview wordt opgemerkt dat de gemeente in het verleden via de aanvragen voor bouwvergunningen nog tot op zekere hoogte zicht had op het deel van de woningvoorraad dat geschikt was voor zelfstandig wonen met aanpassingen. Door ontwikkelingen in het vergunningstelsel wordt dit zicht minder.

3.4 Informatievoorziening en de raad De raad toont zich betrokken waar het gaat om wonen voor kwetsbare doelgroepen en gaat hierover het gesprek aan, bijvoorbeeld over thema’s als de huurverhoging door woningcorporaties en de wachttijd van woningzoekenden. Hierbij is van belang dat de gemeente geen hiërarchische verhouding heeft ten opzichte van bijvoorbeeld de woningcorporaties; gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties vormen een driehoek die elkaar in balans houdt, aldus de portefeuillehouder. Er is veel politieke aandacht voor het onderwerp wonen en zorg en dan in het bijzonder voor de verdeling stad en platteland. De gemeenteraad heeft onder meer de Woonvisie en de Omgevingsvisie vastgesteld en is meerdere malen meegenomen in het proces rond de Woningbouwstrategie. In het najaar van 2021 wordt de raad betrokken in het proces rond de woonzorgvisie. Er worden periodiek informerende raadsbijeenkomsten georganiseerd. Zo wordt de monitor sociale huur jaarlijks teruggekoppeld naar de raad in een informerende raadsbijeenkomst over sociale huur, waarbij onder meer wordt ingegaan op actuele woningmarktontwikkelingen en de

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

22

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van sociale huurwoningen. Ook zijn er informatiebijeenkomsten geweest over het woononderzoek, ambitiedocument en afwegingskader en is de raad digitaal geïnformeerd tijdens een webinar over wonen en over de strategie woningbouw. Verder is de raad meermaals schriftelijk geïnformeerd over onder meer de woningbouwprogrammering.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

23

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Hoofdstuk 4 Woonbeleid vanuit een ander perspectief 4.1 Het voorzien in de woonbehoefte van inwoners met de laagste inkomens; het perspectief van woningcorporaties en huurdersorganisaties Volgens zowel woningcorporaties als huurdersorganisaties is er een actueel beeld op hoofdlijnen van de vraag naar sociale huurwoningen in de verschillende kernen van de gemeente Súdwest-Fryslân. De gezamenlijke monitor sociale woningmarkt, waarover in het voortgaande hoofdstuk, werd gesproken is daar een belangrijk instrument in. Wel wordt door één van de respondenten opgemerkt dat het beeld van de vraag naar woningen in afzonderlijke kernen globaal is: “Voor de grotere kernen is het beeld helderder. Voor kleine kernen gaat er veel op 'ze zeggen dat' en 'onderbuikgevoelens' gestuurd worden door Dorpsbelang. Hoe groot is de daadwerkelijke vraag/omvang doelgroep?”. Woningcorporaties en huurdersorganisaties zijn kritisch over de beschikbaarheid van sociale huurwoningen in de gemeente Súdwest-Fryslân. Er bestaat een verschil in vraagdruk tussen de grote en kleinere kernen. De vraagdruk in de grote kernen neemt toe, zo merkt één van de respondenten op: “De vraagdruk is enorm toegenomen de afgelopen jaren, de doorstroom stagneert.

Er komt extra druk op grote kernen door decentralisatie zorg, statushouders, weer thuis, langer thuis, afnemende voorzieningen in kleine kernen en verdunning huishoudensgrootte”. In de kleine kernen lijken voldoende sociale huurwoningen beschikbaar te zijn, maar wordt betwijfeld of deze wel aansluiten bij de woonbehoefte van de inwoners. “Er zijn volgens mij voldoende woningen voor hen die zich tijdig inschrijven, is het echter het juiste woningtype? Of moet je bouwen voor de doorstroom?”, merkt één van de respondenten op. Een andere respondent constateert: “Er is in verschillende kernen zelfs meer aanbod dan de vraag. Dat maakt dat er een toeloop is van woningzoekenden vanuit andere regio's. Dit is van invloed op de leefbaarheid in deze kernen”. Of inwoners die daarvoor in aanmerking komen binnen een acceptabele termijn een sociale huurwoning in de gemeente Súdwest-Fryslân kunnen krijgen is afhankelijk van hun wensen ten aanzien van wijk, woningtype, plaats en huurprijs. Er is voldoende zicht op de toekomstige vraag naar sociale huurwoningen in de gemeente Súdwest-Fryslân volgens zowel woningcorporaties als huurdersorganisaties. Er zijn hier onderzoeken naar uitgevoerd en ook de gezamenlijke monitor sociale huur draagt hieraan bij.

Tegelijkertijd is het zo dat gebeurtenissen elders in de wereld een toestroom aan woningzoekenden op gang kan brengen wat de vraag lastig voorspelbaar maakt, zo relativeert een respondent dit beeld. Er wordt verschillend gedacht over de mate waarin wordt geluisterd naar de wensen van inwoners voor wat betreft sociale huurwoningen en over de vraag of dit voldoende is. Met name de huurdersorganisaties zijn hier kritisch over, terwijl de woningcorporaties wijzen op de onderzoeken die worden gedaan onder inwoners, de inloopavonden die er zijn en de andere contacten met bewoners en huurderorganisaties. Vanuit een huurdersorganisatie wordt geconstateerd dat de woningen die worden toegevoegd aan de woningvoorraad onvoldoende aansluiten bij de behoefte die er is bij de inwoners die in aanmerking komen voor een sociale huurwoning en de betreffende organisatie vraagt zich af of de wens er wel voldoende is om deze groep van passende woonruimte te voorzien. Het is niet duidelijk of deze kritisch kanttekening de gemeente of de woningcorporaties betreft. Een andere huurdersorganisatie merkt op dat er wel geluisterd wordt, maar dat dit vervolgens onvoldoende tot concrete actie

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

24

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

leidt. Een huurdersorganisatie wil de gemeente meegeven: “Graag in nieuwe woonvisie oog voor afweging belangen en helder standpunt over in hoeverre de maatschappij wel of niet maakbaar is. Bewoners hebben zeer veel wensen, maar niet alle wensen kunnen ingewilligd worden. Wanneer doe je een stap naar elkaar toe? Hoe kun je elkaar tegemoet komen in de redelijkheid en billijkheid? Waar komen toekomstige bewoners en huidige woonwensen in botsing of bij elkaar? Iedere euro die nu wordt geïnvesteerd in huisvesting wordt voor de komende 25-50-100 jaar geïnvesteerd, daar moet je wel rekening mee houden”. De meeste respondenten vinden dat de gemeente Súdwest-Fryslân heldere doelen heeft geformuleerd waar het gaat om sociale huur: “Er is een gezamenlijk kader visie sociale huur gemaakt o.b.v. gezamenlijke onderzoeken en inzichten. Hier zijn gezamenlijke conclusies getrokken”. Daarbij wordt wel opgemerkt dat de uitwerking een stuk concreter mag en dat er vervolgens ook beter gestuurd zou moeten worden op de resultaten: “Niet alleen vragen van corporaties, maar zelf ook aan de lat staan”. Over de toekomstbestendigheid van het beleid ten aanzien de sociale huursector in de gemeente Súdwest-Fryslân en de vraag of er voldoende rekening wordt gehouden met de ontwikkelingen in de vraag naar sociale huurwoningen wordt verschillend gedacht.

Geconstateerd wordt dat in 2020 de gemeente door vraagdruk in de sociale huursector het afwegingskader woningbouw heeft aangepast, zodat deze sector voorrang krijgt. Desondanks wordt opgemerkt dat er een gebrek is aan locaties voor nieuwbouw van sociale huurwoningen. De gemeente Súdwest-Fryslân betrekt de juiste organisaties bij het beleid gericht op de sociale huursector. De wijze waarop de visie Wonen en Zorg tot stand kwam wordt daarbij als positief voorbeeld genoemd. De respondenten zijn redelijk positief over de mate waarin de organisatie die zij vertegenwoordigen invloed heeft op het beleid ten aanzien van de sociale huursector. Zij geven aan dat er wordt geluisterd, maar dat er niet altijd een vervolg is: “[De gemeente is] van goede wil om wat met signalen te doen. De gemeente en woningcorporaties hebben te weinig instrumenten en middelen. Dat is frustrerend”. Ook worden de afstemming binnen de gemeente en de snelheid waarmee het beleid wordt uitgevoerd als aandachtspunt genoemd. Over de vraag of de gemeente op constructieve en creatieve wijze zoekt naar mogelijkheden om samen met woningcorporaties en huurdersorganisaties de woonopgaven te realiseren wordt verschillend gedacht. Er worden prestatieafspraken gemaakt en één van de huurdersorganisaties ziet dat er in 2021 een beweging plaatsvindt om hier meer op in te zetten.

Een andere huurdersorganisatie geeft daarentegen aan: “We stellen in gezamenlijkheid notities op, maar de gemeente hakt geen knopen door. […] Het is teveel een politiek steekspel aan het worden, ten koste van de sociale doelgroep”. De gemeente heeft volgens de meeste respondenten duidelijke afspraken gemaakt met woningcorporaties en huurdersorganisaties over de sociale huursector, al ligt er nu met name een visie en moet de vertaalslag naar scherpe, SMART-geformuleerde doelen en afspraken nog plaatsvinden. Er is voldoende duidelijkheid over de opgaven voor de sociale huursector waar gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties voor aan de lat staan en de manier waarop die opgaven gerealiseerd moeten worden; er ligt een gemeenschappelijk onderschreven notitie over de opgaven sociale woningmarkt. Verschillende respondenten zijn kritisch over de wijze waarop de gemeente haar regierol invult voor wat betreft de sociale huursector; er wordt veel gepraat en zaken blijven lang liggen. Ook zou de regierol duidelijker opgepakt kunnen worden als het gaat om wijzigingen in wetgeving vanuit het Rijk voor wat betreft het sociaal domein, zo merkt een woningcorporatie op.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

25

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Er is volgens de betrokkenen onvoldoende balans tussen de betaalbaarheid, de beschikbaarheid en de kwaliteit van sociale huurwoningen in de gemeente, waarbij zij verschillen van mening over waar de disbalans zit. Voor de ene respondent is de kwaliteit en ook de beschikbaarheid van sociale huurwoningen in Sneek een aandachtspunt, terwijl een andere respondent aangeeft met name de betaalbaarheid van sociale huurwoningen problematisch te vinden. Op dit moment is de grootste uitdaging voor wat betreft de sociale huursector in de gemeente Súdwest-Fryslân voor zowel de woningcorporaties als de huurdersorganisaties de beschikbaarheid van woningen en dan in het bijzonder de beschikbaarheid in Sneek. Ook de betaalbaarheid wordt als uitdaging benoemd. De woningcorporaties zien de duurzaamheid van de woningvoorraad als uitdaging en ook één van de huurdersorganisaties vraagt hier expliciet aandacht voor.

4.2 Wonen en zorg vanuit het perspectief van zorgaanbieders, woningcorporaties en adviesraden Volgens de zorgorganisaties en het Wmo-platform zijn op dit moment de grootste uitdagingen op het gebied van wonen en zorg:   

De betaalbaarheid van woningen voor inwoners met een zorgvraag De afstemming tussen het woonzorgaanbod en de veranderende woonzorgbehoefte De beschikbaarheid van woningen voor specifieke groepen inwoners met een zorgvraag

Er is volgens de respondenten op dit moment beperkt zicht op de huidige woonbehoefte van inwoners met een zorgvraag en beperkt inzicht in de toekomstige ontwikkelingen in de woonzorgbehoefte van de inwoners. De gemeente heeft onder meer bijeenkomsten georganiseerd met lokale zorgaanbieders om zich hier een beeld van te vormen. Met het ontwikkelen van de woonzorgvisie moet dit beeld duidelijker worden. Zorgorganisaties betwijfelen of er op dit moment in zowel de grote als de kleine kernen voldoende woningen beschikbaar zijn om te voorzien in de woonbehoefte van inwoners met een zorgvraag. Een vertegenwoordiger van een zorgorganisatie constateert: “Er zijn te weinig geschikte woningen waar onze cliënten vanuit een BW naar toe kunnen doorstromen. Ze komen dan in een begeleid zelfstandig wonen en hebben dus nog steeds zorg nodig”. Volgens woningcorporaties en huurdersorganisaties kan met het huidige aanbod van sociale huurwoningen niet afdoende voorzien worden in de woonbehoefte van inwoners met een zorgvraag; het aanbod is onvoldoende afgestemd op de vraag. En in de woningen die er zijn woont niet altijd de beoogde doelgroep; de verhuisbereidheid van inwoners is soms beperkt.

De gemeente Súdwest-Fryslân heeft nog geen heldere doelen geformuleerd waar het gaat om wonen voor inwoners met een zorgvraag, maar met de woonzorgvisie wordt hier een belangrijke stap in gezet, aldus de respondenten. “De gemeente is volop bezig visie te ontwikkelen; deze vertalen naar concrete doelen en daarin de samenhang zien is een vervolgstap die nog nodig is”, geeft een zorgorganisatie aan. Er zijn op dit moment dan ook nog geen duidelijke afspraken tussen de gemeente, woningcorporaties, zorgaanbieders, het zorgkantoor en huurdersorganisaties over de wijze waarop nu en in de toekomst in de woonzorgbehoefte in de gemeente Súdwest-Fryslân wordt voorzien. Dit zal na de totstandkoming van de woonzorgvisie verder vorm moeten krijgen. Vanuit een huurdersorganisatie wordt hierover het volgende opgemerkt: “Het zou zo mooi zijn als het de zorgaanbieders/het zorgkantoor samen met ons prestatieafspraken willen formuleren. Dat kan

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

26

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

leiden tot ontschotting van middelen en veel meer resultaat. 1+1=3. Kun je nagaan wat 1+1+1+1+1=?? op kan leveren”. Wanneer concrete afspraken gemaakt gaan worden dan kunnen verschillende belangen wel een rol gaan spelen, volgens vertegenwoordiger van een zorgorganisatie. De huidige werkwijze zou moeten bijdragen aan de toekomstbestendigheid van het beleid, al wordt hierbij de kanttekening geplaatst dat de toekomstige woonzorgbehoefte zich lastig laat voorspellen. De zorgorganisaties en het Wmo-platform zijn eensgezind van mening dat de gemeente de juiste organisaties betrekt bij het beleid gericht op wonen en zorg. Alle zorgorganisaties die actief zijn in de regio zijn betrokken, ook al bij de verkenning van de vraag naar en behoefte aan woningen en zorg. Of dit vervolgens ook tot daadwerkelijke invloed van de afzonderlijke organisaties leidt zal nog moeten blijken, aldus de respondenten. De indruk bestaat dat er voldoende wordt geluisterd naar de wensen van inwoners waar het gaat om wonen en zorg. Er wordt verschillend gedacht over de vraag of de gemeente op constructieve en creatieve wijze zoekt naar mogelijkheden om samen met woningcorporaties, huurdersorganisaties, zorgaanbieders en het zorgkantoor de opgaven op het gebied van wonen en zorg te realiseren, al zijn hier de afgelopen jaren wel stappen in gezet.

Zo merkt een huurdersorganisatie op: “Na een zeer moeizame start in 2015-2016 hebben we nu constructief overleg en goede werkgroepen. Het kan nog creatiever en meer gericht op resultaat. Dat kan door het rechtstreeks betrekken van medewerkers (met mandaat!) van het zorgkantoor en zorgaanbieders. We hebben per slot van rekening allemaal hetzelfde einddoel. Goed, veilig en comfortabel wonen voor iedereen”. De Wmo-raad is te spreken over de wijze waarop de gemeente samen met de partners zoekt naar mogelijkheden om de opgaven te realiseren en merkt op dat het probleem van de woonzorgbehoefte niet eenvoudig is en vele mogelijke oplossingen kent. De gemeente pakt nu met het opstellen van de woonzorgvisie meer haar regierol, maar dit kan steviger. Een vertegenwoordiger van een zorgorganisatie geeft aan: “De gemeente stelt zich faciliterend op maar zoekt nog naar de mate waarin zij regie pakt. Een voorbeeld hiervan is de mogelijkheid tot ontmoeting voor mensen met een zorgvraag die extramuraal wonen. Wie neemt de regie in het tot stand komen van dergelijke ontmoetingsplaatsen? Hoe ver gaat de gemeente in het nemen van regie om dergelijke voorzieningen voor de burgers tot stand te brengen? Dat lijkt een zoektocht”.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

27

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Hoofdstuk 5 Beleid en praktijk beoordeeld 5.1 Hoe zijn de gestelde doelen in het woonbeleid geoperationaliseerd? De norm 

Voor het woonbeleid zijn heldere beleidsdoelen vastgelegd die onderbouwd zijn vanuit een duidelijk beeld over de ontwikkeling van vraag naar en aanbod van woningen voor de gekozen doelgroepen In het proces van beleidsvorming worden de belangrijkste stakeholders actief betrokken

De gemeente Súdwest-Fryslân heeft een actueel beeld van de ontwikkelingen in vraag en aanbod in de sociale huursector en heeft zicht op de achtergrond van die ontwikkelingen. Er is volgens de betrokkenen onvoldoende balans tussen de betaalbaarheid, de beschikbaarheid en de kwaliteit van sociale huurwoningen in de gemeente. De gemeente heeft dit beeld samen met woningcorporaties en huurdersorganisaties vertaald naar strategische opgaven die zowel de kwaliteit als de kwantiteit van de sociale huursector betreffen. De opgaven verschillen tussen de kernen/deelgebieden. De vertaalslag naar heldere beleidsdoelen is een punt van aandacht. Voor wat betreft wonen en zorg heeft de gemeente Súdwest-Fryslân op basis van onderzoek de verschillende opgaven voor woonvormen en kernen/deelgebieden uitgewerkt in een woonzorgvisie, waarbij ook voor wonen en zorg de vertaalslag naar concrete beleidsdoelen een aandachtspunt is. In het proces van beleidsvorming worden de belangrijkste stakeholders, in het bijzonder woningcorporaties, zorgorganisaties en adviesraden actief betrokken.

Met betrekking tot de sociale huursector geven de samenwerkingspartners daarbij aan dat er naar hen wordt geluisterd, maar dat het niet altijd duidelijk is wat er met hun inbreng gebeurt en dat de afstemming binnen de gemeente, de snelheid waarmee het beleid tot uitvoering komt en de wijze waarop de gemeente de regie pakt beter kunnen. Er wordt verschillend gedacht over de mate waarin er wordt geluisterd naar de wensen van inwoners voor wat betreft sociale huurwoningen en over de vraag of dit voldoende is. Voor wat betreft het onderwerp wonen en zorg geven de betrokkenen aan dat in de volgende fase van het proces rond de woonzorgvisie zal blijken wat er met hun inbreng gebeurt. Ook hier zijn de betrokkenen kritisch ten aanzien van de stevigheid waarmee de gemeente invulling geeft aan haar regierol. De indruk bestaat dat er voldoende wordt geluisterd naar de wensen van inwoners.

5.2 Op welke wijze worden de doelen gerealiseerd? De norm  

De gemeente benoemt expliciet de maatregelen die worden ingezet alsmede de daarvan verwachte effecten In het woonbeleid is aangegeven op welke termijn de gekozen maatregelen behorende bij de doelstellingen worden uitgevoerd

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

28

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

De gemeente geeft expliciet aan wat van de verschillende partijen wordt verwacht om de doelen te bereiken en benoemt daarbij ook haar eigen rol en middeleninzet

De gemeente Súdwest-Fryslân kiest voor wat betreft de opgaven die er liggen voor sociale huur en wonen en zorg zowel voor maatregelen die erop gericht zijn om nieuwe woningen te realiseren als voor maatregelen die kunnen worden ingezet om invloed uit te oefenen op de prijs en bewoning van de bestaande woningvoorraad. Zo kiest de gemeente er in het afwegingskader woningbouw voor om voorrang te geven aan doelgroepen die door de huidige woningvoorraad en of woningplanvoorraad onvoldoende worden bediend en is toegankelijk wonen en zorg in dit kader opgenomen als criterium bij de beoordeling van woningbouwplannen. Ook wil de gemeente ontwikkellocaties in grotere kernen voor uitbreiding van de sociale huurvoorraad. Initiatieven van burgers en ondernemers worden gestimuleerd en het uitgangspunt is om sloop van sociale huurwoningen in kleine kernen uit te stellen om daar (voorlopig) in de vraag te kunnen blijven voorzien. De prijs en bewoning van de bestaande sociale huurvoorraad wil de gemeente bijvoorbeeld beïnvloeden door in prestatieafspraken een gematigd huurbeleid voor de groep met de laagste inkomens vast te leggen, door woningen of complexen te herbestemmen, dat wil zeggen, de doelgroep te wijzigen en door doorstroming te stimuleren.

Ook worden inwoners geadviseerd over mogelijke woningaanpassingen en worden er met zorgorganisaties afspraken gemaakt om een voldoende ondersteuningsaanbod te behouden in met name de kleine kernen om er zo voor te zorgen dat ouderen zo lang mogelijk veilig en comfortabel in hun woning kunnen blijven wonen. De uitwerking van deze maatregelen naar te verwachte effecten, een tijdspad en een verdeling van rollen, taken en middelen gebeurt tot op zekere hoogte en dan met name rond het onderwerp sociale huur, bijvoorbeeld in de prestatieafspraken die worden gemaakt tussen gemeente, woningcorporaties en huurdersorganisaties. De eigen bijdrage van de gemeente aan de realisatie van het woonbeleid zou, in de ogen van verschillende betrokkenen, scherper geformuleerd kunnen worden. Verschillende betrokkenen geven aan dat de gemeente constructiever en creatiever zou kunnen zijn in het zoeken naar mogelijkheden om samen met woningcorporaties, huurdersorganisaties, zorgaanbieders en het zorgkantoor de voorliggende woonopgaven te realiseren.

5.3 In hoeverre heeft de gemeente zicht op de verwachte en gerealiseerde effectiviteit van de maatregelen en stuurt zij hierop? De norm    

De gestelde doelen in het woonbeleid zijn gerealiseerd via en/of geborgd in werk- of uitvoeringsprogramma’s en/of prestatieafspraken Het gevoerde beleid wordt periodiek gemonitord en geëvalueerd en zo nodig bijgesteld Er is inzicht in de redenen van afwijken van het (eventueel) niet realiseren van de doelstellingen De gemeente speelt in op veranderende (woningmarkt)omstandigheden door het tussentijds aanvullen of aanpassen van het beleid en/of de maatregelen die worden ingezet

Met het recent opgestelde strategisch kader sociale huur en de woonzorgvisie zijn de belangrijkste strategische opgaven benoemd. De vertaalslag en uitwerking naar concrete beleidsdoelen en daarbij passende maatregelen moet voor een deel nog plaatsvinden. De gemeente maakt voor wat betreft de sociale huursector prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersorganisaties waarin ook het thema wonen en zorg aan de orde komt onder het onderdeel bijzondere doelgroepen. Deze afspraken worden geëvalueerd. De

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

29

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

woonzorgvisie vormt de basis voor prestatieafspraken tussen gemeente, zorgaanbieders, zorgkantoor en woningcorporaties die in de tweede helft van 2021 worden opgesteld. Eén van de prestatieafspraken die de gemeente heeft gemaakt met de woningcorporaties en huurdersorganisaties betreft het jaarlijks opstellen van een monitor sociale huur waarmee monitoring tot op zekere hoogte vorm krijgt. Van het daadwerkelijk evalueren van de beleidsdoelen en het bijstellen van beleid op basis van evaluaties lijkt voor wat betreft beide onderwerpen geen sprake te zijn.

5.4 Op welke wijze wordt over (de effectiviteit van) het woonbeleid gerapporteerd aan de raad? De norm   

De gemeenteraad heeft vooraf heldere eisen aan de informatievoorziening gesteld De gemeenteraad is geïnformeerd en betrokken bij de totstandkoming van het woonbeleid en heeft op deze manier invulling kunnen geven aan haar kaderstellende rol De raad heeft aan de hand van rapportages voldoende zicht op de effectiviteit van het woonbeleid om haar controlerende rol in te vullen

De gemeenteraad heeft vooraf geen specifieke inhoudelijke eisen gesteld aan de informatievoorziening rond de onderwerpen sociale huur en wonen en zorg. De raad heeft de kaders gesteld, onder meer via het vaststellen van de Woonvisie. De raad wordt periodiek, via informerende raadsbijeenkomsten en schriftelijk, op de hoogte gesteld van de ontwikkelingen met betrekking tot het woonbeleid in het algemeen en de sociale huursector in het bijzonder. Zo wordt de monitor sociale huur jaarlijks teruggekoppeld naar de raad in een informerende raadsbijeenkomst over sociale huur, waarbij onder meer wordt ingegaan op actuele woningmarktontwikkelingen en de betaalbaarheid, beschikbaarheid en kwaliteit van sociale huurwoningen. Ook ontvangt de raad de prestatieafspraken die met woningcorporaties en huurdersorganisaties worden gemaakt. In het najaar van 2021 wordt de raad geïnformeerd over het proces rond de woonzorgvisie. Naast de informatievoorziening vanuit het college stellen raadsleden zelf vragen over het woonbeleid.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

30

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Hoofdstuk 6 Conclusies & aanbevelingen 6.1 Conclusies Conclusie 1 In dit onderzoek is gekeken naar het woonbeleid voor zover dat betrekking heeft op inwoners met de laagste inkomens (i.c. sociale huur) en inwoners met een zorgvraag; beide onderwerpen staan in de gemeente Súdwest-Fryslân hoog op de (woon)agenda, zijn volop in ontwikkeling en worden deels in samenhang opgepakt. Conclusie 2 De gemeente heeft zich met diverse onderzoeken een beeld gevormd van de huidige en, voor zover mogelijk, toekomstige ontwikkelingen voor wat betreft de behoefte aan sociale huurwoningen en de woonzorgbehoefte in de gemeente Súdwest-Fryslân. De afstemming van vraag en aanbod is en blijft een uitdaging. De verschillende woonopgaven zijn uitgewerkt; er is een beeld van de kwantitatieve en de kwalitatieve opgaven die er in de verschillende kernen/deelgebieden van de gemeente en voor verschillende doelgroepen bestaan. De vertaalslag van deze opgaven naar concrete beleidsdoelen is een aandachtspunt, zowel voor wat betreft sociale huur als voor wonen door inwoners met een zorgvraag, en ook de relatie tussen beleidsdoelen, ingezette maatregelen en de resultaten die daarmee worden behaald verdient verdere uitwerking. Conclusie 3 Over het algemeen wordt de samenwerking tussen gemeente en de woningcorporaties, adviesraden en zorgaanbieders als prettig ervaren.

Wel is een deel van de samenwerkingspartners kritisch over de eigen bijdrage van de gemeente aan de realisatie van het woonbeleid, de wijze waarop de gemeente invulling geeft aan haar regierol en de mate waarin de gemeente op constructieve en creatieve wijze zoekt naar mogelijkheden om samen met woningcorporaties, huurdersorganisaties, zorgaanbieders en het zorgkantoor de voorliggende woonopgaven te realiseren. De wederzijdse verwachtingen van de gemeente en de samenwerkingspartners over wie welke rol heeft lijken hier uiteen te lopen. Conclusie 4 De raad toont zich betrokken bij zowel sociale huur als wonen en zorg en wordt hierover actief geïnformeerd. Het ontbreken van concrete beleidsdoelen en de beperkte uitwerking van maatregelen naar te verwachte effecten en een tijdspad maakt dat de informatievoorziening een wat fragmentarisch karakter heeft.

6.2 Aanbevelingen Aanbeveling 1 De gemeente staat nu voor de uitdaging de opgaven die er zijn op het gebied van sociale huur en wonen en zorg te vertalen naar concrete doelen. De (sociale) woningmarkt is sterk in beweging en vraagt om adequate reactie wanneer zich veranderingen voordoen. Bij het vaststellen van de doelen moet daarom oog zijn voor haalbare en meetbare doelen, maar ook voor voldoende flexibiliteit. En ook voor integraliteit; de in dit onderzoek beschreven

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

31

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

onderwerpen zijn tenslotte slechts twee uitdagingen binnen het woonbeleid van de gemeente Súdwest-Fryslân. Aanbeveling 2 De rekenkamer adviseert om, naast de bestaande monitoring, bij toekomstige evaluaties ook de ontwikkeling van deze onderliggende doelen inzichtelijk te maken, zodat voor de raad helder wordt in hoeverre de doelen zijn behaald. Aanbeveling 3 De rekenkamer adviseert het college de doelen van het woonbeleid expliciet te maken in te verwachte effecten, een tijdspad en een verdeling van rollen, taken en middelen. Aanbeveling 4 Wanneer in de toekomstige prestatieafspraken meer aandacht wordt besteed aan de rol, inspanningen en de middelen die de gemeente inzet, dan wordt er meer duidelijkheid gecreëerd richting de samenwerkingspartners (woningcorporaties, zorgaanbieders, huurdersorganisaties en het Wmo-platform) en wordt daarnaast de raad beter in staat gesteld invulling te geven aan zijn controlerende taak. Aanbeveling 5 De rekenkamer doet de aanbeveling om het gesprek te (blijven) voeren over rollen, taken en verantwoordelijkheden met de samenwerkingspartners.

De verwachtingen die de samenwerkingspartners van de gemeente hebben blijken niet geheel overeen te komen met het beeld dat er binnen de gemeente bestaat van de rollen, taken en verantwoordelijkheden die zij heeft in het kader van (de uitvoering van) het woonbeleid en de wijze waarop hier invulling aan wordt gegeven.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

32

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Bronnen Beleidsdocumenten  Programmabegroting 2021 en meerjarenraming 2022-2024  Woonvisie Súdwest-Fryslân 2017-2022  Woononderzoek 2018 Gemeente Súdwest-Fryslân  Ambitiedocument Wonen SWF 2019  Afwegingskader Woningbouw 2019  Notitie Opgave wonen & zorg, meer en langer thuis 2020  Strategisch kader sociale huur in Súdwest-Fryslân 2021  Strategie woningbouw 2020-2030 Overige documenten  Rekenkamer Metropool Amsterdam, Woonbeleid in Zaanstad, 2020.  Rekenkamer Maastricht, Woonbeleid, 2020.  Rekenkamercommissie Vallei en Veluwerand, Evaluatie Woonvisie 2015 Gemeente Nijkerk, 2019.  Rekenkamercommissie Veenendaal, Onderzoek effectiviteit Woonbeleid Veenendaal, 2019.  Rekenkamercommissie Haarlemmermeer, Ruimte voor verbetering? Onderzoek naar woonbeleid in de gemeente Haarlemmermeer, 2017.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

33

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Bijlage I Respondenten Naam

Functie

Datum interview

Pieter Zondervan

Gemeentesecretaris

12 november 2020 (startgesprek)

Richtsje van Kammen

Programmamanager Wonen

Sjoerd Brandsma

Beleidsadviseur Wonen

17 mei 2021 16 juni 2021

Richtsje van Kammen

Programmanager Wonen

Hans Halbesma

Strategisch adviseur

Tilly Berkenbosch

Beleidsadviseur Sociaal Domein

Gea Wielinga

Portefeuillehouder

28 juni 2021

25 augustus 2021

Wonen & zorg Mark de Man

Portefeuillehouder Wonen

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

6 september 2021

34

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Bijlage II Bestuurlijke reactie

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

35

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

36

Rekenkamer Súdwest-Fryslân

Bijlage III Nawoord rekenkamer De rekenkamer van de gemeente Súdwest-Fryslân heeft, mede op verzoek van de gemeenteraad, onderzoek gedaan naar de wijze waarop de gemeente voorziet in de woonbehoefte van inwoners met een zorgvraag en inwoners met de laagste inkomens i.c. sociale huur. Tijdens dit onderzoek zijn documenten opgevraagd en geleverd en verschillende gesprekken gevoerd. De rekenkamer bedankt de ambtelijke organisatie voor het aanleveren van de gevraagde documenten en zowel de ambtelijke organisatie als de beide portefeuillehouders voor de gesprekken die wij hebben gevoerd. Daarnaast willen wij onze dank uitspreken aan de vertegenwoordigers van woningcorporaties, huurdersorganisaties, het Wmo platform en zorgaanbieders die bereid waren om via de digitale weg zeer uitgebreid onze vragen te beantwoorden waardoor wij een breder perspectief kregen op het onderwerp. De Rekenkamer heeft met belangstelling kennisgenomen van de bestuurlijke reactie op het rekenkameronderzoek. Zowel in het onderzoek als in uw reactie zien wij dat u aandacht heeft en blijft hebben voor het woonbeleid gericht op deze specifieke groepen inwoners. Daarbij gaat u met de samenwerkingspartners verder met het concretiseren van de opgaven en het afstemmen van de wederzijdse verwachtingen ten aanzien van rollen, taken en verantwoordelijkheden.

Wij wensen u hierbij veel succes en zullen de ontwikkelingen in uw gemeente vanzelfsprekend nauwlettend en met belangstelling blijven volgen. Drs. Jet H. Lepage MPA Voorzitter Rekenkamer Súdwest-Fryslân

.

Woonbeleid in Súdwest-Fryslân

37

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10875045/2