Bijlage - Notitie 'Beleid ontmoetingsplaatsen 2023-2033'
Tekst van het document
Beleid Ontmoetingsplaatsen 2023-2033 De kracht van zinvol ontmoeten
1
Inhoud
Voorwoord .................................................................................................3 Hoofdstuk 1
Inleiding.................................................................................4
Reikwijdte van het beleid ............................................................................4 Ontmoetingsplaatsen als middel, niet als doel....................................................4 Huidige beleid ontmoetingsplaatsen................................................................5 Coalitieakkoord 2022-2026 “Grutsk en tichtbij” ..................................................5 Conclusie ................................................................................................5 Opbouw van deze notitie .............................................................................5 Hoofdstuk 2
Ontwikkelingen ........................................................................6
Een terugblik ...........................................................................................6 Een vooruitblik .........................................................................................7 Nieuwe wensen van de besturen van ontmoetingsplaatsen .....................................8 Hoofdstuk 3
Nieuwe beleid (2023-2033) .........................................................11
Inleiding................................................................................................11 De drie pijlers van het beleid ......................................................................11 Pijler 1: Ondersteunen van besturen ..............................................................12 Pijler 2: Duurzaam gebruik van het gebouw .....................................................13 Pijler 3: Onderhoud en verduurzaming ...........................................................13 De financiële inzet ...................................................................................15 Hoofdstuk 4
Verkenning gezamenlijk beleid met partners ...................................16
Ontmoeten: gezamenlijke verantwoordelijkheid ...............................................16 Prestatieafspraken tussen rijk, gemeenten en woningcorporaties ...........................16 Omgevingsprogramma Wonen en Zorg ............................................................16
2
Voorwoord Ontmoeten is essentieel֙ voor geluk. Uit ontmoetingen ontstaan contacten, een grotere kennissenkring, worden activiteiten gedaan en ervaringen gedeeld, worden talenten en vaardigheden ontwikkeld, maar worden ook problemen al vroegtijdig gesignaleerd. Daarom willen we ontmoeten stimuleren en ondersteunen. Ontmoetingsplaatsen zien we als een sociale basis in de wijken en dorpen waarbij֙ iedereen echt mee kan doen. ’s Avonds met biljart of een koor, overdag door samen koffie te drinken of֙ met elkaar te eten uit de gezamenlijke moestuin. Onze gebiedsteams en zorgpartners leiden kwetsbare inwoners toe naar activiteiten op de diverse ontmoetingsplekken, zoals samen eten. Het is een laagdrempelige manier om het netwerk te vergroten, contact te leggen, zelfvertrouwen te vergroten, plezier te hebben en preventief te werken aan gezondheid. Onze gemeente telt 63 ontmoetingsruimten. Deze moeten voor iedereen bereikbaar zijn, ongeacht fysieke of mentale beperking of het besteedbaar inkomen. Súdwest-Fryslân investeert, als grootste gemeente, graag in toekomstbestendige ontmoetingsplaatsen. Dit betekent niet alleen investeren in duurzame gebouwen, maar daarnaast ook samen met inwoners en (zorg)partners kijken naar de behoefte, de mogelijkheden om voorzieningen en functies te combinere en streven naar een meervoudig֙ gebruik. Samen met de mienskip maken we het֙ verschil.
Bron: Grutsk en Tichtby yn SWF: 2022-2026
In dit document leest u het nieuwe beleid voor de dorpshuizen, wijkgebouwen en Multifunctionele Centra -MFC’s-: onze ontmoetingsplaatsen. Het gaat om ontmoetingsplaatsen waarvan de exploitatie in handen is van een bestuur dat bestaat uit vrijwilligers en die zich richten op de algemene functie van ontmoeten voor dorp(en) en/of wijk(en). De ontmoetingsplaatsen in onze gemeente zijn door hun diversiteit in omvang en aard uniek. Iedere ontmoetingsplaats sluit zoveel mogelijk aan bij de behoeften die er in dorp en/of wijk leven. Wat ze allemaal wél gemeen hebben is dat ze van groot belang zijn voor de organisatie van activiteiten en voor ontmoeten. Daarmee versterken deze ontmoetingsplaatsen de sociale cohesie. Ontmoetingsplaatsen worden door inwoners hoog gewaardeerd en verhogen de brede welvaart en welbevinden van onze inwoners. De ontmoetingsplaatsen zijn laagdrempelig: er is plaats voor iedereen, ongeacht fysieke of mentale beperking of het besteedbaar inkomen: alle bewoners kunnen samen komen en activiteiten ontplooien. Door ontmoeten ontstaan contacten, een grotere kenniskring, worden ervaringen gedeeld en vaardigheden ontwikkeld, maar ook problemen vroegtijdig gesignaleerd. Daarom willen we ontmoeten stimuleren en ondersteunen. Er komt veel kijken bij het reilen en zeilen van een ontmoetingsplaats. De meeste ontmoetingsplaatsen worden gerund door vrijwilligers.
Een bijzondere prestatie van mensen die zich, naast werk, gezin, sport en sociale verplichtingen, inzetten voor hun omgeving. Ze organiseren bestuursvergaderingen die veelal in de avonduren zijn, en organiseren activiteiten. Ook regelen ze praktische zaken, zoals groot onderhoud, jaarrekeningen, verzekeringen en in veel gevallen: een goede werkgever zijn voor betaalde krachten in dienst óf een goede coördinator van de vele vrijwilligers die vaak zijn betrokken bij het dagelijks runnen van de ontmoetingsruimte. Deze beleidsnotitie is tot stand gekomen met input van de besturen van de ontmoetingsplaatsen . Ze hebben aangegeven wat hun ervaring is met het huidige beleid en wat ze graag willen zien in het nieuwe beleid. Hiervoor hebben we werkateliers georganiseerd waar dieper is ingegaan op de wensen van de besturen. Namens burgemeester en wethouders van gemeente Súdwest-Fryslân, Bauke Dam Marianne Poelman wethouder Ontmoetingsplaatsen wethouder Zorg 3
Hoofdstuk 1
Inleiding
Reikwijdte van het beleid In onze gemeente zijn er naast de multifunctionele centra, de dorpshuizen en wijkgebouwen natuurlijk veel meer mogelijkheden om te ontmoeten. Te denken valt aan sportkantines, ruimten in gebouwen voor levensbeschouwelijke activiteiten en in zorgcentra. In deze notitie richten wij ons exclusief op ontmoetingsplaatsen met een algemene, voor de gehele dorps-/wijkgemeenschap openstaande functie voor het wijk of dorps- en verenigingsleven. Het eigendom en beheer zijn zodanig georganiseerd dat naar het oordeel van het college de toegankelijkheid voor de gehele gemeenschap is gewaarborgd. Het eigendom en/of beheer wordt gedaan door een bestuur. Per wijk óf dorp willen wij maximaal één ontmoetingsruimte structureel ondersteunen. Ontmoetingsplaatsen als middel, niet als doel Met de algemene maatschappelijke functie van ontmoetingsplaatsen leveren ze in meer of mindere mate een bijdrage aan de beleidsdoelen die wij als gemeente hebben gesteld. Ontmoetingsplaatsen zijn een middel om de gezondheid van onze inwoners te vergroten. De sociale basis is/blijft sterk, er kan onderlinge vroeg signalering plaatsvinden van ondersteunings- en zorgbehoefte, zodat preventie activiteiten meer kans krijgen, er is ruimte voor talentontwikkeling en kan het steeds groter wordende vraagstuk van eenzaamheid deels worden beantwoord.
Een sterke Mienskip en zelfredzame inwoners verlaagt de behoefte aan professionele zorg. Daarnaast draagt een ontmoetingsplaats bij aan de sociale cohesie van een wijk, kern of dorp. Binnen onze gemeente zijn de meeste ontmoetingsplaatsen in eigendom van een vereniging of stichting. Vier zijn in eigendom van de gemeente. De ontmoetingsplaatsen dragen bij aan doelen op verschillende beleidsterreinen: 1. De principes van de aanpak in het sociaal domen: • • • • • •
Inwoner centraal; Dichtbij huis (gebiedsgericht); Meer draagkracht van de inwoner; Van zorgen voor een inwoner naar zorgen dat een inwoner kan meedoen; Van individueel naar collectief; Van curatief naar preventief.
2. Gezondheidsnota: • • • •
Gezonde leefomgeving; Terugdringen van gezondheidsachterstanden; Verminderen psychische en mentale druk bij jongeren; Vitaal oud worden.
3. Lokaal preventieakkoord: • • • • •
Gezonde leefstijl Waardevolle relaties en contact Gezonde vaardigheden Financieel gezond Gezonde leefomgeving
4
Huidige beleid ontmoetingsplaatsen Ons huidige beleid, specifiek gericht op de besturen van ontmoetingsplaatsen, bestaat uit een subsidieregeling voor het groot onderhoud. Hiervoor is een structureel bedrag van € 270.000 in de begroting opgenomen. Op basis van de subsidieregeling kan 1x in de 5 jaar een bijdrage in de kosten worden aangevraagd. De subsidie is maximaal 60% van de subsidiabele kosten met een maximum bedrag, afhankelijk van de omvang van de ontmoetingsruimte. Ook de kosten van verduurzaming en het toegankelijk maken zijn subsidiabel. Daarnaast ondersteunen we de ontmoetingsplaatsen door hen categorisch te hebben vrijgesteld van het betalen van onroerende zaakbelasting. Relevante ambities De volgende ambities zijn in het coalitieakkoord omschreven: 1. Een sociale basis in de wijken en dorpen waarbij iedereen echt mee kan doen. ’s Avonds met biljart of een koor, overdag door samen koffie te drinken of met elkaar te eten uit de gezamenlijke moestuin. De gemeente is de grootste van Nederland, maar dichtbij door aanwezig te zijn op die ontmoetingsplekken. 2. Inzet op positieve gezondheid en preventie, zodat we meer met elkaar kunnen doen en de vergrijzing en eenzaamheid niet een volgende crisis worden.” Acties Aan deze ambitie zijn in het coalitieakkoord de volgende acties gekoppeld -
We investeren in toekomstbestendige ontmoetingsplaatsen; We stimuleren meervoudig gebruik en activiteiten, ook overdag; We ondersteunen ontmoetingsplaatsen in verduurzaming; We bieden betere ondersteuning van besturen bij het verduurzamen van ontmoetingsplaatsen en exploitatie; We gaan laagdrempelige activiteiten subsidiëren.
Conclusie De maatschappelijke functie van ontmoetingsplaatsen is groot en is een belangrijk middel om onze beleidsdoelen te bereiken. Tot nu toe richt ons beleid zich alleen op de materiele instandhouding van ontmoetingsplaatsen. De ambities en acties, omschreven in het coalitieakkoord zijn steviger en breder. Deze stevigere en bredere ambitie wordt in deze notitie vertaalt in concreet beleid. Opbouw van deze notitie Voordat we ambities en acties vertalen willen we in hoofdstuk 2 eerst kijken naar ontwikkelingen. Hierbij kijken we kort terug en zeker ook vooruit. Dan kunnen we daarop aansluiten. Bij het terugkijken staan we ook stil bij de werking van het huidige beleid, dat gericht is op de materiele instandhouding van ontmoetingsplaatsen. In hoofdstuk 3 worden de actielijnen uit het coalitieakkoord uitgewerkt in concrete beleidsvoornemens.
5
Hoofdstuk 2
Ontwikkelingen
Een terugblik Coronamaatregelen In 2020 en 2021 moesten door de rijks-corona maatregelen ook de ontmoetingsplaatsen grote delen van jaar gesloten blijven. In deze jaren stond de exploitatie zwaar onder druk. Niet alleen in financiële zin, maar zeker ook in organisatorische zin: activiteiten gingen niet door, en, afname van betrokken vrijwilligers en afname van de betrokkenheid bij de ontmoetingsplaatsen. De coronamaatregelen hebben een lang na-ijleffect: nieuwe vrijwilligers zijn lastig te werven alsmede het opstarten van activiteiten en de deelname daaraan. Tevens heeft een aantal pachters van ontmoetingsplaatsen besloten de exploitatie te beëindigen. Door de coronamaatregelen konden besturen ook niet fysiek bij elkaar te komen. Dit heeft het effectief besturen belemmerd. Om die reden zijn er minder subsidie aanvragen ingediend voor groot onderhoud en verduurzaming. De effecten van de huidige subsidieregeling De huidige subsidieregeling is in 2012 in werking getreden. Terugkijkend kunnen we constateren dat 51 ontmoetingsplaatsen een aanvraag hebben ingediend van de 59 subsidiabele ontmoetingsplaatsen1. Dit houdt in dat 86% van de ontmoetingsplaatsen een aanvraag heeft ingediend.
De overige 14% (8 ontmoetingsplaatsen), hebben óf al een aanvraag ingediend die nog niet verwerkt is, of hebben plannen waardoor ze het budget voor groot onderhoud niet opnemen (wens tot kopen nieuw pand/bouwen nieuw pand) of zijn door omstandigheden niet aan groot onderhoud toegekomen. Het gevolg hiervan is dat er bij een aantal ontmoetingsplaatsen er thans sprake is van groot achterstallig onderhoud, er niet óf niet maximaal duurzaamheidsmaatregelen zijn doorgevoerd en nog niet alle ontmoetingsplaatsen optimaal toegankelijk zijn. Woningwet 2015 Met de invoering van de nieuwe Woningwet in 2015 werden de kerntaken van woningcorporaties ingeperkt. De mogelijkheden om te investeren in leefbaarheid en dus ook in ontmoetingsplaatsen is sinds 2015 erg versoberd. Ook onze woningcorporaties zagen zich hierdoor genoodzaakt hun bijdragen in leefbaarheid te versoberen. Wet langdurige zorg In 2013 is de bijdrage voor het exploiteren van ontmoetingsruimtes uit de Wet langdurige zorg geschrapt. Ook zorginstellingen waren vanaf toen meer afhankelijk van vrijwilligers voor het kunnen aanbieden van activiteiten in hun ontmoetingsplaatsen in zorginstellingen. Deze ontmoetingsplaatsen hadden ook vaak een functie voor de inwoners van de wijk of dorp. Dit heeft ook geleid tot een verschraling van het aanbod.
1 Er zijn 4 ontmoetingsplaatsen die geen subsidie kunnen aanvragen, omdat zij nieuwbouw hebben gepleegd óf het gebouw huren van de gemeente, waardoor het onderhoud voor rekening van de gemeente is. 6
Een vooruitblik Meer kwetsbare inwoners in wijk en/of dorp De trend dat mensen met een zorgvraag langer thuis moeten blijven wonen in wijk en/of dorp zet zich onverminderd voort. Deze groep wordt de komende decennia alleen maar groter door de vergrijzing. De grotere stroom vluchtelingen heeft tot gevolg dat wij meer statushouders moeten gaan huisvesten. Deze ontwikkelingen brengen met zich mee dat het aantal kwetsbare inwoners, dat in wijk en/of dorp zelfstandig woont zal toenemen. Juist voor deze groepen inwoners is ontmoeten en het meedoen aan activiteiten erg belangrijk. Dit om niet te vereenzamen en om goed te integreren in de lokale samenleving. Ontmoeten wordt dus steeds belangrijker. Grillige prijsontwikkeling fossiele energiebronnen Als gevolg van mondiale ontwikkelingen en geopolitiek hebben de prijzen van fossiele energiebronnen recent een grillig verloop gekregen. In welke mate dit zich naar de toekomst toe zal doorzetten is onduidelijk. Wel is duidelijk dat ook bij ontmoetingsplaatsen dit grillig verloop zijn weerslag heeft op enerzijds de exploitatie en anderzijds op vraagstukken waarmee besturen worden geconfronteerd. Het energievraagstuk heeft veel besturen de laatste jaren in de greep.
Foto: SWF Tichtby tour aanwezig in dorpshuizen voor hulp bij de energierekening en andere kosten
Trendbreuk in rijksbeleid Het rijk heeft ook gesignaleerd dat met het verdwijnen van verzorgingshuizen een deel van de belangrijke ontmoetingsvoorzieningen op wijk- en dorpsniveau zijn verdwenen of verschraald. Omdat het rijk erkent dat deze voorzieningen erg belangrijk zijn voor burgers is er een nieuwe koers ingezet. Het rijk stelt extra geld beschikbaar voor ontmoetingsfuncties en het rijk verdeelt de verantwoordelijkheid voor leefbaarheid en ontmoetingsfuncties en de inzet van financiële middelen daarvoor over verschillende type instanties: gemeenten, woningcorporaties en zorginstellingen. Afbouw provinciale subsidie voor stichting Doarpswurk Doarpswurk ondersteunt en stimuleert initiatieven die de leefbaarheid op het Friese platteland versterken. Zij doen dit door dorpsbelangen, dorpshuizen, het netwerk duurzame dorpen en initiatiefgroepen te ondersteunen bij hun werk. Doarpswurk legt de verantwoordelijkheid en het eigenaarschap bij het dorp zelf neer en biedt op een proactieve, innovatieve en toegankelijke manier ondersteuning aan dorpshuizen, dorpsbelangen en andere burgerinitiatieven die de gemeenschapszin in dorpskernen versterken.
7
Hiermee levert Doarpswurk een zichtbare bijdrage aan duurzame leefbaarheid op het Friese platteland. Recente ontwikkelingen ontmoetingsplaatsen specifiek Hieronder wordt een aantal voorbeelden geschetst van recente ontwikkelingen rondom ontmoetingsplaatsen. Hieruit blijkt dat er vanuit onze samenleving initiatieven komen om ontmoetingsplaatsen te realiseren. Naast deze concrete initiatieven speelt dit onderwerp ook in o.a. Witmarsum, Wommels en IJlst. • In Exmorra wordt nagedacht over het aankopen van de school in het dorp. De plannen zijn nog in de ideeënfase; er zijn nog geen concrete plannen. Dit heeft tot gevolg dat het bestuur van het dorpshuis momenteel wacht met het uitvoeren van groot onderhoud, omdat zij het budget hiervoor mogelijk willen inzetten voor de aanschaf/verbouwen van de nieuwe locatie. •
In Schettens-Longerhouw spelen al langer plannen om op een andere locatie een nieuw dorpshuis te bouwen. Deze plannen zijn al verder uitgewerkt. Het budget voor groot onderhoud kunnen zij gebruiken voor de financiering van het nieuw te bouwen dorpshuis.
•
Platform Bolsward heeft een notitie geschreven waarin zij aangeven dat er behoefte is aan een ontmoetingsfunctie in Bolsward. Het pand ‘Ons Gebouw’ is in eigendom van de gemeente. Met de notitie van Platform Bolsward in de hand is het mogelijk dat Ons Gebouw gebruikt zal worden voor ontmoeten. De uitwerking (eigendom/huur) moet nog verder uitgewerkt worden. Ons Gebouw zou op termijn toegevoegd kunnen worden aan de lijst met ontmoetingsplaatsen.
•
In Workum wordt toegewerkt naar een ‘Nieuwe Klameare’ waarbij de gemeente mogelijk financieel bijdraagt aan de bouw van het pand. Daarnaast zal de gemeente eventueel financiële ondersteuning bieden aan de exploitatie van De Klameare. Hierover zal in december aanstaande een besluit worden genomen door de raad.
•
Het bestuur van De Kaap in Stavoren werkt samen met de school in de stad en de voetbalverenigingen. Alle panden van voorgenoemde verenigingen/organisaties zijn aan het eind van hun levensduur. Daarom hebben deze partijen een driehoeksverbinding gemaakt, en willen zij werken naar een nieuw MFC op een nieuwe locatie waar al deze functies hun plek krijgen. Om zo integraal te kunnen voorzien op verschillende functies. Het bestuur zorgt momenteel voor het nodige onderhoud in het huidige gebouw (De Kaap), maar wil het restantbedrag inzetten voor het nieuw te bouwen gebouw.
Naast deze concrete initiatieven speelt dit onderwerp ook in meer verkennende zin in o.a. Witmarsum, Wommels en IJlst.
8
Nieuwe wensen van de besturen van ontmoetingsplaatsen Inleiding Besturen hebben tijdens werkateliers (2021/2022) feedback gegeven op het huidige beleid en input voor het nieuwe beleid. De input gaat over de volgende thema’s: 1. Ondersteunen van besturen 2. Duurzaam gebruik van het gebouw 3. Onderhoud en verduurzaming 4. Actuele thema’s Ondersteunen van besturen De besturen bestaan uit vrijwilligers, die één en ander moeten vormgeven in de eigen vrije tijd. Er komen vaak ingewikkelde en uiteenlopende vraagstukken op de besturen af, die om ondersteuning vragen. Voor het formuleren van nieuw beleid hebbend de besturen de volgende input meegegeven: a. Ondersteuning bij het vinden van sociale partners; b. Doarpswurk en Sesamacademie leveren goede ondersteuning; c. Onderling contact tussen besturen met eenzelfde vraagstuk of juist met besturen die vraagstukken goed hebben opgelost; d. Ondersteuning bij het vinden van nieuwe bestuursleden; e. Een centrale plek met alle relevante informatie; f. Voor alle onderdelen een vaste contactpersoon bij de gemeente (vastgoed, juridische zaken, ontwikkelingen); g. Bij ingewikkelde vraagstukken tijdelijke projectmatige ondersteuning; h. Wens om advisering / ondersteuning bij verbouwingen of grote wijzigingen.
Duurzaam gebruik van het gebouw Onder duurzaam gebruik verstaan we dat ontmoetingsplaatsen ook voor de lange termijn goed kunnen worden bestuurd, laagdrempelig zijn en blijven voor alle inwoners van wijk en/of kern. De activiteiten moeten zoveel mogelijk blijven bijdragen aan de sociale doelstellingen. Ook de activiteiten moeten daarom laagdrempelig blijven en daarbij passen. Kwalitatieve, actieve en uitnodigende besturen, met een hoge mate van continuïteit zijn hiervoor van groot belang. Voor het formuleren van nieuw beleid hebben de besturen de volgende input meegegeven: a. Ontmoetingsplaatsen zijn er voor alle inwoners; b. Het duurzaam gebruik wordt onderschreven; c. Besturen willen graag de verbinding maken met maatschappelijke partners met sociale doelen; d. Maatschappelijke organisaties leveren nu weinig inkomsten op; e. Roepen de gemeente op om ontmoetingsplaatsen meer te benutten voor overleggen, bijeenkomsten en dergelijke. Onderhoud en verduurzaming Tijdens de werkateliers is geconstateerd dat het groot onderhoud en verduurzaming van de gebouwen een dusdanige investering vergt dat besturen dit niet kunnen opbrengen. Het huidige beleid is niet toereikend gebleken: in veel gevallen waren er te weinig financiële middelen om de gebouwen op de juiste manier te onderhouden. Hierdoor hebben veel gebouwen een onderhoudsachterstand.
9
Als de gemeente niets doet, kunnen er twee gevolgen zijn: • Besturen kunnen de gebouwen niet/minder onderhouden en verduurzamen, waardoor de gebouwen verloederen en minder toegankelijk worden voor inwoners; • Besturen gaan activiteiten opzetten gericht op het maximaliseren van de financiële exploitatieresultaten waardoor de laagdrempelige (en minder winstgevende) activiteiten niet/minder georganiseerd worden. Voor het formuleren van nieuw beleid hebben de besturen de volgende input meegegeven: • Actualisatie meerjarige onderhoudsplanning is belangrijk; • De regeling dat besturen zélf 40% van het groot onderhoud moeten betalen is vaak financieel niet haalbaar. Vooral niet voor de grote ontmoetingsplaatsen; • De mogelijkheid om jaarlijks subsidie te kunnen aanvragen in plaats van één keer in de vijf jaar zou een oplossing kunnen zijn; • Er is meer geld nodig voor groot onderhoud; • Kostenraming over groot onderhoud en verduurzaming gebouwen (uit 2019)wordt te laag gevonden als gevolg van o.a. kostenstijging in bouwmaterialen; • De categorisering van de ontmoetingsplaatsen in de subsidieverordening met de daaraan gekoppelde maximum bedragen moet worden heroverwogen; • Graag een mogelijkheid om ook achteraf subsidie aan te kunnen vragen, op basis van daadwerkelijk gemaakte kosten; • Versimpeling van het proces van het aanvragen van subsidie.
Actuele thema’s Het gaat hierbij om de gevolgen van actuele ontwikkelingen voor het besturen en exploiteren van ontmoetingsplaatsen. De besturen hebben het volgende onder onze aandacht gebracht: • • •
Hogere energiekosten; Financiële positie van besturen is achteruit gegaan als gevolg van corona; Last van concurrentie van andere voorzieningen.
Hierover hebben de besturen geen verdere input gegeven voor het nieuwe beleid. We zien ze dan ook als aandachtspunten.
10
Hoofdstuk 3
Nieuw beleid (2023-2033)
Inleiding Met dit nieuwe beleid willen we onze ambities in het coalitieakkoord op het gebied van ontmoeten optimaliseren. Daarbij willen we ook inspelen op de ontwikkelingen die wij op ons af zien komen. Alsmede de wensen die de besturen van ontmoetingsplaatsen hebben meegegeven als input voor nieuw beleid.
De drie pijlers van het beleid Het nieuwe beleid voor de ontmoetingsplaatsen richt zich op 3 pijlers: 1. Ondersteunen van besturen; 2. Duurzaam gebruik van het gebouw; 3. Onderhoud en verduurzaming;
Ondersteunen besturen
Groot onderhoud & Verduurzaming
Duurzaam gebruik
Via deze drie pijlers geven we uitwerking aan de concrete acties uit het coalitieakkoord: • We investeren in toekomstbestendige ontmoetingsplaatsen (pijler onderhoud en verduurzaming); • We stimuleren meervoudig gebruik en activiteiten, ook overdag (pijler duurzaam gebruik); • We ondersteunen ontmoetingsplaatsen in verduurzaming (pijler ondersteuning besturen); • We bieden betere ondersteuning van besturen bij het verduurzamen van ontmoetingsplaatsen en exploitatie (pijler ondersteuning besturen); • We gaan laagdrempelige activiteiten subsidiëren (pijler duurzaam gebruik). De drie pijlers worden hier onder uitgewerkt en globaal financieel vertaald. Per pijler wordt de relatie aangegeven met de ontwikkelingen (zie: vooruitblik en nieuwe wensen van de besturen).Tenslotte geven we aan hoe wij willen omgaan met de verspreide verantwoordelijkheid voor ontmoeten bij gemeente, zorginstellingen en woningcorporaties. Hier ligt een directe link met het Omgevingsprogramma Wonen & Zorg. 11
Pijler 1: Ondersteunen van besturen Algemeen Zoals in het voorwoord al kort werd aangestipt, worden de meeste ontmoetingsplaatsen gerund door vrijwilligers. De meeste op geheel vrijwillige basis. Wanneer we stil staan bij de taken en verantwoordelijkheden van zo’n bestuur en haar vrijwilligers, en de positieve impact die deze ontmoetingsplaatsen op onze inwoners heeft, kunnen we niet anders dan concluderen dat deze groep behoefte heeft aan ontzorgen, en het als onze taak zien om dat te realiseren. Besturen worden momenteel ondersteund vanuit o.a. Doarpswurk en de Stichting Sociaal Collectief. De besturen zijn tevreden over deze ondersteuning. Binnen het huidige beleid is er geen budget voor het inhuren van andere vormen van ondersteuning. Over de verwachte afbouw van de provinciale subsidie aan Stichting Doarpswurk heeft de raad inmiddels een motie aangenomen, waarin zij zich daartegen uitspreekt. Wij gaan hierover in overleg met o.a. de provincie en andere gemeenten en zullen de provincie en eventuele andere instanties hierin op hun verantwoordelijkheid attenderen. Besturen zouden graag meer advies willen krijgen over vraagstukken die zij tegenkomen in hun bestuurstaken. Dit kan gaan om financieel, juridisch, organisatorisch advies of advies over vrijwilligers en activiteiten.
De gemeente wil dit faciliteren door kennis te delen, maar ook de mogelijkheid te bieden om advies/training aan te kunnen bieden. Middels het delen van ervaringen en kennis wordt de positie van besturen versterkt. De gemeente stimuleert onderlinge contacten tussen besturen om hen de mogelijkheid te geven van elkaar te leren en niet het wiel opnieuw uit te Het college vindt het belangrijk dat besturen voldoende toegerust zijn voor de uitvoering van hun taken. In het nieuwe beleid worden besturen op de volgende manier ondersteund: o o o o
Faciliteren van het ontzorgen van bestuur en vrijwilligers; Ondersteuning in de vorm van trainingen en individueel advies, de gemeente financiert de trajecten; Faciliteren van ontmoeting tussen besturen, zodat besturen van elkaar kun- nen leren en ervaringen kunnen delen; Ondersteuning van besturen bij verschillende vraagstukken zoals bijvoorbeeld verduurzaming en onderhoud maar ook andere bestuur gerelateerde vraagstukken zoals het verbreden van het activiteitenaanbod of het versterken van het bestuur.
Ten aanzien van dit laatste aandachtstreepje is het van belang dat besturen extra worden ondersteund als het gaat om het verduurzamen en onderhouden van de ontmoetingsplaats. Ondanks het feit dat wij bij pijler 3, alternatief 2 betreffende de verduurzaming de ambitie hebben om 100% van die verduurzaming te financieren, achten wij het van groot belang dat ook besturen van ontmoetingsplaatsen de leidende rol hebben in het organiseren van deze trajecten; mét begeleiding/ondersteuning. Op deze manier blijft het eigenaarschap bij de besturen en kunnen zij door actief fondsen te werven, de rekening van de gemeente omlaag brengen. Hierdoor kan er met de gemeentelijke inzet meer worden bereikt. Uitgangspunt blijft hierbij dan wel dat de besturen geen eigen financiële bijdrage wordt gevraagd. Eigen bijdragen in de vorm van zelfwerkzaamheid moeten wel worden geoptimaliseerd. Hiervoor willen wij een structureel budget van € 70.000 beschikbaar stellen. Dit budget is bedoeld voor het beter ondersteunen van de besturen bij de dagelijkse werkzaamheden en de verduurzaming van het vastgoed. 12
Extra ondersteuning van ontmoetingsplaatsen in aandachtwijken en aandachtdorpen Iedereen wil gezond oud worden, maar de kans daarop is niet gelijk verdeeld. Uit onderzoek blijkt dat de oorzaak daarvan is gelegen in factoren als armoede, het missen van waardevolle contacten, niet mee kunnen doen in de samenleving, en wonen in een niet prettige omgeving of huis. Willen we de gezondheidsachterstanden wegwerken dan moeten we werken we aan deze vijf basisvoorwaarden. Dit doen we op verschillende manieren. In de gezondheidsnota, die in februari door de raad is vastgesteld, geven we aan dat we een gebiedsgerichte aanpak willen. We kijken hierbij naar het gehele gebied maar zoomen in op bepaalde wijken of dorpen om daar de gezondheidsachterstanden aan te pakken. De keuze van de gebieden is op basis van analyse van cijfers en van ervaringen van diverse partners, zoals de GGD en Stichting Sociaal Collectief. In deze gebieden willen we middels het gedachtegoed van positieve gezondheid samen met de inwoners en de belangrijke partners aan de slag gaan. We willen samen met de inwoners oplossingen zoeken voor hun problemen. Hierbij zullen we een beroep doen op hun veerkracht en zelf oplossend vermogen. We lossen niets voor hun op, maar met hen op. Daarbij zal de ondersteuning soms fors moeten zijn. Deze aanpak kan alleen als inwoners hierin vertrouwen hebben.
We zullen ze moeten bereiken en veelal moeten verleiden om mee te doen. Contact leggen, elkaar ontmoeten, verbinden, is hierbij essentieel. Een aantrekkelijke ontmoetingsruimte waarin dat kan is daarbij een voorwaarde. Ook vanuit de Wmo-inkoop voor begeleiding is aan de zorgaanbieders gevraagd om aandacht te besteden aan de 5 basisvoorwaarden. Verbinding zoeken met de dorpshuizen en wijkgebouwen is daarbij een belangrijke. Er vinden overal activiteiten plaats waar heel goed samengewerkt kan worden. Zo lang mogelijk deelnemen aan de koffieochtend, ook al is daar wat ondersteuning bij nodig is wezenlijk voor de betreffende inwoner. Hier ontmoet hij zijn bekenden, hoort de plaatselijke nieuwtjes etc. Erbij horen, meedoen, waardevolle contacten hebben is essentieel. Het maakt dat je je beter voelt. Ondanks je beperkingen wel klusjes in de wijk kunnen doen, geeft gevoel van eigenwaarde, levert contacten op, en maakt dat je meedoet. Om dit te organiseren is een ontmoetingsruimte voorwaarde. De Stipepunten, die ondersteuning bieden op het gebied van administratie, vrijwilligerswerk en mantelzorg, werken onder andere vanuit bibliotheek en dorpshuis. Zij willen zich verbreden tot Stipehûs, waar naast hulp en ondersteuning, ook koffie gedronken kan worden. Momenten creëren waar mensen binnen kunnen lopen, een praatje kunnen maken.
Hiervoor willen wij een structureel budget van € 40.000 beschikbaar stellen. Dit budget is bedoeld om de besturen te ondersteunen om de verbinding te leggen met de gebiedsgerichte aanpak gezondheidsbeleid en om door te ontwikkelen tot ‘stipehûs.
13
Pijler 2: Optimaal gebruik van het gebouw Een ontmoetingsruimte wordt gebruikt door velerlei verenigingen die activiteiten organiseren op het gebied van sport, cultuur en ontmoeting. De meeste van deze organisaties maken in de avonduren gebruik van de ruimten, waardoor de ruimten – meestal overdag – leeg staat. Hier ligt een grote kans voor besturen om de ontmoetingsplaats meer te benutten. Door ruimtes te verhuren aan maatschappelijke partijen worden de ontmoetingsplaatsen een prominente plek voor alle inwoners, ook de kwetsbare. Dan gaat het om het stimuleren van meervoudig gebruik van ontmoetingsplaatsen. Het is niet ondenkbaar dat hiervoor aanpassingen binnen het gebouw nodig zijn. Door verbindingen te leggen met verschillende (sociale) partners is er een verbreding van de gebruikers van een ontmoetingsplaats mogelijk. Kwetsbare doelgroepen krijgen meer kans om bij een ontmoetingsplaats aan te schuiven. Dit is een beweging die de gemeente wil stimuleren. Daarom wordt er een activiteitensubsidie ingericht, om laagdrempelige activiteiten te stimuleren. Samen met de verbindingen, is het hiermee de bedoeling om ook meer (kwetsbare) doelgroepen te bereiken in ontmoetingsplaatsen. De WMO-hoofdaanbieders zijn bij de inkoop gevraagd gebruik te maken van de gebouwen en aan te sluiten bij de activiteiten die er al zijn.
Daarnaast sluiten externe partners ook steeds meer aan bij bestaande ontmoetingsplaatsen. Op deze manier ontstaat er meer aandacht voor verschillende groepen bij ontmoetingsplaatsen. Zo heeft Stichting Sociaal Collectief bijvoorbeeld Het Stipepunt in het MFC De Klink in Koudum. Binnen de gemeente stimuleren we ook om naar ontmoetingsplaatsen te gaan. Wanneer er externe overleggen plaats moeten vinden, is een ontmoetingsplek vaak een goede locatie. Daarnaast heeft het college eenmaal per maand een B&W vergadering op locatie. De ontmoetingsplaatsen worden hier veel voor gebruikt. In het nieuwe beleid wordt de verbinding met partnerorganisaties op de volgende gebieden gezocht: • • •
Daar waar zich koppelkansen voordoen op het gebied van sport, en onderwijs dan zullen deze benut worden; De gemeente zal actief ondersteunen om de ruimtes van ontmoetingsplaatsen bezet te krijgen. Dit kan bijvoorbeeld door interne bijeenkomsten van de gemeente te laten plaatsvinden in een ontmoetingsplaats; De gemeente legt actief de verbinding met maatschappelijke partners en moedigt hen aan plaats te nemen in een ontmoetingsplaats. Hiervoor willen wij € 70.000,- structureel beschikbaar stellen. Hiermee willen we het gebruik van ontmoetingsplaatsen optimaliseren en koppelkansen benutten.
Daarnaast willen we laagdrempelige activiteiten stimuleren. Activiteiten die voor ieder toegankelijk zijn en bijdragen aan onze doelen van o.a. vroeg signalering van zorg- en ondersteuningsvragen, preventie, het voorkomen om verlichten van eenzaamheid. Hiervoor willen wij € 50.000,- structureel beschikbaar stellen. Hiermee willen we activiteiten stimuleren die aansluiten bij onze beleidsdoelstellingen van preventie, activering en vroeg signalering die voor iedereen toegankelijk zijn.
14
Pijler 3: Onderhoud en verduurzaming Inleiding Voor de concretisering zijn er 2 alternatieven uitgewerkt. Eén alternatief die een intensivering van de huidige subsidieregeling inhoudt en een alternatief die meer ambitie toont en beter aansluit bij landelijke en Europese doelstellingen. Alternatief 1: intensivering huidige regeling De intensivering van de huidige regeling bestaat uit 2 sporen: a. Een eenmalige subsidie voor het wegwerken van achterstallig onderhoud en verduurzaming; b. Structurele subsidie voor groot onderhoud en forse verhoging van het beschikbare budget. Ad a: eenmalige subsidie (kan 1x worden aangevraagd) Veel gebouwen hebben achterstallig onderhoud en zijn niet up-to-date. De conclusie die getrokken kan worden is dat het huidige beleid niet toereikend genoeg is om de gebouwen naar behoren te onderhouden. Daarom zal er een eenmalige subsidie verstrekt worden om de gebouwen ‘bij de tijd’ te krijgen. Besturen kunnen subsidie aanvragen voor groot onderhoud aan het exterieur van het gebouw. Deze subsidie zal voor 80% voor rekening van de gemeente komen. De overige 20% financieren besturen zelf. Dit kan met eigen middelen, maar ook middels het werven van fondsen of zelfwerkzaamheid. Daarnaast zal er een plan per gebouw worden gemaakt op het gebied van verduurzaming.
Een plan dat aansluit bij het desbetreffende gebouw: elk gebouw heeft andere duurzaamheidsmaatregelen nodig. Hiervoor geldt tevens een 80/20 regeling. Besturen zijn op deze manier mede verantwoordelijk voor de verduurzaming. Omdat de maatregelen direct invloed heeft op de exploitatielasten van de besturen, vragen we een eigen bijdrage. Voor de inhaalslag in het groot onderhoud en de verduurzaming is een investering noodzakelijk van naar schatting €2.931.041,- nodig (bron: onderzoek uit 2019, geïndexeerd). Voor de verduurzaming is een gemeentelijke investering noodzakelijk van naar schatting €10.564.300,- (op basis van gemeentelijke bijdrage van 80%). De kapitaallast van deze investering is € 594.855,- per jaar. Ad. B: Structurele subsidie (kan vaker worden aangevraagd) Voor de huidige subsidieregeling voor groot onderhoud is € 270.000,- per jaar beschikbaar. Gezien de prijsstijgingen van de afgelopen jaren is er meer budget nodig voor groot onderhoud. Daarnaast is uit de ervaringen van de afgelopen jaren gebleken dat het budget voor de subsidie groot onderhoud niet toereikend genoeg was. Daarom wordt de subsidieregeling voor groot onderhoud verruimd met € 258.000 naar €528.000,- per jaar. Totale extra structurele lasten alternatief 1: € 594.855 + € 258.000,- = € 852.855,Het is noodzakelijk een Meerjarig Onderhoudsplan (MOP) op te stellen en jaarlijks te actualiseren.
Hier is een structureel budget nodig van € 30.000,- per jaar. Alternatief 2: Optimalisering duurzaamheidsambitie Een gemeentelijke bijdrage in de kosten voor enerzijds een inhaalslag in achterstallig onderhoud en de verduurzaming betekent een enorme impuls aan de toekomstbestendigheid van de ontmoetingsplaatsen. Tevens kan de verduurzaming een gunstig effect hebben op de exploitatie, vanwege een reductie van de energielasten. Dat zorgt ervoor dat besturen zich niet hoeven te richten op grote evenementen waar veel geld wordt binnengehaald om de rekeningen te betalen. 15
Zij kunnen juist de laagdrempelige activiteiten die minder winstgevend zijn, continueren. Verduurzaming dient dus verschillende doelen. Het is van belang dat deze verduurzaming, in combinatie met het wegwerken van achterstallig groot onderhoud voortvarend wordt opgepakt. Omdat in alternatief 1 nog steeds een eigen bijdrage van de besturen wordt gevraagd van 20% kan dit toch nog wel een drempel zijn om deze investering te gaan doen. Het gaat namelijk om forse investeringen. Als alternatief kan worden overwogen om de gemeentelijke bijdrage vast te stellen op 100%. Het voordeel hiervan is: • • •
De financiële drempels worden weggehaald, zodat een deelname van 100% kan worden bereikt; De financiële onmogelijkheden van de besturen zijn dan geen belemmering meer om een optimale verduurzaming te realiseren; Als uitgangspunt bij de verduurzaming te hanteren dat de ontmoetingsruimtes van het gas af gaan (zal waarschijnlijk niet in alle gevallen mogelijk zijn).
De kapitaallast voor de verduurzaming en het wegwerken van achterstallig onderhoud op basis van 100% in plaats van 80% financiering bedraagt € 743.569,-. Dit betekent niet dat wij als gemeente 100% financieren. Besturen zijn zélf verantwoordelijk voor het optimaliseren van bijdragen van derden, zowel financieel als in natura. Uitgangspunt is wél dat besturen hun eigen vermogen niet hoeven aan te spreken. Besturen worden zelf ook verantwoordelijk voor het periodiek grootschalig onderhoud. De huidige subsidieregeling voor grootschalig periodiek onderhoud komt in deze variant te vervallen. Daarnaast heeft alternatief 2 een grotere en positievere impact op een aantal thema’s, die maatschappelijk belangrijk zijn: • Innovatief verduurzamingsprogramma Deze verduurzamingsslag op wijk- en kernniveau kan dienen als een katalysator in inspiratie voor de inwoners om het eigen woningbezit fors te verduurzamen. Het proces tot forse verduurzaming van de ontmoetingsplaatsen kan worden ingezet om de inwoners op wijk- en kernniveau te informeren en bewust te maken van de verduurzamingsmogelijkheden en daarmee stimulerend gaan werken. Door de inwoners op een interactieve nieuwe manier te betrekken, kan worden toegewerkt naar een innovatief verduurzamingsprogramma.
Vrijwilligers en bestuursleden van de ontmoetingsplaatsen worden op natuurlijke wijze al betrokken bij dit proces omdat zij eigenaarschap houden over de te verduurzamen ontmoetingsplaats. We zien dit proces als een duurzame leertuin voor al onze inwoners. • Koppelkansen Zoals bij pijler 2 al is genoemd, zijn er verschillende koppelkansen te maken. Het gaat dan om ‘social return’. In het kader van verduurzaming zijn goede verbindingen te leggen met onderwijs en arbeidsparticipatie. We zien het als een mogelijkheid om leerlingen en werkenden aan te haken bij deze natuurlijke processen. Op die manier ontwikkelt zich er een win-win-win situatie en worden er door één impuls een grote impact bereikt. De gemeente ziet het als haar taak om faciliterend op te treden en partijen aan te haken die tijdens zo’n proces baat kunnen hebben bij onder andere het verduurzamen van de gebouwen. In combinatie met deze forse impuls in de kwaliteit van het vastgoed is het te rechtvaardigen om de subsidie voor regulier groot onderhoud te vervallen. Immers het vastgoed is na de investeringsimpuls voor lange termijn in goede staat. De noodzaak van het plegen van groot onderhoud is er dan niet meer, als men het kleine reguliere onderhoud op orde heeft. De financiële ruimte die dan vrijvalt (€ 270.000,-) kan worden ingezet als extra dekking voor de verduurzamingsambitie: van het gas af.
Met dit bedrag kan € 5.009.276 extra worden geïnvesteerd in verduurzaming van de ontmoetingsplaatsen. Indien hiervoor gekozen wordt is het opstellen en jaarlijks actualiseren van een MOP niet nodig. 16
Ten behoeve van deze ambitie (100% financiering door de gemeente) is voor alternatief 2 een extra kapitaallast gemoeid van € 743.569 structureel in plaats van € 594.855. Hier staat tegenover dat de extra structurele middelen voor groot onderhoud dan komen te vervallen (€ 258.000,-). De structurele last wordt daardoor € 109.286,- lager in vergelijking met alternatief 1. Hierbij is geen rekening gehouden met grotere subsidiekansen bij andere overheden. Die kansen zijn bij dit alternatief veel groter, dan bij alternatief 1, omdat beter wordt aangesloten bij landelijke en Europese doelstellingen. • Cofinanciering Met een dergelijk hoog ambitieniveau onderscheiden wij ons van andere gemeenten. Dit kan kansen bieden voor externe fondswerving, omdat dit aansluit bij Europese en nationale ambities. Te denken valt dan aan de in november 2023 te sluiten Regiodeal met het rijk en kansen die het ‘Europact’ biedt (programmatische aanpak Europese fondswerving op de schaal van Noord Nederland). De financiële inzet Voor de intensivering van het beleid voor ontmoetingsplaatsen langs de actielijnen uit het coalitieakkoord is een extra structureel bedrag noodzakelijk van tussen € 978.000 - € 1.118.000 (afgerond) nodig. Dit is mede afhankelijk van welk alternatief de voorkeur heeft betreffende het verduurzamen van de ontmoetingsplaatsen.
De integrale afweging hierin zal plaatsvinden tijdens de raadsvergadering van 2 februari 2023. In onderstaande tabel staat een specificatie. Ondersteunen van besturen
€ 70.000
Extra ondersteuning aandachtswijken
€ 40.000
Duurzaam gebruik
€ 70.000
Laagdrempelige activiteiten
€ 50.000
Inhaalslag en verduurzaming
€ 600.000
Verhoging structurele subsidie
€ 258.000
Opstellen MOP
€ 30.000
Totaal
€ 1.118.000
Alternatief (deel onderhoud/subsidie)
€ 110.000-/-
Alternatief (deel MOP)
€ 30.000-/-
Totaal alternatief
€ 978.000
(afgerond van 594.855)
(afgerond van 109.286)
17
Hoofdstuk 4
Verkenning gezamenlijk beleid met partners
Ontmoeten: gezamenlijke verantwoordelijkheid In hoofdstuk 2 is benoemd dat de verantwoordelijkheid zowel financieel als organisatorisch door het rijk tenminste is belegd bij gemeenten, woningcorporaties en zorginstellingen. Ontmoeten wordt meer een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Dit is een trendbreuk met het gevoerde rijksbeleid, waarbij juist de betrokkenheid van woningcorporaties en zorginstellingen financieel en organisatorisch juist aan banden is gelegd. In 2021 is er een rijks subsidieregelingen voor o.a. woningcorporaties en zorginstellingen voor de realisatie van ontmoetingsruimtes in en/of bij woonzorg complexen. Prestatieafspraken tussen rijk, gemeenten en woningcorporaties In juni 2022 zijn er afspraken gemaakt tussen rijk, VNG en Aedes (koepelorganisatie woningcorporaties. Voor wat betreft leefbaarheid/ontmoetingsfuncties is het volgende afgesproken: a. dat woningcorporaties t/m 2030 jaarlijks € 75 miljoen extra uitgeven aan leefbaarheid. b. De gemeenten krijgen t/m 2026 € 600 miljoen extra beschikbaar voor o.a. leefbaarheid (juni 2022). Omgevingsprogramma Wonen en Zorg Wij zijn het met onze woningcorporaties en zorginstellingen eens dat hier een gezamenlijke verantwoordelijkheid ligt. Deze verantwoordelijkheid willen we samen met deze partijen in onze gemeente oppakken. Ook om afzonderlijke geldstromen te bundelen.
Dit is opgenomen als actiepunt in het Omgevingsprogramma Wonen & Zorg. •
Formuleren gezamenlijke opgave Samen met woningcorporaties en zorginstellingen gaan wij in het eerste kwartaal van 2023 de gezamenlijke opgave formuleren. Ook wordt hierin beschreven welke rol wij als afzonderlijke betrokken organisaties hebben en hoe wij gebiedsgericht onze inwoners en andere maatschappelijke instanties kunnen betrekken. De bestaande dorpshuizen, mfc’s en wijkgebouwen krijgen hierin een rol.
•
Opiniërende bijeenkomst Op 8 februari 2023 is er een opiniërende raadsbijeenkomst over het Omgevingsprogramma Wonen & Zorg. In deze bijeenkomst wordt de mening van de raad gevraagd over de geformuleerde programmalijnen en bijbehorende acties.
Vanwege het urgente vraagstuk van ontmoeten en de prioriteit wordt vooruitlopend op de opiniërende raadsvergadering de actie betreffende ontmoeten in januari 2023 samen met woningcorporaties en zorginstellingen opgepakt.
18