CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - Koersnota 2022

Raadsvergadering 8 juli 2021, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Koersnota 202212.751 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Gezonde mensen hebben over het algemeen een betere kwaliteit van leven, zijn zelfredzamer en doen minder beroep op de zorg. Een minder goede gezondheid daarentegen gaat gepaard met minder welzijn en kan consequenties hebben voor leefgebieden als arbeid, wonen en samenleving. In de onderstaande tabel zijn de scores op de indicatoren van de Brede welvaart weergegeven: Nederland 48,9% heeft overgewicht 83,1 jaar

Friesland 50,4% heeft overgewicht 83,2 jaar

Levensverwachting mannen Ervaren gezondheid

79,9 jaar

79,2 jaar

75,6%: ‘goede gezondheid’

78,9%: ‘goede gezondheid’

Personen met één of meer langdurige ziekten of aandoeningen

33,9%

33,4%

Levensverwachting vrouwen

Súdwest-Fryslân 47% heeft overgewicht 82,1-83,3 jaar (vml. Littenseradiel: 83,385,6 jaar) 79,2-80 jaar 78,2% ‘goede gezondheid’ (vml. Littenseradiel scoort hoger) 32,8%-34,9% (vml. Littenseradiel scoort 26,5%-28,6%)

Over het algemeen kan geconstateerd worden dat Súdwest-Fryslân iets positiever scoort op de indicatoren. Omdat Littenseradiel in 2016 nog een zelfstandige gemeente was, waren voor die gemeente aparte scores bekend. Voor zover die afweten van de score van Súdwest-Fryslân zijn die apart vermeld. Bron: FSP-onderzoek naar de brede welvaart in Fryslân Naast deze persoonsgebonden factoren zijn er ook de leefstijlfactoren. Het gaat daarbij om het gedrag dat een gunstige of een ongunstige invloed kan hebben op de gezondheid, zoals lichaamsbeweging, roken en overmatig alcoholgebruik. Qua lichaamsbeweging is de constatering dat over het algemeen de oudere populatie beter voldoet aan de norm gezond bewegen en de fitnorm ten opzichte van de 19-64 jarigen. De reden hiervoor is dat de beweegnormen voor 55+ soepeler zijn. Eén op de vijf Friezen rookt. In Súdwest-Fryslân rookt gemiddeld 22% van de 19-64 jarigen en 12% van de 65+ers. In geheel Fryslân is dat resp. 24% en 30%. Naarmate mensen ouder worden, stoppen zij vaker met roken. In Súdwest-Fryslân is gemiddeld 57% van de 65+ers ex-roker (Fryslân: 54%).

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Indicator (2016) Overgewicht

19

Voor wat betreft het alcoholgebruik is het aantal zware drinkers onder 19-64 jarigen groter dan onder de 65+-ers. In Súdwest-Fryslân valt 14% onder 19-64 jarigen in de categorie zware drinkers (minstens één keer per week minstens 6 glazen alcohol voor mannen dan wel 4 glazen alcohol voor vrouwen per dag). Voor de 65+-ers is dat 6%. Het aantal overmatige drinkers (meer dan 14 glazen alcohol voor mannen dan wel 7 glazen alcohol voor vrouwen per week) is vrij constant over de leeftijdscategorieën. In Friesland is in het algemeen sprake van een grotere ervaren leefbaarheid dan in de rest van Nederland. Leefbaarheid is in de zogenoemde Leefbaarometer gedefinieerd als ‘de mate waarin de leefomgeving aansluit bij de voorwaarden en behoeften die er door de mens aan worden gesteld.’ De leefbaarheid van een gebied wordt samengesteld uit 5 verschillend onderliggende dimensies: woningen, bewoners, voorzieningen, veiligheid en fysieke omgeving. Als de score voor Nederland op 0 wordt gesteld is de afwijking in Súdwest-Fryslân 1,6 punt; in Leeuwarden 1,3 punt en in De Fryske Marren 7,9 punt. Een positieve uitschieter is de ervaren veiligheid. Voor wat betreft de voorzieningen scoren de Friese gemeenten lager dan de Nederlandse score, met Leeuwarden als kleine positieve uitzondering. In de rest van Nederland is meer te beleven, vinden de inwoners van de Friese gemeenten.

We worden gemiddeld steeds ouder en ons leven telt steeds meer gezonde jaren. Alleen is die goede gezondheid niet gelijk verdeeld over de Nederlandse bevolking. Mensen met lagere inkomens en een lagere opleiding, leven gemiddeld 6 jaar korter en 15 jaar minder in goed ervaren gezondheid dan mensen met een hoge opleiding. Deze verschillen noemen we gezondheidsachterstanden. (bron: waar staat je gemeente, gezondheid) De sociaal economische status is in onze gemeente lager dan gemiddeld in Nederland (bron FSP, leven in Fryslan 2019 ), dat betekent dat het percentage inwoners is waarbij sprake is van gezondheidsachterstanden hoger is dan gemiddeld in Nederland. 6. Zorg: Door o.a. demografische verandering neemt de zorgvraag toe, maar het zorgaanbod af. Door de demografische verandering en het extramuraliseringsbeleid zal de zorgvraag toenemen maar het zorgaanbod als gevolg hiervan afnemen. De demografische verandering heeft namelijk ook zijn weerslag op het aantal zorgprofessionals: door vergrijzing gaan zorgprofessionals met pensioen en door ontgroening en krimp zijn nieuwe zorgprofessionals moeilijk te vinden. In 2020 zijn er voor iedere oudere nog 2,7 potentieel werkenden (15-64) aanwezig. Dit neemt af naar 1,6 in 2040.

De ‘grijze druk’, het aantal personen van 65 jaar en ouder als percentage van het aantal personen van 15-64 jaar, neemt daarmee toe van 37% in 2020 naar 62% in 2040. Minder werkenden zullen dus als zorgprofessional de ‘formele zorg’ voor ouderen op zich nemen. Daarnaast krijgen zij ook meer te maken met ‘informele zorg’ voor ouderen in hun eigen sociale netwerk.

De belangrijkste indicatoren zijn hieronder weergegeven: Indicator (2019) Arbeidsparticipatie Werkloosheid

Nederland 71,2% 3,4%

Friesland 70,6% 3,4%

Súdwest-Fryslân 70,3%-71,6% 3,2%-3,7%

De cijfers geven aan dat de situatie in Súdwest-Fryslân veel lijkt op die van Fryslân en Nederland. Ter vergelijking: de werkloosheid in Leeuwarden was in 2019 4,6% Bron: FSP-onderzoek naar de brede welvaart in Fryslân Gevolgen corona In de bijstand, bijzondere bijstand en de schulddienstverlening is op dit moment nog geen duidelijk effect te zien van corona. Dat is ook logisch want inwoners die hun baan verliezen maken over het algemeen eerst gebruik van een WW-uitkering. En ook eventuele schulddienstverlening start vaak later. Bovendien zijn er nu nog vele steunmaatregelen. In de WW is wel een effect te zien. Er is een stijging te zien in de eerste helft van 2020 van het aantal WW gerechtigden. In 2018 en 2019 was in die periode juist een sterke daling te zien. Ook in de tweede helft van 2020 zijn de fluctuaties terug te leiden naar de (versoepelingen in) coronamaatregelen.

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

7. Arbeid: Arbeidsparticipatie en werkloosheid vrijwel op hetzelfde niveau als Fryslân en Nederland.

20

Corona lijkt tot nu toe geen negatief effect te hebben op schooluitval. Na de zomer 2020 en begin 2021 was de uitval lager dan in voorgaande jaren. Ook in de jeugdzorg is in 2020 het aantal nieuwe indicaties vergelijkbaar met 2019. In het eerste kwartaal 2021 is het aantal nieuwe indicaties laag in vergelijking met 2019 en 2020. Bij de Wmo is over heel 2020 sprake van een lager aantal nieuwe indicaties dan in 2019. Ook in het eerste kwartaal 2021 is dit aantal lager dan in voorgaande jaren. Door corona zijn mensen terughoudend met het aanvragen van ondersteuning. Dit geldt voor alle soorten voorzieningen. Vooral de behoefte aan vervoer is veel geringer. De stijging van het aantal indicaties voor ‘begeleiding individueel’ in het laatste kwartaal 2020 is in het eerste kwartaal 2021 omgebogen naar een scherpe daling. Uit peilingen van de GGD blijkt dat door corona gevoelens van angst, somberheid en eenzaamheid bij alle leeftijden zijn toegenomen. Gemiddeld voelt 58% van de deelnemers zich enigszins tot sterk eenzaam. In februari 2021 is de eenzaamheid bij de 18-24 jarigen het hoogst (70%). corona heeft ook invloed op de leefstijl van onze inwoners. Bv. 45% van de Friese bevolking beweegt of sport (veel) minder. Een deel van de volwassenen (13%) is (veel) meer is gaan drinken, terwijl 21% juist (veel) minder is gaan drinken.

Van de rokers is bijna evenveel meer gaan roken (25%) als minder gaan roken (21%). Dit wijkt in positieve zin af van het landelijke beeld. Een toename van negatieve gevoelens zien we ook terug in onderzoek op het voortgezet onderwijs in Súdwest-Fryslân. Het onderzoek laat ook positieve gevolgen zien. Zo ervaart 18% van de deelnemers een verbetering in de relatie met ouder(s). Bron: impactmonitor coronacrisis gemeente Súdwest-Fryslân (versie: april 2021). 8. Economische trend (3): gevolgen corona crisis De economische lange termijn gevolgen van de corona crisis laten zich moeilijk voorspellen en zijn afhankelijk van vele factoren. Duidelijk is wel dat de gevolgen groot zijn op het terrein van economische groei en de overheidsfinanciën. In de basisraming gaat het CPB er vanuit dat de vaccinatiegraad geleidelijk oploopt en dat beperkingen kunnen worden afgeschaald. In dat scenario kan het economisch herstel in het tweede kwartaal op gang komen en groeit de economie in 2021 naar verwachting met ruim 2%.

Op de toerismesector (9,1%) zijn de effecten heel wisselend. Door het goede hoogseizoen van 2020 is het aantal overnachtingen op land vrijwel gelijk gebleven ten opzichte van 2019. Voor overnachtingen op het water was het aantal iets lager, waarschijnlijk door het aandeel van de eigen inwoners en minder Duitse toeristen. Voor de horeca, groepsaccommodaties en groepsactiviteiten is de impact het grootst. In de centrumbezoeken is heel duidelijk terug te zien dat de detailhandel in het binnensteden het zwaar heeft. In 2020 was er sprake van 44% minder passanten in Sneek en 46% minder in Bolsward (maart-december). In 2021 is dit door de lockdown (januari-maart) opgelopen naar 67% minder passanten in Sneek en 77% minder in Bolsward. Bij de ondersteuningsregelingen aan ondernemers valt op dat ondernemers in Súdwest-Fryslân veel minder gebruik maakten van NOW 1 en 2, maar dat dit bij de NOW 3 redelijk gelijk is aan het Friese en Nederlandse gemiddelde. Uit de faillissementen blijkt duidelijk dat de landelijke steunmaatregelen tot nu toe effect hebben gehad. Er waren in 2020 minder faillissementen dan in 2019. Ook in 2021 zijn de faillissementen op provinciaal en regionaal niveau lager dan in januari en februari 2020. Cultuur, sport, leefbaarheid De financiële gevolgen voor organisaties in de cultuur- en sportsector, dorpshuizen, mfc’s en het verenigingsleven zijn groot.

Veel activiteiten kunnen niet doorgaan, of alleen in aangepaste vorm. Dat raakt de ‘mienskip’.

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Door te kijken naar de sectoropbouw van de economie in Súdwest-Fryslân hopen we iets te kunnen zeggen over de gevolgen voor de lokale economie. De zwaarst getroffen sectoren zijn naar verwachting de reisbureaus, cultuur/sport/recreatie, horeca, logies, detailhandel (nonfood en kleding), handel in en reparatie van auto’s, vervaardiging van goederen, personenvervoer en persoonlijke dienstverlening (o.a. kappers, schoonheidsspecialisten etc.). Dit betreft 25-32% van de banen met een grote tot zeer grote krimp.

21

Sommige organisaties kunnen gebruik maken van landelijke steunmaatregelen, maar dit geldt lang niet voor alle maatschappelijke organisaties. Daarom heeft Súdwest-Fryslân besloten maatschappelijke instellingen zonder winstoogmerk financieel te ondersteunen als ze echt dreigen om te vallen. Hiervoor is totaal € 1,8 mln. beschikbaar. Met subsidie kunnen zij gecompenseerd worden voor het nadeel dat ze hebben opgelopen door de coronamaatregelen. Op deze manier wil de gemeente organisaties helpen in deze moeilijke tijd. Bron: impactmonitor coronacrisis gemeente Súdwest-Fryslân (versie: april 2021). 9. Ruimtelijke trend (4): Veel vraag, weinig aanbod Er is een tekort aan woningen. Ook in Súdwest-Fryslân moeten we versneld gaan bijbouwen. Verwachting is dat met (de versnelling van) de woningbouwopgave we de woningmarkt weer aantrekkelijk maken voor groepen die nu geen geschikte woning kunnen vinden. Sneek en Bolsward zijn de plekken met de meeste sociale woningbouw. Dit zorgt voor grote verschillen tussen buurten. Over het algemeen zijn onze inwoners zeer tevreden over hun woning en woonomgeving. In de meeste buurten gaat het goed maar sommige buurten hebben een achterstand. Andere buurten hebben op termijn een grotere kans op achterstand. Daarnaast is door corona de trend ingezet dat wonen in Súdwest-Fryslân aantrekkelijk is voor mensen die op dit moment in de Randstad wonen.

Door de toename van het thuiswerken is het niet meer nodig om elke dag op de werkplek in (bijvoorbeeld) Amsterdam te vertoeven. Enerzijds brengt dit een nieuwe dynamiek met zich mee. Zo kan hiermee op langere termijn misschien de verwachte krimp incl. de gevolgen daarvan worden omgebogen. Anderzijds betekent het ook dat er voor woningen die te koop komen meerdere gegadigden zijn, waardoor het nog moeilijker is voor inwoners van onze gemeente om een bestaande koopwoning te bemachtigen. Het (nieuwe) woningbouwprogramma 2020-2030 kent voor Súdwest-Fryslân een totale plancapaciteit van bijna 2000 wooneenheden. Daartegenover staat een opgave conform de huishoudensprognose van 1500 woningen. Als we de binnenstedelijke vrije capaciteit conform de woningbouwafspraken buiten beschouwing laten en rekening houden met 30% overprogrammering in verband met voorzienbare planuitval, dan kunnen en in de periode 2020-2030 circa 1000 wooneenheden aan het woningbouwprogramma worden toegevoegd.

10. Duurzame trend: Transitie naar een duurzame economie en samenleving Verduurzaming is de grootste opgave voor de komende 10 jaar. Het Klimaatakkoord werd ruim een jaar geleden op 28 juni 2019 gepresenteerd. Het heeft als centraal doel de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met 49% terug te dringen ten opzichte van 1990. In de 1e jaarlijkse Klimaaten Energieverkenning 2019 van Planbureau voor Leefomgeving (PBL) werd gesignaleerd dat er nog veel moet gebeuren om dit doel te halen. In 2018 had Nederland een reductie van iets minder dan 15% ten opzichte van 1990. In ruim 10 jaar moeten we dus meer dan 2 keer zoveel bereiken als in de afgelopen 28 jaar. In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt om te komen tot een haalbare, betaalbare en uitvoerbare overgang voor gemeenten en inwoners. Zo zullen onder andere vanaf 1 januari 2021 alle vergunningen voor nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Ook moeten gemeenten voor eind 2021 een transitievisie warmte opstellen. Súdwest-Fryslân zal deze transitievisie elke vijf jaar opnieuw bekijken en vaststellen. Súdwest-Fryslân heeft in de eigen Klimaatagenda 2021 aangegeven om in 2050 volledig in de eigen energiebehoefte te willen voorzien. Verder moet de CO2-uitstoot voor 2030 tot de helft teruggebracht zijn ten opzichte van 1990. Dat kan door:

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Mobiliteit Naar verwachting zal het autogebruik verder toenemen en daalt het gebruik van openbaar vervoer. Het trein- en busverkeer zal na een tijdelijke afname door corona waarschijnlijk weer toenemen. Steeds meer eist de elektrische fiets haar plek op in stad en platteland. Dit heeft gevolgen voor de infrastructuur (verbindingen in gebieden), verkeersveiligheid en de openbare ruimte. Technologische ontwikkelingen hebben de komende jaren grote invloed op vervoer van personen. Misschien wel de grootste ontwikkeling is die van de zelfrijdende auto. Bron: Strategie Woningbouw Súdwest-Fryslân 2020-2030 en VNG-verkenningen.

22

• •

te werken aan een Circulaire Economie, waarbij goederen en grondstoffen voor minimaal 50 % opnieuw worden gebruikt; binnen de Gebouwde Omgeving 8000 woningen aardgasvrij te maken en hiervoor schone energie als alternatief in te zetten

Daarnaast moet in Súdwest-Fryslân in 2030 sprake zijn van 50% minder primaire grondstoffen, zoals mineraal, fossiel en metalen. De uit te voeren activiteiten om de doelen te bereiken dragen structureel bij aan het versterken van de lokale economie. Om die doelen te bereiken is het nodig om focus aan te brengen. Om die reden wordt ingezet op de twee pijlers Gebouwde Omgeving en Elektriciteit, met als rode draad Circulaire Economie, zoals beschreven in het Klimaatakkoord. Dit maakt het ook nodig om continu op zoek te gaan naar cross-overs. Bron: Klimaatagenda Sudwest-Fryslan 2021. Transitie opgave landbouw In het klimaatakkoord is verder vastgelegd dat in 2050 de landbouw en het landgebruik klimaatneutraal moeten zijn. Een ingewikkelde uitdaging, daar een deel van de uitstoot van broeikasgas niet te vermijden is: koeien produceren methaan en uit kunstmest komt lachgas vrij, beide broeikasgassen. Anderzijds legt de sector ook CO2 vast: in de bomen, de bodem en het gras. Dat draagt weer bij aan de reductiedoelstelling. Het klimaatbeleid staat ook niet op zichzelf, maar is onderdeel van de noodzakelijke verduurzaming van onze voedselproductie en -consumptie. De landbouw staat dan ook voor een grote veranderopgave. De kern van die opgave is het productiemodel beter in balans te brengen met planetaire grenzen.

Biodiversiteit, klimaat en schoon water staan onder druk en daarnaast zit de sector opgeslokt in een op bulk en kostprijs ingericht systeem wat zijn grenzen heeft bereikt. Stikstof, fosfaat, biodiversiteit en klimaatcrisis zijn resultaten van die onbalans. Het na de Tweede Wereldoorlog geïntroduceerde landbouwsysteem heeft een nieuwe koers nodig. Een transitie van de landbouw waar gezond voedsel geproduceerd wordt met in achtneming van planetaire opgaves waardoor een volhoudbaar en gezond voedselproductiesysteem ontstaat. Die omslag is ingrijpend omdat het hele huidige landbouwsysteem, tot in al zijn diepste vezels, is uitgemeten en ingericht op kostprijsefficiency. Niet alleen de producerende boer zit vast in dat systeem, maar ook de gelieerde partijen (kunstmest, loonbedrijven, krachtvoer, pesticiden, financiers, wetgeving etc.). Die veranderende koers van de landbouw is een kans voor Noord Nederland en Súdwest-Fryslân als grootste landbouwgemeente in het bijzonder. Kunnen we door de realisatie van een agro-food cluster gericht op deze landbouwtransitie opgave een toekomstig landbouwmodel creëren dat even succesvol en internationaal georiënteerd is als het huidige?

11. Veiligheidstrend: Verschillende maatschappelijke ontwikkelingen leiden tot nieuwe veiligheidsvraagstukken Door allerlei maatschappelijke ontwikkelingen verandert het begrip veiligheid. Veel zichtbare criminaliteit nam af. Dit kom door onder andere de toenemende eigen verantwoordelijkheid van burgers op het gebied van preventie maar ook door technologische ontwikkelingen. De ondergrens in het aantal meldingen van zichtbare criminaliteit lijkt bereikt te zijn. Criminele bedrijfsprocessen die zich openbaren in de bovenwereld (ondermijning) lijken steeds vaker voor te komen. Onvrede en onmacht over de toenemende sociale verschillen kunnen leiden tot verdergaande polarisatie (tegenstellingen tussen groepen mensen) en radicalisering (extremer worden van bepaalde opvattingen). Ook omdat de mogelijkheden tot negatief manipuleren via sociale media en andere digitale kanalen toenemen. Jongeren komen steeds vaker negatief in het nieuws door bijvoorbeeld het gebruik van buitensporig geweld. Al deze trends hebben veiligheidsrisico’s. Denk bij digitalisering aan het risico op cybercrime (computercriminaliteit) of crisissituaties door het falen van de digitale structuur bij belangrijke instanties zoals drinkwaterbedrijven of ziekenhuizen. Ook de duurzaamheidstrends leiden tot risico’s, zoals de (brand)veiligheid van zonnepanelen en elektrische auto’s.

Hoeveel effect corona heeft op de trends en ontwikkelingen van 2021 en verdere jaren is nog moeilijk in te schatten. Door de coronamaatregelen zijn er meer mensen thuis en is het aantal woninginbraken, winkeldiefstallen en de zakkenrollerij in 2020 lager dan in 2019. Maar de corona-

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Bron: Klimaatakkoord en Programma Vitaal Landschap Súdwest-Fryslân.

23

uitbraak verdrijft niet alle misdaad. De politie ziet een stijging van cybercriminaliteit in het algemeen. We kunnen nu nog niet zien wat de effecten zijn op meldingen huiselijk geweld. Wel is het aantal huisverboden toegenomen ten opzicht van 2019. Bron: impactmonitor coronacrisis gemeente Súdwest-Fryslân (versie: april 2021). 12. Bestuurlijke trend: Lokaal bestuur gaat steeds meer samenwerken met partners binnen én buiten de gemeente; gemeente verschuift van regisseren naar faciliteren Het Rijk verdeelt steeds meer verantwoordelijkheid naar gemeenten. Gemeenten delen op hun beurt in de stad en de regio steeds meer verantwoordelijkheden met andere overheden en deskundige organisaties, bewoners en cliëntgroepen. Het gaat om vraagstukken rond diverse thema’s, zoals bijvoorbeeld economie, duurzaamheid, wonen, middenstand, recreëren, arbeidsmarkt, onderwijs, zorg en welzijn. De nieuwe omgevingswet (per 1 juli 2022) geeft voor het fysiek domein richting aan deze ontwikkeling. Gemeenten opereren niet alleen en zitten in een snel veranderende maatschappij. De wereld houdt niet op bij de gemeentegrens. Vrijwel alle vraagstukken kennen een regionale, provinciale, of (inter)nationale component. 13. Technologische trend: Fysieke en digitale werelden komen samen De digitale en technologische ontwikkelingen zijn gigantisch in aantal, omvang en impact.

De fysieke wereld wordt één groot communicatiesysteem dat zorgt voor koppeling tussen digitale diensten en producten. Digitalisering maakt de samenleving niet alleen makkelijker maar ook moeilijker. Privacy en identiteitsfraude vragen publieke aandacht. Verschillen tussen wie wel en niet digitaal kundig zijn worden groter. Technologische trends beïnvloeden de samenleving zoals 3Dprinting, machine learning, voorspellingen met algoritmen (programmeertaal voor probleemoplossing), robotisering, virtual reality, kunstmatige intelligentie, internet of things (het internet der dingen zijn computers die zelf via internet zaken regelen zoals moderne fototoestellen, wasmachines of kopieerapparaten), blockchain (online register voor transacties) en zelfrijdende auto’s. Technologische ontwikkelingen roepen belangrijke vragen op. Niet duidelijk is welk effect digitalisering heeft op mens en maatschappij? Daarnaast zijn er nog steeds vragen over de privacybescherming. Ook van groot belang is hoe de (lokale) overheid aangehaakt blijft op de snelheid van de digitale ontwikkelingen.

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Bron: Verkenningen BZK en VNG.

24

Belangrijkste bronnen: Ministerie van BZK: Trending topics, discussienota (2020). VNG: Gemeenten 2024. Ontwikkelingen en opgaven 2020-2024. ROS Friesland: Regiobeeld Zuidwest Friesland. Research- en Innovatiestrategie voor slimme specialisatie (RIS-3) voor Noord-Nederland 2021-2027. Provincie Fryslân: Beleidsnota Economie: Ondernemend Fryslân samen naar een brede welvaart 2021-2025. Fries Sociaal Planbureau: Brede Welvaart in Fryslân. Eerste duiding van de CBS-monitor. Platform 31: Stedelijke trends en opgaven voor 2018 e.v. (2017). Platform 31: Jaarplan 2020 werken aan maatschappelijke vraagstukken van vandaag en morgen (2020); SWF-monitoren (sociale domein, corona) Begroting 2021 Súdwest-Fryslân Strategie Woningbouw Súdwest-Fryslân 2020-2030 Klimaatagenda SWF 2021

Vitaal wonen, werken en genieten in Súdwest-Fryslân

Pronexus: Leerlingenprognoses, BO, VO en SO 2020

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10314154/3