Bijlage I - Europa strategie Súdwest-Fryslân
Tekst van het document
ROMTE FOAR YNNOVAASJE Europastrategie Gemeente Súdwest-Fryslân
Inhoud 1. Inleiding 2. Context 3. Propositie 4. Onze inzet
1. Inleiding 1.1 Aanleiding In het hoofdlijnenakkoord ‘Súdwest-Fryslân ontwikkelt en verduurzaamt’ beschreven we al de ambitie om de “kracht en betekenis” van onze gemeente binnen Nederland en Europa beter aan te geven en de gemeente steviger te positioneren. Daarnaast willen we externe financiële ruimte zoeken om plannen te realiseren. Tijdens de Raadsvergadering van 6 juni 2019 heeft de Raad deze ambitie nogmaals onderstreept.
Het actief aanjagen van samenwerking binnen onze gemeente en het positioneren van de gemeente in (inter) nationale netwerken past bij onze positie als bijna 100.000+ gemeente en als grootste gemeente van Nederland. We zijn – letterlijk- een samenwerkingspartner van formaat, met unieke kenmerken en hebben daarmee zeker iets in te brengen. In deze Europa-strategie beschrijven we hoe we de komende periode op in willen zetten op onze positionering en het vormen van partnerships ten behoeve van de realisatie van onze ambities. 1.2 Doel De afgelopen jaren hebben we, samen met de provincie Fryslân en de gemeente Leeuwarden al flink geïnvesteerd in het Europe Ready Fryslân programma. In dit programma werken we samen met kennisinstellingen en ondernemers naar een integrale aanpak om Friese partijen te voorzien van kennis en netwerk om goed gebruik te kunnen maken van Europese programma’s. Om hier als gemeente goed op in te kunnen spelen is het zaak om onze eigen ambities op het gebied van (inter) nationale samenwerking scherp te hebben. Om goed te weten wat we als gemeente te bieden hebben, waar we de kansen zien en wat we daarvoor nodig hebben. Dat vraagt om inhoudelijke keuzes en het inrichten van een goede samenwerking met partijen in onze gemeente. Doel van deze strategie is om een
stip op de horizon te zetten als het gaat over Europese ambities van onze gemeente en hier met onze partners mee aan de slag te gaan. We schetsen een wenkend perspectief op basis waarvan we andere partijen vragen om mee te doen en we beschrijven hoe we daar de komende periode op in gaan zetten. 1.3 Samenwerking in Europa Samenwerking in Europa is een zaak van lange adem, flexibiliteit en ondernemerschap. Europa is geen pinautomaat. In het Europees beleid gaat het niet op het ophalen van middelen, maar vooral om het bijdragen aan de doelen van de Europese Commissie. Als we hiervoor passende voorstellen kunnen ontwikkelen dan biedt dit kans op de aanspraak van Europese financieringsbronnen. Het onderhouden van een actieve relatie met andere Europese regio’s, het participeren in Europese netwerken en het (mede daardoor) lokaal en regionaal kunnen verzilveren van Europese financieringskansen vraagt een meerjarige inzet. Het vraagt ook om schaalgrootte, een scherpe inhoudelijke koers en samenwerking tussen overheid, ondernemers en onderwijs. Van ons als bestuur vraagt het flexibiliteit en ondernemerschap. We zien deze Europa- strategie als een eerste stap in een reis waarvan we nog niet precies weten waar hij naartoe gaat. Samen met partners in onze gemeente gaan we de komende periode op zoek.
Daarbij weten we op voorhand dat niet alles in één keer zal lukken en dat we onze koers de komende jaren vast eens bij moeten stellen. Maar de basis ligt er en daarmee gaan we de komende jaren volop aan de slag, samen met onze bedrijven kennisinstellingen en maatschappelijke partners.
2. Context 2.1 Europese Context De begroting voor nieuwe EU- programmaperiode ligt vast in het Meerjarig Financieel Kader (MFK). Dit MFK is in december 2020 vastgesteld. In de plannen onder dit MFK legt de Europese Commissie (EC) sterk de nadruk op de digitale transformatie en de energietransitie. Daarnaast zet de EC met het Europees Sociaal Fonds (ESF+) in op sociale bescherming en een geschoolde en veerkrachtige beroepsbevolking. In het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid zal worden ingezet op het tegengaan van klimaatverandering, kwaliteit van voeding en het beschermen van de gezondheid. De Europese Commissie heeft hiervoor 6 doelstellingen geformuleerd: A European Green Deal, An economy that works for people, A Europe fit for the digital Age, A stronger Europe in the world, Promoting our European way of life, A new push for European democracy. Hierbij is het aanpakken van de klimaatverandering de meest omvattende opgave die Europa voor zichzelf heeft geformuleerd in de Green Deal, met als doel een Klimaatneutrale EU in 2050.
De Europese Commissie stelt op verschillende manieren middelen beschikbaar om projecten te financieren die een bijdrage leveren aan deze doelstellingen: Thematische fondsen: Thematische fondsen is de verzamelnaam voor de Europese subsidieprogramma’s die de Europese Commissie zelf beheert. Deze middelen worden dus in Brussel verdeeld. De thema`s variëren van onderzoek en innovatie, tot onderwijs en sport tot cultuur. Regionale fondsen: De zogenoemde ESIF (Europese Structuur- en Investeringsfondsen) zijn bedoeld voor regio’s. Met de ESIF wil de Europese Commissie het verschil in welvaart tussen de regio’s verkleinen. Deze middelen worden verdeeld binnen de regio Noord-Nederland.
Eind vorig jaar werd bekend dat in de nieuwe Europese programmaperiode € 438 miljoen beschikbaar komt voor Noord-Nederland. Dit bedrag heeft betrekking op het Europees Fondse voor Regionale Ontwikkeling (EFRO) en het Just Transition Fund (JTF). Het JTF is bedoeld voor verduurzaming van de industrie en het verlies van banen gerelateerd aan de energietransitie. En zal vooral worden ingezet voor nieuwe grondstoffen en energiebronnen voor de industrie en scholing van werknemers. Het JTF focust zich op de energietransitie in gebieden waar verschil moet worden gemaakt. In totaal gaat er uit dit fonds 330 miljoen naar Noord-Nederland, wat bijvoorbeeld bedoeld is voor de financiering van waterstofprojecten. Het EFRO is een fonds dat bij uitstek bedoeld is voor de ontwikkeling van het midden- en kleinbedrijf en het economisch versterken van een regio. Het Noorden krijgt in de nieuwe periode, ondanks een korting van 20% op de totale EFRO-gelden voor Nederland, iets meer geld dan in voorgaande jaren: 108 miljoen euro in totaal. Het EFRO budget wordt in Noord-Nederland verdeeld via het Samenwerkingsverband Noord-Nederland, op basis van de Research and Innovation Strategy for Smart Specialisation (RIS3) en het operationeel programma EFRO.
Over het algemeen geldt dat thematische fondsen moeilijker bereikbaar zijn dan structuurfondsen. Thematische fondsen zijn gericht op excellentie en kennen een veel kleinere kans op succes voor projectindieners. Op de volgende pagina een schematisch overzicht van de beschikbare fondsen in de nieuwe programmaperiode.
2. Context Overzicht van Structuur- en thematische fondsen, bron: ERAC.
2.2 Noordelijke Context Het inhoudelijk kader voor de inzet van de ESIF fondsen is zoals hierboven beschreven de RIS3. De Europese Commissie verlangt van iedere regio een RIS3 om focus aan te brengen en ervoor te zorgen dat elke regio een onderscheidende bijdrage levert aan de Europese doelstellingen. Een goedgekeurde RIS3 is tevens een voorwaarde voor het verkrijgen van middelen uit structuurfondsen (EFRO). In Noord-Nederland wordt de RIS3 opgesteld door een samengestelde groep van de drie Noordelijke Provincies, de vier grote Noordelijke gemeenten (Leeuwarden, Groningen, Emmen en Assen) en het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN).
De RIS3 Noord-Nederland voor de periode 2021-2027 staat in het teken van een ‘Circulair, gelukkig en inclusief Noord- Nederland’. Mondiale transities en regionale uitdagingen zetten net als elders ook de brede welvaart in NNL onder druk. De economie zal zich hieraan moeten aanpassen. Tegelijkertijd bieden deze transities en uitdagingen nieuwe ontwikkelkansen. De RIS3 identificeert vier grote maatschappelijke transities die – gelet op de kenmerken van NNL – in het bijzonder kansen bieden voor de regio: - Transitie van Lineaire naar Circulaire economie - Transitie van Fossiele naar Duurzame Energie - Transitie van Zorg naar Positieve gezondheid - Transitie van Analoog naar Digitaal Hiervoor is het – zoals gesteld in de RIS3 - nodig om een open en creatief klimaat te creëren waar vanuit bestaande sterkten (bijvoorbeeld op het gebied van watertechnologie en circulaire kunststoffen) wordt gewerkt aan nieuwe oplossingen/ontwikkelkansen binnen deze transities, die de brede welvaart van onze regio versterken.
Om deze ontwikkelkansen te kunnen verzilveren moet de basis in de regio op orde zijn. De RIS3 focust zich daarom ook op een aantal randvoorwaarden: human capital, nieuw ondernemerschap, digitalisering en internationale samenwerking tussen regio’s.
2. Context 2.3 Friese Context De provincie Fryslân heeft een stevige ambitie neergelegd als het gaat om het inzetten van Europese fondsen in de provincie. In de huidige bestuursperiode wil zij dat Friese initiatiefnemers ten minste € 130 miljoen aan Europese fondsen toegekend krijgen. De inhoudelijke basis hiervoor ligt in de Friese beleidsbrief en uitvoeringsprogramma Europa. Hierin staat de missie voor deze inzet geformuleerd: de Friese inzet op Europa draagt wezenlijk bij aan het vergroten van de Brede Welvaart in de Duurzame Dynamische Delta van Fryslân, in de context van de Europese opgaven en ambities. De speerpunten waarbinnen de provincie deze projecten wil ontwikkelen zijn: • • • •
Watertechnologie Circulaire Economie Natuurinclusieve Landbouw Maritieme Sector
Om de ontwikkeling van projecten binnen deze thema’s te versnellen komt de provincie, samen met de Friese gemeenten en kennisinstellingen in 2021 met een Friese Projectenmachine (FPM). De FPM fungeert als aanjager en verbinder bij het organiseren van meer en betere projecten voor Fryslân. Daar hoort een heel palet aan activiteiten bij, o.a. informatie, kennis-deling, vouchers voor het schrijven van projecten, deelnemen aan internationale netwerken en het aantrekken van capaciteit om projecten uit te voeren.
2.4 Súdwest-Friese Context Onderzoeksbureau ERAC heeft voor ons als gemeente in kaart gebracht hoeveel financiering er vanuit verschillende Europese programma’s bij organisaties in de gemeente en bij de gemeente als organisatie terecht komt. Uit deze analyse blijkt dat in 2020 in totaal bijna € 7,9 miljoen aan Europese subsidie is toegekend aan begunstigden in Súdwest-Fryslân in 99 projecten. Hierin zitten zowel overheden, kennisinstellingen als ondernemers. Deze projecten komen voor het grootste deel uit Horizon 2020 (een thematisch fonds voor innovatieve projecten) en het Europees Sociaal Fonds dat gericht is op de ondersteuning van de werkgelegenheid. Samen zijn deze fondsen goed voor bijna driekwart van het totaal binnengehaalde bedrag. Daarnaast is met name nog gebruik gemaakt van EFRO, Interreg (Noordzee en Duitsland-Nederland) en LIFE. In een benchmark met vijf vergelijkbare gemeenten (Noordoostpolder, Meierijstad, Hoeksche Waard, Hardenberg en Vijfheerenlanden) staat onze gemeente hiermee op een derde plaats. Als we verder inzoomen op de verleende bedragen zien we dat de omvang voor een groot deel wordt bepaald door de inzet van ESF middelen voor veel projecten in onze regio (waar we als gemeente zelf ontvanger van zijn) en door een klein aantal omvangrijke Horizon 2020 aanvragen die zich bevinden in de sector Maritiem en Water.
Dit betekent dat we er in de benchmark nu weliswaar goed/gemiddeld uit komen, maar dat het kwetsbaar is en afhankelijk van een zeer klein aantal spelers. Daarnaast beslaat het een klein deel van onze inhoudelijke ambities. Om het aantal consortia van bedrijven te vergroten en de inhoudelijke inzet te verbreden moeten we als gemeente investeren een ecosysteem waarin consortia kunnen ontstaan en tot bloei kunnen komen, het uitwerken van project ideeën en het organiseren van cofinanciering. In het volgende hoofdstuk beschrijven we hoe we welke kansen we hiervoor zien en hoe we hiervoor tot inhoudelijke focus komen.
3. Propositie: Súdwest-Fryslân, Romte foar Ynnovaasje
Om de juiste aansluiting te bereiken bij de Mondiale, Europese en Noordelijke opgaven gaan we in dit hoofdstuk op zoek naar wat wij als gemeente kunnen bijdragen om deze opgaven het hoofd te bieden.
Hiermee geven we vanuit onze eigen taken, rollen en verantwoordelijkheden invulling aan de in de RIS3 beschreven transities naar een duurzame energie, circulaire economie, positieve gezondheid en een digitale samenleving.
3.1 Visie Súdwest-Fryslân
3.2 Kenmerken van de gemeente
Súdwest-Fryslân is een gemeente waar het goed wonen, werken en genieten is. In onze gemeente willen we de kwaliteit op deze drie onderdelen vergroten en investeren in de samenhang tussen deze onderdelen. Dit betekent bijvoorbeeld zorgen voor een passende en toekomstbestendige woningvoorraad in combinatie met een optimale bereikbaarheid en ruimte voor toekomstbestendig en circulair ondernemen in combinatie met een onderwijsaanbod dat aansluit op de arbeidsvraag van nu en van bedrijvigheid in de toekomst. We werken aan een regio die ertoe doet, waar je je kunt ontwikkelen en waar je kunt genieten. Hierbij zetten we in op:
Súdwest-Fryslân is de grootste gemeente van Nederland, ons grondgebied is bijna 80% van dat van de provincie Utrecht, 6 van de 11 Friese steden en 89 veelal kleinere kernen. We kenmerken ons door het blauw in de gemeente: we beschikking over een unieke ligging aan zowel de Waddenzee als het IJsselmeer, hebben een aantal van de beeldbepalende Friese Meren en hebben in onze gemeente de Afsluitdijk, die het zoete en het zoute water verbindt en een fysieke as vormt tussen de randstad en het noorden van Duitsland. De economie kenmerkt zich door een relatief grote vertegenwoordiging van Recreatie- en toerisme, landbouw, industrie en bouw. Daarbij kennen we een groot aantal (zeer) kleinschalig MKB. We zien de komende jaren een krimpende arbeidsmarkt en een vergrijzende bevolking.
Vitaliteit van onze inwoners: Onze samenleving is krachtig! We stimuleren ontmoeting, investeren in leefbaarheid en willen dat de inwoners van SúdwestFryslân mentaal en fysiek gezond zijn. We stellen ons beleid zoveel mogelijk van onderop op, met inspraak van onze inwoners.
Vitaliteit van onze omgeving: De kwaliteit van leven is hoog! We hebben zorg voor de kwaliteit van onze omgeving, zodat onze inwoners en gasten hier optimaal van kunnen genieten. Voor nu en voor in de toekomst. We willen de kwaliteit van onze natuur en kernen borgen en spannen ons optimaal in voor de klimaatdoelstellingen om het verhaal van onze gemeente te kunnen blijven vertellen. Vitaliteit van onze economie: Onze bedrijven zijn toekomstbestendig! We investeren in een duurzame, circulaire economie met sterke sectoren en een passende arbeidsmarkt.
Deze kenmerken zijn bepalend voor de kansen die de in de RIS3 genoemde transities bieden en de uitdagingen die we hebben, bijvoorbeeld op het gebied van human capital of ondernemerschap. Hieronder gaan we daar verder op in.
3. Propositie: Súdwest-Fryslân, Romte foar Ynnovaasje 3.3 Kansen: ruimte om te experimenteren
3.4 Súdwest- Friese Projectenmachine
Om focus aan te brengen in onze strategie gaan we op zoek naar de aanknopingspunten waar onze ambities de Europese, Noordelijke en provinciale ambities versterken.
Om de kansen uit paragraaf 3.3 te kunnen verzilveren moeten we als gemeente investeren in het, samen met de partners in onze gemeente, concreet maken van projecten. In paragraaf 2.4 hebben we laten zien dat we in de gemeente nog te weinig projecten kennen die inspelen op de grote maatschappelijke transities. Werk aan de winkel dus!
De grote transities en randvoorwaarden die in de RIS3 voor Noord- Nederland zijn beschreven bieden gelet op onze kenmerken ook kansen voor de gemeente Súdwest-Fryslân. De grote digitale transitie biedt bijvoorbeeld niet alleen kansen voor onze belangrijke economische sectoren industrie, landbouw en bouw, maar zorgt er ook voor dat wij ons kunnen profileren als ‘woongemeente’ voor inwoners die buiten de gemeente werkzaam zijn, maar wel digitaal kunnen werken. Een goede digitale en fysieke bereikbaarheid zijn hiervoor essentieel. De sectoren landbouw en bouw zijn de komende jaren mede bepalend voor een succesvolle transitie naar een circulaire economie. Natuurinclusieve landbouw en circulaire bouw zijn onderdeel van de toekomst van onze gemeente. Door ons grote landbouw-areaal en uitgebreide landbouw-sector zijn we de optimale experimenteerregio. Niet alleen op het land, ook in het water hebben we de ruimte om te experimenteren. Bijvoorbeeld als het gaat over energieopwek uit water. Onze inzet op leefbaarheid en zorg, in combinatie met een vergrijzende bevolking maakt dat een transitie van zorg naar duurzame gezondheid voor onze gemeente van essentieel belang is. Maar gelet op onze samenstelling en de kleine kernen kunnen we ook op het gebied van zorg en wonen voorzien in experimenteerruimte.
In paragraaf 2.3 beschreven we al dat op provinciale schaal gewerkt wordt aan een Friese Projectenmachine waarin door de inzet van extra menskracht en middelen vanuit overheid, kennisinstellingen en bedrijven meer en betere Friese projecten worden aangejaagd. Willen we hier als gemeente gebruik van maken, dan moeten we partijen in onze gemeente ondersteunen en stimuleren bij het ontwikkelen van projecten waarmee ze inspelen op de kansen van de maatschappelijke transities. Het ontwikkelen zit in ons DNA. Dat laten we zien in onze ontwikkelagenda’s: Sneek, Bolsward, IJsselmeerkust en Ut de Mienskip. Hierin ligt dus al een mooie basis waar we op verder kunnen bouwen. Belangrijke voorwaarden voor het ontwikkelen van projecten is het beschikbaar hebben van voldoende menskracht en cofinanciering. Daarom kunnen we niet alles in één keer aanpakken, maar moeten we keuzes maken voor een beperkt aantal thema’s. Dit helpt ons ook om scherp te blijven en focus te houden.
3. Propositie: Kansrijke thema’s 3.3 Kansrijke thema’s Thema’s In deze paragraaf beschrijven we een aantal thema’s die passen binnen onze visie en de kenmerken, sterke punten en uitdagingen van onze gemeente en waarmee we kunnen inspelen op de Noordelijke, Europese en mondiale uitdagingen en thema’s. In de inleiding benoemden we al dat de eindbestemming van onze reis in Europa wat ons betreft nog niet vaststaat. Deze thema’s zijn dan ook bedoeld als startpunt van onze verkenning. Gaandeweg willen we deze thema’s verfijnen en verder uitwerken. De thema’s passen bij ons als gemeente, maar de sterkte van de basis verschilt per thema. Niet op alle thema’s zullen we (meteen) succesvol kunnen acteren op Europees niveau, op een aantal thema’s zal nog veel voorbereidingswerk nodig. De thema’s waar we hierna verder op ingaan zijn: • Landbouw/ Agrofood • Maritiem • Recreatie en Toerisme • Duurzame energie • En twee doorsnijdende thema’s arbeidsmarkt en digitalisering De ontwikkelkansen kunnen zich ook op de snijvlakken of cross-overs tussen de thema’s bevinden, zoals in de balans tussen de natuurwaarde en de belevingswaarde, tussen zorg en gezondheid of op het snijvlak tussen maritiem en duurzame energie. We hebben gekeken naar thema’s waarvoor in het Europees domein middelen beschikbaar zijn, waardoor de nadruk in eerste instantie ligt op economische thema’s.
Als bestuur en organisatie willen we de komende periode leren hoe we ons op thema’s kunnen profileren en hoe we door middel van het organiseren van samenwerkingen aanspraak kunnen maken op externe financiële middelen. Als we die vaardigheid hebben, kunnen we op een later moment ook thema’s verkennen waar we op dit moment minder basis hebben.
SDG’s Súdwest-Fryslân is een Global Goals gemeente. Dat betekent dat we ons verantwoordelijk voelen voor het aanpakken van wereldwijze uitdagingen. We willen als gemeente graag een bijdrage leveren aan een duurzame wereld, met gelijke rechten en kansen voor iedereen. Bij het uitwerken van de kansrijke thema’s is dit een belangrijk onderdeel. We gaan op zoek naar wat we bij kunnen dragen vanuit ons grote kleine stukje op de wereld.
3. Propositie: Kansrijke thema’s Landbouw/Agrofood
Maritiem
Op de Noordoost Polder na kent onze gemeente de meeste boeren van Nederland. De landbouw en agrofood sector is van zeer groot belang voor onze gemeente. De sector biedt veel werkgelegenheid, maar vormt tegelijkertijd ook voor een groot deel ons landschap, onze identiteit en is een belangrijke drager van natuurwaarden. Bovenal geeft de sector ons voedselzekerheid. We hebben dus heel veel belang bij het goed functioneren van deze sector.
De grote maatschappelijke transities bieden ook kansen voor de Maritieme sector. Noord-Nederland, inclusief Noord-Holland en een stuk bovenin Duitsland, kent een oude traditie van maritieme bouw, met een jarenlange inbreng van kennis en ambacht. Een aantal van deze bedrijven bevindt zich in Súdwest-Fryslân. Hierbij gaat het niet alleen om maritieme bedrijven, maar ook om ketenpartners als assembleurs, staalproducenten of ICTbedrijven.
De landbouw kent zeer stevige opgaven en uitdagingen waar het gaat om de balans en toekomstbestendigheid van de sector. De sector moet ons van voedsel kunnen blijven voorzien, bijdragen aan de klimaatdoelstellingen, economisch rendabel zijn en tegelijkertijd antwoorden gaan vinden op de bekende milieu-, natuur- en landschapsuitdagingen. Dat is een complex geheel van opgaven waarin wij bij het vinden van oplossingen met alle partijen graag een aanjagende rol spelen. De signalen vanuit Brussel en Den Haag worden steeds sterker om de verder transitie van de landbouw nader inhoud te geven.
De verduurzaming van de aandrijving en de productie van schepen biedt kansen voor het toekomstbestendig maken van deze sector. Op initiatief van het Innovatiepact Fryslân wordt op dit moment een verkenning gedaan naar de mogelijkheid om een Noordelijk innovatief cluster van bedrijvigheid en kennisinstellingen te vormen. Onze gemeente speelt hierin een prominente rol. Dit biedt kansen voor onze gemeente. Vanwege onze ligging zijn we ook hier een perfect gebied om te experimenteren of om proeftuinen of pilotruimte te bieden. Onze innovatieve koplopers uit de Maritieme sector spelen hierin een belangrijke rol.
Onze visie sluit daarop goed aan. We willen hét experimenteergebied zijn voor de transitie en de weg naar circulariteit, natuurinclusiviteit en de toekomstbestendigheid van de landbouw. In de komende jaren werken we met onze partners uit de sector, het bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden aan een stevige, integrale en gedragen landbouwagenda die we samen opbouwen en uitvoeren.
3. Propositie: Kansrijke thema’s Duurzame energie Wij staan in Nederland voor een enorme energietransitie die veel in beweging gaat zetten. Op deze golf van verandering beweegt Súdwest-Fryslân mee door in te zetten op aquathermie als alternatieve energiesysteem voor aardgas.
Recreatie en Toerisme Súdwest-Fryslân is dé toeristische gemeente van Friesland. Toerisme is voor de gemeente meer dan een economische sector. Het is ook een motor achter de leefbaarheid en deel van de basis van veel van onze voorzieningen in met name kleinere kernen. Veel van onze detaillisten, evenementen en cultuurinstellingen zijn voor een groot deel afhankelijk van bezoekers van buiten. De sector kent wel de nodige uitdagingen. Om toekomstbestendig te blijven moeten we de komende periode, samen met de sector, investeren in een visie voor de lange termijn. Hierin gaat het over het realiseren van vitale logiesaccomodaties, de verlenging van het seizoen (het hele jaar door genieten in onze gemeente) en het investeren in de samenwerking tussen de (veelal kleinschalige) ondernemers in deze sector en de manier waarop we onze mooie omgeving kunnen vermarkten. Speciale kansen zien we in de cross- over tussen cultuur (in de brede zin: dus zowel ons erfgoed als ons landschap en onze manier van leven) en toerisme. De musea in onze gemeente spelen hierin een belangrijke rol. Samen vertellen zij het verhaal van onze gemeente. In het kader van Europese samenwerking zouden we graag op zoek gaan naar een internationale regio die tegen vergelijkbare uitdagingen aanloopt, bijvoorbeeld op het gebied van leefbaarheid, footprint etc, om daarmee samen te werken en ontwikkelingen te vergelijken.
Aquathermie is schoon en nauwelijks zichtbaar. Op die manier beschermen wij het landschap. Bovendien hebben wij heel veel oppervlaktewater zodat natuurlijke hulpbronnen ruim voorradig zijn. Als Súdwest-Fryslân willen wij daarom een voortrekkersrol vervullen op het gebied van aquathermie. Op dit moment zijn er al twee projecten (Heeg en Het Eiland Sneek) waar aquathermie als goed alternatief wordt gezien voor aardgas. Daarnaast zien we – zeker in Noordelijk verband – kansen voor de ontwikkeling van waterstof. De kansen die de aanwezigheid van het windpark in onze gemeente ook op dit gebied kan bieden willen we de komende periode verder onderzoeken. De brede transitie naar een circulaire economie bied voor onze gemeente ook kansen, hiervoor kijken we in eerste bijvoorbeeld naar de verduurzaming van bedrijventerreinen.
3. Propositie: Doorsnijdende thema’s Net als in de RIS3 zien we ook bij deze thema’s een tweetal randvoorwaarden of doorsnijdende thema’s waar we op in moeten zetten om zo goed mogelijk bij te kunnen dragen aan Noordelijke, Europese en mondiale thema’s. Dit gaat om een goed functionerende arbeidsmarkt en digitalisering. Arbeidsmarkt Als gemeente zetten we in onze arbeidsmarktaanpak in om zoveel mogelijk inwoners te begeleiden naar betaald werk. We stimuleren en motiveren inwoners om in andere en nieuwe baankansen te denken en we verwachten dat zij actief zijn als het gaat om persoonlijke ontwikkeling en arbeidsmarktoriëntatie. Ook in de nieuwe EU periode willen we hiervoor gebruik maken van het Europees Sociaal Fonds, waarin onder ander specifieke aandacht is voor statushouders en Nederlanders met een niet- westerse achtergrond, mensen met een arbeidsbeperking, mensen die langdurig in de bijstand zitten, werkzoekende ouderen, kwetsbare jongeren en (ex-) gedetineerden. We werken hiervoor intensief samen met het arbeidsmarktplatform. Een initiatief waarin we samen met ondernemers en kennisinstellingen uit onze gemeente de problematiek rondom de arbeidsmarkt aanvliegen. We onderzoeken of we rondom deze samenwerking ook een extern gefinancierd project op kunnen zette.
Digitalisering Digitalisering is – zeker in relatie tot arbeidsmarkt – de sleutel voor de toekomst. Digitalisering zorgt voor de verbinding tussen stad en platteland. Daardoor kunnen we ons profileren als woongemeente, de positie van onze inwoners versterken en kunnen we arbeidspotentieel voor onze bedrijven bereikbaar maken.
Om te kunnen innoveren in een veranderende omgeving moet de digitale basis op orde zijn. Dat betekent dat iedereen op zijn minst digitale basisvaardigheden heeft, dat de digitale bereikbaarheid in de regio goed geregeld is en dat digitalisering onderdeel is van de bedrijfsprocessen. Producten en productieprocessen, onderzoekstechnologieën, interactieve media en het Internet of Things leveren grote hoeveelheden data op. Digitalisering biedt in de komende jaren kansen als we erin slagen op slimme wijze meerwaarde creëren uit big data. Om deze kansen te verzilveren moet met name het MKB een digitaliseringsslag maken. Als gemeente hebben we nog geen sterke basis als het gaat om digitalisering. De komende periode moeten we onderzoeken hoe we zo goed mogelijk aan kunnen haken op initiatieven elders om kennis van elders in onze gemeente toe te kunnen passen en ons MKB zo goed mogelijk te kunnen begeleiden in de digitale transitie.
4. Onze inzet 4.1 Aanjagen
4.2 Verbinden
Onze zoektocht in Europa is een leerproces, zowel voor ons als voor een groot aantal van onze stakeholders in en buiten onze gemeente. Deze zoektocht willen we gezamenlijk afleggen. In een experimenterend en ondernemend proces willen we de samenwerking zoeken met stakeholders van binnen en buiten de gemeente om de thema’s verder te verfijnen en uit te werken.
Op basis van de geïdentificeerde uitdagingen en projectmogelijkheden nodigen we partijen uit om samen consortia te vormen en de projecten concreter te maken. We proberen partijen daar zo goed mogelijk bij te ondersteunen. Dat doen we bijvoorbeeld door gebruik te maken van bestaand aanbod vanuit de provincie, zoals voucherrelingen of innovatietafels, en van de Friese Projectenmachine.
De effecten van de Corona-maatregelen hebben ons de afgelopen periode laten zien dat we dit ook op een vernieuwende manier kunnen doen. Naast de reguliere (fysieke en digitale) overleggen kijken naar werkvormen als pressurecooker sessies of hacketons. Om uiteindelijk invulling te kunnen geven aan onze ambitie als experimenteerregio, bijvoorbeeld door het vormen van fieldlabs en andere publiek-private samenwerkingen. Dit zijn ook voor ons nieuwe processen, dus het wordt een gezamenlijk proces van ontdekken en concretiseren. Daarnaast voorzien we een leerproces voor onze eigen organisatie. We willen de kennis van Europa en de kennis over projectontwikkeling verder uitbouwen. Om goed te weten aan welke formele eisen projecten moeten voldoen vergroten we de kennis over externe financieringsmiddelen in onze gemeente. Hiervoor zetten we onder andere onze inzet op Europe Ready Fryslân voort.
Innoveren kunnen we als gemeente niet alleen, we hoeven het wiel ook niet opnieuw uit te vinden. Waar dat passend is leren we graag van andere partijen. Daarom is het belangrijk dat we ons goed manifesteren in de diverse Noordelijke en Nationale samenwerkingsverbanden. Het Innovatiepact Fryslân en de F4 grote gemeenten in Fryslân zijn voor ons een bekend samenwerkingsterrein. We verkennen de komende periode ook of we met onze Europa- ambities aansluiting kunnen zoeken bij de NG4, de vier grote Noordelijke gemeenten (Leeuwarden, Groningen, Assen en Emmen). We zoeken actief de samenwerking met de Noordelijke kennisinstellingen Rijksuniversiteit Groningen en NHL Stenden Hogeschool. Daarnaast zoeken we op dit moment actief aansluiting bij de G40 en hebben we het initiatief genomen tot een samenwerking met een aantal landelijke grote herindelingsgemeenten. We onderzoeken ook of we ons eerdere samenwerkingsverband met bijvoorbeeld de Hanzesteden weer op kunnen pakken.
4. Onze inzet 4.3 Afspraken met de Raad We willen de raad zo goed mogelijk meenemen in onze tocht naar Europa. Dit document is daarvan een start. De uitkomst van onze zoektocht in de komende periode willen we graag meegeven in de coalitie-onderhandelingen voor de nieuwe bestuursperiode. Net als in de bouw hanteren we hier het concept ‘design and build’. We werken de thema’s verder uit, maar gaan waar dat kan ondertussen ook concreet aan de slag met projecten. Hierover kunnen we in de reguliere P&C cyclus aan de raad rapporteren. We vragen de raad om ons ondernemende proces te ondersteunen door hiervoor de in de investeringsagenda opgenomen €150.000,- beschikbaar te stellen. Deze middelen gebruiken we in eerste instantie om verder invulling te geven aan ons Europe Ready proces door het aanjagen van projecten, het verder brengen van initiatieven, het organiseren van bijeenkomsten, opleidingen en leggen van (inter)nationale contacten. Deze middelen zijn wat ons betreft bedoeld om de transitie op gang te brengen, om aan te jagen en flexibel in te kunnen spelen op vragen van buiten. We willen een start te maken voor een ecosysteem waarin partijen elkaar kunnen vinden en samen kunnen ontwikkelen, zodat we samen met onze partners een vliegende start kunnen maken.