CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. - Was-Wordt Lijst centrumregeling

Raadsvergadering 23 december 2021, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Wersjoene sintrumregeling Sociaal Domein Fryslân 20226.418 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Centrumgemeenteregeling Sociaal Domein Fryslan 2022 – was-wordt-lijst Centrumgemeenteregeling SDF 2018

Centrumgemeenteregeling SDF 2022 Artikel 1 – Toevoeging van de volgende leden: k. Managementoverleg Sociaal domein: het overleg van ambtelijke vertegenwoordigers in het sociaal domein van elke deelnemende gemeente zoals bedoeld in artikel 15;

Artikel 4 – Taken centrumgemeente 1. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente voeren voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten de beleidsvoorbereiding en de inkoop op de volgende wettelijke taken uit: in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de WMO: a) beschermd wonen als bedoeld in artikel 2.3.1 WMO; b) maatschappelijke opvang en vrouwenopvang als bedoeld in artikel 2.3.1 WMO; c) Veilig thuis, waaronder advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling als bedoeld in artikel 4.1.1, eerste lid WMO; in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de Jeugdwet: d) residentiële zorg inclusief gesloten zorg als bedoeld in artikel 6.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet; e) jeugdbescherming als bedoeld in artikel 2.4 juncto artikel 6.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet; f) jeugdreclassering als bedoeld in artikel 2.4 juncto artikel 6.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet; g) activiteiten in het preventief justitieel kader voor de jeugdhulp; in het kader van de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet: h) spoedeisende zorg als bedoeld in artikel 6.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet; i) jeugd geestelijke gezondheidszorg als bedoeld in artikel 2.7 en hoofdstuk 10 Jeugdwet;

Artikel 4 – Taken centrumgemeente 1. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente voeren voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten de inkoop, de regiocoördinatie en het accounthouderschap voor gecontracteerde partijen en facultatief het financieel-administratief verwerken alsmede het cliëntenbeheer uit: in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de WMO (artikel 2.6.1 WMO): a) Beschermd wonen als bedoeld in artikel 1.2.1 onder b WMO; b) Maatschappelijke opvang en vrouwenopvang als bedoeld in artikel 1.2.1 onder c WMO; c) Veilig thuis, waaronder advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling als bedoeld in artikel 4.1.1 WMO in het kader van de wettelijk verplichte samenwerking voor de Jeugdwet (artikel 2.8 Jeugdwet): d) gesloten jeugdhulp als bedoeld in artikel 6.1.2.2., juncto artikel 6.1.6 Jeugdwet; e) jeugdbescherming als bedoeld in artikel 2.4 Jeugdwet; f) jeugdreclassering als bedoeld in artikel 2.4 Jeugdwet; in het kader van de vrijwillige samenwerking voor de WMO: g) Openbare GGZ h) Preventief verslavingsbeleid i) Prostitutiebeleid j) Mensenhandel

j)

jeugd Algemene wet bijzondere ziektekosten – intramuraal en jeugd Algemene wet bijzondere ziektekosten – behandeling en vervoer als bedoeld in hoofdstuk 10 van de Jeugdwet; k) pleegzorg als bedoeld in artikel 6.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet. 2. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente voeren voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten de beleidsvoorbereiding uit op de taak Afspraken Werkbedrijf als bedoeld in artikel 10a Wet SUWI. Voorts voeren het college en de burgemeester van de centrumgemeente voor het college en de burgemeester van de gastgemeenten het secretariaat voor de regionale samenwerkingsverbanden tussen colleges, Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en werkgevers- en werknemersorganisaties, voor zover de colleges en de burgemeester van de gastgemeenten deelnemen aan het Convenant Regionaal Werkbedrijf “Fryslân Werkt!’ 2016 e.v.”; dit convenant is de uitwerking van de afspraken als bedoeld in het Besluit van 4 september 2014 houdende wijziging van het Besluit SUWI in verband met het stellen van regels voor de regionale samenwerking tussen colleges, Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en werkgevers- en werknemersorganisaties. 3.

Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van inkoop op de taken, bedoeld in het eerste lid: a) Het bepalen van de inkoopstrategie, te weten: i. het opstellen en bijstellen van het algemene inkoopbeleid, en ii. het opstellen van een strategie voor een specifieke uitvraag, indien nodig. b) Het uitvoeren van het inkoopproces, te weten: i. het uitvoeren van marktverkenningen; ii. het opstellen van een aanbestedingsdocument dan wel document voor subsidie uitvraag, conform beleid of strategie, bedoeld onder a;

in het kader van de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet: k) spoedeisende zorg, als bedoeld in de Norm voor Opdrachtgeverschap (VNG oktober 2020); l) weinig voorkomende jeugdhulp, als bedoeld in de Norm voor Opdrachtgeverschap m) pleegzorg als bedoeld in artikel 5.1.2, vijfde lid juncto artikel 6.1.4 Jeugdwet n) Hoog specialistische zorg o) Gespecialiseerde jeugdhulp (specialistische jeugdhulp, ernstig enkelvoudige dyslexie en wonen) 2. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van inkoop ten aanzien van de taken, bedoeld in het eerste lid: a) Bepalen van de inkoopstrategie; b) Realiseren van de inkoopproces, waaronder: i. het opstellen van overeenkomsten met aanbieders dan wel van de verleningsbeschikking of subsidie ii. nemen van besluiten tot het aangaan van overeenkomsten met aanbieders namens gemeenten iii. het sluiten van contracten met de aanbieders of verlenen van beschikkingen namens gemeenten. c) Uitvoeren van leveranciersmanagement; d) Verzorgen van het contractbeheer; e) Doen verzorgen van de jaarlijkse verantwoording ten aanzien van geleverde zorg en ten behoeve van de noodzakelijke accountantsverklaring. 3.

Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van regiocoördinatie ten aanzien van de taken, bedoeld in het eerste lid: a) Het signaleren en analyseren van landelijke en regionale (niveau 3 Noord, zijnde de samenwerkende regio’s van Drenthe, Friesland, en Groningen) ontwikkelingen (waaronder de mogelijkheden en kansen die landelijke actieplannen bieden) en maatschappelijke

iii.

het verzorgen van het complete administratieve proces van een aanbestedingsprocedure of subsidietraject; iv. het beoordelen en selecteren op basis van inschrijvingen naar aanleiding van een aanbestedingsprocedure of subsidietraject; v. het leveren van inkoopadvies; vi. het opstellen van de overeenkomst met een aanbieder dan wel de verleningsbeschikking; vii. het besluiten tot het aangaan van overeenkomsten met aanbieders namens de gemeenten of het verlenen van beschikkingen, en viii. het sluiten van de contracten met de aanbieders namens gemeenten of verlenen van beschikkingen. 4. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van het contractmanagement en –beheer op de taken, bedoeld in het eerste lid: a) De monitoring en sturing op de aanbieders, te weten: i. verkrijgen van informatie over prestaties van de aanbieders bij aanbieder en waar nodig gastgemeente; ii. analyse van de verkregen informatie, conform i, in relatie tot de afspraken uit de overeenkomst of de beschikking, en iii. aanspreken van de aanbieder op zijn prestaties indien deze niet conform overeenkomst of beschikking presteert. b) Het voeren van beheer van overeenkomsten met de aanbieders of de verleende beschikkingen, te weten: i. registeren en archiveren van inkoopdocumenten, overeenkomsten, beschikkingen en andere relevante documenten; ii.

onderhouden van de relatie met de aanbieders; iii. analyseren van informatie en rapportages over de uitvoering van de dienstverlening door de aanbieders, en voeren van gesprekken met aanbieders.

b)

c)

d)

e)

f)

g)

h)

i)

tendensen in relatie tot de taken en opdrachten die door de samenwerkingsorganisatie worden uitgevoerd; Signaleren wanneer maatregelen nodig zijn die kunnen zorgen voor een soepele inzet van noodzakelijke zorg bij overgang van de ene naar één of meerdere andere beleidsterreinen die onder deze regeling vallen; Deelnemen aan bovenregionale en landelijke bijeenkomsten (zoals het J42 overleg, VNG overleg e.d.) met een directe relatie tot de taken en opdrachten die door de samenwerkingsorganisatie worden uitgevoerd; Voorbereiden en initiëren van regionale visies en regionale beleidsstukken voor de onder deze regeling vallende beleidsterreinen conform hetgeen in het Jaarplan is overeengekomen; Coördinatie op het ontwikkelen en borgen van de transformatieopdracht behorende bij de onder de regeling vallende beleidsterreinen en wetten bij gastgemeenten en zorgaanbieders.

Monitoren of de afzonderlijke taken en opdrachten uit deze regeling door de betreffende verantwoordelijken (gemeenten, zorgaanbieders of samenwerkingsorganisatie) worden uitgevoerd; Bewaken of de uitvoering wordt gedaan zoals is overeengekomen en is vastgelegd in de documenten van deze regeling en als uitwerking van deze regeling (regietaak); Nemen van maatregelen en instellen van hulpstructuren zoals bijvoorbeeld een expertteam of inzetten van instrumenten zoals experimenten, pilots, beleidsdocumenten, project subsidies, (uitvoerings)instructies, kwaliteitskader, die er voor zorgen dat de uitvoering van de werkzaamheden, opdrachten en taken die in deze regeling worden genoemd, optimaal en accuraat worden uitgevoerd; Opstellen van een jaarlijkse planning en jaarlijkse verantwoording met daarin de in deze regeling opgenomen taken, opdrachten, noodzakelijke acties en werkzaamheden in dat betreffende jaar;

5. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van het voeren van financieel beheer van de overeenkomsten met aanbieders dan wel verleende beschikkingen op de taken, bedoeld in het eerste lid, te weten: a) verwerken van de zorgtoewijzingen; b) beoordelen van de facturen van de aanbieders op de afspraken daaromtrent, en c) maken van betaalbestanden van de goedgekeurde facturen of factuurregels van de aanbieders voor de gastgemeente. 6. Het vervullen van de in het vijfde lid genoemde functies door het college en de burgemeester van de centrumgemeente op de vrijwillige taken op basis van de Jeugdwet, zoals genoemd in het eerste lid, geldt als optioneel, aldus dat een gastgemeente kan aangeven geen gebruik te maken van de mogelijkheid deze functies door het college en de burgemeester van de centrumgemeente te laten vervullen. Indien een gastgemeente gebruik wenst te maken van deze optie, zal deze gastgemeente dat uiterlijk drie maanden voor de inwerkingtreding van deze regeling schriftelijk kenbaar maken aan het college en de burgemeester van de centrumgemeente. 7.

Ten behoeve van de beleidsvoorbereiding, bedoeld in het eerste en het tweede lid, vervult de centrumgemeente de volgende functies: a) het signaleren en analyseren van beleidsontwikkelingen en maatschappelijke tendensen op het terrein van de taken genoemd in het eerste en tweede lid; b) het voorbereiden en opstellen van concept beleidsstukken, gelijkluidend voor alle gemeenten, voor de taken, genoemd in het eerste en het tweede lid; c) de inhoudelijke voorbereiding van het portefeuillehouders overleg en de verslaglegging ervan; d) de planning, agendavorming, inhoudelijke voorbereiding en verslaglegging voor de ambtelijke werkgroepen, bedoeld in artikel 9, vierde lid, en

j)

Periodiek (minimaal eens per half jaar) opstellen van een tussenrapportage (bevindingen, knelpunten, stand van zaken) over de taken, werkzaamheden en opdrachten voor de samenwerkende gemeenten; k) Zorgen voor tijdige communicatie met, informatie aan, transparantie voor en betrokkenheid van gastgemeenten op alle niveaus van hun organisatie te weten bestuurlijk (gemeenteraad en college van B&W) managerial (gemeentesecretarissen, hoofden sectoren sociaal domein) en ambtelijk (beleid, uitvoering en backoffices) met betrekking tot de onder deze regeling vallende werkzaamheden voor zover deze informatie betrekking heeft op de door gastgemeenten zelf uit te voeren taken; l) Zorgen voor periodieke actualisatie alsmede het warmhouden van het doel van de samenwerking, de wil en ambitie om samen te werken en de zachte kanten van de samenwerking (werken zoals bedoeld en gedrag en houding die past bij de samenwerking); m) Zorgen voor een –jaarlijks te actualiseren- voorstel over de inrichting en bezetting van ambtelijke werkgroepen die ingesteld worden voor de uitvoering van de werkzaamheden en opdrachten van de samenwerkingsorganisatie; n) Zorgen voor de coördinatie en afstemming tussen de ambtelijke werkgroepen onderling en tussen werkgroepen en de verschillende gremia die binnen de samenwerkingsorganisatie functioneren. 4.

Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen de volgende functies ten aanzien van accounthouderschap voor aanbieders en gesubsidieerde instellingen ten aanzien van de taken, bedoeld in het eerste lid: a) Invullen van de inhoudelijke en financiële beheerfunctie namens de gastgemeenten voor de gecontracteerde en gesubsidieerde partijen, voor zover dit de werkzaamheden en taken van die partijen betreft; b) Invullen van de operationele en tactische contactfunctie tussen de gecontracteerde partijen en de samenwerkende gemeenten;

e) de inhoudelijke coördinatie en afstemming tussen enerzijds de ambtelijke werkgroepen, bedoeld in artikel 9, vierde lid, onderling en anderzijds de ambtelijke werkgroepen, bedoeld in artikel 9, vierde lid, en het portefeuillehoudersoverleg. 8. Voor het vervullen van de in het eerste lid sub a. en b. genoemde taken beschermd wonen en opvang voert het college en de burgemeester van de centrumgemeente de functie van cliëntenbeheer. Deze functie omvat: a) alle bevoegdheden van het college als vermeld in paragraaf 3 en paragraaf 4 van hoofdstuk 2 WMO, waaronder het ontvangen van meldingen en het doen van onderzoek, het verwerken van de adviezen over toekenning aan cliënten op aangeven van de gastgemeente; b) het verstrekken van beschikkingen; c) de bevoegdheid tot namens het voeren van rechtsgedingen, bezwaarprocedures, administratieve beroepsprocedures of andere rechtsgedingen of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, voor zover het niet betreft het besluiten op bezwaarschriften en het besluiten tot het voeren van rechtsgedingen; d) rechtsgedingen omvatten tevens het aanhangig maken van een kort geding dan wel andere voorlopige of bewarende voorzieningen, de voeging in strafzaken, het instellen van beroep tegen uitspraken op bezwaar.

c) Vaststellen van indicatoren (effectiviteit en efficiëntie) op kwalitatief en kwantitatief niveau die aangeven of beoogde doelen, gevraagde resultaten en opgedragen werkzaamheden worden uitgevoerd zoals bedoeld; d) Zorgen voor communicatie, informatie, transparantie over en goede resultaten in zowel de uitvoering van de eigen taken van de samenwerkingsorganisatie als van de gecontracteerde partijen; e) Bespreken van de jaarrekening, begroting en het kwaliteitsverslag met de gecontracteerde partijen; f) Analyseren van informatie en rapportages over de uitvoering van de dienstverlening door de gecontracteerde partijen, en voorleggen van conclusies en aanbevelingen op basis van deze analyses, aan de samenwerkende gemeenten; g) Monitoren (ook benchmarken) van prestaties (resultaten en kwaliteit) in relatie tot vastgestelde indicatoren; h) Voorstellen doen over gecontracteerde of gesubsidieerde partijen, ten aanzien van bijsturen beleid, aanpassen indicatoren, opleggen van sancties en mate waarin voldaan wordt aan geldende wet- en regelgeving op basis van besprekingen, analyses en/of monitoring; i) Invullen van het bestuurlijke overleg met de gecontracteerde of gesubsidieerde partijen; j) Periodiek (minimaal eens per half jaar) c.q.

op het moment dat er zich urgente zaken of calamiteiten voordoen, terugkoppelen van bevindingen en kernpunten rondom het accounthouderschap aan de samenwerkende gemeenten; k) Nemen van maatregelen die er voor zorgen dat de uitvoering van het accounthouderschap optimaal en accuraat kan worden uitgevoerd. 5. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente vervullen indien de gastgemeenten daartoe expliciet hebben besloten, de volgende functies ten aanzien van het voeren van financieel beheer van de overeenkomsten met aanbieders dan wel verleende beschikkingen op de taken, bedoeld in het eerste lid, te weten:

a) verwerken van de zorgtoewijzingen; b) beoordelen van de facturen van de aanbieders op de afspraken daaromtrent, en c) maken van betaalbestanden van de goedgekeurde facturen of factuurregels van de aanbieders voor de gastgemeente. 6. Het vervullen van de in het vijfde lid genoemde functies door het college en de burgemeester van de centrumgemeente op de vrijwillige taken op basis van de Jeugdwet, zoals genoemd in het eerste lid, geldt als optioneel, aldus dat een gastgemeente kan aangeven geen gebruik te maken van de mogelijkheid deze functies door het college en de burgemeester van de centrumgemeente te laten vervullen. Indien een gastgemeente gebruik wenst te maken van deze optie, zal deze gastgemeente dat uiterlijk drie maanden voor de inwerkingtreding van deze regeling schriftelijk kenbaar maken aan het college en de burgemeester van de centrumgemeente. 7. Voor het vervullen van de in het eerste lid sub a. en b. genoemde taken beschermd wonen en opvang voert het college en de burgemeester van de centrumgemeente voor 2022 de functie van cliëntenbeheer. Na 2022 wordt de functie uitgevoerd voor het intramurale deel van de taak; de ambulante onderdelen worden vanaf 2023 door de gastgemeenten in eigen beheer uitgevoerd.

Deze functie omvat: a) alle bevoegdheden van het college als vermeld in paragraaf 3 en paragraaf 4 van hoofdstuk 2 WMO, waaronder het ontvangen van meldingen en het doen van onderzoek, het verwerken van de adviezen over toekenning aan cliënten op aangeven van de gastgemeente; b) het verstrekken van beschikkingen; c) de bevoegdheid tot namens het alle gastgemeenten voeren van rechtsgedingen, bezwaarprocedures, administratieve beroepsprocedures of andere rechtsgedingen of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, voor zover het niet betreft het besluiten op bezwaarschriften en het besluiten tot het voeren van rechtsgedingen; rechtsgedingen omvatten tevens het aanhangig maken van een kort geding dan wel andere voorlopige of

bewarende voorzieningen, de voeging in strafzaken, het instellen van beroep tegen uitspraken op bezwaar. Artikel 5 lid 2 – toevoeging van de zin: Het portefeuillehouderoverleg kan nadere regels stellen omtrent de procedure voor het tot stand komen van het zwaarwegend advies. Artikel 5 lid 5 toegevoegd: Ten aanzien van de besluitvorming binnen deze regeling geldt: (a) De centrumgemeente besluit zelfstandig in mandaat en dus zonder consultatie vooraf; dit betreft taken met wettelijke verplichte samenwerking met uitzondering van de gevallen waar het budgetrecht van de raad van de gastgemeente wordt gevraagd, waarvoor het recht van consultatie als bedoeld bij (b) geldt; ofwel (b) De centrumgemeente neemt een voorgenomen besluit welke ter consultatie aan de andere gemeenten wordt voorgelegd; de centrumgemeente neemt vervolgens op basis van de consultatie een besluit; ofwel (c) De centrumgemeente komt in samenwerking met de andere gemeenten tot een besluit; (d) De centrumgemeente bereidt in geval van onderwerpen buiten het mandaat van de centrumgemeente een besluit voor welk besluit na overeenstemming in het portefeuillehoudersoverleg door alle colleges van de gastgemeenten en centrumgemeente wordt genomen. Daar waar het de bevoegdheden van de gemeenteraden betreft wordt het besluit door de gemeenteraden van de gastgemeentes en centrumgemeente genomen.

Besluitvorming over alle onderwerpen die niet vallen in één van de hiervoor genoemde categorieën vindt plaats door de centrumgemeente op basis van het mandaat in overeenstemming met het bepaalde in dit artikel. NIEUW ARTIKEL: Artikel 9 - Tussentijdse taaktoedeling 1. Aan de centrumgemeente kunnen nieuwe taken en activiteiten, niet zijnde een uitbreiding van de in deze regeling beschreven bevoegdheden (mandaten en machtigingen), worden opgedragen.

Artikel 9 – Bekostiging dienstverlening opdrachtnemer 1. De centrumgemeente berekent de integrale kosten die voor haar voortvloeien uit de dienstverlening op grond van deze regeling door aan

2. In het portefeuillehouderoverleg Algemeen en Middelen, zoals genoemd in artikel 12 lid 1, wordt overeenstemming bereikt over de reikwijdte van deze taken en activiteiten alvorens tot het opdragen van deze nieuwe taken en activiteiten wordt overgegaan. 3. Nadat in het in lid 2 genoemde portefeuillehoudersoverleg overeenstemming is bereikt over de reikwijdte en de kosten, besluit het college van de centrumgemeente formeel tot het hanteren van deze overeengekomen invulling van de taken en werkzaamheden. Nadat in het portefeuillehoudersoverleg overeenstemming is bereikt, maar voordat de centrumgemeente formeel besluit tot het hanteren van de overeengekomen invulling van de taken en werkzaamheden, worden alle colleges van de deelnemende gemeenten schriftelijk op de hoogte gesteld. 4. Indien besloten wordt om bestaande taken en activiteiten, niet zijnde de in lid 1 van dit artikel bedoelde vorm van bevoegdheden, weg te nemen bij de centrumgemeente, kan dit niet eerder worden gerealiseerd dan bij de eerstvolgende overeenstemming op de begroting van de integrale kosten, zoals bedoeld in artikel 10. Bij het wegnemen van taken en werkzaamheden wordt een redelijke termijn van tenminste zes maanden in acht genomen waarbinnen de centrumgemeente de gevolgen van het wegnemen van deze taken kan opvangen.

Het wegnemen van taken en werkzaamheden kan niet eerder dan wanneer de gevolgen voor de centrumgemeente en betreffende gastgemeenten in kaart zijn gebracht en overeenstemming is bereikt over het vereffenen van de financiële implicaties van de gewijzigde taakuitoefening. 5. De centrumgemeente houdt een overzicht bij van de tussentijds aan de centrumgemeente toebedeelde extra taken en activiteiten. 6. Bij een eerstvolgende wijziging van de regeling wordt het onder lid 4 genoemde overzicht betrokken bij discussies en besluiten over de reikwijdte van de eerstvolgende nieuwe tekst van een regeling of wijziging van de regeling. Artikel 10- Bekostiging dienstverlening opdrachtnemer 1. De centrumgemeente berekent de integrale kosten die voor haar voortvloeien uit de dienstverlening op grond van deze regeling door aan

gemeenten. De kosten voor de dienstverlening bestaan uit kosten voor instandhouding en kosten voor taakuitvoering. 2. Kosten voor instandhouding bestaan uit alle kosten die de centrumgemeente maakt ten behoeve van het kunnen uitvoeren van de dienstverlening die niet direct aan de concrete dienstverlening kunnen worden toegerekend. 3. Kosten voor uitvoering van taken bestaan uit de kosten die direct volgen uit de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 4. 4. Ten behoeve van de uitvoering van de taken van centrumgemeente, bedoeld in artikel 4, informeren de gastgemeenten de centrumgemeente tijdig over het budget dat zij voor het daarop volgende jaar dan wel jaren beschikbaar hebben, mede ten behoeve van artikel 5, vierde lid. 5. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente stellen jaarlijks voorafgaand aan het jaar waarvoor deze geldt een begroting op met de integrale kosten die voor haar voortvloeien uit de dienstverlening op grond van deze regeling ten behoeve van gemeenten. De begroting vermeldt bij de kosten voor instandhouding apart de kosten voor de vervulling van de functies als bedoeld in artikel 4 lid 1, 2, 3, 4 en 5 (de kosten voor de uitvoering van de standaard functies) en de kosten voor de vervulling van de functie als bedoeld in artikel 4 lid 6 (de kosten voor de uitvoering van de optionele functie).

Deze begroting wordt besproken in het portefeuillehouders overleg en vormt een apart hoofdstuk van de begroting van de centrumgemeente, zoals deze wordt vastgesteld door de raad van de centrumgemeente. 6. Indien gedurende een kalenderjaar blijkt dat de werkelijke kosten de begrote kosten lijken te gaan overstijgen en dit gevolgen heeft voor de kosten die een gastgemeente dient te vergoeden, neemt de centrumgemeente zo spoedig mogelijk contact op met de betreffende gastgemeente dan wel het portefeuillehouders overleg als het meerdere gemeenten betreft. 7. De kosten voor instandhouding worden onder gemeenten verdeeld op basis van inwoneraantal van elke gemeente met peildatum 1 januari van jaar t-1.

gemeenten. De kosten voor de dienstverlening bestaan uit kosten voor de instandhouding en kosten voor de taakuitvoering. 2. Kosten voor de instandhouding bestaan uit alle kosten die de centrumgemeente maakt ten behoeve van het kunnen uitvoeren van de dienstverlening die niet direct aan de concrete dienstverlening kunnen worden toegerekend. 3. Kosten voor uitvoering van taken bestaan uit de kosten die direct volgen uit de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 4. 4. Het college en de burgemeester van de centrumgemeente stellen jaarlijks in september, voorafgaand aan het jaar waarvoor deze geldt, een begroting op met de integrale kosten die voor haar voortvloeien uit de dienstverlening op grond van deze regeling ten behoeve van gemeenten. De begroting vermeldt hierbij de kosten voor instandhouding en de kosten voor de taakuitvoering. Deze begroting wordt besproken op de door gemeenten afgesproken wijze en wordt verwerkt in de begroting van de centrumgemeente. Op deze wijze wordt de begroting vastgesteld door de raad van de centrumgemeente. 5. Indien gedurende een kalenderjaar blijkt dat de werkelijke kosten de begrote kosten lijken te gaan overstijgen, wordt dit gerapporteerd aan de gemeenten en besproken met de door gemeenten afgesproken gremia. 6.

De kosten voor instandhouding worden onder gemeenten verdeeld op basis van inwoneraantal van elke gemeente met peildatum 1 januari van jaar t-1. 7. De kosten voor uitvoering van taken worden verdeeld onder gemeenten op basis van het percentuele aandeel dat een gemeente toekomt in het totaal van aantallen cliënten op basis van de Jeugdwet of WMO, zoals meest recentelijk vastgesteld door het Centraal Bureau voor Statistiek, op peildatum 1 januari van jaar t-1. Dit geldt voor zowel de uitvoering van taken in het kader van de verplichte wettelijke samenwerking als voor de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet en WMO. 8. Gastgemeenten betalen maandelijks 1/12 deel van de door hen verschuldigde kosten voor instandhouding en uitvoering middels vooruitbetaling.

8. De kosten voor uitvoering van taken worden verdeeld onder gemeenten op basis van het percentuele aandeel dat een gemeente toekomt in het totaal van aantallen cliënten op basis van de Jeugdwet, zoals meest recentelijk vastgesteld door het Centraal Bureau voor Statistiek, op peildatum 1 januari van jaar t-1. Dit geldt voor zowel de uitvoering van taken in het kader van de verplichte wettelijke samenwerking als voor de vrijwillige samenwerking voor de Jeugdwet als bedoeld in artikel 4 lid 6. 9. Gastgemeenten betalen maandelijks 1/12 deel van de door hen verschuldigde kosten voor instandhouding en uitvoering middels vooruitbetaling. 10. De centrumgemeente stuurt elke gastgemeente elke maand een betaalbestand voor de zorgkosten, ter uitvoering van de taak bedoeld in artikel 4, vijfde lid, sub iii. Voor zover over de dienstverlening BTW is verschuldigd, berekent de centrumgemeente deze door aan gastgemeenten. 11. De centrumgemeente stelt na afloop van elk kalenderjaar ter verantwoording een jaarrekening op. Deze jaarrekening wordt besproken in het portefeuillehouders overleg en vastgesteld in de raad van de centrumgemeente. De concept jaarrekening van een jaar is uiterlijk in maart van het daaropvolgende jaar gereed. 12.

Indien op basis van een jaarrekening, bedoeld in het twaalfde lid, sprake is van enig tekort, dan draagt elke gemeente bij in de kosten bedoeld in het tweede respectievelijke het derde lid, op basis van de kostenverdeelsleutel, bedoeld in het zevende respectievelijk het achtste lid. Indien sprake is van een overschot ten aanzien van de kosten, bedoeld in het tweede respectievelijk het derde lid, wordt dit op basis van de kostenverdeelsleutel, bedoeld in het zevende respectievelijk het achtste lid, verrekend met de bijdrage voor het daaropvolgende kalenderjaar. 13. Indien op basis van een jaarrekening, bedoeld in het twaalfde lid, sprake is van enig tekort op de kosten die samenhangen met de in artikel 4 lid 1 sub a. en b. genoemde taken, dan draagt elke gemeente bij aan het tekort op basis van de in de begroting van dat jaar opgenomen verdeelsleutel. 14. Indien op basis van een jaarrekening, bedoeld in het

9. De centrumgemeente stuurt elke gastgemeente elke maand een betaalbestand voor de zorgkosten, ter uitvoering van de taak bedoeld in artikel 4 lid 5 en/of lid 7 10. Voor zover over de dienstverlening BTW is verschuldigd, berekent de centrumgemeente deze door aan gastgemeenten. 11. De centrumgemeente stelt na afloop van elk kalenderjaar ter verantwoording een jaarverantwoording financieel op. Deze jaarverantwoording wordt besproken op een door gemeenten afgesproken wijze. De concept jaarverantwoording van een jaar is uiterlijk in april van het daaropvolgende jaar gereed. 12. Indien op basis van een jaarverantwoording, zoals bedoeld in het vorige lid, sprake is van enig tekort, dan draagt elke gemeente bij in de kosten bedoeld in het tweede respectievelijke het derde lid, op basis van de kostenverdeelsleutel, bedoeld in het zesde respectievelijk het zevende lid. Indien sprake is van een overschot ten aanzien van de kosten, bedoeld in het tweede respectievelijk het derde lid, wordt dit op basis van de kostenverdeelsleutel, bedoeld in het zesde respectievelijk het zevende lid, verrekend met de bijdrage voor het daaropvolgende kalenderjaar.

twaalfde lid, sprake is van enig overschot op de kosten die samenhangen met de in artikel 4 lid 1 sub a. en b. genoemde taken, dan zal het overschot op basis van de in de begroting van dat jaar opgenomen verdeelsleutel worden verrekend met de gastgemeente. 15. Over de programmakosten van de in artikel 4 lid 1 sub d., e., f. en g. genoemde taken zullen in de begroting SDF van dat jaar afspraken over de te hanteren verdeelsleutel en betalingsperioden worden opgenomen.

Artikel 10 - Portefeuillehoudersoverleg 1. Er vindt bestuurlijk overleg plaats tussen gemeenten over (de uitvoer van) deze regeling in het portefeuillehoudersoverleg. 2. De centrumgemeente agendeert in het portefeuillehoudersoverleg ten minste twee maal per jaar de uitvoering van deze regeling. Zij spreken dan in ieder geval over a) de begroting, bedoeld in artikel 9, vijfde lid; b) de jaarrekening, bedoeld in artikel 9, twaalfde lid; c) de lijst van onderwerpen bedoeld in artikel 11, vierde lid, en stellen deze lijst vast; d) de onderwerpen die in samenwerking tot instemming worden gebracht, en stellen over deze onderwerpen een zwaarwegend advies op gericht aan het college van de centrumgemeente; e) het portefeuillehoudersoverleg kan nadere regels stellen omtrent de procedure voor het tot stand komen van het zwaarwegend advies.

NIEUW ARTIKEL: Artikel 11 - Voorjaarsbrief Het College van de Centrumgemeente stelt voor 1 juli van het jaar voorafgaande aan het nieuwe begrotingsjaar de voorjaarsbrief vast. In de voorjaarbrief worden in ieder geval de autonome ontwikkelingen en financiële uitgangspunten die voor het volgende begrotingsjaar en gelden opgenomen. Tevens bevat de voorjaarsbrief desgewenst voornemens tot wijzigingen c.q. intensiveringen in de taakuitvoering van de centrumregeling en de daarbij behorende budgettaire consequenties. Artikel 12 – Portefeuillehouders overleg 1. Er vindt bestuurlijk overleg plaats tussen gemeenten over (de uitvoer van) deze regeling in het portefeuillehouderoverleg. Er bestaat een portefeuillehouderoverleg Algemeen en Middelen, een portefeuillehouderoverleg Jeugdwet en een portefeuillehouderoverleg WMO. Het portefeuillehoudersoverleg Algemeen en Middelen bestaat uit een vertegenwoordiging van wethouders van de deelnemende gemeenten. In het portefeuillehoudersoverleg Jeugdwet en het portefeuillehoudersoverleg WMO nemen alle met deze onderwerpen belaste wethouders plaats. 2. De centrumgemeente agendeert in het portefeuillehouderoverleg Algemeen en Middelen ten minste tweemaal per jaar de uitvoering van deze regeling.

Zij spreken dan in ieder geval over - de begroting, bedoeld in artikel 10, vierde lid; - de jaarverantwoording, bedoeld in artikel 10, elfde lid; - de lijst van onderwerpen bedoeld in artikel 5, tweede lid, en stellen deze lijst vast;

3. Instemming in het portefeuillehouders overleg vindt plaats op basis van het principe dat iedere gemeente één stem heeft en dat iedere gemeente is vertegenwoordigd of zich laat vertegenwoordigen en op basis van het principe van een gekwalificeerde meerderheid van 2/3e van het totaal aantal stemmen. 4. Indien noodzakelijk in verband met de te bespreken onderwerpen, neemt namens de centrumgemeente aan het portefeuillehoudersoverleg een extra vertegenwoordiger in de rol van opdrachtnemer deel. 5. Het college van de centrumgemeente betrekt de regionale ambtelijke werkgroepen bij de beleidsvoorbereidende taak, bedoeld in artikel 4, vijfde lid. 6. De communicatie over de uitvoer van deze regeling vindt plaats in het portefeuillehoudersoverleg en het secretarissenoverleg. Slechts indien sprake is van een uitvoeringskwestie die slechts één gastgemeente en centrumgemeente betreffen kan direct individueel contact tussen de centrumgemeente en betreffende gastgemeente plaatsvinden.

Zij stellen over deze onderwerpen een zwaarwegend advies op gericht aan het college van de centrumgemeente. 3. Instemming in het portefeuillehouders overleg vindt plaats op basis van het principe dat iedere gemeente één stem heeft en dat iedere gemeente is vertegenwoordigd of zich laat vertegenwoordigen en op basis van het principe van een gekwalificeerde meerderheid van 2/3e van het totaal aantal stemmen. Met betrekking tot het portefeuillehoudersoverleg Algemeen en Middelen geldt het in dit lid genoemde eveneens, met dien verstande dat de in dit overleg deelnemende wethouders de voor hun regio geldende gemeenten vertegenwoordigen en per gemeente in die regio één stem heeft. 4. Indien noodzakelijk in verband met de te bespreken onderwerpen, neemt op verzoek van de centrumgemeente, een vertegenwoordiger in de rol van opdrachtnemer en adviseur deel aan het portefeuillehouderoverleg. 5. Voordat een onderwerp wordt geagendeerd voor een portefeuilleoverleg WMO en Jeugd, wordt altijd advies gevraagd aan het management overleg sociaal domein, dat eventueel eigen werkgroepen kan instellen voor de taken, bedoeld in artikel 4. 6. De communicatie over de uitvoering van deze regeling vindt plaats in het portefeuillehouderoverleg, het gemeentesecretarissenoverleg en/of het managementoverleg SDF.

Slechts indien sprake is van een uitvoeringskwestie die slechts één gastgemeente en centrumgemeente betreffen kan direct individueel contact tussen de centrumgemeente en betreffende gastgemeente plaatsvinden.

Artikel 11 secretarissenoverleg 1. Er vindt ambtelijk overleg plaats tussen de gemeenten in het secretarissenoverleg. 2. Het secretarissenoverleg bestaat uit de secretaris van de centrumgemeente en vier tot zes secretarissen van de gastgemeenten die worden aangewezen door het portefeuillehoudersoverleg. 3. Het secretarissenoverleg komt ten minste vier maal per kalenderjaar bijeen.

Artikel 13 - Gemeentesecretarissenoverleg 1. Er vindt ambtelijk overleg plaats tussen de gemeenten in het gemeentesecretarissenoverleg. Het gemeentesecretarissenoverleg bestaat uit de secretaris van de centrumgemeente en vier tot zes secretarissen van de gastgemeenten waarbij de Friese gemeentesecretarissen de afvaardiging uit hun eigen midden bepalen.

4. Het secretarissenoverleg spreekt onder meer over de wijze van uitvoering door de centrumgemeente van haar taken en de kosten ervan, de wijze waarop de gastgemeenten hun opdrachtgeverschap invullen en de relatie tussen de gastgemeenten en de centrumgemeente . Het secretarissenoverleg doet een voorstel voor de onderwerpen voor het portefeuillehouders overleg, waarbij ten aanzien van de besluitvorming geldt: i. De centrumgemeente besluit zelfstandig in mandaat en dus zonder consultatie vooraf; dit betreft taken met wettelijke verplichte samenwerking met uitzondering van de gevallen waar het budgetrecht van de raad van de gastgemeente wordt gevraagd, waarvoor het recht van consultatie als bedoeld bij ii geldt; ofwel ii. De centrumgemeente neemt een voorgenomen besluit welke ter consultatie aan de andere gemeenten wordt voorgelegd; iii. de centrumgemeente neemt vervolgens op basis van de consultatie een besluit; ofwel iv. De centrumgemeente komt in samenwerking met de andere gemeenten tot een besluit; v. Besluitvorming over alle onderwerpen die niet vallen in één van de hiervoor genoemde categorieën vindt plaats door de centrumgemeente op basis van het mandaat in overeenstemming met het bepaalde in dit artikel sub i. 5.

Het secretarissenoverleg kan een administratief protocol opstellen, zo nodig wijzigen en bijhouden dat de administratieve organisatie van deze regeling beschrijft. De gemeenten zullen zich inspannen om dit administratief protocol bij te houden en na te leven.

2. Het gemeentesecretarissenoverleg komt ten minste vier maal per kalenderjaar bijeen. 3. Het gemeentesecretarissenoverleg spreekt onder meer over de wijze van uitvoering door de centrumgemeente van haar taken en de kosten ervan, de wijze waarop de gastgemeenten hun opdrachtgeverschap invullen en de relatie tussen de gastgemeenten en de centrumgemeente . Het secretarissenoverleg doet een voorstel voor de onderwerpen voor het portefeuillehouderoverleg Algemeen en Middelen. 4. Het gemeentesecretarissenoverleg kan een administratief protocol opstellen en zo nodig wijzigen. Het gemeentesecretarissenoverleg houdt een overzicht bij dat de administratieve organisatie van deze regeling beschrijft. De gemeenten zullen zich inspannen om dit administratief protocol na te leven.

NIEUW ARTIKEL: Artikel 15 – Managementoverleg Sociaal domein 1. Er vindt ambtelijk overleg plaats tussen de gemeenten in het managementoverleg sociaal domein. Het managementoverleg sociaal domein bestaat uit directeur MO van de centrumgemeente en vier tot zes managers van afdelingen/sectoren sociaal domein van de gastgemeenten die worden aangewezen door zowel

het portefeuillehouderoverleg WMO en Jeugd via een gezamenlijke voordracht. 2. Het managementoverleg sociaal domein komt tien maal per kalenderjaar bijeen of zoveel vaker als om inhoudelijke redenen noodzakelijk wordt geacht door een meerderheid van de deelnemers. 3. Het managementoverleg sociaal domein spreekt onder meer over de kwaliteit, haalbaarheid en actualiteit van de inhoudelijke voorstellen die worden voorgelegd aan de portefeuille overleggen WMO of Jeugd. Het managementoverleg sociaal domein doet een voorstel voor de onderwerpen voor het portefeuillehouderoverleg WMO en/of Jeugd, waarbij ten aanzien van de besluitvorming geldt dat de centrumgemeente in samenwerking met de andere gemeenten tot een besluit komt; 4. Het managementoverleg sociaal domein kan een administratief protocol opstellen en zo nodig wijzigen. Het managementoverleg sociaal domein beschrijft de administratieve organisatie voor het inhoudelijke deel van deze regeling. De gemeenten zullen zich inspannen om dit administratief protocol na te leven.

Artikel 18 – Uittreding en opheffing 1. Opheffing en uittreding is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste vier jaar na 1 januari 2018. Van bijzondere omstandigheden is slechts sprake als hierover tussen de colleges en de burgemeesters van de gemeenten overeenstemming bestaat. Artikel 19 – Duur van de regeling Deze regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd, met dien verstande dat: 1. De taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, waarop geen wettelijke plicht tot samenwerking bestaat, slechts tot en met

NIEUW ARTIKEL: Artikel 16 - Huishoudelijk Reglement In het portefeuillehouderoverleg Algemeen en Middelen wordt een huishoudelijk reglement overeengekomen dat regelt op welke wijze de in deze regeling beschreven gremia en de vanuit deze regeling ingestelde of in te stellen ambtelijke overleggen worden georganiseerd. Artikel 23 lid 1 – Wijziging van de eerste zin in: Opheffing en uittreding is behoudens bijzondere omstandigheden niet mogelijk in de eerste zes jaar na 1 januari 2022.

Artikel 24 – Wijziging van het artikel in: Deze regeling wordt getroffen voor onbepaalde tijd, met dien verstande dat: a. De taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, waarop geen wettelijke plicht tot samenwerking bestaat, na 31 december

31 december 2021 door gastgemeenten aan de centrumgemeente worden opgedragen; 2. In afwijking van sub a, de colleges en burgemeester kunnen besluiten, naar aanleiding van de evaluatie, bedoeld in artikel 21, de taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, waarop geen wettelijke plicht tot samenwerking bestaat, ook na 31 december 2021, aan de centrumgemeente op te dragen, en 3. De taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, waarvoor een wettelijke verplichting tot samenwerking geldt, aan centrumgemeente worden opgedragen zo lang als deze wettelijke verplichting tot samenwerking op die taken bestaat. Artikel 21 - Evaluatie Deze regeling en de uitvoering daarvan wordt in het derde jaar, uiterlijk voor 1 oktober 2020 geëvalueerd, mede ten behoeve van besluitvorming die betrekking heeft op artikel 19, onder b. Deze besluitvorming door de colleges en de burgemeester van de gemeenten vindt vóór 31 december 2020 plaats.

2027 door gastgemeenten op basis van een evaluatie niet langer aan de centrumgemeente kunnen worden opgedragen. Artikel 9 is van overeenkomstige toepassing; b. De taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 4, eerste en tweede lid, waarvoor een wettelijke verplichting tot samenwerking geldt, aan centrumgemeente worden opgedragen zo lang als deze wettelijke verplichting tot samenwerking op die taken bestaat, tenzij gemeenten na 31 december 2027 besluiten een andere vorm van gemeentelijke samenwerking aan te gaan.

Artikel 22 – Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op de dag, volgend op de dag waarop de colleges en de burgemeesters van de gemeenten deze regeling op de gebruikelijke wijze bekend hebben gemaakt, onder gelijktijdige intrekking van de Centrumregeling Samenwerking Sociaal Domein Friese Gemeenten.

Artikel 27 – Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op de dag, volgend op de dag waarop de colleges en de burgemeesters van de gemeenten deze regeling op de gebruikelijke wijze bekend hebben gemaakt, onder gelijktijdige intrekking van de Centrumregeling Samenwerking Sociaal Domein Friese Gemeenten 2018.

Artikel 23 – Citeerwijze

Artikel 28 – Citeerwijze

Artikel 26 - Evaluatie 1. Jaarlijks wordt in het gemeentesecretarissen overleg, bedoeld in artikel 13, de stand van zaken omtrent de samenwerking besproken met als doel om bijsturing te kunnen geven. Eens in de twee jaren organiseert het gemeentesecretarissenoverleg een reflectie op de samenwerking met alle direct betrokkenen bij deze regeling, in ieder geval de portefeuillehouders, de gemeentesecretarissen en de hoofden van het sociaal domein. 2. Deze regeling en de uitvoering daarvan wordt in het vijfde jaar, uiterlijk voor 1 oktober 2027 geëvalueerd, mede ten behoeve van besluitvorming die betrekking heeft op artikel 23, onder 2 of 3. Deze besluitvorming door de colleges en de burgemeester van de gemeenten vindt vóór 31 december 2027 plaats.

Deze regeling wordt aangehaald als ‘Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2018’

Deze regeling wordt aangehaald als ‘Centrumregeling samenwerking Sociaal Domein Fryslân 2022’

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10842164/1