Bijlage - 2026-03-03 Actieve info Haalbaarheidsonderzoek Onderwijs- en Sportvoorzieningen VO Sneek + bijlage
Tekst van het document
Ons nummer: O26.000247
Informatie raad/mededeling college Onderwerp Commissie Collegebesluit d.d. Portefeuillehouder
haalbaarheidsonderzoek Onderwijs- en Sportvoorzieningen VO Sneek Boarger en Mienskip 3 maart 2026 Petra van den Akker
Reden informatieverstrekking actieve informatie van het college Collegebesluit a. in te stemmen met het Plan van Aanpak Haalbaarheidsonderzoek onderwijs- en sportvoorzieningen voortgezet onderwijs Sneek b. de raad hierover actief te informeren Toelichting/achtergrond In februari 2025 heeft de Raad besloten om middelen beschikbaar te stellen ten laste van het Ontwikkelfonds voor het uitvoeren van een haalbaarheidsonderzoek Voortgezet Onderwijs. 1De scholen (RSG Sneek en CVO Zuidwest Friesland) hadden aangegeven dat de gebouwen waarin zij gehuisvest zijn niet meer passend zijn. De gebouwen zijn verouderd, niet duurzaam en functioneel niet meer toegesneden op de huidge onderwijsmethodes. Ook zijn de gebouwen in verhouding tot het aantal leerlingen (huidig en geprognosticeerd) te groot. Dit is voor scholen op termijn te kostbaar waardoor de kwaliteit van het onderwijs onder druk kan komen te staan. De scholen hebben aangegeven dat zij graag een nieuwe school willen stichten en daarvoor een aanvraag willen doen bij de gemeente. Een besluit over de toekomstige huisvesting van het voortgezet onderwijs in Sneek biedt veel kansen: voor onze opgroeiende jongeren, de kwaliteit van het onderwijs, de leefbaarheid in het algemeen en de herontwikkeling van het gebied waar de scholen zijn gevestigd.
Maar het bouwen van één of meer nieuwe schoolgebouwen met bijbehorende sportvoorzieningen vraagt ook een forse investering die via de kapitaallasten een claim legt op de gemeentelijke begroting voor de komende tientallen jaren. Om die reden zijn middelen aangevraagd om een uitgebreid haalbaarheidsonderzoek te kunnen doen waarbij naast nieuwbouw verschillende andere opties en verschillende mogelijke locaties worden verkend. In deze actieve informatie wordt de opzet van het onderzoek uiteengezet.
Opzet van het onderzoek Dit haalbaarheidsonderzoek is nauw verweven met de Ruimtelijke Strategie Sneek en de gebiedsontwikkeling in het Spoorzonegebied. Dit haalbaarheidsonderzoek is een eerste puzzelstuk naar een programma gebiedsontwikkeling Spoorzone. Na afronding van dit haalbaarheidsonderzoek zijn opties voor de huisvesting van de scholen helder en zijn mogelijke locaties in beeld gebracht. De keuzes die gemaakt worden met betrekking tot de huisvesting van de scholen zijn cruciaal voor de verdere ontwikkeling van dit gebied, of de scholen wel of niet in het gebied gevestigd blijven en of er gekozen wordt voor nieuwbouw of renovatie: de keuzes die gemaakt worden met betrekking
Het ontwikkelen van een onderzoeksopzet en de communicatie hierover via actieve informatie zijn vertraagd door ambtelijke capaciteitsproblemen. Dit is gecommuniceerd via de Lange Termijn Agenda.
tot de gebouwen waaarin de scholen zijn gevestigd zijn cruciaal voor de ontwikkeling van het gebied Spoorzone-Veemarkt. In de opzet van het haalbaarheidsonderzoek wordt daarom samengewerkt met een stedenbouwkundig bureau om de ruimtelijke puzzel inzichtelijk te maken. In fase 3 van het onderzoek worden berekeningen gemaakt door planeconomen om de financiële effecten door te rekenen. In de schriftelijke toezegging over het haalbaarheidsonderzoek zijn elementen benoemd die minimaal in het haalbaarheidsonderzoek een plek moeten krijgen. Deze elementen zijn integraal opgenomen in het Plan van Aanpak. (blz 4) Het onderzoek bestaat uit 3 onderdelen 1. Onderwijsvisie op het Voortgezet Onderwijs 2. Ruimtelijke visie op het gebied of gebieden 3. Haalbaarheid/businesscase Deze 3 pijlers positioneren de opdracht strategisch op het snijvlak van onderwijsinnovatie, kansengelijkheid, brede samenwerking tussen onderwijs-sport-welzijn, gezonde leefomgeving, bereikbaarheid en duurzame gebouwen. Ad1. Onderwijsvisie op het voortgezet Onderwijs Samen met de beide schoolbesturen wordt een centrale visie ontwikkeld op het onderwijsaanbod in de gemeente in 2040 en de plaats, omvang en diversiteit van het voortgezet onderwijs.
In deze fase worden ook partners uit het beleidsterrein sport en bewegen betrokken zodat faciliteiten en accomodaties integraal worden betrokken bij het onderzoek naar haalbaarheid. In de onderwijsivisie wordt ook opgenomen hoe het onderwijs deel uitmaakt van een netwerk van elkaar versterkende partners die mogelijk deel worden of mede eigenaar worden van het initiatief. Inhoudelijk ligt het primaat voor het ontwikkelen van een visie op het onderwijs bij de scholen; de gemeente is verantwoordelijk voor de huisvesting. Omdat de visie direct invloed heeft op de huisvesting is er voor gekozen de visie te ontwikkelen in een gezamenlijk traject. De output van dit eerste deel van het onderzoek is een visie op onderwijs, sport en bewegen en partnerschap. Dit vormt het strategisch kader voor de haalbaarheid en later mogelijk realisatie van de Onderwijs- en Sportvoorzieningen. Ad2. Ruimtelijke visie op het gebied of de gebieden In stap 2 wordt de integrale visie vertaald naar alle activiteiten die zullen plaatsvinden in de Onderwijs- en Sportvoorzieningen. Zo komt er zicht op de functionele opbouw van het gewenste programma. (dit vormt later de basis voor een programma van eisen) Er wordt onderzocht waar in aanvullling op het normatieve programma kansen zijn voor verrijking door synergie en samenwerking.
In deze fase worden voorstellen, oplossingsrichtingen gepresenteerd die moeten leiden tot een door de gemeente, schoolbesturen en partners gedragen ruimtelijke visie. Deze visie vormt de eerste input voor het daarna te doorlopen proces van participatie en planologische onderzoeken en procedures. Ad3. Haalbaarheid Businesscase In deze fase wordt een dekkingsplan opgesteld. Dit geeft niet alleen inzizcht in de kapitaallasten (stichtingskosten en locatiegebonden kosten) voor de gemeente. Er wordt ook onderzoek gedaan naar bijkomende dekkingsbronnnen zoals bijdragen van de schoolbesturen, subsidiestromen en mogelijke opbrengsten van te verlaten locaties. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de noodzakelijke fasering van het gehele programma en de programma-organisatie.
Dit mondt uit in een rapprtage Haalbaarheid businesscase en een projectplan met advies voor de inrichting van de programma-organisatie.
Planning Het onderzoek loopt een jaar vanaf maart 2026. Er zijn verschillende momenten gepland voor consultatie van de raad. Eind juni wordt -onder voorbehoud- een eerste opiniërende/informerende raadsbijeekomst belegd. Tijdens een actieve werksessie is er ruimte voor toelichting, reflectie en aandachtspunten. Ook wordt de procesaanpak toegelicht en waar nodig aangescherpt.
Proces Het onderzoek zal worden begeleid door een adviesteam van een bureau met uitgebreide kennis en expertise op het vlak van onderwijshuisvesting, sportvoorzieningen en financiering. Voor de stedenbouwkundige expertise wordt gebruik gemaakt van een ervaren stedenbouwkundig adviesbureau. De opdrachten aan beide bureaus zijn op elkaar afgestemd. In fase 3 van het onderzoek is planeconomische expertise nodig. Mocht daarvoor externe expertise nodig zijn, dan is daarvoor ruimte binnen het beschikbaar gestelde budget. Relevante links naar eerdere besluitvorming https://sudwestfryslan.raadsinformatie.nl/document/15099682/1/Raadsvoorstel++Haalbaarheidsonderzoek+project+VO-campus?connection_type=1&connection_id=9089335 https://sudwestfryslan.raadsinformatie.nl/document/15788039/1/9_+amendement+PvdA%2C+G BTL%2C+CU%2C+GL+I+integraal+huisvestingsplan+onderwijs+I+uitzondering+VOcampus%2C+bij+PB+ingroeiende+kapitaallast?connection_type=1&connection_id=9507945 https://sudwestfryslan.nl/wp-content/uploads/2025/02/2025-02-13-BF-IHaalbaarheidsonderzoek-VO-campus.pdf
Bijlage(n) Plan van aanpak haalbaarheidsonderzoek onderwijs- en sportvoorzieningen Sneek
Plan van Aanpak
Haalbaarheidsonderzoek onderwijs- en sportvoorzieningen VO Sneek
Opdrachtgever Gemeente Súdwest-Fryslân
Datum 10 februari 2026
Referentie 1757501-0011.2.0
Auteur(s) mevrouw ir. L.J. Kröse de heer ir. G.P. Jacobs
Statenlaan 8
5223 LA 's-Hertogenbosch
T 073 - 6 409 409
info@hevo.nl
KvK Brabant 16029774
Burg. Roelenweg 40
8021 EW Zwolle
T 038 - 4 258 101
ISO 9001 -gecertificeerd
BTW 0011.60.461.B01
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
3
2. 2.1.
Onderzoeksvragen vanuit Raad Opiniërende bijeenkomst Raad
4 4
3. 3.1. 3.2. 3.3.
Onderwijsvisie VO Sneek Voortgezet onderwijs in samenhang Sport en bewegen Partnerschap
5 5 5 5
4. 4.1. 4.2. 4.3.
Ruimtelijke visie Programma Onderwijs- en Sportvoorzieningen Configuratie Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek Stedelijke inpassing
6 6 6 6
5. 5.1. 5.2. 5.3.
Haalbaarheid businesscase Programma-dekking Programma-fasering Programma-organisatie
7 7 7 7
6. 6.1. 6.2. 6.3.
Proces Besluitvorming Participatie Communicatie
8 8 8 8
7. 7.1. 7.2.
Team Adviesteam HEVO Referenties van het Adviesteam
9 9 9
8.
Bijlage processchema
10
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Pagina 2 van 11
1. Inleiding De gemeente Súdwest-Fryslân heeft samen met de schoolbesturen in het voortgezet onderwijs gevestigd te Sneek, het initiatief geformuleerd om te komen tot een vernieuwing van de huisvestingsvoorzieningen voor het voortgezet onderwijs. In een eerder stadium hebben de schoolbesturen CSG Bogerman en RSG Magister Alvinus een position-paper voorgelegd aan het College van de gemeente Súdwest-Fryslân, waarin beide schoolbesturen hun gedeelde visie hebben verwoord om de scholen in Sneek die onder hun bevoegd gezag vallen, samen te brengen in een campusmodel. Inmiddels wordt de mogelijke omvang en impact zichtbaar; het initiatief om te komen tot een integrale vernieuwing van de huisvestingsvoorzieningen kent potentieel veel kansen voor het onderwijs, de leerlingen, medewerkers en inwoners van de gemeente. Gelijktijdig wordt ook het beeld helder van de omvang van het plan en de mogelijke impact op de gemeente, zowel ruimtelijk als financieel. Op 24 februari 2025 heeft het college toegezegd de Raad mee te nemen in de onderzoeksopzet van een haalbaarheidsonderzoek, zodat zij een weloverwogen keuze over het gebied kunnen maken en over de mogelijke realisatie van een campus.
De gemeente Súdwest-Fryslân heeft in afstemming met de schoolbesturen de vraag geformuleerd om te komen tot de begeleiding van het traject dat de haalbaarheid van het initiatief zal moeten borgen, zowel inhoudelijk als procesmatig. In het voorliggende Plan van Aanpak geven wij de contouren van dit traject weer, op basis waarvan HEVO de gemeente en schoolbesturen in samenhang brengt naar dat resultaat.
sluiten de benodigde sportvoorzieningen hierop aan. Hoofdstuk 3 gaat hier verder op in. "
"
De Onderwijsvisie Voortgezet Onderwijs Sneek: De vaststelling van het onderwijslandschap van Sneek in 2040: Centrale gezamenlijke visie op het voortgezet onderwijs in de stad; wat is het totale onderwijsaanbod voor de doelgroep 12-18; hoe sluit dit aan op enerzijds het primair en anderzijds het beroeps- of hoger onderwijs; wat is de verwachte omvang en samenhang van en in het onderwijs; hoe wordt kwaliteit, diversiteit en breedte in aanbod geborgd, hoe
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Haalbaarheid: De omvang en impact van het initiatief, zoals dat uit de onderwijsvisie en ruimtelijke visie zal blijken, kan niet worden aangevlogen als één project, maar wel als een programma. Door het ontwikkelen van een fasering kan het plan in ritme worden gebracht met enerzijds beschikbare ruimte in de tijd en het beperken van overlast, maar anderzijds ook bij het realiseerbaar maken van de financiële opgave voor alle betrokken partijen. Door vervolgens de ontwikkeling van het Onderwijs- en Sportkwartier te voorzien van een dekkingsplan en een programma-organisatie, kan de haalbaarheid worden vastgesteld. Hoofdstuk 5 gaat hier verder op in.
Onderwijsvisie, Ruimtelijke visie en Haalbaarheid vormen de kaderstelling voor de fase van voorbereiding en realisatie. "
Achtereenvolgens worden in dit Plan van Aanpak behandeld: " Onderzoeksvragen vanuit Raad: In hoofdstuk 2 zijn de raadsvragen benoemd en waar deze in het onderzoek een plek krijgen. "
Ruimtelijke visie: Hoe wordt het beoogde deel van de stad, hier door HEVO met als werktitel ‘Onderwijs- en Sportkwartier Sneek’ genoemd, vormgegeven? Door grip te krijgen op het programma, per onderwijsdeel én het geheel in samenhang, wordt de ruimtelijke opgave gedefinieerd. Hoe past dit bij de Onderwijsvisie, maar ook bij het bredere ruimtelijke toekomstperspectief van Sneek? Hoofdstuk 4 gaat hier verder op in.
"
Proces: Grote opgaven vragen om zorgvuldig ingerichte processen. Om het haalbaarheidsonderzoek goed te laten landen, wordt er naast de inhoud veel aandacht besteed aan het besluitvormingsproces; welke besluiten worden wanneer door wie genomen. Deze processen worden gesteund door participatie (wie doet wanneer mee) en communicatie (hoe wordt informatie en kennis uitgewisseld). Participatie en communicatie dragen daarmee bij aan het draagvlak onder de besluitvorming. Hoofdstuk 6 gaat hier verder op in. Aanbieding: In hoofdstuk 7 doen we tot slot een voorstel voor het adviesteam van HEVO, ter begeleiding van dit traject.
Pagina 3 van 11
2. Onderzoeksvragen vanuit Raad Op 24 februari 2025 heeft het college toegezegd de Raad mee te nemen in de onderzoeksopzet van het haalbaarheidsonderzoek, zodat zij een weloverwogen keuze over het gebied kunnen maken en over de mogelijke realisatie van een campus. De in de ‘Schriftelijke reactie toezegging’ zijn onderstaande elementen benoemd met daarna in welk deel van het onderzoek hier invulling aan gegeven zal worden: »
»
» » » »
»
»
»
Mogelijke varianten in het omgevingsprogramma inclusief financiële vertaling (Bij woningprogramma varianten opnemen in doelgroepen en betaalbaarheid) > Dit is onderdeel van de onderzoeksvraag van Weusthuis i.c.m. stedenbouwkundig bureau Kuipercompagnons. Mogelijke alternatieve locaties voor een campus + afweging > Dit is onderdeel van de onderzoeksvraag van Weusthuis i.c.m. stedenbouwkundig bureau Kuipercompagnons. Zal tevens besproken worden in de Stedelijke Visie. Beschrijving participatietraject inclusief reacties > Dit is benoemd in hoofdstuk 5 van dit Plan van Aanpak Wat is de beste onderwijsvorm voor het VO; welke rol speelt huisvesting > Dit is een belangrijk onderdeel van de Onderwijs Visie. Welke invloed heeft een campus in Sneek op de vestiging in Koudum en Bolsward > Dit is een onderdeel van Onderwijs Visie: voortgezet onderwijs in samenhang. Welke exploitatievoordelen zijn er voor de scholen? En welke afspraken worden gemaakt tussen gemeente en scholen over de exploitatie > Dit vraagstuk maakt onderdeel uit van de Haalbaarheid Businesscase; programma-dekking. Welke bijdrage leveren de scholen > Dit vraagstuk maakt onderdeel uit van de Haalbaarheid Businesscase; programma-dekking. Welke alternatieve huisvestingsvormen zijn denkbaar. Aandacht voor gespreide huisvesting en huur van locatie om meer flexibiliteit te creëren.
(op- en afschaling bij fluctuerende leerlingaantallen > Dit is onderdeel van de Ruimtelijke Visie; configuratie. Welke invloed heeft bouw van een campus op andere voorzieningen. (bij voorbeeld sportaccommodaties)
Referentie: 1757501-0011.2.0.
»
> Dit is onderdeel van de Onderwijsvisie; Sport en bewegen. Inventarisatie van doelgroepen/mogelijke partners in de campus. Wat hebben zij nodig, is dit ruimtelijk en financieel inpasbaar > Dit is onderdeel van Onderwijsvisie; Partnerschap. De ruimtelijke inpassing zal plaatvinden bij Ruimtelijke Visie. De financiële inpassing bij Haalbaarheid businesscase.
De boven benoemde vragen zullen integraal onderzocht worden in samenhang met elkaar, waardoor pas aan het einde van het onderzoek in de rapportage hier een samenhangend antwoord op gegeven kan worden.
2.1. Opiniërende bijeenkomst Raad Om gehoor te geven aan de behoefte van de Raad om meer betrokken te worden bij het proces van het haalbaarheidsonderzoek naar de onderwijs- en sportvoorzieningen van het Voortgezet Onderwijs in Sneek, stellen wij voor om aan het begin van het onderzoek een opiniërende Raadsbijeenkomst middels een actieve werksessie voor de Raad te organiseren, waar ruimte is voor toelichting, reflectie en aandachtspunten. Op deze wijze kan het onderzoeksteam de mening van de Raad ophalen, maar tevens de procesaanpak van het onderzoek toelichten en wellicht aanscherpen.
Pagina 4 van 11
3.2. Sport en bewegen
3. Onderwijsvisie VO Sneek 3.1. Voortgezet onderwijs in samenhang Onderwijsvisie op gemeentelijk niveau Samen met de kernpartners (beide VO-schoolbesturen en de gemeente SúdwestFryslân) wordt een centrale visie ontwikkeld op het onderwijsaanbod in de gemeente in 2040 en de plaats, omvang en diversiteit van het voortgezet onderwijs. Het samenstellen van deze Onderwijsvisie vindt plaats in een aantal werksessies en wordt ondersteund door data-analyse en (o.a. demografie en geografie), trendanalyse en ‘best practices’. Vervolgens worden de resultaten geconfronteerd (of juist bevestigd?) door de visie te delen en zo te toetsen bij voor het voortgezet onderwijs belangrijke partners uit het onderwijsveld, maatschappelijke partners (denk aan sport, welzijn, bedrijfsleven) en beleidsmakers. De dan ontwikkelde Onderwijsvisie wordt voorzien van een gedeeld narratief (en zo mogelijk beeld), waarmee helder wordt gecommuniceerd wat de Onderwijsvisie is en waarom deze belangrijk is voor de toekomst van Súdwest-Fryslân. Deze visie vormt dan een pijler onder de legitimatie van het initiatief. Daarmee is de vraag blijvend te beantwoorden: ‘waarom doen we dit ook weer?’. NETWERKKAART ONDERWİ3SCAMPU5
ŷL ' w .z
"
jŕ
Onderwijs als katalysator voor sportfaciliteiten Het ontwikkelen van een toekomstvisie op het onderwijs is - zo blijkt in de praktijk ook een uitstekende katalysator voor de ontwikkeling van een visie op sport en bewegen, en op (binnen-)sportaccommodaties op stedelijk niveau. Omvang, plaats, spreiding en typologieën van sportfaciliteiten zijn daarbij de concrete vertaling van een visie op gezondheid, sport en bewegen voor kinderen, jongeren én volwassenen in de stad. Door de Onderwijsvisie - met de schoolbesturen en de betrokken partners uit het beleidsdomein van sport en bewegen - te verrijken met de visie op sport en bewegen, kunnen de faciliteiten en accommodaties integraal worden betrokken bij het onderzoek naar haalbaarheid en latere realisatie. Gezien de eisen die gesteld worden door het onderwijs aan deze voorzieningen, en de omvang daarvan, is deze integratie tussen onderwijs en sport nodig.
3.3. Partnerschap
JffA*
Wie worden deelnemer Deel van de Onderwijsvisie zal bestaan uit het formuleren van de wijze waarop het voortgezet onderwijs in de toekomst is ingebed in haar netwerk en welke doelen en functies dit netwerk heeft ten behoeve van het onderwijs. Naast het toetsen van de ontwikkelde Onderwijsvisie bij deze partners, kan het zo zijn dat zij ook deel worden I mede eigenaar worden van het initiatief. We stellen daarom voor om als onderdeel van het ontwikkelen van de Onderwijsvisie, ook een partnerschaps-bijeenkomst te organiseren, waarbij wordt vastgesteld welke partijen belanghebbend zijn en bij welke partijen het onderwijs belang heeft. Uiteindelijk onderkennen we 3 snelheden in partnerschap voor het haalbaarheids onderzoek naar Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek: 1) virtuele netwerkpartners (op afstand), 2) bezoekende netwerkpartners (maken gebruik van de voorziening) en 3) participerende netwerkpartners (worden onderdeel van de ontwikkeling).
Voorbeeld van de verbeelding van onderwijsnetwerk (Regiocampus NO-polder)
Referentie: 1757501-0011.2.0.
De output is het totaal van visie op onderwijs, sport en bewegen en partnerschap en dit vormt daarbij het strategisch kader voor nu de haalbaarheid en later de realisatie van Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek.
Pagina 5 van 11
4. Ruimtelijke visie 4.1. Programma Onderwijs- en Sportvoorzieningen Van visie naar programma De stap van visie naar programma wordt enerzijds ingegeven door een stelsel van normen en richtlijnen die zich richten op omvang en kwaliteit van gebouwde voorzieningen; anderzijds gaat het er ook om welke activiteiten voortkomen uit de Onderwijsvisie, de visie op sport en bewegen en de inbreng van het participerende netwerk. Door de integrale visie te vertalen naar alle activiteiten die zullen plaatsvinden in Onderwijs- en Sportvoorzieningen van Sneek, komt er zicht op de functionele opbouw van het gewenste programma. Waar zijn - in aanvulling op de normatieve programmering - kansen voor verrijking door het combineren van programma of synergie door samenwerking, waardoor er geïnvesteerd kan worden in kwaliteit? Als voorbeeld van een resultaat dat hier uit kan worden gevormd, wordt de ‘Zeeuwse Knoop’ getoond, waarbij visie en maatschappelijke thema’s hebben geleid tot het vaststellen van de activiteiten en bijbehorende voorzieningen voor de ontwikkeling van de Kenniswerf Vlissingen. Naast een dergelijk overzicht zal het programma van Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek ook worden voorzien van een integraal ruimteprogramma, dat sturing en kader geeft aan de ruimtelijke invulling van de Onderwijs- en Sportvoorzieningen in functie en metrage.
Referentie: 1757501-0011.2.0.
4.2. Configuratie Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek De legostenen van Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek Vanuit het programma ontstaat er concreet zicht op de omvang van de totale ontwikkeling van Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek. Om de vraag te kunnen beantwoorden ‘waar komt wat’, stellen we voor om het programma te voorzien van relatieschema’s op kwartierniveau. Daarin wordt duidelijk welke delen van het programma een ruimtelijke samenhang kennen in de vorm van gebouw-massa’s en hoe deze bij voorkeur ten opzichte van elkaar worden gepositioneerd. Dit zijn de ‘legostenen’ voor de opgave van de stedelijke inpassing.
4.3. Stedelijke inpassing Eindbeeld van Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek Programma en configuratie worden uiteindelijk ingepast in de stedenbouwkundige structuur van Sneek. Uiteraard wordt daarbij de ruimtelijke haalbaarheid getoetst, en een risico-analyse opgesteld op thema’s als mobiliteit, omgeving, planologie en wet en regelgeving. Voor de ontwikkeling van het Programma, Configuratie en de Stedelijke inpassing zal een werkgroepen- en projectgroepstructuur worden ingericht samen met gemeente, Weusthuis en Kuipercompagnons die interdisciplinair komt tot voorstellen en oplossingsrichtingen, die moeten leiden tot een door de gemeente, schoolbesturen en partners gedragen ruimtelijke visie; deze output geldt dan als eerste input voor het daarna te lopen proces van participatie en planologische onderzoeken en procedures (verder hoofdstuk 6).
Pagina 6 van 11
5. Haalbaarheid businesscase
5.2. Programma-fasering
5.1. Programma-dekking
Het is ondenkbaar dat een onderwijshuisvestingsprogramma van de omvang van het Onderwijs- en Sportvoorzieningen Sneek wordt gezien (of aangestuurd) als een project; het gaat om een programma, waarbij fasering van groot belang is om te komen tot een beheersbare realisatie. Fasering is van belang ter beheersing van de fysieke bewegingen en belemmeringen in Sneek, maar ook voor de haalbaarheid in termen van kredietstellingen, projectinspanningen (voor gemeente én schoolbesturen) en de continuïteit van het onderwijsleerproces. De fasering wordt samengesteld vanuit dwingende context (wanneer is welke ruimte beschikbaar) en vanuit beheersbaarheid (wat verplaatst eerst en wat daarna). Daarnaast geeft fasering financiële impact op boekwaarde-vereffeningen en mogelijke behoefte aan tijdelijke voorzieningen.
Van programma naar dekking De financiële kern van de businesscase bestaat uit het vaststellen van het dekkingsplan. Primair bestaat de dekking van de realisatie van een dergelijk programma van het inzichtelijk maken van de ontwikkeling van de kapitaallasten voor de gemeente over de looptijd van de realisatie van het programma, met een doorzicht naar de samengestelde afschrijvingstermijnen daarna. Secundair zal het dekkingsplan bestaan uit het onderzoeken van de mogelijkheden en omvang van bijkomende dekkingsbronnen, als school-bestuurlijke bijdragen, subsidiestromen, mogelijke opbrengsten te verlaten locaties en eventuele aanpassingen aan termijnen of restwaarden op basis van circulariteit. Bij het realiseren van het dekkingsplan is het van belang om te komen tot een integrale kostenbepaling, die de totale financieringsopgave omvat. Naast stichtingskosten - als gedefinieerd in Verordening - gaat het daarbij ook om kosten van verwerving, sloop, infrastructuur en overige anterieure kosten. Gelijktijdig wordt inzicht verschaft in de investeringen die vanuit de schoolbesturen worden verwacht. Naast mogelijke eigen bijdragen zijn dit de inrichtingskosten en vernieuwing onderwijsleerpakketten. Alleen met een integraal inzicht van de financieringsopgave én een daarbij sluitend dekkingsplan, is er sprake van haalbaarheid.
Voorbeeld van de kapitaallasten ontwikkeling
Faseringsplan als basis onder het uitvoeringsprogramma
We voorzien een aantal faseringsscenario’s die getoetst worden aan de dwingende context en beheersbaarheid, waarna één van de scenario’s wordt ingezet als basis voor het uitvoeringsprogramma.
5.3. Programma-organisatie Inrichten van de organisatie Als sluitstuk van de fase van de haalbaarheid wordt een projectplan opgesteld dat de benodigde programma-organisatie weergeeft, zowel aan de zijde van de gemeente als aan de zijde van de betrokken schoolbesturen. Dit geeft enerzijds beeld hoe het programma wordt aangestuurd en welke functionarissen daarbij nodig zijn, en anderzijds geeft het een advies over de in te richten communicatie en besluitvormingsstructuur. Het totaal van de programma-dekking, -fasering en de randvoorwaarden die aan de programma-organisatie gesteld worden, geeft het meest integrale antwoord op de randvoorwaarden die nodig zijn om te komen tot haalbaarheid. Daarmee wordt het haalbaarheidsonderzoek een stevig kader, waaraan partijen zich gedurende de fases na deze onderzoeksfase kunnen vasthouden.
programma, historisch incl. impairements van de langetermijnstrategie gemeente Roosendaal
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Het resultaat van de financieringsopgave, het dekkingsplan en faseringsscenario’s vormen onderdeel van de rapportage Haalbaarheid businesscase. Het projectplan met het advies voor de programma-organisatie wordt hieraan toegevoegd.
Pagina 7 van 11
6. Proces
6.3. Communicatie
6.1. Besluitvorming
Tijdens het traject van een haalbaarheidsonderzoek is er sprake van onduidelijkheid en onzekerheid over het eindresultaat. Communicatie is er dan ook op gericht om de omgeving te informeren over het proces, de timing en naar welke inzichten je toe werkt. Communicatie kent daarbij verschillende ‘schillen’ van betrokkenheid. Partijen die vanuit hun professie worden gezien als doelgroep, worden daarbij anders benaderd dan het algemene publiek of de media.
Betrokkenheid als sleutel naar soepele besluitvorming Besluitvorming vindt plaats op basis van ‘inhoudelijke hygiëne’, waarmee bedoeld wordt dat de data, concepten, plannen en documenten op orde zijn en de inhoud is gedragen en bekend bij de partijen die de besluiten nemen. Naast inhoudelijke borging van kwaliteit, is daarmee betrokkenheid van de kernpartners (gemeente en onderwijs) op inhoud en proces noodzakelijk. Naast dat de besturen (College B&W en schoolbesturen) in de kern worden geplaatst van het proces, wordt aan de zijde van de gemeente de Raad in stelling gebracht, door hen op ‘vlieghoogte’ te brengen door middel van raadsinformatiebijeenkomsten en uiteindelijk vaststelling, vermoedelijk middels de BOB-systematiek. Aan de zijde van de schoolbesturen worden de MT’s en de Medezeggenschap in positie gebracht. Hun inzichten vormen feedback op de concepten, vooruitlopend op advies en/of instemming. Het proces is er op gericht op alle besluitvorming in 2026 voor te bereiden, op weg naar vaststelling eind ‘26, mogelijk begin ’27.
Gerichte communicatie vraagt om voorbereiding
Het goed vormgeven van brede communicatie is een vak. Wij stellen dan ook voor om in het tweede kwartaal van 2026 te komen tot een communicatie-draaiboek, opgesteld door de communicatie-professionals van de kernpartners, onder begeleiding van ons bureau, als vervolg op het dan vastgestelde Plan van Aanpak voor het haalbaarheidsonderzoek.
6.2. Participatie Eigenaarschap voor het onderzoek breed beleggen bij de partners In het processchema hiernaast geven we weer hoe de kernpartners in werksessies (‘WS 1 en verder) betrokken worden bij de vorming van de Onderwijsvisie en de Ruimtelijke visie, afgewisseld door projectgroepen (‘PG 1 en verder) die samen worden gesteld uit inhoudsdeskundigen van de gemeente, scholen en adviseurs. Gevraagde (deel-)besluiten komen daarmee niet als verrassing voor de partners, maar als logische afsluiting van het gelopen traject op de drie lijnen onderwijs, ruimte en haalbaarheid. Door het plaatsen van Raad en medezeggenschap in de tijd op logische plaatsen kunnen de aanpak, deelresultaten en eindresultaten met hen worden gedeeld en voorgelegd ter vaststelling. Participatie met belanghebbenden die formeel buiten het besluitvormingsproces staan, worden vormgegeven door middel van een gebalanceerd communicatietraject. Voor leerlingen zal een separate bijeenkomst georganiseerd worden op hun visie en wensen op te halen.
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Processchema, zie ook bijlage
Pagina 8 van 11
7. Team 7.1. Adviesteam HEVO
7.2. Referenties van het Adviesteam
Vanuit HEVO zullen Gerhard Jacobs en Linda Kröse het proces begeleiden. Daarnaast zullen collega’s het proces ondersteunen waar nodig.
Onderstaand diverse referenties van Gerhard en Linda in procesbegeleiding van complexe trajecten.
Ir. Gerhard Jacobs
Ir. Linda Kröse
Partner - Adviseur Procesbegeleider, Mediator, Financiering, contracten, conceptontwikkeling
Partner - Domeinleider VO Procesbegeleider, Programmering, Ontwerp-begeleiding en Projectmanagement Begeleiding Sectorraden
Conceptontwikkeling
Ontwikkelingsvisie
PO-raad, VO-raad, MBO
Onderwijscampus
Kenniswerf Vlissingen
en HBO klimaatbeleid
Aardbevingsgebied
Conceptontwikkeling en
Strategisch beleidsplan
Regiocampus
realisatie Campus Ligne
huisvesting MBO en VO
Noordoostpolder
Sittard
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Pagina 9 van 11
8.
Bijlage processchema
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Pagina 10 van 11
HEV/O
Colofon Uitgave: Datum:
HEVO B.V. 10 februari 2026
Contact Statenlaan 8 5223 LA 's-Hertogenbosch
Burg. Roelenweg 40 8021 EW Zwolle
T 073 - 6 409 409 info@hevo.nl
T 038 - 4 258 101
www.hevo.nl
Niets uit deze uitgave mag zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van HEVO B.V. worden gekopieerd, noch aan derden ter inzage worden gegeven
Referentie: 1757501-0011.2.0.
Pagina 11 van 11