CConstaterende datSúdwest-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Visie op inwonersparticipatie

Raadsvergadering 2 juli 2026, gemeente Súdwest-FryslânBij agendapunt: Fyzje en oardering ynwennerspartisipaasje6.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Visie op inwonersparticipatie Meitinke en meidwaan fanút de mienskip - januari 2026

Gemeente

Súdwest-Frysìàn

1. Voorwoord 2. Leeswijzer 3. Waarom nu een visie op inwonersparticipatie? 4. Inleiding 4.1 Wat is inwonersparticipatie? 4.2 Beleidsparticipatie 4.3 Maatschappelijke participatie 4.4 Inwonersparticipatie vs. overheidsparticipatie 5. Inwonersparticipatie en de gemeenteraad 5.1 De representatieve democratie 5.2 De participatieve democratie 5.3 Hoe verhouden deze twee zich tot elkaar? 6. Wat zijn de kansen en risico’s van inwonersparticipatie? 6.1 Kansen 6.2 Risico’s 7. Perspectieven op inwonersparticipatie 7.1 Perspectief van de gemeente Súdwest-Fryslân 7.2 Perspectief van de inwoners van de gemeente Súdwest-Fryslân 8. Visie 9. Betere participatie Ä We participeren met een duidelijk doel 9.1 Hoe gaan we aan de slag? 10. We zetten in op een gelijkwaardig, inclusief en transparant proces 10.1 Hoe gaan we aan de slag? 11. We stimuleren evaluatie tijdens en na het participatieproces 11.1 Hoe gaan we aan de slag? 12. Bronnenlijst

2

3

1. Voorwoord

4 5

Goede plannen maak je niet alleen. Of het nu gaat om een straat, ontmoetingsplek, een school of een sporthal: wat wij als gemeente doen, raakt het dagelijks leven van onze inwoners. Daarom vinden we inwonersparticipatie belangrijk. Niet als doel op zich, maar omdat het ons helpt om betere keuzes te maken.

6

Tegelijkertijd wil ik het graag praktisch houden. We moeten al veel en onze tijd en energie zijn kostbaar. Daarom kiezen we bewust: niet meer participatie, maar betere participatie. Alleen als meedenken en meedoen echt iets toevoegen en als er ook daadwerkelijk ruimte is voor invloed. Is die ruimte er niet, dan moeten we daar eerlijk over zijn.

8

Ik hecht veel waarde aan verschillende perspectieven. Juist de blik van jongeren en kinderen, ondernemers, vrijwilligers en betrokken inwoners helpt ons om anders te kijken en scherpere plannen te maken. Dat vraagt om een proces dat open, duidelijk en toegankelijk is, zodat iedereen weet waar hij of zij aan toe is en mee kan doen op een manier die past.

9

Deze visie is geen eindpunt, maar een begin. We gaan het vooral doen, ervaren en ervan leren. Door tussentijds en achteraf te evalueren, worden we stap voor stap beter in samenwerken met onze inwoners.

11

13

Ik nodig je van harte uit om mee te denken en mee te doen.

14

Petra van den Akker Wethouder gemeente Súdwest-Fryslân

17

20

21

1

23456789

10

11

12

3

2. Leeswijzer: hoe leest u deze visie?

3. Waarom nu een visie op inwonersparticipatie?

Legenda

Voor een goed werkende lokale democratie en gemeente, is het belangrijk dat besluiten zorgvuldig worden genomen en zijn ontstaan door te spreken met mensen die de gevolgen van deze besluiten gaan merken. Daarnaast moeten inwoners, ondernemers en organisaties kunnen begrijpen hoe en waarom bepaalde besluiten worden genomen. De afgelopen jaren zijn er verschillende manieren ontstaan waarin de gemeente samenwerkt met inwoners bij het maken van beleid.

Wanneer u deze visie digitaal leest, kunt u via de verschillende iconen door het stuk navigeren. 1

De blauwe pijltjes verwijzen naar externe bronnen. Door hierop te klikken, gaat u rechtstreeks naar de bijbehorende bron. In hoofdstuk 12 ziet u een overzicht van alle geraadpleegde bronnen. Het cijfer achter de blauwe pijl komt overeen met het nummer uit de bronnenlijst uit hoofdstuk 12. De zwarte pijlen verwijzen naar een ander stuk tekst in deze visie, waarin hetzelfde begrip ook wordt genoemd, of waar extra uitleg staat. 2 Onderaan de pagina’s ziet u rondjes met cijfers erin. Zo kunt u zien in welk hoofdstuk u bent. Wilt u snel naar een vorig of volgend hoofdstuk? Klik dan op het betreffende rondje.

Op 1 januari 2025 is de Gemeentewet aangepast door de Wet versterking participatie op decentraal niveau. Deze wetswijziging biedt gemeenten de kans om een participatieverordening op te stellen. In deze verordening staan officieel afgesproken spelregels rondom inwonersparticipatie. Er staat op welke manier de gemeente inwoners betrekt bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid. Deze verordening helpt de gemeente met een duidelijke richtlijn en geeft inwoners, ondernemers en organisaties zekerheid over de stappen die moeten worden gevolgd. Met de komst van de participatieverordening weten alle partijen waar ze aan toe zijn wanneer er sprake is van inwonersparticipatie.

Opbouw

Ook in de Omgevingswet is een plicht rondom participatie opgenomen. Daarin is participatie niet alleen een plicht voor de gemeente, maar ook voor initiatiefnemers van bepaalde projecten die onder deze wet vallen. Zo wordt participatie een gedeelde verantwoordelijk met onze samenwerkingspartners.

De visie begint met een inleiding, waarin we veelgebruikte woorden en vaktermen uitleggen (hoofdstuk 4 en hoofdstuk 5). In hoofdstuk 6 bespreken we kansen en risico’s van inwonersparticipatie en in hoofdstuk 7 staan de verschillende perspectieven rondom dit onderwerp.

Voor u ligt de visie op inwonersparticipatie. Hierin staat achtergrondinformatie over het onderwerp en maakt de gemeente duidelijk wat we ermee willen bereiken.

Visie en doelen

Tegelijkertijd met deze visie, stellen we een verordening vast. De verordening is een directe uitwerking van de visie.

Vanaf hoofdstuk 8 gaan we in op de visie van de gemeente Súdwest-Fryslân op inwonersparticipatie. In hoofdstuk 9, 10 en 11 leest u de gestelde doelen, die deze visie ondersteunen. Dit document is geschreven vanuit het perspectief van de gemeente. Dit betekent dat ‘we’ een verwijzing is naar de gemeente.

4

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

5

Beleidsparticipatie Een proces waarbij (groepen van) inwoners, ondernemers, organisaties en instellingen invloed uitoefenen en samen werken met de gemeente bij maatschappelijke vraagstukken en beslissingen die hen aangaan. Beleidsparticipatie komt in veel verschillende vormen voor. Om een beeld te geven van beleidsparticipatie volgen hieronder enkele voorbeelden. Dit is geen uitputtende opsomming, er bestaan meer vormen van beleidsparticipatie.

Voorbeelden hiervan zijn: werkgroepen van inwoners en gemeente die samen aan de slag gaan met een (nieuw) beleidsthema, inspraakavonden over bijvoorbeeld de nieuwe inrichting van een straat of gebied, burgerberaden waarin inwoners komen met advies naar de politiek rondom een thema waar de politiek over verdeeld is, burgerbegrotingen waarin inwoners voor (een deel van) de gemeentebegroting mogen bepalen waar het geld aan wordt uitgegeven, een burgerpanel die vragenlijsten en enquêtes over gemeentelijke vraagstukken beantwoord, referenda.

Maatschappelijke participatie Deelname aan het maatschappelijk leven.

Binnen de overheid valt maatschappelijke participatie vaak onder de ‘participatiewet’. Denk hierbij aan het geven van uitkeringen of regelen van een aangepaste werkplek voor (individuele) inwoners. Het kan ook gaan om het meedoen aan een sociaal-, sportief- of cultureel leven. Wanneer we het in deze visie over ‘inwonersparticipatie’ hebben, bedoelen we beleidsparticipatie. Met beleid bedoelen we een plan, project of programma. Voor de leesbaarheid van dit stuk gebruiken we vanaf nu alleen het begrip ‘beleid’.

4. Inleiding In deze visie komen vaktermen en begrippen voor die niet iedereen kent. In deze inleiding leest u een uitleg van de belangrijkste begrippen rondom inwonersparticipatie.

Waar in deze visie ‘inwoners’ staat, bedoelen we ‘inwoners, ondernemers, organisaties en instellingen’.

Inwonersparticipatie vs. overheidsparticipatie » We spreken van ‘inwonersparticipatie’ wanneer inwoners meedoen aan de plannen van de gemeente. De inwoner is dan de participant. » Wanneer de gemeente meedoet aan de plannen van inwoners, noemen we dat ‘overheidsparticipatie’. De gemeente is dan de participant. Deze visie gaat alleen over het begrip ‘inwonersparticipatie’. Daarbij moet worden opgemerkt dat deze scheiding in theorie duidelijk klinkt, maar dat het in de praktijk soms door elkaar loopt.

Wat is inwonersparticipatie? Participatie is een veelgebruikt begrip met verschillende betekenissen. Dat kan best verwarrend zijn. Denk bijvoorbeeld aan woorden als participatiewet, participatiesamenleving, participatieplicht, arbeidsparticipatie, participatieavond of zelfs de ‘participizza’. In dit hoofdstuk leggen we uit wat we precies bedoelen met het woord ‘inwonersparticipatie’. In het woordenboek betekent ‘participatie’ - ‘het hebben van aandeel in iets’ of ook wel ‘deelname’. In het taalgebruik van de overheid, kan je grofweg twee verschillende soorten participatie onderscheiden: 1

6

4

5

6

7

8

9

10

11

12

4

5

6

7

8

9

10

11

12

7

5. Inwonersparticipatie en de gemeenteraad Hoe verhoudt de invloed van inwoners zich tot de gemeenteraad? De gemeenteraad bestaat namelijk ook uit (gekozen) inwoners. Zij stellen de kaders voor beleid van de gemeente en controleren of dit goed wordt uitgevoerd.

De representatieve democratie In Nederland hebben we representatieve democratie. Dat staat zo in de Grondwet.

2 Dat betekent dat inwoners

vertegenwoordigers kiezen die namens hen besluiten nemen. In de gemeente is dat de gemeenteraad. De gemeenteraad beslist over veel belangrijke onderwerpen. Denk aan: » waar het geld van de gemeente aan wordt uitgegeven; » hoeveel geld daarvoor beschikbaar is; » opvanglocaties voor vluchtelingen; » nieuwbouw van woningen; » subsidie voor maatschappelijke organisaties; » beslissingen over jeugdzorg; » inrichting van de openbare ruimte; » en andere grote onderwerpen.

De participatieve democratie Om goed te kunnen beslissen, moet de gemeenteraad weten wat inwoners belangrijk vinden. Daarom is het belangrijk dat raadsleden luisteren naar inwoners voordat zij een besluit nemen. Voor beleidsmakers van de gemeente is het belangrijk dat ze samenwerken met inwoners die de gevolgen van nieuw beleid gaan merken. De inwoners die meedenken en meedoen met de besluiten die de gemeente moet nemen, noemen we ook wel de participatieve democratie.

Hoe verhouden deze twee zich tot elkaar? De participatieve democratie is altijd een aanvulling op de representatieve democratie. De reden hiervoor is dat de gemeenteraad volgens de wet is aangewezen om besluiten te nemen. Dit noemen we bevoegdheid. In bijzondere gevallen kan de gemeenteraad (delen van) die bevoegdheid aan anderen geven, maar in de meeste gevallen besluit uiteindelijk de gemeenteraad wat ze met alle opgehaalde informatie gaan doen. Daarbij gebruiken zij het perspectief van de inwoner, dat naar voren is gekomen via inwonersparticipatie.

6. Wat zijn de kansen en risico’s van inwonersparticipatie? Inwonersparticipatie biedt veel kansen. Er zijn ook ontwikkelingen die risico’s kunnen vormen. We benoemen deze kansen en risico’s, zodat we ons ervan bewust zijn. Als een kans zich voordoet, kunnen we die benutten. En als er een risico ontstaat, kunnen we daarop inspelen en het zo goed mogelijke proberen op te lossen.

Kansen Een voorbeeld van de samenwerking tussen de representatieve democratie (de gemeenteraad) en de participatieve democratie (de participerende inwoner). Stel: De straat waarin je woont moet worden aangepast. Daarover mag de gemeenteraad besluiten nemen. Voordat zij dit doen, is het belangrijk dat ze weten hoe bewoners de straat gebruiken, wat hen dagelijks opvalt en welke verbeterpunten zij zien. Na de samenwerking met inwoners maakt de gemeente een voorstel. Dit voorstel wordt besproken in de gemeenteraad. De gemeenteraad gebruikt de informatie uit de samenwerking om een goed besluit te nemen. De gemeenteraad kan het voorstel ook aan laten passen op basis van wat de inwoners hebben ingebracht. Zo maken inwoners het plan beter en neemt de gemeenteraad, namens de inwoners, het uiteindelijke besluit.

Bereidheid om mee te denken Inwoners van Súdwest-Fryslân willen graag meedenken over het beleid van de gemeente. In 2025 gold dit voor 48^. van de inwoners. Dit is meer dan in 2023, toen 40^. van de inwoners betrokken wilde worden. Vooral mensen van 35 tot 49 jaar en mensen van 75 jaar en ouder willen vaker meedoen. In deze groepen is de wens om mee te denken met n.6% gestegen. Het Planbureau Fryslân ziet dat hoger opgeleide inwoners vaker willen meedoen dan inwoners met een middelbare of lagere opleiding. Toch is in alle groepen een stijging te zien ten opzichte van 2023. De grootste stijging is bij mensen met een middelbare \'/ 3 opleiding: van 4Ŵ in 2023 naar 50^. in 2025. Uit de cijfers blijkt ook dat inwoners met een middelbare of lagere opleiding minder vaak worden betrokken bij besluitvorming. Hierdoor bestaat het risico dat een grote groep inwoners niet wordt gehoord en minder invloed heeft op het beleid.

Grote maatschappelijke uitdagingen De Nederlandse politiek staat voor grote maatschappelijke uitdagingen. Omdat dit uitdagingen voor de hele maatschappij zijn, kan de overheid dit niet alleen oplossen. Daarom is het belangrijk om inwoners op tijd bij planvorming te betrekken. Het

8

5

6

7

8

9

10

11

12

6

7

8

9

10

11

12

9

helpt als de overheid inzicht geeft in de dilemma’s die spelen en samen met inwoners eventuele oplossingen bedenkt en deze uitvoert. Ook wanneer de politiek er samen niet uitkomt, kan inwonersparticipatie helpen. Een voorbeeld hiervan is het Nationaal \1 * 4 Burgerberaad over klimaat.

Vernieuwing lokale democratie Niet iedereen vind meer aansluiting bij de politiek. ‘De ontwikkeling van de participatieve democratie laat zien dat de lokale democratie niet statisch is en meebeweegt met de tijd’ schrijft H.G.J. Bruins Slot, Minister van Binnenlandse Zaken en Het begrip participatieve democratie Koninkrijkrelaties ten tijde van de wijziging in de gemeentewet in een kamerbrief. bestaat al langer, maar niet eerder werden hier spelregels voor opgesteld door gemeenten, provincies en waterschappen. De komst van de participatieverordening is weer een nieuwe stap in de vernieuwing van de lokale democratie. I Plek voor het uitdaagrecht Het uitdaagrecht maakt ook onderdeel uit van de participatieverordening van de gemeente Súdwest-Fryslân. Dit betekent dat inwoners de gemeente kunnen voorstellen om bepaalde gemeentelijke taken over te nemen wanneer dit beter, efficiënter of goedkoper kan. Tegelijkertijd wordt het voor de gemeente steeds moeilijker om alle taken die ze heeft, goed uit te voeren. Hierin ligt een kans voor samenwerking.

Risico’s Vertrouwen in de overheid Vertrouwen in de overheid is een veel besproken onderwerp. Maar wat weten we over vertrouwen in de overheid? En wat is het effect van inwonersparticipatie op dit vertrouwen? Uit cijfers van Planbureau Fryslân blijkt dat het vertrouwen in instellingen zoals de overheid tussen 2015 en 2020 steeg: van 57% naar 68%. In 2022 daalde dit weer naar 59%. Vooral het vertrouwen in de landelijke politiek is na 2023 sterk gedaald, tot 43% in x'y 3 2025. Het vertrouwen in de gemeente is relatief gelijk gebleven: van 79% in 2017 naar 75% in 2025. Heeft inwonersparticipatie dan een positief effect op het vertrouwen in de overheid? Heel beperkt, zo concludeert Saskia x'/ 6 Bisschops in haar onderzoek voor de provincie Noord-Holland. Andere factoren hebben meer invloed. Uit haar onderzoek concludeerde ze juist dat het afbreukrisico van participatie groter is dan de positieve invloed. Wanneer participatie niet goed verloopt kan slechte publiciteit het negatieve effect op het vertrouwen versterken. Ook doen inwoners met een slechte participatie-ervaring minder snel opnieuw mee.

Inwonersparticipatie zonder plan en evaluatie Inwonersparticipatie moet dus niet ondoordacht worden ingezet. Dit kan de vertegenwoordigende democratie verzwakken. zo zegt de Raad van State in hun jaarverslag van 2016. ‘Vanzelfsprekend gaat het betrekken van inwoners niet altijd - in één keer goed en is het een leerproces’. Het is daarom belangrijk dat de gemeente de komende tijd leert van de ervaringen van inwoners. Zo wordt duidelijk waar participatie goed ging en waar niet. Ook heeft de gemeente de taak om inwoners goed uit te leggen hoe onze democratie werkt en wat hierin volgens de huidige wet- en regelgeving wel en niet kan. Decentralisatie zonder middelen en beleidsvrijheid Een risico voor inwonersparticipatie is decentralisatie zonder middelen en beleidsvrijheid. Decentralisatie betekent dat bevoegdheden van het ene bestuur (zoals rijksoverheid) worden overgedragen aan een ander bestuur (zoals gemeenten). De afgelopen jaren hebben gemeenten veel nieuwe taken gekregen door decentralisatie. Wanneer deze taken zonder budget of beleidsvrijheid worden overgedragen, ontneemt men gemeenten de ruimte om hierin goed samen te werken met inwoners. Mis- en desinformatie Bij de meer directe vormen van participatieve democratie, zoals een (bindend) referendum, is des- en misinformatie een risico.

Inwoners moeten hun mening en standpunt kunnen geven op basis van correcte, objectieve informatie. In tijden van snel op elkaar volgende digitale ontwikkelingen, is dit een punt van aandacht.

7. Perspectieven op inwonersparticipatie Wat is de visie van de gemeente Súdwest-Fryslân als het gaat om inwonersparticipatie? Om hier een beeld van te krijgen zijn er gesprekken gevoerd en onderzoeken gedaan. Hieronder leest u de bevindingen en belangrijkste conclusies uit deze gesprekken en onderzoeken. We maken onderscheid tussen het perspectief van de gemeente Súdwest-Fryslân en inwoners van de gemeente.

Perspectief van de gemeente Súdwest-Fryslân De gemeente Súdwest-Fryslân vindt inwonersparticipatie belangrijk en waardevol. We zien het betrekken van inwoners als een essentieel onderdeel van goed bestuur en beleidsontwikkeling. De gemeente beschouwt het luisteren naar en samenwerken met inwoners als een kerntaak, en we ervaren dat participatie leidt tot beter beleid en meer draagvlak. Tegelijkertijd is er bewustzijn over de uitdagingen die participatie met zich meebrengt. Door de omvang van de gemeente, zeker sinds de herindeling, is het niet eenvoudig om alle inwoners op gelijke wijze te bereiken en te horen. Daarbij komt dat de groep inwoners die deelneemt aan participatiebijeenkomsten vaak niet representatief is voor de gehele bevolking. De gemeente onderkent dat volledige representativiteit niet altijd haalbaar is, maar streeft ernaar hier wel bewust mee om te gaan. De gemeente wil meer aandacht besteden aan het voorafgaand betrekken van inwoners: Willen zij meedenken? En zo ja, op welke manier past dat het beste bij hen? Met de duidelijke richtlijnen uit de participatieverordening wil de gemeente dit aanpakken.

Perspectief van de inwoners van de gemeente Súdwest-Fryslân Inwoners van Súdwest-Fryslân zijn erg actief in de gemeente. In 2023 was maar liefst 70% van de inwoners lid van een verenging, en verleende 52% van de inwoners informele hulp aan anderen. De inwoners maken Súdwest-Fryslân tot een mooie gemeente om in te wonen en te werken. Daarom is het belangrijk dat zij zeggenschap hebben en krijgen over plannen van de gemeente die over hen gaan. Over hoe goed de gemeente dit doet, zijn de meningen erg verdeeld zo blijkt uit de Quickscan Lokale Democratie, in 2019 uitgevoerd in samenwerking met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Waar de ene inwoner positieve

10

6

7

8

9

10

11

12

7

8

9

10

11

12

11

ervaringen heeft met inwonersparticipatie, zeggenschap en inspraak, krijgt de ander geen antwoord op bepaalde vragen of mist een terugkoppeling van wat er met bepaalde inbreng is gedaan. Inwoners vinden de gemeente risicogericht, wat het idee geeft dat er weinig echt kan. Inwonersparticipatie wordt in de beleving van sommigen wel als woord gebruikt, maar niet als actie. Daarnaast vinden inwoners het lastig om bij de gemeente ‘een voet tussen de deur te krijgen’. Inwoners die al (persoonlijke) contacten hebben binnen de gemeente óf die zijn aangesloten bij een instelling, organisatie of vereniging krijgen gemakkelijker contact dan individuele inwoners zonder netwerk binnen de gemeentelijke organisatie. Uit de Quickscan blijkt ook dat het voor inwoners lang niet altijd duidelijk is welke taken precies voor de gemeente, voor inwoners \‘' Q en voor de gemeente én inwoners samen zijn. Zowel in het onderzoek ‘Burgerinitiatieven’ van de Rekenkamer (2020) als in de Quickscan komt naar voren dat inwoners vaak onvoldoende kennis hebben van besluitvormingsprocessen bij de gemeente. In datzelfde onderzoek van de Rekenkamer wordt goede communicatie en goede procesafspraken (wie doet wat en wie is waarvan) als randvoorwaarden voor effectieve burgerinitiatieven gezien. Ook in het onderzoek van de Rekenkamer zijn de reacties erg verdeeld tussen positief en negatief.

Tijdens de participatiebijeenkomsten over gemeentelijke dienstverlening in 2025, kwam naar voren dat inwoners en ondernemers de methode van een klantarena als vorm van gesprek erg konden waarderen. In deze methode was er uitgebreid de ruimte voor inwoners en ondernemers om hun verhaal te doen. Ook het tussentijds eten met inwoners en de aanwezigen ambtenaren werkte verbindend. Enige bedenkingen waren over wat de gemeente nu precies met de resultaten gaat doen. Een thema dat ook bij andere participatiemomenten terugkomt. Dit wordt ook wel de ‘Black Box’ genoemd: de gemeente werkt achter de schermen hard aan het uitvoeren van plannen, maar vergeet soms daarover terug te koppelen. Voor deelnemers lijkt het dan alsof er ‘niets gebeurt’. Bijzonder aan de klantarena’s waren de opmerkingen over houding en gedrag van de gemeentelijke organisatie, met name in bejegening in brieven. Communicatie naar inwoners kan een strenge, dreigende toon hebben, wat het idee van inwoners dat zij niet op gelijke voet staan met de gemeente, versterkt. De open en luisterende houding van de medewerkers die aanwezig waren bij de klantarena’s werd daarom extra gewaardeerd.

8. Viste Het doel van inwonersparticipatie is om de samenwerking tussen overheid en inwoners te verbeteren. Een goede samenwerking is belangrijk voor een sterke lokale democratie. We willen een gemeente zijn waar inwoners samen met de gemeente werken aan een toekomst die goed en leefbaar blijft. Inwonersparticipatie is daarbij geen eenmalige actie, maar een structureel onderdeel van beleid en uitvoering. Door te investeren in vertrouwen, transparantie en een gelijkwaardige samenwerking wordt gebouwd aan een sterke lokale democratie waarin iedereen mee kan doen. Als gemeente moeten we vaker in samenwerking met inwoners onderzoeken waarom inwonersparticipatie niet altijd loopt zoals verwacht, zodat we continu blijven leren. Er vindt al veel participatie plaats, maar dat kan een stuk beter. We onderscheiden in deze visie vier waarden die belangrijk zijn en nemen deze expliciet op in de verordening.

12

7

8

9

10

11

12

^ Niet meer, maar betere participatie.

hoofddoel

^ We participeren met een duidelijk doel.

voorbereiding

^ We zetten in op een gelijkwaardig, inclusief en transparant proces.

uitvoering

^ We stimuleren evaluatie tijdens en na het participatieproces.

evaluatie

8

9

10

11

12

13

Wat ‘ruimte van invloed’ is, laat zich het beste uitleggen door middel van twee fictieve voorbeelden: Voorbeeld project met weinig ruimte voor invloed De gemeente is verplicht om in elke straat in de gemeente twee straatlantaarns te plaatsen. Het model straatlantaarn staat vast, net als de exacte plekken waar de lantaarns moeten komen te staan. Het plaatsen moet in één jaar klaar zijn en daar mag niet vanaf worden geweken. De maatschappelijke impact van het plaatsen van de straatlantaarns, is klein. In dit voorbeeld is er weinig ruimte voor invloed van inwoners en heeft participatie weinig kans van slagen. Er kan dan beter goed worden gecommuniceerd, in plaats van geparticipeerd. Voorbeeld project met veel ruimte voor invloed Er moet nieuw beleid worden gemaakt. Er is geld beschikbaar, waarbij de gemeente niet verplicht is om dit geld op een bepaalde manier uit te geven. De deadline voor het uitvoeren van dit beleid mag de gemeente ook zelf bepalen en het onderwerp heeft (grote) maatschappelijke impact. De wil om mee te denken en te doen door inwoners is groot. Er zijn zelfs al groepen inwoners aan de slag met dit thema. Dit voorbeeldproject heeft op het gebied van participatie een grote kans van slagen, omdat de ruimte van invloed ook groot is.

Wanneer de stap van het onderzoeken naar ruimte van invloed over wordt geslagen, komt het participatieproces verderop in de problemen. Daarom gaan we werken met een participatieplan, waarin deze vraag centraal staat bij de voorbereiding op nieuw beleid.

Voldoende expertise

9. Niet meer, maar betere participatie

å

9. We participeren alleen met een duidelijk doel Wat is goede inwonersparticipatie? Die vraag lijkt simpel, maar dat is ze niet. Elke situatie vraagt om een andere manier van meedoen. Wat goed werkt in het ene traject, past soms helemaal niet in het andere.

Inwoners hebben sterk uiteenlopende ervaringen met inwonersparticipatie in Súdwest-Fryslân.

II Een mogelijke verklaring

is dat het succes van participatie vaak afhangt van de vaardigheden van de betrokken ambtenaren. Ook speelt mee of het onderwerp belangrijk is voor de betrokken bestuurder. Een participatieproces inrichten is een vak apart. Als er genoeg kennis en ervaring over participatie is in een team, is het geen probleem als één of meer teamleden die kennis minder hebben. Dit blijkt uit interviews met ambtenaren. Soms kiest de gemeente ervoor om extra expertise in te huren. Een nadeel hiervan is dat externe partijen de omgeving soms minder goed kennen. Ze weten dat minder over de geschiedenis, gewoontes en gevoeligheden in een dorp of wijk. Daarom gaan we de participatiekennis van onze eigen organisatie vergroten.

Er zijn wel een paar belangrijke voorwaarden die helpen om participatie succesvol te maken. Daarom doen we alleen aan inwonersparticipatie als het doel duidelijk is. Zo weten inwoners en de gemeente waar het traject over gaat en wat ieders rol is.

De participatie heeft een duidelijk doel

Randvoorwaarden voor succesvolle participatie:

Participatie kan verschillende doelen hebben maar is nooit een doel op zich. Participatie is een middel om een doel te bereiken. Participeer je alleen omdat het moet, maar is er geen bereidheid om een plan op basis van de participatie aan te passen, dan spreken we over schijnparticipatie. Dit willen we voorkomen.

1. er is ruimte voor invloed door inwoners; 2. er is voldoende expertise in het projectteam, of deze expertise kan worden ingeroepen; 3. de participatie heeft een duidelijk doel; 4. de participatie wordt goed voorbereid, voordat een proces of project begint; 5. er is een duidelijke terugkoppeling.

Mogelijke doelen voor participatie zijn: Meer leren over (lokale) democratie. Het beter maken van plannen door het ophalen van (ervarings)kennis en kunde van inwoners. Meer zicht krijgen in probleemstellingen met ervaringsdeskundigen. Verkenning van een maatschappelijke opgave. Ambassadeurschap voor een bepaalde verandering in de maatschappij. Peilen of inwoners bereid zijn acties te ondernemen of initiatieven te ontwikkelen rondom een maatschappelijk thema.

» » » » » »

Ruimte voor invloed Om te bepalen of participatie kansrijk is, moet er worden gekeken naar de ruimte voor invloed door inwoners in het vraagstuk. Staat alles rondom het beleid al vast, of is er nog ruimte om andere keuzes te maken? Als er weinig ruimte voor invloed beperkt is, kun je beter geen participatie starten. De kans dat er iets met de uitkomsten wordt gedaan is dan heel klein. Dit kan als gevolg hebben dat het vertrouwen in de overheid afneemt en de participant de volgende keer niet meer aanhaakt.

14

9

10

11

12

Met de komst van de verordening gaan we werken met een participatieplan. Hierin moet goed worden nagedacht over het doel van participatie. Daarmee voorkomen we schijnparticipatie. Voor een transparant en eerlijk proces is het van belang om het doel van participatie ook met participanten te delen.

9

10

11

12

15

Voorbereiding van participatie Participatie werkt het beste, wanneer er aan het begin van een project of proces wordt nagedacht over de ruimte van invloed en aanpak. Daarom wordt het opstellen van een participatieplan met de komst van de participatieverordening meestal verplicht. We willen ervoor zorgen dat dit participatieplan vanaf het begin van nieuwe ontwikkelingen wordt gebruikt. Daarom onderzoeken we hoe we dit een vaste plek kunnen geven in onze manier van projectmatig werken. In het besluitvormingsproces van het bestuur van de gemeente staat participatie al standaard genoemd. De komende tijd gaan we de kwaliteit hiervan verder verbeteren.

Duidelijke terugkoppeling Een participatiemoment is een zichtbaar moment, waarin beleidsmakers en inwoners elkaar spreken en veel informatie wordt opgehaald. Minder zichtbaar is het proces dat vervolgens volgt in de gemeentelijke organisatie, om o.a. met deze informatie te komen tot nieuw beleid. De besluitvorming die na een participatiemoment plaats vindt, kan soms maanden duren. Om participatie te laten slagen is het belangrijk om inwoners zicht te geven op het totale proces en hen mee te nemen in wat er wel en niet wordt gedaan met de opgehaalde informatie. Dit kan formeel worden gedaan met bijvoorbeeld een participatieverslag, maar kan ook door middel van informatie op de gemeentelijke website."'^III

Hoe gaan we aan de slag? En waar staat dit in de verordening? 1. We kijken bij elk project of proces of participatie kansrijk is (artikel 4, lid 1). 2. Bij kansrijke participatie stellen we een participatieplan op (artikel 4, lid 2). 3. In dit plan wordt goed gekeken naar het doel van participatie (artikel 4, lid 2 sub a). 4. De gemeenteraad heeft een controlerende rol als het gaat om inwonersparticipatie. Daarom wordt het participatieplan altijd voorgelegd aan de gemeenteraad (artikel 4, lid 3). 5. Met een participatieverslag leggen we vast wat er met de uitkomsten is gedaan (artikel 6).

10. We zetten in op een gelijkwaardig, inclusief en transparant proces Inwoners van Súdwest-Fryslân willen serieus genomen worden en verwachten transparantie van de gemeente. Niet alleen in de vorm van informatie, maar ook in houding en gedrag. Uit de interviews met ambtenaren blijkt dat de manier waarop we inwonersparticipatie tot nu toe vormgeven over het algemeen een selecte groep inwoners aanspreekt. Daarom gaan we de komende tijd inzetten op een gelijkwaardig, inclusief en transparant participatieproces zodat alle inwoners van de gemeente een kans krijgen om mee te doen.

Gelijkwaardig proces De landelijke en lokale overheid heeft veel invloed op het leven van inwoners. Daarom staat in wetten en regels vast waar inwoners recht op hebben en hoe de overheid met inwoners moet omgaan. Een voorbeeld hiervan zijn de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Er is sprake van een groot verschil tussen macht en invloed in de samenwerking tussen inwoner en overheid. In Súdwest-Fryslân vinden we het belangrijk dat we zoveel mogelijk op gelijke voet met elkaar staan. Daarom willen we dat het proces zo eerlijk en gelijkwaardig mogelijk verloopt. Dit begint al vroeg. Gelijkwaardig samenwerken betekent namelijk ook dat we, als daar behoefte aan is, vanaf het begin samen een plan maken. Het is ook belangrijk om het gesprek aan te gaan over de verschillende rollen die men kan nemen tijdens zo’n proces. Wie neemt de uiteindelijke beslissing? Welke mate van invloed hebben de participanten? Stellen we technische kennis van een project gelijk aan ervaringskennis? Hebben zowel de participanten als de gemeente dezelfde informatie ter beschikking? Ook het uitdaagrecht zorgt voor een gelijkwaardige samenwerking met inwoners en de gemeente. Het uitdaagrecht biedt inwoners de kans en mogelijkheid om (mee) te bepalen hoe taken worden uitgevoerd en hier zelf een actieve rol in te spelen.

Inclusieve participatie Met inclusie bedoelen we in deze context dat iedereen de kans krijgt om mee te doen. Ongeacht achtergrond, leeftijd, beperkingen, taal, opleiding of inkomen.

16

9

10

11

12

10

11

12

17

In Súdwest-Fryslân zijn we gewend om fysieke participatiebijeenkomsten te organiseren. Deze bijeenkomsten vinden plaats op een lokale locatie en genodigden worden benaderd per brief of e-mail. Voor een specifieke doelgroep is dit een beproefde methode. Met de komst van de participatieverordening, gaan we tijd en onderzoek steken in het bereiken van meer diverse doelgroepen. Voor de doelgroep jeugd en jongeren weten we bijvoorbeeld dat het belangrijk is om met hen te spreken op een manier die bij het past, op locaties waar ze doorgaans al zijn voor andere doelen. Evenementen zoals Tienskipdagen en de Kinderconferentie bieden deze kansen. Voor sommige inwoners is de drempel om fysiek aanwezig te zijn bij een participatiebijeenkomst groot. Het kan helpen om vervoer of een vergoeding voor gebruik van openbaar vervoer voor hen te regelen. Digitale participatie kan ook een uitkomst bieden, zodat de participant zelf kan bepalen op welk moment zij of hij meedoet. Digitale participatie biedt ook kansen bij meertaligheid en het delen van informatie, zoals een tijdlijn van een bepaald project. Om meerdere doelgroepen te bereiken is het belangrijk om verschillende manieren van participatie met elkaar te combineren.

Transparantie en het delen van informatiefm Voor inwoners van Súdwest-Fryslân is het zoeken naar wat de gemeente precies doet. Sommige inwoners blijven op de hoogte omdat ze onderdeel zijn van een stads- dorp- of wijkbelang of andere organisatie, of omdat ze iemand kennen die voor de gemeente werkt. De gemeente stuurt ook nieuwsbrieven om inwoners op de hoogte te houden van ontwikkelingen. Zoals we de participatie nu hebben ingericht, ligt de bal voor het uitnodigen van inwoners om mee te denken en te doen bij de gemeente. De gemeente kiest in de meeste gevallen ook het momentum en de manier waarop er meegedacht kan worden. We vinden het belangrijk om hierin meer samen te werken met inwoners. Daar waar het kan, richten we het participatieproces samen met inwoners in.

Hoe richt je een goed participatieproces in volgens basisschoolleerlingen van Súdwest-Fryslân? Tijdens de kinderconferentie van 2025 hebben basisschoolleerlingen uit Súdwest-Fryslân nagedacht over het onderwerp inwonersparticipatie. Zij kregen daarbij hulp van de Kleine Ambassade en twee inhoudelijk experts.

Checklist De kinderen concludeerden na hun onderzoek dat elk participatieproces bestaat uit drie fasen: de voorbereidingsfase, de fase waarin mensen daadwerkelijk meedenken en de fase na afloop van het meedenken. Alle drie die fasen hebben hun eigen aandachtspunten. Wil je er als gemeente voor zorgen dat participatie een succes wordt, dan is het volgens de kinderen belangrijk om ervoor te zorgen dat je die aandachtspunten serieus neemt. Tijdens de presentatie in de raadszaal benadrukten de kinderen 10 ook dat de gemeente het eerlijk moet zeggen als iets niet kan. Die boodschap kunnen leerlingen ‘echt wel aan’.

Door kinderen gemaakte checklist voor succesvolle participatie Fase 1 - voorbereidingsfase 5 Betrek inwoners op tijd. 5 Maak vooraf duidelijk wat er wel en wat er niet kan. 5 Zorg ervoor dat mensen genoeg kennis hebben. 5 Zorg dat je bij een diverse groep meedenkers informatie ophaalt.

Daarnaast gaan we inzichtelijker maken welke projecten er per gebied in de gemeente spelen. We maken het gemakkelijker voor inwoners om zelf te bepalen waar ze over mee willen denken en doen, aan de hand van een openbare gebiedsagenda. De komende tijd gaan we onderzoeken hoe we dit vorm gaan geven. Het ligt voor de hand om onze gemeentelijke website te gebruiken om deze informatie te delen. Hierin kan dan meteen een combinatie worden gemaakt met de mogelijkheid om digitaal te participeren.

5 Zorg voor een fijne ruimte.

Gebieds- en datagericht werken

Fase 3 - fase na afloop van het meedenken en doen

Súdwest-Fryslân is de grootste gemeente van Nederland. Hier zijn we trots op, maar het brengt ook uitdagingen met zich mee. Voor inwoners is de gemeente niet altijd even zichtbaar en zonder een gerichte werkstructuur, is het voor de gemeente moeilijk in beeld te krijgen wat er in geheel Súdwest-Fryslân speelt. Daarom werken we gebiedsgericht.

5 Niet alleen luisteren, maar ook doen!

De gemeente bestaat uit 89 verschillende dorpen, kernen en steden met in de steden verschillende wijken, ieder met een eigen identiteit en gewenste manier van samenwerken met de gemeente. Waar de één graag een formele brief ontvangt, spreekt de ander liever iemand van de gemeente op straat of tijdens een buurtbijeenkomst. We gaan onderzoeken hoe we meer zicht krijgen op het benaderen van inwoners in die verschillenden gebieden op een manier die bij hen past. Ook kijken we of we een burgerpanel op kunnen zetten, met als doel om een representatief aantal inwoners te kunnen bevragen over gemeentebrede onderwerpen. We vragen dan naar ervaringen en de beleving van inwoners, wat een mooie aanvulling is op de objectieve data waar we nu al mee werken.

Houding en gedrag ‘Participatie is niet vrijblijvend en vraagt om tijd, inspanning, vertrouwen, ruimte en duidelijke kaders vanuit de volksvertegen­ woordiging en overheid.’ Hoe je het ook wendt of keert, participeren met inwoners kost tijd. Tijd voor een gedegen voorbereiding, communicatie, de uiteindelijke samenwerking en evalu ding van de gemeente. In een omgeving waarin men verschillende belangen bij elkaar probeert te brengen, of zichtbaar probeert te maken moet er ruimte zijn om fouten te maken. Voor inwoners is het belangrijk om te weten dat een gemeente niet altijd tegemoet kan komen aan alle wensen van inwoners.

18

10

11

12

Fase 2 - de fase van meedenken en doen 5 Zorg voor voldoende momenten en manieren om mee te denken. 5 Zorg voor een goede gespreksleider.

5 Geef een duidelijke terugkoppeling. 5 Inwoners moeten structureel worden betrokken. 5 Ga actief op zoek naar verschillende doelgroepen. 5 Meedenken als structureel evenement in het jaar. 5 Inwoners moeten eigen initiatieven makkelijker kunnen doorgeven.

Hoe gaan we aan de slag? En waar staat dit in de verordening? 1. In het participatieplan houden we rekening met verschillende rollen en communiceren we dit met participanten (artikel 4, lid 2 sub f). 2. Het uitdaagrecht biedt kansen voor duurzame samenwerking tussen inwoners en gemeente (hoofdstuk 3 van de verordening). 3. Bij participatieprocessen gebruiken we de checklist inwonersparticipatie, gemaakt tijdens de kinderconferentie 2025 (artikel 4, lid 4).

10

11

12

19

Hm

fe

ii. We stimuleren evaluatie tijdens en na het participatieproces

12

Bronnenlijst

1. Tien jaar participatie. samenleving door Saskia Buitelaar, 28 september 2023.

Evaluatie kan plaatsvinden aan het eind van een project, om te checken of alles is gelopen zoals de betrokkenen hadden gewild. Voor een lerende organisatie is tussentijdse evaluatie ook belangrijk. Zo kunnen we het proces op tijd aanpassen. In alle gevallen heb je rust nodig, voor een moment van reflectie. Zo’n rustpunt is niet voor iedereen vanzelfsprekend. De gemeente Súdwest-Fryslân werkt elke dag aan grote maatschappelijke vraagstukken. Dit zijn vaak langdurige projecten, waarbij de werkelijkheid steeds kan veranderen.Oplossingen voor bepaalde problemen zijn tijdens het proces soms nog niet bekend. Wanneer beleid, een project of proces is afgerond, staan de volgende opgave klaar om aangepakt te worden. Hierdoor wordt er binnen de gemeente maar beperkt geëvalueerd. Dit betekent niet dat de organisatie niet leert van alle ervaring die we opdoen. Uit de interviews met ambtenaren blijkt dat iedereen leermomenten heeft gehad rondom inwonersparticipatie. Deze leerpunten worden niet systematisch opschreven of gedeeld met anderen. Daardoor ontbreekt de kans om goed te leren van elkaars ervaringen.

2. Dit staat in artikel 50 van

3. Monitor sociale

4. Nationaal Burgerberaad

de Nederlandse Grondwet.

samenhang Planbureau Fryslân 12 juni 2025.

Klimaat

5. Kamerbrief Tweede

6. Saskia Bisschops, open

7. Jaarverslag Raad van State

8. Quickscan Lokale

9. Onderzoek

10. Eindverslag

Democratie - SúdwestFryslân 2019 met 349 respondenten.

burgerinitiatieven van de Rekenkamer SúdwestFryslân, 28 mei 2020 met 9 diepte-interviews.

kinderconferentie 2025.

Wanneer er wel evaluaties plaatsvinden, beperken deze zich vaak tot het gemeentelijk perspectief. Het perspectief van inwoners ontbreekt. Om te leren over het participatieproces is een goede evaluatie belangrijk. In evaluaties kan je kiezen voor het ophalen van objectieve data. Dit is meetbaar en controleerbaar. Maar inwonersparticipatie draait ook om verhalen, beleving en ervaringen. Dat vraagt om een meer subjectieve manier van evalueren, zoals narratieve evaluatie. De komende tijd gaan we verkennen op welke manier en in welke vorm we participatieprocessen het beste kunnen evalueren. Ook kijken we hoe we onze werkwijze zo kunnen inrichten dat er ruimte komt voor een continue cyclus van uitvoeren, (tussentijds) leren en aanpassen. Hierdoor ontstaat innovatie.

Hoe gaan we aan de slag? En waar staat dit in de verordening? i. In het participatieverslag nemen we een evaluatie met de doelgroepen van het participatieproces op (artikel 6, lid 2 sub d).

Kamer der StatenGeneraal over de wijziging van de Gemeentewet in verband met de participatieverordening en het uitdaagrecht - memorie van toelichting.

universiteit Amsterdam: ‘Participatie en vertrouwen’ in opdracht van de provincie Zuid-Holland.

uit het jaar 2026 (p.17 voor het directe citaat).

8.1. En open antwoorden QuickScan.

20

11

12

12

21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17021866/1