Bijlage 2. - Begroting hûs en hiem 2024
Tekst van het document
1
Begroting 2024
Versiedatum 20 april 2023
2 Woord vooraf Deze begroting voor 2024 is opgesteld vanuit de verwachting dat de adviespraktijk in het kalenderjaar 2024 niet gewijzigd is. Aangezien er per 1 januari 2023 van geen enkele aan de GR deelnemende gemeenten een voornemen tot uittreding is ontvangen zijn in 2024 naar verwachting alle 17 thans bij de GR aangesloten gemeenten deelnemer. Ten tijde van het opstellen van deze begroting is de overgang naar het regime onder de Omgevingswet in Fryslân nog steeds niet doorlopen. Het moment van invoering is nu gesteld op 1 januari 2024 maar er is voor de gemeenten van rijkswege een zeer ruime overgangsperiode geboden om gemeentelijk beleid te wijzigen. De Friese gemeenten hebben in VFG-verband besloten daarvan gebruik te maken. Of het aantal adviesaanvragen in 2024 op peil zal blijven is wel een onzekerheid. De mate waarin de daarmee gemoeide omzet zal wijzigen valt echter bij het opstellen van deze begroting niet te bepalen. Wel zijn door het voortbestaan van de GR in 2024 alle kosten gedekt, conform artikel 34 lid 2 van de GR. Ook de in deze begroting opgenomen meerjarenraming is opgesteld vanuit één scenario: ongewijzigde voortzetting van de huidige adviespraktijk. Elk ander scenario is van een zo grote onzekerheid, dat die niet tot alternatieve, voorspellende cijferopstellingen kan leiden. Uiteraard is het dagelijks bestuur van hûs en hiem zich bewust van deze situatie.
Ontwikkelingen (en daarmee gepaard gaande financiële risico’s voor gemeenten) zullen nauwgezet worden gevolgd, en indien nodig, zullen er maatregelen worden getroffen. De begroting 2024 van de Gemeenschappelijke Regeling hûs en hiem is opgesteld conform het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Doelstelling en Taken Doelstelling: De Gemeenschappelijke Regeling ‘hûs en hiem’, welstandsadvisering en monumentenzorg, is opgericht op 1 januari 1985 en voortgekomen uit: 1925: Provinciale Friesche Adviescommissie ter wering van de inbreuk op de schoonheid van stad en land. 1947: Provinciale Friese Schoonheidscommissie. 1980: Friese Schoonheidscommissie “HUS en HIEM”. Per 1 januari 2024 wijzigt de naam in Gemeenschappelijke Regeling ‘hûs en hiem advisering omgevingskwaliteit’. De regeling heeft ten doel de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen op het gebied van de bouwkunstige, stedenbouwkundige en landschappelijke schoonheid in de provincie Friesland. Relevante wettelijke grondslagen van vóór invoering van de Omgevingswet (bijvoorbeeld art. 12 van de Woningwet) zullen door middel van de ‘bruidsschat’ gaan gelden in de Omgevingsplannen van de gemeenten, voor zover niet door de deelnemende gemeenten in een eigen Omgevingsplan afwijkend beleid is geformuleerd.
Met een grote mate van zekerheid kan gesteld worden dat onderstaande taken dan ook in 2024 van toepassing zullen zijn. Taken:
3 Het lichaam geeft met behulp van een hem ten dienste staand bureau uitvoering aan de bovengenoemde doelstelling en oefent daarbij tenminste de volgende taken uit: a. het voorzien van de colleges in de wettelijke advisering als bedoeld in de Woningwet (en wettelijk overgegaan als beleidsregel in Omgevingsplannen); b. het geven van adviezen over algemene vraagstukken inzake omgevingskwaliteit waaronder monumentenzorg aan colleges, andere openbare lichamen en aan particulieren, de laatsten voor zover het een tweede onafhankelijke beoordeling betreft van bouwplannen gelegen buiten de aan de Gemeenschappelijke Regeling deelnemende gemeenten; c. het voorzien van de colleges in de advisering over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit, met betrekking tot een monument. ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Hûs en hiem bezit het pand aan de Johan Willem Frisostraat 1 in Leeuwarden. Het pand is gebouwd in het begin van de 20e eeuw en is inmiddels zo’n 119 jaar oud. Het pand kent een goede staat van onderhoud en bezit na de verduurzaming in 2022 het energielabel A+. Voor kantoorpanden in Nederland heeft de rijksoverheid een wettelijke verplichting ingevoerd om ingaande het jaar 2023 minimaal een energielabel C te dragen. Vastgesteld werd dat het pand van hûs en hiem met een label G niet voldeed, waardoor de nodige maatregelen dienden te worden getroffen.
Voor de in 2022 uitgevoerde verduurzamingsoperatie is de ‘Bestemmingsreserve Label C’ aangewend en is aanvullend een lening gesloten bij de Bank Nederlandse Gemeenten. Voor jaarlijkse kosten gemaakt voor kleine reparaties en beveiliging is in de begroting voorzien. De brandbeveiliging wordt op contractbasis onderhouden door Ansul. De inbraakbeveiliging wordt op contractbasis onderhouden door Chubb. BEDRIJFSVOERING Hûs en hiem voert in 2024 advisering in het kader van de Omgevingswet uit voor de deelnemende gemeenten. Ook biedt hûs en hiem diensten aan de deelnemende gemeenten aan voor Nije Pleats, neemt deel aan kwaliteitsteams en biedt ondersteuning op het gebied van (gemeentelijke) monumentenzorg en de actualisering van beleidsnota’s. Daarnaast verricht hûs en hiem incidenteel opdrachten voor derden in het kader van second opinions en als secretariaat van architectuurprijzen. In de begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 wordt rekening gehouden met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Voor deze begroting is ervan uitgegaan dat de deelnemende gemeenten de gemeenschappelijke regeling hûs en hiem aanwijzen om de gemeentelijke adviescommissie te verzorgen, conform de richtlijn van de VFG.
Vooralsnog wordt om de adviestaak uit te oefenen, gebruik gemaakt van de bestaande commissiestructuur: op lokaal niveau door een ( gemandateerde) ‘lokale commissie’ en op centraal niveau door de ‘grote commissie met door de gemeenteraad benoemde externe experts’. De advisering wordt meer en meer onderscheiden in vooroverleg en definitieve advisering in verband met vergunningaanvragen. Het aandeel vooroverleg (in een vroegtijdig stadium van planvorming) zal naar verwachting stabiliseren of nog verder toenemen. De tarifering voor de dienstverlening is gebaseerd op een kostendekkende exploitatie, immers, hûs en hiem is een non-profit organisatie. De tarieven worden door het Algemeen Bestuur vastgesteld. In het recente verleden vond eens per drie jaar indexering plaats. De laatste verhoging van de tarieven is per 1 januari 2023 het geval geweest. In deze begroting voor 2024 wordt, gezien de ontwikkeling
4 van met name stijgende personeelskosten als gevolg van cao-afspraken, rekening gehouden met een verhoging van de tarieven per 1 januari 2024. Om verantwoording af te leggen aan de deelnemende gemeenten inzake het functioneren van de commissie worden voor elke gemeente afzonderlijk jaarverslagen gemaakt. Tevens vinden jaarlijks evaluatiegesprekken plaats met de verantwoordelijke gemeentelijke portefeuillehouders. VERBONDEN PARTIJEN In de Gemeenschappelijke Regeling hûs en hiem nemen in 2024 van de 18 gemeenten in Fryslân er 17 deel. Alleen de gemeente Tytsjerksteradiel maakt bij het opstellen van deze begroting geen gebruik van de adviescommissie van hûs en hiem. Conform artikel 34 lid 1 van de GR hûs en hiem draagt elke deelnemende gemeente in de kosten van het lichaam bij naar rato van de dienstverlening op basis van tarieven die door het Algemeen Bestuur worden vastgesteld en meegedeeld aan de gemeenten. Conform artikel 34 lid 2 van de GR hûs en hiem kan een nadelig saldo van de vastgestelde rekening, na in achtneming van het door het Algemeen Bestuur vastgestelde reserveringsbeleid, door de gemeenten worden gedragen in verhouding tot het aantal ingezetenen op 1 januari van het betreffende kalenderjaar.
Conform artikel 34 lid 3 van de GR hûs en hiem kan een batig saldo van de vastgestelde rekening, na in achtneming van het door het Algemeen Bestuur vastgestelde reserveringsbeleid, naar rato van de gemeentelijke bijdragen op basis van de tarieven in het betreffende kalenderjaar, aan de deelnemende gemeenten worden uitbetaald. Overeenkomstig art. 15 BBV valt te melden dat de GR hûs en hiem in 2024 geen vreemd vermogen kent. In het eigen vermogen zal in 2024 geen mutatie plaatsvinden, aangezien het begrote resultaat nihil is. WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Bij het weerstandsvermogen gaat het om het vermogen om substantiële tegenvallers op te kunnen vangen, zonder dat beleid moet worden aangepast. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen en mogelijkheden waarover de organisatie beschikt om niet begrote kosten en/of dalende inkomsten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken. De weerstandscapaciteit van hûs en hiem bestaat naast het vrij besteedbare deel van het eigen vermogen uit eventuele ruimte in de begroting. Verder is het bezit van het kantoorpand als stil vermogen een belangrijk onderdeel van de weerstandscapaciteit, waarbij het pand onbelast is met hypotheek. De WOZ-waarde is per 1-1-2022 ongewijzigd vastgesteld op € 403.000.
De marktwaarde van het kantoorpand na de verduurzamingsverbouwing is door Hoekstra Taxaties gewaardeerd op een marktwaarde van € 650.000 (kosten koper). Hoekstra Taxaties schat de marktwaarde als woonhuis na de doorgevoerde verduurzaming op € 800.000. Het eigen vermogen (exclusief de waarde van het pand) per 1-1-2023 bedraagt € 338.222, dit is inclusief een ‘Bestemmingsreserve onderhoud pand’ van € 12.000. De gemaximeerde hoogte van het eigen vermogen (conform besluit Algemeen Bestuur dd. 30-11-2018) exclusief de WOZ-waarde van het pand, bedraagt (€ 900.000 - € 403.000) € 497.000. De weerstandscapaciteit is bij hûs en hiem dynamisch, dat wil zeggen dat het eigen vermogen beïnvloedbaar is. Immers, ook de tarifering voor de dienstverlening kan bij een dreigend tekort in de dekking van de vaste lasten redelijk snel aangepast worden. De bedrijfsvoering is er echter op gericht om een verhoging van de tarieven zoveel mogelijk te voorkomen.
5 In deze begroting wordt de term risicobeheersing niet gebruikt. Het samenstel van de tekst onder de kopjes ‘Bedrijfsvoering’ en ‘Weerstandsvermogen’ vormt gezamenlijk de risicoparagraaf. Samenvatting vermogenspositie, resultaten en financiële kengetallen:
De solvabiliteit geeft inzicht in de mate waarin een organisatie in staat is om de schulden op de lange termijn te kunnen voldoen. De solvabiliteit van hûs en hiem is daarbij door het aangaan van een lening om de verduurzaming te financieren in 2022 gedaald ten opzichte van de voorgaande jaren. Hoe hoger de solvabiliteit hoe beter, waarbij een solvabiliteit tussen 25% en 40% als gezond wordt beschouwd, met een verwacht oplopend percentage van 41% in 2022 naar 47% in 2027 voldoet hûs en hiem aan deze stelregel. De rentabiliteit geeft de verhouding weer van het resultaat ten opzichte van het geïnvesteerde vermogen. De rentabiliteit van hûs en hiem is voor de jaren 2022 en 2021 tegengesteld aan elkaar. Het positieve resultaat over 2021 is ‘ingezet’ ter dekking van de hogere uitgaven in het boekjaar 2022. Voor de komende jaren wordt ingezet op een kostendekkende exploitatie en dit resulteert in een rentabiliteit van 0%. De current ratio bepaalt in hoeverre de kortlopende verplichtingen kunnen worden betaald. Ondanks een verwachte afname van de current ratio in de komende jaren bij hûs en hiem is deze nog altijd ruim voldoende om aan kortlopende schulden te kunnen voldoen. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie.
Door het in 2022 afsluiten van de lening om de verduurzaming te financieren is dit kengetal voor het eerst van toepassing voor hûs en hiem. De netto schuldquote zal naar verwachting van 28% in 2022 teruglopen naar rond de 20%. Deze afname betekent dat de exploitatie van hûs en hiem de aangegane lening ook in de komende jaren moet kunnen dragen.
6 WIJZIGING BEGROTING 2022 Tijdens de Algemeen Bestuursvergadering van 25 november 2022 is voorgesteld om via een schriftelijke consultatie de AB-leden te verzoeken in te stemmen met een begrotingswijziging voor het boekjaar 2022. De uitgaven in verband met de verduurzamingsoperatie in 2022 (en de daarvoor aangegane lening) waren daarvoor de aanleiding. Een ruime meerderheid van de AB-leden heeft ultimo 2022 met dit voorstel schriftelijk ingestemd.
7
8
9
Toelichting op de begroting van lasten en baten 2024 Algemeen Ten tijde van het opstellen van deze begroting, voorjaar 2023, is bekend geworden dat de Omgevingswet per 1 januari 2024 wordt ingevoerd. Bij het opstellen van deze begroting wordt ervan uitgegaan dat hûs en hiem door de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten als de in de Omgevingswet genoemde gemeentelijke adviescommissie is ingesteld. BEGROTING 2024 Afschrijvingslast De afschrijvingslast in 2024 is begroot op maximaal € 52.000. Ten opzichte van de begroting 2023 is dit een stijging van € 32.000 waarvan € 22.000 afschrijving verbouwing en € 10.000 afschrijving adviessoftware. Zie ook de bijgevoegde staat van activa. Personeelslasten De directe personeelskosten zullen in 2024 naar verwachting uitkomen op € 1.089.000. De stijging ten opzichte van de begroting van 2023 kan worden verklaard uit hogere cao-lonen en een hogere pensioenlast. In de rekening 2022 kwam dit ook reeds tot uitdrukking. Voor indirecte personeelskosten wordt in 2024 begroot € 19.000 (-1.000 t.o.v. 2023) en voor externe personeelskosten € 35.000 (+5.000 t.a.v. 2023). Deze post heeft betrekking op de vergoeding voor de externe leden van de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit. Een bescheiden verhoging van het vacatiegeld en de reiskostenvergoeding voor commissieleden per 1 januari 2024 ligt in het verschiet.
Apparaatskosten Hieronder valt een drietal posten: Huisvestingskosten, Kantoorkosten, en Organisatiekosten. De totale post wordt in 2024 begroot op € 121.000. Huisvestingskosten Voor deze post wordt in 2024 begroot € 23.000. Rekening is gehouden met een lager energiegebruik dankzij de verduurzaming, maar met hogere energieprijzen. Kantoorkosten Voor deze post wordt in 2024 begroot € 60.000. De stijging met € 15.000 heeft vooral te maken met toegenomen kosten voor automatisering. Organisatiekosten Voor deze post wordt in 2024 begroot € 38.000. Naast de algemene stijging van kosten is ook een kleine reservering opgenomen voor de voorbereidingskosten van een jubileumactiviteit in 2025 (hûs en hiem 100 jaar). Inkoop projecten Voor de Nije Pleats sessies en andere projecten worden de kosten in 2024 conservatief geraamd op € 10.000. Hier staan uiteraard opbrengsten tegenover. Overige kosten Voor deze post wordt in 2024 begroot € 13.000, dit is inclusief een rentelast van € 10.000 voor 2024.
10
Adviesgelden Voor 2024 wordt, zoals gebruikelijk, uitgegaan van een splitsing in reguliere adviesinkomsten en opbrengsten uit vooroverleg. In deze begroting wordt rekening gehouden met een nog vast te stellen tariefstijging per 1-1-2024. Verkoop projecten De bijdrage uit projecten voor derden wordt in 2024 begroot op € 25.000. Daar staan inkoopkosten tegenover van € 10.000. Alsdan zal het geprognosticeerde resultaat over 2024 leiden tot een sluitende begroting van lasten en baten.
Aldus vastgesteld door het Algemeen Bestuur als bedoeld in art. 34 van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen 2022. d.d. 30 juni 2023
H. de Haan, voorzitter
M.A. Visser, secretaris
11
12 Toelichting op de meerjarenraming 2025-2027 Bij het opstellen van de meerjarenraming voor de jaren 2025 tot en met 2027 is de primitieve begroting voor 2024 als basis genomen. De meerjarenraming is gebaseerd op continuïteit van de adviesorganisatie. Dit uitgangspunt kiest het Dagelijks Bestuur vanuit de verwachting dat de Friese gemeenten ook na de stelselherziening naar de Omgevingswet, verzekerd zullen willen zijn van onafhankelijk, deskundig advies inzake de ruimtelijke aspecten van omgevingskwaliteit. Gemeentelijke beleidsregels inzake de plaatsing en het uiterlijk van bouwwerken (veelal vastgelegd in de gemeentelijke ‘welstandsnota’) vormen na invoering van de Omgevingswet onderdeel van de zogenaamde ‘bruidsschat’ in het Omgevingsplan van de gemeente en blijven onverkort van toepassing. Het Rijk biedt de gemeenten een overgangsperiode van 10 jaar om het Omgevingsplan aan te passen. Uitgangspunten bij de meerjarenraming Voor de diverse posten van de begroting zijn t.a.v. de meerjarenramingen de volgende uitgangspunten gehanteerd.
De kapitaallasten zijn gebaseerd op de staat van activa en financieringslasten en bedragen maximaal € 40.000 Euro. In 2024 wordt de laatste termijn van de investering in nieuw kantoormeubilair en inventaris (2019) afgeschreven voor een bedrag van € 16.000. Dit is een verklaring voor de lagere afschrijvingen vanaf 2025 ten opzichte van 2024. De vaste personeelslasten zullen voor de periode 2025-2027 licht stijgen door caoloonsverhogingen. Inzake huisvestings- en apparaatskosten wordt van 2025 tot en met 2027 stabiel begroot. Voor de inkoop ten behoeve van projecten voor derden is een bedrag rond de € 12.500 begroot. Daar staat een bedrag van rond € 27.500 Euro uit verkoop projecten tegenover, zodat een redelijke marge kan worden gerealiseerd, rekening houdend met vennootschapsbelasting. Voor de inkomsten uit adviesgelden is het uitgangspunt dat deze in de periode 2025-2027 licht zullen stijgen. Het resultaat van geraamde baten en lasten levert een sluitende exploitatie voor de periode 20252027.
13