CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Toelichting Delegatiebesluit omgevingsplan Súdwest-Fryslân

Raadsvergadering 21 december 2023, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Delegearje fêststelle ûnderdielen omjouwingsplan oan kolleezje1.197 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van toelichting Delegatiebesluit omgevingsplan Súdwest-Fryslân Artikelsgewijze toelichting Artikel 1. Delegeren bevoegdheden vaststellen omgevingsplan In dit artikel wordt geregeld voor welke categorieën van gevallen de bevoegdheid om het omgevingsplan vast te stellen wordt overgedragen aan het college. 1.

Deze categorie voorziet er in dat (kleine) initiatieven die door het college kunnen worden afgedaan onder de regels van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), nog steeds door het college kunnen worden afgedaan na inwerkingtreding van de Omgevingswet.

2.

Ook deze categorie voorziet er in dat initiatieven die door het college van burgemeester en wethouders kunnen worden afgedaan onder het huidige recht, nog steeds door het college kunnen worden afgedaan na inwerkingtreding van de Omgevingswet. Het gaat om de zogenaamde kruimellijst genoemd in artikel 4 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht, zoals van kracht op de dag vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarop staan de volgende categorieën van gevallen vermeld: 1. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf; b. de oppervlakte niet meer dan 150 m2; 2. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening voor zover het betreft een bouwwerk ten behoeve van een nutsvoorziening, de waterhuishouding, het meten van de luchtkwaliteit, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer of het weg-, spoorweg-, of luchtverkeer, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 5 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m2; 3. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: a. niet hoger dan 10 m, en b. de oppervlakte niet meer dan 50 m2; 4.

een dakterras, balkon of ander niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouwd; 5. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; 6. een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder w, van de Elektriciteitswet 1998 7. een installatie bi een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren tot krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikel omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanddelen; 8. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting in openbaar gebied; 9.

het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of andere categorieën vreemdelingen; 10. het gebruiken van een recreatiewoning voor bewoning, mits wordt voldaan aan de volgende eisen:

a.

de recreatiewoning voldoet aan de bij of krachtens de Woningwet aan een bestaande woning gestelde eisen; b. de bewoning niet in strijd is met de bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet geluidhinder, de Wet ammoniak en veehouderij en de Wet geurhinder en veehouderij gestelde regels of de Reconstructiewet concentratiegebieden; c. de bewoner op 31 oktober 2003 de recreatiewoning als woning in gebruik had en deze sedertdien onafgebroken bewoont, en d. de bewoner op 31 oktober 2003 meerderjarig was; 11. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in de onderdelen 1 t/m 10, voor een termijn van ten hoogste 10 jaar. 3.

De kans is groot dat initiatieven in de toekomst steeds vaker met een omgevingsvergunning mogelijk worden gemaakt. Wanneer een initiatief niet past binnen het omgevingsplan, maar wel wenselijk is, kan toch medewerking worden verleend. Deze vergunning wordt de ‘buitenplanse omgevingsplanactiviteit vergunning (BOPA) genoemd. De Omgevingswet schrijft voor dat het omgevingsplan actueel moet blijven. Daarom moeten vergunningen voor afwijkactiviteiten binnen vijf jaar worden verwerkt in het omgevingsplan. Dit betreft een administratieve handeling omdat de afweging al eerder heeft plaatsgevonden. Door het opnemen van deze bepaling kan het college het omgevingsplan in overeenstemming brengen met deze vergunningen. De raad hoeft dan geen besluit te nemen.

4.

Door het opnemen van deze bepaling kan het college technische wijzigingen, verschrijvingen, niet kloppende verwijzingen en inventarisatiefouten herstellen, zonder dat de raad hiervoor een besluit moet nemen.

5.

Het omgevingsplan wordt beïnvloed door hogere wet- en regelgeving. Wanneer deze hogere wet- of regelgeving wordt gewijzigd, kan dit betekenen dat het omgevingsplan daarop moet worden aangepast. Dit om conflicten tussen de hogere wetgeving en het omgevingsplan te beëindigen of voorkomen. Wanneer er wel ruimte is voor een politieke invulling van de te wijzigen regel, wordt de raad bij de besluitvorming betrokken.

6.

Hierbij gaat het om de begripsbepalingen die worden gehanteerd in het omgevingsplan. Met de begripsbepalingen wordt omschreven wat men in het omgevingsplan verstaat onder bepaalde begrippen. Dit kan bijvoorbeeld voortvloeien uit jurisprudentie. Deze bepaling is alleen van toepassing wanneer een wijziging of toevoeging van een begrip naar verwachting geen - of slechts minimale - gevolgen heeft voor de fysieke leefomgeving.

7.

Wanneer de raad beleidsregels heeft vastgesteld die doorvertaald moeten worden in het omgevingsplan, kan dit door het college gebeuren. De inhoudelijke afweging heeft al eerder plaatsgevonden.

8.

Het voorbereidingsbesluit is onder de huidige wetgeving nog een aparte planfiguur. Als de Omgevingswet in werking treedt, is het voorbereidingsbesluit onderdeel van het omgevingsplan. Feitelijk worden er dan regels in het omgevingsplan opgenomen die de bestaande situatie bevriezen. Er kunnen dan geen activiteiten meer worden uitgevoerd die de beoogde nieuwe ontwikkelingen in een gebied kunnen benadelen. Denk daarbij aan het maximaal benutten van de planologische ruimte voor bedrijvigheid op een locatie waar juist een transformatie naar woningbouw is voorzien. Een voorbereidingsbesluit wordt niet vaak genomen. Als dat dan wel aan de orde is, dan is er vaak tijdsdruk en in sommige gevallen zelfs een noodzaak om pas na het besluit openbaar te maken dat een voorbereidingsbesluit werd voorbereid. Delegatie van deze bevoegdheid aan het college maakt snel handelen mogelijk en voorkomt dat er op de valreep nog aanvragen worden ingediend voor ontwikkelingen die niet meer gewenst worden geacht met het oog op de in voorbereiding zijnde nieuwe regels voor het omgevingsplan.

Artikel 2 Voorleggen genomen besluiten Het college stelt de raad eenmaal per jaar op de hoogte in hoeverre van de delegatiemogelijkheden gebruik is gemaakt. Aan de raad wordt via actieve info een lijst voorgelegd met de onderdelen van het omgevingsplan waar het college een besluit heeft genomen tot vaststelling van het omgevingsplan. Op deze manier kan goed gemonitord worden hoe het gaat. Artikel 3 Vindplaats delegatiebesluit Artikel 10:19 van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt dat een besluit dat op grond van een gedelegeerde bevoegdheid wordt genomen het delegatiebesluit en de vindplaats daarvan vermeldt. Na vaststelling van het delegatiebesluit wordt deze gepubliceerd in het gemeenteblad. Het delegatiebesluit komt beschikbaar in de databank lokale wet- en regelgeving (overheid.nl). Artikel 4 Inwerkingtreding Dit artikel spreekt voor zich. Artikel 5 Citeertitel Dit artikel spreekt voor zich.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13511348/1