CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Notitie Septembercirculaire 2024

Raadsvergadering 30 januari 2025, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: ‘Septembercirculaire 2024’2.735 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ons nummer: O24.002570

*O24.002570*

Notitie Septembercirculaire 2024

Notitie Septembercirculaire 2024 Hoofdstuk 1: Algemene mededelingen Inleiding Deze notitie geeft een overzicht van de verwachte financiële gevolgen voor de hoogte van de Algemene Uitkering (AU) en de decentralisatie- en integratie-uitkeringen die wij van het Rijk ontvangen uit het gemeentefonds. De septembercirculaire 2024 is gebaseerd op de Miljoenennota van het nieuwe kabinet. De septembercirculaire 2024 geeft financiële informatie over de jaren 2024 en verder. Deze notitie delen wij met het college en de gemeenteraad als achtergrondinformatie bij de begrotingsbehandeling 2025-2028 op 14 november a.s. We leggen deze notitie voor besluitvorming via een raadsvoorstel voor aan de raad op 30 januari 2025. Op basis van dat raadsbesluit passen wij de meerjarenbegroting 2025-2028 aan.

Samenvatting uitkomsten septembercirculaire 2024 Op basis van de uitgangspunten die we verder in deze notitie behandelen geeft onderstaand overzicht het beeld van de gevolgen van de septembercirculaire voor onze (meerjaren-) begroting:

Eindsaldo Septembercirculaire 2024

2024 -221.281

2025 133.198

2026 -118.730

2027 -478.862

2028 -813.813

Op 4 oktober 2024 maakte de minister van Financien in de algemene beschouwingen bekend dat er nog een bijstelling komt op de septembercirculaire 2024 als gevolg van een misrekening van het volumeaccres in de septembercirculaire. De correctie wordt verwerkt in de decembercirculaire. Wij schatten in dat wij hierdoor vanaf 2025 elk jaar ongeveer € 250.000 extra aan volumeaccres ontvangen. Het financiële beeld ziet er dan beter uit: Algemene uitkering na correctie volumeaccres Eindsaldo Septembercirculaire 2024 Verwachte aanvulling volume accres Saldo:

2024 -221.281 0 -221.281

2025 133.198 250.000 383.198

2026 -118.730 500.000 381.270

2027 -478.862 750.000 271.138

2028 -813.813 1.000.000 186.187

Met deze cijfers is er sprake van een klein positief voordeel ten opzichte van onze conceptbegroting 2025-2028.

Weinig nieuws in septembercirculaire De septembercirculaire 2024 bevat weinig (goed) nieuws. Het enig positieve is dat het Rijk twee toezeggingen uit de meicirculaire 2024 heeft verwerkt in deze septembercirculaire. De korting van het oude kabinet op de Jeugdzorg heeft het nieuwe kabinet definitief teruggedraaid. Daarnaast wordt vanaf 2026 extra budget beschikbaar gesteld voor de WMO. Vanwege landelijke demografische ontwikkelingen is de verwachting dat meer mensen in de toekomst gebruik gaan maken van de WMO en daarmee stijgen de kosten naar verwachting sneller dan de gemiddelde overige kosten. Helaas ontvangen gemeenten geen extra geld ter compensatie van het ravijnjaar 2026. Verder ontvangen gemeenten volgens de septembercirculaire de komende jaren minder geld als compensatie voor gestegen aantallen (volumeaccres). Het volumeaccres is namelijk ten onrechte naar beneden bijgesteld. Dit wordt, zoals hierboven is vermeld, hersteld in de decembercirculaire 2024.

2

Gemeenten teleurgesteld door Miljoenennota In de week voor Prinsjesdag riep de VNG het kabinet met een advertentie op te zorgen voor voldoende financiën voor gemeenten om verschraling van voorzieningen te voorkomen. Gemeenten vinden het daarom teleurstellend dat in de Miljoenennota nog weinig van een oplossing voor gemeenten terug is te zien. De VNG zal zich in blijven zetten om de taken en middelen voor gemeenten in balans te laten zijn. Vooralsnog is daar echter geen zicht op. Tijdens het overhedenoverleg medio november gaat de VNG verder in gesprek met het kabinet over de noodzaak van voldoende middelen voor gemeenten, om als gemeenten ons werk te kunnen doen.

3

Hoofdstuk 2: Taakmutaties septembercirculaire 2024 Uitkomsten septembercirculaire 2024 De laatste cijfers van de algemene uitkering die u van ons heeft ontvangen, waren gebaseerd op de meicirculaire 2024. Deze cijfers zijn via de notitie meicirculaire 2024 aan de raad verstrekt via actieve info en financieel verwerkt in de meerjarenbegroting 2025-2028. Ten opzichte van de notitie meicirculaire 2024 hebben we in de meerjarenbegroting 2025-2028 een aanpassing gedaan. We hebben de aftrekpost van het prijspeil pbbp naar de gecombineerde index vanuit financieel oogpunt laten vervallen. We lopen hierdoor het risico dat we vanaf 2026 te weinig geld overhouden om de werkelijke loon- en prijsstijgingen te kunnen dekken. Deze aftrekpost komt ook in deze septembercirculaire niet meer terug. Dit heeft de volgende gevolgen: Tabel 1 Begroting 2025-2028 Súdwest-Fryslân Notitie meicirculaire 2024 Intrekken aftrek obv gecombineerde index ipv pbbp Begroting 2025-2028

2024

2025

2026

2027

2028

225.242.920 0 225.242.920

230.776.547 0 230.776.547

215.924.909 1.430.000 217.354.909

215.081.873 3.705.000 218.786.873

215.517.112 5.281.250 220.798.362

We hebben berekend hoeveel geld we de komende jaren op basis van de septembercirculaire 2024 ontvangen van het Rijk vanuit het Gemeentefonds. We vergelijken de uitkomst van onze berekening met die uit tabel 1. Tabel 2 Septembercirculaire 2024 Súdwest-Fryslân Septembercirculaire 2024 Begroting 2025-2028 Saldo:

2024

2025

2026

2027

2028

225.138.639 225.242.920 -104.281

231.372.745 230.776.547 596.198

220.869.178 217.354.909 3.514.270

222.195.011 218.786.873 3.408.138

224.360.549 220.798.362 3.562.187

In tabel 2 komt het ravijnjaar 2026 nog steeds naar voren. We verwachten bijna € 10,5 miljoen minder te ontvangen dan in het jaar 2025.

Wat moeten wij van het overschot uit tabel 2 betalen? Van de saldi uit tabel 2 reserveren wij allereerst geld voor de zogenaamde taakmutaties. Het Rijk heeft het Gemeentefonds o.a. aangevuld om extra taken uit te voeren. We zijn niet verplicht het geld ook daadwerkelijk uit te geven aan deze taken, maar over het algemeen besluiten we hier wel toe. De gemeenteraad beslist over de inzet van de middelen.

4

Taakmutaties In de circulaire is een aantal taken opgenomen waarvoor we extra geld ontvangen uit de algemene uitkering. We gaan ervan uit dat we deze bedragen nodig hebben om de bijbehorende taken uit te voeren. De volgende taakmutaties zijn van toepassing: Tabel 3 Taakmutaties Septembercirculaire 2024 Wet op de lijkbezorging Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) Bijstand jongerennorm Jeugdzorg Indexatie Wmo demografie Wet Betaalbare huur Alleenverdienersproblematiek 2023-2024 Openbare bibliotheken Compensatie afschaffing LIV - Wsw Compensatie afschaffing LIV - beschut werk Totaal taakmutaties

2024

2025

2026

2027

2028

40.000

16.000 23.000 -46.000 2.760.000 443.000 40.000

16.000 23.000 -46.000 2.854.000 874.000 40.000

16.000 23.000 -46.000 2.921.000 1.296.000 40.000

267.000 115.000 18.000

267.000 110.000 20.000

105.000 21.000

104.000 22.000

463.000

3.633.000

3.887.000

4.376.000

23.000

40.000 77.000

117.000

Wet op de lijkbezorging Het Rijk werkt aan een modernisering van de Wet op de lijkbezorging (Wlb). De ingangsdatum is voorzien op 1 januari 2026. Ten behoeve van de financiering van de beoogde wettelijke uitbreiding van de taken van de gemeentelijke lijkschouwer is voor de periode 2026-2031 jaarlijks € 3,2 miljoen naar de algemene uitkering overgeheveld. Voor ons gaat het om een bedrag van € 16.000. We stellen voor dit bedrag te reserveren voor de verwachte uitbreiding van taken. Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) De Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een gemeentelijke regeling om gezinnen die geen recht hebben op Kinderopvangtoeslag, maar die ook niet in staat zijn de zorg voor hun kinderen volledig te dragen vanwege sociale of medische problematiek, een vergoeding te kunnen bieden voor het gebruik van kinderopvang. Door verschillende ontwikkelingen is de SMI budgettair steeds meer onder druk komen te staan. Om dit te kunnen ondervangen, wordt het SMI-budget verhoogd. Wij ontvangen jaarlijks € 23.000 meer. We stellen voor dit bedrag toe te voegen aan het budget SMI Kinderopvang. Bijstand jongerennorm Gemeenten kunnen vanuit de bijzondere bijstand een aanvulling op de bijstand aan 21-minners geven als hun ouders niet bij kunnen springen.

Met het wetsvoorstel Participatiewet in balans wordt de bijzondere bijstand met ingang van 1 januari 2026 overgeheveld naar de algemene bijstand. De aanvulling op de bijstand is bedoeld voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan en daarmee is de algemene bijstand het juiste instrument voor dit soort kosten. Daarom wordt er vanaf 2026 structureel € 9,4 miljoen vanuit de algemene uitkering overgeheveld naar de algemene bijstand, op de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Hoe het ministerie deze kosten aan ons zal gaan vergoeden vanaf 2026 is nog niet bekend, het meest logische is dat dit via de BUIG gaat worden verrekend. Vooralsnog korten wij ons budget bijzondere bijstand vanaf 2026 met structureel € 46.000 in afwachting van de nieuwe financiering. Jeugdzorg Het kabinet Rutte IV had besloten om te besparen op jeugdzorg. Deze besparing (oplopend tot € 511 miljoen in 2027) was in mindering gebracht op de middelen voor jeugdzorg. Het nieuwe kabinet Schoof kiest ervoor om deze besparing te laten vervallen. Het gaat om € 500 miljoen in 2026 en € 511 miljoen vanaf 2027. Wij hadden hiervoor vanaf 2025 een structurele negatieve stelpost van € 2,6 miljoen in onze eigen begroting opgenomen aan de uitgavenkant. Voor deze negatieve stelpost stond het Rijk garant om een oplossing voor te vinden.

Het Rijk dit dus op door de korting volledig te laten vallen.

5

Wij stellen voor de bedragen uit tabel 1 toe te voegen aan de kosten Jeugdzorg, waardoor de negatieve stelpost van € 2,6 miljoen vervalt en wordt omgezet in een extra budget voor Jeugdzorg in 2026 van € 160.000 (€ 2,76 – € 2,60 miljoen), € 254.000 in 2027 en € 321.000 in 2028. Indexatie Wmo demografie Met de VNG is afgesproken dat in de toekomst een nader te bepalen deel van de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het Gemeentefonds loopt, maar via een aparte financiering. Afhankelijk van de gekozen bekostigingsvorm wordt een passende objectieve indexering onderzocht die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Vooruitlopend op deze uitwerking heeft het Rijk jaarlijks € 75 miljoen, vanaf 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029, toegevoegd aan het gemeentefonds als aanvullende indexering voor de gevolgen van demografie. Wij stellen voor deze bedragen te reserveren op de post WMO. Wet Betaalbare huur Met de Wet betaalbare huur wordt de op 1 juli 2023 in werking getreden Wet goed verhuurderschap gewijzigd. Daarmee krijgen gemeenten de bevoegdheid om toezicht te houden en handhavend op te treden met betrekking tot: • De maximale huurprijzen die gelden op grond van het woningwaarderingsstelsel (WWS). • De maximale huurverhogingen in de gereguleerde sector.

• De informatieplicht op verhuurders om hun huurders een puntentelling te overleggen bij het afsluiten van een contract. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage in 2024 voor de eenmalige kosten die gemeenten maken bij de implementatie van het wetsvoorstel. Deze implementatiegelden worden verdeeld aan de hand van de grootte van de gemeenten. Daarnaast ontvangen gemeenten een bijdrage voor het ontvangen en behandelen van meldingen en de handhaving op deze meldingen. Voor deze werkzaamheden ontvangen wij vanaf 2024 een gemiddelde bijdrage van € 40.000. We stellen voor dit bedrag structureel beschikbaar te stellen voor de handhaving op de wet betaalbare huur. Alleenverdienersproblematiek 2023-2024 Gemeenten kunnen financiële ondersteuning bieden aan huishoudens die als gevolg van de alleenverdienersproblematiek in 2023 en 2024 onder het bestaansminimum uitkomen. Gemeenten kunnen de gemiste huur- en zorgtoeslag compenseren vanuit de individuele bijzondere bijstand. De Tweede Kamer heeft verzocht om de betrokken huishoudens actief te benaderen. Met de VNG is afgesproken dat gemeenten dit gefaseerd oppakken. Ter ondersteuning van gemeenten is een handreiking opgesteld.

Via deze decentralisatie-uitkering ontvangen gemeenten een budget om aan de betreffende huishoudens bijzondere bijstand te verstrekken. Nu wordt een bedrag van € 22,6 miljoen uitgekeerd. Voor ons een bedrag van € 77.000. De budgetten worden zo nodig bijgesteld wanneer definitieve gegevens beschikbaar zijn, naar verwachting bij de meicirculaire 2025 en de meicirculaire 2026. We stellen voor het bedrag van € 77.000 beschikbaar te stellen voor deze verstrekkingen. Openbare bibliotheken In de periode 2023-2024 konden gemeenten een specifieke uitkering ontvangen voor het versterken van het lokale bibliotheekstelsel. Daarna zal een wettelijke zorgplicht voor gemeenten worden ingevoerd ten aanzien van de openbare bibliotheek. Voor het uitvoeren van deze taak zullen gemeenten een structurele bijdrage via het gemeentefonds ontvangen. In de periode tussen de specifieke uitkering en de invoering van de wettelijke zorgplicht ontvangen de gemeenten een decentralisatie-uitkering, om zich op de periode van de zorgplicht te kunnen voorbereiden.

6

Hiervoor is in 2025 en 2026 in totaal een bedrag van € 59,3 miljoen beschikbaar. Dit bedrag wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van een bedrag van € 2,95 per inwoner. Wij stellen voor de € 267.000 die we in 2025 en in 2026 ontvangen beschikbaar te stellen voor onze bibliotheken. Compensatie afschaffen lage-inkomensvoordeel (LIV) - WSW Het Rijk compenseert gemeenten via de integratie-uitkering Participatie vanaf 2025 voor de afschaffing van het lage-inkomensvoordeel (LIV) in de sociale werkvoorziening. Voor het jaar 2025 wordt bij deze septembercirculaire in totaal € 19,8 miljoen toegevoegd aan de IU Participatie. Aangezien het een bedrag per plek betreft, loopt de compensatie voor de Wsw na 2025 af met de afbouw van de Wsw (€ 13,4 miljoen in 2025, teruglopend naar € 0 vanaf 2048). Deze compensatie betalen wij volgens de gemaakte afspraken door aan onze Sociale Werkvoorziening Empatec. Compensatie afschaffen lage-inkomensvoordeel (LIV) – beschut werk De compensatie voor beschut werk loopt op met het landelijk aantal plekken in de ministeriële regeling (€ 6,4 miljoen in 2025, oplopend naar € 16,8 miljoen vanaf 2048). We stellen voor ons deel, oplopende van € 18.000 naar € 22.000, toe te voegen aan de post Beschut Werk.

7

Hoofdstuk 3: Financiële gevolgen voor meerjarenbegroting Saldo septembercirculaire 2024 In tabel 2 hebben we vastgesteld hoeveel geld we de komende jaren op basis van deze nieuwe circulaire ontvangen van het Rijk vanuit het Gemeentefonds. Na verrekening van de taakmutaties uit tabel 3 blijft het vrij besteedbare deel over: Tabel 4 Eindsaldo Septembercirculaire 2024 Septembercirculaire 2024 t.o.v. Meicirculaire 2024 Taakmutaties Saldo:

2024

2025

2026

2027

2028

-104.281 117.000 -221.281

596.198 463.000 133.198

3.514.270 3.633.000 -118.730

3.408.138 3.887.000 -478.862

3.562.187 4.376.000 -813.813

De belangrijkste verklaring voor de verschillen per jaar is de cumulatieve verlaging van het volume accres met € 100.000 in 2025 oplopend naar € 0,8 miljoen in 2028. Op 4 oktober 2024 maakte de minister van Financien in de algemene beschouwingen bekend dat er nog een bijstelling komt op de septembercirculaire 2024 als gevolg van een misrekening van het volumeaccres in de septembercirculaire. De correctie wordt verwerkt in de decembercirculaire. Deze correctie zal de cumulatieve verlaging van het volume accres uit de septembercirculaire volledig terugdraaien. Wij schatten in dat wij hierdoor vanaf 2025 elk jaar ongeveer € 250.000 extra aan volumeaccres ontvangen. Het financiële beeld ziet er dan beter uit: Algemene uitkering na correctie volumeaccres Eindsaldo Septembercirculaire 2024 Verwachte aanvulling volume accres Saldo:

2024 -221.281 0 -221.281

2025 133.198 250.000 383.198

2026 -118.730 500.000 381.270

2027 -478.862 750.000 271.138

2028 -813.813 1.000.000 186.187

Met deze cijfers is er sprake van een klein positief voordeel ten opzichte van onze conceptbegroting 2025-2028.

Risico maatstaf huishoudens laag inkomen met drempel We meldden dit risico al in de meicirculaire, maar een herhaling is hier zeker gepast. In 2023 is de algemene uitkering van het gemeentefonds herverdeeld. Daarbij is een groot aantal maatstaven verdwenen en een aantal nieuwe toegevoegd. Eén van de belangrijkste nieuwe maatstaven is de maatstaf huishoudens laag inkomen met drempel. Deze maatstaf bepaalt voor 18% de hoogte van onze algemene uitkering. Een wijziging van het aantal huishoudens met een laag inkomen in onze gemeente kan dan ook grote financiële gevolgen hebben. De maatstaf huishoudens laag inkomen met drempel is een relatief nieuwe maatstaf. Waarbij nog flinke fluctuaties voor blijken te komen. De maatstaf voor 2024 is gebaseerd op de stand per 1 januari van de peildatum van het jaar ervoor. Om al te grote fluctuaties te voorkomen wordt voor het jaar 2025 gerekend met een tweejaarlijks gemiddelde en vanaf 2026 met een driejaarlijks gemiddelde. Daarnaast loopt de beschikbaarheid van de gegevens altijd achter waardoor vooruitkijken lastig is. Vooralsnog is alleen het definitieve aantal van het jaar 2022 bekend. Een waarschuwing voor mogelijke negatieve gevolgen van een lager aantal op deze maatstaf vinden wij dan ook noodzakelijk.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14964581/1