Bijlage 1. FER CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus 131025 (FER = fusie-effectrapportage)
Tekst van het document
BMC
Fusie-effectrapportage Motieven voor en verwachte effecten van de bestuurlijke fusie tussen CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
Fusie-effectrapportage Motieven voor en verwachte effecten van de bestuurlijke fusie tussen CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus Rapport CVO Zuid-West Fryslân RSG Magister Alvinus
Dit document (inclusief eventuele bijlagen) is opgesteld door BMC en de (auteurs)rechten met betrekking tot de inhoud en het format van dit document berusten bij BMC. Dit document is uitsluitend bedoeld voor gebruik door de opdrachtgever en mag niet worden gepubliceerd of aan anderen ter beschikking worden gesteld zonder uitdrukkelijke voorafgaande toestemming van BMC.
Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Inhoudsopgave H1 | Inleiding
1
H2 | Beoogde fusie en aanleiding
3
2.1 Beoogde fusie en fusieproces 2.2 Fusietechniek
3 3
2.3 Tijdsbestek 2.4 De motieven voor de fusie
4 4
2.5 Alternatieven voor de fusie
4
2.6 Te bereiken (gekwantificeerde) doelen van de fusie
5
H3 | Communicatie over de fusie 7 3.1 Wijze waarop de medezeggenschapsraden zijn en worden betrokken 7 3.2 Wijze waarop de raden van toezicht zijn en worden betrokken
7
3.3 Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen zijn en worden betrokken 3.4 Wijze waarop externe belanghebbenden zijn en worden betrokken
7 8
H4 | Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen en borging van de menselijke maat 9 4.1 Omvang en organisatie van derechtspersoon na fusie 9 4.2 Gevolgen van de fusie voor de overzichtelijkheid op locatieniveau 4.3 Gevolgen van de fusie voor de betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders
10
4.4 Medezeggenschap 4.5 Gevolgen voor voorzieningen
11 11
4.6 Gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden en het personeelsbeleid
12
H5 | Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit en bereikbaarheid
11
13
5.1 Effecten van de fusie op de keuzevrijheid 13 5.2 Effecten van de fusie op de diversiteit 13 5.3 Effecten van de fusie op de spreiding van de onderwijsvoorzieningen in de regio 13 H6 | Kosten en baten van de fusie 14 6.1 Financiële kosten en baten
14
6.2 Financiële risico's
15
6.3 Niet-financiële kosten en baten H7 | Evaluatie van de fusie
15 17
H8 | Advies gemeenten Advies van burgemeester en wethouders Bijlage 1 | Meerjarenbegrotingen CVO en RSG
18 18 19
Bijlage 2 | Infographic
20
Colofon
21
Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H1 | Inleiding Aanleiding voor de fusie De besturen van CVO Zuid-West Fryslân (hierna CVO) en RSG Magister Alvinus (hierna RSG) zijn sinds 2024 met elkaar in gesprek over de mogelijkheden die een intensievere samenwerking tussen de besturen kan bieden voor hun scholen. CVO (bestuursnummer: 40075) is een stichting voor protestant christelijk, interconfessioneel (rooms-katholiek en protestant christelijk) en algemeen bijzonder onderwijs. Onder deze stichting vallen de scholen van csg Bogerman te Sneek, Balk en Koudum, het Marne college in Bolsward en De Diken in Sneek. Onder de koepel van CVO wordt praktijkonderwijs, vmbo (inclusief LWOO), havo, atheneum- en gymnasium-onderwijs en onderwijs aan 10-14 jarigen bij Perspectief 10-14 aangeboden. RSG (bestuursnummer: 41442) is een openbare scholengemeenschap voor vmbo (inclusief LWOO), havo, atheneum en gymnasium en een Internationale Schakelklas (ISK) in Sneek. De bestuurders van CVO en RSG werken binnen de regio al langere tijd op meerdere plekken samen; het project over de regiovisie, Frosk, technolab, 30buro, de regiodeal en de onderwijsregio aangaande personeelsvraagstukken. Dat heeft het inzicht opgeleverd dat de overeenkomsten tussen beide organisaties groter zijn dan de verschillen. Beide organisaties zien het als hun missie om het beste onderwijs te verzorgen voor de jeugd in de regio Zuid-West Friesland.
Door de krachten te bundelen streven zij ernaar om het rijke onderwijsaanbod te behouden en waar mogelijk te versterken. Door samen te werken kunnen CVO en RSG de regio verzekeren van thuisnabij onderwijs. Zo bieden zij het hoofd aan de uitdagingen die gepaard gaan met een dalende beroepsbevolking en een dalend aantal leerlingen. Daarnaast zal de bedrijfsvoering van beide stichtingen profiteren van de synergievoordelen van samenwerking. Deze synergie komt ten goede aan het onderwijs.
Voorafgaande stappen In het voorjaar van 2024 is een intentieverklaring opgesteld om de wens tot intensievere samenwerking wereldkundig te maken. In deze verklaring geven de bestuurders aan dat synergie noodzakelijk is om een rijk en thuisnabij onderwijsaanbod en kwalitatief hoogwaardig onderwijs blijvend te garanderen en daarom mogelijkheden tot samenwerking verder te willen onderzoeken. In de periode mei t/m oktober 2024 is een eerste verkenning uitgevoerd naar de manier waarop beide organisaties hun samenwerking zouden kunnen optimaliseren. Bij de afronding van de verkennende fase hebben de bestuurders vastgesteld dat een bestuurlijke fusie de meest passende vorm lijkt. Als gevolg hiervan is een onderzoek naar de haalbaarheid van een bestuurlijke fusie gestart.
Het onderzoek naar de effecten van de beoogde fusie In de maanden maart, april en mei van 2025 is een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar de haalbaarheid en de effecten van de beoogde bestuurlijke fusie tussen beide stichtingen. Voor het onderzoek is een plan van aanpak opgesteld en gedeeld met de betrokken raden van toezicht, (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden en deelnemers aan het onderzoek.
| 1 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Het onderzoek werd aangestuurd door een stuurgroep. Daarnaast zijn er voor een achttal thema's werkgroepen gevormd. Op basis van het haalbaarheidsonderzoek is deze fusie-effectrapportage opgesteld. Het rapport is opgesteld om de betrokken interne (raden van toezicht/bestuur, medezeggenschapsraad RSG Magister Alvinus en gemeenschappelijke medezeggenschapsraad CVO Zuid-West Fryslân) en externe stakeholders (burgemeester en wethouders van de gemeente Sneek en Fryske Marren) inzicht te geven in de effecten van de beoogde fusie. De fusie-effectrapportage volgt hierbij het wettelijk verplichte format1.
1 Bijlage 2 bij artikel 2, tweede lid, van de Regeling en beleidsregels fusietoets in het onderwijs 2017.
| 2 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H2 | Beoogde fusie en aanleiding 2.1 Beoogde fusie en fusieproces Realisatie van de bestuurlijke fusie betekent dat er een nieuwe stichting in het leven wordt geroepen en dat de scholen van CVO en van RSG onder het bevoegd gezag van de nieuwe stichting worden gebracht. De afzonderlijke scholen blijven in stand. Beide besturen gaan samen en de vier scholen (De Diken, Marne college, csg Bogerman en RSG Magister Alvinus) gaan als een scholengroep functioneren onder één bestuur. De bestuurlijke fusie betekent behoud en versterking van het thuisnabij onderwijsaanbod in de regio en intensivering van de samenwerking op bestuursniveau en ondersteunende diensten. In figuur 2.1a staat de huidige situatie weergegeven. In figuur 2.1b staat de situatie na bestuurlijke fusie weergegeven. ii en ŗ-ji'ťi: i: CVO
LifiTtìftísr-
-İ“ L'kHľ M R
QflnmqDi
"iti-lLur
GťüliJL-
ZwFryslin
Ŗçnņppçijltę
í ..... i
css ũogemar
Warns cüle&e
isr-1
Figuur 2.1a - Huidige situatie
Interr. toericm Gefuseerd bestuur
desk,..-
ŗ----------- b |----- ^----- 1 |----- ^------ | |---- '------ 1 Onhijlnmiidt jierìsi
D* D*sn 04FR. ^____________________
M?mc collsgs
cīū Bog*un?in
RSG MA
2ĩCR 1ÇFP 1________ I \________) \______ J 25GB
Figuur 2.1b - Situatie na fusie
2.2 Fusietechniek Door de bestuurlijke fusie ontstaat een nieuwe stichting met een nieuwe naam. Een zo soepel mogelijke overgang naar de nieuwe, gezamenlijke stichting is een belangrijk ankerpunt voor de te kiezen fusietechniek. De bestuurders kiezen voor een juridische fusie, waarbij Stichting RSG
| 3 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Magister Alvinus door een juridische fusie opgaat in Stichting CVO Zuid-West Fryslân. In een juridische fusie fuseren de stichtingen die de scholen beheren volgens de voorschriften in het Burgerlijk Wetboek. Hierbij worden alle bezittingen van de ene stichting overgedragen aan de ontvangende stichting. Dit gebeurt via een notariële akte. De statuten van Stichting CVO Zuid-West Fryslân worden gewijzigd. De keuze voor Stichting CVO Zuid-West Fryslân als de ontvangende partij is een pragmatische: door te kiezen voor de grotere partij hoeven er minder handelingen te worden verricht. De verkrijgende stichting krijgt een nieuwe naam, om zo gezamenlijk een nieuwe start te kunnen maken. Waarom is gekozen voor een juridische fusie? Bij een juridische fusie houdt de verdwijnende stichting direct op te bestaan, er is geen verdere afwikkeling nodig. Dit voorkomt extra werk in het jaar na de fusie. De administratieve voorbereiding is relatief beperkt: het is meer een kwestie van "ja, tenzij" (alles gaat mee, tenzij anders bepaald), in plaats van "ja, mits" (alles moet apart worden goedgekeurd).
2.3 Tijdsbestek De beoogde fusiedatum is 1 januari 2027. Beide bestuurders hebben aangegeven dat zorgvuldigheid voor snelheid gaat. Het streven is om in het kalenderjaar 2026 ruim tijd te hebben voor harmonisatie van de bedrijfsprocessen, het opstarten van de samenwerking tussen de ondersteunende diensten en de bestuurlijke organisatie.
2.4 De motieven voor de fusie In het voorjaar van 2024 hebben de bestuurders een intentieverklaring opgesteld om de wens tot intensievere samenwerking wereldkundig te maken. In deze verklaring gaven de bestuurders aan dat in de context van de krimp van de leerlingenaantallen synergie noodzakelijk is om een rijk onderwijsaanbod en kwalitatief hoogwaardig onderwijs blijvend te garanderen. Door een bestuurlijke krachtenbundeling ontstaan betere condities voor: ^ het behoud van een breed, gevarieerd en rijk aanbod voor leerlingen en verhoogde onderwijskwaliteit, wat in een gelijkwaardige en elkaar versterkende samenwerking beter en makkelijker gerealiseerd kan worden; • goed en aantrekkelijk werkgeverschap, ten behoeve van het versterken van professionalisering van medewerkers en het aanpakken van uitdagingen op het gebied van lerarentekort; • optimale bedrijfsvoering, waardoor een goede ondersteuning van de scholen en bestuurders gerealiseerd kan worden; ^ het verstevigen van de bestuurlijke slagkracht, ook in de samenwerking in de regio.
2.5 Alternatieven voor de fusie In het najaar van 2024 is onderzoek gedaan naar welke vormen van bestuurlijke samenwerking passend zijn voor de regionale en eigen schoolbestuurlijke opgaven van CVO en RSG. Daarbij zijn de vormen: samenwerkingsovereenkomst, regiestichting, personele unie met/zonder holding en bestuurlijke fusie onderzocht. Elk van deze samenwerkingsvormen is getoetst aan de hand van de meerwaarden voor bestuurlijke fusie die door de bestuurders in kaart waren gebracht. De huidige situatie is in deze vergelijking meegenomen als nuloptie. Uit de
| 4 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
vergelijking kwam de bestuurlijke fusie als samenwerkingsvorm naar voren waarbij de meeste meerwaarden kunnen worden gerealiseerd.
2.6 Te bereiken (gekwantificeerde) doelen van de fusie Voorafgaand aan het haalbaarheidsonderzoek hebben de bestuurders een meerwaarde-notitie opgesteld met de ambities en verwachte meerwaarde bij een intensivering van de samenwerking tussen CVO en RSG. Hierin beschrijven de bestuurders de volgende doelen: ^ Breed, gevarieerd en rijk aanbod voor leerlingen We willen zoveel mogelijk al het goede op onze scholen behouden. We realiseren ons dat onze scholen in een krimpregio staan en dat we te maken hebben met een dalende beroepsbevolking en een dalend aantal leerlingen. Onze eerste en wettelijke opdracht is het bieden van een breed, gevarieerd en rijk onderwijsaanbod voor leerlingen. Dat betekent voor ons een breed aanbod van profielen en vakken en behoud van onze locaties ten behoeve van thuisnabij onderwijs. Extra curriculair onderwijsaanbod en onderwijsvernieuwing moet bereikbaar zijn voor iedereen en verdelen we over alle locaties. Op alle scholen bieden we een hoogwaardige kwaliteit van onderwijs. Deze ambities zijn voor CVO en RSG beter waar te maken in samenwerking dan in concurrentie. Een rijk onderwijsaanbod en kwalitatief hoogwaardig onderwijs worden versterkt door de kracht van verscheidenheid van onze organisaties. Diversiteit aan identiteiten en tradities geeft kleur aan het geheel en biedt aan iedere leerling en medewerker een thuis.
^ Aantrekkelijke werkgever Bestuurlijke samenwerking versterkt ons werkgeverschap door voordelen te bieden die zowel de kwaliteit van het onderwijs als de (ontwikkel)mogelijkheden van de werknemers verbeteren. Een gedeeld personeelsbestand biedt meer ruimte voor vaste contracten voor medewerkers en een gezamenlijke flexibele schil om in te spelen op actuele onderwijsvragen. Voor personeelstekorten zoeken we samen naar creatieve oplossingen. Samen vormen we een grotere en sterke gemeenschap en netwerk met gezamenlijke activiteiten en evenementen. Samenwerking tussen professionals van de ondersteunende diensten geeft ruimte voor specialisatie en professionalisering en draagt daarmee bij aan verbeterde ondersteuning voor onderwijspersoneel. ^ Optimale bedrijfsvoering Om het primaire proces goed te ondersteunen hebben wij een sterke ondersteunende dienst nodig met de juiste expertise. Deze professionals spelen daarnaast een belangrijke rol in het organiseren en faciliteren van goed bestuur en medezeggenschap. Zij dragen bij aan de kwaliteit van onderwijs en medezeggenschap daarover. De ondersteunende diensten nemen administratieve lasten op zich, te weten de leerlingenadministratie, het beheren van personeelsdossiers, financiële administratie, en facilitaire zaken.
Dit zorgt ervoor dat het bestuur, schoolleiding en onze docenten zich meer kunnen concentreren op hun kerntaak: het borgen en verbeteren van de onderwijskwaliteit . We verwachten meerwaarde en optimalisatie door het samenwerken van de ondersteunende diensten.
| 5 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
^ Krachtiger bestuur Gezamenlijk kunnen we optreden als een sterkere gesprekspartner met een grotere stem in de provincie Friesland en meer evenwicht brengen in de bestuurlijke krachtenverdeling, doordat we bij samenwerking meer scholen, medewerkers en leerlingen vertegenwoordigen. We zitten nu vaak aan dezelfde gesprekstafels in de regio en in samenwerking kunnen we onze aandacht verdelen. De toenemende complexiteit en continue ontwikkelingen die invloed hebben op onze scholen vragen om bestuurlijke slagkracht. We investeren nu in vergelijkbare ontwikkelingen en thema's. De ambities om een rijk onderwijsaanbod en kwalitatief hoogwaardig onderwijs aan te bieden zijn hoog. De smallere financiële kaders, die onvermijdelijk met de demografische krimp gepaard gaan, kunnen door samenwerking worden opgevangen, zodat voldoende geïnvesteerd kan blijven in het onderwijs. De positie van een rector-bestuurder bij RSG brengt een inherent spanningsveld met zich mee, waarbij de kwetsbaarheid van deze dubbelrol vaak onderschat wordt. Het gelijktijdig dragen van de bestuurlijke eindverantwoordelijkheid én de dagelijkse leiding over het primaire proces op school, vraagt veel tijd en aandacht.
Een duidelijke scheiding van bestuur en schoolleiding, met bijbehorende heldere verantwoordelijkheden en een specifieke focus voor elke rol, kan meer recht doen aan de bestuurlijke dynamiek en het primaire proces.
| 6 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H3 | Communicatie over de fusie 3.1 Wijze waarop de medezeggenschapsraden zijn en worden betrokken Beide schoolbesturen hechten aan een zorgvuldige procesgang en interne betrokkenheid voor het onderzoek en de daaropvolgende besluitvorming. Dit betekent dat gedurende het hele proces gestreefd is naar brede betrokkenheid van de raden van toezicht, de medezeggenschapsraden en medewerkers van beide organisaties. De raden van toezicht en de medezeggenschapsraden zijn tijdens reguliere overleggen op de hoogte gebracht van de voortgang. Om waardevolle inzichten te krijgen vanuit de medezeggenschap en raad van toezicht is voor beide een klankbordgroep opgericht waarin één à twee leden per organisatie deelnemen. De medezeggenschapsraad van RSG en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van CVO zijn via de klankbordgroep betrokken bij de volgende stappen. In de verkenningsfase heeft een afvaardiging van de medezeggenschapsraden deelgenomen aan een gesprekstafel. De gesprekstafel had tot doel om een beeld te vormen van het draagvlak voor de verschillende vormen van bestuurlijke samenwerking en de mogelijke aandachtspunten en risico's daarvan. Het rapport van de verkenningsfase is gedeeld met de medezeggenschapsraden. Het haalbaarheidsonderzoek is gestart met een kick-offbijeenkomst waarbij de medezeggenschapsraden ook vertegenwoordigd waren.
Gedurende het haalbaarheidsonderzoek zijn twee klankbordbijeenkomsten gehouden om vroegtijdig uit te wisselen over inhoudelijke bevindingen en over het verloop van het proces.
3.2 Wijze waarop de raden van toezicht zijn en worden betrokken De leden van de raden van toezicht zijn bij elk RvT-overleg geïnformeerd over de voortgang van het onderzoek naar de samenwerking via een nieuwsbrief. Tijdens de verkenningsfase is een gesprekstafel georganiseerd met een afvaardiging van beide raden van toezicht. De gesprekstafel had tot doel om een beeld te vormen van het draagvlak voor de verschillende vormen van bestuurlijke samenwerking en de mogelijke aandachtspunten en risico's daarvan. De raden van toezicht zijn nauw betrokken bij het opstellen van de intentieverklaring om de wens tot intensievere samenwerking bekend te maken aan de buitenwereld. Het haalbaarheidsonderzoek is gestart met een kick-offbijeenkomst waarbij de raden van toezicht ook vertegenwoordigd waren. De raden van toezicht zijn in deze fase geïnterviewd over hun visie op de toekomstige samenstelling van het college van bestuur en de toekomstige raad van toezicht. Tot slot zijn gedurende het haalbaarheidsonderzoek twee klankbordbijeenkomsten gehouden met een afvaardiging van de raden van toezicht om vroegtijdig uit te wisselen over bevindingen en over het verloop van het proces.
3.3 Wijze waarop personeel, ouders en leerlingen zijn en worden betrokken In maart 2024 hebben de bestuurders aangekondigd bij alle medewerkers van de vier scholen binnen de twee stichtingen dat ze de samenwerking verder willen onderzoeken. De bestuurders hebben gezamenlijk op de locaties van het RSG, het Bogerman en het Marne college een presentatie gegeven (met livestream) over de ambitie en beoogde doelen van intensivering van
| 7 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
de samenwerking tussen CVO en RSG. Bij de Diken heeft alleen de bestuurder van CVO de plannen aangekondigd en toegelicht. Alle medewerkers hebben mee kunnen denken over de beoogde doelen van de samenwerking. Via een vragenlijst onder alle medewerkers in beide organisaties is onderzocht welke waarde de medewerkers hechten aan de verschillende argumenten voor samenwerking. De uitkomsten hiervan zijn verwerkt in het rapport van de verkenningsfase. Ook is tijdens de verkenningsfase een infographic ontwikkeld over beide organisaties die een korte illustratie geeft van de scholen, profileringen, leerlingenaantallen, personele kengetallen en huidige samenwerkingspartners. Bij de start van het haalbaarheidsonderzoek hebben de bestuurders opdracht gegeven een communicatieplan te ontwikkelen. Hierin is naast de planning van de feitelijke voorlichting over het haalbaarheidsonderzoek ook aandacht gegeven aan mogelijke zorgen en onzekerheden bij medewerkers, ouders en/of leerlingen. Gedurende het proces zijn nieuwsbrieven verstuurd aan medewerkers. Ook is er informatie over het proces geplaatst op Wiki en intranet, waaronder ’meest gestelde vragen' en een overzicht van de tijdlijn van het proces. De schoolleiders zijn via het GMT en de MT's periodiek geïnformeerd en in ieder geval voorafgaand aan een formeel communicatiemoment.
Zij vormen naast de bestuurders ook een aanspreekpunt voor het personeel. Ouders en leerlingen zijn via een nieuwsbrief en een tijdlijn geïnformeerd over de intentieverklaring en het haalbaarheidsonderzoek naar de bestuurlijke fusie. Het plan is om de ouders en leerlingen verder te informeren ten tijde van een definitief besluit. In de nieuwsbrief van mei 2025 is aan ouders gecommuniceerd wat de route is om zorgen, adviezen ten aanzien van de bestuurlijke fusie in te brengen. De (G)MR heeft gekozen voor deze werkwijze om uitvoering te geven aan de verplichting in artikel 15 van de Wet op de Medezeggenschap om een ouderraadpleging vorm te geven.
3.4 Wijze waarop externe belanghebbenden zijn en worden betrokken Tijdens de verkenningsfase zijn de wethouders Onderwijs van gemeente Súdwest-Fryslân en gemeente De Fryske Marren uitgenodigd voor een interview over de mogelijke bestuurlijke samenwerking. Er is in dat gesprek van gedachten gewisseld over de meerwaarde van bestuurlijke samenwerking voor leerlingen en medewerkers vanuit het gezichtspunt van de gemeenten. Tijdens het haalbaarheidsonderzoek zijn de bestuurder van RSG en de voorzitter van de raad van toezicht van RSG in gesprek gegaan met de wethouder over de waarborg voor openbaar onderwijs. CVO kent een adviesraad die bestaat uit bestuurders/ondernemers uit de regio van de scholen. De functie van de adviesraad is onder andere om te dienen als maatschappelijk venster en klankbord voor het bestuur ter ondersteuning bij het bepalen van de strategische koers van de organisatie. De adviesraad wisselt twee keer per jaar uit met het CvB. Zij zijn ook geïnformeerd over de verkenning naar bestuurlijke samenwerking en het haalbaarheidsonderzoek naar de bestuurlijke fusie. De intentie is overigens om de adviesraad te laten bestaan na bestuurlijke fusie.
| 8 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H4 | Gevolgen voor personeel, ouders en leerlingen en borging van de menselijke maat 4.1 Omvang en organisatie van de rechtspersoon na fusie De nieuwe stichting vormt na de bestuurlijke fusie het bevoegd gezag van vier scholen (De Diken, Marne college, csg Bogerman en RSG Magister Alvinus). Deze scholen gaan als een scholengroep functioneren onder één bestuur van de nieuwe stichting. Het nieuwe bestuur is een samenwerkingsbestuur2 in de zin van de wet. Een samenwerkingsbestuur kan zowel bijzondere als openbare scholen in stand houden en het uitgangspunt in deze samenwerking is respect voor de verschillende identiteiten en waarborg daarvan in de statuten. De nieuwe organisatie is, net als beide huidige organisaties, een stichting met een organieke scheiding tussen bestuur en intern toezicht door middel van een college van bestuur en een raad van toezicht (two-tier-model). De rechtsvorm en het bestuursmodel zullen als gevolg van de fusie niet wijzigen.
4.1.1 Bestuur en organisatie Het bestuur van CVO bestaat momenteel uit één bestuurder. RSG kent een rector-bestuurder. De intentie is dat de gefuseerde organisatie zal starten met een collegiaal college van bestuur met twee leden. Voor het slagen van de fusie, het draagvlak en strategische rol in het proces is het van belang dat de huidige bestuurders aanblijven in de overgangs- en implementatiefase van de fusie. De bestuurders van de nieuwe samenwerkingsstichting staan open voor alle verschillende identiteiten. Op termijn is het denkbaar om te werken met een eenhoofdig bestuur. Dit is een besluit dat in de toekomst zal worden genomen door de nieuwe raad van toezicht. In de eerste opzet van de besturingsfilosofie van het beoogde nieuwe college van bestuur geeft het bestuur aan dat de nieuwe organisatie gekenmerkt wordt door een grote onderlinge samenwerking, vanuit een continue onderlinge dialoog, waarin verbondenheid tussen de scholen en korte lijnen centraal staan. Tevens is aangegeven dat rectoren, directeuren en afdelingsleiders/teamleiders integraal verantwoordelijk zijn voor de scholen en de afdelingen. Hier ontstaat de mogelijkheid voor de scholen om een eigen identiteit te ontwikkelen, een eigen kleur te ontwikkelen binnen het grote geheel. In alle lagen van de organisatie streeft het bestuur naar decentraal eigenaarschap en flexibiliteit.
Het nieuwe beoogde gemeenschappelijk managementteam (GMT) van de stichting zal bestaan uit de bestuurders, de rectoren en de directeuren. De bestuurssecretaris ondersteunt het gemeenschappelijk managementteam. De controller en medewerkers van de ondersteunende diensten van bepaalde vakgebieden sluiten op verzoek aan. De ondersteunende diensten rapporteren aan een directeur van de ondersteunende diensten. Er loopt geen hiërarchische lijn van de ’hoofden' van vakgebieden naar het CvB. Figuur 4.1. geeft inzicht in de organisatorische inrichting na de fusie. 2 Zie WVO artikel 3.16
| 9 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Als er nieuwe functies in de nieuwe organisatie ontstaan zal een functiewaardering worden uitgevoerd.
Figuur 4.1: Organisatorische inrichting na fusie
4.1.2 Intern toezicht Het intern toezicht van CVO bestaat momenteel uit een raad van toezicht met vijf leden. Het intern toezicht van RSG bestaat momenteel uit een raad van toezicht met vijf leden. De raden van toezicht van CVO en van RSG zullen vanaf de fusiedatum samen de beoogde nieuwe raad van toezicht vormen. Daarin worden commissies gevormd: een remuneratiecommissie, een auditcommissie en een commissie gericht op onderwijs en kwaliteit. De nieuwe raad van toezicht zal zich via natuurlijk verloop ontwikkelen tot de uiteindelijk gewenste omvang van vijf tot zeven leden. Dit verzekert historisch besef bij de raadsleden, wat in de harmonisatieperiode belangrijk is voor de betrokkenen. De huidige aftreedroosters worden in principe gevolgd, met oog voor passende vertegenwoordiging in de raad op basis van expertise en kwaliteiten in relatie tot de bezetting van de drie gewenste commissies. Leden van de raad zullen niet herkiesbaar zijn na de eerste zittingsperiode, tenzij dit nodig blijkt te zijn in verband met specifieke aandachtsgebieden. De besturingsfilosofie van het beoogde nieuwe college van bestuur en de daaruit voortvloeiende uitgangspunten worden onderschreven door de raden van toezicht: ^ Verantwoordelijkheden moeten helder en duidelijk in iedere laag van de organisatie belegd zijn.
^ Openheid, wisselwerking en de mogelijkheid tot sparren tussen bestuurders en rectoren/directeuren zijn essentieel. ^ Gelijkwaardigheid is een fundamenteel uitgangspunt.
4.2 Gevolgen van de fusie voor de overzichtelijkheid op locatieniveau Omdat het gaat om een fusie tussen twee stichtingen en niet om een scholenfusie verandert er in de basis weinig op locatieniveau. Het verschil kan op termijn ontstaan in de fysieke
| 10 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
aanwezigheid van alle ondersteunende diensten zoals men nu gewend is. Dit laat zich het meest voelen bij het personeel en de leerlingen van de RSG, omdat hier de ondersteunende diensten op de locatie aanwezig zijn. Binnen CVO geldt dit niet voor alle locaties, maar zijn medewerkers van de ondersteunende diensten in ieder geval in toerbeurt op de scholen aanwezig. In de besturingsfilosofie hebben de bestuurders aangegeven belang te hechten aan korte lijnen en ’nabij organiseren' waar het kan.
4.3 Gevolgen van de fusie voor de betrokkenheid van personeel, leerlingen en ouders Doordat de overzichtelijkheid, toegankelijkheid en herkenbaarheid op locatieniveau gewaarborgd blijven, wordt verwacht dat de fusie geen negatieve effecten heeft op de betrokkenheid van personeel, ouders en leerlingen. De bestuurlijke fusie verandert niets aan de wijze waarop personeel, kinderen en hun ouders bij hun school of het beleid van de organisatie betrokken willen en kunnen zijn. Getalsmatig zullen er kleine aanpassingen zijn in de betrokkenheid van het aantal ouders en leerlingen in de nieuwe gemeenschappelijke medezeggenschapsraad van de nieuwe stichting doordat meer scholen onderdeel uitmaken van deze raad.
4.4 Medezeggenschap Na de bestuurlijke fusie per 1 januari 2027 zal een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) worden ingericht op het niveau van de nieuwe stichting. Alle scholen behouden hun eigen medezeggenschapsraad voor de uitoefening van de wettelijke medezeggenschap op schoolniveau. Voor RSG betekent dit dat, naast de huidige medezeggenschapsraad, er ook een vertegenwoordiging zal zijn in de GMR van de nieuwe stichting. Voor RSG verandert daarmee de rol die leden hebben: de MR-leden buigen zich over vraagstukken op het niveau van RSG. Van de GMR leden wordt gevraagd om mee te denken op het niveau van de nieuwe stichting. De nieuwe GMR moet operationeel zijn op de fusiedatum. De omvang moet nog nader bepaald worden. De voorkeur bestaat voor een compacte en wendbare omvang van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. De huidige roosters van aftreden blijven van kracht. De besturen werken in schooljaar 2025-2026 en indien nodig van september tot en met december 2026 de structuur met de beide (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden verder uit. Het uitgangspunt is dat er vertegenwoordigers uit alle scholen binnen de stichting en van de ondersteunende dienst plaatsnemen in de raad. Hierbij wordt de wettelijke bepaling over het aantal personeelsleden, ouderleden en leerlingen gevolgd.
Tevens is belangrijk dat de leden van de GMR in staat zijn om in instellingsbelang te denken.
4.5 Gevolgen voor voorzieningen In grote lijnen is vast te stellen dat de fusie weinig gevolgen heeft voor het aanbod en de bereikbaarheid van voorzieningen en faciliteiten. De vestigingen en de huisvesting blijven zoals ze zijn. Het bestuur richt zich op het nabij organiseren en inrichten van de ondersteuning waar dat mogelijk en wenselijk is. Dit kan op termijn kleine en indirecte gevolgen hebben voor de voorzieningen in de ondersteuning van de scholen. De inrichting van de nieuwe gezamenlijke ondersteunende dienst staat vooralsnog los van de werkplekken van de medewerkers van die ondersteunende dienst op de verschillende scholen, dan wel bij de centrale dienst.
| 11 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
4.6 Gevolgen voor de arbeidsvoorwaarden en het personeelsbeleid De formatie van de scholen en de ondersteunende dienst zal conform het meerjarenbestuursformatieplan van de nieuwe stichting ingevuld worden. Bij natuurlijk verloop zal vervanging steeds beoordeeld worden in het licht van het meerjarenbestuursformatieplan. De werkgroep HRM heeft op hoofdlijnen een vergelijking gemaakt van de secundaire arbeidsvoorwaarden, de werkprocessen en de functiebouwhuizen van beide organisaties. ^
^
^
^
^
Op 1 januari 2027 komen alle personeelsleden van stichting CVO Zuid-West Fryslân en stichting RSG Magister Alvinus in dienst van de nieuwe stichting. Dit betekent dat alle medewerkers automatisch overgaan met behoud van alle rechten en plichten. Er vallen geen gedwongen ontslagen als gevolg van de bestuurlijke fusie op 1 januari 2027. Alle medewerkers behouden de eigen functie bij de start op 1 januari 2027. Mogelijk zijn er in de loop van de tijd aanpassingen nodig in het takenpakket of de invulling van bestaande taken voor medewerkers in functies in de ondersteunende diensten. Na de fusie zal gestart worden met het harmoniseren van het functiebouwwerk. Ook in de toekomst zal het functiehuis van de nieuwe organisatie periodiek geëvalueerd worden omdat taken en functies in de loop van de tijd veranderen. Ten behoeve van de fusie is het noodzakelijk om een aantal werkprocessen en werkwijzen te harmoniseren of samen uit te werken, omdat het in beide organisaties nog niet naar tevredenheid is uitgewerkt. Dit betreft in ieder geval het formatieproces en -beheer, het beleid aangaande de functiemix en het LPB-beleid. Een gezamenlijke visie op HR is voorwaardelijk om deze uit te kunnen werken. De voorbereiding op deze harmonisatie kan plaatsvinden vanaf het moment dat er een instemming is vanuit de medezeggenschap en goedkeuring vanuit de raden van toezicht.
De werkgroep heeft een overzicht gemaakt van welke harmonisatie gerealiseerd moet zijn voor de daadwerkelijke fusiedatum en welke in de periode na de realisatie van de fusie kunnen worden geharmoniseerd. Voor de primaire arbeidsvoorwaarden is de cao leidend. Er zijn geen grote verschillen tussen de secundaire arbeidsvoorwaarden van de fuserende onderwijsstichtingen. De verschillen zijn gesignaleerd in de wijze waarop reiskosten berekend en uitgekeerd worden, de telefoonregeling, vergoedingen voor fietsen, sporten, of hulpmiddelen, de lief-en-leed-regeling, et cetera. In de harmonisatiefase worden deze verschillen uitgewerkt in een gezamenlijk voorstel. Het streven is om de arbeidsvoorwaarden op zo'n manier te harmoniseren dat er sprake is van een gebalanceerd en betaalbaar totaalpakket. De personele gevolgen worden ook besproken met de vakbonden. Als de interne besluitvorming is afgerond zullen de vakbonden opnieuw worden geïnformeerd. Afspraken over personele gevolgen zullen in het Decentraal Arbeidsvoorwaardenoverleg met de vakbonden bevestigd worden door middel van een akkoord.
| 12 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H5 | Effecten van de fusie op keuzevrijheid, diversiteit en bereikbaarheid 5.1 Effecten van de fusie op de keuzevrijheid De fusie tussen CVO en RSG is erop gericht om de bestaande keuzevrijheid voor leerlingen, ouders en verzorgers en medewerkers te behouden. De besturen hechten veel waarde aan de kracht van verscheidenheid van beide organisaties. De diversiteit aan identiteiten en tradities geeft kleur aan het geheel en biedt aan iedere leerling en medewerker een thuis. Zowel de waarborg voor openbaar onderwijs als de waarborg voor de identiteit van het bijzonder onderwijs zullen in de statuten een plek krijgen.
5.2 Effecten van de fusie op de diversiteit De besturen willen zoveel mogelijk al het goede op de bestaande scholen behouden. De scholen van CVO en RSG zijn gevestigd in een krimpregio en hebben te maken met een dalende beroepsbevolking en een dalend aantal leerlingen. De eerste en wettelijke opdracht is het bieden van een breed, gevarieerd en rijk onderwijsaanbod voor leerlingen. Dat betekent dat de nieuwe stichting streeft naar een breed aanbod van profielen en vakken en behoud van de bestaande locaties ten behoeve van thuisnabij onderwijs. Daarnaast zijn de besturen van mening dat extra curriculair onderwijsaanbod en onderwijsvernieuwing bereikbaar moet zijn voor iedereen en streeft men ernaar dit in de gefuseerde stichting te verdelen over alle locaties. Deze ambities zijn voor CVO en RSG beter waar te maken in samenwerking dan in concurrentie.
5.3 Effecten van de fusie op de spreiding van de onderwijsvoorzieningen in de regio Omdat het hier een fusie tussen beide stichtingen betreft en geen scholenfusie, heeft de fusie geen gevolgen voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de onderwijsvoorzieningen in de regio. De bestuurlijke fusie is juist bedoeld om een rijk en thuisnabij onderwijsaanbod en kwalitatief hoogwaardig onderwijs in de regio blijvend te garanderen. De samenwerking wil het hoofd bieden aan de regionale uitdagingen die gepaard gaan met een dalende beroepsbevolking en een dalend aantal leerlingen. Door bestuurlijke krachtenbundeling ontstaan betere condities voor het behoud van het onderwijsaanbod.
| 13 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H6 | Kosten en baten van de fusie 6.1 Financiële kosten en baten De bestuurlijke fusie heeft als primair doel het behoud van het huidige onderwijsaanbod in de voedingsgebieden van de twee fusiepartners. Er zijn geen doelmatigheidsambities gekoppeld aan de bestuurlijke fusie anders dan een toekomstbestendige bedrijfsvoering te waarborgen. Dit neemt niet weg dat er (op termijn) synergievoordelen te behalen zijn. De indirecte kosten van CVO en RSG liggen op dit moment grotendeels met elkaar in lijn en beide in dezelfde verhouding tot de rijksbijdrage. De overheadkosten zijn vergelijkbaar, zowel op financieel gebied als op het gebied van de fte-inzet bij de verschillende functies. Meerjarenbegroting Hieronder volgt een geconsolideerde meerjarenbegroting, om inzicht te geven in de kosten en baten van de fusie op de lange termijn. Deze is gebaseerd op de meerjarenbegrotingen van CVO en RSG van 2025-2028 (zie bijlage 1): Begroting geconsolideerd Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
70,807,552
68,829,857
66,934,167
65,347,815
399,258
380,964
365,363
365,446
Overige baten
1,739,580
1,755,491
1,685,437
1,617,149
Totaal baten
72,946,391
70,966,312
68,984,967
67,330,411
52,447,729
Rijksbijdrage OCW Overige overheidsbijdragen
Personele lasten
58,733,466
56,063,077
54,164,049
Afschrijvingen
1,630,700
1,629,000
1,612,800
1,594,700
Huisvestingslasten
4,642,693
4,478,193
4,433,793
4,426,093
Overige instellingslasten
11,783,258
11,185,404
10,685,824
10,094,890
Totaal lasten
76,790,116
73,355,674
70,896,466
68,563,412
Saldo van baten en lasten (exclusief financiële baten en lasten)
-3,843,725
-2,389,362
-1,911,499
-1,233,000
979,800
989,300
989,800
990,000
-2,863,925
-1,400,062
-921,699
-243,000
Financiële baten en lasten
Saldo van baten en lasten (inclusief financiële baten en lasten)
Kengetallen De organisaties kennen de volgende financiële kengetallen die de inspectie hanteert voor de signalering van mogelijke financiële risico's (kengetallen 2024): Inspectienorm
CVO
RSG
Solvabiliteit 2
> 300Zo
70,20Zo
73,10Zo
Liquiditeit/ current ratio
> 0,75
2,7
2,9
Omvang liquide middelen
> 100.000
19.400.000
11.335.904
| 14 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Het due diligence rapport3 laat zien dat de financiële positie van zowel CVO als van RSG per 31 december 2024 gezond is en voldoet aan de minimum-signaleringsgrenzen van de Inspectie van het Onderwijs. Wijzigingen door de fusie Door de bestuurlijke fusie zijn de volgende wijzigingen te verwachten in kosten en baten van de fusie op de korte en lange termijn, zoals: ^ uitbreiding van college van bestuur (tijdelijk, zie paragraaf 4.1.1.); ^ aanstelling van een rector bij RSG (door splitsing van de functie rector-bestuurder en een verschuiving naar het college van bestuur; er ontstaat een vacature voor rector); ^ besparing van één directeur ondersteunende diensten; ^ besparing vanwege het opleveren van één jaarverslag en één accountantscontrole; ^ er verdwijnt een raad van toezicht door de samenvoeging; ^ nieuwe licentieafspraken AFAS onder mogelijk gunstiger voorwaarden. Incidentele kosten fusie Voor het fusietraject en de bestuurlijke integratie worden incidenteel extra kosten gemaakt, zoals de kosten voor de notaris, de procesondersteuning, het due-diligence-onderzoek, het opstellen van de fusie-effectrapportage en kosten voor de integratie van verschillende systemen en werkprocessen. Deze kosten worden in kaart gebracht en opgenomen in de reguliere begroting van de organisaties.
6.2 Financiële risico's In het due diligence rapport worden een aantal aandachtspunten benoemd die gelden voor beide organisaties: ^ Er is bij beide organisaties sprake van mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen. Gezien de verwachte verliezen in de komende jaren zal dit bovenmatig vermogen naar verwachting vanzelf verdwijnen, door afname van de bestemmingsreserves, zoals opgenomen in de meerjarenbegrotingen. Ondanks deze verliezen zal de financiële positie naar verwachting blijven voldoen aan de signaleringsgrenzen. • Een mogelijke boekwaarde die vervroegd moet worden afgeschreven bij het verlaten van de gebouwen in Sneek als er sprake is van nieuwbouw op een unilocatie. ^ Vanwege de krimp van het aantal leerlingen en het wegvallen van bepaalde subsidies (zoals NPO) zal de komende jaren bezuinigd moeten worden. De bezuinigingsopdracht is forser bij RSG, waarbij vooral formatieve fricties goed bewaakt moeten worden. ^ De relatie tussen de voorziening groot onderhoud en de verwachte nieuwbouw, waarbij de organisaties uitgaan van een verschillend stopjaar. Bij CVO is dit ook een aandachtspunt voor de locatie in Balk. ^ Relatief kleine verschillen in de secundaire arbeidsvoorwaarden.
6.3 Niet-financiële kosten en baten Een fusieproces veroorzaakt in de organisaties altijd enige onrust gedurende het harmonisatieproces. Met name de medewerkers bij de ondersteunende diensten krijgen te
3 Rapportage due diligence onderzoek CVO ZWF en RSG MA datum 08/10/2025
| 15 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
maken met een korte periode van ervaren onzekerheid. In een vroeg stadium is aandacht nodig voor de impact van de bestuurlijke fusie op de medewerkers van deze afdelingen. De belangrijkste opbrengsten van de bestuurlijke fusie zijn niet goed te kwantificeren in geld. Het hoofddoel van de fusie is hierboven al benoemd. Door een bestuurlijke krachtenbundeling ontstaan betere condities voor: ^ het behoud van een breed, gevarieerd en rijk aanbod voor leerlingen; ^ goed en aantrekkelijk werkgeverschap, ten behoeve van het versterken van professionalisering van medewerkers en het aanpakken van uitdagingen op het gebied van lerarentekort; ^ optimale bedrijfsvoering, waardoor een goede ondersteuning van de scholen en bestuurders behouden of zelfs versterkt kan worden; ^ het verstevigen van de bestuurlijke slagkracht, ook in de samenwerking in de regio.
| 16 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H7 | Evaluatie van de fusie Na de fusie zal met name op stichtingsniveau gekeken worden naar de realisatie van de beoogde doelen die in paragraaf 2.6 zijn beschreven. Deze zijn een vast onderdeel van de gesprekken tussen het college van bestuur en de raad van toezicht. Het college van bestuur zal ook de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) in deze evaluatie betrekken. Het bestuur van de nieuwe stichting monitort vier jaar lang de effecten van de bestuurlijke fusie aan de hand van de beoogde doelen. Deze evaluatie wordt tot 2030 opgenomen in een aparte paragraaf in het bestuursverslag.
| 17 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
H8 | Advies gemeenten Advies van burgemeester en wethouders De adviezen van de Colleges van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân en gemeente De Fryske Marren worden hier na ontvangst toegevoegd.
| 18 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Bijlage 1 | Meerjarenbegrotingen CVO en RSG Begroting CVO Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
50,039,752
49,542,757
48,820,367
47,665,915
230,958
230,964
230,863
230,946
Overige baten
1,103,380
1,100,791
1,097,037
1,094,449
Totaal baten
51,374,091
50,874,512
50,148,267
48,991,311
Personele lasten
36,638,729
Rijksbijdrage OCW Overige overheidsbijdragen
39,618,566
39,048,177
37,933,749
Afschrijvingen
1,171,500
1,171,500
1,171,500
1,171,500
H u i svesti ngs la sten
3,591,593
3,611,593
3,611,593
3,611,593
Overige instellingslasten
9,115,958
8,930,404
8,791,424
8,269,490
Totaal lasten
53,497,616
52,761,674
51,508,266
49,691,312
Saldo van baten en lasten (exclusief financiële baten en lasten)
-2,123,525
-1,887,162
-1,359,999
-700,000
700,000
700,000
700,000
700,000
-1,423,525
-1,187,162
-659,999
-0
Financiële baten en lasten
Saldo van baten en lasten (inclusief financiële baten en lasten)
Begroting RSG
Rijksbijdragen
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2025
2026
2027
2028
17,681,900
20,767,800
19,287,100
18,113,800
Overige overheidsbijdrage
168,300
150,000
134,500
134,500
Overige baten
636,200
654,700
588,400
522,700
Totaal baten
21,572,300
20,091,800
18,836,700
18,339,100
Personeelslasten
19,114,900
17,014,900
16,230,300
15,809,000
459,200
457,500
441,300
423,200
H u i svesti ngs la sten
1,051,100
866,600
822,200
814,500
Overige instellingslasten
2,667,300
2,255,000
1,894,400
1,825,400
Totaal lasten
23,292,500
20,594,000
19,388,200
18,872,100
Resultaat voor financiële baten en lasten
-1,720,200
-502,200
-551,500
-533,000
279,800
289,300
289,800
290,000
-1,440,400
-212,900
-261,700
-243,000
Afschrijvingen
Financiële baten en lasten
Resultaat na financiële baten en lasten
| 19 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
Bijlage 2 | Infographic
| 20 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC
BMC Databankweg 26D 3821 AL Amersfoort Postbus 490 3800 AL Amersfoort (033) 496 52 00 info@bmc.nl www.bmc.nl KvK BMC Advies 32078667 IBAN NL91ABNA0504035754 BTW NL80.86.63.598 B.01
Colofon 09 oktober 2025 Classificatie
Intern gebruik
Namen adviseurs
^ ^
Projectnummer
PO045284
J.J. (Joukje) Jurjens MA mr. D.A. (Dineke) Van der Hulst
\
r
Kijk voor meer info op onze website: bmc.nl j
| 21 | Fusie-effectrapportage: CVO Zuid-West Fryslân en RSG Magister Alvinus
BMC