8. TV RAAD PvdA - antwoorden
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie
: :
Aagje Bouwhuis PvdA
Datum
:
9 maart 2023
Agendapunt
:
Actualisatie ‘Verordening bijdrageregeling Minima’
Onderwerp
:
Bijdrageregeling Minima nieuwe stijl
Raad
Voorstel bijdrageregeling Minima nieuwe stijl ‘De voorwaarden blijven gelijk evenals het percentage van 120%. We willen daarnaast voorstellen het begrip sociaal minimum aan te passen naar de Participatiewet. Sinds 1 januari 2015 is namelijk de Participatiewet van kracht. De Participatiewet vervangt onder andere de Wet werk en bijstand (WWB). Na de invoering van de Participatiewet in 2015 zijn de minimaregelingen niet geheel meegegaan met de veranderingen. Dit heeft ertoe geleid dat we tot op de dag van vandaag nog de afwijkende percentages voor alleenstaande ouders van voor 2015 hanteren in onze Actualiseren Verordening bijdrageregeling Minima 9 maart 2023 minimaregelingen. Doordat dit nooit is aangepast hebben alleenstaande ouders al die jaren een voordeel genoten ten opzichte van alleenstaanden en gehuwden. Alleenstaande ouders zijn echter wel vanuit de toeslagen gecompenseerd (kindgebonden budget). Met dit voorstel willen we dit verschil recht trekken (wel met een overgangsjaar).’
1.
Betekent het recht trekken dat een deel van de alleenstaande ouders - alleenstaande ouders die inkomen hebben uit bijvoorbeeld werk of andere componenten anders dan de Paraticipatiewet, waardoor hun inkomen hoger is - die nu wel in aanmerking komt voor de minimaregeling volgend jaar mogelijk niet meer in aanmerking komt voor de minimaregeling? Antwoord: Ja, dat klopt. *Berekening met normen 1 januari 2023 Een alleenstaande ouder heeft in de nieuwe verordening recht op de Minimaregeling als ze met hun totaalinkomen onder de 1434,79 uitkomen. Alleenstaande ouders die voorheen een inkomen hadden van 1435,79 tot en met 1844,72 komen nu niet meer in aanmerking voor de regeling. Dat is nu weer gelijk met de normen uit de PW (artikel 21). Voor de Minimaregeling dus 120% van deze normen.
Het kindgebonden budget heeft niets te maken met het recht op de (toegang) tot de Minimaregeling, maar wel met terugval in inkomen. Wanneer een alleenstaande ouder voor 2015 een PW uitkering kreeg, was dat 90% en dus een uitkering van 1844,72*.
Na 2015 is de PW uitkering voor een alleenstaande 1434,79* geworden. Dat zou betekenen dat alleenstaande ouders 1844,72-1434,79 = 409,93* minder kregen aan uitkering en dus een aanzienlijke terugval in inkomen. Dit heeft de wetgever opgelost door een compensatie vanuit de Belastingdienst. Deze compensatie heet ‘de alleenstaande ouderkop’(ALO-kop) en wordt doorberekend in het kindgebonden budget. Hiermee hebben alleenstaande ouders nog steeds evenveel te besteden. De ALO kop vult het inkomen uit PW (of ander minimuminkomen) aan tot ongeveer gelijk niveau van 1844,72*. Kindgebonden budget Het kindgebonden budget is geen middel voor de Participatiewet en wordt niet meegenomen bij de beoordeling en de hoogte van het inkomen. Het is dus niet logisch dat alleenstaande ouders met een hoger inkomen dan alleenstaanden recht hebben op de Minima. Ze komen dus langer in aanmerking voor de Minima op basis van hun inkomen en krijgen ook de aanvulling van inkomen uit de ALO kop. Wanneer de inwoner huurtoeslag, zorgtoeslag of kinderopvangtoeslag heeft, dan krijgt de inwoner automatisch van de belastingdienst kindgebonden budget (als hij/zij recht heeft). Dit geldt ook voor de ALO-kop. Hier hoeft de inwoner niets voor te doen. Het merendeel van de inwoners heeft een toeslag en hoeft dit dus niet aan te vragen.
Wij controleren standaard of de inwoner er recht op heeft en dit ook daadwerkelijk ontvangt. Zowel kindgebonden budget, kinderopvangtoeslag, huurtoeslag en zorgtoeslag zijn geen middelen (inkomen) voor de bijstand. Ze worden dus niet van de norm afgetrokken als inkomen.
2.
Zo ja om hoeveel ouders gaat dit dan? Graag aantal. Antwoord: Het precieze aantal kunnen we niet uit onze systemen halen, omdat we niet registreren op leefvorm. Door data Fryslân is berekend dat de alleenstaande ouders boven de 120% ongeveer 4% van het totale aantal toekenningen is.
3.
Wanneer wij dit raadsvoorstel in deze vorm aannemen, krijgen wij dan voor de wijziging bijdrageregeling Minima nieuwe stijl 2024 nog een apart voorstel? Antwoord: Nee, in artikel 1 lid 2 sub d van de verordening is bepaald dat deze afwijkende norm alleen nog geldt voor het overgangsjaar 2023. Vanaf 2024 is dit artikel niet meer van toepassing en geldt artikel 1 lid 2 sub c van de verordening. Er hoeft dan geen nieuw voorstel meer richting de Raad.
4.
Wat is het drempelbedrag voor alleenstaande ouders nu? € 1844,72 En wat wordt het uiteindelijke bedrag na het recht trekken? € 1434,79 We zien graag een overzicht voor de volgende groepen. 1. Alleenstaande 2023 2. Alleenstaande ouder 2023 3. Gehuwden of samenwonenden 2023 4. Alleenstaande 2024 (nieuwe stijl) 5. Alleenstaande ouder 2024 (nieuwe stijl) 6. Gehuwden of samenwonenden 2024 (nieuwe stijl)
Antwoord:
*We zijn uitgegaan van de normen die nu gelden. In juli en januari worden de normen tweejaarlijks geïndexeerd, maar dit percentage weten we nu nog niet.