CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

8. TV RAAD GL - antwoorden

Raadsvergadering 27 februari 2025, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Helberheidsûndersyk projekt VO-campus1.831 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie

: :

Idske Koopmans GrienLinks Sudwest-Fryslan

Datum

:

20 februari 2025

Agendapunt

:

8.

Onderwerp

:

Haalbaarheidsonderzoek VO-campus

Commissievergadering/Raad

1.

a.Het beoogde haalbaarheidsonderzoek richt zich in eerste instantie op de nieuw te bouwen campus, locatie spoorzonegebied/RSG Sneek, benodigd voor het IHP en de verdere uitwerking van de Regiodeal? Is dit juist? Antwoord: Het college wil zowel de herontwikkeling van het spoorzonegebied als de mogelijkheid voor realisatie van een campus integraal beschouwen om de raad een weloverwogen keuze over het gebied en over mogelijke realisatie van een campus voor te kunnen leggen. Het onderzoek richt zich niet uitsluitend op de huisvesting voor het voortgezet onderwijs. Een nieuwe campus is veel compacter dan de huidige onderwijsgebouwen. Nieuwbouw biedt grote kansen voor woningbouw op de vrijkomende locaties en voor multifunctioneel (ruimte)gebruik. Het onderzoek richt zich op een integrale benadering waarbij de mogelijkheden in beeld worden gebracht voor onderwijs, wonen en het openbaar gebied. Voor het IHP wordt gerekend met de stichtingskosten op basis van normbedragen. Daar komen de locatiegebonden kosten nog bij. Voor basisscholen wordt in het IHP gerekend met een standaardbedrag voor locatiegebonden kosten. Omdat het bij het voortgezet onderwijs om een grotere ontwikkeling gaat biedt een standaardbedrag onvoldoende houvast. Met het beoogde onderzoek kunnen ook deze kosten goed in beeld worden gebracht. Voor de Regiodeal zijn projecten aangedragen onder de pijler voorzieningen.

De projecten zijn in nauwe samenwerking met maatschappelijke partners ontwikkeld (scholen, CKS, bibliotheek, Technolab, sportverenigingen). Ervaringen die worden opgedaan zijn nuttig bij het ontwikkelen van een campus. Het haalbaarheidsonderzoek richt zich niet specifiek op de uitwerking van de Regiodeal. b.Wat is de status eigenlijk van het IHP? En is er al overeenstemming in het OOGO? Zo nee, waar liggen nog de knelpunten? Antwoord: Op 19 maart a.s. is een OOGO gepland. Naar verwachting wordt dan de eindversie besproken. De benodigde financiën in combinatie met de opgave en het tijdspad zijn nog onderwerp van gesprek.

c.In het dictum staat verwoord “een krediet tot een bedrag van 250.000,== beschikbaar te stellen voor de jaren 2025 en 2026 voor de verdere uitwerking van de businesscase waarin de baten en lasten op de beoogde locatie in het spoorzonegebied inzichtelijk worden gemaakt”. Met deze specificieke locatie aanduiding lijkt op essentiele onderdelen alvast te worden voorgesorteerd. Deze specifieke locatie heeft invloed op de nog voor de raad (qua inhoud) onbekende IHP, de projectplannen van de Regiodeal, maar ook de gebiedsontwikkeling Veemarkttererrein/ Spoorzonegebied en de visie van Sneek. Op basis van welke informatie is deze voorkeurslocatie keuze gemaakt? Antwoord: Bij de overwegingen hebben de volgende zaken een rol gespeeld: • Nabijheid openbaar vervoer is essentieel voor onderwijs • Nieuwbouw van de scholen leidt tot veel compactere gebouwen en multifunctioneel (ruimte)gebruik. Vrijkomende panden en percelen kunnen herbestemd/herontwikkeld worden voor wonen. Tevens kan de campus als katalysator werken voor een grootschalige herstructuring voor een gebied waarvoor veel optimalisatie en verdichtingskansen liggen.

Met de herstrurering kan een groot deel van het woningbouwprogramma voor Sneek gerealiseerd worden, op een locatie die aansluit bij de beoogde doelgroepen (één en twee persoons huishoudens die vaak afhankelijk zijn van de nabijheid bij OV en voorzieningen) • Een onderwijscampus tussen voorzieningen en mobiliteitshub heeft een positieve invloed op de vitaliteit en leefbaarheid van de Spoorzone, de Binnenstad, Sneek en de hele gemeente. • De gemeente heeft grondpositie in een heel groot deel van het gebied d.Waarom wordt bijvoorbeeld de locaties van de Bogerman aan de Hemdijk niet als volwaardige onderzoekslocatie meegenomen in dit haalbaarheidsonderzoek (bredere opzet)? Immers op deze wijze kan inzichtelijk worden gemaakt welke maatschappelijke kosten en baten, alsmede financiele vooren nadelen, er zijn bij de verschillende scenario’s (vb. scenarios: 1.geen samenvoeging, maar nieuwbouw locatie RSG en Hemdijk, 2.geen samenvoeging, maar renovatie locatie RSG en Hemdijk, 3.wel samenvoeging, nieuwbouw Campus locatie RSG 4. Wel samenvoeging, nieuwbouw campus locatie Hemdijk)? Antwoord: In het haalbaarheidsonderzoek zullen we verschillende alternatieven meenemen; ook de hierboven genoemde varianten.

e.Wordt er dan nog een apart haalbaarheidsonderzoek verricht naar (de potentie) van het onderwijsvastgoed van de locaties aan de Hemdijk te Sneek, zoals Bogerman college Hemdijk 2 en 47? Of is hier al onderzoek naar verricht? En is/wordt de potentie van bijv. zusterflat ook meegenomen? Antwoord: Dit is ook een onderdeel van het beoogde haalbaarheidsonderzoek. f.Op welke wijze worden de ontwikkelingen van het ziekenhuis(vastgoed) meegenomen? Immers de ontwikkeling(en) van het onderwijsvastgoed aan de Hemdijk kunnen ook koppelkansen voor de (nieuwbouw) locatie van het ziekenhuis betekenen? In welk (haalbaarheids)onderzoek zien wij dit terug? Antwoord: Koppelkansen kunnen worden meegenomen in het haalbaarheidsonderzoek. De ziekenhuislocatie is geen onderdeel van het onderzoek. Overigens heeft de gemeente hier geen grondpositie. g.Tijdens de commissie BF werd duidelijk dat dit haalbaarheidsonderzoek voor de eventuele campus, ook noodzakelijk is voor de gebiedsontwikkeling van de Veemarkt en de visie van Sneek. Graag aangeven welke aspecten van dit haalbaarheidsonderzoek de gebiedsontwikkeling van de Veemarkt en de visie van Sneek raakt. Antwoord: Beoogd wordt een integrale benadering; alle aspecten die worden onderzocht raken direct aan de gebiedsontwikkeling Spoorzone en de visie Sneek. (zie ook afdoening van de schriftelijke toezegging)

h.Op dit moment wordt er intern heel hard gewerkt aan heel veel losse maar belangrijke puzzel stukjes, zoals bijv. de campus Sneek, de sportvoorzieningen, het ziekenhuis et cetera. Hoe wordt ervoor gezorgd dat wij als raad inzicht krijgen en houden in de gehele puzzel (integraal verhaal) ten behoeve van Sneek en zelfs Súdwest-Fryslân? Graag een tijdspad van dit gehele proces met hoe en wanneer de raad wordt geinformeerd? Antwoord: Er zijn inderdaad veel ontwikkelingen op alle genoemde domeinen. En de complete puzzel is zeker nog niet gelegd. Het haalbaarheidsonderzoek speelt daarin een belangrijke rol. Daarom is ook toegezegd om uw raad mee te nemen in de opzet van het onderzoek. Tijdens het onderzoek zal uw raad op sleutelmomenten geconsulteerd worden. Het haalbaarheidsonderzoek loopt in 2025 en 2026. Een exacte planning van het onderzoek, met daarbij inzicht in de relatie met bijvoorbeeld de visie Sneek en het ziekenhuisdossier (en de planningen op die dossiers) willen we bespreken op een informerende bijeenkomst. Verder is het zo dat in ieder project aandacht is voor de relatie daarvan met andere projecten, programma’s en ontwikkelingen in het gebied. Per voorstel wordt aandacht geschonken aan deze onderlinge samenhang en verbinding. Daarnaast informeren wij de raad actief over Ruimtelijke processen.

Zo bent u recentelijk door ons geinformeerd over de Ruimtelijke strategie Sneek en de daaronder vallende Omgevingsprogramma’s. Zie https://sudwestfryslan.nl/wp-content/uploads/2025/02/Actieve-informatie-I-Update-proces-enplanning-Ruimtelijke-Strategie-Sneek.pdf

2.

De eventuele komst van een campus maakt deel uit van onze Regiodeal. Van de site van de rvo over de Regiodeal (https://www.rvo.nl/subsidies-financiering/regiodeals/veelgestelde-vragen), “Regionale overheden die een voorstel indienen moeten een financiële bijdrage leveren die past bij de opgaven en de draagkracht van de regio. Een bijdrage van 50% is hierbij het uitgangspunt. De regio moet in hun voorstel aangeven hoe groot hun eigen bijdrage is en hoe ze deze onderbouwen. Deze bijdrage kan van zowel publieke als private partijen komen. Bij regionale publieke financiering mag de bijdrage niet afkomstig zijn uit specifieke Rijksuitkeringen, opdrachten of subsidies. Voor regionale private financiering, zoals bijdragen van onderwijsinstellingen, geldt deze regel niet. Deze bijdragen kunnen wel uit een Rijksubsidie komen, maar de regionale partijen moeten ervoor zorgen dat ze de subsidie gebruiken volgens de voorwaarden. Dit geldt ook voor Europese middelen als regionale financiering. Daarnaast kan regionale financiering ook in natura zijn, zoals eigen arbeid, diensten of goederen. Voor de waarde van deze bijdrage kan men uitgaan van de gebruikelijke waarde van de zaak of dienst.” a.In het vorige raadsvoorstel wordt voorgesteld om 2,5 miljoen euro van het Ontwikkelfonds vanuit de Regiodeal te activeren.

Dit haalbaarheidsonderzoek ad 250.000 euro wordt niet betaald uit dit bedrag van de Regiodeal? Graag uitleg. Antwoord:

Voorgesteld wordt het haalbaarheidsonderzoek te financieren uit het Ontwikkelfonds en niet vanuit de Regiodeal omdat de onderwijshuisvesting en het ontwikkelen van ruimtelijke plannen behoren tot de kerntaken van de gemeente. Voor de Regiodeal zijn projecten aangedragen waarin partners participeren en mede-verantwoordelijk zijn voor de uitvoering. Vanuit de regiodeal willen we projecten uitvoeren die gaan over toekomstbestendig voortgezet onderwijs en in aanloop naar de realisatie van de fysieke campus plaatsvinden. Mocht de realisatie van de fysieke campus niet haalbaar zijn, dan zijn toch de effecten groot: de projecten dragen bij aan de kansengelijkheid van de jongeren, de samenwerking met het bedrijfsleven en de participatie van jongeren.

b.In het raadsvoorstel staat “Omdat de financiering via het gemeentefonds ontoereikend is, wordt onderzocht of opbrengsten uit de gebiedsontwikkeling bij kunnen dragen aan de investering in de campus”. Met andere woorden de financiele opbrengsten voor de gebiedsontwikkeling van de Spoorzonegebied/Veemarkt zijn noodzakelijk voor de bouw van de campus, klopt dit? Antwoord: Het college wil onderzoeken of opbrengsten uit de gebiedsontwikkeling een positieve bijdrage kunnen leveren. Het is niet per definitie zo dat de campus zonder deze opbrengsten niet gefinancierd kan worden. Daarover beslist de raad. Vanuit het Rijk hoeven we niet te rekenen op extra middelen, zie https://www.binnenlandsbestuur.nl/ruimte-en-milieu/kabinet-weigert-extra-financiering-voor-verouderdeschoolgebouwen?tid=TIDP9713031XD8EEB57CFA1C4107ACE8CA2BBA1ACC98YI5&utm_campaign=BB_N B_Dagelijks&utm_medium=email&utm_source=binnenlandsbestuur&utm_content=2841_11-02-2025 Graag meer context wat met deze belangrijke zinsnede in het raadsvoorstel wordt bedoeld (inclusief risico’s)? En wordt hier ook expliciet aandacht aan besteed in het haalbaarheidsonderzoek?

Antwoord: Dit is een belangrijk onderdeel van het onderzoek. Het goed in beeld brengen van de hele puzzel, inclusief plussen, minnen, onderzoeken en risico’s vraagt een arbeidsintensief onderzoek.

c.SWF draagt dus 6,7 miljoen euro bij aan de Regiodeal. Dit bedrag hoeft (in samenhang met de kansrijke sporen ad het resterende bedrag voor de co-financiering ad 4,2 miljoen) zo lezen we op de site van de rvo niet alleen publieke gelden te zijn. Op welke wijze dragen de private partijen, ook zijnde de onderwijsinstellingen, financieel bij (in euro’s danwel natura) aan de plannen van de eventuele projectplannen van de Regiodeal zijnde in dit geval de campus, sporthal en gebiedsontwikkeling? Worden hier al geprekken over gevoerd? En hoe verlopen deze gesprekken? Antwoord: Dit is nog onderwerp van gesprek. De gesprekken zijn tot nu toe prima verlopen.

d.Wanneer krijgt de raad (inhoudelijk) inzicht in (het geheel van) deze projectplannen en de verdeling van de financiering daarvan? Antwoord: Deze vragen worden beantwoord bij de vragen over punt 6 van de agenda: ontwikkelfonds.

e.Op welke wijze zijn andere fondsen/middelen betrokken bij de komende projectplannen afkomstig van de Regiodeal, zoals de de Woningbouwimpuls, het Volkshuisvestingfonds, het Transitiefonds Landelijk Gebied en Natuur, het Regionale Investeringsfonds mbo, Gezonde Groene Leefomgeving (PGGL)? Antwoord: Op projectniveau zal altijd worden gekeken of er mogelijkheden liggen subsidies te koppelen. In de actieve infos (zie ook beantwoording vragen regiodeal) zal waar dat relevant is worden ingegaan op subsidies. Vaak zal dit ook onderdeel zijn van verdere uitwerking.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15199708/1