CConstaterende datSudwest Fryslan
Koppel je AI →
Document · PDF

6. TV Raad D66 I antwoorden

Raadsvergadering 14 november 2024, gemeente Sudwest FryslanBij agendapunt: Programmabegrutting 2025 en mearjierrenrûzing 2026-20281.081 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie

:Mare de Vries :D66

Raad

:14 november 2024

Datum

:4 november 2024

Agendapunt

:6

Onderwerp

:PB 2025 en meerjarenraming 2026-2028

1.

In de technische vragen van de CDA wordt gevraagd of de belasting nu met 4,3 procent wordt geindexeerd, of met 2,3 geindexeerd en met 2 procent verhoogd. Het blijkt het laatste. Wat is hier de overweging achter? Waarom 2 procent? Antwoord: De 2,3% is het percentage dat is vermeld in de Meicirculaire als indexcijfer Bruto Binnenlands Product. De hoogte van 2% extra is een politieke afweging tussen enerzijds de financiële uitdaging die op de gemeente af komt (ravijnjaar) en anderzijds hetgeen is opgenomen in het Coalitieakkoord: “Geen verhoging van woonlasten, alleen met ten hoogste inflatiecorrectie”.

2.

Hoe hoog was de indexatie in de begroting van 2024? Waarom was deze hoger of lager dan voor de huidige begroting? Antwoord: De indexatie in de begroting 2024 was 7%. Voor een toelichting op dit percentage en de overwegingen destijds, verwijzen we naar de toelichting onder punt 4 op pagina 76 van de Programmabegroting 2024: “Elk jaar indexeren we de belastingen met het inflatiepercentage, zoals genoemd in de Meicirculaire (prijsmutatie BBP). Voor 2024 is dat ingeschat op 3%. Ook voor 2023 was dit ingeschat op 3%, maar in werkelijkheid was de inflatie in 2023 veel hoger. Onze adviseur die de Meicirculaire doorrekent, geeft aan dat gemeenten eigenlijk met 7% indexatie hadden moeten rekenen, om op hetzelfde voorzieningenniveau te kunnen blijven. We merken dit nu ook in deze begroting. De indexaties van bijvoorbeeld de subsidiebedragen, de indexaties Sociaal Domein, de stijging van de energieprijzen en de loonsomontwikkeling zijn veel hoger dan normaal. We stellen daarom voor om in de begroting 2024 uit te gaan van een indexatiepercentage van 7% voor onze belastinginkomsten. We vinden dit verantwoord, omdat de gemiddelde indexatie die we aan de kostenkant doorrekenen nog hoger is.”

3.

Als we de krant open slaan dan zien we hogere inflatiecijfers (7-10 procent). Hoe verhoudt dit zich tot de 2,3 procent waar nu voor gekozen is? Antwoord: De 2,3% is het percentage dat is vermeld in de Meicirculaire als indexcijfer Bruto Binnenlands Product. In principe is dat het uitgangspunt om te hanteren als indexatie In de Meicirculaire is de volgende toelichting vermeld bij de indexcijfers: Het is van belang dat gemeenten in hun ramingen rekening houden met de loon- en

prijsontwikkelingen. Om gemeenten, die niet beschikken over eigen loon- en prijsindexen, te faciliteren bij het omgaan met nominale ontwikkelingen is tabel 4.2.2 opgenomen. De tabel bevat een aantal loon- en prijsindicatoren die het CPB onderscheidt voor de overheidssector. De cijfers zijn ontleend aan de meest recente publicaties van het CPB. De cijfers zijn dus afkomstig van het CPB. 4.

Aan de uitgavenkant rekenen we wel regelmatig met hogere bedragen en ook projecten vallen regelmatig duurder uit. Waarom houden we aan de inkomstenkant niet dezelfde slag om de arm? Antwoord: In het verleden is er voor gekozen om als algemene indexatie uit gegaan van het indexcijfer BBP, zoals dat gepubliceerd wordt in de Meicirculaire over het komende begrotingsjaar, zowel voor (inkoop)budgetten (lasten) als voor belastingen (inkomsten). Afwijkende indexaties op begrotingsbasis is omdat er in specifieke gevallen van andere indexatiecijfers wordt uitgegaan. Het duurder uitvallen van projecten heeft vooral te maken met de werkelijke prijsverhogingen die we ervaren.

5. 5Met welk percentage zouden we de OZB voor woningen moeten verhogen om 500.000 tot een miljoen meer geld te kunnen innen? Antwoord: In de begroting wordt voorgesteld om de OZB voor woningen te verhogen met 4,3%. Dit komt neer op € 591.867. Bij een verhoging van € 750.000, € 1.000.000 of € 1.500.000 gaat het om een percentuele verhoging van: € 750.000 5,5% € 1.000.000 7,3% € 1.500.000 10,9% 6. 6Wat betekent dit voor (de lastendruk van) huishoudens? Wat zijn zij gemiddeld meer kwijt aan OZB in geld en percentage? Antwoord: Verhoging met 4,3% (€ 591.867) 5,45% (€ 750.000) 7,27% (€ 1.000.000) 10,9% (€ 1.500.000)

Stijging gemiddelde OZB-aanslag tov 2024 € 12,64 € 16,23 € 21,91 € 33,27

% stijging gemiddelde OZB-aanslag tov 2024 4,0% 5,2% 7,0% 10,6%

% stijging woonlasten* tov 2024 3,0% 3,5% 4,2% 5,6%

*de woonlasten bestaan uit OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing 7. 7Welke risico's brengt een dergelijke verhoging met zich mee? Antwoord: Door de stijging van de OZB tarieven bestaat de mogelijk dat er meer bezwaren tegen de WOZ-waarde ingediend worden. 8. 8Met welk percentage zouden we de OZB niet-woningen moeten verhogen om 500.000 tot een miljoen meer geld te kunnen innen? Antwoord: In de begroting wordt voorgesteld om de OZB voor niet-woningen te verhogen met 4,3%. Dit komt neer op € 418.845. Maar daarnaast is de begrote opbrengst voor niet-woningen verhoogd omdat de OZB opbrengst uit de windmolens in het IJsselmeer de afgelopen jaren te laag begroot was. Ten opzichte van de begrote opbrengst van 2024 gaat het (uitgaande van de berekende tarieven bij een opbrengststijging van 4,3%) om € 694.625. Onderstaand ziet u wat de procentuele verhoging is bij een verhoging met € 750.000, € 1.000.000 en € 1.500.000. Omdat bij deze verhogingen de tarieven hoger zullen zijn, zal ook de opbrengst uit de windmolens in het IJsselmeer hoger uitvallen. In de laatste kolom ziet u met welk bedrag de begrote

opbrengst inclusief de opbrengst uit de windmolens zal stijgen. verhoging (exclusief windmolens met:

% verhoging

€ 418.845 € 750.000 € 1.000.000 € 1.500.000

4,3% 7,7% 10,3% 15,4%

Meeropbrengst tov 2024 inclusief windmolens € 1.113.470 € 1.462.530 € 1.768.530 € 2.380.530

9. 9Wat betekent dit voor (de lastendruk) van ondernemers? Wat zijn zij gemiddeld meer kwijt aan deze belasting in geld en percentage? Antwoord: Verhoging met 4,3% (€ 418.845) 7,7% (€ 750.000) 10,3% (€ 1.000.000) 15,4% (€ 1.500.000)

Stijging gemiddelde OZB-aanslag tov 2024

% stijging gemiddelde OZB-aanslag tov 2024

€ 37,64 € 87,16 € 124,54 € 199,31

2,3% 5,3% 7,5% 12%

% stijging bedrijfslasten* tov 2024 2,4% 4,9% 6,8% 10,6%

*de bedrijfslasten bestaan uit OZB en rioolheffing 10. 0Welke risico’s brengt een dergelijke verhoging met zich mee? Antwoord: Door de stijging van de OZB tarieven bestaat de mogelijk dat er meer bezwaren tegen de WOZ-waarde ingediend worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14812150/1