6. TV CIE VVD I antwoorden
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie
: :
Commissievergadering
Simon de Witte VVD DSO
Datum
:
7 mei 2024
Agendapunt
:
5
Onderwerp
:
Planologische instemming verplaatsing Poiesz Koudum
1.
In de DSV staat omschreven dat in overige supermarktkernen met relatieve kleinere kernwinkelgebieden veel baat hebben bij een supermarkt op loopafstand van het centrum. Vestiging en/of verplaatsing in de directe nabijheid van de bestaande locatie heeft hierbij de duidelijke voorkeur. Daarbij wordt een richtlijn genoemd van 250 meter. De voorgestelde verplaatsing Poiesz in Koudum is 325 meter van huidig locatie/kernwinkelgebied. Hoe `hard`is de genoemde richtlijn van 250 meter in de DSV? En verhoudt zich deze richtlijn met de eerder genoemde verplaatsing in andere supermarktkernen, zoals bijv. Makkum, Workum, Stavoren? Antwoord: In het algemeen kan gesteld worden, dat hoe dichter de winkels op elkaar liggen, hoe groter de kans is op een combinatiebezoek. De in de DSV genoemde richtlijn/afstand van 250 meter is geen wet- of regelgeving. Dit is echt een richtlijn/een indicatie. In Stavoren is de loop- en fietsafstand (via de fietsbrug) ongeveer 200 meter. Met de auto is de afstand veel groter. In Workum is de afstand tot Noard en Merk ruim 300 meter. In Makkum is de afstand tot de eerste uitloper van de winkelstraat ongeveer 160 meter. De afstand tot het echte winkelhart is groter.
2.
In de DSV staat ook omschreven dat de Hoofdstraat met een deel van De Verlengde Hoofdstraat een logisch kernwinkelgebied is, en dat deze sterke concentratie gehandhaafd moet worden en waar mogelijk versterkt. Voor de structuur en kracht voor de toekomst van het winkelgebied zou het goed zijn wanneer de zuidzijde van de Hoofdstraat een impuls krijgt, zowel qua winkelaanbod (verdichting) als qua ruimtelijk (pand) kwaliteit. Hoe verhoudt deze passage zich met de voorgestelde verplaatsing van supermarkt? En welke visie heeft het College op het voornoemde `impuls`? Antwoord: In de DSV wordt niet alleen een visie op het (kern)winkelgebied van Koudum gegeven maar wordt ook de tendens van het verplaatsen van supermarkten inherent aan de behoefte aan parkeren, bereikbaarheid en de schaalvergroting in verband met het te voeren assortiment beschreven. Hiervoor bevat de DSV een specifiek kader voor supermarkt initiatieven. Bij een bijzonder type detailhandel als een supermarkt is het vooral van belang dat het huidige supermarktaanbod minimaal in stand blijft en dat de supermarkt goed per auto en fiets bereikbaar is en op loopafstand van het centrum ligt (de hiervoor al genoemde richtlijn van 250 meter). Met de zuidzijde van de Hoofdstraat wordt de Hoofdstraat aan de kant van de kerk bedoeld.
De visie van de gemeente is dat wanneer deze zijde van de Hoofdstraat een impuls krijgt (verdichting winkelaanbod en ruimtelijke (pand)kwaliteit), dit goed zou zijn voor de structuur en de kracht van het winkelgebied. Op dit moment zijn er daar geen initiatieven.
3.
Bij eventuele verplaatsing van supermarkt, wordt dan het huidige pand zonder een eventuele bestemmingsbeperking verkocht aan de gemeente? Zodat de gemeente haar regierol en faciliterende rol kan en wil pakken? (DSV) Antwoord: Het pand heeft een brede gemengde bestemming. Het is aan de initiatiefnemer/eigenaar van het pand om met een goede invulling te komen die past binnen deze bestemming. Structurele en ontwrichtende leegstand wordt vanwege de locatie en de brede bestemming niet verwacht.