6. TV CIE PvdA I antwoorden
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN (over lopende agendapunten) Naam indiener Fractie
: :
Pieter Jan Scholtanus PvdA
Datum
:
21 februari 2023
Agendapunt
:
5
Onderwerp
:
Gebiedsvisie De Potten
Commissievergadering DSO
1.
In de inspraakreactie is geschreven: “De gemeenteraad heeft opdracht gegeven voor deze gebiedsvisie”. A. Wanneer heeft de gemeenteraad die opdracht gegeven? B. Hoe is die opdracht door de gemeenteraad geformuleerd? C. Kunt u de stukken van het besluit van de gemeenteraad tot opdrachtverstrekking beschikbaar stellen? Antwoord: A. Bij besluit van d.d. 19 december 2019. B. Het besluit luidt: - een krediet te verstrekken van € 80.000 voor het opstellen van een Ambitiedocument De Potten te Sneek; - het krediet voor € 70.000 te financieren vanuit de incidentele middelen uit de Ontwikkelagenda (reeds bestemd in Investeringsprogramma) en voor € 10.000 uit bijdragen van derden. C. Het raadsbesluit is als bijlage bij de beantwoording van deze technische vragen gevoegd (het registratienummer is: R19.000246).
2.
Als bijlage aan het raadsvoorstel is de Economische Impactvisie “De Potten” toegevoegd. Mocht de raad akkoord gaan met de gebiedsvisie, is dat dan tegelijkertijd een akkoord met de Economische Impactvisie? Deze wordt namelijk niet vastgesteld. Antwoord: De Economische Impactvisie “De Potten” is ondersteunend aan de besluitvorming (als advies) en wordt niet voor vaststelling aan de raad voorgelegd. Het is een visie op de mogelijke economische impact in verband met mogelijke vernieuwingen of veranderingen die in de toekomst plaats zouden kunnen vinden.
3.
In de plannen is sprake van vele veranderingen. Het is onduidelijk welke plannen bij nadere uitwerking wel of niet aan de gemeenteraad worden voorgelegd voor besluitvorming. Mogelijke veranderingen zijn: uitbreiding wandelpaden; totstandkoming “elk-weer voorziening” (Multi-functioneel gebouw); Klimpark; kleinschalige evenementen; uitbreiding RCN met glamping lodges enzovoort. In hoeverre worden deze plannen/veranderingen uit de gebiedsvisie als collegebesluit genomen en wanneer als raadsbesluit? Antwoord: Van belang om op te merken is dat er met het vaststellen van een gebiedsvisie een globaal toetsingskader wordt vastgelegd voor toekomstige ruimtelijke plannen.
Daarbij moet opgemerkt worden dat ieder concreet toekomstig plan of initiatief na indiening op haar merites moet en zal worden beoordeeld. Met positief raadsbesluit wordt dus niet ineens een concreet plan of initiatief mogelijk gemaakt. Deze plannen of initiatieven moeten naast de kaders van de gebiedsvisie voldoen aan regels op o.a. het vlak van ruimtelijke ordening, omgevingsrecht en milieu. Met vaststelling van de gebiedsvisie ontstaat er dus o.a. een ruimtelijk kader op basis waarvan individuele ruimtelijke plannen (bijvoorbeeld aanvragen voor een omgevingsvergunning) kunnen worden getoetst. Indien plannen afwijken van het huidige bestemmingsplan dan kunnen deze worden getoetst aan de gebiedsvisie. Afhankelijk van het plan en de strijdigheid daarvan met de regels van het bestemmingsplan is of de gemeenteraad of het college het bevoegde gezag om te beslissen op een aanvraag. Ook zou er op basis van de gebiedsvisie een nieuw omgevingsplan (thans bestemmingsplan) voor het gebied kunnen worden opgesteld, daarin worden de regels over hoe de gronden en gebouwen mogen worden gebruikt en welke afmetingen een bouwwerk mag hebben vastgelegd. De raad is (in beginsel) bevoegd om zo’n een omgevingsplan vast te stellen. Ook zorgt de visie voor sturing van de eventuele besteding van middelen, waarbij de raad indien nodig om het beschikbaar stellen van middelen zal worden gevraagd. 4.
Er wordt gesproken van een versterking en uitbreiding van het wandelgebied met een aantal kilometers. Waar ziet men deze versterking en uitbreiding? Antwoord: Er wordt ingezet op versterking van de wandelpadenstructuur. Dan gaat het om het opwaarderen van bestaande paden en het toevoegen van informatieborden en dergelijke. Waar mogelijk kan een enkel pad worden toegevoegd, als dat meerwaarde biedt.
5.
Bij toename van het bezoekersaantallen komt er meer druk op het gebied rondom het Pottengebied. Dit is Natura 2000 gebied. Is er een milieueffectenrapportage opgesteld om hiervan de consequenties in beeld te brengen? Zo ja kunnen wij die rapportage ontvangen. Zo nee: waarom is deze niet opgesteld? Antwoord: Er is geen milieueffectrapportage opgesteld. Het opstellen van een milieueffectrapportage is niet verplicht voor een vaststelling van een visiedocument als deze en het is bovendien zinvoller om een milieueffectrapportage op te stellen op het moment dat de uitvoeringsplannen concreet zijn. Eerst is het van belang dat duidelijk wordt wat de visie van de gemeenteraad is op een gebied. Immers, het kan gebeuren dat de visie slechts deels wordt uitgevoerd. Een en ander is afhankelijk van de economische en maatschappelijke haalbaarheid van initiatieven. Als een (uitvoerings)plan in concept klaar is, kan nagedacht worden over het opstellen van een milieueffectrapportage.
6.
Er is sprake van een klimpark. A. In hoeverre neemt dit klimpark openbare ruimte in? B. Zo ja: aan hoeveel m2 wordt aan openbare ruimte ingeleverd? Waar moet worden aan gedacht? C. Kan het mogelijke gebied van een klimpark op een kaartje / tekening worden aangegeven? D. Waarom is sprake van een klimpark en niet van een andere dagrecreatie-activiteit zoals een speeltuin? E. Wellicht zijn er meerdere ondernemers die invulling wensen te geven aan commerciële dagrecreatie-functie op de te bepalen plek. Krijgen ook die ondernemers een kans? F. Stel dat gekozen wordt voor de inrichting van een klimpark. Er zijn in den lande meerdere ondernemingen die dergelijke parken exploiteren. Is dan sprake van soort van openbare aanbesteding van invulling? G. Ontvangt de gemeente ook een vergoeding voor het exploiteren van de openbare ruimte door een commerciële instelling? Antwoord: A. Wat nu voorligt is de concept-gebiedsvisie De Potten. Deze gaat niet over eventuele toekomstige individuele plannen. B. Zie antwoord onder A. C. Zie antwoord onder A.
D. Als de gebiedsvisie is vastgesteld, weten gemeente en initiatiefnemers wat het globale ruimtelijke kader is waarbinnen initiatieven zouden kunnen worden ontwikkeld en waar deze eventueel een plek zouden kunnen krijgen. E. Als initiatiefnemers plannen (voor bijvoorbeeld een klimpark) indienen, dan worden deze getoetst aan de gebiedsvisie (ingeval het plan niet voldoet aan het huidige bestemmingsplan). Afhankelijk van de inhoud van het plan kan de gemeente al dan niet medewerking verlenen door een omgevingsvergunning te verlenen. Het ingediende plan moet maatschappelijk draagvlak hebben en economisch uitvoerbaar zijn. Welke initiatiefnemer een plan indient is in beginsel niet relevant voor de ruimtelijke toetsing van het plan. F. Zie antwoord onder E. G. Ja. 7.
De Potten is van oudsher een recreatiegebied voor de omgeving (inwoners SWF). De recreant die gaat voor de openbare voorziening zoals de zwemplas en het strand. Bij de toename van het toerisme komt deze recreatie onder druk te staan. Hoe borgt de gebiedsvisie deze vorm van recreatie? Antwoord: De visie gaat uit van het realiseren van een streefbeeld. Dat is in de visie als volgt omschreven: DE POTTEN 2 wordt ontwikkeld tot een meer lommerrijk en recreatiegebied het karakteristieke biodivers watersport met schitterende zichtlijnen op water en natuur groenblauwe ervaar je er Friese landschap nabij Sneek. middenin Als bezoeker een omsloten concentratie aan sfeervol, uitdagend en gastvrij vormgegeven recreatievoorzieningen. Door gerichte kwaliteitsimpulsen ontstaat een beter evenwicht tussen ondernemerschap en rentmeesterschap. Tussen openbaar en privaat. Natuur en recreatie. Stad en Sneekermeer . Dit sfeerbeeld wordt langs zeven hoofdlijnen gerealiseerd: 1. Draag zorg voor de natuur 2. Ontwikkel zonering 3. Creeer openheid 4. Stel grenzen en handhaaf 5. Ontwikkel eenduidige groen-blauwe look & feel 6. Werken aan oplossingen voor bereikbaarheidsvraagstuk 7. Versterk (seizoensverlengende) bedrijvigheid Toekomstige plannen en initiatieven zullen worden getoetst aan de visie. Plannen en initiatieven mogen geen afbreuk doen aan vastgestelde gebiedsvisie.
Op die manier wordt met vaststelling van de gebiedsvisie het verschillende gebruik van het gebied geborgd.
8.
9.
In de gebiedsvisie staan diverse mogelijke aanpassingen. A. Welke aanpassingen die genoemd zijn in de gebiedsvisie vragen een mogelijke geldelijke investering van de gemeente? B. Welke aanpassingen vragen een investering van ondernemers en wat de rol van de gemeente daarbij? Antwoord: A. Voorbeeld: als een weg een gedateerde uitstraling heeft (bijvoorbeeld asfalt vervangen door een passende steen) of een nu onverhard pad zou moeten worden verhard binnen het openbaar gebied, of het toevoegen van groen dan zullen er gemeentelijke middelen nodig zijn. B. Dit kan gaan over het opwaarderen van gebouwen en private infrastructuur en de rol van de gemeente is toetsend. In hoeverre wordt gegarandeerd dat het gehele Pottengebied openbaar terrein blijft? Antwoord: Het Pottengebied is nu niet geheel openbaar. De gedachtenlijn van de gebiedsvisie is dat huidig openbaar gebied (zoveel mogelijk) openbaar blijft. Er kunnen zich situaties voordoen, door een initiatief welke bijdraagt aan de aantrekkelijkheid van het gebied, dat een klein deel, al dan niet tijdelijk, minder openbaar wordt.
10.
A. In de “Economische impact visie De Potten” is sprake van de veronderstelling van extra 10.000 bezoekers. Is dit op jaarbasis? Zo nee, op welke basis dan wel?
B. Wat betekent het extra aantal bezoekers van 10.000 voor de verkeersintensiteit van Offingawier t.o.v. de verkeersintensiteit zoals die beschreven is in het raadsvoorstel? Graag nadere uitleg plus analyse. Antwoord: A. Ja dat is op jaarbasis. B. De inschatting die gemaakt is in het raadsvoorstel is gebaseerd op het zomerseizoen in het algemeen. In dit seizoen groeit het aantal voertuigen door Offingawier van nu 3800 naar 4400 (16% groei). 11.
Is er een vergunning voor het schenken van alcohol in het horecagebouw van de waterskibaan, aan de zwemplas? Zo ja wanneer is deze verleend? Antwoord: Ja. De horecavergunning is verleend in 2017.
12.
Handhaving: A. In de visie staat veel over handhaving. Voor handhaving zijn mensen nodig. Zijn die mensen er en wie betaalt de rekening van deze mensen? B. In de reactienota staat op pagina 4 beschreven dat er bouwwerken zijn gerealiseerd en dat het college handhaving heeft aangehouden. Graag een overzicht de bouwwerken waarop tot op heden niet is gehandhaafd? Antwoord: A. Het college stelt voor elk jaar een handhavingsuitvoeringsprogramma (HUP) vast. Hierin maakt het college keuzes waarop wordt ingezet. Vanuit de mogelijk te vormen gebiedsorganisatie kan ook gekozen worden voor een vorm van handhaving, al of niet in combinatie met gastheerschap en beveiliging. Deze wordt dan betaald vanuit deze gebiedsorganisatie. B. Handhaving is een bevoegdheid van het college. Bovendien zijn bouwactiviteiten geen onderdeel van het vaststellen van een gebiedsvisie. Tenslotte kan in het kader van privacywetgeving niet ingegaan worden op individuele gevallen. Als de gebiedsvisie is vastgesteld heeft het college een duidelijk kader op basis waarvan gelegaliseerd of gehandhaafd moet worden.
13.
Er staat op pagina 35 dat het naaktstrand “voorlopig” op de huidige locatie blijft? A. Waarom staat hier voorlopig? Graag uitleg? B. Zijn er plannen om het naaktstrand op het heffen? Antwoord: A. Oorspronkelijk was de insteek een meer afgeschermde plek te zoeken. Dit omdat hierover in de eerste gespreksronden nogal wat opmerkingen zijn gemaakt. Deze hadden echter grotendeels te maken met randverschijnselen, welke zich daar ook voordeden. Inmiddels is dit verminderd en wordt de inrichting aangepast. B. Alleen als, in overleg met de gebruikers, een betere plek wordt gevonden.
14.
In de stukken staat dat de RCN wellicht mag uitbreiden met enkele glamping lodges in een groene buffer. De locatie die voor ogen is, is de noordwesthoek? A. Hoeveel m2 huidig weiland wordt daarbij vanuit de groene buffer voor het deze lodges beschikbaar gesteld? B. Van wie is deze grond nu? C. Wordt deze grond dan mogelijk verkocht? D. Er zijn wellicht naast de RCN ook andere ondernemers die op de plek lodges wensen te bouwen. Krijgen zijn ook de kans om deze te exploiteren aldaar? E. Zie vraag D. Is dan mogelijk sprake van een soort openbare aanbesteding? Antwoord: dit is inderdaad de noordwesthoek, zoals op afbeelding 3.3 op pagina 26 is aangegeven. A. Het gebied is in paars gestreepte arcering aangegeven. Dit beslaat ongeveer 0,75 hectare. B. Kadastrale informatie kan niet openbaar gedeeld worden. Wel kan worden gesteld dat een eventueel initiatief hiertoe op basis van grondpositie gerealiseerd kan worden. C. Zie antwoord onder B. D. Als andere ondernemers op de aangegeven locatie een positie kunnen verwerven is dit inderdaad een mogelijkheid. E. Dit kan, als de huidige eigenaar (of eigenaren) hiervoor kiest.
15.
Op pagina 36 staat dat het stacaravanterrein bij de kop van de Potten wordt opgewaardeerd. A. Aan wat voor soort opwaardering wordt dan gedacht? B. Blijft het betreffende terrein voor stacaravans bestaan of wordt ook mogelijkheid geboden voor meer vaste recreatieverblijven op die plek en dat er dus veranderingen op stapel staan? Antwoord: A. Er kan gedacht worden aan vervanging van oude stacaravans of het verbeteren van paden of groen. B. Als het terrein wordt opgewaardeerd ligt het niet voor de hand de stacaravans te verplaatsen. De pacht van het betreffende terrein is voor bepaalde tijd. In een later stadium kan daarmee de bestemming wijzigen. Daar zijn nu geen plannen voor.
16
In de stukken staat dat nabij de ingang van de RCN De Potten sprake kan zijn van een slecht weer voorziening. A. Waar is deze locatie precies (graag tekening bijvoegen)? B. Hoeveel m2 wordt met deze voorziening ingevuld? C. Van wie is deze grond? D. Wordt de grond van mogelijk verkocht? E. Er zijn wellicht naast de RCN ook andere ondernemers die op de plek lodges wensen te bouwen. Krijgen zijn ook de kans om deze te exploiteren aldaar? F. Zie vraag D. Is dan mogelijk sprake van een soort openbare aanbesteding? Antwoord: A. Op afbeelding 3.3 op pagina 26 is dit gebied aangeduid met Activiteitenzone met de aanduiding ‘Familiezone met elk-weervoorziening’. B. Dit hangt af van de feitelijke behoefte, de combinatiemogelijkheden met andere functies, zoals een receptiegebouw en met de investeringsruimte. C. Kadastrale informatie kan niet openbaar gedeeld worden. D. Of er grond verkocht of gekocht moet worden hangt af van de grootte van deze voorziening. E. Op deze plek zijn geen lodges geprojecteerd. Zie voor de andere locatie afbeelding 3.3. Wie een eventuele elk-weervoorziening wil en kan exploiteren ligt geheel open. F. Om het doel te verwezenlijken kan dit een optie zijn.?