4. PvdA I Actieve info evaluatie SWF Tichtby en Sociaal raadsvrouw I man
Tekst van het document
Actuele vragen (artikel 33 RvO) Van
:
Mark Konst (PvdA)
Aan
:
De voorzitter van de raad
Onderwerp
:
Actieve info evaluatie SWF Tichtby & Sociaal raadsvrouw/man
Datum raadsvergadering
:
05-03-2026
Aanleiding: In week 9 is er een actieve info gedeeld rondom de evaluatie van SWF Tichtby en de Social raadsvrouw/man. We hebben de rapporten over SWF Tichtby en de Sociaal Raadsvrouw met veel interesse gelezen. Omdat deze stukken via 'actieve informatie' zijn gedeeld en het door de komende verkiezingen nog onzeker is wanneer we dit uitgebreid in een commissie kunnen bespreken, stelt de PvdA-fractie hierover nu een aantal actuele vragen. Vragen: 1. Uit de evaluaties blijkt dat SWF Tichtby en de Sociaal Raadsvrouw essentieel zijn voor het vertrouwen van onze inwoners in de lokale overheid. Hoewel de POK-financiering na 2026 deels afloopt, mag de opgebouwde expertise en de nabijheid van onze dienstverlening niet verloren gaan. Hoe gaat het college garanderen dat de waarde van deze initiatieven stevig wordt verankerd in de overdracht naar een nieuw college? 2. In de evaluatie (sociaal raadsvrouw/man) wordt gesproken over een hoge werkdruk en het risico op wachtlijsten, terwijl er momenteel een vacature openstaat voor deze dienstverlening. Hoe borgt het college de continuïteit en de toegankelijkheid voor onze inwoners op de korte termijn, en in hoeverre vormt de tijdelijkheid van de financiering een belemmering bij het aantrekken en behouden van gekwalificeerd personeel 3. Het college wil de doelen voor deze diensten 'SMART' maken, dus meer sturen op cijfers en meetbare resultaten.
De kracht van SWF Tichtby en de Sociaal Raadsvrouw zit echter juist in de menselijke maat: het gevoel dat een inwoner weer wordt gezien en gehoord. Hoe gaat het college voorkomen dat we straks alleen nog maar op cijfers sturen en het persoonlijke contact uit het oog verliezen. 4. In een uitgestrekte landelijke gemeente als Súdwest-Fryslân is persoonlijke dienstverlening in de kernen naar verhouding kostbaarder dan in een compacte stad. Is het college bereid om, eventueel via de VNG, bij het Rijk te blijven lobbyen voor structurele middelen voor deze dienstverlening?